NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Op zoek naar een bepaalde info ? Geef dan hieronder een trefwoord in...
Zoeken in blog

Foto
Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom !
Foto
Gastenboek
  • cbd pills
  • cbd oil canada
  • hemp oil canada
  • shatter
  • nopounc

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Foto
    Raadpleeg steeds je arts !
    Foto
    Laatste commentaren
  • You app worked :) (Sean)
        op Vluchten in het werk
  • fvmyjwxjbeghlm (btvAnivy)
        op Fibromyalgie - Chronische slaapstoornissen
  • htcacjraca (Jnqemawn)
        op Vluchten in het werk
  • ytyrhnhrsy (pamadefe)
        op Even geduld...
  • Immaree (Absenna)
        op Even geduld...
  • alime alime (LolseMig)
        op Even geduld...
  • ugmoungdlhvybr (bdfPheld)
        op Vluchten in het werk
  • nlgerbmasm (pamgauct)
        op Fibromyalgie - Chronische slaapstoornissen
  • irybhnysdwgdvd (btvDrind)
        op Even geduld...
  • buy generic viagra Houstonmom (Houstonmom)
        op Fibromyalgie & hormonen... - Deel II
  • Foto
    Blog als favoriet !
    Foto
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    wilfried111
    blog.seniorennet.be/wilfrie
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    oudecrossmotoren2
    blog.seniorennet.be/oudecro
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    dierenopvoedster
    blog.seniorennet.be/diereno
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    broek_city
    blog.seniorennet.be/broek_c
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    peterbitter
    blog.seniorennet.be/peterbi
    Foto
    Mijn favorieten
  • Kennis=macht=gezondheid - Pillie Willie
  • Vlaamse Liga voor Fibromyalgie PatiŽnten
  • Lotgenoten Fibromyalgie Nederland
  • APS-Therapie
  • Alles over fibromyalgie
  • Fibromyalgie-Online
  • Leven met CVS / Leven met Fibromyalgie
  • Gezondheidspein.nl
  • TopSiteGuide.BelgischeTop100
  • Fibromyalgie PR-site
    Foto
    Fibromyalgie
    Strijd om erkenning
    17-01-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Chien Pu Wan
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

















    Chien Pu Wan

     


    Chien Pu Wan

    Chinese kruidenmix voor soepele gewrichten
    Voor het behoud van soepele spieren en gewrichten kunt u Chien Pu Wanģ gebruiken.
    Een bijzondere combinatie van maar liefst 20 natuurlijke extracten
    Ook op latere leeftijd blijft u soepel.

    Chien Pu Wanģ bestaat uit een bijzondere combinatie van maar liefst 20 natuurlijke extracten.
    Samen hebben zij een goede invloed op het bewegingsapparaat.
    De spieren en gewrichten behouden hun soepelheid.
    Kruidenexpert Junghans licht graag een tipje van de sluier op over het geheim van Chien Pu Wanģ : ''Chien Pu Wanģ houdt spieren en gewrichten soepel.
    De kruidentabletten bevorderen de doorbloeding en zijn er voor de smering van de gewrichten. Bovendien bevordert het de inwendige reiniging.''
    Dat er aan Chien Pu Wanģ ook Ginseng is toegevoegd, vindt de kruidenexpert Junghans een regelrechte vondst.
    Deze Oosterse wortel staat bekend om haar gunstige invloed op de gezondheid; het versterkt de levenskracht.
    ''Chien Pu Wanģ helpt goed'', meent Junghans.
    Voor het behoud van soepele spieren en gewrichten kunt u Chien Pu Wanģ gebruiken.
    Ook op latere leeftijd blijft u soepel.
    Chien Pu Wanģ geeft u die steun.
    Voor meer informatie kunt u terecht op :
    http://www.vitaminstore.nl/ -.
    Cfr. :
    http://dokter.bvbshop.nl/info/chien-pu-wan-299.html
    Cfr. Ook :
    -
    http://www.dutchshops.nl/product/CHIEN-PU-WAN.html
    -
    http://www.onestopshop.nl/aanbieding/CHIEN-PU-WAN.html


    Mangaanintoxicatie door het gebruik van Chien Pu Wan-tabletten
    Krom, M.C.T.F.M. de, Boreas, A.M.H.P. en Hardy, E.L.M. - Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 1994; 138(40); 2010-2 -
    www.ntvg.nl Ė 17-10-2003

    Een patiŽnt wordt beschreven die tijdens het gebruik van 3 tot 5 Chien Pu Wan-tabletten per dag een ernstige chorea kreeg.
    Het aanvullende onderzoek leverde als enige afwijkende bevinding een verhoogd mangaangehalte van het bloed op (3 maal de normaalwaarde).
    Bij chemische analyse van de genoemde Chinese kruidentabletten werd per tablet 14 Ķg mangaan aangetroffen, zodat de patiŽnt 42 tot 70 Ķg mangaan per dag binnenkreeg naast de normale dagelijks geresorbeerde hoeveelheid van 60-90 Ķg.
    Aangezien de chorea ontstond omstreeks de tijd dat de patiŽnt de tabletten innam, deze minder werd toen de mangaanspiegel in het bloed zakte en het verhoogde mangaangehalte de enige afwijkende bevinding in het uitvoerige bloedonderzoek was, was het gebruik van deze tabletten met als gevolg de mangaanintoxicatie de meest waarschijnlijke oorzaak van de chorea bij deze patiŽnt.
    Mangaanintoxicatie kan leiden tot extrapiramidale verschijnselen zoals parkinsonisme, dystonie of chorea.
    Alternatieve geneesmiddelen worden nog steeds als onschuldige voedingssupplementen beschouwd, waarvoor geen registratieplicht geldt.
    Wil men inzicht in de werkzaamheid, schadelijkheid en aard van deze middelen krijgen, dan is het noodzakelijk dat ze vallen onder de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening.
    Cfr. :
    http://www.ntvg.nl/db_artikel.asp?ID=1994120100001A&NR=2&OFF=2&fr=rs


    Natuurlijk onschuldig - De gevaren van '
    geneeskruiden
    '
    Marie Prins Ė Bron : Skepter 7(3), december 1994

    De zogenaamd genezende kruiden worden steeds populairder.
    Tegelijkertijd is er veel te weinig bekend over hun schadelijke effecten.
    OfficiŽle instanties krijgen nu pas in de gaten dat hier een belangrijke taak ligt.
    Eigenlijk was ik helemaal niet zo geÔnteresseerd in geneeskruiden.
    Ik wilde alleen maar weten of, en zo ja hoe, ik het kruid absintalsem als smaakgever kon gebruiken bij peperkoek, wild en gevogelte.
    Het extract van absintalsem wordt immers verantwoordelijk gesteld voor de verslaving aan (en de hersenbeschadiging door) het gebruik van de likeur absinthe.
    Nu bevat absinthe 80 procent alcohol, dus verslaving en hersenbeschadiging bij zware drinkers liggen nogal voor de hand, maar toch wilde ik er meer van weten.
    Absintalsem is ook een traditioneel geneeskruid.
    Bij mijn zoektocht kwam ik daardoor het nodige te weten over de gevaren van vrij verkrijgbare geneeskruiden.
    'Puur natuur, dus het kan geen kwaad', denkt men.
    Vergeet het maar.
    De natuur is boordevol gemeen giftige bladen en besjes en er zijn meer mensen gestorven door het eten van aardige groene blaadjes dan door de vraatzucht van wilde beesten.
    Maar ik wil het niet zozeer hebben over giftige planten (waaronder enkele van grote geneeskundige waarde) maar over de stiekeme gevaren verborgen in allerlei 'geneeskruiden', over de beÔnvloeding van de reguliere behandeling door kruidentherapie, slechte etikettering en het gebrek aan toezicht .../...
    Chien-Pu-Wan
    Het Verre Oosten staat garant voor geheimzinnige kruiden.
    Neem bijvoorbeeld de wortel van de fo-ti of shou-wu (Polygonum multiflorum, een soort duizendknoop).
    Deze heeft afhankelijk van de leeftijd de volgende eigenschappen :
    - 50 jaar : voorkomt grijs worden
    - 100 jaar : een opgewekt uiterlijk
    - 150 jaar : een nieuw stel tanden
    - 200 jaar : zorgt voor behoud van jeugd en energie
    - 300 jaar : onsterfelijkheid.
    U begrijpt wel dat de wťrkelijk oude wortels ťrg moeilijk te krijgen zijn.
    Vast staat ook dat fo-ti laxerend werkt (Tyler 1993, p.136).
    Misschien is dat wel het geheim van de eeuwige jeugd.
    Er wordt al heel lang onderzoek gedaan naar werkzame bestanddelen in Chinese geneeskruiden.
    Ma huang (bereid uit diverse soorten Ephedra) wordt al vijfhonderd jaar tegen astma gebruikt en zo'n honderd jaar geleden ontdekte men daarin het antiastmamiddel efedrine, dat tegenwoordig trouwens synthetisch wordt bereid (Tyler 1993, p.120).
    Bij dat onderzoek worden uiteraard ook schadelijke stoffen aangetroffen.
    Zo bevatten Chien-Pu-Wan kruidenpillen delen van de Aristolochia fanchi.
    Van de aristolochia is, zoals gezegd, bekend dat ze kankerverwekkend zijn.
    Ooit bleken vele patiŽnt van een Brusselse vermageringskliniek last te hebben van nierbeschadiging en die werd naar alle waarschijnlijkheid veroorzaakt door A. fanchi, per abuis aanwezig in de gebruikte Chinese kruiden (zie Skepter, juni 1998).
    Ernstiger is de aanwezigheid in Oosterse kruiden van zware metalen.
    Soms als vervuiling, maar soms ook worden deze opzettelijk toegevoegd, omdat men er heilzame effecten aan toeschrijft.
    Zo bevatten die Chien-Pu-Wan pillen mangaan en werden er resten lood in aangetroffen (Krom et al. 1994, p.2010; De Smet 1993, p.3).
    Een andere bedenkelijke toevoeging zijn reguliere geneesmiddelen.
    En dat zonder dat dit op het etiket wordt vermeld.
    In ťťn mengsel werd recent aminopyrine aangetroffen, een stof die in de VS al in 1938 werd verboden wegens ernstige bijverschijnselen (Butler 1992, p.166).
    Een in IndonesiŽ verkocht antireumamiddel bleek behalve het op het etiket vermelde gentiaanextract ook dexamethason te bevatten (Provinciale Zeeuwse Courant 15 januari 1994).
    Gentiaan wekt (heel misschien) de eetlust op en is een populair bestanddeel van kruidenbitters (Tyler 1993, p.126).
    Dexamethason helpt bij ontstekingen.
    Een onderschat gevaar van geneeskruiden is dat ze de reguliere behandeling nadelig kunnen beÔnvloeden.
    Onvoldoende etikettering en gebrek aan controle zorgen er dan voor dat u en de dokter niet weten wat u exact slikt.
    Het is ook mogelijk dat reguliere geneesmiddelen de kwalijke effecten van kruidengeneesmiddelen versterken.
    Fenobarbitol bijvoorbeeld, dat bij epilepsie wordt gebruikt, versterkt het effect van PA's.
    In India kreeg eens een groep mensen last van heliotroopvergiftiging.
    De twee sterfgevallen waren fenobarbitolgebruikers (Huxtable 1992, p.165).
    Als een geneeskruid officieel staat geregistreerd, is er niet veel aan de hand.
    Digoxine uit vingerhoedskruid (Digitalis purpurea L.), opiumderivaten uit papaver (Papaver somniferum L.) en atropine uit wolfskers (Atropa belladonna L.) worden door de arts voorgeschreven en de Inspectie van Geneesmiddelen houdt een oogje in het zeil.
    Maar dat geldt niet voor de vrij verkrijgbare kruidengeneesmiddelen die u bijvoorbeeld bij de drogist koopt.
    Die vallen tussen wal en schip.
    'Een grijs gebied' zeggen ze bij de Keuringsdienst van Waren (afdeling Specialiteiten, gevestigd in Maastricht, die zich hierop toelegt).
    Tot voor kort had het toezicht op geneeskruiden geen hoge prioriteit.
    Het toenemend besef dat deze kruiden helemaal niet zo onschuldig zijn en de stijgende populariteit, heeft daar verandering in gebracht.
    De wet BIG zal waarschijnlijk een verdere stijging van het gebruik veroorzaken.
    Volgens deze wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg mogen niet-artsen onder bepaalde voorwaarden de geneeskunde beoefenen.
    Eťn van die voorwaarden is een restrictie wat betreft de middelen die ze mogen voorschrijven.
    Verwacht wordt dat deze behandelaars in plaats daarvan kruiden zullen aanraden, te meer omdat velen daar ongetwijfeld toch al de voorkeur aan geven.
    De Geneesmiddeleninspectie wordt nu wat actiever.
    Zij heeft een waarschuwing doen uitgaan naar artsen, apothekers en fabrikanten betreffende de PA's, maar ook wat betreft het gebruik van meekrap (Rubia tinctorum L.) en pijpbloemen (Aristolochiaceae).
    De Keuringsdienst kan op dit moment maar weinig doen.
    Men kan nagaan of de inhoud klopt met de etikettering of er verontreinigingen in zitten en of er geen (verboden) medische claims worden gedaan (gezondheidsclaims mogen wťl).
    De regels betreffende etikettering zijn echter weinig behulpzaam.
    De wet vereist geen Latijnse namen, slechts algemeen aanvaarde.
    Een pakje thee van gedroogde passiebloem, hoeft alleen maar 'passiebloem' te vermelden, zonder dat duidelijk is of het om Passiflora incarnata L. gaat (dat een licht kalmerende werking zou hebben) of om de tuinpassiebloem P. caerulea L., die giftige glycosiden bevat.
    Maar ook een strenge wetgeving op het gebied van etikettering geeft geen garanties.
    Er zijn gevallen bekend van atropinevergiftiging na het consumeren van smeerwortel (Tyler 1993, p. 99).
    Smeerwortel bevat geen atropine.
    Waarschijnlijk was er sprake van wolfskers, waarvan de bladeren op die van smeerwortel lijken.
    Hetzelfde geldt voor het niet minder giftige vingerhoedskruid.
    Onlangs kocht ik bij een tuincentrum een absintalsem die (eenmaal volgroeid) geen absintalsem bleek te zijn.
    Het was een Artemisia.
    Hetzelfde overkwam me kort daarna met pepermunt.
    Dat werd een kruipplant met lichtgroene stengels - geen Mentha ◊ piperita L.
    Onschuldige vergissingen.
    Maar in de wereld van de 'geneeskruiden' kunnen dergelijke vergissingen fatale gevolgen hebben.
    Cfr. :
    -
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-en-alternatieven/uitleg/gevaarlijke-geneeskruiden.htm 
    -
    http://www.skepsis.nl/kruiden.html


    Open brief Vereniging tegen de Kwakzalverij aan Liesbeth List

    C.N.M.Renckens, 23-02-2006 en de update van 03-03-2006 - © 2001-2007 Vereniging tegen de Kwakzalverij

    Cfr. : http://www.kwakzalverij.nl/511/Open_brief_Vereniging_tegen_de_Kwakzalverij_aan_
    Liesbeth_List


    Polsdiagnose en genezende kruiden

    Dick Bogaert, Toine de Graaf, Ad den Held, Jo van Schagen et al. - Dossier Reuma - Bron : GezondheidsNieuws : www.gezondheidsnieuws.nl Ė Nr. 2000/12

    .../...
    Energie versterken met kruiden
    Een beproefde Chinese kruidencombinatie, die dateert uit de vijftiende eeuw, is Chien Pu Wan.
    Dokter Kwee schrijft het vooral kant en klaar in pilvorm voor.
    ďChien Pu Wan versterkt de energie in de lever en de nieren,í verklaart hij : ďOmdat de lever verantwoordelijk is voor de conditie en het functioneren van de pezen en omdat de nieren verantwoordelijk zijn voor de conditie van de botten. Het versterken van de pezen en de botten, heel belangrijk bij gewrichtsklachten, is de hoofdfunctie van Chien Pu Wan. De pezen en botten worden van buitenaf 'aangevallení door vocht en hitte, die ontstekingen kunnen uitlokken. Die ontstekingen verhelpen, is een andere functie van dit kruidenpreparaat. Verder versterken de kruiden in Chien Pu Wan de constitutie van iemand, die van huis uit een aanleg heeft meegekregen voor gewrichtsklachten. En tenslotte vermindert het kruidenpreparaat reumatische pijnen.Ē
    Cfr. :
    http://www.poly-artrose.nl/weblinc/site/mainLos.php?id=38


    Verdelers van Chien Pu Wan :

    1. Buysen de Gezondheidswinkel
      Rijksweg centrum 103, 6161 ED Geleen, Zuid-Limburg (NL)
      Tel. : 046-4759003 (10.00 - 17.00 u)
      E-mail :
      gezondheidswinkel@home.nl  -&- buysen@home.nl  
      Cfr. :
      -
      http://www.buysen.com/winkelspier.html 
      http://members.home.nl/buysen/winkel.html#Buysen 

    2. China Nature
      J. Huyslaan 35, 8790 Waregem (BelgiŽ)
      Tel. : 0032 56 60 33 07 (9h-17h) - Fax : 0032 56 61 29 07
      Email :
      info@chinanature.be  
      Cfr. :
      http://www.chinanature.be/indexNL.html

    3. Gezondheid aan huis
      Correspondentieadres : Gezondheid aan huis BV
      Postbus 353, 2700 AJ Zoetermeer
      Tel. : 079 - 34 32 607 Ė Fax : 079 - 34 32 608 Ė Mobilofoon : 06-26 018 231
      E-mail :
      info@gezondheidaanhuis.nl
      Cfr. :
      http://www.gezondheidaanhuis.nl/ 
      Chien pu wan : 
      http://www.gezondheidaanhuis.nl/product.asp?productid=5059&txt=Chien_Pu_Wan_{blauw}

    4. Sanitas - Voedingssupplementen
      Zoetermeer
      Tel. 06 - 20 51 88 57
      E-mail :
      info@voedingssupplementen.winkelslim.nl  
      Cfr. :
      http://voedingssupplementen.winkelslim.nl/index.php 

    5. Sensipharm Pharmaceutica
      Esp 222, 5633 AC Eindhoven 
      Delivery address : Postbus 404 , 5600 AK Eindhoven
      Tel. : +31 (0)408480299 - Fax :: +31 (0)408480313
      E-mail :
      info@sensipharm.com
      Website : 
      http://www.sensipharm.nl/en/ 
      Sensipharm verkoopt Chien Pu Wan onder de naam `Smooth locomotion` (90 tabletten).
      `Smooth locomotion` is afgeleid van de bekende Chinese formule "Chien Pu Wan" voor soepele spieren en gewrichten, maar is sterker geconcentreerd (dosering : 2 tot 3x per dag 1 tot 4 tabletten).
      Cfr. :
      http://www.hebbes.be/hebbes/bap/object?adId=4134502&sid=xz10aej--LF0768953&pos=null&tot=null 

    6. The Vitamin Store
      Tel. : 023-5343403 - Fax : 023-5343339
      Drs. Alain Vermeulen is afgestudeerd inspannings- fysioloog en orthomoleculair adviseur.
      Vanuit sport en voeding is hij zich meer en meer gaan toeleggen op de orthomoleculaire geneeskunde.
      Vooral het preventief gebruik van supplementen ter voorkoming van ziekte heeft zijn bijzondere aandacht.
      E-mail :
      alain@Tvitaminstore.nl -.
      - Pepijn Aardewijn is Olympisch roeier en webmanager van deze site.
      Pepijn is vooral deskundig op het gebied van sport, voeding(-ssup- plementen) en prestaties.
      Verder is hij orthomoleculair deskundige met een grote kennis op het gebied van de biochemie.
      E-mail :
      pepijn@Tvitaminstore.nl  -.
      Cfr. :
      http://www.vitaminstore.nl/

    7. Web Pharmaceutica
      Pianostraat 23, 5402 DJ Uden
      E-mail :
      info@sensipharm.nl
      Website : 
      http://www.1storeforlife.nl/ 

     

    17-01-2008 om 21:59 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    16-01-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Over ziek zijn - Een leidraad voor zieke mensen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     








    Over ziek zijn
    Een leidraad
    voor zieke mensen

    Ruth Miltenburg
    Kosmos Uitgevers
    ISBN10: 9021532522
    ISBN13: 9789021532523


    'Over ziek zijn' is het nieuwe, onmisbare handboek voor iedereen die ernstig of langdurig ziek is.
    'Over ziek zijn' leert u als het ware het 'vak'.
    Door kennis te nemen van vele ideeŽn, mogelijkheden en tips ontwikkelt u uw eigen stijl van ziek zijn.
    'Over ziek zijn' helpt u de keuzes te maken die nodig zijn om samen met uw partner, familie of vrienden de kwaliteit van uw leven zo hoog mogelijk te houden.
    'Over ziek zijn' gaat uit van de zieke.
    Het is veelzijdig, kritisch, slim en hulpvaardig.
    Het is 'empowerment'; een inspirerende hulp en steun.
    Dit boek biedt herkenning en erkenning.
    Met de talloze inzichten, ervaringen, adviezen en tips wordt of blijft u de baas over ýw eigen leven.
    Ook partners, vrienden en zorgverleners vinden in 'Over ziek zijn' veel onmisbare informatie.
    Ruth Miltenburg is organisatie-adviseur en publicist.
    Zij is zelf vanaf haar geboorte ongeneeslijk ziek.
    Zij spreekt over ziek zijn op congressen en in tv-programma's.
    Zij begon dit boek als een briefwisseling met haar ernstig zieke vriendin Thea, met de bedoeling haar en vele lotgenoten een beter leven te bezorgen.

    Alice Rusch (Biblion recensie)
    De schrijfster (Ruth) hoorde in 1990 welke ziekte zij reeds sinds haar geboorte had en dat ze waarschijnlijk jong zal sterven.
    Eťn van haar diverse paramedische hulpverleners (Thea) kreeg in 1996 de boodschap dat ze zo ongeveer de gemeenste kanker had die er bestond.
    Zij vroeg aan de auteur steun voor haar ziekte.
    Hieruit is een briefwisseling ontstaan, die na het overlijden van Thea door Ruth zodanig bewerkt is dat elke brief een aspect van ziekzijn behandelt, zoals omgaan met pijn, samenwerken met artsen, geld, maar ook seksualiteit en euthanasie.
    Dit alles in heldere duidelijke taal, waarbij ook controversiŽle aspecten niet uit de weg wordt gegaan, zoals gebruik van cannabis, eco- of smartdrugs als lustopwekkers of pijnbestrijders.
    Zowel professor Bensing als emeritus-professor Smalhout zijn zeer positief over dit bijzondere boek dat de zieke weerbaar maakt en haar/hem steunt om informatie in te winnen, om daarna zelf een beredeneerde, maar vooral eigen keuze te maken.
    Niet alleen voor de zieke zelf, maar ook voor familieleden en verzorgers staat er veel behartenswaardigs in.

    Cfr. : http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666798606&Section=BOOK

    16-01-2008 om 16:47 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Systemische lupus erythematosus (SLE)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen











    Systemische lupus erythematosus (SLE)

    ©WK

     

    Systemische lupus erythematosus (SLE) is een chronische autoimmuunziekte die
    verschillende organen van het lichaam kan aantasten, in het bijzonder de huid, de gewrichten, het bloed en de nieren. SLE is een chronische ziekte; dat betekent dat de ziekte langdurig kan zijn.

    Autoimmuun betekent dat het immuunsysteem ontregelt is; daardoor valt het
    immuunsysteem de eigen weefsels van de patient aan in plaats van hem of haar te beschermen tegen bacteriŽn en virussen.
    De naam Ďsystemische lupus erythematosusí dateert uit het begin van de 20e eeuw.
    'Systemisch' betekent dat veel organen in het lichaam kunnen worden aangetast.
    Het woord Ďlupusí komt uit het Latijn en betekent 'wolf' en houdt verband met de
    karakteristieke vlindervormige uitslag in het gezicht die de artsen deed denken aan de witte tekening op de snuit van een wolf.
    'Erythematosus' is Grieks voor 'rood' en verwijst naar de rode kleur van de huiduitslag.



    1. - Hoe ontstaat SLE ?

    De exacte oorzaak van SLE is niet bekend.
    Wat we wel weten is dat SLE een autoimmuun-ziekte is, waarbij het immuunsysteem het vermogen om het verschil te zien tussen vreemde indringers en eigen weefsels en cellen heeft verloren.
    Het immuunsysteem maakt een fout en produceert antilichamen die de lichaamseigen cellen als vreemden zien en hen vernietigen.
    Het resultaat is een autoimmuunreactie die ontstekingen veroorzaakt, die specifieke organen (zoals de gewrichten, de nieren, de huid enz) aantasten.
    'Ontstoken' wil zeggen dat de aangedane lichaamsdelen warm, rood, gezwollen en soms zacht worden.
    Als deze ontstekingssymptomen lang duren, zoals bij SLE het geval kan zijn, kan er beschadiging in de weefsels optreden en de normale functie beperkt raken.
    Daarom is de behandeling van SLE erop gericht de ontsteking te verminderen.

    Men veronderstelt dat veelvoudige erfelijke risicofactoren samen met willekeurige omgevingsfactoren verantwoordelijk zijn voor de abnormale immuunreactie.
    Het is bekend dat SLE veroorzaakt kan worden door een aantal factoren, waaronder hormonale onbalans in de puberteit en omgevingsfactoren als blootstelling aan de zon, sommige virale infecties en bepaalde medicijnen.


    Is het erfelijk ? Kan het voorkomen worden ?

    SLE is geen erfelijke ziekte, omdat zij niet direct door de ouders op de kinderen wordt overgedragen.
    Niettemin erven kinderen sommige tot nu toe onbekende genetische factoren van hun ouders waardoor zij aanleg hebben voor de ziekte.
    Het is niet noodzakelijkerwijs hun lot om SLE te krijgen, maar zij zijn er wel gevoeliger voor.

    Het is niet ongebruikelijk dat een kind met SLE uit een familie stamt waar reeds iemand anders een auto-immuunziekte heeft; het komt echter zelden voor dat twee kinderen in het zelfde gezin SLE krijgen.


    Waarom heeft mijn kind deze ziekte gekregen ? Kan het voorkomen worden ?

    De oorzaak van SLE is onbekend, maar het is waarschijnlijk een combinatie van genetische aanleg en blootstelling aan bepaalde omgevingsfactoren die tezamen leiden tot het ontstaan van SLE.
    De rol van beide oorzaken moet nog vastgesteld worden.

    SLE kan niet worden voorkomen; het kind dient echter wel situaties te vermijden die de ziekte kunnen doen opvlammen (zoals blootstelling aan de zon zonder sunblockers te gebruiken, sommige virusinfecties, stress, hormonen en bepaalde medicijnen).


    Is het besmettelijk ?

    SLE is niet besmettelijk; het kan niet, zoals infecties, van de ene op een andere persoon worden overgedragen.


    Wat zijn de belangrijkste symptomen ?

    Gewoonlijk begint de ziekte langzaam met het verschijnen van nieuwe symptomen gedurende een aantal weken.
    Niet-specifieke klachten zoals vermoeidheid en je niet lekker voelen zijn de meest gebruikelijke beginsymptomen van SLE bij kinderen.
    Veel kinderen met SLE hebben last van intermitterende of voortdurende koorts, gewichtsverlies en verlies van eetlust.

    Mettertijd ontwikkelen veel kinderen specifieke symptomen die veroorzaakt worden doordat een of meerdere organen in het lichaam door de ziekte zijn aangetast.
    Aantasting van de huid en het slijmvlies komt veel voor en kan een verscheidenheid aan huiduitslag, lichtgevoeligheid (waarbij zonlicht de uitslag doet opvlammen) en zweren in de neus en mond met zich meebrengen.
    De typische vlinder vormige huiduitslag over de neus en de wangen komt slechts voor bij een derde tot de helft van de zieke kinderen.
    Soms is er meer haaruitval dan normaal (alopecia) of worden de handen rood, wit en blauw bij koude (fenomeen van Raynaud).
    Tot de voorkomende symptomen horen ook gezwollen en stijve gewrichten, spierpijn, bloedarmoede, blauwe plekken, hoofdpijn, toevallen en pijn op de borst.
    Bij de meeste kinderen met SLE zijn de nieren enigermate aangetast; dit bepaalt danook grotendeels op lange termijn de uitslag van de ziekte.
    De meest voorkomende symptomen van aantasting van de nieren zijn hoge bloeddruk, bloed in de urine en vochtophoping, voornamenlijk in de voeten, de benen en de oogleden.


    Is de ziekte bij elk kind hetzelfde ?

    De symptomen van SLE kunnen per geval heel verschillend zijn; daarom is het profiel per kind ook verschillend.
    Alle hiervoor beschreven symptomen kunnen voorkomen zowel in het begin van de ziekte als ergens tijdens het verloop ervan.


    Is de ziekte bij kinderen anders dan bij volwassenen ?

    In het algemeen is SLE bij kinderen en adolescenten hetzelfde als bij volwassenen.
    Maar de ziekte verandert sneller bij kinderen en blijkt een ernstiger verloop te hebben dan bij volwassenen.



    2. - Hoe wordt de diagnose gesteld ?

    De diagnose van SLE wordt gesteld op basis van een combinatie van symptomen (zoals pijn), ziekteverschijnselen (zoals koorts) en onderzoeksresultaten en nadat elke andere ziekte is uitgesloten.
    Om SLE te onderscheiden van andere ziekten hebben artsen van de ĎAmerican Rheumatism Associationí een lijst van 11 criteria opgesteld die, in combinatie, wijzen op SLE.
    Deze criteria zijn enkele van de meest voorkomende symptomen/afwijkingen bij SLE patiŽnten.
    Om de formele diagnose SLE te stellen dient de patiŽnt tenminste aan 4 van deze elf kenmerken te voldoen vanaf het begin van de ziekte.
    Ervaren artsen kunnen de diagnose echter ook stellen indien minder dan 4 kenmerken aanwezig zijn.

    De criteria zijn :

    1. De vlindervormige huiduitslag
      Een rode huiduitslag over de wangen en de brug van de neus

    2. Lichtgevoeligheid
      Een buitensporige reactie van de huid op zonlicht.
      Normaliter wordt alleen het gedeelte van de huid dat blootgesteld wordt aan de zon aangetast, terwijl het met kleding bedekte gedeelte gespaard blijft

    3. De typische munt vormige lupus huiduitslag (ďdiscoide LupusĒ)
      Een schilferende, verdikte, munt vormige uitslag op het gezicht, de hoofdhuid, oren, borst of armen.
      Als deze uitslag verdwijnt, blijft vaak een litteken over.
      De uitslag komt vaker voor bij zwarte kinderen dan bij andere rassen.

    4. Slijmvlies-zweertjes (ulcers of aften); kleine zweertjes in de neus en/of de mond.
      Gewoonlijk zijn ze pijnloos, maar neuszweertjes kunnen neusbloedingen veroorzaken.

    5. Artritis
      Komt bij de meeste kinderen met SLE voor.
      Het veroorzaakt pijn en zwelling in de gewrichten van de handen, polsen, ellebogen, knieŽn of andere gewrichten in de armen en benen.
      De pijn verplaatst zich soms, wat wil zeggen dat de pijn van het ene naar het andere gewricht gaat; ook kan de pijn in hetzelfde gewricht aan de beide kanten van het lichaam optreden.
      Bij SLE leidt artritis meestal niet tot blijvende veranderingen (vergroeiingen) van de vingers.

    6. Pleuritis
      Onsteking van het borstvlies, de bekleding van de longen en pericarditis, ontsteking van het hartzakje (pericard), het vlies rond het hart.
      Ontsteking van deze tere weefsels kan een ophoping van vocht rond het hart en de longen veroorzaken.
      Pleuritis veroorzaakt een bijzonder soort pijn op de borst die erger wordt bij het ademhalen.

    7. Nieren
      Aantasting van de nieren komt voor bij bijna alle kinderen met SLE in gradaties van heel mild tot heel ernstig.
      Meestal is het in het begin asymptomatisch en wordt het slechts opgemerkt door urineonderzoek en bloedonderzoek op nierfuncties.
      Bij kinderen met een aanzienlijke nierbeschadiging kan er bloed in de urine aanwezig zijn en ophoping van vocht met name in de voeten en benen.

    8. Centraal zenuwstelsel
      Aantasting van het centraal zenuwstelsel omvat hoofdpijn, toevallen en neuropsychiatrische kenmerken zoals concentratie- en geheugenproblemen, stemmingswisselingen, depressie en psychose (een ernstige psychische aandoening waarbij het denken en het gedrag gestoord zijn).

    9. Verstoring van de bloedcellen
      Deze verstoringen worden veroorzaakt door autoantilichamen die de bloedcellen aanvallen.
      Het afbraakproces van rode bloedcellen (die zuurstof van de longen naar andere delen van het lichaam brengen) wordt 'haemolysis' genoemd en kan haemolytische anemie (bloedarmoede) veroorzaken.
      Deze afbraak kan zowel langzaam en mild verlopen als heel snel gaan en een noodsituatie veroorzaken.
      Afname van het aantal witte bloedcellen wordt 'leukopenie' genoemd en is bij SLE meestal niet gevaarlijk.
      Afname van het aantal bloedplaatjes wordt 'trombocytopenie' genoemd.
      Kinderen met een verminderd aantal bloedplaatjes kunnen last hebben van blauwe plekken op de huid en van bloedingen in verschillende delen van het lichaam, zoals in het spijsverteringskanaal, de urinewegen, de baarmoeder of de hersenen.

    10. Immunologische verstoringen
      De in het bloed aangetoonde auto-antilichamen die wijzen op SLE :
      a) anti-dubbelstrengs DNA antilichamen zijn auto-antilichamen die zich richten tegen het genetische materiaal (DNA) in de cel. De antilichamen worden hoofdzakelijk gevonden bij SLE patiŽnten. Deze test wordt vaak herhaald, omdat de hoeveelheid antistoffen tegen het dubbelstrengs DNA hoger schijnt te worden als de SLE actief is; de test kan de arts helpen de mate van ziekte aktiviteit vast te stellen.
      b) anti-Sm antilichamen zijn genoemd naar de eerste patient in wiens bloed ze zijn aangetoond (haar naam was Smith). Deze auto-antilichamen worden bijna uitsluitend bij SLE-patiŽnten gevonden en helpen vaak om de diagnose te bevestigen.
      c) De blijvende aanwezigheid van antifosfolipide antilichamen (appendix 1).

    11. Antinucleaire antilichamen (ANA, synoniem is 'ANF');
      Deze auto-antilichamen zijn gericht tegen de celkernen.
      Zij worden in het bloed van bijna elke SLE-patiŽnt gevonden.
      Een positieve ANA test is echter op zich geen bewijs voor het bestaan van SLE, daar de test ook positief kan zijn bij andere ziekten en zelfs zwakpositief kan zijn bij circa 5 % van de gezonde kinderen.


    Is laboratoriumonderzoek belangrijk ?

    Laboratoriumonderzoek kan een bijdrage leveren om de diagnose SLE te stellen en aantonen welke inwendige organen eventueel aangedaan zijn.
    Regelmatige bloed en urine onderzoeken zijn belangrijk om de activiteit en de ernst van de ziekte te controleren en om vast te stellen hoe goed de medicijnen worden verdragen.
    De volgende laboratoriumonderzoeken dienen bij SLE te worden uitgevoerd :

    De gebruikelijke klinische onderzoeken die de aanwezigheid van een aktieve systemische ziekte waarbij meerdere organen zijn aangedaan, aantonen : bezinking (ESR) en C-reactieve proteÔne (CRP) zijn beide verhoogd bij een ontsteking.
    Ook kan de CRP bij SLE normaal zijn, terwijl de ESR verhoogd is.
    Een verhoogde CRP kan wijzen op een extra infectueuze complicatie.
    Bloedtelling kan zowel bloedarmoede als een laag aantal bloedplaatjes en witte bloedcellen aantonen.
    Serum proteÔne elektroforese kan een verhoogd gammaglobulinegehalte ( toegenomen ontstekingsaktiviteit) en een verlaagd albuminegehalte (aantasting van de nieren) aantonen.
    Gebruikelijke chemische testen kunnen aantonen dat de nieren zijn aangedaan ( verhoogde gehaltes in het bloedserum van nitrogeen ureum en creatinine, veranderingen in eletrolyt concentraties), dat er afwijkingen zijn in de leverfunctie onderzoeken en dat er een verhoogd gehalte aan spierenzymen is als de spieren zijn aangedaan.
    Urine onderzoek is erg belangrijk bij de diagnose van SLE en gedurende de volgende controles om te kunnen vaststellen of de nieren zijn aangedaan.
    Zij kunnen het beste regelmatig uitgevoerd worden, ook wanneer de ziekte in remissie schijnt te zijn.
    Door urine onderzoek kunnen verschillende tekenen van nierontsteking opgespoord worden, zoals rode bloedcellen of de aanwezigheid van te veel proteÔnen.
    Soms wordt aan kinderen met SLE gevraagd de urine 24 uur op te sparen, omdat op die manier vroegtijdig een aantasting van de nieren kan worden opgespoord.

    Immunologische onderzoeken
    Antinucleaire antilichamen (ANA) (zie diagnose)
    Anti-aangeboren DNA antilichamen (zie diagnose)
    Anti-Sm antilichamen (zie diagnose)
    Antifosfolipide antilichamen.
    Dit zijn laboratoriumonderzoeken die de complementniveaus in het bloed meten.
    Complement is een verzamelnaam voor een groep bloedproteÔnen die bacteriŽn vernietigt en de ontstekings- en immuunreacties regelt. Sommige complementproteÔnen (C3 en C4) verdwijnen bij immuunreacties en lage waarden van deze proteÔnen duiden op de aanwezigheid van een actieve ziekte, vooral een nierziekte.

    Er worden tegenwoordig vele andere onderzoeken gedaan om na te gaan wat het effect van SLE op verschillende delen van het lichaam is.
    Een biopsie (het verwijderen van een klein stukje weefsel) van de nier wordt vaak gedaan.
    Een nierbiopsie levert waardevolle informatie over het type, de ernst en de duur van de beschadigingen door SLE op en is zeer nuttig bij het bepalen van de juiste behandeling.
    Een huidbiopsie kan nuttig zijn om de diagnose te stellen van huidvasculitis, van discoide lupus of van de aard van verschillende soorten huiduitslag.
    Andere onderzoeken zijn rŲntgenfotoís van de borst (hart en longen), ECG (hartfilmpje) en echogram van het hart, longfuncties van de longen, electroencefalografie (hersenactiviteit registratie, EEG), magnetische resonantie (MR) of andere hersenscans en mogelijk verschillende weefsel biopsieŽn.



    Hoe ziet de behandeling eruit ?

    Op dit moment kan SLE nog niet worden genezen, maar het grootste deel van de kinderen met SLE kan met succes behandeld worden.
    De behandeling is er op gericht om zowel complicaties te voorkomen als symptomen en kenmerken van de ziekte te behandelen.

    Als de diagnose SLE wordt gesteld, is de ziekte meestal erg actief.
    Op dat moment is het vaak noodzakelijk hoge doses medicijnen te geven om de ziekte onder controle te krijgen en schade aan de organen te voorkomen.
    Bij veel kinderen vlamt de SLE door de behandeling niet meer op en kan de ziekte in remissie gaan, waarbij weinig of geen behandeling meer nodig is.


    Welke behandelingen zijn er ?

    De meeste symptomen van SLE komen voort uit ontstekingen en daarom heeft de behandeling als doel de ontstekingen te verminderen.
    Vier groepen medicijnen worden bijna wereldwijd gebruikt om kinderen met SLE te behandelen :

    Non-steroÔde inflammatoire drugs (NSAIDs) worden gebruikt om de pijn van de artritis tegen te gaan.
    Zij worden gewoonlijk slechts voor een korte tijd voorgeschreven met daarbij de instructie de dosis af te bouwen naarmate de artritis minder wordt.
    In deze groep zijn er vele verschillende medicijnen, waaronder aspirine.
    Aspirine wordt heden ten dage nauwelijks meer gebruikt als ontstekingsremmer; het wordt echter wel veel gebruikt bij kinderen met een verhoogd gehalte aan antifosfolipide antilichamen om bloedklontering te voorkomen.

    Antimalaria medicijnen zoals hydroxychloroquine zijn heel nuttig bij de behandeling van zonlichtgevoelige huiduitslag zoals de schijfvormige of de subacute vormen van SLE huiduitslag.
    Het kan maanden duren voordat deze medicijnen een gunstig effect laten zien.
    Voor zover bekend is er geen verband tussen SLE en malaria.

    GlucocorticosteroÔden als prednison en prednisolon worden gebruikt om ontstekingen te remmen en de aktiviteit van het immuunsysteem te onderdrukken.
    Zij vormen de belangrijkste therapie bij SLE.
    Om de ziekte in het begin onder controle te krijgen is het noodzakelijk dagelijks glucocorticosteroÔden toe te dienen gedurende een periode van verscheidene weken tot maanden; de meeste kinderen hebben deze medicijnen vele jaren nodig.
    De begindosis van de glucocorticosteroÔden en de frequentie van de toediening hangen af van de ernst van de ziekte en van de aangedane organen.
    Hoge doses orale of intraveneuze glucocorticosteroÔden worden meestal gebruikt bij de behandeling van ernstige haemolytische anemie, van ziekte van het centraal zenuwstelsel en van de ernstige vormen van aantasting van de nieren.
    Kinderen ervaren een duidelijk gevoel van welzijn en meer energie binnen enkele dagen na het begin van de behandeling.
    Als de eerste symptomen van de ziekte onder controle zijn, worden de glucocorticosteroÔden teruggebracht tot het laagst mogelijke niveau dat het kind een gevoel van welzijn geeft.
    Vermindering van de dosis glucocorticosteroÔden moet zeer geleidelijk geschieden, met regelmatige controles om er zeker van te zijn dat de ziekte activiteit onderdrukt blijft.
    Soms hebben jongeren de neiging hun glucocorticosteroÔden niet meer in te nemen of verlagen of verhogen ze zelf hun dosis; misschien zijn ze de bijwerkingen zat of voelen ze zich beter of slechter.
    Het is belangrijk dat de kinderen en hun ouders begrijpen hoe deze medicijnen werken en waarom het stoppen of wijzigen zonder medische begeleiding gevaarlijk is.
    Sommige glucocorticosteroÔden (cortisone) worden normaliter door het lichaam geproduceerd.
    Als de behandeling is begonnen, stopt het lichaam zijn eigen cortisone produktie en worden de bijnieren die de cortisone produceren traag en lui.
    Als gedurende een periode glucocorticosteroÔden zijn gebruikt en het gebruik wordt plotseling gestopt, is het lichaam niet altijd in staat meteen voldoende cortisone te produceren.
    Het resultaat kan dan een levensbedreigend gebrek aan cortisone zijn (bijnierinsufficientie).
    Bovendien kan door een te snelle vermindering van de dosis glucocorticosteroÔden de ziekte weer opvlammen.

    Immuunsysteem onderdrukkende middelen zoals azathioprine en cyclofosfamide werken op een andere manier.
    Zij onderdrukken ontstekingen en kunnen de afweer verminderen.
    Deze medicijnen worden gebruikt als met glucocorticosteroÔden de SLE niet onder controle kan worden gehouden, als glucocorticosteroÔden te veel bijwerkingen geven of als wordt verondersteld dat de combinatie van beide medicijnen een beter resultaat zal opleveren dan het gebruik van alleen glucocorticosteroÔden.
    Immuunsysteem onderdrukkende middelen kunnen glucocorticosteroÔden niet vervangen.
    Cyclofosfamide en azathiopine worden in tabletvorm gegeven en worden gewoonlijk niet tezamen gebruikt.
    Intraveneuze hoge dosis ('pulse') cyclofosfamide therapie wordt gebruikt zowel bij kinderen met ernstige nierproblemen als voor bepaalde vormen van ernstige SLE problemen.
    Bij deze behandeling wordt een hoge dosis cyclofosfamide intraveneus toegediend (circa 10 tot 30 maal hoger dan de dagelijkse dosis in pilvorm).

    Dit kan zowel op de dagbehandeling gebeuren als gedurende een kort verblijf in het ziekenhuis.

    Biologische medicijnen zijn middelen die de produktie van antilichamen of de werking van een bepaald molecuul blokkeren.
    Het gebruik ervan is nog experimenteel bij SLE; zij worden slechts toegediend bij onderzoeksprotocollen.

    Er wordt intensief onderzoek gedaan op het gebied van autoimmuunziekten en in het bijzonder naar SLE.
    De doelstelling is om te bepalen welke specifieke mechanismen ontsteking en autoimmuniteit veroorzaken, zodat de therapieŽn beter gericht kunnen worden en niet het gehele immuunsysteem onderdrukken.
    Op dit moment worden er veel klinische studies verricht waarbij SLE betrokken is.
    Hierbij worden nieuwe therapieŽn getest en wordt onderzoek gedaan om de verschillende aspecten van SLE bij kinderen beter te kunnen begrijpen.

    Al deze onderzoeken zullen de toekomst aanzienlijk vrolijker maken voor kinderen met SLE.


    Wat zijn de bijwerkingen van de medicijnen ?

    De medicijnen die gebruikt worden bij de behandeling van SLE zijn zeer effectief, maar kunnen ook bijwerkingen veroorzaken (cfr. het hoofdstuk over medicijnen voor een uitgebreide beschrijving van de bijwerkingen).

    De NSAIDs kunnen bijwerkingen veroorzaken zoals maagklachten (de medicijnen dienen na de maaltijd te worden ingenomen), blauwe plekken en, zeldzaam, veranderingen in de nier- en leverfuncties.

    Antimalaria medicijnen kunnen veranderingen in het netvlies van het oog veroorzaken; daarom dienen patiŽnten regelmatig gecontroleerd te worden door een oogarts.

    GlucocorticosteroÔden kunnen zowel op korte als op lange termijn veel verschillende bijwerkingen veroorzaken.
    De risicoís van deze bijwerkingen nemen toe als hoge doses glucocorticosteroÔden vereist zijn en als ze gedurende langere tijd worden gebruikt.

    De belangrijkste bijwerkingen van glucocorticosteroÔden zijn :
    Veranderingen in het uiterlijk (bijv. gewichtstoename, bolle wangen, uitzonderlijke haargroei, striae, acne en blauwe plekken).
    Gewichtstoename kan beperkt worden door een laag-calorieŽn dieet en door lichaamsbeweging.
    Een verhoogd risico op infecties, vooral tuberculose en waterpokken.
    Een kind dat glucocorticosteroÔden gebruikt en in contact is geweest met waterpokken, moet zo snel mogelijk door een arts gezien worden.
    Door toediening van preformed antilichamen kan onmiddelijk bescherming tegen waterpokken worden geboden (passieve immunisering).
    Maagproblemen zoals dyspepsie (slechte spijsvertering) of brandend maagzuur.
    Hiervoor kan antimaagzweer medicatie gegeven worden.
    Hoge bloeddruk
    Spierzwakte
    ( kinderen kunnen problemen hebben met traplopen of opstaan uit een stoel).
    Stoornissen in het glucosemetabolisme, in het bijzonder wanner er een genetische aanleg bestaat voor diabetes.
    Stemmingsveranderingen, waaronder depressie en stemmingswisselingen.
    Oogproblemen zoals vertroebeling van de ooglens (cataract) en glaucoom.
    Botontkalking (osteoporose) - Deze bijwerking kan worden verminderd door voldoende lichaamsbeweging, calciumrijke voeding en extra hoeveelheden calcium en vitamine D.
    Met deze preventieve maatregelen dient gelijk met de toediening van de hoge dosis glucocorticosteroÔden begonnen te worden.
    Beperking van de groei. - Het is belangrijk te weten dat de meeste bijwerkingen van glucocorticosteroÔden omkeerbaar zijn en verdwijnen als de dosis wordt verminderd of als het gebruik wordt gestaakt.
    Bijwerkingen van immuunsysteem onderdrukkende middelen - Immuunsysteem onderdrukkende middelen kennen ook ernstige bijwerkingen en kinderen die deze medicijnen innemen dienen zorgvuldig door hun artsen gecontroleerd te worden.
    Voor de beschrijving van de bijwerkingen van immuunsysteem onderdrukkende middelen verwijzen wij u naar het hoofdstuk ĎMedicijnení.


    Hoe lang gaat de behandeling duren ?

    De behandeling duurt net zo lang als de ziekte.
    Men is het erover eens dat de meeste kinderen met SLE slechts met veel moeite gedurende de eerste jaren na de diagnose geheel van de glucocorticosteroÔden afkomen.
    Ook een lage dosis glucocorticosteroÔden kan op de lange termijn opvlammingen van de ziekte minimaliseren en de ziekte onder controle houden.
    Voor veel patiŽnten is het gebruik van een lage dosis glucocorticosteroÔden beter dan een opvlamming van de ziekte.


    Cfr. : http://lotgenotenfibromyalgie.nl/Reuma/Systemische_Lupus_Erythematosus.html


    16-01-2008 om 16:15 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (11 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Je immuunstelsel als bondgenoot (workshop)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  


















    Open Therapeuticum Leuven

    Meer info : Annemie Schueremans
    Tel. : 016 23 69 96 Ė E-mail :
    info@opentherapeuticum.be
    Website :
    www.opentherapeuticum.be

    organiseert een workshop
    - minimum 7, maximum 14 deelnemers -

    over

    Je immuunstelsel als bondgenoot

    door

    Dr. Lieven Ostyn
    Als arts beschouwt hij ziekte als een crisis die uitnodigt tot bewustwording
    (hij was 25 jaar docent anatomie en pathologie)

    op

    26 januari 2007
    - van 10u tot 17u -
    - Breng een lunchpakket mee, drank is verkrijgbaar op OTL -

    in het

    Open Therapeuticum Leuven (OTL)
    Brusselsesteenweg 60
    3020 Herent

    Inkom
    Prijs 65 Ä (syllabus inbegrepen)
    Vooraf te betalen !


    Het immuunsysteem is een krachtige beschermer tegen ziekten : het vernietigt microben en ruimt kankercellen op.
    Je kan het vergelijken met een leger : je witte bloedcellen zijn de soldaten en het wapenarsenaal bestaat o.a. uit antilichamen.
    Naar analogie zou je kunnen spreken van een 'beschermengel' op fysiek niveau.

    Dit complexe netwerk van moleculen, cellen en organen kan echter ook ontregeld worden.
    Hierdoor ontstaan infecties, allergieÍn, auto-immuun- ziekten en kanker.
    Om deze aandoeningen gunstig te beinvloeden is het nuttig om basisinzichten te verwerven in dit systeem :

    • Welke factoren versterken of verzwakken het ?
    • Welk is de invloed van het denken en van de gevoelens ?
    • Zijn immuunziekten een boodschap van de ziel ?

    Uniek aan deze cursus is het gebruik van fascinerende beelden uit de anatomie.
    Deze illustraties gebruiken we als inspiratiebron voor meditatie en visualisaties.
    We ontdekken hoe ons zelfgenezend vermogen aan de slag gaat.
    De deelnemers worden uitgenodigd tot een innerlijke zoektocht om de boodschap van hun immuunstelsel zťlf te leren begrijpen.
    In samenwerking met een arts of therapeut is dit de basis voor duurzame genezing.

    Deze workshop behandelt algemene aspecten van het immuunsysteem en is niet bedoeld als individuele therapie.


    16-01-2008 om 00:35 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

     








    Het Nijmeegs Kenniscentrum
    Chronische Vermoeidheid

    Jacqueline van den Berg
    - laatste update : 09-11-2007 -

    Inhoud :

    1. - Algemene informatie
    2. - Doelgroepen
    3. - Kennisvermeerdering door wetenschappelijk onderzoek
    4. -
    Kennistoepassing in de patiŽntenzorg
    5. - Kennisoverdracht

    6. - Verwijsmogelijkheden
           6.1 - Verwijsmogelijkheden naar het NKCV
           6.2 - Rechtstreekse verwijzing door huisartsen of
                   bedrijfsartsen
           6.3 - Verwijzing voor CVS door andere afdelingen van het UMC
                   St Radboud
           6.4 - Verwijzing voor andere problematiek dan CVS door
                   huisartsen en medisch specialisten binnen en buiten het
                   UMC St Radboud
           6.5 - Rapportage
    7. -
    Somatische analyse van vermoeidheid
           7.1 - Acute fase
                 
    7.1.1 - Diagnostiek
                  7.1.2 - Begeleiding

           7.2 - Subacute fase
                 
    7.2.1 - Diagnostiek
                  7.2.2 - Begeleiding

           7.3 - Chronische fase
                 
    7.3.1 - Diagnostiek
                  7.3.2 - Begeleiding

    8. - Literatuur


    1. - Algemene informatie over het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid

    Het NKCV is een multidisciplinair samenwerkingsverband gericht op brede en diepgaande wetenschappelijke bestudering van chronische vermoeidheid.
    Naast internisten, microbiologen en psychologen participeren o.a. neurologen, fysiologen, neurowetenschappers, orthopeden, urologen, oncologen en kinderartsen in onderzoek op dit terrein.
    De Nijmeegse Onderzoeksgroep Chronische Vermoeidheid, vanaf 2000 het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid genaamd, heeft sinds eind tachtiger jaren van de vorige eeuw veel onderzoek verricht naar de achtergronden van chronische vermoeidheid en in het bijzonder van het chronisch vermoeidheidssyndroom.
    De onderzoeksgroep heeft hiermee veel gedaan voor de erkenning van deze aandoening zowel onder artsen als bij patiŽnten en leken.
    Pas later in de tijd is ook de behandeling van chronisch vermoeidheidssyndroom een belangrijk thema geworden.
    Het Ontwikkelingsgeneeskundeproject cognitieve gedragstherapie (CGT) voor het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS), waarin o.a. het effect van deze behandeling nader onderzocht werd, maakte duidelijk dat de in Nijmegen ontwikkelde CGT voor CVS effectief is.
    Een gevolg van het succes hiervan is dat het aantal patiŽnten dat voor deze behandeling in aanmerking wil komen sterk is toegenomen.
    Dit leidde tot een lange wachtlijst.
    Nadat de zorgverzekeraars financiŽle middelen beschikbaar stelden voor een aanzienlijke uitbreiding van de patiŽntenzorgactiviteiten, kon ook de voorgenomen uitbreiding van het team behandelaars ter hand worden genomen.
    Omdat huisvesting op het terrein van het UMC op korte termijn niet mogelijk bleek, moest elders ruimte gevonden worden.
    Sinds de ingebruikname van de nieuwe locatie op het Universiteitsterrein (Mercator I) in 2003 is het Kenniscentrum een zelfstandige unit waar chronisch vermoeide patiŽnten met effectief gebleken psychologische methoden behandeld worden.


    2. - Doelgroepen

    Chronische vermoeidheid is voor veel patiŽnten een groot probleem met vele consequenties.
    Men spreekt pas van het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) wanneer er geen lichamelijke verklaring voor de vermoeidheidsklachten gevonden wordt, de klachten gepaard gaan met begeleidende verschijnselen (zoals spierpijn, gewrichtspijnen, slaapklachten, concentratieproblemen, malaiseklachten na inspanning) en ernstige beperkingen in het dagelijks leven en de klachten en beperkingen ten minste 6 maanden bestaan.
    Nederland telt tussen de 30.000 en 40.000 CVS patiŽnten (Gezondheidsraadrapport, 2005).
    Chronische vermoeidheid in samenhang met een ernstige of chronische ziekte komt echter vaker voor, namelijk ruim tweemaal zovaak als CVS.
    Het gaat dan bijvoorbeeld om vermoeidheid na kanker, vermoeidheid bij multipele sclerose, spierziekten, reuma of andere chronische ziekten.
    Hier mag men dus niet van CVS spreken.
    Op deze beide doelgroepen, tesamen meer dan 100.000 patiŽnten in Nederland, richt zich het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid (NKCV).
    Het Kenniscentrum heeft als taken : kennisvermeerdering, kennistoepassing en kennisoverdracht.


    3. - Kennisvermeerdering door wetenschappelijk onderzoek

    De eerste taak betreft het vergroten van kennis op het gebied van chronische vermoeidheid door het verrichten van wetenschappelijk onderzoek.
    Er zijn diverse multidisciplinaire werkgroepen van waaruit het probleem van chronische vermoeidheid wordt onderzocht.
    Vaak betreft het gesubsidieerd of nog te subsidiŽren onderzoek.
    Wetenschappelijk onderzoek wordt ook gekoppeld aan de patiŽntenzorg.
    Zo vindt er steeds systematische evaluatie plaats van de verrichte behandelingen.
    Op onze website voor Ď
    scientistsí is een overzicht van publicaties te vinden : www.umcn.nl/chronicfatigue -.


    4 - Kennistoepassing in de patiŽntenzorg (cfr. 'Verwijsmogelijkheden').
    Nieuw verworven kennis betreffende chronische vermoeidheid wordt zo spoedig mogelijk toegepast in de patiŽntenzorg.
    Chronische vermoeidheid bij een individuele patiŽnt kan door het Kenniscentrum nader in kaart worden gebracht door middel van multidimensionele vermoeidheidsdiagnostiek.
    Op basis hiervan kan een op het individu afgestemd advies gegeven worden.
    Er zijn en worden diverse nieuwe behandelmethoden voor de verschillende typen vermoeidheid ontworpen en getoetst.
    Ook vindt er verbetering van bestaande behandelprotocollen plaats.
    In 2005 werden de definitieve resultaten bekend van een door ons ontwikkelde behandeling voor vermoeidheid na kanker.
    Deze behandeling, die op basis van de vermoeidheidsdiagnostiek op het individu is afgestemd, bleek in een gerandomiseerde gecontroleerde studie zeer effectief.
    Bij ťťn jaar follow-up bleken de resultaten nog even goed.


    5. - Kennisoverdracht

    Kennis, door wetenschappelijk onderzoek verkregen, en klinische ervaring verworven door de toepassing van deze kennis, worden zoveel mogelijk overgedragen aan patiŽnten en professionals (cfr. ook onderdeel 'Onderwijs' in dit verslag).
    Deze overdracht van kennis over chronische vermoeidheid vindt plaats via het onderwijs binnen het reguliere curriculum geneeskunde, door postacademisch onderwijs aan artsen en psychologen/psychotherapeuten en wetenschappelijke voordrachten op congressen en symposia.
    Ook worden op verzoek voordrachten of workshops gegeven aan patiŽnten, patiŽntgroepen, organisaties en instellingen.
    Er is een website voor patiŽnten (
    www.umcn.nl/nkcv -).
    Tevens wordt informatie aan professionals verstrekt over door ons ontwikkelde en voor het veld beschikbare instrumenten, zoals de Checklist Individuele Spankracht.
    Kennisoverdracht vindt ook plaats door implementatieprojecten.
    Hierbij wordt een in onderzoek getoetste behandelmethode systematisch overgedragen aan professionals in het veld en geŽvalueerd.


    6. - Verwijsmogelijkheden

    Verwijsmogelijkheden naar het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid (NKCV)

    6.1 - Verwijzing via de polikliniek Algemeen Interne Geneeskunde
    Indien de huisarts of bedrijfsarts twijfelt of de diagnose CVS gesteld kan worden, kan de patiŽnt, mits diens woonplaats binnen het postcodegebied valt, verwezen worden voor somatische diagnostiek naar de polikliniek Algemeen Interne Geneeskunde.
    Een verwijzing naar de afdeling Algemeen Interne Geneeskunde van het UMC St Radboud is alleen mogelijk wanneer de patiŽnt in de regio van het UMC woont (postcodes die beginnen met 40-53-54-58-65-66-67-68-69).
    Cfr. voor de werkwijze op de polikliniek :
    www.umcn.nl/nkcv -.
    Als de diagnose CVS gesteld wordt, kan de CVS patiŽnt (als hij dat zelf wil) verwezen worden voor cognitieve gedragstherapie door het Kenniscentrum.

    6.2 - Rechtstreekse verwijzing door huisartsen of bedrijfsartsen
    Wanneer de volgende vragen met Ďjaí beantwoord worden, zou er sprake kunnen zijn van het chronisch vermoeidheidssyndroom en kunt u aan een doorverwijzing naar het Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid denken :
    - is er sprake van een aanhoudende of telkens terugkerende ernstige vermoeidheid ?
    - gaan de klachten gepaard met ernstige beperkingen in het beroepsmatig, sociaal en/of persoonlijk functioneren ?
    - bestaan de klachten en beperkingen ten minste zes maanden ?
    - is een somatische verklaring voor de klachten uitgesloten ?
    (Cfr. ook '7. - Somatische analyse van vermoeidheid' hierna)
    Naast vermoeidheid zijn er vaak nog andere klachten, zoals spierpijn, gewrichtspijn, hoofdpijn, slaapklachten, geheugen en concentratieklachten.
    Zowel de huisarts als bedrijfsarts kan op grond van deze criteria vaststellen of er sprake is van het chronisch vermoeidheidssyndroom.
    Als dit het geval is kan de patiŽnt door middel van een verwijsbrief, waarin bovenstaande criteria toegelicht worden, worden verwezen voor cognitieve gedragstherapie voor CVS.
    Na verwijzing zal vermoeidheidsdiagnostiek plaatsvinden.

    Het adres is :
    UMC St Radboud, Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid,
    Interne postcode 4628, Postbus 9101, 6500 HB Nijmegen 
    Tel. : 024 361 00 30 Ė Fax : 024 361 00 41 - E-mail :
    nkcv@umcn.nl -.

    6.3 - Verwijzing voor CVS door andere afdelingen van het UMC St Radboud
    Niet alle patiŽnten met CVS komen via de Algemeen Interne Geneeskunde (afdeling of polikliniek) naar het Kenniscentrum.
    Ook op afdelingen als Neurologie en Reumatologie komen patiŽnten bij wie geen lichamelijke verklaring voor de vermoeidheidsklachten wordt gevonden en die ook aan de andere criteria voor CVS voldoen.
    Deze patiŽnten kunnen na een schriftelijke verwijzing (liefst telefonisch toegelicht) verwezen worden voor cognitieve gedragstherapie voor CVS.
    Na verwijzing zal vermoeidheidsdiagnostiek plaatsvinden.

    6.4 - Verwijzing voor andere problematiek dan CVS door huisartsen en medisch specialisten binnen en buiten het UMC St Radboud
    PatiŽnten met chronische vermoeidheid bij wie tevens een chronische ziekte aanwezig is, kunnen via een verwijsbrief (liefst telefonisch toegelicht) naar het Kenniscentrum gestuurd worden voor vermoeidheidsdiagnostiek.
    Ook patiŽnten met vermoeidheid tijdens of na de behandeling van kanker kunnen voor behandeling verwezen worden.

    6.5 Ė Rapportage
    Na afloop van het behandelingstraject - als na diagnostiek blijkt dat behandeling in ons centrum niet zinvol is - volgt rapportage aan verwijzer, huisarts en patiŽnt.


    7. - Somatische analyse van vermoeidheid

    In de huisartsenpraktijk is moeheid een veelvoorkomende klacht (1).
    Vaak gaat de vermoeidheid vanzelf weer over, maar in zoín 10% van de gevallen blijven de vermoeidheidsklachten tenminste een half jaar of langer bestaan (2).

    De klacht moeheid is voor veel artsen moeilijk te hanteren.
    Zowel in diagnostische als in therapeutische zin bestaat de neiging om te weinig op deze klacht in te gaan.
    Aan de andere kant blijft het voor de arts soms onduidelijk hoe ver men gaan moet met onderzoek bij vermoeidheid e.c.i..

    Wanneer de arts wordt geconfronteerd met klachten van vermoeidheid bij een patiŽnt, zal hij zich in eerste instantie afvragen wat er achter de moeheid schuilgaat.
    Een belangrijk uitgangspunt voor het handelen van een medicus is de duur van de vermoeidheidsklachten.
    In het diagnostisch en therapeutisch proces kunnen 3 fasen worden onderscheiden, te weten korter dan 1 maand (acute fase), 2-6 maanden (subacute fase) en langer dan 6 maanden (chronische fase).
    Elke fase heeft zijn eigen doel en zijn eigen aanpak.

    7.1 - Acute fase
    Het belangrijkste doel in de acute fase is het uitsluiten van specifieke (behandelbare) oorzaken van moeheid.

    7.1.1 - Diagnostiek (acute fase)
    Indien de arts na verheldering van de hulpvraag, anamnese en lichamelijk onderzoek niet tot een duidelijke conclusie komt ten aanzien van de medische achtergrond van de moeheidsklachten is het zinvol om het spontane beloop van de klachten gedurende ťťn maand af te wachten.
    Verder diagnostisch onderzoek zoals bloedonderzoek en urineonderzoek is in deze fase niet geÔndiceerd.
    Bloedonderzoek op onjuiste indicatie geeft vaak een foutief beeld van de werkelijkheid.
    Indien de patiŽnt volhardt in het verzoek om bloedonderzoek, is het van belang te informeren naar de aanleiding en achtergrond van het verzoek.
    Vaak wil de patiŽnt gerustgesteld worden.
    PatiŽnten zullen in deze fase voornamelijk door de huisarts worden gezien.
    Voor huisartsen zijn aparte aanbevelingen voor diagnostiek en begeleiding opgesteld (3,4).
    Bij ouderen kan het in individuele gevallen wenselijk zijn verdere diagnostiek te verrichten, omdat bij hen de voorafkans op ziekte groter is.

    7.1.2 - Begeleiding (acute fase)
    Indien geen diagnose gesteld wordt, zijn specifieke therapeutische interventies af te raden.
    Tenzij de klachten in de tussentijd veranderen, heeft het de voorkeur het spontane beloop gedurende ťťn maand af te wachten.
    Na die maand volgt herbeoordeling.
    Het is van belang de patiŽnt in te lichten over de achtergronden van de terughoudendheid.
    In de NHG-standaard wordt onder Ďbloedonderzoek bij vage klachtení beschreven met welke aspecten rekening te houden.
    Het beleid bij Ďbloedonderzoek bij vage klachtení geldt ook voor moeheidsklachten (5).

    7.2 - Subacute fase
    In de subacute fase is het, naast het achterhalen c.q. het uitsluiten van oorzaken, van belang een chronisch verloop en medicalisering te voorkomen.

    7.2.1 - Diagnostiek (subacute fase)
    Indien de vermoeidheidsklachten nog steeds bestaan, dienen de verheldering van de hulpvraag, de anamnese en het lichamelijk onderzoek te worden herhaald.
    De huisarts of internist zal ook moeten nagaan of er sprake is van een depressie of een andere psychische aandoening, die de vermoeidheidsklachten zou kunnen verklaren (cfr. Tabel).
    De symptomen van chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) kunnen overlappen met die van depressie.
    Vermoeidheid is een symptoom van depressie en bij CVS-patiŽnten kunnen depressieve klachten voorkomen.
    Het is van belang te beoordelen of deze psychische problemen al voor de vermoeidheidsklachten aanwezig waren of dat de psychische klachten gezien moeten worden als een gevolg hiervan.
    Als de depressieve gevoelens op de voorgrond staan en de vermoeidheid een gevolg van de stemmingsstoornis lijkt, kan men niet spreken van CVS.
    Indien nodig kan de arts een psycholoog of psychiater in consult vragen.
    Veel ziekten gaan gepaard met moeheid.
    Een systematische differentiŽle diagnose is weergegeven in tabel 1.
    Meestal gaat de moeheid gepaard met bijkomende klachten die aanknopingspunten zijn voor verdere diagnostiek.
    Bij het lichamelijk onderzoek houdt men rekening met de in tabel I. genoemde differentiŽle diagnose van chronische vermoeidheid.
    Dit betekent expliciet aandacht voor endocriene stigmata (habitus, beharing, pigmentaties, schildklierstatus), hartĖ en longafwijkingen, neurologische afwijkingen, leverstigmata en tekenen van infectie of neoplasie.

    Tabel I. - DifferentiŽle diagnose van chronische vermoeidheid
    Cfr. : http://www.umcn.nl/professional/ 

    Indien in dit stadium nog steeds geen aanknopingspunten zijn gevonden met betrekking tot de oorzaak van de vermoeidheidsklachten kan de arts beperkt bloedonderzoek laten verrichten naar tekenen van anemie, infectieziekten, diabetes mellitus en schildklierfunctiestoornissen.
    Dit is in deze fase zinvol omdat de voorafkans op een lichamelijke oorzaak na ťťn maand groter is.
    Conform de NHG-standaard kan de arts een Hb, BSE, glucose en TSH bepalen.
    Een serum ferritine bepaling om hemochromatose dan wel ijzergebrek te detecteren kan hieraan worden toegevoegd.
    Het routinematig uitvoeren van serologisch onderzoek en het verrichten van immunologisch functie-onderzoek zijn niet zinvol.

    7.2.2 Ė Begeleiding (subacute fase)
    Belangrijk is een goede communicatie.
    Zowel psychosociale factoren als attributies van de patiŽnt betreffende de oorzaak van de klachten kunnen een rol spelen bij het instandhouden van de vermoeidheidsklachten.
    Voor het te volgen beleid zijn deze factoren en attributies van belang.
    Wanneer ook in deze fase geen diagnose gesteld kan worden, zijn specifieke therapeutische interventies opnieuw af te raden.
    Daar het spontaan herstel gedurende de eerste 6 maanden na het begin van de klachten gunstig is (80 ŗ 85%), moet de arts niet te snel de begeleiding ter hand nemen.
    Het is van belang de patiŽnt uit te leggen dat het geen zin heeft om energie te blijven steken in het zoeken naar een oorzaak van de klachten en verder onderzoek te verrichten.
    In het overgrote deel van de gevallen blijft het onduidelijk waardoor de klachten zijn ontstaan.
    Er valt meer winst te behalen wanneer de patiŽnt zich richt op het bevorderen van de eigen gezondheid.
    De arts kan de patiŽnt adviseren lichamelijk actief te blijven met als doel de conditie zo veel mogelijk op peil te houden of deze te verbeteren.
    Zolang nieuwe aandachtspunten voor diagnostiek ontbreken en de patiŽnt wil blijven zoeken naar een oorzaak van de klachten, kan de arts aangeven dat hij de patiŽnt daarbij niet verder kan helpen.
    Indien geen vervolgonderzoek plaatsvindt, kan er ook geen valse hoop worden gewekt bij de patiŽnt.

    7.3 - Chronische fase
    Een belangrijk uitgangspunt in de chronische fase is het bevorderen van de kwaliteit van leven.

    7.3.1 - Diagnostiek (chronische fase)
    Naarmate de ziekteduur vordert, neemt de kans op een nog niet gediagnosticeerde onderliggende ziekte sterk af, terwijl de kans op een chronisch vermoeidheidssyndroom toeneemt.
    De diagnose CVS is een beschrijvende diagnose die door elke medicus practicus kan worden gesteld.
    Om de diagnose CVS te stellen dient de arts antwoord te geven op de volgende vier vragen :
    - Is er sprake van ernstige vermoeidheid ?
    - Is een somatische verklaring voor deze klachten uitgesloten ?
    - Gaan de klachten gepaard met ernstige beperkingen in het beroepsmatig, sociaal en/of persoonlijk functioneren ?
    - Bestaan de klachten en beperkingen ten minste 6 maanden ?
    Indien alle vier vragen met ďjaĒ kunnen worden beantwoord, dan kan de diagnose CVS worden gesteld (6).
    Het is niet makkelijk de ernst van de vermoeidheid vast te stellen.
    Indien wenselijk kan de arts ter ondersteuning van de anamnese de mate van vermoeidheid in kaart brengen met behulp van de verkorte vermoeidheidsvragenlijst (VVV).
    De VVV is een gevalideerde vragenlijst waarvan normgegevens van CVS, van gezonden en van andere patiŽntgroepen bekend en gepubliceerd zijn in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (7).
    Naast de vermoeidheid kunnen begeleidende verschijnselen voorkomen zoals, concentratie- en geheugenproblemen, hoofdpijn, spier- en gewrichtspijn, slaapstoornissen, frequente keelpijn of pijnlijke hals- of okselklieren.
    Deze additionele symptomen vormen volgens de CDC-criteria het onderscheid tussen CVS en idiopathische chronische vermoeidheid.
    De additionele symptoomcriteria zijn voor de medicus practicus alleen relevant voor zover ze een aanwijzing kunnen zijn voor een andere diagnose (8).
    Het onderscheid tussen CVS en idiopathische chronische vermoeidheid is alleen voor wetenschappelijk onderzoek bruikbaar.
    Het is af te raden CVS-patiŽnten routinematig naar een psychiater te verwijzen.
    Verwijzing heeft alleen zin als aan een psychiatrische aandoening gedacht wordt.

    7.3.2 - Begeleiding (chronische fase)
    Het stellen van de diagnose CVS door de arts is belangrijk, omdat dat, mits goed toegelicht, verdere medicalisering kan voorkomen.
    In het uitslaggesprek dient naar voren te komen dat herstel van CVS mogelijk is.
    Uit prospectief onderzoek blijkt dat over een periode van 18 maanden bij circa 17% van de CVS-patiŽnten een duidelijke vermindering van klachten optreedt, terwijl 3% gedurende deze periode volledig herstelt (9).
    CVS-patiŽnten met een relatief korte ziekteduur hebben meer kans op herstel dan patiŽnten met een langere ziekteduur (10).
    Onderzoek wijst uit dat tot op heden cognitieve gedragstherapie (CGT) inclusief graded exercise therapie de enige behandeling is met aangetoonde effectiviteit bij CVS-patiŽnten (11, 12).
    Indien de diagnose CVS gesteld wordt, kan in overleg met de patiŽnt worden doorverwezen naar het Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid voor CGT voor CVS.


    8. - Literatuur

    1. Prevalence of fatigue and chronic fatigue syndrome in a primary care practice
      Bates DW, Schmitt W, Buchwald D, Ware NC, Lee J, Thoyer E et al. - Arch Intern Med 1993;153(24):2759-65

    2. Postinfectious fatigue - Prospective cohort study in primary care
      Wessely S, Chalder T, Hirsch S, Pawlikowska T, Wallace P, Wright DJ - Lancet 1995;345:1333-8

    3. Aanwijzingen voor het beleid bij langdurige, lichamelijk onverklaarde moeheidsklachten
      Van der Meer JWM, Rijken PM, Bleijenberg G, Thomas S, Hinloopen RJ, Bensing JM - Ned Tijdschr Geneeskd 1997;141:1516-9

      Cfr. : http://www.me-net.combidom.com/meweb/ned15.txt

    4. Langdurige lichamelijk onverklaarde moeheidsklachten. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen voor het beleid van de medisch practicus
      Van der Meer JWM, Rijken PM, Bleijenberg G. Thomas S, Hinloopen RJ, Bensing JM.. Utrecht : KUN/NHG/NIVEL, 1997
      Cfr. : http://www.me-net.combidom.com/meweb/ned15.txt

    5. NHG-standaard bloedonderzoek - Algemene principes en uitvoering in eigen beheer
      Dinant GJ, Van Wijk MAM, Janssens HJEM, Somford RG, De Jager CJ, Beusmans GHMI, et al.. - Huisarts Wet 1994;37:202-11

    6. The chronic fatigue syndrome - A comprehensive approach to its definition and study
      Fukuda K, Straus SE, Hickie I, Sharpe MC, Dobbins JG, Komaroff A - International Chronic Fatigue Syndrome Study Group. Ann Intern Med 1994;121:953-59

    7. Verkorte vermoeidheidsvragenlijst - Een praktisch hulpmiddel bij het scoren van vermoeidheid
      Alberts M, Smets EMA, Vercoulen JHMM, Garssen B, Bleijenberg G - Ned Tijdschr Geneeskd 1997;141:1526-30
      Cfr. :
      http://dare.uva.nl/document/23923

    8. Moe met drieŽntwintig oeís
      Van der Meer JWM, Elving LD - Ned Tijdschr Geneeskd 1997; 141:1505-7

    9. Prognosis in chronic fatigue syndrome - A prospective study on the natural course
      Vercoulen JHMM, Swanink CMA, Fennis JFM, Galama JMD, Van der Meer JWM, Bleijenberg G - J Neurol Neurosurg Psychiatry 1996;60:489-94
      Cfr. : http://www.darenet.nl/nl/page/repository.item/show?saharaIdentifier=ru:oai:repository.ubn.ru.nl:2066/14932

    10. Natural course and predicting self-reported improvement in patients with chronic fatigue syndrome with a relatively short illness duration
      Van der Werf SP, De Vree B, Albers M, Van der Meer JWM, Bleijenberg G.. J - Psychosom Research 2002;53(3):749-753

    11. Interventions for the treatment and management of chronic fatigue syndrome - A systematic review
      Whiting P, Bagnall AM, Sowden AJ, Cornell JE, Mulrow CD, RamŪrez G - JAMA 2001;286:1360-8

    12. Cognitive behaviour therapy for chronic fatigue syndrome - A multicentre randomised controlled trial
      Prins JB, Bleijenberg G, Bazelmans E, Elving LD, De Boo ThM, Severens JL, Van der Wilt G, Spinhoven P, Van der Meer JWM - Lancet 2001;357:841-7

    Met toestemming delen overgenomen uit :
    The, Elving, Bleijenberg & Van der Meer et al. - Internisten Vademecum Ė Houten : Bohn Stafleu Van Loghum, 2004.


    Cfr. : http://www.umcn.nl/professional/

    16-01-2008 om 00:23 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    15-01-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De lay-out van je hersenen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen





















    De lay-out van je hersenen

    Bijgewerkt t/m 30 april 2004

    - Cfr. : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/images/hersenen.jpg -


    Hoe simpeler het beestje, hoe eenvoudiger zín zenuwstelsel (en dus ook de hersenen) in elkaar zitten.
    Wormen bijvoorbeeld, hebben een soort netwerk van zenuwcellen dat door hun hele lichaam verspreid ligt.
    Veel meer dan wat reflexen uitvoeren kan dit netwerk niet.

    De iets meer ontwikkelde dieren, bijvoorbeeld kreeften, hebben op bepaalde plekken in hun lijf een soort ophopingen van zenuwcellen.
    Deze centra heten 'ganglia'.
    Bij de evolutie van de hersenen vormden dit soort centra uiteindelijk de basis voor de hersenen zoals wij die kennen.

    Evolutie

    Toen de allereerste organische stoffen zich begonnen te verenigen tot primitieve levensvormen was het voor die eenvoudige schepsels nog niet echt zo heel erg nodig een brein te hebben : ťťn cel kan zichzelf wel besturen.

    Toen de evolutie een beetje op gang gekomen was bleek het echter handiger te zijn een meercellig beest te zijn : afmeting was zeker toen al gelijk aan overlevingskans.
    Ook bij kleine meercelligen was de behoefte van een centraal regelapparaat nog niet zo erg groot; het waren eigenlijk gewoon een stel dezelfde ťťncelligen die zich aan elkaar hadden geplakt om zo te profiteren van de voordelen van grotere afmetingen, maar wel fijn hun eigen leven te leiden.

    De natuur deed echter een revolutionaire uitvinding : celspecialisatie.
    Iedere cel in een organisme ging zich dan daarop toeleggen waar hij goed in was, met als resultaat een efficiŽnt werkend geheel.
    En daarmee kwam de allereerste behoefte aan een regelcentrum dat die samenwerking kon gaan coŲrdineren : een brein.

    De meeste organismen die toen leefden en een afmeting hadden die eigenlijk te groot was om zonder centrale aansturing te leven waren een soort wormen Ė langwerpige beestjes, dus.
    Daarom leek het logisch om voor die aansturing over de lengterichting een strook cellen te vormen die zich dan konden gaan toeleggen op het via elektrische signalen aansturen van andere cellen.
    Dit waren de allereerste beginselen van het ruggenmerg.
    Een enorme sprong voorwaarts in de evolutie en voor die tijd enorm efficiŽnt, maar nadeel was dat deze cellen informatie vanuit het lijf maar in beperkte mate verwerken konden Ė Šls ze al veel informatie uit de rest van het lijf kregen, want zintuigen waren nog beperkt Ė en daardoor niet verder kwamen dan het aansturen van reflexen.

    Om toch een zekere signaalverwerking mogelijk te maken werden de zintuigen beter ontwikkeld en begonnen zich aan de voorzijde van dit primitieve ruggenmerg verdikkingen te vormen Ė waar meer neuronen opeen lagen dan in de rest van het ruggenmerg.
    Deze verdikkingen hadden de extra rekencapaciteit die nodig was voor het vertonen van efficiŽnter Ė en dus complexer Ė gedrag.
    Het begin van een brein was gemaakt.
    Uiteindelijk zijn er op deze manier 5 verdikkingen van het ruggenmerg ontstaan waarvoor geldt dat hoe meer een verdikking naar de voorzijde lag, hoe later in de evolutie hij is ontstaan en hoe moderner zoín verdikking dus is.

    Nou wil ik je niet met het hele evolutie-verhaal vanaf het pre-cambrium en cambrium tot nu gaan zitten lastig vallen en daarom sla ik een flink stuk over.
    De Trilobieten Ė waarvan de degenkrab een verre afstammeling is Ė en andere primitieve wezens sla ik dus over om een slordige 100 miljoen jaar aan uitleg te besparen.
    Dan kom je aan bij de eerste primitieve vissen Ė de eerste schepselen die een echte ruggengraat en hersenpan hadden.

    Bij fossielen van Agnathans Ė primitieve vissen van zoín 500 miljoen jaar geleden Ė zie je al de drie kenmerkende onderdelen waaruit ook ďmoderneĒ hersenen bestaan : de achterhersenen Ė die bestaan uit 2 van die 5 blaasjes die ik net noemde Ė de middenhersenen Ė ťťn blaasje Ė en de voorhersenen Ė weer 2 blaasjes.
    En Ė als je het ruig vindt om met Latijn te gooien Ė die drie bouwstenen heten officieel rhombencephalon, mesencephalon en prosencephalon.

    - Cfr. De afbeelding van een vissenbrein op :
    http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/images/breinvistb.jpg -

    De achterhersenen Ė die bestaan uit de kleine hersenen en het medulla oblongata Ė dienden bij Agnathans Ė en ook nog bij moderne vissen Ė voor het analyseren van sensorische informatie die het ruggenmerg hen doorgeeft.
    Hiermee sturen zij met name reflexen aan.
    De kleine hersenen bepalen de stand van ledematen en controleren de spanning in de spieren en kijken wat de stand van je lichaam in zín algemeen is.
    Ze sturen signalen naar de spieren om dit bij te stellen als dat nodig is Ė net zoals ook onze kleine hersenen nog motoriek en lichaamshouding onder controle houden.

    De middenhersenen dienden bij Agnathans enkel voor het verwerken van optische informatie Ė en dienen daar ook bij de huidige bewoners van het zilte nat nog voor.

    De voorhersenen Ė die weer bestaan uit grote hersenen, thalamus, hypothalamus en hypofyse Ė dienen bij vissen alleen voor het verwerken van geur-informatie.
    Agnathans en ook moderne vissen worden dus eigenlijk vooral bestuurd door de achterhersenen; midden- en voorhersenen mogen hen daarvoor dan wel helpen met het verwerken van de sensorische informatie, maar het uiteindelijke overwicht ligt bij de achterhersenen Ė een deel van de bij ons weinig ontwikkelde hersenstam, dus.

    Ik tikte net ďeen deel van de bij ons weinig ontwikkelde hersenstamĒ.
    Later in de evolutie is dit dominant zijn van de achterhersenen namelijk opgegeven en is er een verschuiving naar voren opgetreden Ė zoals ik al zei: hoe verder naar voren in het brein, hoe moderner de betreffende hersenstructuur Ė en omdat bij ons die voorhersenen dominant zijn geworden waren krachtige achterhersenen niet meer nodig en hoefden zij dus niet zo ver ontwikkeld meer te zijn.

    Hoger in de evolutie werden de voorhersenen dus krachtiger.
    Allereerst werd het deel van de voorhersenen dat zich diencephalon (Grieks 'dia' = 'tussen'; het ligt tussen de middenhersenen en het voorste deel van het brein) noemt Ė en bestaat uit thalamus en hypothalamus Ė belangrijk omdat het meer sensorische informatie ging verwerken.
    Werd optische informatie eerst alleen verwerkt in de middenhersenen, nu werd dit eigenlijk vooral gedaan door het diencephalon.
    Ook informatie van het gehoor wordt hier nu verwerkt en de kleine hersenen hebben hun monopolie op het controleren van het bewegingsapparaat moeten opgeven Ė de kleine hersenen doen van info over het bewegingsapparaat nog steeds de eerst bewerking, maar daarna gaat deze informatie door naar de thalamus.
    Dit deel van de voorhersenen nam zo dus flink wat werk over van letterlijk en figuurlijk de lagere achterhersenen.
    Juist door deze overname drongen veel sensorische prikkels letterlijk dieper in het brein door waardoor het ook niet zo lastig meer was om ze dan nog eventjes door te sturen naar de grote hersenen Ė en dankzij dat doorsturen zijn wij mensen ons echt bewust van wat we zien, horen, ruiken en wat nog allemaal meer, want de grote hersenen regelen o.a. het bewustzijn.

    Nou moet je niet denken dat de kleine hersenen bij de mens zijn afgeschreven.
    Ze zijn juist beter ontwikkeld dan die van een vis, maar als je naar het geheel kijkt is hun taak toch minder groot geworden door het dominant worden en enorme groeien van de grote hersenen.

    De grote hersenen Ė dat deel van de hersenen dat het verst naar voren ligt en bij vissen helemaal niet zo erg groot is Ė gingen zich flink uitbreiden waardoor het brein ook luxe-taken kon gaan vervullen die niet echt persť nodig zijn om te overleven Ė om maar wat te noemen : bewustzijn, denken, het kunnen waarderen van muziek en het regelen van de gemoedstoestand.
    Ook is dit het deel van het brein dat jou als mens het mogelijk maakt te leren en verbanden te zien.

    Het feit dat jij je als mens bewust bent van de wereld waarin je leeft heeft niet alleen te maken met de enorme groei van de grote hersenen, die kenmerkend is voor zoogdieren en vogels in het algemeen en de mens in het bijzonder.
    Zij maken bewustzijn dan wel mogelijk, maar daís niet genoeg.
    Doordat de achterhersenen veel van hun taken hebben prijs gegeven is de verwerking van sensorische informatie ook meer naar voren opgeschoven, waardoor de kans veel groter is geworden dat deze informatie tot de grote hersenen en dus het bewustzijn doordringt Ė dat is dus ook een voorwaarde voor bewustzijn.
    De derde verandering van het brein die bewustzijn en bewust handelen heeft mogelijk gemaakt is het feit dat de grote hersenen de mogelijkheid hebben gekregen zťlf direct lichaamsdelen aan te sturen.

    - Cfr. De afbeelding van de menselijke hersenen op :
    http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/images/breinmenstb.jpg -


    Zou je dat niet kunnen, dan had je misschien wel een bewustzijn, maar omdat je er tůch niks mee kon had je dat misschien niet eens door.

    Alleen het dominant zijn van de grote hersenen maakt jou als mens dus niet bewust van het hier en nu, maar het feit dat de grote hersenen zelf nu ook kunnen verwerken en opdrachten kunnen geven maakt dat dit zo is.
    Hersenfuncties die ůf niet door de grote hersenen worden aangestuurd ůf waar de grote hersenen zich niet bewust van worden [doordat ze door andere structuren worden geregeld] dringen dus niet door tot je bewustzijn.
    Daarom weet je op dit moment niet hoeveel keer per minuut je hart slaat, terwijl dat toch echt ergens onder je hersenpan wordt geregeld.

    Zo. Nou ben ik bijna klaar met deze tekst, maar ik wil je toch nog op ťťn ding attent maken.
    Zoals je ziet staan er bij deze tekst twee plaatjes van hersenen Ė ťťn van het brein van een Agnathan, ťťn van wat er in jou bovenkamer zit.
    In beide plaatjes zijn dezelfde kleuren gebruikt zodat je kunt zien hoe verschillend de vorm is van de overeenkomstige hersendelen.
    Dat vergelijken lukt je zelf ook wel, maar misschien ontgaat je dan ťťn ding waar ik je toch even op wil wijzen.
    Kijk eens naar het mensenbrein.
    De grote hersenen zitten daar vast aan de middenhersenen Ė net als bij een Agnathan of eender welke andere primitieve vis Ė maar als je goed kijkt zie je dat de grote hersenen alleen aan de voorkant vastzitten aan de middenhersenen.
    De grote hersenen zijn bij de mens eigenlijk gewoon naar achteren geklapt en op de andere hersendelen gelegd omdat er anders geen plaats meer was in je hoofd.
    Zouden de hersendelen bij een mens nog gewoon achter elkaar liggen zoals bij primitieve beesten gebruikelijk was, dan zouden wij namelijk een wel erg lange kop hebben.
    Vandaar dat naar achteren klappen, dus.

    Dus meen je maar niet te veel, als er bij de mens zoín weinig charmante kunstgreep toegepast is moeten worden zijn we niet zo superieur als we meestal graag geloven.

    Bij de meeste gewervelde (en dus meer ontwikkelde dieren) zijn de volgende delen in de hersenen aanwezig :

    - Cfr. ook :
    'De hersenen vanbinnen'
    http://www.natuurinformatie.nl/sites/nnm.dossiers/contents/i003299/hersenbinnentekst.gif
    -&-
    'Ontwikkeling van het brein'
    http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i005011.html


    1/ De hersenstam

    Dit is het stuk van de hersenen dat eigenlijk vast zit op de ruggengraat.
    Het verlengde merg, dat onderop zit, is dan ook niet meer dan een verdikking van de ruggengraat.
    Erboven zitten de pons en de midden-hersenen.
    In deze gebieden wordt een deel van de reflexen geregeld.
    Ook van de andere dingen die hier gebeuren ben je je vaak niet bewust :

    - De medulla stelt de hartslag en de bloeddruk af en stuurt sensorische prikkels vanuit de ruggengraat door naar de hersenen.

    - De pons en de middenhersenen verbinden onder meer het cerebellum met de cortex en zijn beiden schakelcentra. Verder wordt hier een deel van de ademhaling, slaap en smaak gecoŲrdineerd.

    - Verder regelen de middenhersenen het bewegen van je armen en benen, waar je ogen kijken en een deel van je gehoor. In de middenhersenen zit ook de substantia nigra. Als dit deel van je hersenen niet werkt, heb je de ziekte van Parkinson. Je kunt dan nog wel bewegen, maar het is moeilijk om een beweging te starten en er een te stoppen. Prins Claus lijdt bijvoorbeeld aan deze ziekte.

    - Door je hele hersenstam heen wordt ook de hele voedselverwerking van kauwen tot poepen geregeld. Eigenlijk merk je hiervan en van alle andere functies in je hersenstam, pas iets als het mis gaat : de inhoud van je maag die aan de verkeerde kant weer naar buiten komt.
    Cfr. ook : http://www.natuurinformatie.nl/ndb.mcp/natuurdatabase.nl/i000801.html


    2/ Cerebellum (oftewel de 'kleine hersenen')

    Dit gedeelte zorgt ervoor dat je jezelf in evenwicht houdt en een idee hebt van de plek waar je bent.
    Bv. : hang je ondersteboven of sta je rechtop-heel belangrijk !
    Je denkt misschien dat je ogen dit bepalen, maar ook als je in een donkere ruimte op een hellend vlak staat dringt dit tot je door.
    De kern van wagenziekte ligt ook in dit hersendeel : je voelt dat je hobbelt en beweegt, maar je ogen zien alleen een boek of de stoel voor je en geven door dat je stil staat.
    Sommige mensen zijn hier heel gevoelig voor, wat als gevolg heeft dat de al genoemde maaginhoud...

    Het coŲrdineren van fijne bewegingen gebeurt ook in het cerebellum, dus ook bij het spreken van taal heb je dit deel nodig : denk maar aan alle precieze kleine lipbewegingen.


    3/ Hypothalamus (letterlijk 'onder de thalamus') en hypofyse

    Deze piepkleine stukjes van je hersenen zijn ontzettend belangrijk.
    Behalve de lichaamstemperatuur regelen ze een hoop van je gedrag en gevoelens, zoals dorst, slaap (dag en nacht ritme), agressie, plezier en (seksueel) genot.
    Dat de hypothalamus het genotscentrum is, is aangetoond met ratten en de volgende proef :

    De dieren kregen een uiteinde van een elektriciteitsdraadje in hun hoofdje geduwd, in de hypothalamus.
    Door middel van een hefboompje konden ze door dit draadje een elektrisch stroompje sturen.
    Het gevolg was dat de ratten alleen nog maar constant op het hefboompje bleven duwen en zelfs vergaten te eten, slapen en paren totdat ze uiteindelijk uitgeput dood neervielen.

    Deze proef laat dus zien hoe fijn ze het vonden om op die plek geprikkeld te worden.
    Om Ďm te snappen moet je wel even weten hoe ít zit met elektrische prikkels in de hersenen.
    Cfr. ook : http://www.natuurinformatie.nl/ndb.mcp/natuurdatabase.nl/i000806.html

    Zenuwcellen

    In je hersenen zitten zoín 100 miljard zenuwcellen oftewel 'neuronen'.
    Neuronen hebben grotendeels dezelfde onderdelen als normale cellen, maar bepaalde chemische eigenschappen en een paar uitsteeksels geven hun de mogelijkheid om elektrische signalen over flinke afstanden door te geven, net als een elektriciteitsdraad doet.
    Die afstand kan enkele meters zijn, wat toch behoorlijk veel is voor zoín klein celletje dat je niet eens kunt zien.
    Je vindt zenuwcellen overal in je lichaam.
    Natuurlijk vooral in je hersenen en je ruggenmerg, maar ook door de rest van je lijf, tot in alle uiteindes.

    Hoe ziet een zenuwcel er uit ?

    Behalve natuurlijk het cellichaam heeft een zenuwcel nog twee belangrijke delen :

    Cfr. De afbeelding 'De verschillende neuronen en hun onderdelen' op :
    http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/images/drieneuronentb.jpg -

    Het axon
    De
    ze Ďkabelí vervoert het elektrische signaal van het cellichaam naar het uiteinde.
    Wanneer het axon langer is, is het geÔsoleerd met een laagje van een soort vet, dat 'myeline' heet.
    Zo blijft bijvoorbeeld een prikkel die van je dikke teen naar de grote hersenen moet reizen beter behouden.

    De dendrieten
    Dit zijn allemaal uitsteekseltjes aan het cellichaam, waar de cel contact maakt met de uiteindes van de axonen van andere cellen. Vergelijk het met elektriciteit: het axoneinde is de stekker en de dendriet het stopcontact.

    Je hebt een paar types neuronen :

      • sensorische neuronen vervoeren een signaal uit de rest van je lichaam naar de hersenen voor verwerking.
        Aan een uiteinde van een sensorische cel zit een receptor (voor aanraking, warmte licht etc.) die bepaalt wanneer de sensorische cel een signaal gaat doorgeven.
      • motorische neuronen. Deze zenuwcellen geven vanuit je hersenen signalen door aan je lijf.
        Niet alleen voor spierbewegingen, maar ook voor zweetproductie, spijsvertering enz.
      • schakelcellen geven informatie van de ene zenuwcel aan de andere door.
        Deze zitten vooral in de hersenen en het ruggenmerg.
        Een heel eenvoudige schakeling vindt plaats bij reflexen.
        Je brandt je vinger aan een kaars.
        Een warmtereceptor voelt dit en laat een sensorische zenuwcel een signaal doorgeven naar het ruggenmerg.
        Daar stuurt een schakelcel het stroompje door naar een motorische cel, die ervoor zorgt dat je je hand terugtrekt.
        Nou is dit wel erg makkelijk : vaak gaat het signaal nog door honderden cellen in je hersenen.

    Afhankelijk van de precieze functie hebben neuronen ook een bepaalde vorm :

    Van de ene cel naar de andere

    Wanneer je een dendriet en een axon van heel dichtbij bekijkt, blijkt het er toch niet helemaal uit te zien als een stopcontact, maar meer als de lader van een elektrische tandenborstel.
    Maar qua werking heeft het overgaan van een signaal van cel naar cel eigenlijk niks met elektriciteit te maken : het gaat opeens met chemische stofjes !

    In het uiteinde van het axon dat graag een stroompje wil doorgeven, zitten allemaal blaasjes met een speciale stof erin : 'neurotransmitter'.
    Als er een stroompje aankomt in het uiteinde, is dat het signaal voor het blaasje om hun neurotransmitter eruit te gooien.
    Het stofje vliegt nu door de synaptische spleet - de opening tussen de 2 cellen - en komt terecht in de receptoren van de andere cel.
    Die geven juist weer een elektrisch stroompje af als ze een neurotransmitter binnenkrijgen en zo kan het signaal weer verder.
    Het lijkt natuurlijk een beetje maffe manier, want je zou dat chemische gedoe best over kunnen slaan.
    Eťn ding is echter zeker : deze manier zorgt ervoor dat signalen maar ťťn kant op kunnen en dus voorkomt Ďie kortsluiting.

    Lang niet iedere ontvangen neurotransmitter zorgt er overigens voor dat klakkeloos een nieuw signaal wordt doorgegeven : het ontvangen signaal in ťťn dendriet kan dat in andere dendrieten (in dezelfde cel) verzwakken.
    Een zwakke impuls kan er op zijn beurt ook weer voor zorgen dat een andere impuls weer sterker wordt.
    Heel ingewikkeld dus.

    Na een tijdje gehangen of gestuiterd te hebben, wordt de neurotransmitter weer afgevoerd.
    Dit kan ůf door afbraak in het lichaam gebeuren ůf door heropname.
    Af en toe neemt de kant van de synaps die de neurotransmitter uitscheidde, ook weer wat op.

    Dopamine

    Eťn van de meest bekende neurotransmitters is dopamine.
    Het speelt een grote rol in ons geestelijke en lichamelijke welzijn.
    De meeste dopamine bevindt zich in de midden-hersenen in de zgn. substantia nigra.
    Als in dit gebied de dopamine-productieblaasjes kapot gaan, heb je de ziekte van Parkinson.
    De symptomen zijn stijfheid, sloomheid en soms trillingen.

    Op een slimme manier zijn deze mensen redelijk te helpen : ze krijgen een medicijn genaamd 'L-Dopa'.
    Direct dopamine te eten geven zou niet helpen, want het moet niet in het bloed komen maar in de zenuwcellen.
    L-Dopa gaat eerst in het bloed, wordt dan opgenomen in de cellen en daar omgezet in Dopamine.
    Overigens werkt het lang niet bij alle patiŽnten, want er zijn heel veel Parkinson-achtige ziektes waarbij eigenlijk iets anders aan de hand is.

    Medicijnen

    Medicijnen kunnen de opname van neurotransmitters in je lichaam beÔnvloeden.
    Bepaalde middelen zijn neurotransmitter-agonisten.
    Dat wil zeggen dat ze bijna hetzelfde in elkaar zitten als de echte neurotransmitter en dus ook aan de receptor binden en hun functie uitoefenen.
    L-Dopa is een voorbeeld hiervan.
    Ook ADHDíers hebben baat bij een middel dat ervoor zorgt dat Dopamine langer actief blijft in de synaptische spleet.

    Antagonisten doen het tegenovergestelde : deze stoffen binden wel aan de receptor, maar blokkeren deze voor de echte neurotransmitter en oefenen geen stimulerende functie uit.
    Mensen met schizofrenie krijgen dopamine-blokkeermiddelen, omdat zij vaak een teveel aan deze neurotransitter hebben.

    Drugs

    Drugs zoals cocaÔne en amphetamine hebben ook heel veel met neurotransmitters te maken (cfr. : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/drugs.php -).

    Cfr. ook : http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i003267.html


    De hypofyse Ė cfr. ook : http://www.natuurinformatie.nl/ndb.mcp/natuurdatabase.nl/i000807.html - is een klier die onder de hypothalamus hangt.
    Deze geeft in opdracht van de hypothalamus allemaal hormonen af, bijvoorbeeld voor de voortplanting.
    Ook melanine is een hormoon van de hypofyse.
    Het zorgt voor de besturing van je biologische klok.
    Er wordt weleens beweert dat het slikken van dit hormoon helpt tegen jetlag, maar daarover is lang niet iedereen het eens.


    4/ Thalamus

    Uiteraard zit - zoals de naam al zegt - boven de hypothalamus de thalamus.
    Dit is een soort verkeersagent op een kruispunt.
    Hij stuurt signalen Ďvan onderí door naar de goede gebieden in de cortex en bepaalt van welke prikkels uit het lichaam we ons Łberhaupt bewust worden.
    Als je ís ochtend je kleren aantrekt, voel je dat je schoenen, een onderbroek en een pet aan/op hebt.
    Als je je dat de hele dag bleef realiseren zou dat maar knap afleidend zijn.
    Daarom voel je het al heel snel niet meer (normaal gesproken).
    Dat is nou het werk van de thalamus, net als eigenlijk alles wat met concentratie te maken heeft.

    De thalamus, hypothalamus en de hypofyse zitten eigenlijk tussen de beide helften van de grote hersenen in.

    De functies tussen alle hersendelen zijn niet echt zwart-wit verdeeld, zoals je misschien al hebt gemerkt.
    Het is een groot netwerk waarvan de verschillende delen allemaal samenwerken.
    Wanneer je je GSM oppakt om een smsje te lezen, sturen je grote hersenen de motorische zenuwcellen daarvoor aan.
    Het oppakken en vasthouden wordt echter overgenomen door de kleine hersenen.

    Wat wel duidelijk te zien is, is dat de ingewikkeldere functies duidelijk meer naar boven zitten, ze zijn er in de evolutie later bijgekomen.
    Cfr. ook : http://www.natuurinformatie.nl/ndb.mcp/natuurdatabase.nl/i000805.html


    5/ De grote hersenen

    Het Ďnieuwsteí hoogstandje in de hersenen zijn dan ook de grote hersenen (de 'grote grijze geplooide massa') en die zitten dus helemaal bovenin.
    Hoe meer ontwikkeld het dier, hoe groter en beter ontwikkeld de grote hersenen.

    Als je de grote hersenen bij de mens zou uitvouwen had je 2500 vierkante cm nodig (dat is 50 cm bij 50 cm).
    Alleen door al die plooien past het allemaal in je hoofd.
    De plooien verdelen de grote hersenen in zogenaamde Ďkwabbení.

    De grote hersenen bestaan uit 2 kwart bollen (de zgn. 'hemisferen') die elkaars spiegelbeeld vormen.
    Het Ďcorpus callosumí is een soort drukke verbindingsweg tussen beide helften.

    Aan de buitenkant zien de grote hersenen grijs uit van de zenuwcellen zonder isolatie die alleen verbindingen binnen die hersenhelft hebben en aan de binnenkant zijn ze wit van de met myeline bekleedde neuronen die verder weg lopen dan de hersenhelft.
    Het is dus eigenlijk een grote collectie zenuwcellen.

    Hťťl kort gezegd maken de grote hersenen bewust handelen mogelijk.
    Alles wat met intelligentie, geheugen, creativiteit en karakter te maken heeft speelt zich hier af.
    Jammer genoeg snappen de mensen nog heel veel niet van de werking van de hersenen : tot nu toe is ons brein niet slim genoeg om zichzelf te begrijpen.
    Wel is, onder meer door middel van pet-scanning - cfr. : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/gebieden.php - duidelijk geworden dat bepaalde gebieden een bepaalde functie hebben, kijk voor een voorbeeld maar eens op het plaatje op : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/images/uitsciamnognietgebr/woordenzhtb.jpg -.


    6/ De hippocampus

    Overigens liggen er diep onder de kwabben nog wel wat zaken verstopt, zoals de hippocampus, die belangrijk is voor het korte-termijn geheugen Ė cfr. : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/kortetermijngeheugen.php - en centra voor seksueel gedrag en fijne motoriek.


    7/ Enz....

    Ik zal hier niet met nog meer termen smijten, want het gaat er niet om dat je ieder hersenplekje van buiten kent, dat is saai !


    Niet alleen mensen met een ernstige afwijking hebben water in hun hoofd, ook jouw grijze pudding drijft rond in hersenvocht !
    Behalve dat om je hersenen en ruggengraat stevige vellen zitten die ze tegen stoten beschermen (de 'meningen', die ook kunnen ontsteken), helpt ook deze vloeistof mee om je tegen klappen te beschermen.
    Ze zit om je hele hersenen heen en ook in een aantal holtes in je grote hersenen, de ventrikels (de met hersenvocht gevulde holtes in je hersenen, die onder meer schokken opvangen).


    Cfr. : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/layout.php



    Begrippen

    Sommige van de in deze lijst genoemde termen worden in een tekst uitgebreid besproken, maar hier compact verteld.


    • Actie potentiaal
      De zenuwimpuls, een tijdelijke verandering in electrische spanning langs het membraan van de zenuwcel (danwel in de dendriet, danwel in het axon).

    • Amygdala
      Een amandelvormigweefsel in het lymbisch systeem dat emoties zoals agressie en angst regelt.
    • Alzheimer
      Een steeds verdergaande ziekte die dementie (alles vergeten) veroorzaakt door het afsterven van zenuwcellen in de hersenen.

    • Aphasia
      Het verlies van je taal-vaardigheden.

    • Axon
      De 'uitvoerkant' van een zenuwcel.
      Een enkele vezel die de zenuwimpuls van het cellichaam wegvoert.

    • Basale ganglia
      Een gebied in de hersenen onder de grote hersenen.

    • Bloed-brein barriŤre
      Een membraan (vlies) dat ervoor zorgt dat niet alle stoffen uit het bloed klakkeloos in de hersenen komen (zoals alcohol, zonder dit vlies waren 2 glazen dodelijk).

    • Broca's gebied
      Een plek in de linker hemisfeer (bij rechtshandigen) die de spraak regelt.

    • Centrale zenuwstelsel
      De hersenen en de ruggengraat.

    • Cerebellum (kleine hersenen)

    • Een groot weefsel boven de pons dat de coŲrdinatie van je bewegingen regelt.

    • Corpus callosum
      Laag zenuwvezels die de beide grote hersenhelften met elkaar verbindt.

    • Cortex
      Laag zenuwcellen die de gekreukelde buitenkant vormen van de grote hersenen.

    • Deja-vu
      Een niet uit te leggen gevoel dat je iets (een situatie, een uitspraak, een gebeurtenis) al eens hebt meegemaakt.

    • Dendriet
      Eťn van de kleine uitsteeksels van een zenuwcel, waarop synapsen van andere cellen aansluiten en waar dus de signalen daarvan binnenkomen.

    • Dopamine
      Een erg belangrijke neurotransmitter die o.a. met opwinding, humeur en concentratie te maken heeft.
      Parkinson patiŽnten hebben er te weinig van, net als ADHD'ers en bij Schizofrenie zit er juist te veel van in je hersenen.

    • Elektrode
      Een draadje of andere geleider die gebruikt wordt om een hersengebied of een enkele zenuwcel elektrisch te prikkelen of om juist zenuwactiviteit op te nemen.

    • Elektroencephalogram (EEG)
      Het vastleggen van de elektrische activiteit in de hersenen d.m.v elektrodes die op de buitenkant van je hoofd zitten bevestigd.

    • Endorfinen
      De natuurlijke opiaten (drugs, pijnstillers) die door je brein gemaakt worden en er o.a. voor zorgen dat je ergens van kunt genieten.

    • Frontaalkwab
      De voorste van de vier grote delen van de grote hersenen.

    • Gliacellen
      Hersencellen die ondersteuning en voeding geven aan de zenuwcellen en geen rol spelen in de informatieverwerking.
      De verhouding gliacel/zenuwcel is ongeveer 10:1.

    • Glucose
      De vorm van suiker die in je lichaam gebruikt wordt om te verbranden (de brandstof waar je op draait).

    • Hemisfeer
      De linker of rechter helft van de grote hersenen.

    • Hersenstam
      De kern van de hersenweefsels tussen de ruggengraat en de grote hersenen, waaronder de medulla, pons en de kleine hersenen vallen.

    • Hippocampus
      Een grote structuur met min of meer de vorm van een zeepaardje (een hippocampus) diep in de hersenen die een grote rol speelt in het geheugen.

    • Hypothalamus
      Een kleine structuur diep in de grote hersenen die hormonen, sex, slaap, honger/dorst en temperatuur regelt.
      Eronder hangt de hypofyse, een hormoonklier die de bevelen van de hypothalamus meteeen uitvoert.

    • Hormonen
      Chemisch stoffen die vaak indirect door de hersenen gemaakt worden (via hypothalamus/hypofyse) en bepaalde processen in gang zetten in het lichaam.
      Dit alles verloopt wat langzamer dan commando's via zenuwimpulsen.
      Dat is eigen aan het feit dat hormonen via het bloed hun plaats bereiken.

    • Ionen
      Atomen (de kleinste deeltjes stof die er zijn) of groepen atomen die elektrisch geladen zijn.
      Ze spelen een rol in het doorgeven van zenuwimpulsen en allerlei processen binnen een cel.

    • Klassieke conditionering
      Ivan Pavlov vond met honden uit dat een bepaalde prikkel (bijv. een belletje) die tamelijk neutraal is, door veel herhaling geassocieerd wordt met een voor het dier heel betekenisvolle stimulus (eten).
      Als je steeds na het belletje eten geeft, is op een gegeven moment het belletje al genoeg om een hond te laten kwijlen.

    • Korsakov syndroom
      Een ziekte die veroorzaakt wordt door jarenlang alcoholmisbruik.
      Ernstig geheugenverlies, vernietiging van hersenstructuren en verwarring/desoriŽntatie behoren tot de symptomen.

    • Kwabben
      De 4 grote gebieden van de schors van de grote hersenen.

    • Lesie
      Weefselbeschadiging veroorzaakt door ziekte, een ongeluk of met opzet in een experiment.

    • Limbisch systeem
      Een ring van hersengebieden die onze emoties regelen.

    • Motorische schors
      Een regio in de parietaal kwab die verantwoordelijk is voor beweging en coŲrdinatie.

    • MRI (Magnetic Resonance Imaging)
      Naast PET een belangrijke technologie om de hersenen zonder snijden in plakjes te laten zien.
      Voordeel van MRI is dat er geen radioactiviteit bij vrijkomt.
      Cfr. voor uitleg de tekst over gebieden in de hersenen op : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/gebieden.php -).

    • NDE/BDE (Near-death experience/Bijna-dood ervaring)
      Het klinisch dood zijn en even later weer 'tot leven komen', waartussen veel patiŽnten mystieke ervaringen hebben van tunnels met licht e.d.

    • Neuron
      Een zenuwcel, hťt onderdeel van het zenuwstelsel.

    • Neurotransmitter
      Een chemische boodschapper die wordt afgegeven door de ene zenuwcel en via de synaps contact maakt met de andere.
      Een neurotransmitter hoeft niet altijd stimulerend te zijn, hij kan er ook voor zorgen dat een cel juist prikkels gaat negeren.

    • Occipitaal kwab
      De achterste kwab van de grote hersenen, waarin onder meer alle visuele vermogens zitten.

    • Organisme
      Term die biologen graag gebruiken voor een levend wezen.

    • Parietaal kwab
      De middelste kwab van de schors van de grote hersenen die eigenlijk onder het midden van je haardos ligt.
      Hierin zitten de motorische systemen en ook je gevoel (niet de emoties, maar aanraking, warmte ed.).

    • Parkinson
      Een ziekte met trillende handen, een verstarde blik en onwillige spieren of verlamming, veroorzaakt door onder meer een tekort aan dopamine.

    • PET (Positron Emitting Tomography)
      Een moderne weergavetechniek die stofwisselingsprocessen in de hersenen heel mooi laat zien.
      Cfr. voor uitleg de tekst over gebieden in de hersenen op : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/gebieden.php -).

    • Prikkel
      Een activatie van een van onze zintuigen (bijv. een aanraking van de huid) die al dan niet bewust wordt opgemerkt door ons)

    • Receptor
      Plek waar een molecuul neurotransmitter of medicijn bindt aan een zenuwcel.
      Meer in het algemeen een aanhechtingsplaats voor een chemische stof aan een cel.

    • REM (Rapid Eye-Movement)-slaap
      Typische trillingen van de oogbal in je slaap, in de periodes dat je droomt.

    • Ruggenmerg
      In je ruggengraat zit ook een belangrijk deel van je centrale zenuwstelsel.
      Omdat dit Ūn het bot zit wordt het ruggenmerg genoemd.

    • Schizofrenie
      Een ernstige mentale ziekte waarbij hallucinaties, bizarre voorstellingen, rare gedachten en nog veel meer desoriŽnterende symptomen voorkomen.
      Wordt waarschijnlijk veroorzaakt door een teveel aan dopamine.
      Daarom worden vaak dopamine-blockers als medicijn gegeven.
      Schizofrenie is duidelijk gťťn gespleten persoonlijkheid, zoals vaak wordt gedacht.
      De oscarwinnende film '
      A beautiful mind' uit 2002 (cfr. : http://www.filmmuziek.be/soundtracks.cgi?id=255&lang=nl -) geeft een goed beeld van wat een schizofrenie-patiŽnt doormaakt.

    • Serotonine
      Een neurotransmitter die invloed heeft op slaap, humeur, eetlust.
      Een tekort ervan kan leiden tot zelfmoordneigingen en depressie.
      Chocolade heeft een positief effect op de serotoninespiegel en maakt je dus in zekere zin vrolijker.

    • Somatosensorische cortex
      Een gebied in de parietaal kwab dat gevoelens van het lichaamsoppervlak verwerkt-druk, pijn, aanraking, kou etc.

    • Split brain
      Een brein waarbij door een operatie het corpus callosum is doorgesneden.
      De linker- en rechterhelft hebben dus geen contact meer met elkaar.

    • Sulcus
      Een plooi in het hersenoppervlak.

    • Synaps
      De plek waar neuronen contact met elkaar maken d.m.v. Neurotransmitters.

    • Synaptische spleet
      Het gat tussen de dendriet van de ene neuron en het axon van de andere op de plek waar ze contact maken.

    • Temporaalkwab
      De hersenkwab boven de oren, plek waar het gehoor zit.
      Wordt temporaal genoemd (van 'tempus', Latijn voor 'tijd') omdat de haren op het hoofd boven deze plek het eerst grijs worden.
      Dit heeft overigens niks met de hersenactviteit eronder te maken.

    • Thalamus
      Een groep sensorische schakelcentra bovenaan de hersenstam.

    • Ventrikels
      Met hersenvocht gevulde holtes in je hersenen, die onder meer schokken opvangen.

    • Wernicke's gebied
      Een vaste plek in de linker hersenhelft (bij rechtshandigen) waar het spraakbegrip zit.
      Samen met Broca's gebied was dit de eerste plek van de hersenschors waar de functie van werd vastgesteld.

    Cfr. : http://mediatheek.thinkquest.nl/~llb106/woordenlijst.php

    Cfr. ook :

    1. Anatomie van de hersenen
      Cfr. : http://www.btsg.nl/infobulletin/dementie/anatomie-hersenen.html

    2. Animatie hersenanatomie
      Cfr. : http://www.hersenstichting.nl/de_hersenen/werking_hersenen/animatie_hersenanatomie

    3. Bescherming van het centrale zenuwstelsel
      Cfr. : http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i003342.html

    4. Biology of the brain
      Cfr. : http://physics.syr.edu/courses/modules/MM/brain/brain.html

    5. De anatomische bouw van de hersenen
      Cfr. : http://users.telenet.be/bosmanse/info.htm#anatomische

    6. De hersenen vanbinnen
      Cfr. : http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i003299.html

    7. De hersenen vanbuiten
      Cfr. : http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i003266.html

    8. Functionele neuranatomie
      Cfr. : anatomie.med.vu.nl/.../collegesheets/ppts_and_zips/4%20september%2006%20inleiding%20+%20neuron.ppt

    9. Hersenen
      Cfr. : http://nl.wikipedia.org/wiki/Hersenen

    10. Hersenen aan het werk
      Cfr. : http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i004316.html

    11. Het brein
      Cfr. :
      http://www.trezorix.nl/cultuur/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i003264.html

    12. Het perifere en het autonome zenuwstelsel
      Cfr. : http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i003647.html

    13. Neuroanatomie - CT en MR perspectief
      Prof. Dr. E. Achten, Dr. W. Bauters, Dr. D. Devos - Neuroradiologie, Universiteit Gent - Universitair Ziekenhuis Gent
      Cfr. : http://imaging.ugent.be/mr/r88_files/PDF/NA.pdf

    14. Neuroanatomy Tutorial - Labelled Images
      Cfr. : http://library.med.utah.edu/WebPath/HISTHTML/NEURANAT/NEURANCA.html

    15. Neurofilosofie - Hersenen, bewustzijn, vrije wil
      Johan A. den Boer - Uitg. Boom, Amsterdam - ISBN : 90 5352 8997
      Cfr. : http://home.tiscali.nl/sttdc/jrg11_nr1_p5861.htm

    16. Neuronavigatie
      Cfr. : http://www.nvvn.org/voorlichting/NAV_neuronavigatie.html

    15-01-2008 om 15:19 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Heeft Bedrijfsarts de beslissende stem ?
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  









    Heeft de bedrijfsarts
    de beslissende stem ?

    24-11-2007
    (laatste wijziging : 14-01-2008)



    Vraag :

    Door een psycholoog is vastgesteld dat ik overspannen ben en op weg naar een burnout.
    Ik zit vanaf halverwege augustus in de ziektewet.
    Ondertussen heb ik wel geprobeerd om het werk op te pakken met een paar terugvallen omdat ik niet de juiste begeleiding had.

    Nu is de sitatie als volgt: ik werk bij een grote financiŽle instelling en in de CAO staat dat het bedrijf het loon het eerste jaar doorbetaald bij ziekte.
    De bedrijfsarts ontkent dat ik overspannen ben.
    Hij kan me ook niet duidelijk maken waar hij dan wel aan denkt waardoor ik me zo beroerd voel.
    Door de psycholoog is vastgesteld dat ik overspannen ben, ook door mijn huisarts.

    Kan de bedrijfsarts mij korten op mijn loondoorbetaling als deze van mening is dat ik wel in staat ben om te werken ondanks de duidelijke diagnose van de psycholoog ?

    Ik hoop dat je me verder kunt helpen, want deze kwestie is niet bevorderlijk voor mijn herstel, bovendien heb ik net in mijn eentje een huis gekocht, dus dat zou voor mij consequenties hebben.


    Antwoord
    :

    Nee, de bedrijfsarts kan u niet korten op de loondoorbetaling.
    Maar hij geeft wel een belangrijk advies aan de werkgever over de vraag of u kunt werken of niet.
    Als de bedrijfsarts van mening is dat u kunt werken dan kan de werkgever van u verlangen dat u dat ook komt doen.
    Uw psycholoog heeft een diagnose gesteld, net als uw bedrijfsarts.
    Het is echter zo dat de bedrijfsarts de beslissende stem heeft in deze situatie.
    Een oordeel van een psycholoog of huisarts is daaraan ondergeschikt.
    Komt u voor maar bijvoorbeeld 20 uur werken terwijl u normaal 40 uur werkt dan mag de werkgever u korten en u alleen uitbetalen voor de gewerkte uren.
    Deze situatie zal zich niet snel voordoen.
    Op het moment dat een bedrijfsarts van mening is dat u weer kunt werken is het aan de werkgever wat hij met die informatie doet.
    Hij kan er toe besluiten u wel het loon bij ziekte door te betalen en met u afspraken te maken over re-integratie.
    Volgt de werkgever het oordeel (en dat zal hij vaak doen) dan kunt u altijd een deskundigen oordeel aanvragen bij het Uitvoeringsinstituut WerknemersVerzekeringen (UWV - cfr. : http://www.uwv.nl/ - cfr. ook : http://www.st-ab.nl/ad10f.htm -).
    Het UWV bekijkt dan voor u of u kunt werken of niet.
    De werkgever mag dan wel er toe besluiten u alleen te betalen voor de uren dat u werkt.
    Als het oordeel van het UWV binnen is dan volgt de werkgever dit advies meestal wel op.
    Bent u ongeschikt dan moet de werkgever weer betalen.
    Kunt u weer werken dan kunt u weer verder met de werkgever gaan onderhandelen over wat u nodig heeft om weer aan het werk te komen.

    Uit uw verhaal lees ik dat u steun van de werkgever mist.
    Zorg ervoor dat u en de werkgever met elkaar in gesprek blijven over wat u met elkaar kunt afspreken over wat u nodig heeft.
    Wees realistisch in uw mogelijkheden.
    Geef niet alleen aan wat u niet kan maar benadruk vooral wat u wel kunt doen.


    Cfr. : http://www.burnin.nl/?id=lgc_vgv_ver#fp_3777

     

    15-01-2008 om 13:32 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mijn chronische Pijn : wat een lastig kind ! - De nood en het nut van gespreksgroepen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  






























    Chronische Pijn Vereniging 't lichtpuntje

    Tel. : 014 67 13 47 Ė E-mail : bk330337@skynet.be
    Website :
    http://www.tlichtpuntje.be/
    - Lidgeld : Ä10 per jaar -

    organiseert
    een thema-avond

    over

     Mijn chronische Pijn : wat een lastig kind !
    De nood en het nut van gespreksgroepen

    door

    Jef Appels
    Psychotherapeut en lid van onze Raad van bestuur van 't lichtpuntje

    op
     19 januari 2007
    - van 13u30 tot 17u30 -
     
    in

    Ontmoetingscentrum
    Stationstraat 60-62
    2300 Turnhout

    Inkom
    Ä5 (leden gratis)
     

    Iedereen met chronische pijn en levensgezel is welkom
    Er zijn rolstoelen, ligzetels en kussens voorzien
    - Dit alles samen met mantelzorger -



    15-01-2008 om 00:26 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    14-01-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten - Deel I
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

















    Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten

    Deel I

    Antwoorden zoeken op vragen als :

    - Wat zijn precies de symptomen ?
    - Op welke momenten en manieren heb ik er het meeste last van ?
    - Wat maakt ze erger of minder erg ?
    - Wat mis ik erdoor in mijn leven ?
    - Hoe kan ik datgene wat ik het meeste mis terugkrijgen of goed compenseren ?
    - Hoe kan ik mijn leven toch leuk maken, ondanks dat ik ziek ben ?
    - Hoe zorg ik ervoor dat ik niet almaar met mijn ziekte bezig ben ?



    Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten

    Margreet Vermeulen - © De Volkskrant, 09-01-2008


    VU Medisch Centrum en Stichting Buitenamstel Geestgronden openen deze zomer een polikliniek voor patiŽnten met onbegrepen lichamelijke klachten.
    Het is de eerste kliniek waar mensen ook voor niet-neurologische onverklaarbare klachten terechtkunnen.


    Half miljoen Nederlanders met onbegrepen klachten

    Er zijn naar schatting een half miljoen Nederlanders met lichamelijke klachten waarvoor artsen geen verklaring kunnen vinden.
    Ze kunnen bijna nergens terecht.
    Alleen het AMC heeft sinds 2005 een polikliniek voor mensen met onverklaarbare neurologische klachten zoals verlammingsverschijnselen, hoofdpijn, tintelingen in armen en benen.

    Het loopt er storm, vertelt hoogleraar neurologie Rien Vermeulen.
    Hij heeft zelfs eigenlijk liever niet dat de krant over zijn polikliniek schrijft omdat hij ook zonder reclame de Ďenorme patiŽntenstroomí niet aankan.
    Een nieuwe soortgelijke kliniek is dan ook Ďzeer welkomí, aldus Vermeulen.
    Onbegrepen klachten zijn volgens hem een Ďzeer verwaarloosd terreiní in de reguliere zorg.


    'Een ziekte is zelden 100 procent psychisch'

    In de nieuwe kliniek zullen psychologen, psychiaters en medisch specialisten zo veel mogelijk samen naar de patiŽnt kijken.
    ĎEen ziekte is zelden honderd procent psychisch of honderd procent fysiekí, benadrukt Aartjan Beekman, hoogleraar psychiatrie en lid van de raad van bestuur van Stichting Buitenamstel Geestgronden : ĎWe hebben een veel te kunstmatige splitsing in medische specialismen doorgevoerd. Dat doen we in Nederland niet goed.í

    Beekman wil rustig beginnen met honderd nieuwe patiŽnten per jaar.
    Maar ook hij verwacht een Ďenorme patiŽntenstroomí, gezien het grote aantal mensen met onbegrepen aandoeningen zoals het vermoeidheidssyndroom ME/CVS of fibromyalgie.
    Er wordt nog onderhandeld met de verzekeraars over de financiering van de kliniek.
    Maar Beekman verwacht geen problemen : ĎDeze patiŽnten shoppen nu van specialist naar specialist, zoals dat oneerbiedig heet. Dat is waarschijnlijk veel duurder.í


    Meer aandacht voor psychiatrie

    De nieuwe kliniek past in het streven van Stichting Buitenamstel Geestgronden om de aparte positie van de psychiatrie in de gezondheidszorg op te heffen.
    ĎWij worden als instellingen voor geestelijke gezondheidszorg op termijn onderdeel van de VUí, aldus Beekman : ĎDat moet ook, want we ontdekken steeds vaker dat lichamelijke en psychische aandoeningen door dezelfde onderliggende mechanismen worden veroorzaakt. Daardoor ontwikkelen mensen met aderverkalking vaak ook een depressie, bijvoorbeeld. Daar willen we meer onderzoek naar doen.í

    De kliniek voor onbegrepen klachten van het AMC kan nog niet zeggen hoe succesvol men is.
    ĎDaar doen we nog onderzoek naar. Maar voor mensen die nog niet zo lang met hun klachten rondlopen, zijn de vooruitzichten goedí, aldus Rien Vermeulen.

    Volgens hem interpreteren veel patiŽnten vage klachten als een signaal dat ze ziek zijn.
    Maar dat is niet altijd het geval : ĎWe leren mensen erop te vertrouwen dat die symptomen in hun geval niet op een ziekte duiden. Iemand die veel steken voelt in de hartstreek kun je onder begeleiding laten hardlopen. Als hij daartoe in staat is en geen pijn op de borst krijgt, dan durft hij eindelijk te geloven dat het geen ziekte is.í


    Cfr. : http://www.hartenziel.nl/artikel/vu_opent_kliniek_voor_vage_klachten/
    Cfr. ook : http://www.vumc.nl/zorg/nieuws/654332/
    en :
    - http://frontpage.fok.nl/nieuws/86412

    - http://gezondheid.blog.nl/psychische_aandoeningen/2008/01/10/vu-opent-polikliniek-voor-vage-klachten

    - http://ippekrites.web-log.nl/blog/2008/01/vu_opent_poli_v.html

    - http://nl.truveo.com/RTL-Nieuws-VUMC-opent-kliniek-voor-vage-klachten/id/2593848383

    - http://www.ad.nl/diagnose/article1951408.ece?nscategory=zoekResultaat

    - http://www.bijzijn.nl/content/html/237.asp?nb_id=8122

    - http://www.depers.nl/binnenland/159757/Kliniek-voor-vage-klachten.html

    - http://www.gelderlander.nl/gezondheid/2435453/Polikliniek-vage-klachten-bij-VU.ece

    - http://www.healthdirect.nl/view.cfm?template=nieuws&id=3137&website_id=92

    - http://www.intermediairforward.nl/artikel.jsp?id=1149734&rubriek=210769

    - http://www.mecvs.net/module-ME_CVS_docs-viewpub-tid-1-pid-292.html

    - http://www.nrc.nl/binnenland/article886439.ece/Polikliniek_vage_klachten_bij_VU

    - http://www.nrcnext.nl/nieuws/nederland/article886438.ece

    - http://www.nu.nl/news/1383854/10/Polikliniek_vage_klachten_bij_VU.html

    - http://www.nursing.nl/nieuws/id109-45912/polikliniek_vage_klachten_bij_vu.html

    - http://www.nursing.nl/home/id109-45912/polikliniek_vage_klachten_bij_vu.html

    - http://www.parool.nl/nieuws/2008/JAN/09/ams7.html

    - http://www.rtl.nl/(/actueel/rtlnieuws/binnenland/articleview/)/components/actueel/rtlnieuws/2008/01_januari/09/
    binnenland/0109_0745_vu_vage_klachten.xml

    - http://www.telegraaf.nl/binnenland/2980321/_VU_opent_vage_klachten_poli__.html?cid=rss

    - http://www.telegraaf.nl/binnenland/2980321/_VU_opent_vage_klachten_poli__.html?p=26,2

    - http://www.tiscali.nl/content/article/nbinn/polikliniek_vage_klachten_bij_vu/460494.htm

    - http://www.trosradar.nl/index.php?id=nieuwsbericht&tx_ttnews%5Btt_news%5D=15749

    - http://www.vetvrij.com/polikliniek-voor-vage-klachten.html

    - http://www.volkskrant.nl/binnenland/article493064.ece/VU_opent_kliniek_voor_vage_klachten

    - http://www.volkskrant.nl/binnenland/article493064.ece/VU_opent_kliniek_voor_vage_klachten?source=rss

    - http://www.wereldomroep.nl/news/domestic/5592164/Kliniek-voor-vage-klachten-bij-VU


    Vage klachten

    CiNNeR, 09-01-2008


    VU Medisch Centrum en Stichting Buitenamstel Geestgronden openen deze zomer een polikliniek voor patiŽnten met onbegrepen lichamelijke klachten.
    Het is de eerste kliniek waar mensen ook voor niet-neurologische onverklaarbare klachten terecht kunnen.

    Het is tevens de bedoeling dat deze kliniek de scheiding tussen geestelijke en fysieke gezondheidszorg gaat opheffen : ďÖ we ontdekken steeds vaker dat lichamelijke en psychische aandoeningen door dezelfde onderliggende mechanismen worden veroorzaakt. Daardoor ontwikkelen mensen met aderverkalking vaak ook een depressie, bijvoorbeeld. Daar willen we meer onderzoek naar doen.Ē.

    Op zich is dat heel goed nieuws denk ik.
    Alleen jammer dat de krant kopt ĎVU opent kliniek voor vage klachtenĎ.
    De klachten zijn voor de patient immers geheel zo vaag niet, het zijn onbegrepen of (vooralsnog) onverklaarde klachten.
    Ook jammer vind ik de laatste alinea :

    ĎVolgens hem interpreteren veel patiŽnten vage klachten als een signaal dat ze ziek zijn. Maar dat is niet altijd het geval. ĎWe leren mensen erop te vertrouwen dat die symptomen in hun geval niet op een ziekte duiden. Iemand die veel steken voelt in de hartstreek kun je onder begeleiding laten hardlopen. Als hij daartoe in staat is en geen pijn op de borst krijgt, dan durft hij eindelijk te geloven dat het geen ziekte is.í

    Jammer omdat het de indruk geeft dat het doel moet zijn patienten te laten geloven dat zij niets mankeren.
    Wat in het voorbeeld wellicht aardig uitpakt maar iemand die ME heeft - op het nieuws onmiddelijk de eerste aandoening die met de kliniek geassocieerd wordt - wijsmaken dat diegene Ďnietsí mankeert, raakt kant nog wal.
    Dan moet het zijn dat het niet verklaarbaar is, niet dat het scala aan symptomen en daaruit voortvloeiende beperkingen ínietsí is.

    Het haalt een probleem boven waar de kliniek mogelijk ook iets aan zou kunnen verhelpen : het feit dat medici een andere woordkeus gebruiken dan de patient waar alleen maar misverstanden uit voort kunnen komen.
    Zoals het gebruik van de woorden Ďu mankeert nietsí, waar de arts bedoeld dat je er niet dood aan zal gaan maar de patient heel veel beperkingen ervaart en vanzelfsprekend niet wil horen dat dat Ďnietsí is.
    Ook met het woord Ďgenezingí wil het vaak misgaan.
    Ik werd ooit als genezen bestempeld na een afgeronde therapie.
    De arts gebruikte het woord genezing omdat het gestelde doel van die specifieke therapie gehaald was, ik was flabbergasted omdat ik nog een scala aan rariteiten over had en me niet genezen kon voelen.

    Maar als ik het krantenartikel zo lees en de nieuwsberichten zo hoor, blijft dat laatste probleem nog wel even bestaan...


    C
    fr. : http://www.cinner.com/2008/01/09/vage-klachten/


    PatiŽnten op zoek naar erkenning
    Vage klachten

    Helma Erkelens - Triakel, nr. 2, 29-04-2005


    Een concrete lichamelijke klacht als pijn laat zich lang niet altijd vertalen in een heldere diagnose.
    Wanneer alle mogelijkheden zijn onderzocht en er is niets gevonden, wordt vaak geconcludeerd dat het ďdan wel tussen de oren zal zittenĒ.
    Voor veel patiŽnten een reden om zich miskend te voelen.
    ďIn onze samenleving kennen we een hiŽrarchie in medische klachtenĒ, aldus hoogleraar Huisartsengeneeskunde Klaas van der Meer : ďLichamelijke klachten hebben meer status dan psychische problemen.Ē

    ďDe politiek heeft weinig compassie en geduld met mensen die zich om psychische klachten ziekmelden of arbeidsongeschikt raken en dat blijkt uit het overheidsbeleid van de laatste jarenĒ, vindt Van der Meer, die in het verleden onderzoek deed naar psychische klachten in de huisartsenpraktijk.
    Ook is het ťťn van de onderzoekslijnen bij Huisartsengeneeskunde : ďAlles is gericht op de idee dat mensen productief moeten zijn en dus zo snel mogelijk weer aan het werk dienen te gaan. Als geestelijke problemen chronisch worden, en die kans is groot, wordt er maar al te graag het stempel Ďaanstellerijí, Ďgezeurí of Ďmisbruik van de ziektewetí op gedrukt. Voor daadwerkelijke hulp hebben we weinig over : de meeste zorgverzekeraars vergoeden slechts acht tot negen sessies psychotherapie.Ē
    Het is daarom niet zo vreemd dat mensen psychische problemen onbewust verbergen achter een lichamelijke klacht : ďDie is wel degelijk reŽel, omdat de patiŽnt bijvoorbeeld pijn ervaart. Toch valt de klacht vaak in de categorie Ďvaagí, wat wil zeggen dat het stellen van een diagnose moeilijk is. Maar daarom moet je het probleem waarmee de patiŽnt komt, nog wel serieus nemen.Ē


    Levensverhaal

    Tien procent van de patiŽnten die op het spreekuur van de huisarts komt, heeft zoín vage klacht, bv. hoofdpijn, vermoeidheid of een slaapprobleem.
    Van der Meer : ďAls dokter heb je geleerd naar een lichamelijke verklaring te zoeken, maar je probeert de klacht ook te duiden binnen de context van het levensverhaal en de ziektegeschiedenis van de patiŽnt. Je vraagt je af of er een lijn is te ontdekken in de klachten waar deze patiŽnt mee komt. Natuurlijk, als het nodig is verwijs je door naar de medisch specialist, maar bij vage klachten vindt die geen antwoord en je weet ook : veel klachten gaan vaak vanzelf weer over, zonder medische interventie.Ē

    Maar de patiŽnt wil erkenning voor zijn probleem en blijft zoeken naar een somatische oorzaak die zijn ziekte legitimeert, met als risico dat hij in een cirkel van chronisch klagen terecht komt : ďDe klachten kunnen verschuiven of blijven dezelfde. De patiŽnt gaat van de ene naar de andere medisch specialist en steeds wordt er niets gevonden. En steeds komt hij terug bij de huisarts, die als enige hulpverlener overblijft. Genezing kan de huisarts in zoín stadium niet bieden, wel begeleiding en dat is een belangrijk aspect van het vak dat je niet moet vergeten. Inderdaad, soms treden er vermoeidheid en ergernis op als mevrouw X of meneer Y voor de zoveelste keer die maand in de wachtkamer zit. Dan moet je je moet je realiseren dat mensen soms leven bij de gratie van hun klacht en dat dit een rol kan spelen in het contact met de huisarts. Op het spreekuur blijft de focus maar op die klacht liggen, terwijl er ook ontwikkelingen in iemands leven kunnen zijn waardoor de klacht minder centraal staat. Afscheid nemen kan soms heilzaam zijn, doordat het het klachtenpatroon doorbreekt.Ē


    Hekel aan onbegrepen klachten

    PatiŽnten met lichamelijke klachten zonder duidelijke lichamelijke afwijking of depressiefangstige patiŽnten roepen vaak negatieve gevoelens op bij hulpverleners.
    Dat blijkt uit het doctoraalonderzoek van psychologiestudent Paul van Wilgen, tevens fysiotherapeut in het UMCG en reeds gepromoveerd op fysieke en psychische klachten bij patiŽnten met kanker in het hoofd-halsgebied.

    In het kader van het onderzoek kregen psychologen, fysiotherapeuten, medisch specialisten en een controlegroep (studenten) een aantal videofragmenten te zien van patiŽnten met een veelvoorkomende klacht: hoofdpijn.
    Na elk fragment werd een vragenlijst voorgelegd en konden de hulpverleners hun oordeel geven over de patiŽnten.
    ďBinnen enkele minuten hadden velen al het gevoel: daar heb je weer zoín zeur. De patiŽnt past niet in het plaatje en als hulpverlener weet je al snel dat het moeilijk is deze patiŽnt iets te bieden. Dat is frustrerend. Het doel van mijn onderzoek is dat hulpverleners dit gevoel tijdig herkennen en zich realiseren dat negatieve gevoelens niet alleen veroorzaakt worden door de patiŽnt en zeker niet bevorderlijk zijn voor de communicatieĒ, aldus Van Wilgen.

    In zijn contact met patiŽnten kent hij die negatieve gevoelens zelf ook.
    ďJe moet leren hoe je jezelf kunt terugfluitenĒ, zegt hij. ďDe essentie is dat je de patiŽnt niet ziet als medisch probleem, maar als mens in een context. Een benadering die vergelijkbaar is met die van de huisarts. Als fysiotherapeut ó ik neem maar even het voorbeeld van mijn eigen vakgebied ó zie je normaal slechts een stukje van de medisch-somatische puzzel.
    Wanneer je echter een patiŽnt uitgebreider spreekt, ontdek je vaak dat pijn een relatie heeft met andere oorzaken, gedachten, emoties, de manier waarop het leven ervaren wordt. Wil je de patiŽnt helpen, dan moet je ook hier aandacht aan besteden.
    Ē


    Ken je patiŽnt

    ďWe staan voor een periode waarin het aspect begeleiding steeds belangrijker wordtĒ, stelt Van der Meer vast.
    Er komen steeds meer oude mensen en daarmee stijgt het aantal chronisch zieken.
    En naarmate de maatschappij hogere eisen stelt aan mensen, neemt het aantal vage klachten toe.
    De medische mogelijkheden worden groter maar de specialistische kaders worden steeds nauwer : ďEr is een grote behoefte aan integrale geneeskunde, aan een dokter die zaken op het gebied van lichaam, geest en levensloop samen kan brengen.Ē
    Daarom is hij tegen nieuwe ontwikkelingen zoals internetconsulten : ďAls je de patiŽnt niet kent, kun je niet behandelen. Als mensen met vage klachten via internet geneesmiddelen krijgen voorgeschreven, zullen ze meer en meer medicaliseren en worden ze steeds afhankelijker van dokters. Met het gevaar dat mensen hun klacht wůrden. Dit moet je proberen te voorkomen door bij vage klachten begeleiding te bieden. Die kan de huisarts bieden of ó wanneer tijdelijk doelgericht ergens naar toe gewerkt wordt - een sociaal psychiatrisch verpleegkundige die in de huisartsenpraktijk werkt of een psycholoog. Maar de huisarts blijft de centrale hulpverlener.Ē


    Cfr. : http://www.umcg.nl/cms/store/pdf/vageklachten.pdf



    Cfr. ook :

    1. Aanpak van lichamelijke onverklaarde klachten en somatisatie
      © STECR, november 2006
      Inhoudsopgave
      1. - Inleiding en leeswijzer
      2. - Begripsbepaling
      3. - Aanpak op het spreekuur
      3.1 Inleiding en werkmodel
      3.2 Uitleg en hulpmiddelen bij het werkmodel
      3.3 Rolverdeling tussen bedrijfsarts en arboverpleegkundige
      3.4 Samenwerking met de huisarts
      3.5 Begeleiding in de tweedelijns (arbo-)zorg
      3.6 LOK en somatisatie in relatie tot arbeids(on-)geschiktheid
      3.7 Aanpak LOK in relatie tot culturele factoren
      3.8 Aanpak van somatisatie naar werkfactoren
      4. - Somatisatie en de rol van de werkgever
      4.1 Somatisatie zonder ziekmelding
      4.2 Somatisatie met ziekmelding
      4.3 HRM-beleid
      5. - Toolbox
      5.1 4-DKL
      5.2 Screener op depressie en angststoornis
      5.3 Klachtendagboek
      5.4 Verbreding agenda: werkstijl en persoonlijkheid
      5.5 Het gevolgenmodel
      5.6 Gedragsregels
      5.7 Graded activity
      5.8 Adviezen voor gespreksvoering door werkgever
      6. - Achtergrondstudie
      6.1 LOK in breder perspectief
      6.1.1. Epidemiologie
      6.1.2. Biopsychosociaal paradigma
      6.1.3. Etiologie en pathofysiologie
      6.1.4. Somatiek en somatisatie
      6.2 Functionele syndromen
      6.2.1. Chronisch vermoeidheidssyndroom
      6.2.2. Whiplash
      6.2.3. Fibromyalgie
      6.3 Somatoforme stoornissen
      6.3.1. Somatisatiestoornis
      6.3.2. Hypochondrie
      6.3.3. Pijnstoornis
      6.4 Procescontingente begeleiding
      7. - Aanbevelingen
      8. - Essentie en verantwoording
      9. - Literatuur
      10. - Bijlagen
      A. - Criteria somatoforme stoornissen volgens DSM-IV
      B. - Beschrijving vierdimensionale klachtenlijst (4-DKL)
      Cfr. : http://www.stecr.nl/download/Werkwijzer_somatisatie_definitief.pdf

    2. Acupunctuur, fysiotherapie, natuurgeneskunde, osteopathie, ...
      Cfr. :
      - http://electrosmog.paraimservices.com/
      - http://www.aandelaan.nl/pages/sitepage.asp?articleid=3372:3376&token=
      - http://www.acupunctuurgoedhart.nl/test1.swf
      - http://www.acu-putten.nl/product_1.html
      - http://www.acupunctuur-vanbrero.nl/
      - http://www.basnetwerk.nl/bastemeijer/articles.php
      - http://www.depraktijk-heemstede.nl/site/therapieen
      - http://www.fitplein.nl/klanten/vitaliteitcoach/indeenpopup.php
      - http://www.hlct.nl/
      - http://www.makkink.nl/index.php
      - http://www.mbtn.nl/hengelo/jan2002.htm
      - http://www.osteopathie.nu/osteopathie.htm
      - http://www.praktijkmossink.nl/?page=perla-treatment
      - http://www.praktijkvanas.nl/praktijk.htm
      - http://www.zonnevlecht.org/natuurgeneeskunde.html

    3. AMC helpt patiŽnten met vage klachten
      Josť van der Sman - Elsevier.nl, Gezondheid & Gezin, 18-03-06 - © Elsevier
      Artsen moeten patiŽnten met onverklaarbare ziektesymptomen niet wegsturen, maar juist helpen om met hun kwaal te leren leven.
      Jarenlang zwerven ze van dokter naar dokter en van onderzoek naar onderzoek zonder te krijgen waar ze zo naar verlangen.
      Een diagnose, een verklaring voor hun ziektesymptomen : hoofdpijn, spierpijn, buikpijn, diarree, extreme vermoeidheid, uitputting.
      Soms weet een dokter een stempel te drukken op hun fysieke klachten en vertelt hun dat ze lijden aan bijvoorbeeld het chronischevermoeidheidssyndroom, het prikkelbare-darmsyndroom of fibromyalgie.
      Maar daar schieten ze nog niets mee op, want deze ziekten zijn omstreden in de medisch-wetenschappelijke wereld, worden lang niet door iedere arts erkend.
      Gezeur
      Veel medici denken diep in hun hart dat het allemaal gezeur, aanstellerij of inbeelding is.
      Ze handelen daar ook naar en sturen deze patiŽnten weg met de boodschap : we kunnen niks vinden en we kunnen niks doen.
      Waarop de patiŽnt nog bozer, verdrietiger en wanhopiger naar weer een volgende arts gaat, in de hoop er ooit een te treffen die zijn of haar misŤre wťl serieus neemt.
      Zoín arts is hoogleraar neurologie Rien Vermeulen, die samen met psycholoog Els van der Linden bezig is in het Academisch Medische Centrum in Amsterdam een centrum voor onbegrepen ziekten op te zetten.
      Vermeulen en Van der Linden zijn ervan overtuigd dat patiŽnten met '
      functionele klachtení, zoals de verzameling onverklaarbare symptomen nu in de medische wereld wordt genoemd, serieus moeten worden genomen en geholpen.
      Begrip
      Niet dat zij al deze patiŽnten blindelings geloven, want natuurlijk zijn er enkelen die hun symptomen fingeren of overdrijven om er op de een of andere manier '
      ziektewinstí mee te boeken.
      Noch kunnen zij veel begrip opbrengen voor het fanatisme waarmee sommige patiŽnten en hun belangenbehartigers wetenschappelijk ongefundeerde verklaringen voor hun ziektebeeld als de absolute waarheid verkondigen en daarmee eigenlijk alleen maar bevestigen wat velen toch al denken : deze mensen zijn niet lichamelijk ziek, maar geestelijk.
      Het probleem zit tussen hun oren.
      Maar los van deze types zijn er volgens Vermeulen en Van der Linden wel degelijk veel patiŽnten met functionele klachten die ernstig lijden onder hun symptomen en daarom de hulp van medici verdienen.
      Die medici hebben helaas niet veel te bieden in de zin van een goede verklaring voor hun klachten, een heldere diagnose en een remedie.
      Maar dat geldt voor meer kwalen, die onomstreden zijn omdat de medische wereld nu eenmaal heeft afgesproken dat ze bestŠŠn en serieus moeten worden genomen.
      Zoals de ziekte van Parkinson, migraine en multiple sclerose.
      Het zijn ziekten waarvan de oorzaak nog grotendeels onduidelijk is, de klachten moeilijk aantoonbaar zijn met lichamelijk onderzoek en de diagnose dus grotendeels is gebaseerd op wat de patiŽnt zelf aangeeft te mankeren.
      Kordate aanpak
      Wat kunnen medici dan wel bieden ?
      Volgens Vermeulen en Van der Linden een kordatere aanpak.
      Deze patiŽnten komen in eerste instantie bij de huisarts terecht, die de nodige medische onderzoeken zal laten doen.
      Als die geen verklaring opleveren, worden zij doorgestuurd naar een specialist.
      Welke dat is hangt af van de belangrijkste symptomen, maar vaak zal het een internist of neuroloog zijn.
      Vermeulen en Van der Linden willen dat er meer overleg komt tussen de huisarts en de specialist, zodat die laatste niet weer van voren af aan begint, maar al weet dat het waarschijnlijk om functionele klachten gaat.
      Deze specialist moet de patiŽnt niet meer naar andere specialisten doorsturen met de mededeling '
      ik kan niets voor u doení Ė een van de redenen waarom deze patiŽnten jarenlang in het medische circuit ronddolen zonder dat iemand de verantwoordelijkheid voor een behandeling op zich neemt Ė maar hem of haar onder zijn hoede houden.
      Verder leven
      Als na grondig onderzoek niet iets wordt gevonden wat de symptomen verklaart en dus ook geen remedie kan worden aangeboden, moet de behandelend arts de patiŽnt helpen zo goed mogelijk verder te leven met zijn ziektesymptomen.
      Dat is niets bijzonders, benadrukt Rien Vermeulen.
      KankerpatiŽnten, reumapatiŽnten, multiple-sclerosepatiŽnten en chronische-pijn-patiŽnten moeten allemaal leren om '
      optimaal gebruik te maken van hun restcapaciteití, zoals dat in medisch jargon heet.
      Hoe doe je dat ?
      In de eerste plaats door jezelf en je ziekte goed te leren kennen, zegt Els van der Linden.
      Daarbij kan een cognitieve therapie nuttig zijn.
      PatiŽnt en therapeut kunnen dan antwoorden zoeken op vragen als : wat zijn precies de symptomen ?
      Op welke momenten en manieren heb ik er het meeste last van ?
      Wat maakt ze erger of minder erg ?
      Wat mis ik erdoor in mijn leven ?
      Hoe kan ik datgene wat ik het meeste mis terugkrijgen of goed compenseren ?
      Hoe kan ik mijn leven toch leuk maken, ondanks dat ik ziek ben ?
      Hoe zorg ik ervoor dat ik niet almaar met mijn ziekte bezig ben ?
      Van der Linden benadrukt dat zoín therapie niet betekent dat de lichamelijke problemen waarmee de patiŽnt kampt, '
      psychischí zijn.
      '
      Dat woord wil ik niet meer horen,í zegt de psycholoog. 'De klachten bestaan, punt uit. De kunst is om desondanks een goed leven te leiden.í
      Cfr. : http://www.elsevier.nl/lifestyle/gezondheid_en_gezin/gezondheid/artikel/asp/artnr/187329/
      index.html

    4. Als oplossen een probleem is
      Iedereen wordt al eens blootgesteld aan oplosmiddelen of solventen : we tanken onze auto vol met benzine, verven een deur, lijmen scherven weer aan elkaar.
      Oplosmiddelen zijn vluchtige (= makkelijk verdampende) stoffen waarin andere stoffen oplossen.
      Voorbeelden van oplosmiddelen zijn white spirit, thinner, tolueen, xyleen, ether en aceton.
      Deze oplosmiddelen verdampen en worden door de mens ingeademd.
      Oplosmiddelen zijn ook vetoplossend en kunnen aldus doorheen de huid dringen en op die manier een effect op de mens hebben.
      Occasionele blootstelling aan solventen leidt niet tot een ziekte.
      Maar personen die tientallen jaren langdurig blootgesteld zijn aan oplosmiddelen kunnen wel ziek worden.
      Denk maar aan beroepen als schilders, pistoolschilders, ketel- en tankreinigers, vloerenleggers en tapijtlijmers, werknemers in drukkerijen, garages, schrijnwerkerijen, metaalverwerkende en chemische nijverheid.
      Sommige van deze mensen worden ziek en krijgen OPS.
      Wat is OPS ?
      OPS staat voor Organisch Psychosyndroom door Solventen.
      Organisch wijst er in dit geval op dat het hier gaat om organische oplosmiddelen.
      Psycho duidt op mentale of gedragsstoornissen.
      En solventen zijn oplosmiddelen.
      OPS wordt soms ook de ď
      schildersziekteĒ genoemd.
      De evolutie naar een echte OPS verloopt geleidelijk.
      Bovendien zijn de ziekteverschijnselen niet specifiek.
      Een gelijkaardig slecht functioneren van de hersenen kan ook aan andere oorzaken te wijten zijn.
      Het is niet evident de diagnose '
      OPS' te stellen.
      Het gaat in de eerste plaats om eerder weinig concrete en subjectieve symptomen en klachten, die niet altijd gemakkelijk te diagnosticeren zijn.
      Ziekteverschijnselen
      Er wordt een onderscheid gemaakt in de stadia.
      Iemand met het OPS type 1 vertoont meestal vage klachten zoals hoofdpijn, vermoeidheid, concentratie-stoornissen, prikkelbaarheid, maar ook misselijkheid en hartkloppingen.
      Deze klachten zijn slechts tijdelijk en verdwijnen meestal vrij snel na het stoppen van de blootstelling.
      Heel wat werknemers die deze klachten vertonen, zoeken spontaan ander werk.
      Regelmatige en langdurige blootstelling, zelfs aan relatief lage dosissen solventen, kan blijvende schade aan het zenuwstelsel veroorzaken en leiden tot het OPS type 2 en 3.
      De vage klachten worden duidelijker, er ontstaan stemmingsveranderingen, de aandacht en het geheugen gaan achteruit en er treden concentratieproblemen op.
      In laatste instantie kan men dement worden.
      Mensen die aan het OPS lijden zijn vaak verward, kunnen zich slecht oriŽnteren in ruimte en tijd en hebben moeite met concentratie en samenwerking.
      In deze fase is volledig herstel niet meer mogelijk .../...
      Cfr. : http://www.euronorm.net/content/getfile.php?public=true&fileID=1094729847-51cc08e4-0001-571718017c2fe42e3a1ab2f50ed4d0a0

    5. Burn out - Wat is een burn out ?
      © Jobs & Careers CV 2008
      Het begrip burn out is een containerbegrip voor verschillende ervaringen.
      Burn out manifesteert zich in een reeks vage klachten.
      De ene persoon ervaart een burn out als complete lusteloosheid en uitputting, de andere heeft last van overdreven emotionaliteit en depressieve gedachten.
      Belangrijk is het tijdig herkennen van de oppervlakkige symptomen en vage klachten waardoor je alsnog op tijd kan ingrijpen .../...
      Cfr. : http://www.vacature.com/art1479

    6. Chlamydia
      Durex Ė Bron : Soa Aids Nederland : www.soaaids.nl
      Wat is het ?
      Chlamydia wordt veroorzaakt door een bacterie, die zich nestelt in de slijmvliezen van de geslachtsdelen.
      Zowel voor mannen als voor vrouwen geldt dat een onbehandelde chlamydia-infectie besmettelijk is en je de ziekte ongemerkt kunt doorgeven.
      Het is daarom belangrijk dat de partner(s) waarmee je onveilig hebt gevreeŽn, zich laten onderzoeken en eventueel behandelen.
      Chlamydia is eenvoudig te genezen, als je er op tijd bij bent.
      Chlamydia kan een ontsteking veroorzaken van de urinebuis, van de anus en bij vrouwen ook van de baarmoedermond.
      Als vrouw merk je vaak niets van een chlamydia-infectie.
      Er zijn dan helemaal geen of alleen vage klachten.
      Daardoor kan het gebeuren dat je lang blijft doorlopen met een chlamydia-infectie, soms wel jaren.
      Ondertussen kun je de ziekte ongemerkt doorgeven.
      Bij mannen zijn de klachten vaak duidelijker.
      Klachten en gevolgen bij vrouwen
      Vrouwen merken vaak niets van een chlamydia-infectie.
      Er zijn vaak geen of alleen vage klachten.
      Daardoor kunnen ze lang blijven doorlopen met een chlamydia-infectie, soms wel jaren.
      Ondertussen kan de ziekte ongemerkt worden doorgegeven .../...
      Cfr. : http://www.durex.com/nl/safe_sex.asp?id=79&intMenuOpen=9

    7. Chronisch moe... een weg naar herstel
      Chronische vermoeidheid, fibromyalgie of een combinatie hiervan.
      Het gaat meestal om een heel scala van vage klachten en pijn.
      Cfr. : http://www.chronischmoe.nl/

    8. Coaching bij pijn, angsten, te weinig zelfvertrouwen, vage klachten, ...
      In Balans
      Je voelt dat je meer kunt, maar weet niet hoe dit te bereiken
      J
      e hebt te weinig energie, te weinig zelfvertrouwen
      Je voelt je geremd
      Je voelt je niet goed
      Je hebt angsten, lichamelijke beperkingen, pijn, depressieve gevoelens, vage klachten
      Je bent onrustig
      J
      e bent niet jezelf .../...
      Cfr. : http://www.inbalanscoaching.nl/volwassenen.html

    9. Eťn op zes patiŽnten heeft vage klachten
      Ziekenhuis.nl, 27-01-2003 Ė Bron : Medisch Vandaag
      Een arts besteedt ongeveer de helft van zijn werktijd aan patiŽnten met vage klachten.
      Vaak gaan deze klachten vanzelf over, maar bij 16 procent van de patiŽnten ontregelen de klachten het dagelijks leven behoorlijk, zo blijkt uit het onderzoek.
      Dat toont ook aan dat na een half jaar de klachten bij een deel van die 16 procent wel verdwenen zijn .../... (lees het volledige nieuwsbericht op de website van Medisch Vandaag : http://www.mednet.nl/content/html/38.asp?nb_id=1874 -).
      Cfr. : http://www.ziekenhuis.nl/index.php?cat=nieuws&nieuws=item&id=2816

    Lees verder : Deel II

    14-01-2008 om 23:23 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten - deel II
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

    Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten

    Deel II

    1. Eerste hulp bij 'onverklaarbare lichamelijke klachten' - Hoofd- en rugpijn hebben meestal geen duidelijke oorzaak
      Bart Braun - Leids universiteitsblad Mare, 11-05-2006
      Mensen die zich door of over maatschappelijke zaken niet tevreden voelen, kunnen dat op vele manieren uiten.
      Onderstaand een voorbeeld dat niet als zodanig bewezen kan worden, maar dat ongetwijfeld veel voorkomt : men ontwikkelt vage klachten.
      Dat wil niet zeggen dat alle vage klachten het gevolg zijn van maatschappelijke onvrede, maar er zijn genoeg praktische aanwijzingen om een redelijk sterk verband aannemelijk te maken.
      PatiŽnten met vage klachten drukken zwaar op de gezondheidszorg.
      Hoe moeten artsen daarmee omgaan ?
      '
      Vasthouden aan het denken in oorzaken levert weinig op.'
      '
      Hoe krijg je van iets psychisch chronische pijn ?' Yanda van Rood, klinisch psychologe aan het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), weet het niet.
      Toch kwam het volgens haar vroeger veel voor.
      Een patiŽnt komt bij de dokter met een klacht, de dokter voelt en vraagt en onderzoekt, kan geen verklaring vinden en concludeert dan dat het wel psychisch zal zijn.
      '
      Dat kun je niet concluderen op grond van het niet vinden van een lichamelijke verklaring'.
      Huisartsen krijgen nogal wat patiŽnten over de vloer bij wie geen duidelijke diagnose gesteld kan worden.
      Volgens schattingen gaat twaalf tot vijftig procent van alle consulten eraan op.
      In de medische literatuur worden er allerlei termen voor gebruikt : als er vanuit wordt gegaan dat het tussen de oren zit, spreekt men van '
      somatisatie', of 'Syndroom van Pierre Briquet'.
      De term '
      functionele syndromen' suggereert niet dat er per se een psychologische oorzaak hoeft te zijn, maar is in onbruik geraakt.
      '
      Al dit soort termen zijn enkel bedoeld om te voorkomen dat je patiŽnt denkt dat je hem gek noemt', aldus Van Rood (46).
      Het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTVG) spreekt van '
      onverklaarde lichamelijke klachten', in een aangename doorbreking van het normale met potjeslatijn en amerikanismen doorspekte medische taalgebruik.
      In een recent nummer buigen verschillende artsen, onder wie opvallend veel LUMC'ers, zich over de problematiek.
      De klachten lopen uiteen, maar vermoeidheid, spierspanningen, darmklachten, hoofdpijnen en slapeloosheid scoren hoog.
      '
      Onverklaarbare lichamelijke klachten komen veel voor, maar de meeste gaan vanzelf over, zonder dat verdere diagnostiek en behandeling nodig zijn', schrijft Roos van der Mast, psychiater en collega van Van Rood, in een NTVG-artikel over de problematiek : 'Er ontstaat een probleem als de klachten chronisch worden en de patiŽnt volhardt in zijn of haar zoektocht naar een lichamelijke oorzaak, terwijl de arts gefrustreerd raakt'.
      Een enkele huisarts raakt zelfs zo gefrustreerd dat hij van beroep verandert.
      Deze groep patiŽnten vormt een serieus probleem voor zowel de gezondheidszorg als de maatschappij.
      Vergeleken met patiŽnten waarbij wel een medische oorzaak wordt gevonden, bezoeken ze tweeŽneenhalf keer zovaak de huisarts, twee keer zo vaak een medisch specialist en worden ze zes keer zo vaak opgenomen op een ziekenhuisafdeling voor lichamelijke klachten.
      Het zijn vaker vrouwen dan mannen en behalve hun lichamelijke klachten hebben ze relatief vaak last van angstaanvallen of depressies.
      Vandaar dat artsen zich nog wel eens verlaagden tot psychologie van de koude grond.
      '
      En dan loopt de patiŽnt weg', aldus Van Rood : 'Dat zou ik in elk geval doen. Waarom zou ik moeten aannemen dat het door stress komt als ik geen stress ervaar ? Van leek tot professor, als het om geneeskunde gaat, denkt iedereen te veel in termen van oorzaken die moeten worden weggenomen'.
      '
      Onverklaard' is echter wat anders dan 'onverklaarbaar'.
      Het wil niet zeggen dat de verklaring er niet is, alleen dat die niet gevonden is.
      De geneeskunde past enige bescheidenheid op dit punt : maagzweren, bijvoorbeeld, werden jarenlang gezien als psychosomatische aandoening, maar bleken toch het gevolg van een bacteriŽle infectie te zijn.
      Van Rood : '
      Ook wanneer de oorzaak niet gevonden wordt, houdt men vast aan het denken in oorzaken en dat levert weinig op.'
      Van Rood pleit voor een bredere invoering van een behandeling op basis van het zogeheten '
      gevolgenmodel', in plaats van het oorzakelijk model waarin stress als oorzaak van de klachten wordt gezien.
      Het gevolgenmodel, dat zijzelf heeft helpen ontwikkelen, gaat er vanuit dat de oorzaak onbekend is en dus ook niet behandeld kan worden.
      Het doel van de behandeling is juist het opheffen van de in stand houdende gevolgen : '
      Pijn leidt tot chronische spier spanning en dit lichamelijke gevolg van pijn kan de pijn in stand houden en herstel verhinderen. In een cognitieve gedragstherapie leert iemand de spierspanning als gevolg van de pijn te herkennen en los te laten.'
      Leidse patiŽnten met ernstige en langdurige onverklaarde lichamelijke klachten kunnen terecht bij Rivierduinen, de regio-organisatie voor geestelijke gezondheidszorg.
      '
      De eerste GGZ-instelling die het gevolgenmodel instellingsbreed heeft ingevoerd', aldus Van Rood : 'PatiŽnten met dit soort klachten lieten zich voorheen niet gemakkelijk doorverwijzen naar de geestelijke gezondheidszorg. Een behandelaanbod gebaseerd op het gevolgenmodel wordt echter door de meeste patiŽnten wel geaccepteerd.'
      Twee keer zoveel patiŽnten nemen een behandelaanbod volgens het Leidse gevolgenmodel aan dan een aanpak waarin een - vermeende - psychische oorzaak wordt aangepakt.
      Ingrid Arnold is huisarts en werkt bij de afdeling Eerstelijnsgeneeskunde van het LUMC.
      Zij bevestigt het beeld uit het NTVG-artikel : '
      Wij hebben uitgezocht dat 16 procent van de mensen die bij de huisarts komt, ernstige last heeft van onverklaarde klachten. De meeste gevallen van hoofdpijn of rugpijn hebben geen duidelijke oorzaak. Er is wel iets, rugspieren die stijf zijn bijvoorbeeld, maar een oorzaak is niet te vinden. Je kan de oorzaak van chronische rugpijn niet op een foto of scan vastleggen, wat bij hernia wel kan.'
      Hoe ga je daar als huisarts mee om ?
      '
      Het is belangrijk dat je niet zegt dat het tussen de oren zit. PatiŽnten moeten goed in beweging blijven en niet te lang ziek thuis blijven zitten, want dan nemen de klachten alleen maar toe.'
      Tachtig tot negentig procent van de mensen die bij de huisarts komen, worden daar behandeld, slechts in uitzonderlijke gevallen verwijst Arnold mensen met onverklaarde klachten door naar een medisch specialist : '
      De kans is namelijk klein dat die wťl wat vindt.'
      Als de klachten ernstig en langdurig zijn, gaan de patiŽnten door naar een psychotherapeut.
      Die behandelt patiŽnten dan volgens het gevolgenmodel.
      '
      Daar halen we in Leiden goede resultaten mee', aldus Arnold.
      Cfr. : http://www.rijnlandmodel.nl/achtergrond/sociologie/geluk_maatschappij_vage-klachten.htm

    2. Eerstelijnszorgfunctie psychosociale zorg
      De Nederlands PatiŽnten Consumenten Federatie (NPCF), (laatst bijgewerkt) 20-11-2006
      Voorwoord
      De NPCF wil dat de eerstelijnsgezondheidszorg de Ď
      ruggengraatí van onze gezondheidszorg is en blijft.
      De brochure ď
      Eerstelijnszorg vooropĒ (NPCF, november 2006 Ė cfr. : http://www.integratedcare.nl/downloads/nieuwsbrief236d.d.26november2006d.pdf -) beschrijft de weg naar geÔntegreerde eerstelijnszorg vanuit patiŽntenperspectief : vaardig, veilig, vriendelijk, vlug, vlakbij en voordelig.
      De gevraagde aanpak stelt hoge eisen aan de samenwerking tussen zorgverleners in de eerste lijn.
      Gezondheidscentra bieden volgens de NPCF de beste kansen op afstemming en continuÔteit.
      De NPCF verwacht van geÔntegreerde eerstelijnszorg verschillende functies, gericht op het beantwoorden van specifieke zorgvragen.
      De volgende eerstelijnszorgfuncties zijn tot op heden beschreven :
      preventieve zorg, generalistische medische zorg, farmaceutische zorg, beweging en mobiliteit, mondzorg, psychosociale zorg, ouder- en kindzorg, zorg aan huis.
      De beschrijvingen geven inzicht in het doel van de eerstelijnszorgfuncties en de bijbehorende verwachtingen van zorggebruikers.
      Ook de eerstelijnszorgfunctie psychosociale zorg maakt integraal deel uit van de NPCF visie op de eerstelijnszorg en kan niet los worden gezien van de tekst in de brochure.
      Introductie
      Het aantal mensen met psychische klachten (m.n. vrouwen) in de huisartsenpraktijk stijgt (RIVM en NIVEL, 2005).
      Meestal gaat het om milde niet-acute klachten die voortkomen uit persoonlijke problemen, zoals echtscheidingen, rouwverwerking en burnouts.
      De klachten als gevolg van persoonlijke problemen presenteren zich niet altijd op een eenduidige wijze, maar vertonen soms een complex patroon van somatische klachten.
      De eerstelijnszorg kan juist veel voor mensen met psychosociale klachten betekenen.
      Kernfunctie
      Mensen met psychische klachten vragen van de eerstelijnszorg erkenning van hun klachten en een zorgvuldige probleemanalyse.
      Ze verwachten advies over de beschikbare behandelingsmogelijkheden en leveren graag een actieve bijdrage aan de oplossing van hun problemen.
      Het uiteindelijke doel is om van hun psychische klachten af te komen of beter te leren omgaan met hun aandoening.
      Aanpak vanuit patiŽntenperspectief
      -
      Actieve rol voor patiŽnten in het eigen zorgproces
      Ondanks een voortdurende stijging van het aantal mensen met psychische klachten rust er nog steeds een taboe op het bespreken van deze klachten.
      PatiŽnten vragen erkenning van hun klachten in de eerste lijn en leveren als het kan graag een actieve bijdrage aan de oplossing van hun problemen.
      Bij het behandelen van mensen met psychosociale klachten staat de zorgvraag centraal.
      Psychosociale klachten presenteren zich daarbij op verschillende manieren, zoals : vage klachten, niet-gediagnosticeerde psychosociale klachten, gediagnosticeerde psychosociale klachten, latente psychosociale klachten, acute psychische problemen.
      De beantwoording van deze verschillende zorgvragen vraagt samenwerking tussen de betrokken disciplines.
      Het imago van de eerstelijns psychosociale zorg als toegankelijke, deskundige en betrouwbare eerstelijnszorgfunctie kan door samenwerking tussen de verschillende disciplines worden versterkt.
      - Aanspreekpunt bij vage klachten en latente psychosociale problemen
      Vanwege de contacten met de patiŽntenpopulatie tijdens de overige werkzaamheden kunnen huisartsen latente psychosociale klachten in een vroegtijdig stadium opsporen.
      De huisarts is het eerste aanspreekpunt voor mensen met vage klachten.
      Vanwege het samenspel tussen lichaam en geest, zou de huisarts daarbij extra alert moeten zijn op een psychosomatische oorsprong van deze klachten.
      Vanuit een brede geneeskundige blik is de huisarts in staat om onderscheid te maken tussen klachten met en zonder psychosociale oorsprong.
      Het nader duiden en verduidelijken van psychosociale problemen vraagt vaak veel tijd en specifieke kennis en vaardigheden.
      Soms ontbreekt het huisartsen aan de benodigde kennis en is de tijdsduur van een regulier huisartsenconsult te kort om de zorgvraag goed scherp te krijgen.
      - Niet-gediagnosticeerde psychosociale klachten
      Bij een vermoeden van een psychosociale oorsprong van de klachten is de eerstelijnszorgfunctie psychosociale zorg een toegankelijk en deskundig zorggebied voor het verder verhelderen van de zorgvraag.
      Sociaal psychiatrisch verpleegkundigen (SPV-ers) beschikken over de hiervoor benodigde kennis en vaardigheden.
      Huisartsen kunnen mensen met veronderstelde psychosociale problemen verwijzen naar de SPV-er voor verdere vraagverheldering.
      In een aantal gesprekken krijgen SPV-ers inzicht in de aard van de psychosociale klachten.
      De gesprekken ter verduidelijking van de vraag bieden mensen met psychosociale klachten soms zelfs al voldoende aanknopingspunten om de problemen zelfstandig op te lossen.
      SPV-ers kunnen daarnaas
      t verschillende (combinaties van) behandelmogelijkheden met hun cliŽnt bespreken, zoals : psychische begeleiding door eerstelijnspsychologen, ondersteuning vanuit het Maatschappelijk werk, doorverwijzing naar psychotherapie of psychiatrie bij ernstige psychische problemen, het gebruik van medicijnen, bewegingstherapie, ondersteuning door zelfhulpgroepen.
      Om cliŽnten op de juiste plaats in de eerstelijns psychosociale zorg te krijgen, is duidelijke en veelvuldige voorlichting over de rol en positie van de verschillende hulpverleners noodzakelijk.
      Op grond van deze heldere informatie kunnen mensen met ps
      ychosociale klachten een weloverwogen keuze maken.
      De NPCF vindt dat psycho-sociale zorg in de eerste lijn ook zonder verwijzing toegankelijk moet zijn.

      De NPCF is zich bewust van de vraagstukken rond de organisatorische en financiŽle positie van SPV-ers in de eerste lijn.
      Daarbij speelt onder meer de afweging of er speciale praktijkondersteuners GGZ (POH-GGZ) zouden moeten komen.
      De meerwaarde die gespecialiseerde verpleegkundigen leveren bij de behandeling van psychosociale klachten in de eerste lijn rechtvaardigt de inbedding van een deze functie in de eerste lijn.
      De benodigde financiŽle ruimte hiervoor kan worden gevonden in budgetverschuivingen gekoppeld aan de bijbehorende taakverschuiving van de tweede naar de eerste lijn.

      -
      Maatschappelijk werk en psychologische begeleiding
      Afhankelijk van de uitkomsten van de gesprekken met de verpleegkundige kunnen mensen met sociaal-maatschappelijke problemen (werk, inkomen, huisvesting etc.) worden verwezen naar : maatschappelijk werkenden.
      Mensen met psychische klachten kunnen in veel gevallen terecht bij eerstelijns psychologen.
      Ook voor mensen met ernstige psychische klachten kan de begeleiding door een eerstelijns psycholoog in bepaalde gevallen de aangewezen oplossing zijn om een (tijdelijk) evenwicht te (her)vinden bij het omgaan met hun aandoening.
      Net als vele andere disciplines in de eerstelijnszorg zouden de eerstelijns psychologen voor mensen die bekend zijn met psychosociale klachten zonder verwijzing toegankelijk moeten zijn.
      - GeÔntegreerde psychosociale zorg in gezondheidscentra
      Gezondheidscentra vormen een uitstekende organisatiestructuur voor het bieden van geÔntegreerde psychosociale zorg.
      De betrokken zorgverleners (huisarts, verpleegkundigen, eerstelijns psychologen en maatschappelijk werkenden) richten zich vooral op het primaire zorgproces, i.c. een zorgvuldige probleemanalyse, het geven van adviezen over de beschikbare behandelingsmogelijkheden en het leveren van een bijdrage aan de oplossing van psychische en sociaal-maatschappelijke problemen.
      Na de invoering van de nieuwe Geneesmiddelenwet mogen gespecialiseerde verpleegkundigen onder bepaalde voorwaarden geneesmiddelen voorschrijven.
      Volgens de nieuwe wet is dit alleen toegestaan : binnen het deskundigheidsgebied waarin ze werkzaam zijn, bij patiŽnten die reeds zijn gediagnosticeerd, op basis van medische protocollen en standaarden.
      Inhoudelijke werkafspraken en structureel werkoverleg zorgen voor de onderlinge afstemming en samenhang tussen de betrokken disciplines.
      Het regelen van de benodigde randvoorwaarden (personeelszaken, ICT/EPD, financiŽle administratie etc) laten de zorgverleners binnen gezondheidscentra over aan de organisatie.
      Bij gediagnosticeerde psychosociale problemen kan desgewenst de verpleegkundige na het verhelderen van de zorgvraag als casemanager en aanspreekpunt het zorgproces coŲrdineren.
      Hierbij is sprake van Ď
      ketenverantwoordelijkheidí, waarbij de betrokken zorgverleners (bijvoorbeeld eerstelijnspsychologen, maatschappelijk werkenden, fysiotherapeut, huisarts) verantwoordelijk blijven voor het eigen handelen.
      Door regelmatig werkoverleg kan de zorgverlening van betrokken zorgverleners goed op elkaar worden afgestemd.
      Deze besprekingen zijn het moment om knelpunten te bespreken.
      Bij ontregeling of een sterke toename van de psychosomatische klachten vindt tijdig overleg plaats en kan opnieuw bekeken worden wie de meest aangewezen persoon is om de zorgverlening te
      coŲrdineren.
      -
      FinanciŽle toegankelijkheid van psychosociale begeleiding
      De korte behandelduur en het beperkte aantal behandelingen door eerstelijns psychologen, worden door mensen met psychische klachten nogal eens als een knelpunt ervaren.
      De begeleiding door eerstelijns psychologen moet mensen in staat stellen om beter te leren omgaan met hun klachten en waar mogelijk klachtenvrij door het leven te gaan.
      Hiervoor is een zekere omvang van de behandelduur en het aantal behandelingen noodzakelijk, zonder dat de psychische begeleiding uitmondt in een vrijbrief voor oneindig doorbehandelen.
      Er moet worden gezocht naar oplossingen die
      de flexibiliteit van de behandelduur en het aantal behandelingen vergroot en waarbij oneigenlijk gebruik kan worden voorkomen.
      -
      Afstemming met de GGZ in de tweede lijn en andere zorggebieden
      Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundigen komen van oorsprong uit de tweede lijn en beschikken over specifieke deskundigheid op het gebied van psychosociale klachten.
      Dankzij deze kennis kunnen ze een verbindingsfunctie vervullen richting de tweedelijns Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) voor mensen met ernstige psychische problemen en/of psychiatrische klachten.

      Vanuit hun coŲrdinerende rol dragen ook huisartsen verantwoordelijkheid voor het bewaken van de afstemming tussen de eerste- en tweedelijns GGZ.
      Daarnaast is er meer afstemming nodig tussen de eerstelijns psychosociale zorg en de jeugdzorg.
      -
      Elektronisch PatiŽnten Dossier
      Het elektronische patiŽnten dossier kan een belangrijke bijdrage leveren aan de afstemming tussen zorgverleners in het kader van de eerstelijnszorgfunctie psychosociale zorg.
      Mensen met psychische aandoeningen hechten daarbij nog sterker dan andere patiŽntencategorieŽn aan de privacyvoorwaarden.
      Geregistreerde gegevens blijken volgens deze doelgroep moeilijk terug te draaien of kunnen een eigen leven gaan leiden en blijven rondzingen (bijvoorbeeld foutieve diagnoses die per abuis in het dossier terecht zijn gekomen of waar de cliŽnt zich niet in kan vinden).
      De beveiliging van gegevens over psychische aandoeningen in het EPD moet goed geregeld zijn en verdient extra aandacht.
      -
      Medicijngebruik bij psychosociale klachten
      In sommige situaties is medicamenteuze behandeling van psychische klachten een passend alternatief of geschikte aanvulling op psychische begeleiding.
      Mensen met een psychische aandoening vrezen daarbij soms een blijvende afhankelijkheid van medicijn
      en en zijn daarom vaak terughoudend met het gebruik van geneesmiddelen (vooral migranten vinden dat huisartsen te gemakkelijk geneesmiddelen voorschrijven bij psychische klachten).
      Door goede
      voorlichting en het bespreken van de balans tussen de beoogde resultaten en mogelijke risicoís van medicijngebruik kunnen voorschrijvers en cliŽnten samen een weloverwogen besluit nemen over het inzetten van een medicamenteuze behandeling.
      Het blijft belangrijk de effecten en beleving van de behandeling regelmatig te evalueren en daarbij de mogelijkheid open te houden om het medicijngebruik in overleg met de cliŽnt te staken.
      -
      Bewegingstherapie bij psychosociale klachten
      Veel mensen met psychische klachten hebben positieve ervaringen met het effect van lichaamsbeweging.
      Vanuit de gedachte ď
      een gezonde geest in een gezond lichaamĒ kan lichaamsbeweging een positieve bijdrage leveren aan de geestelijke gesteldheid van mensen met psychische klachten.
      Psychomotore therapie en haptonomie zijn bijvoorbeeld beproefde concepten om mensen met psychische klachten in beweging te krijgen.
      Ook deze therapievormen zouden zoveel mogelijk in de directe omgeving van mensen met psychosociale problemen aangeboden moeten worden.
      Sport- en bewegingactiviteiten hebben niet alleen een positief effect op de psychische gesteldheid, maar bevorderen bovendien het ontstaan van sociale contacten.
      Ondersteuning door zelfhulpgroepen
      Een aantal patiŽntenorganisaties rekent het organiseren van sport- en bewegingsactiviteiten tot haar kernactiviteiten.
      Zorgverleners zouden er goed aan doen mensen met psychoso
      ciale klachten te attenderen op het uitgebreide activiteitenaanbod van patiŽntenorganisaties, dat onder meer bestaat uit zelfhulpgroepen.
      Deelnemers aan zelfhulpgroepen vinden onder lotgenoten erkenning van hun
      klachten en leren door het uitwisselen van ervaringen beter omgaan met hun problemen.
      De gespreksleiding bij zelfhulpgroepen is doorgaans in handen van getrainde vrijwilligers die zijn aangesloten bij patiŽntenorganisaties.
      Online gesprekgroepen kunnen de drempel voor deelname aan zelfhulpgroepen verlagen.
      -
      Opvang van acute psychische problemen
      De opvang van acute psychische problemen laat sterk te wensen over.
      In een crisissituatie willen cliŽnten vooral zo snel mogelijk passende hulp ontvangen.
      Daarom is het van groot belang dat acute psychische problemen via deskundige triage door de huisartsenpost tijdig worden onderkend.
      Een goede samenwerking met GGZ-crisisdiensten is daarvoor noodzakelijk.
      In een zelfbindingscontract kunnen mensen met een psychische aandoening aangeven wat er in slechte tijden met hen moet gebeuren.
      Het zelfbindingscontract wordt afgesloten in een relatief stabiele periode (gebaseerd op ervaring uit het verleden).
      Cfr. : http://www.npcf.nl/uploads/files/psychosociale_zorg.pdf

    3. Hemeopathie vergeleken met de gangbare (reguliere, allopathische) geneeskunde als inleiding een versimpeld en generaliserend betoog
      Riny Weistra
      Werkwijze reguliere arts
      De reguliere, gangbare geneeskunde kijkt naar de afzonderlijke onderdelen en de fysische en chemische processen van een lichaam en stemt daar de behandeling en medicatie op af : een pilletje voor de maag, knippen van de amandelen, buisjes in trommelvliezen enzovoort.
      De wetenschappelijk term voor deze benadering is '
      reductionisme'.
      Werkwijze homeopathisch arts
      De homeopaat kijkt naar de specifieke kenmerken van een persoon : van deze persoon, op dit moment.
      En stemt daar de medicatie op af.
      Je komt bijvoorbeeld voor maagklachten, dan krijg je geen pilletje voor de maag, maar een middel dat overeenstemt met het geheel aan kenmerken van jouw persoon op dat moment (let wel : '
      kenmerken' is niet hetzelfde als 'klachten').
      Dit middel beÔnvloedt jouw levensenergie of levenskracht in positieve zin.
      Zodat je gezonder wordt, je klachten verdwijnen, in dit geval je maagklachten.
      Maar je merkt ook dat je op meerdere punten opknapt.
      Je had bijvoorbeeld regelmatig last van huiduitslag.
      Ondanks dat je deze klacht niet tegen je behandelaar/arts hebt verteld, verdwijnt deze klacht en verdwijnen ook de andere klachten waar je al langere of slechts kortere tijd last van had.
      En je gaat je over het geheel beter voelen, minder moe bijvoorbeeld.
      Nadeel werkwijze reguliere arts
      Wat is het nadeel van de reductionistische benadering van de reguliere geneeskunde ?
      Er ontstaan bijwerkingen.
      Met wat geluk ben je van je maagklachten af, maar de kans is groot dat de behandeling schade aanricht op anderen plekken in je lichaam.
      En de kans is groot dat je, na de genezing van je maag, een andere ziekte ontwikkelt.
      Want je maag is dan wel weer o.k.
      Maar je gezondheid als geheel is niet behandeld en niet verbeterd.
      Je levenskracht is niet versterkt, misschien zelfs achteruitgegaan door de behandeling.
      En daardoor ontwikkelen zich weer andere ziekten.
      Levenskracht (of levensenergie)
      Is 'levenskracht' niet een vaag begrip ?
      Ja, dat is zo, net als het begrip '
      leven' waar het van afgeleid is.
      Hoeveel de wetenschap zo langzamerhand ook weet van de eigenschappen van levende wezens, wat leven zelf is, dat weet niemand.
      Verschil tussen leven en dood
      De reguliere geneeskunde ziet een levend wezen als een systeem van fysische en chemische processen en dat is het, meer niet.
      Maar er is ook iets wat die processen aan de gang houdt : de levensenergie.
      En daar houdt de reguliere geneeskunde geen rekening mee.
      Daardoor gaat er ook altijd zoveel mis in de vorm van bijwerkingen en ziektes die elkaar opvolgen.
      Een lichaam is pas enkel een geheel van fysische en chemische processen als het dood is, als de levenskracht geweken is en dan gaat het ook hard.
      Dan werken die processen zodanig dat er verval optreedt en er alleen maar wat stof overblijft.
      Er is niets meer wat de (levens)processen aan de gang houdt, er is geen levensenergie meer.
      We kunnen niks vinden
      Stel de volgende situatie (die regelmatig voorkomt) : je hebt klachten, vage of minder vage.
      Je gaat naar je huisarts.
      Die onderzoekt het een en ander en zegt : ď
      Volgens mij mankeert u niets, ik kan niks vinden. Ik zou het maar een poosje rustig aan doen als ik u was, dan gaat het misschien wel weer overĒ.
      Maar je blijft klachten houden, je gaat weer naar de huisarts.
      Deze stuurt je nu door naar een specialist.
      In het ziekenhuis word je binnenstebuiten gekeerd.
      Na een poosje komt de uitslag : '
      we hebben niks kunnen vinden, er mankeert u niets, u moet er maar mee leren leven, misschien zit het tussen de oren '.
      Het kan ook zijn dat er geconstateerd is dat je bloeddruk wat te hoog is of je cholesterolwaarde.
      Dan krijgt je daar wat pilletjes voor.
      Maar je klachten blijven bestaan.
      Je loopt er maar mee door, je hebt geen keus.
      Tot na een bepaalde tijd er wel iets wordt gevonden.
      Dan kan men je wel behandelen en dan maar hopen dat het niet te laat is.
      Een homeopaat hoeft niks te vinden
      Hoe anders gaat het er aan toe bij een homeopaat.
      Je komt bij hem/haar met klachten.
      De homeopaat gaat een gesprek met je aan om te zien wat voor persoon je bent.
      Daarnaast stelt de arts je allerlei vragen over uiteenlopende zaken.
      Zo komt er een lijst met kenmerken tot stand van jouw persoon.
      Deze ordent de arts via een bepaald systeem.
      Daarbij zoekt hij het corresponderende middel (dit wordt een '
      constitutiemiddel' genoemd).
      In het ideale geval voel je je na inname van dit middel een stuk beter.
      Je moet nog wel eens terug naar de arts, om te kijken of je het middel nogmaals nodig hebt.
      Soms wordt na een poosje nog een ander middel gegeven.
      Je knapt op, voelt je een ander mens en bent van je klachten af.
      Als je op deze manier geneest, kun je dat ervaren als een wonder, alsof je een wondermiddel hebt gekregen.
      In andere gevallen zijn er meerder sessies nodig om het passende middel te vinden.
      En het komt helaas ook voor dat het genezende middel niet wordt gevonden of dat het niet aanslaat.
      Daarover later meer.
      Vage klachten : naar de homeopaat
      De moraal van dit verhaal: ga niet pas naar een homeopaat als je al bijna bent opgegeven door het reguliere circuit, maar ga er heen in het voorstadium, het stadium van de vage klachten die maar niet over gaan.
      Daarmee voorkom je mogelijk het uitbreken van een levensbedreigende ziekte.
      Cfr. : http://www.infowebweistra.eu/homeopathie.htm

    4. Hoka Hey Human Care - Praktijk voor Natuurgeneeskunde
      Stress, spanning, onrust, relatieproblemen, verlies, angsten, conflicten, echtscheiding, vermoeidheid, futloos, hoofdpijn, buikpijn, moedeloos, piekeren, maagklachten, vage klachten, doelloos, jezelf niet onder controle, in de put, zenuwachtig, niet op je gemak, Ďrareí gedachten, somber, slaapproblemen, dood, trauma, mishandeling, incest, drugsprobleem, alcoholisme enzovoortÖ
      Cfr. : http://www.hoka-hey.nl/

    5. Inleiding in de PatiŽntenzorg - November 2006 - Samenvattend verslag
      Prof. J. Heyrman, verantwoordelijk docent - Januari 2007 - © Katholieke Universiteit Leuven
      .../...
      Niet alleen hun medische problemen, ook over hun gezin, hun geluk en hun ongeluk, over alles.
      Soms heel vage klachten, de arts kent gelukkig zijn patiŽnt heel goed, soms was het een banaal probleem, soms ook niet.
      Globaal vragen ze ďhelp mij uit de miserie, wat deze ook isĒ.
      Ongerustheid is het centrale punt.
      Dit wordt geformuleerd in diverse klachten.
      Klopt erg met de klachtengroepen uit getoonde wetenschappelijk onderzoek : hoofdpijn, keelpijn, hoesten, moeheid.
      Toch ook veel met kontrole voor chronische pathologie.
      Frekwentie van diabetes is opvallend.
      Veel spier- en gewrichtspijn, maar ook stress en depressiviteit.
      ď
      Ik denk dat ik iets heb, maar ik weet niet wat het is...Ē
      Exacte diagnosestelling is niet altijd nodig : hoest, het is geen bronchitis, geen pneumonie, niks ernstigs.
      Enorm veel vragen naar medicatie : als het aan de patiŽnt lag zou hij zoveel mogelijk voorschriften willen.
      Er wordt ook veel voorgeschreven .../...
      Cfr. : http://med.kuleuven.be/education/gids/Pat/verslag07_nl.html

    6. Leren leven met somatisatie
      Yasmijn, 20-09-2007 - © 2007 - 2008 Yasmijn
      Somatisatie is een aandoening waarbij psychische problemen zich als een lichamelijke symptoom of reeks van symptomen manifesteren.
      Hoewel ze soms bizar zijn, zijn deze veelal lichamelijke symptomen niet verzonnen en kunnen ze angstaanjagend zijn als ze worden geÔnterpreteerd als een mogelijk fatale ziekte.
      De aandoening somatisatie is verwant aan hypochondrie : hierbij maakt de 'patiŽnt'zich er zorgen over dat onbelangrijke symptomen door een ernstige ziekte worden veroorzaakt.
      Somatisatie
      Bij somatisatie ontstaan de symptomen uit psychische problemen en kunnen ze wel ernstig zijn.
      Mensen met somatisatie gaan geregeld naar de dokter om hun symptomen te laten onderzoeken en om behandeling te vragen.
      Als de testresultaten normaal zijn en de arts heeft verzekerd dat er geen ziekte is, voelt de patiŽnt zich niet opgelucht, maar gaat naar een andere dokter in de hoop daar gerustgesteld te worden. in ernstige gevallen wordt het leven ontregeld door herhaald doktersbezoek en bestaat er gezondheidsrisico door invasieve onderzoeken. verschillende psychische stoornissen zijn aan somatiseren gerelateerd, zoals angststoornissen en depressiviteit.
      Er kan ook een onderliggende persoonlijkheidsstoornis in het spel zijn, gekenmerkt door egocentrisme en afhankelijkheid van anderen.
      Somatisatie ontwikkelt zich gewoonlijk in de adolescentie of het begin van de volwassenheid en komt meer voor bij vrouwen.
      De aandoening is vaak geassocieerd aan stress en kan een levenslang probleem worden.
      De symptomen
      Iemand met somatisatie kan een lange geschiedenis van wisselende lichamelijke symptomen zonder aanwijsbare oorzaak hebben.
      Symptomen die in sommige gevallen een psychische oorzaak kunnen hebben zijn :
      - hoofdpijn
      - pijn op de borst, vaak met kortademigheid en hartkloppingen
      - buikpijn en misselijkheid
      - vermoeidheid
      - jeuk
      - verzwakking van een van de ledematen
      - moeite met slikken.
      Bovendien kunnen er psychische symptomen zijn zoals angst, depressie en verslaving.
      Mensen met ernstige somatisatie kunnen zelfmoordneigingen hebben.
      De behandeling
      De arts zal, als dit nodig is, een lichamelijk onderzoek uitvoeren.
      Het medisch dossier geeft een beeld van vroegere symptomen en onderzoeken die de patiŽnt heeft gehad.
      De behandeling is vaak moeilijk, omdat de patiŽnten ervan overtuigd zijn dat ze iets hebben.
      De arts kan medicijnen tegen de symptomen voorschrijven, zoals pijnstillers en zal verder onderzoek trachten te vermijden door de patiŽnt te vertellen dat de klachten serieus worden genomen, maar ook door psychische problemen kunnen worden veroorzaakt.
      De arts kan een psychologische onderzoek aanbevelen, maar hier kan de patiŽnt bezwaar tegen hebben.
      De symptomen zijn echter alleen te genezen door behandeling van de onderliggende psychische problemen.
      Als de somatisatie door een depressie wordt veroorzaakt, kunnen antidepressiva en een vorm van psychotherapie worden voorgschreven.
      Cfr. : http://mens-en-gezondheid.infonu.nl/ziekten/8785-leren-leven-met-somatisatie.html

    7. Hyperventilatie - Hoe de gezondheidszorg van onschuldige vage klachten een `echte` ziekte kan maken
      Marion Bloem & (haar echtgenoot) Ivan Wolffers Ė Uitgever : Bert Bakker, 1980
      Cfr. : http://www.antiqbook.nl/boox/vin/31797.shtml

    8. Medisch onverklaarde somatische symptomen zijn geen onverklaarbare, onbegrepen of vage lichamelijke klachten
      Q. van Dieren & A.J.J.M. Vingerhoets - Tijdschrift voor Psychiatrie 49(2007)11, 823-834
      Achtergrond - Medisch onverklaardesomatische symptomen worden in de huidige literatuur en praktijk met vele verschillende termen aangeduid, wat een aantal problemenveroorzaakt.
      Doel Ė Komen tot een voorstel voor een eenduidige multidisciplinaire terminologie die een aantal problemen kan oplossen.
      Methode Ė Literatuuronderzoek d.m.v. de database PiCarta en referenties in hierbij gevonden literatuur.
      Resultaten Ė De in de huidige literatuur gebruikte termen en hieraan gegeven betekenissen zijn zeer divers en in een aantal gevallenverwarrend,onjuist of onzuiver.
      Conclusie Ė Het gebruik van de termen Ďmedisch onverklaarde somatische symptomení en Ďonverklaarde somatische symptomení kan veel problemen oplossen .../...
      Cfr. :
      - www.tijdschriftvoorpsychiatrie.nl/zoeken/download.php?id=1690
      - http://dbiref.uvt.nl/iPort?request=full_record&db=wo&language=dut&query=321561

    9. Meedokteren helpt bij vage klachten
      Ziekenhuis.nl, 30-09-2003 - Bron : Algemeen Dagblad
      Ze worden dikwijls als 'lastig' bestempeld : patiŽnten die bij stress meteen aan een ernstige ziekte denken, om de haverklap bij de huisarts aankloppen en nauwelijks gerust te stellen zijn.
      Zelf de oorzaken zoeken helpt.
      Onderzoek wijst uit dat zij baat hebben bij reattributie-therapie, ofwel: zelf zoeken naar andere oorzaken.
      Anna Pieters, een 34-jarige peuterspeelzaalleidster, heeft last van nek- en schouderklachten.
      Ze denkt dat ze een whiplash heeft, maar haar huisarts kan dat na het maken van foto's niet vaststellen.
      Op de voorzichtige vraag of de klachten misschien met spanningen kunnen samenhangen, reageert de patiŽnte afwijzend.
      Ze eist opnieuw een scan .../... (het complete bericht op de website van het Algemeen Dagblad is helaas niet meer beschikbaar).
      Cfr. : http://www.ziekenhuis.nl/index.php?cat=nieuws&nieuws=item&id=3908

    Lees verder : Deel III

    14-01-2008 om 22:59 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten - Deel III
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

    Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten

    Deel III

    1. Moeheid veelvoorkomende klacht
      Linda Rozendaal en Ferdy Otten, © Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen, 2008 - 23-12-2002 Ė Bron : StatLine
      Moeheid, hoofdpijn, spier- en gewrichtspijn, rugpijn en slapeloosheid zijn klachten die vaak voorkomen.
      De meest voorkomende klacht is moeheid.
      Op de vraag of men in de afgelopen twee weken last had van moeheid antwoordden in 2001 meer dan twee op de vijf mensen bevestigend.
      Verder had meer dan een derde last van pijn in spieren of gewrichten.
      Ook over hoofdpijn, pijn in spieren en gewrichten en moeite met slapen werd door relatief veel mensen geklaagd .../...
      Cfr. : http://www.cbs.nl/nl-NL/menu/themas/gezondheid-welzijn/publicaties/artikelen/archief/2002/2002-1097-wm.htm

    2. Pijnstoornis
      Bron : InfoNu.nl. : http://www.infonu.nl
      Pijn is een heel gewone reden waarom mensen zich voor hulp bij een arts vervoegen.
      Volgens sommige schattingen heeft tot driekwart van de patiŽnten die zich tot hun huisarts wenden ergens duidelijk pijn.
      Ons lichaam zit tjokvol pijnvezels die als wachtposten dienen om ons te alarmeren bij dreigende ziekte of verwondingen.
      Definitie en beschrijving
      Acute pijn doet ons onze hand terugtrekken van de hete kachel, dwingt ons ertoe een geblesseerde enkel te ontzien en attendeert ons op de mogelijkheid van een aangetaste kies of ontstoken blinde darm.
      Onze pijnervaring is echter niet alleen maar het eindresultaat van de transmissie van elektrische signalen vanaf gestimuleerde pijnreceptoren naar onze hersenen.
      Pijn is een complexe subjectieve ervaring die ook wordt gemoduleerd door in tegengestelde richting lopende zenuwpaden vanuit de hoger gelegen hersenschors omlaag.
      We hebben allemaal gemerkt dat pijn kan verergeren of afnemen al naar gelang onze cognitieve of emotionele toestand.
      Je volledige aandacht op een pijnprikkel richten is bijvoorbeeld dť manier om de pijn erger te maken, terwijl ze dikwijls minder hevig wordt door je in andere interessante zaken te verdiepen.
      Iemands persoonlijkheidstype, culturele achtergrond en opvoeding beÔnvloeden allemaal zijn beleving van pijn en de wijze waarop hij daar uitdrukking aan geeft.
      Mensen die zijn grootgebracht in een cultuur waarin stoÔcijnse gelatenheid bon ton is, laten pas bij uitzonderlijk hevige pijn iets merken.
      Hier moet vooral niet de verkeerde conclusie worden getrokken dat, omdat de pijnstoornis in de DSM-IV is opgenomen, het hebben van pijn betekent dat u een geestelijke stoornis heeft.
      Pijn die zes maanden of korter aanhoudt wordt als 'acuut' beschouwd.
      Dit soort pijn wijst bijna altijd duidelijk op een onderliggende medische problematiek die onmiddellijke aandacht vereist (zoals een acute infectie, traumatisch letsel, kanker).
      Voor mensen met acute pijn is de kans groot dat de pijn met passende medische behandeling volledig zal verdwijnen.
      Wanneer pijn eenmaal minstens zes maanden aanhoudt, wordt ze als 'chronisch' beschouwd en neemt de kans dat ze ooit volledig zal verdwijnen sterk af.
      Gelukkig wordt de pijn bij slechts een kleine minderheid van de mensen met acute pijn chronisch.
      Pijn die blijft voortbestaan, heeft gewoonlijk ieder nuttig doel overleefd en gaat een ongewenst eigen leven leiden.
      Pogingen om de psychische en lichamelijke aspecten van chronische pijn nauwkeurig te ontrafelen, leveren gewoonlijk niets op.
      Meestal zijn bij het voortbestaan van chronische pijn zowel lichamelijke als emotionele factoren betrokken.
      Aan de lichamelijke kant kan sprake zijn van chronische ontstekingen, kwetsuren of kanker.
      Aan de psychische kant leiden de pijn en de hinder daarvan tot een emotionele ontreddering die op haar beurt de pijn weer verergen en minder ruimte laat voor activiteiten die voor afleiding zouden kunnen zorgen.
      Dat de pijnstoornis in de DSM-IV is opgenomen, is om duidelijk te maken dat de meeste mensen die chronisch pijn lijden, voordeel kunnen hebben van een behandeling die zich zowel op de lichamelijke als de psychische aspecten van de pijn richt.
      Behandeling
      Bij de behandeling van chronische pijn moet men niet mikken op het totaal doen verdwijnen ervan, maar op het vinden van een manier om er zo effectief mogelijk mee om te gaan en het dagelijks functioneren er zo min mogelijk door te laten verstoren.
      Hoewel men het als een nederlaag zou kunnen beschouwen, moeten we ons vooral blijven realiseren dat de eeuwige zoektocht naar de heilige graal van de volledige genezing de zaak nog erger kan maken.
      Voortdurende blootstelling aan steeds agressievere therapeutische manoeuvres houdt gewoonlijk steeds hogere risico's in.
      Pijnmanagement werkt goed om mensen te leren met en om pijn heen te leven.
      Veel mensen met chronische pijn lijden ook aan depressies.
      Ofschoon zij de depressie gewoonlijk als een onvermijdelijk aanhangsel van de chronische pijn beschouwen, ligt de eigenlijke oorzaak-en-gevolg relatie russen pijn en depressie dikwijls gecompliceerder.
      Zoals we in hoofdstuk I hebben besproken, bestaat een depressie uit een bepaalde constellatie van symtomen, waaronder mogelijk ook pijn.
      Sommige mensen met een depressie ervaren gegeneraliseerde lichamelijke pijn zelfs als hun primaire depressiesymptoom.
      Bovendien kunnen bij mensen met een chronisch toe- en afnemend probleem, zoals rugpijn of artritis, periodes van depressiviteit tot een verlaging van de pijndrempel leiden.
      Puur praktisch bezien is het niet zo belangrijk of de depressie de oorzaak of het gevolg van de pijn is, aangezien bij beide scenario's de behandeling dezelfde is begeleiding en antidepressiva.
      Diagnostiek volgens DSM IV
      Volgens het diagnostisch handboek is er sprake van een pijnstoornis als sprake is van het volgende :
      - de pijn verstoort het dagelijks leven
      - psychologische factoren spelen een belangrijke rol in de pijnbeleving
      - pijn is de voornaamste reden voor het melden bij behandelingscentra; met de focus op de angst een ernstige ziekte of een lichamelijke aandoening te hebben.
      Cfr. : http://mens-en-samenleving.infonu.nl/psychologie/13344-probleem-of-stoornis-pijnstoornis.html

    3. Polikliniek vage klachten bij VU
      © 1998-2008 NU.nl
      AMSTERDAM ((c) ANP) - VU Medisch Centrum en Stichting Buitenamstel Geestgronden verwachten veel belangstelling voor een polikliniek voor patiŽnten met onduidelijke klachten.
      De kliniek wordt deze zomer geopend.
      De stichting bevestigde woensdag een bericht daarover in de Volkskrant.
      Onbegrepen aandoeningen
      In de nieuwe kliniek zullen psychologen, psychiaters en medisch specialisten zo veel mogelijk samen naar de patiŽnt kijken.
      Het aantal mensen met onbegrepen aandoeningen, zoals het vermoeidheidssyndroom ME/CVS, is de laatste jaren sterk toegenomen.
      Het VU Medisch Centum onderhandelt nog met verzekeraars over de financiering van de kliniek.
      Neurologische klachten
      Naar schatting een half miljoen Nederlanders heeft lichamelijke klachten die artsen niet kunnen verklaren.
      Afgezien van een polikliniek van het AMC kunnen ze nergens terecht.
      Het gaat om mensen met onverklaarbare neurologische klachten zoals verlammingsverschijnselen, hoofdpijn en tintelingen in armen en benen.
      Psychische problemen
      Stichting Buitenamstel Geestgronden en VU Medisch Centrum tekenden eind december een samenwerkingsovereenkomst.
      Ongeveer 40 procent van de mensen met lichamelijke klachten heeft vaak ook psychische problemen.
      Aan de andere kant hebben psychiatrisch patiŽnten vaak lichamelijke klachten die onbehandeld blijven.
      Door de samenwerking is het grootste centrum voor academisch psychiatrische behandeling in Nederland tot stand gekomen.
      Ook op het terrein van ouderengeneeskunde biedt de samenwerking grotere mogelijkheden.
      Chronische ziekten
      Zowel het VU Medisch Centrum als de Stichting Buitenamstel Geestgronden vindt het onjuist dat de psychiatrie in de algemene gezondheidszorg een aparte status heeft.
      In de top tien van meest voorkomende chronische ziekten staan vier psychiatrische aandoeningen : angststoornissen, depressie, verslaving en dementie.
      Door de samenwerking tussen beide instelllingen komt er meer verband tussen de lichamelijke en psychische gezondheidszorg.
      Cfr. : http://www.nu.nl/news/1383854/10/Polikliniek_vage_klachten_bij_VU.html

    4. Psychiatrische visies
      Lobke, 21-02-2007 - © 2007 - 2008 Lobke
      De psychiatrie kent 3 visies over hoe een psychiatrische stoornis te verklaren is; de biologische-, psychologische- en sociale verklaringen.
      De biologische verklaringen
      Een somatische (psychiatrische) aandoening kan verwijzen naar een afwijking aan de structuur of het functioneren van het lichaam.
      Bij een biologische verklaring voor psychische stoornissen zijn vaak erfelijkheid en neurotransmitters betrokken.
      Psychologische verklaringen
      Een stoornis verklaren vanuit het psychisch functioneren van de patiŽnt.
      Er zijn bij de psychologische verklaringen 3 verschillende theorieŽn : de psychodynamische theorie, de leertheorie en de cognitieve theorie.
      De psychodynamische theorie - Gaat uit van vroegkinderlijke ervaringen.
      Iets wat iemand heel vroeger heeft meegemaakt kan invloed hebben op zijn psychische toestand van nu.
      De leertheorie - Alle gedrag dat mensen vertonen bestaat uit verschillende aangeleerde gedragselementen.
      Deze bouw je als baby, peuter en kleuter op en kun je dus ook weer afleren.
      De cognitieve theorie - Mensen verwerken informatie met behulp van hun zintuigen, in gedachten, beelden, herinneringen etc.
      Deze informatie kan weer bovenkomen en voor een psychische stoornis zorgen.
      Sociale verklaringen
      De invloed van de socio-economische klasse en culturele achtergrond is hier van belang.
      Er wordt gekeken naar de directe omgeving van iemand en naar het maatschappelijke vlak waarin iemand zich bevindt.
      Deze hebben allemaal invloed op het psychisch welbevinden van een persoon.
      Cfr. : http://mens-en-samenleving.infonu.nl/psychologie/2402-psychiatrische-visies.html

    5. Psychische stoornissen door een lichamelijke aandoening
      Yasmijn, 21-09-2007 - © 2007 - 2008 Yasmijn
      Een of meer psychische problemen die voortkomen uit lichamelijk ziekten.
      Iemand die psychische problemen door zijn ziekte heeft, kan zich hier niet van bewust zijn of het kan een familielid of vriend zijn die de dokter waarschuwt.
      Huiselijke en financiŽle problemen zijn risicofactoren.
      Stemmingsproblemen horen soms bij de normale symptomen van een ziekte.
      Angst is bijvoorbeeld het gevolg van een hormonale stoornis zoals hyperthyreoÔdie en depressie van multipele sclerose.
      Psychische stoornissen door een lichamelijke aandoening
      Veranderingen in de psychische toestand zijn een veel voorkomende reactie op een lichamelijke ziekte.
      Een ernstige ziekte kan een angsstoornis, depressie, woede of ontkenning opwekken.
      Meestal eindigt dit als de patiŽnt de ziekte aanvaard.
      Ziekten die chronisch of dodelijk zijn of een langdurige of vervelende behandeling met zich meebrengen, kunnen blijvende stemmingsproblemen met zich meebrengen.
      Mensen die eerder spychische stoornissen hebben gehad, lopen een hoger risico, evenals degenen die extra stress ondergaan, bijvoorbeeld door een onstabiel huiselijk leven of financiŽle problemen en zij die moeilijk met tegenslagen kunnen omgaan.
      Stemmingsproblemen horen soms bij de normale symptomen van een ziekte.
      Angst is bijvoorbeeld het gevolg van een hormonale stoornis zoals hyperthyreoÔdie en depressie van multipele sclerose en de ziekte van Parkinson.
      De symptomen
      Psychische symptomen die uit een lichamelijke kwaal kunnen voorkomen zijn :
      - angst, variŽrend van licht tot zwaar met angsten en paniekaanvallen
      - depressieve symptomen, zoals gevoelens van hopeloosheid en waardeloosheid
      - geÔrriteerdheid en woede.
      In extreme gevallen kan er terugtrekgedrag met alcohol- of drugsgebruik zijn.
      De behandeling
      Als de arts vermoedt dat zich psychische problemen als gevolg van een ziekte ontwikkelen, kunt u gesprekstherapie krijgen om u te helpen de ziekte te accepteren.
      Als u zich niet bij de ziekte wilt neerleggen, wordt u aangemoedigd erover te praten en vragen te stellen.
      Problemen thuis en op het werk kunt u bespreken en de arts zal informeren of u eerder aan een depressie of angststoornis hebt geleden.
      Iemand die psychische problemen door zijn ziekte heeft, kan zich hier niet van bewust zijn of het kan een familielid of vriend zijn die de dokter waarschuwt.
      Deze kan antidepressiva en soms voor een korte tijd anxiolytica voorschrijven.
      De arts kan u ook naar een psycholoog of psychiater doorverwijzen.
      De vooruitzichten bij een psychisch probleem bij een lichamelijke ziekte hangen af van het vermogen van de patiŽnt om met de gevolgen van zijn ziekte om te gaan.
      Bij voortdurende steun herkennen de meeste mensen de stemmingsproblemen en pakken ze ze aan, zodat de problemen geleidelijk verdwijnen.
      Cfr. : http://mens-en-gezondheid.infonu.nl/ziekten/8786-psychische-stoornissen-door-een-lichamelijke-aandoening.html

    6. Schoenmaker blijf bij je leest - Ton Sijm op  bezoek bij psychiater Carla Rus
      Bron : Carla Rus ('Whiplash is niet psychisch'), blad Psy en Ton Sijm Ė 30-07-2007
      Cfr. : http://www.webcentre.nl/whiplashdebaas//pages/posts/whiplash-is-niet-psychisch-door-psychiater-carla-rus27.php

    7. Somatisatiestoornis
      © 2008 Sophocles, 12-01-2008
      Mensen met een somatisatiestoornis worden geteisterd door een bijna ongeloofwaardig aantal lichamelijke symptomen waarbij zo goed als elk orgaansysteem betrokken is.
      Deze aandoening is in wezen een manier om via medische symptomen uiting te geven aan een psychisch lijden.
      Definitie en beschrijving
      Het leven van de betrokkene draait geheel om de aanhoudende medische klachten.
      Er gaat geen jaar (of maand of misschien zelfs maar een dag) voorbij zonder dat een of andere symptoom pijn of hinder veroorzaakt die zich niet door medisch onderzoek laat verklaren.
      Gewoonlijk begint de eindeloze en frustrerende medische odyssee in de adolescentie en blijft vrij ononderbroken het hele volwassen leven bestaan.
      Mensen met de somatisatiestoornis ziet men voornamelijk in het medische circuit; dikwijls zijn zij op hun tenen getrapt wanneer ze naar een psychiater worden verwezen omdat ze het gevoel hebben hiermee te worden afgescheept.
      Omdat er sprake moet zijn van een langdurige geschiedenis van veelsoortige onverklaarde symptomen, is de somatisatiestoornis onder de algehele bevolking betrekkelijk zeldzaam (misschien 1%), maar in een medische setting treft men haar veel vaker aan.
      Nog groter is het aantal patiŽnten dat wel enigszins aan het beeld beantwoordt maar niet helemaal omdat hun lichamelijke klachten duidelijk omschreven zijn en zich beperken tot een (of slechts enkele) orgaansyste(e)m(en).
      Om geheel onduidelijke redenen zal een somatisatiestoornis zich veel eerder ontwikkelen bij vrouwen dan bij mannen.
      De lichamelijke symptomen verschijnen en verdwijnen.
      Ze verergeren dikwijls tijdens perioden van emotionele stress (zoals een crisis op het werk of na het verbreken van een relatie), als de betrokkene een recidiverende psychiatrische stoornis heeft (zoals depressies of angstaanvallen) of als er tevens problemen zijn als gevolg van een medische aandoening.
      In stabielere tijden kan de betrokkene periodes hebben waarin hij volkomen vrij is van lichamelijke symptomen, maar deze episodes zijn gewoonlijk vrij kort.
      Denkt u eraan dat deze diagnose alleen gesteld wordt wanneer de betrokkene een lange geschiedenis van een zeer groot aantal onderscheiden en onverklaarde lichamelijke symptomen achter zich heeft.
      Diagnostiek DSM VI
      Volgens het diagnostisch handboek is er sprakevan een somatisatiestoornis als er sprake is van het volgende :
      - Er is een geschiedenis van vele lichamelijke klachten die zich niet volledig laten verklaren door een bestaande algemene medische kwaal of door het rechtstreeks effect van een of ander middel. De klachten moeten rond het dertigste levensjaar begonnen zijn en vele jaren blijven optreden.
      - De symptomen betreffen allerlei verschillende delen van het lichaam en zijn ernstig genoeg om het functioneren te belemmeren, een arts te doen raadplegen of tot geneesmiddelengebruik te nopen. Volgens het meest kenmerkende beeld treden de symptomen op volgens het volgende patroon :
      į Vier (of meer) pijnsymptomen (bijvoorbeeld in hoofd, buik, rug, gewrichten, extremiteiten, borstkas of rectum of pijn tijdens de menstruatie, seks of het plassen).
      į Twee (of meer) gastrointestinale symptomen (zoals misselijkheid, opgeblazenheid, braken buiten de zwangerschap, diarree of een niet kunnen verdragen van ettelijke verschillende voedingsmiddelen).
      į Een (of meer) symptomen op seksueel gebied (zoals geen of weinig interesse voor seks, problemen met de erectie of ejaculatie, onregelmatige menstruatie, buitensporig hevige menstruatie, braken gedurende de gehele zwangerschap).
      į Een (of meer) conversiesymptomen waarbij het zenuwstelsel betrokken lijkt (zoals aangetast coŲrdinatievermogen, verlammingen, moeite met slikken, verlies van de tastzin, dubbel zien, blindheid, doofheid, toevallen).
      Cfr. : http://mens-en-samenleving.infonu.nl/psychologie/13342-probleem-of-stoornis-somatisatiestoornis.html

    8. Stagegids "PatiŽntenzorgstage"
      © Katholieke Universiteit Leuven - Laatste wijziging : 10-07-2007
      .../...
      Tekst 1 - Het ontstaan van klachten
      Tekst 2 - Van klacht naar problemen
      Tekst 3 - Van klacht naar diagnose en beleid
      Tekst 4 - Een patiŽntgericht consultatiemodel : essentieel voor de eerste opvangsituatie
      .../...
      Cfr. : http://med.kuleuven.be/education/gids/Pat/gids_nl.html

    9. Studieclub artsen stort zich op onverklaarbare klachten
      Stefan Raatgever - WellNed © 2001-2006 Ė Bron : KNMG
      Cfr. : http://www.wellned.nl/nw/nw040.htm

    10. Vage klachten zijn verklaarbaar - Interview Nieuwe hoogleraar Marjolein Drent
      Maarten Evenblij
      Zij ziet relatie tussen longproblemen en ernstige vermoeidheid
      '
      Gaat het nu om het aantal patiŽnten of om hun kwaliteit van leven', zegt prof. dr. Marjolein Drent een beetje geprikkeld als het relatief geringe aantal patiŽnten met interstitiŽle longziekten (ild) ter sprake komt.
      Ongeveer twintigduizend in Nederland.
      Aanzienlijk minder dan de 350 duizend Nederlanders met de diagnose longemfyseem of de 450 duizend met astma.
      '
      We hebben hier te maken met mensen die ernstig vermoeid zijn en soms nauwelijks kunnen functioneren in het dagelijks leven. Ze worden ook nauwelijks serieus genomen. Niet door hun omgeving, collega's en hun werkgever en dikwijls ook niet door hun artsen', stelt Drent die sinds half december bijzonder hoogleraar longziekten aan de Universiteit Maastricht is en vorige week vrijdag haar oratie hield.
      Naast die in Utrecht bezet ze nu de tweede Nederlandse leerstoel die zich in het bijzonder richt op interstitiŽle longaandoeningen.
      Het probleem wordt natuurlijk onderschat, anders zat u niet op deze nieuwe leerstoel
      '
      Ik denk dat we er de komende jaren achter zullen komen dat veel meer mensen dan we dachten klachten, zoals vermoeidheid en kortademigheid, hebben die terug te voeren zijn op een vorm van chronische ontsteking van het longweefsel. Die ontstekingsreacties kunnen ontstaan door stoffen die worden ingeademd - fijn stof en vezeltjes, spray voor leren jasjes, onkruidbestrijdingsmiddelen. Drukkers, die siliconenspray gebruiken, kunnen er last van krijgen of lassers, door de dampen die vrij komen. Mensen hebben geen idee hoeveel van de stoffen die we gebruiken schadelijk zijn. Maar klachten zijn ook terug te voeren op stoffen die in het bloed zijn opgenomen, zoals medicijnen. We verwachten vooral dat bepaalde combinaties van medicijnen schadelijk kunnen zijn. De betreffende stoffen irriteren het longweefsel, waardoor er een immunologische reactie op gang komt. De afweercellen proberen de irritatie weg te nemen en om een of andere reden lukt dat niet goed. Bijvoorbeeld omdat de vezeltjes van steenwol te weerbarstig zijn voor de opruimcellen. Maar het kan ook komen doordat de stoffen de afweercellen stimuleren om signaalstoffen uit te scheiden die de afweerreactie op gang houden. Langzaam maar zeker gaan de longcellen daardoor kapot en worden ze vervangen door bindweefsel. Daardoor vermindert de capaciteit van het gaswisselende longweefsel. Niet iedereen reageert even heftig op die schadelijke invloeden in lucht en bloed. De combinatie van blootstelling, genetische aanleg en omgevingsfactoren is bepalend. Mijnwerkers die jaren kolenstof inademden hadden vaak deze vorm van longschade, maar zij zijn in Nederland een uitstervende groep. Ook mensen die een combinatie van bepaalde antidepressiva (de SSRI's) en bloeddrukmiddelen (bŤtablokkers) gebruiken hebben een grotere kans op ild. Dat geldt ook voor mensen die een specifieke opmaak hebben van het gen voor het enzym cytochroom P450. Dit CYP is, onder meer in de lever, betrokken bij de afbraak van medicijnen. Bij ongeveer ťťn op de vijf mensen is dat gen zo veranderd dat het bijbehorende enzym z'n afbraakfunctie minder goed vervult. Daardoor worden bepaalde medicijnen slechter uit het lichaam Ďgeklaardí. In dat geval is het beter deze mensen zulke medicijnen niet, of minder gedoseerd, voor te schrijven. Vooral wanneer de werkzaamheid van het betreffende medicijn juist is toe te schrijven aan een door het CYP-systeem gevormd afbraakproduct. Mensen reageren dan onvoldoende op het medicijn, de dosis wordt verhoogd en er ontstaan concentraties in het bloed die schadelijk voor de longen zijn'.
      Zijn deze voor longschade gevoelige mensen te identificeren ?
      '
      In het Academisch Ziekenhuis Maastricht hebben we een speciale CYP-werkgroep opgericht die artsen begeleidt bij het voorschrijven van de juiste doses en combinatie van medicijnen. We proberen te voorspellen welke patiŽnten een verhoogde kans hebben op het ontwikkelen van bijwerkingen. We realiseren ons te weinig dat een derde van de ziekenhuisopnames te maken heeft met een verkeerd medicijngebruik. Ik vind dat bij het testen en registreren van medicijnen beter moet worden gekeken naar de negatieve effecten, zeker bij patiŽnten met bekende defecten in het CYP-afbraaksysteem. Centraal daarbij staat de overactivatie van het immuunsysteem. Dat zien we ook bij patiŽnten met sarcoÔdose. Dat is een grillige aandoening die zich overal in het lichaam kan voordoen en waarbij afweercellen het weefsel infiltreren. Vooral de longen, maar ook de spieren, ogen, lever, huid en gewrichten kunnen zijn aangedaan. SarcoÔdosepatiŽnten zijn dikwijls erg moe. Naar schatting leiden in Nederland zevenduizend mensen aan sarcoÔdose. Hun kwaliteit van leven is vaak ernstig aangetast, wat versterkt wordt doordat moeheid moeilijk objectief is vast te stellen en door de omgeving vaak niet wordt erkend. Wij zijn er achter gekomen dat het geen toeval is dat patiŽnten redelijk consistent een aantal vage klachten, zoals moeheid, pijn, onrustige benen en eetstoornissen melden. Dit klachtenpatroon is terug te voeren op de zogeheten ďdunne vezel neuropathieĒ. Stoornissen in de dunne zenuwvezels die het onwillekeurige zenuwstelsel vormen dat betrokken is bij pijn, temperatuurzin en de regulatie van de bloeddruk. Door deze bevindingen zijn we er, door samenwerking van diverse disciplines in ons SarcoÔdose Management Team, achter gekomen dat dit onwillekeurig zenuwstelsel geregeld is aangetast bij patiŽnten met sarcoÔdose en andere aandoeningen waarbij het afweersysteem is betrokken. Dat verklaart een groot deel van de vage klachten. Die zitten dus niet ďtussen de orenĒ. Ook hier gaat het weer over die aanhoudende ontstekingsreactie. Voorbeelden daarvan zijn reuma, mensen die cytostatica gebruiken en wellicht ook het chronisch vermoeidheidssyndroom ME'.
      Valt die overactivatie van het immuunsysteem te remmen ?
      Ď
      Er is een medicijn dat bepaalde signaalstoffen van het afweersysteem remt. Helaas is het alleen geregistreerd voor toepassing bij patiŽnten met reuma en de ziekte van Crohn. De fabrikant die het maakt, vindt het op dit moment niet opportuun om het te laten registreren voor sarcoÔdose en wil het middel vooralsnog ook niet gratis beschikbaar stellen voor onderzoek. Een patiŽnt ermee behandelen kost 25 duizend euro per jaar. Voor gedegen onderzoek hebben we minstens vijftig patiŽnten nodig. Alleen al een paar miljoen voor medicijnen kan het ziekenhuis niet opbrengen. De kosten voor specialistische en vaak experimentele, behandeling zijn overigens een algemeen probleem. Door de introductie van de DBC's, de Diagnose-Behandel Combinaties, krijgen ziekenhuizen een vast bedrag voor elke patiŽnt met een bepaalde diagnose. De kosten van experimentele medicijnen zijn echter schrikbarend hoog en het zijn juist de specialistische centra die de patiŽnten krijgen die voor behandeling met zulke middelen in aanmerking komen. Die worden slechts deels vergoed en soms helemaal niet. Bovendien doet soms de ene zorgverzekeraar het wel en de andere het niet. Daardoor ontstaat een onaanvaardbare ongelijkheid tussen patiŽnten.'
      U pleit voor specialistische expertisecentra waar verschillende disciplines samenwerken ten behoeve van het stellen van een diagnose en het behandelen van patiŽnten
      'De medische wetenschap is dermate ingewikkeld geworden dat er superspecialisten zijn ontstaan omdat alle ontwikkelingen niet meer door ťťn persoon zijn bij te houden. Daardoor ontbreken echter artsen die de samenhang van verschijnselen kunnen zien, over de grenzen van de superspecialismen kunnen heen kijken. Het gebeurt dat een cardioloog, een longarts, een internist zeggen : ik heb de patiŽnt onderzocht en in mijn discipline kan ik er niets mee. Zo'n patiŽnt kan vervolgens onterecht worden teruggestuurd naar de huisarts. Die zou dan de samenhang van de klachten en bevindingen moeten zien. Daar zijn huisartsen niet voor bedoeld. Daarom moeten specialismen zelf veel meer samenwerken. Niet alleen in logistieke zin, zodat een patiŽnt snel van de ene specialist naar de andere kan. Maar specialisten moeten ook gezamenlijk patiŽnten bespreken en zo de samenhang aanbrengen. Anders komen we er straks achter dat we als artsen weliswaar heel veel kunnen, maar dat een toenemende groep patiŽnten tussen de wal en het schip is gevallen.'
      Cfr. : http://www.ildcare.eu/pages/nieuws_interview_Drent_volkskrant.html

    11. Vage klachten, stoppen met vlees en weer beginnen
      Cfr. : http://www.animalfreedom.org/paginas/informatie/ex-vegetariers.html

    12. Vage klachten ? - ít KŠn de schildklier zijn
      Rob Bekkering - De Telegraaf, 12-03-2006
      Mevrouw Ten Have, een gezonde vrouw van in de veertig, was de laatste maanden alsmaar moe.
      Ze had allerlei vage spieren gewrichtspijnen en ze was ook aangekomen.
      Volgens haar de nasleep van een griepje, maar uit bloedonderzoek bleek dat haar schildklier te traag werkte .../...
      Cfr. : http://www.gezondheidssite.nl/extra/documenten/Schildklier.pdf

    13. Vage lichamelijke klachten
      © 2006 - 2008 InfoNu.nl
      Mensen gaan er altijd van uit dat 'lichamelijke' symptomen (zoals pijn, gevoelloosheid, misselijkheid, diarree of huiduitslag) door een lichamelijke ziekte worden veroorzaakt en 'psychische' symptomen (zoals depressies, manische toestanden of nerveuze angst) door een geestesziekte.
      Definitie en beschrijving
      Dat we denken volgens deze tweedeling over de oorzaken van symptomen is niet verrassend.
      Het is geheel in overeenstemming met de eeuwenoude filosofische en praktische traditie om de geest van het lichaam te scheiden, de ziel van de stof, het spirituele van het lichamelijke en het geestelijke van het lichamelijke.
      De ware situatie is geenszins zo simpel en zwart-wit.
      Een ogenschijnlijk 'psychisch' symptoom zoals depressiviteit kan worden veroorzaakt doordat de betrokkene een hersentumor heeft of aan dementie lijdt en kan zelfs maanden of jaren voorafgaan aan de vaststelling van de onderliggende medische kwaal.
      Net zo kunnen mensen die aan een psychiatrische stoornis lijden eerst alleen lichamelijke symptomen vertonen.
      Een depressie veroorzaakt bijvoorbeeld dikwijls een slechte eetlust, gewichtsverlies, slapeloosheid, vermoeidheid, hoofdpijnaanvallen en pijn.
      Een paniekstoornis gaat gepaard met duizeligheid, hartkloppingen, gevoelloosheid, zweten, beven, kortademigheid, benauwdheid, misselijkheid, opvliegers en pijn op de borst.
      Mensen die middelen gebruiken, kunnen op het eerste gezicht zo ongeveer elk 'lichamelijk' symptoom vertonen.
      Bovendien ervaren en melden veel mensen gevoelens van stress of emotionele misŤre via lichamelijke symptomen zoals hoofdpijn, maagpijn, duizeligheid of zwakte.
      Als grove vuistregel is dit simplistisch gelijkstellen ('lichamelijk symptoom = medisch probleem; emotioneel symptoom = psychisch probleem') een vrij aardige eerste inschatting, vooral bij het besluit wie men het eerst bij een probleem zal raadplegen.
      Als u maagpijn heeft, is de natuurlijke eerste stap een consult bij uw huisarts, omdat u ervan uitgaat dat de oorzaak een onderliggend lichamelijk probleem is.
      Uw huisarts zal als standaardprocedure uw maag onderzoeken en misschien bloedonderzoek of een rŲntgenfoto aanvragen, op zoek naar blijken van een lichamelijke afwijking.
      Heel vaak brengt het lichamelijk onderzoek niets aan het licht en is ook de uitslag van het lab negatief of 'twijfelachtig' ook al gaat de maagpijn niet over.
      Wat zijn de mogelijkheden ?
      Misschien is er toch een onderliggende lichamelijke oorzaak voor de maagpijn die over het hoofd is gezien.
      Gezien het huidige kostendrukkende klimaat in de geneeskunde kunt u zich zorgen maken of de dokter uw probleem wel grondig genoeg heeft uitgespit.
      Waarschijnlijker is dat er onvoldoende aan de hand is om iets aantoonbaars te veroorzaken.
      En zelfs de allerbeste onderzoeken en laboratoriumtests hebben hun beperkingen en zijn misschien te weinig verfijnd om elke lichamelijke storing te vangen.
      Ten slotte zijn er voor bepaalde medische aandoeningen, zoals multiple sclerose, in de eerste fasen soms geen duidelijke lichamelijke aanwijzingen te ontdekken.
      De onderliggende lichamelijke oorzaak openbaart zich dan pas op een later tijdstip in het ziekteproces.
      Dan is er de andere hierboven besproken mogelijkheid, dat de symptomen, ofschoon ze als 'lichamelijk' worden ervaren, in werkelijkheid een reactie zijn op stress of een uiting van een onderliggende emotionele stoornis.
      Vanwege onze voorkeur voor lichamelijke oorzaken voor lichamelijke symptomen, kan dit een bittere pil om te slikken zijn, vooral gezien de lompe manier waarop het bericht dikwijls wordt overgebracht : '
      Meneer Jansen, ik heb de uitslagen van al uw onderzoeken bekeken en ik kan echt niks vinden. Misschien zit het allemaal tussen uw oren.'
      Bij deze boodschap zou u goed de voor de hand liggende en ongelukkige conclusie kunnen trekken dat uw arts uw symptomen als niet reŽel, niet legitiem beschouwd en het niet waard zijn kostbare tijd en energie aan te verspillen.
      Het is waar dat veel lichamelijke verschijnselen in feite niet meer voorstellen dan de voorbijgaande en te verwachten gewone kleine ongemakken van het dagelijks bestaan, maar wanneer symptomen langdurig aanhouden is dat gewoonlijk een aanwijzing dat er medisch of psychiatrisch iets aan de hand is.
      De uitdaging is dan om uit te maken ofhet lichamelijke symptoom op het bestaan van een onderliggende medische stoornis wijst of in plaats daarvan een uiting van emotionele beroering is of een combinatie van beide.
      De aandoeningen (zoals bij de somatisatiestoornis, conversiestoornissen en pijnstoornis) bewegen zich op het raakvlak tussen de huisartsen en de psychiatrische praktijk en worden vaak enigszins als een ondergeschoven kindje behandeld.
      We moeten vooral in gedachten houden dat deze diagnoses pas serieus in overweging te worden genomen nadat alle eventuele medische- en psychiatrische oorzaken van de lichamelijke symptomen de revue hebben gepasseerd en 'uitgesloten' zijn.
      We mogen in dit verband niet uit het oog verliezen dat het is dikwijls veel lastiger is met volstrekte zekerheid te bewijzen dat een bepaalde medische aandoening niet aanwezig is dan haar op te sporen als ze wťl aanwezig is, vooral waar sommige ziekten zich maar langzaam profileren.
      Het is waarschijnlijk zelfs nooit voor de volle 100% zeker te bewijzen dat er geen sprake is van een onderliggende lichamelijke of psychiatrische ziekte.
      Altijd is daar de mogelijkheid, hoe klein ook, dat er iets over het hoofd is gezien of later aan de dag zal treden wanneer de ziekte zich verder ontwikkelt.
      Als arts brengen wij deze chronische onzekerheid terug tot een 'redelijk' en 'aanvaardbaar' niveau door het uitvoeren van medische onderzoeken.
      Voorbij een bepaald punt wordt echter de kosten/baten verhouding bij het uitvoeren van nog meer onderzoeken te ongunstig wanneer de potentiŽle winst van de volgende diagnostische test niet meer opweegt tegen de daaraan verbonden kosten, pijn en risico's.
      Ziektewinst en vage klachten
      We hebben allemaal wel eens last gehad van een onverklaard lichamelijk symptoom.
      Voor sommige mensen wordt echter een preoccupatie met lichamelijke symptomen een belangrijke manier van omgaan met stress, psychische conflicten en emotioneel onbehagen.
      Ze letten enorm op hun lichamelijke gewaarwordingen en houden zich voortdurend met hun lichamelijke gezondheidstoestand bezig, vooral wanneer de dingen psychisch niet zo lekker lopen.
      De betrokkene kan dikwijls een duidelijk omschreven medische aandoening hebben, maar maakt zich veel drukker om de lichamelijke symptomen dan de ziekte rechtvaardigt; of hij blijft dat zelfs nog doen nadat de oorspronkelijke ziekte allang niet meer de veroorzaker is.
      Natuurlijk kan concentratie op lichamelijke symptomen zijn voordelen hebben, althans op korte termijn.
      Het boven halen van de onderste steen om de reden voor de lichamelijke verschijnselen te vinden, vormt een afleiding waardoor men de confrontatie met onderliggende problemen, emoties of conflicten uit de weg kan gaan.
      Het patiŽnt-zijn en het onder behandeling staan van een arts bieden steun en geruststelling.
      Familie, vrienden en collega's gaan zich mogelijk meelevender en minder veeleisend opstellen.
      Lichamelijke symptomen kunnen een problematische situatie ook rechtstreeks opheffen; iemand die in conflict met zijn leidinggevende is gekomen, gaat bijvoorbeeld in de ziektewet of wordt overgeplaatst naar een andere afdeling van het bedrijf.
      Jammer genoeg werkt preoccupatie met lichamelijke klachten als manier om problemen te hanteren op de lange termijn zelden; bovendien heeft het weer haar eigen specifieke nadelen.
      Gewoonlijk blijven onderliggende problemen onopgelost en die zullen dan ook vermoedelijk terugkeren.
      Ofschoon huisarts, familie en vrienden de betrokkene vanwege zijn lichamelijke klachten in eerste instantie zullen omringen met aandacht en empathie, slijten deze bij het kenmerkende verloop snel en komen er ongeduld en frustratie voor in de plaats.
      Ten slotte zullen de herhaalde bezoeken aan allerlei artsen vrijwel altijd leiden tot de gekste onderzoeken en onnodige behandelingen, bezoeken aan alternatieve artsen en onderwerping aan alternatieve therapie.
      Cfr. : http://mens-en-samenleving.infonu.nl/psychologie/13347-probleem-of-stoornis-vage-lichamelijke-klachten.html

    14. Van vage klachten tot volledige diagnose in ťťn dag - Nieuwe dienstverlening : zna geriatrisch dagziekenhuis
      Stel : je moeder valt geregeld Ė thuis, op straat, maar niemand weet precies waarom.
      Zijn het evenwichtsstoornissen ?
      Teveel verschillende medicijnen ?
      Hartproblemen ?
      Reuma ?
      Neurologische afwijkingen ?
      Alles is mogelijk.
      Uit angst om in een mallemolen van consulten en opnames terecht te komen, stappen velen niet tijdig naar een arts.
      ZNA startte daarom met een nieuwe vorm van dienstverlening : ouderen met vage geriatrische klachten kunnen daarmee voortaan terecht bij het ZNA geriatrisch dagziekenhuis.
      In ťťn dag doorlopen zij daar alle noodzakelijke onderzoeken en consulten.
      De week erna ligt er een verslag klaar van deze multidisciplinaire evaluatie met een advies voor hun huisarts .../...
      Cfr. : http://www.zna.be/Nav%201/Publicaties/jaarverslag%202006/11%20ZNA%20geriatrisch%20dagziekenhuis%20-%20van%20vagen%20klachten%20tot%20diagnose%20in%20%C3%A9%C3%A9n%20dag.pdf

    Lees verder : Deel IV

    14-01-2008 om 22:55 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten - Deel IV
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

    Vrije Universiteit (VU) opent kliniek voor vage klachten

    Deel IV

    1. Vermoeidheid vooral door somberheid en angst
      Algemeen Dagblad, 26-10-2007
      UTRECHT ((ANP) ) - Emotionele klachten als somberheid en angst zijn in de meeste gevallen de oorzaak van vermoeidheidsklachten bij jongeren.
      Dit concludeert Maike ter Wolbeek in haar proefschrift.
      Volgens Ter Wolbeek zijn weinig lichaamsbeweging en een slechte nachtrust ook van invloed.
      Een drukke agenda met school en bijbaantjes speelt geen rol.
      Ter Wolbeek, die vrijdag promoveert, voerde een grootschalig onderzoek uit voor het Universitair Medisch Centrum Utrecht en de Universiteit Utrecht.
      Daarvoor liet zij 3454 middelbare scholieren een vragenlijst invullen over vermoeidheid, gezondheid en levensstijl.
      Een op de vijf meisjes (20,5 procent) en 6,5 procent van de jongens hadden last van ernstige vermoeidheid.
      De vermoeidheid bij meisjes komt vooral door emotionele klachten en in mindere mate door weinig lichaamsbeweging en slechte nachtrust.
      Ook de duur van die vermoeidheid heeft met somberheid en angst te maken.
      Afwijkingen in het immuunsysteem en het hormonale stressregulerende systeem bleken vooral voor te komen bij meisjes die langdurig moe waren of naast de moeheid ook last hadden van emotionele problemen.
      Volgens Ter Wolbeek is het belangrijk om te achterhalen of juist deze meisjes een risicogroep vormen om een vermoeidheidsziekte te ontwikkelen.
      Zij beveelt aan om jongeren die last hebben van somberheid en angst, weinig bewegen en slecht slapen, preventief hulp te bieden.
      Cfr. : http://www.ad.nl/diagnose/article1691873.ece?nscategory=zoekResultaat

    2. Voor elke 'vage' klacht een aparte vereniging
      DAG, 10-01-2008
      Het zit Ď
      tussen de orení, is de meest gestelde diagnose voor een reeks vage klachten, zoals RSI, vermoeidheid en spanningshoofdpijn.
      Natuurlijk zijn sommige klachten echt van deze tijd, zoals mensen die slapeloosheid en hartkloppingen krijgen als ze in de buurt van een UMTS verblijven, aangezien deze masten nog niet lang bestaan, maar de klachten worden ook vaak gezien als een gevolg van onze 24-uurs economie, waarin de werkdruk enorm is toegenomen.
      Tel daarbij ook nog eens de milieuvervuiling op, die een belasting vormt voor ons afweer- en immuunsysteem ..../...
      Cfr. : http://www.dag.nl/Nieuws/Artikelpagina-Nieuws/Voor-elke-vage-klacht-een-aparte-vereniging.htm

    3. Ziekte van Addison-Biermer
      Herken je deze klachten ?
      Gevoelige tong, vermoeidheid, veel slapen, het koud hebben, tintelingen in voeten/handen, het gevoel op vilt/watten te lopen, zware/stijve benen, concentratieproblemen, duizeligheid, diarree, psychische problemen, hartritmestoornissen, wazig zien, spiertrillingen, haaruitval, ...
      Heb je zelf, of iemand uit je omgeving, enkele van deze klachten dan kunnen deze het gevolg zijn van de ziekte van Addison-Biermer (ook wel 'Pernicieuze anemie' genoemd).
      Een standaard bloedonderzoek geeft niet altijd afwijkingen.
      Omdat dit ziektebeeld zich sluipend aandient met vage klachten gedurende enkele jaren, loop je als patiŽnt het risico niet serieus genomen te worden.
      Heb je het gevoel dat deze klachten bij jou horen, dan moet je hier direct naar laten kijken.
      Een bloedonderzoek op B12 is meestal voldoende.
      Als je hier te lang mee wacht kan dit blijvende neurologische klachten tot gevolg hebben.
      Dit is niet nodig want de behandeling is, mits op tijd, effectief .../...
      Cfr. : http://www.spiritlijn.com/b12%20-%20Addison%20Biermer.htm
      Cfr. ook : http://home.hetnet.nl/~hindrikdejong/

    14-01-2008 om 22:42 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (8 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Blog als favoriet !

    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Foto

    Raadpleeg steeds je arts !
    Inhoud blog
  • Tijd om afscheid te nemen...
  • Fibromyalgie in het kort
  • Leden ME/CVS Vereniging unaniem tegen CBO-voorstel
  • Blood donation, XMRV & chronic fatigue syndrome
  • Illness duration and coping style in chronic fatigue syndrome
  • Review confirms PTSD in Gulf vets - Panel finds many reports of multisymptom illnesses
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel I
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel II
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel III
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel IV
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel V
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel VI
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel VII
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel VIII
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel IX
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel X
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel XI
  • When do symptoms become a disease ?
  • Burnout
  • Gepest ? - Zet de juiste stappen
  • Voldoet jouw werkplek aan de ARBO-normen ?
  • Chiropractie - Vrijspraak voor Simon Singh in smaadzaak
  • ME/CVS ? - Werk mee aan onderzoek naar tegemoetkoming chronisch zieken !
  • Magical Medicine - How to make a disease disappear
  • A new hypothesis of chronic fatigue syndrome - Co-conditioning theory
  • A light in the darkness - Good news ahead for XMRV ?
  • Zomertijd - Help je biologische klok
  • Beter van de bedrijfsarts
  • De invloed van economisering op het werk van artsen
  • Chronisch Vermoeidheidssyndroom (IOCOB)
  • Gezond brein, gezonde darmen
  • A retrospective review of the sleep characteristics in patients with chronic fatigue syndrome and fibromyalgia
  • Opdracht voor het volgende kabinet : afschaffing van het UWV
  • Test maakt validering pijn bij ME/CVS patienten mogelijk
  • Surprise discovery that HIV retrovirus hides in bone marrow offers new hope for eradication
  • A doctor's roadmap for dealing with the problems of ME/CFS
  • De Terug Plezant Club
  • Het retrovirus XMRV - Waar of niet waar ?
  • Being homebound with chronic fatigue syndrome - A multidimensional comparison with outpatients
  • Oplaaiende symptomen ME patient verraden ontstekingsreactie
  • UWV : 'ME/CVS is ziekte in zin van arbeidsongeschiktheid'
  • Een succesverhaal met Vistide in de strijd tegen ME/CVS - Een verhaal over herstel
  • Depressie
  • Hoe stressvol is je leven ?
  • Making the diagnosis of CFS/ME in primary care - A qualitative study
  • A new system of evaluating fibromyalgia and chronic fatigue
  • Nijmeegs onderzoek haalt CVS-doorbraak onderuit
  • Psychotherapie bij depressie overschat
  • Secrets of novel retrovirus unfolding
  • XMRV : 'missing link' bij ME/CVS ?
  • Reeves, hoofd van CDC CVS onderzoeksprogramma, gaat weg
  • Constant agony of an ME sufferer
  • Canon van de geneeskunde in Nederland
  • Dr. Frank dieet
  • Defeatism is undermining evidence that chronic fatigue syndrome can be treated
  • Cellular and molecular mechanisms of interaction between the neuroendocrine and immune systems under chronic fatigue syndrome in experiment
  • Zo zorg je voor weerstand - Houd je lichaam in optimale conditie
  • Fibromyalgie Vlaanderen Nederland - Dr. Bauer
  • Bussemaker komt terug op erkenning CVS
  • Postexertional malaise in women with chronic fatigue syndrome - Laboratioriumonderzoek bevestigt inspanningsintolerantie bij ME/CVS
  • Ze vertelden stervende dochter dat ze een leugenaar was - Interview met ME moeder Criona Wilson
  • Bijwerkingen antidepressiva erger dan gedacht
  • Bereken je BMI
  • Host range and cellular tropism of the human exogenous gammaretrovirus XMRV
  • The Brain Boosting B-12 - Hydroxocobalamin
  • Vertaling Canadese criteria ME/CVS
  • Slapeloosheid & osteopathie
  • Het Advies- en meldpunt ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid
  • Association between serum ferritin [stored iron] level and fibromyalgia syndrome
  • Dr. Mikovits XMRV Seminar (videos)
  • Zorgen voor een ander (2010) - Antwoorden op veelgestelde vragen
  • Herwin je veerkracht - Omgaan met chronische vermoeidheid en pijn
  • Je eten bepaalt je slaap
  • Dierenleed
  • ME/CVS erkend als chronische ziekte
  • Understanding fibromyalgia pain
  • Hyperalgesia in chronic fatigue syndrome
  • Wegwijzer psychische problemen
  • Positieve psychologie
  • Fietsen in de sneeuw...
  • Tips tegen de koude
  • Failure to detect the novel retrovirus XMRV in chronic fatigue syndrome
  • Nieuwe behandeling VermoeidheidCentrum zeer effectief
  • Een Zalig Kerstfeest en een gezond en voorspoedig 2010 !
  • Taming stressful thoughts
  • Burn-out - Werken tot je erbij neervalt - Deel I
  • Burn-out - Werken tot je erbij neervalt - Deel II
  • Canadese kriteria voor kinderen ook geschikt om onderscheid te maken tussen "milde" en "ernstige" gevallen
  • Stop met piekeren
  • Gedumpt, wat nu ? - Deel I
  • Gedumpt, wat nu ? - Deel II
  • Making a Difference in ME/CFS (Chronic Fatigue Syndrome) and FM
  • Psychotherapie - Van theorie tot praktijk
  • Fibromyalgie, waardevolle dagbesteding en werk - Deel I
  • Fibromyalgie, waardevolle dagbesteding en werk - Deel II
  • Fibromyalgie
  • Europees instrument spoort fibromyalgie op
  • Gezinsgeluk heeft positieve invloed op werk
  • Cognitieve gedragstherapie bij depressie
  • Nooit meer hetzelfde...
  • Rugklachten en RSI beroepsziekten nummer 1
  • SOS ! Hulp voor ouders
  • Dr. Nancy Klimas opens new Chronic Fatigue Center
  • The dramatic story of microbiologist Elaine DeFreitas' discovery
  • Fibromyalgie - Genezing is mogelijk - Gratis boek !
  • Verdedig je tegen wintervirussen
  • 7 geheimen die vrouwen verzwijgen
  • Eťn op de twee Belgen krijgt ooit last van reuma
  • Wie langdurig ziek wordt heeft nood aan informatie
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel I
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel II
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel III
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel IV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel V
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel VI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel VII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel VIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel IX
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel X
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XIV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XVI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XVII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XVIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XIX
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XX
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXIV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXVI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXVII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXVIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXIX
  • Doe een wens... - Make a wish...
  • 7 geheimen die mannen verzwijgen
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXX
  • Fibromyalgie - Genezing is mogelijk - GRATIS !
  • Af en toe een geheim is juist gezond
  • FM/CVS en verzekeringen - Info voor thesis
  • Mogelijke doorbraak MS-behandeling
  • Wees een winterdepressie voor
  • Vitamine B12-tekort - Een mogelijke oorzaak van Chronische vermoeidheid ? - Deel I
  • Vitamine B12-tekort - Een mogelijke oorzaak van Chronische vermoeidheid ? - Deel II
  • The Guaifenesin Story
  • A virus linked to chronic fatigue syndrome - Dr. Nancy Klimas interviews
  • Don't wait for a cure to appear
  • Gezonde chocoladeletters van Sinterklaas
  • Oorzaken van puisten
  • Sporten beter dan pauzeren bij RSI
  • Alles voor het goeie doel !!
  • Gewoon gelukkig zijn...
  • Chronic Fatigue Syndrome - La b√™te noire of the Belgian Health Care System
  • Persoonlijkheidstests
  • Vaccinatie risicogroepen H1N1
  • Geopereerd Prof. Johann Bauer - Een update (Greta)
  • Weersfactoren oorzaak van hoofdpijn
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part I
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part II
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part III
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part IV
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part V
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part VI
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part VII
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part VIII
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part IX
  • Challenges to conventional thinking about mind and body
  • What is CFS and what is ME ?
  • CVS-Referentiecentra - Opheffing en sluiting
  • Heb ik voldoende ontspanning ?
  • 7 tips tegen een overactieve blaas
  • Wallen en kringen onder de ogen
  • Recovered CFS/ME Patient Goes to Washington, D.C.
  • Chronische vermoeidheid zit niet tussen de oren
  • Dr. Bauer heeft mijn leven gered
  • Has your marriage been damaged by fibromyalgia or chronic fatigue syndrome ?
  • Vijf grootste bedreigingen gezondheid
  • Onbegrepen lage rugpijn beter te behandelen
  • Je beste antistresstip
  • Sufferers of chronic fatigue see life as a balancing act
  • Te hard gewerkt...
  • Prof. Dr. Johann Brauer op mijn blog
  • Geopereerd Prof. Johann Bauer
  • Is de griepprik gevaarlijk ?
  • Griep en verkoudheid - Deel I
  • Griep en verkoudheid - Deel II
  • Support the 500 Professionals of the IACFS/ME
  • Slanker met je hartritme
  • Enzym veroorzaakt gevolgen slaaptekort
  • Now we can get down to business
  • XMRV and chronic fatigue syndrome
  • Verslaving is een behandelbare hersenziekte
  • Kopstukken filosofie - Oktober 2009
  • Gek op je werk
  • Fikse schadevergoeding om antidepressivum
  • ME/CFS patients have retrovirus (XMRV) on YouTube

    Foto

    Archief per week
  • 12/04-18/04 2010
  • 05/04-11/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 01/03-07/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 28/12-03/01 2010
  • 21/12-27/12 2009
  • 14/12-20/12 2009
  • 07/12-13/12 2009
  • 30/11-06/12 2009
  • 23/11-29/11 2009
  • 16/11-22/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 02/11-08/11 2009
  • 19/10-25/10 2009
  • 12/10-18/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 28/09-04/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 07/09-13/09 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 10/08-16/08 2009
  • 27/07-02/08 2009
  • 20/07-26/07 2009
  • 06/07-12/07 2009
  • 22/06-28/06 2009
  • 15/06-21/06 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 01/06-07/06 2009
  • 25/05-31/05 2009
  • 18/05-24/05 2009
  • 11/05-17/05 2009
  • 04/05-10/05 2009
  • 27/04-03/05 2009
  • 20/04-26/04 2009
  • 13/04-19/04 2009
  • 30/03-05/04 2009
  • 23/03-29/03 2009
  • 16/03-22/03 2009
  • 09/03-15/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 23/02-01/03 2009
  • 16/02-22/02 2009
  • 09/02-15/02 2009
  • 02/02-08/02 2009
  • 26/01-01/02 2009
  • 19/01-25/01 2009
  • 12/01-18/01 2009
  • 05/01-11/01 2009
  • 22/12-28/12 2008
  • 15/12-21/12 2008
  • 08/12-14/12 2008
  • 01/12-07/12 2008
  • 24/11-30/11 2008
  • 17/11-23/11 2008
  • 10/11-16/11 2008
  • 03/11-09/11 2008
  • 27/10-02/11 2008
  • 20/10-26/10 2008
  • 13/10-19/10 2008
  • 06/10-12/10 2008
  • 29/09-05/10 2008
  • 22/09-28/09 2008
  • 15/09-21/09 2008
  • 08/09-14/09 2008
  • 01/09-07/09 2008
  • 25/08-31/08 2008
  • 18/08-24/08 2008
  • 11/08-17/08 2008
  • 04/08-10/08 2008
  • 28/07-03/08 2008
  • 21/07-27/07 2008
  • 14/07-20/07 2008
  • 30/06-06/07 2008
  • 23/06-29/06 2008
  • 16/06-22/06 2008
  • 09/06-15/06 2008
  • 02/06-08/06 2008
  • 26/05-01/06 2008
  • 19/05-25/05 2008
  • 12/05-18/05 2008
  • 05/05-11/05 2008
  • 28/04-04/05 2008
  • 21/04-27/04 2008
  • 14/04-20/04 2008
  • 07/04-13/04 2008
  • 31/03-06/04 2008
  • 24/03-30/03 2008
  • 17/03-23/03 2008
  • 10/03-16/03 2008
  • 03/03-09/03 2008
  • 25/02-02/03 2008
  • 18/02-24/02 2008
  • 11/02-17/02 2008
  • 04/02-10/02 2008
  • 28/01-03/02 2008
  • 21/01-27/01 2008
  • 14/01-20/01 2008
  • 07/01-13/01 2008
  • 31/12-06/01 2008
  • 24/12-30/12 2007
  • 17/12-23/12 2007
  • 10/12-16/12 2007
  • 03/12-09/12 2007
  • 26/11-02/12 2007
  • 19/11-25/11 2007
  • 12/11-18/11 2007
  • 05/11-11/11 2007
  • 29/10-04/11 2007
  • 22/10-28/10 2007
  • 15/10-21/10 2007
  • 08/10-14/10 2007
  • 01/10-07/10 2007
  • 24/09-30/09 2007
  • 17/09-23/09 2007
  • 10/09-16/09 2007
  • 03/09-09/09 2007
  • 27/08-02/09 2007
  • 20/08-26/08 2007
  • 13/08-19/08 2007
  • 06/08-12/08 2007
  • 30/07-05/08 2007
  • 23/07-29/07 2007
  • 16/07-22/07 2007
  • 09/07-15/07 2007
  • 18/06-24/06 2007
  • 11/06-17/06 2007
  • 04/06-10/06 2007
  • 28/05-03/06 2007
  • 21/05-27/05 2007
  • 14/05-20/05 2007
  • 07/05-13/05 2007
  • 30/04-06/05 2007
  • 23/04-29/04 2007
  • 16/04-22/04 2007
  • 09/04-15/04 2007
  • 02/04-08/04 2007
  • 26/03-01/04 2007
  • 19/03-25/03 2007
  • 12/03-18/03 2007
  • 05/03-11/03 2007
  • 26/02-04/03 2007
  • 19/02-25/02 2007
  • 12/02-18/02 2007
  • 05/02-11/02 2007
  • 29/01-04/02 2007
  • 22/01-28/01 2007
  • 15/01-21/01 2007
  • 08/01-14/01 2007
  • 18/12-24/12 2006
  • 11/12-17/12 2006
  • 04/12-10/12 2006
  • 27/11-03/12 2006
  • 20/11-26/11 2006
  • 13/11-19/11 2006
  • 06/11-12/11 2006
  • 30/10-05/11 2006
  • 23/10-29/10 2006
  • 16/10-22/10 2006
  • 09/10-15/10 2006
  • 02/10-08/10 2006
  • 25/09-01/10 2006
  • 18/09-24/09 2006
  • 11/09-17/09 2006
  • 04/09-10/09 2006
  • 28/08-03/09 2006
  • 07/08-13/08 2006
  • 31/07-06/08 2006
  • 24/07-30/07 2006
  • 03/07-09/07 2006
  • 26/06-02/07 2006
  • 19/06-25/06 2006
  • 12/06-18/06 2006
  • 29/05-04/06 2006
  • 22/05-28/05 2006
  • 15/05-21/05 2006
  • 08/05-14/05 2006
  • 01/05-07/05 2006
  • 24/04-30/04 2006
  • 17/04-23/04 2006
  • 10/04-16/04 2006
  • 27/03-02/04 2006
  • 20/03-26/03 2006
  • 13/03-19/03 2006
  • 06/03-12/03 2006
  • 27/02-05/03 2006
  • 20/02-26/02 2006
  • 13/02-19/02 2006
  • 06/02-12/02 2006
  • 30/01-05/02 2006
  • 23/01-29/01 2006
  • 16/01-22/01 2006
  • 09/01-15/01 2006
  • 26/12-01/01 2006
  • 19/12-25/12 2005
  • 12/12-18/12 2005
  • 05/12-11/12 2005
  • 28/11-04/12 2005
  • 21/11-27/11 2005
  • 14/11-20/11 2005
  • 07/11-13/11 2005
  • 24/10-30/10 2005
  • 17/10-23/10 2005
  • 10/10-16/10 2005
  • 03/10-09/10 2005
  • 26/09-02/10 2005
  • 19/09-25/09 2005
  • 12/09-18/09 2005
  • 05/09-11/09 2005
  • 29/08-04/09 2005
  • 22/08-28/08 2005
  • 15/08-21/08 2005
  • 08/08-14/08 2005
  • 01/08-07/08 2005
  • 25/07-31/07 2005
  • 04/07-10/07 2005
  • 27/06-03/07 2005
  • 20/06-26/06 2005
  • 13/06-19/06 2005
  • 06/06-12/06 2005
  • 30/05-05/06 2005
  • 23/05-29/05 2005
  • 16/05-22/05 2005
  • 09/05-15/05 2005
  • 02/05-08/05 2005
  • 25/04-01/05 2005
  • 18/04-24/04 2005
  • 11/04-17/04 2005
  • 29/11-05/12 1999
  • 29/12-04/01 1970

    Foto

  • 12/04-18/04 2010
  • 05/04-11/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 01/03-07/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 28/12-03/01 2010
  • 21/12-27/12 2009
  • 14/12-20/12 2009
  • 07/12-13/12 2009
  • 30/11-06/12 2009
  • 23/11-29/11 2009
  • 16/11-22/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 02/11-08/11 2009
  • 19/10-25/10 2009
  • 12/10-18/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 28/09-04/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 07/09-13/09 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 10/08-16/08 2009
  • 27/07-02/08 2009
  • 20/07-26/07 2009
  • 06/07-12/07 2009
  • 22/06-28/06 2009
  • 15/06-21/06 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 01/06-07/06 2009
  • 25/05-31/05 2009
  • 18/05-24/05 2009
  • 11/05-17/05 2009
  • 04/05-10/05 2009
  • 27/04-03/05 2009
  • 20/04-26/04 2009
  • 13/04-19/04 2009
  • 30/03-05/04 2009
  • 23/03-29/03 2009
  • 16/03-22/03 2009
  • 09/03-15/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 23/02-01/03 2009
  • 16/02-22/02 2009
  • 09/02-15/02 2009
  • 02/02-08/02 2009
  • 26/01-01/02 2009
  • 19/01-25/01 2009
  • 12/01-18/01 2009
  • 05/01-11/01 2009
  • 22/12-28/12 2008
  • 15/12-21/12 2008
  • 08/12-14/12 2008
  • 01/12-07/12 2008
  • 24/11-30/11 2008
  • 17/11-23/11 2008
  • 10/11-16/11 2008
  • 03/11-09/11 2008
  • 27/10-02/11 2008
  • 20/10-26/10 2008
  • 13/10-19/10 2008
  • 06/10-12/10 2008
  • 29/09-05/10 2008
  • 22/09-28/09 2008
  • 15/09-21/09 2008
  • 08/09-14/09 2008
  • 01/09-07/09 2008
  • 25/08-31/08 2008
  • 18/08-24/08 2008
  • 11/08-17/08 2008
  • 04/08-10/08 2008
  • 28/07-03/08 2008
  • 21/07-27/07 2008
  • 14/07-20/07 2008
  • 30/06-06/07 2008
  • 23/06-29/06 2008
  • 16/06-22/06 2008
  • 09/06-15/06 2008
  • 02/06-08/06 2008
  • 26/05-01/06 2008
  • 19/05-25/05 2008
  • 12/05-18/05 2008
  • 05/05-11/05 2008
  • 28/04-04/05 2008
  • 21/04-27/04 2008
  • 14/04-20/04 2008
  • 07/04-13/04 2008
  • 31/03-06/04 2008
  • 24/03-30/03 2008
  • 17/03-23/03 2008
  • 10/03-16/03 2008
  • 03/03-09/03 2008
  • 25/02-02/03 2008
  • 18/02-24/02 2008
  • 11/02-17/02 2008
  • 04/02-10/02 2008
  • 28/01-03/02 2008
  • 21/01-27/01 2008
  • 14/01-20/01 2008
  • 07/01-13/01 2008
  • 31/12-06/01 2008
  • 24/12-30/12 2007
  • 17/12-23/12 2007
  • 10/12-16/12 2007
  • 03/12-09/12 2007
  • 26/11-02/12 2007
  • 19/11-25/11 2007
  • 12/11-18/11 2007
  • 05/11-11/11 2007
  • 29/10-04/11 2007
  • 22/10-28/10 2007
  • 15/10-21/10 2007
  • 08/10-14/10 2007
  • 01/10-07/10 2007
  • 24/09-30/09 2007
  • 17/09-23/09 2007
  • 10/09-16/09 2007
  • 03/09-09/09 2007
  • 27/08-02/09 2007
  • 20/08-26/08 2007
  • 13/08-19/08 2007
  • 06/08-12/08 2007
  • 30/07-05/08 2007
  • 23/07-29/07 2007
  • 16/07-22/07 2007
  • 09/07-15/07 2007
  • 18/06-24/06 2007
  • 11/06-17/06 2007
  • 04/06-10/06 2007
  • 28/05-03/06 2007
  • 21/05-27/05 2007
  • 14/05-20/05 2007
  • 07/05-13/05 2007
  • 30/04-06/05 2007
  • 23/04-29/04 2007
  • 16/04-22/04 2007
  • 09/04-15/04 2007
  • 02/04-08/04 2007
  • 26/03-01/04 2007
  • 19/03-25/03 2007
  • 12/03-18/03 2007
  • 05/03-11/03 2007
  • 26/02-04/03 2007
  • 19/02-25/02 2007
  • 12/02-18/02 2007
  • 05/02-11/02 2007
  • 29/01-04/02 2007
  • 22/01-28/01 2007
  • 15/01-21/01 2007
  • 08/01-14/01 2007
  • 18/12-24/12 2006
  • 11/12-17/12 2006
  • 04/12-10/12 2006
  • 27/11-03/12 2006
  • 20/11-26/11 2006
  • 13/11-19/11 2006
  • 06/11-12/11 2006
  • 30/10-05/11 2006
  • 23/10-29/10 2006
  • 16/10-22/10 2006
  • 09/10-15/10 2006
  • 02/10-08/10 2006
  • 25/09-01/10 2006
  • 18/09-24/09 2006
  • 11/09-17/09 2006
  • 04/09-10/09 2006
  • 28/08-03/09 2006
  • 07/08-13/08 2006
  • 31/07-06/08 2006
  • 24/07-30/07 2006
  • 03/07-09/07 2006
  • 26/06-02/07 2006
  • 19/06-25/06 2006
  • 12/06-18/06 2006
  • 29/05-04/06 2006
  • 22/05-28/05 2006
  • 15/05-21/05 2006
  • 08/05-14/05 2006
  • 01/05-07/05 2006
  • 24/04-30/04 2006
  • 17/04-23/04 2006
  • 10/04-16/04 2006
  • 27/03-02/04 2006
  • 20/03-26/03 2006
  • 13/03-19/03 2006
  • 06/03-12/03 2006
  • 27/02-05/03 2006
  • 20/02-26/02 2006
  • 13/02-19/02 2006
  • 06/02-12/02 2006
  • 30/01-05/02 2006
  • 23/01-29/01 2006
  • 16/01-22/01 2006
  • 09/01-15/01 2006
  • 26/12-01/01 2006
  • 19/12-25/12 2005
  • 12/12-18/12 2005
  • 05/12-11/12 2005
  • 28/11-04/12 2005
  • 21/11-27/11 2005
  • 14/11-20/11 2005
  • 07/11-13/11 2005
  • 24/10-30/10 2005
  • 17/10-23/10 2005
  • 10/10-16/10 2005
  • 03/10-09/10 2005
  • 26/09-02/10 2005
  • 19/09-25/09 2005
  • 12/09-18/09 2005
  • 05/09-11/09 2005
  • 29/08-04/09 2005
  • 22/08-28/08 2005
  • 15/08-21/08 2005
  • 08/08-14/08 2005
  • 01/08-07/08 2005
  • 25/07-31/07 2005
  • 04/07-10/07 2005
  • 27/06-03/07 2005
  • 20/06-26/06 2005
  • 13/06-19/06 2005
  • 06/06-12/06 2005
  • 30/05-05/06 2005
  • 23/05-29/05 2005
  • 16/05-22/05 2005
  • 09/05-15/05 2005
  • 02/05-08/05 2005
  • 25/04-01/05 2005
  • 18/04-24/04 2005
  • 11/04-17/04 2005
  • 29/11-05/12 1999
  • 29/12-04/01 1970

    Foto

    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    zeewind
    blog.seniorennet.be/zeewind
    Foto


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!