NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Op zoek naar een bepaalde info ? Geef dan hieronder een trefwoord in...
Zoeken in blog

Foto
Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom ! Welkom !
Foto
Gastenboek
  • rpfggavnuo
  • Repair Air Conditioner Compressor
  • jjfbnzimgwvxcn
  • Air Conditioner Service And Repair Real Estate
  • xgsvpxjtsb

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Foto
    Raadpleeg steeds je arts !
    Foto
    Laatste commentaren
  • How to squirt when masturbating. Painful first black cock. Urdu Sex Videos. (Hpnwu172h)
        op Vluchten in het werk
  • Motorcycle handjob. Fuck korean movies. Spy Camera Porno. (Rbmex331w)
        op Vluchten in het werk
  • only here best herbal viagra (YapparovaCek)
        op Tijd om afscheid te nemen...
  • xiaozheng6666 (xiaozheng6666)
        op Fibromyalgie & hormonen... - Deel II
  • can you buy viagra in tesco (YapparovaCek)
        op Tijd om afscheid te nemen...
  • Lesbian straight girl video. Porn Tube Fast. (Eppkq102i)
        op Vluchten in het werk
  • vendo viagra lima (YapparovaCek)
        op Tijd om afscheid te nemen...
  • Convenient employment Products - A Closer Look (EllisBop)
        op Tijd om afscheid te nemen...
  • Www Katrina Kaif Sex In. First Time Vergin Sex Video. (Fvbjb193z)
        op Vluchten in het werk
  • Xnxx Sex Pakistani. Film Indian Sex. (Iiwtl890g)
        op Vluchten in het werk
  • Foto
    Blog als favoriet !
    Foto
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    charlyfoxtrot
    blog.seniorennet.be/charlyf
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    magdavinck
    blog.seniorennet.be/magdavi
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    alfie
    blog.seniorennet.be/alfie
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    aarina0501
    blog.seniorennet.be/aarina0
    Willekeurig SeniorenNet Blogs
    reddevoorkempen
    blog.seniorennet.be/reddevo
    Foto
    Mijn favorieten
  • Kennis=macht=gezondheid - Pillie Willie
  • Vlaamse Liga voor Fibromyalgie PatiŽnten
  • Lotgenoten Fibromyalgie Nederland
  • APS-Therapie
  • Alles over fibromyalgie
  • Fibromyalgie-Online
  • Leven met CVS / Leven met Fibromyalgie
  • Gezondheidspein.nl
  • TopSiteGuide.BelgischeTop100
  • Fibromyalgie PR-site
    Foto
    Fibromyalgie
    Strijd om erkenning
    17-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fibromyalgie & hormonen... - Deel II
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  



    Fibromyalgie & hormonen...

    Deel II









    6. - Het fibromyalgiedieŽt


    6.
    1 - Een te trage schildklier

    Het verminderde activiteitenpatroon, zeer gebruikelijk bij mensen met fibromyalgie, kan leiden tot een vroeg begin van osteoporose.
    Vooral vrouwen na de overgang hebben een verhoogd risico op osteoporose.
    Sojaproducten zouden plantaardige oestrogenen bevatten.
    De productie van oestrogenen en andere hormonen vermindert tijdens en na de overgang.
    Oestrogenen voorkomen het verlies van botdichtheid en verminderen opvliegers, prikkelbaarheid, pijnlijke gewrichten en depressie - allemaal symptomen van de overgang.
    Hoewel soja eiwitrijk en erg voedzaam is, kunnen grote hoeveelheden de schildklierfunctie onderdrukken.
    Omdat soja als een hormoon reageert, kan de balans van thyroxine, het hormoon dat door de schildklier aangemaakt wordt, verstoord worden.
    Het eten van grote hoeveelheden sojaproducten kan de werking van de schildklier verstoren en leiden tot hypothyreoÔdie (te trage schildklier).
    Een beginnende hypothyreoÔdie kan ook verergeren.
    Mensen met fibromyalgie hebben over het algemeen een te trage schildklier, ook al is dat vaak niet in het bloed te zien.
    Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van een te laag T3, in de reguliere geneeskunde wordt T3 vaak niet onderzocht.
    Een te laag T3 kan leiden tot een depressie, maar ook tot hart- en vaataandoeningen.

    Cfr. : http://home.hetnet.nl/~wijks006/index.html
    Cfr. ook 'Fibromyalgie en ME door schildklierafwijking - De vergeten oorzaak - Over hypothyreoidie ondanks normale bloedwaardes' :
    http://www.xs4all.nl/~fredb/FibroHypo/ 


    6.
    2 - Spier- en gewrichtspijnen ten gevolge van een afwijkende schildklierwerking
    Dat er ook spierklachten en gewrichtspijnen kunnen optreden door problemen met de schildklier is minder bekend.
    Een voorbeeld daarvan zou fibromyalgie kunnen zijn.
    In geval van fibromyalgie zou de oorzaak kunnen liggen in een hypo functie van de schildklier.
    Bij zowel hypo- als hyperthyreoidie kunnen spierklachten optreden, met name aan de willekeurige spieren (die met de botten verbonden zijn) zoals bv de biceps in de bovenarm.
    Bij de hypo afwijking zien wij meestal symptomen die te wijten zijn aan zwellingen van de spieren.
    Deze zwellingen kunnen op de zenuwen gaan drukken waardoor pijn ontstaat.
    Andere symptomen zijn : spierkrampen, stijfheid, Carpaal tunnel syndroom, peesontstekingen etcetera.
    Bij de hyper afwijking zien wij veelal symptomen als : verlies van spierspanning (en kracht) met als gevolg voorwerpen uit de handen laten vallen, moeite om voorwerpen op te tillen en er kunnen problemen ontstaat bij het slikken.
    Wilt u meer weten over fibromyalgie en een klassiek homeopatische behandeling dan kunt u kijken bij het artikel fibromyalgie op :
    http://www.klassiek-homeopaat.info/Artikelen/artikel-071.htm -

    Cfr. : http://www.klassiek-homeopaat.info/Artikelen/artikel-111.htm



    7. - Nieuwe implicaties van DHEA Ė Fibromyalgie

    Pierre Dewaele, 09/01/02
    Margaux et coll., Rev. Rhum., 68 : 983, 2001 - © 2000/2005 e-gezondheid.be


    7.1 -
    Wordt DHEA een universeel geneesmiddel ?

    Hoe meer onderzoek ernaar wordt uitgevoerd, des te meer blijkt dat DHEA vele functies vervult bij talrijke aandoeningen.
    Volgens een Belgische studie zou DHEA een rol spelen bij fibromyalgie, een pijnsyndroom dat vooral voorkomt bij vrouwen.

    Fibromyalgie wordt gekenmerkt door chronische diffuse, maar nooit invaliderende pijn.
    Het syndroom komt vooral voor bij vrouwen.
    De oorzaak is niet bekend, ook al vermoedt men dat het probleem zou kunnen liggen in de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as - cfr. :
    http://www.zonmw.nl/nl/home/mediator/archief-mediator/mediator-4-2005/cortisol-en-de-kunst-van-stressverwerking.html -
    De pijn wordt in verschillende lichaamsdelen gevoeld : achterhoofd, nek, thoraxwand, bil, elleboog, knie.
    Er worden echter geen afwijkingen van de gewrichten waargenomen.
    Ook bij radiologisch of laboratoriumonderzoek worden geen afwijkingen vastgesteld.
    De pijn gaat doorgaans gepaard met vermoeidheid, vooral 's morgens, en slaapstoornissen.
    Ook kan een depressie optreden.
    De behandeling berust momenteel op analgetica, tricyclische antidepressiva en fysiotherapie.


    7.2 -
    Een aanvullende rol voor DHEA ?

    Een Belgische studie uitgevoerd bij 36 patiŽnten met fibromyalgie (28 vrouwen en 8 mannen) toont aan dat de DHEA-concentratie bij die personen lager is dan bij gezonde personen, maar enkel bij de vrouwen met fibromyalgie.
    Normaal stijgt het DHEA-gehalte met de leeftijd, maar dit blijkt niet het geval te zijn bij patiŽnten met fibromyalgie.

    Deze gegevens laten vermoeden dat DHEA een rol speelt bij fibromyalgie.
    Uiteraard moet nog worden nagegaan of DHEA-supplementen van nut zouden kunnen zijn bij de behandeling van fibromyalgie, vooral bij vrouwen, d.w.z. de patiŽntes met een DHEA-tekort.

    U mag dit 'geneesmiddel' echter niet nemen zonder medisch advies.
    DHEA lijkt een wondermiddel, maar heeft net zoals alle andere hormonen belangrijke effecten op het hele lichaam.
    Door DHEA in te nemen om een kwaal te verlichten zou men wel eens andere problemen kunnen krijgen die misschien veel moeilijker te behandelen zijn.
    DHEA behoort tot de familie van de androgenen en kan dus de haargroei bij vrouwen doen toenemen en prostaatkanker bij mannen verergeren (of veroorzaken ?)...
    Voorzichtigheid is dus geboden.

    Cfr. : http://www.e-gezondheid.be/nl/tijdschrift_gezondheid/sante_gezondheid_ziekten/implicaties_van_DHEfibromyalgie-3060-404-art.htm



    8. - Fibromyalgie en exitotoxinen ?
    Verlichting van de fibromialgie symptomen na het beŽindiging van een dieet met excitotoxinen

    Jerry D Smith, Chris M Terpening, Siegfried Schmidt en John G Gums Ė Vertaling : Ed Gunneweg
    De Annalen van de Pharmacotherapy - Volume 35. Nr.6, de blz. 702-706


    Fibromialgie is een gewone rheumatologische ziekte die vaak moeilijk effectief is te behandelen.
    Het fibromialgie syndroom komt bij 3-6 miljoen patiŽnten in de V.S. voor.
    Het is de derde meest gediagnostiseerde rheumatologische ziekte (na osteoartritis en reumatoÔde artritis).
    De meeste patiŽnten zijn vrouwen, met een gemiddelde leeftijd van begin van 29-37 jaar; de gemiddelde leeftijd van officiele diagnose is 34-53 jaar.
    Deze invaliderende ziekte wordt gekenmerkt door wijdverbreide pijn, gevoeligheid moeheid, ochtendstijfheid, en verstoring van de slaap.
    Diagnose criteria zijn ontwikkeld door de Amerikaanse Universiteit voor Reumatologie maar jammer genoeg, is de oorzaak van fibromialgie onbekend.
    De theorieŽn omvatten wijzigingen in de regeling va neurotransmitters (vooral serotonine); hormonale controleproblemen (vooral van de hypothalamus-hypofise-bijnier en groeihormoon); dysfunctie van het immuunsysteem; problemen met slapen; abnormale waarneming van lichamelijke sensaties; spanning; virale pathologie; lokale hypoxia; en verstoringen in de spiermicrocirculatie, adenosine monofosfaat en creatine concentraties.
    Het huidige bewijs steunt het sterkst een neurochemische of neurohormonale hypothese.

    Vier patiŽnten die met gediagnostiseerd fibromialgie gedurende twee tot 17 jaar, werden beschreven.
    Ze hadden allemaal meervoudige behandelingen ondergaan met beperkt succes.
    Bij allemaaal verdwenen binnen enkele maanden hun symptomen, volledig of bijna volledig, na het verwijderen van monosodium glutaminaat (MSG) of MSG plus aspartaam uit hun dieet.
    Alle patiŽnten waren vrouwen met veel ziekteverschijnselen, voordat zij stopten met MSG.
    Bij allemaal kwamen de symptomen terug na het opnieuw gebruiken van MSG.

    Excitotoxinen zijn moleculen, zoals MSG en aspartaat, die werken als prikkelende neurotransmitters en tot vergiftiging van zenuwcellen kunnen leiden wanneer ze overmatig gebruikt worden.
    Wij veronderstellen dat deze vier patiŽnten een subgroep kunnen vertegenwoordigen van het fibromialgie syndroom dat wordt veroorzaakt of verergerd door excitotoxinen of, uit een excitotoxinen syndroom kunnen bestaan dat gelijk is aan fibromialgie.
    Wij nemen aan dat het ontdekken van gelijksoortige patiŽnten en het onderzoek van grotere aantallen patiŽnten nodig is alvorens definitieve besluiten kunnen worden genomen.

    De verwijdering van MSG en andere excitotoxinen uit het diŽt van patiŽnten met fibromialgie biedt een goedaardige behandeling die mogelijk voor dramatische resultaten kan zorgen bij een subgroep patiŽnten.

    Wij beschrijven vier patiŽnten die een dramatisch herstel van het fibromialgie syndroom ervoeren door bepaalde conserveringsmiddelen en additieven voor levensmiddelen, hoofdzakelijk monosodium glutaminaat (MSG), uit hun dieet te bannen.
    Alle vier de patiŽnten hadden fibromialgie dat gekenmerkt werd door gevoeligheid en pijn bij alle gevoelige punten, moeheid, slaap stoornissen, en het prikkelbaar darmsyndroom.
    Dit schijnt het eerste rapport in de medische literatuur te zijn, dat op de afwezigheid van antwoorden bij een zoekopdracht in Medline werd gebaseerd .../....

    Cfr. : http://www.aspartaam.nl/artikelen/fibromyalgie.html



    9. - Een orthomoleculair therapeutische benadering van fibromyalgie

    Jan Blaauw, natuurgeneeskundig therapeut, orthomoleculair voedingstherapeut - Met bijdragen van R. Nieuwenhuis RA, directeur Stichting Orthomoleculaire Educatie - De Orthomoleculaire Koerier, nummer 61, elfde jaargang nr.6, december 1996


    - Inleiding
    - Kenmerken van fibromyalgie
    - (Secundaire) fibromyalgie en prevalentie
    - Het belang van groeihormoon
    - Microtraumata
    - Duidelijke etiologie ontbreekt
    - Het belang van optimale energiebouw in de spiercel
    - Erytrocyten-transketolase-test
    - Medicamenteuze behandeling
            - Stimulering van groeihormoonafgifte
                    - Ornithine
                    - Tryptofaan
            - Andere orthomoleculaire middelen
                    - octacosanol
                    - bijnier concentraat en pantotheenzuur 
                    - vitamine E en visolie concentraat
            - Richtlijnreceptuur Fibromyalgie
                    - primaire stoffen
                    - ondersteunend
                    - aanvullend c.q. vervangend bij secundaire fibromyalgie.

    Cfr. : http://www.praktijkblaauw.com/page3.htm



    10. - Burnout en hormonen

    Bron : Artikel AD 19 maart 1999 met Dr L. van Doornen


    Wat spanning, stress en burnout aangaan is er nog een aspect dat een directe relatie heeft met stress nl. de hormonen.
    Langdurige stress kan uitmonden in burnout.
    Een gevolg hiervan is ook een beschadiging van je lichaam.
    De hormonenhuishouding alsmede het immuunsysteem kunnen geheel van slag raken.
    In enkele gevallen kan burnout resulteren in blijvende negatieve effecten op de hersenen.
    Volgens sommige theorieŽn zijn alle psychische processen uiteindelijk ook lichamelijk.
    Als er zich iets afspeelt in de hersenen is dat niet ontastbaar, omdat de hersenen ook een orgaan zijn.
    Stress heeft invloed op het lichaam, dat blijkt onder andere uit onderzoeken naar hart- en vaatziekten.
    Erfelijkheid is voor 50% de veroorzaker en voeding voor 5 tot 10%.
    Stress heeft ook invloed op het cholesterolgehalte.
    Bij stress geven de hersenen een signaal af aan de bijnieren om adrenaline aan te maken.
    Adrenaline is een noodzakelijk functioneel hormoon.
    Het is het hormoon dat het lichaam voorbereidt op een bedreigende situatie.
    De brandstof reserves worden aangesproken, waardoor vetzuren in de bloedcirculatie worden opgenomen.
    De spieren worden opengezet, de hartslag gaat fors omhoog en het lichaam is gereed om te vechten of te vluchten.
    Vechten en vluchten doen we normaal gesproken sinds lange tijd niet meer.
    De vetzuren die als brandstof bedoeld waren, blijven in de bloedcirculatie zitten, met als gevolg een verhoging van het cholesterolgehalte.
    Uiteraard gebeurt dit niet als je een keer gestresst bent.

    Het lichaam kan veel hebben en zal zich na een tijd weer herstellen.
    Bij burnout bestaat er wel een groot risico.
    Het immuunsysteem kan dan aangetast worden, dit hangt direct samen met het hormoonsysteem.
    Onder invloed van stresshormonen produceert het immuunsysteem signaalstoffen die via de invloed op de hersenen vermoeidheid kunnen veroorzaken.
    Dit soort van ingewikkelde processen zit achter stress en burnout.
    Ook heeft het relaties met o.a. ME, CVS en fibromyalgie.
    Burnout gaat o.a. gepaard met extreme vermoeidheid, concentratieproblemen, vergeetachtigheid, slaapproblemen en labiliteit van het autonome zenuwstelsel.
    Het wordt veelal aangeduid als functionele klachten.
    Er zijn dan geen organische oorzaken te vinden.
    Er bestaan (nog) geen instrumenten om dergelijke klachten te meten, dus bestaat het meestal niet en wordt het ontkent.
    Vaak wordt dan gezegd dat het tussen de oren zit.
    En dat klopt en is ernstig omdat de hersenen ook een orgaan zijn.
    Het is daarom een serieus niet te onderkennen en weg te bagatelliseren probleem.
    Het emotionele gedeelte van de hersenen, het limbisch systeem, zit precies midden tussen de oren.
    Betekent dit dat burnout en b.v. ME psychisch zijn ?
    Deze term veronderstelt dat er een scheiding bestaat tussen lichaam en geest.
    Vaak wordt dan gedacht dat als iets psychisch is, het daarom wel te beÔnvloeden is.
    Het is eigenlijk niet echt omdat het niet lichamelijk is.
    Maar emoties zijn echter wel lichamelijk.
    Angst is een proces in de hersenen en niet iets vaags en ontastbaars.
    We weten dus dat bij burnout de hormonenhuishouding ontregeld wordt.
    Net als bij het cholesterolprobleem, begint het probleem met een voortdurende aanmaak van de stress en stofwisselingshormoon adrenaline.
    Bij langdurige overmatige stress gaat het lichaam o.a. ook cortisol aanmaken.
    Dit is ook een stresshormoon dat bedoeld is om de heftig werking van adrenaline af te remmen.
    Als het adrenalinesysteem de kans zou krijgen zijn gang te gaan zou het lichaam binnen de kortste keren alle reserves consumeren en het lichaam letterlijk kunnen bezwijken.
    Je zou dus gek kunnen worden door de stress als er geen afremming zou plaats vinden.
    Dit wordt wel eens de '
    bluswater' theorie genoemd : de waterschade zou erger zijn dan de brand van de stress die moet worden geblust.

    Het schadelijke van chronische stress is dat het energievretende adrenalinesysteem, door een permanent verhoogd cortisol-niveau, chronisch wordt afgeremd.
    Dit zou grote schade aan het lichaam kunnen veroorzaken.
    Vooral het hersendeel dat een belangrijke rol speelt bij stress, de hippocampus, is gevoelig voor cortisol.
    De hippocampus is onderdeel van het limbisch systeem, ook wel de emotionele hersenen genoemd en heeft een dubbelfunctie.

    De hippocampus speelt een rol in het geheugen in het algemeen, maar specifiek in het geheugen voor stresssituaties.
    Hierdoor herken je direct of een bepaalde situatie mogelijk bedreigend is en kun je snel beslissen wat je er aan kunt doen.
    Verder regelt de hippocampus dat er niet teveel of te weinig cortisolhormoon in het lichaam wordt aangemaakt.
    Dit gebeurt via het zogenaamde feedbackmechanisme.
    Zodra cortisol de hippocampus bereikt, gaat er een signaal naar de bijnieren dat de productie kan worden gestaakt.

    Als dit feedbackmechanisme voortdurend in actie moet komen, raakt het ongevoelig voor die signalen.
    Het gevolg hiervan is dat het cortisolgehalte in het bloed te hoog of juist te laag wordt.
    Waarom dit vervolgens leidt tot een hele reeks van klachten die terug te vinden zijn bij de '
    modieuze' ziekten, is nog niet duidelijk.
    Dat er samenhang bestaat is echter wel duidelijk.
    Betekent de ontdekking van de rol van cortisol dat er hoop is voor behandeling van genoemde kwalen ?
    Volgens wetenschappers is er nog te weinig inzicht in de werking van het immuun- en hormonaalsysteem.
    Het is wel aangetoond dat er iets aan de hand is met cortisol, maar wanneer het fout gaat en hoe daar op gereageerd moet worden is nog onduidelijk.
    Hetzelfde geldt voor de grotere vatbaarheid van vage gezondheidsklachten bij vrouwen dan bij mannen, het is niet te verklaren.
    Mannen willen stoer blijven en zijn bang om als watje uitgemaakt te worden.
    Dit verklaart echter niet alles.
    Misschien speelt het vrouwelijke hormoon oestrogeen wel een rol of komt het doordat vrouwen minder adrenaline aanmaken in stressvolle situaties.
    Er zijn nog veel zaken onduidelijk en er bestaan nog veel vragen.

    Er zal veel nuchterder met burnout en de lichamelijke gevolgen daarvan omgegaan moeten worden.
    Als je het mystieke ongrijpbare er van afhaalt is er al veel gewonnen voor de mensen die er mee geconfronteerd worden.
    Mensen hoeven dan niet meer bang te zijn dat ze als aanstellers gekenmerkt worden en dat met een beetje wilskracht de problemen niet meer aanwezig zijn.
    Want dat is het niet waard, omdat je aan burnout zowel fysiek als psychisch kapot kunt gaan.

    Cfr. : http://www.stamcel.org/html/endostelart.htm 



    11. - Homeopathische medicijnen


    .../... Hgh Plus, sinds een half jaar gebruik ik Dr. Orman's Hgh Plus, een groeihormoon stimulator die het lichaam versterkt door het te stimuleren meer hormonen aan te maken en dus het immuunsysteem te versterken.
    Na 1 Š 2 maanden merk ik al duidelijke verbeteringen.
    Een vriendin van mij gebruikt het sinds een half jaar en vol trots laat ze zien dat de ontstekingen en pijn zowat helemaal verdwenen zijn.
    Als je zag hoe zij er voorheen aan toe was, is het een wereld van verschil.
    Ik hoop dat lotgenoten hier wat aan hebben, volgens mij is het proberen waard .../...

    Cfr. : http://www.hgh-plus.nl/ 





    12. - Wat is fibromyalgie


    .../... FMS en schildklierproblemen
    Een onderzoek gaf aan dat 63% van de geteste FMS patiŽnten in meer of  mindere mate een probleem met hun schildklier hadden.
    Als je random "gezonde" mensen van de straat haalt en test kom je op een veel lagere waarde.
    Bij sommige FMS patiŽnten maakte de schildklier te weinig hormonen aan, bij anderen was er op celniveau een ongevoeligheid ontstaan voor schildklierhormonen.
    Een test van de schildklierfunctie is dus aan te bevelen .../...

    Cfr. : http://www.centrumnatuurlijkgenezen.nl/pdf/wat_is_fibromygalie.pdf 



    13. - Lees ook...


    1a. - Adrenogenitaal syndroom
    Adrenogenitaal syndroom of AGS (
    ICD-10 E25) is congenitale bijnierhyperplasie door een 21-hydroxylase-deficiŽntie waardoor een hyperandrogenisme ontstaat met opstapeling van metabolieten, met hypocortisolemie en hypo-aldosteronisme.
    Nota : de afkorting AGS wordt ook wel voor het
    syndroom van Alagille gebruikt : het Alagillesyndroom is een complexe aandoening van een aantal orgaansystemen, voornamelijk de lever, het hart, de ogen, het gelaat en het skelet).
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Adrenogenitaal_syndroom

    1b. - Adrenogenitaal syndroom (AGS)
    Marloes van Engelen, medisch bioloog - Petra Bloem, documentalist - Mies Wits-Douw, publieksvoorlichter Ė Update : Augustus 2006
    Synoniem
    AGS
    Congenitale bijnierhyperplasie (CAH)
    Korte beschrijving
    Adrenogenitaal syndroom (AGS) is een aangeboren en erfelijke aandoening.
    Bij AGS kunnen de bijnieren (klieren die boven de nieren liggen) te weinig van het hormoon cortisol maken.
    Cortisol is onder andere belangrijk bij stress en inspanning.
    Het zorgt er dan voor dat er voldoende energie vrijkomt om prestaties te kunnen leveren.
    Het gevolg van het tekort aan cortisol bij AGS is dat de hypofyse (klier onderaan de hersenen die de hormoonhuishouding regelt) de bijnieren te veel stimuleert waardoor er te veel androgenen (mannelijke bijnierhormonen) worden gemaakt.
    Dit leidt tot vermannelijking van de uiterlijke geslachtsdelen.
    Bij meisjes zijn deze kenmerken vaak al vermannelijkt bij de geboorte.
    Bij adrenogenitaal syndroom kan er ook een tekort aan het hormoon aldosteron ontstaan.
    Hierdoor verlaat te veel zout het lichaam waardoor er vochtgebrek kan optreden.
    Er zijn drie vormen van AGS :
    - er is een vorm met te weinig cortisol en aldosteron en te veel androgenen
    - er is een vorm met te weinig cortisol, voldoende aldosteron en te veel androgenen
    - er is een vorm met voldoende cortisol en aldosteron en te veel androgenen.
    Diagnose
    Adrenogenitaal syndroom kan worden vermoed op grond van de bovenstaande symptomen.
    Er wordt 8 dagen na de geboorte standaard op deze aandoening gescreend met behulp van bloed uit de hielprik.
    Daarnaast kan met echo onderzoek van de inwendige geslachtsorganen en DNA onderzoek de diagnose gesteld worden.
    Behandeling
    Adrenogenitaal syndroom is niet te genezen.
    De behandeling bestaat uit het geven van hormonen om de hoeveelheid cortisol en aldosteron in het lichaam aan te vullen.
    Soms is het nodig dat er extra zout gegeten wordt.
    Voor meisjes kan een operatie voor de uitwendige geslachtdelen nodig zijn.
    Voorkomen (frequentie)
    Per jaar worden er ongeveer 15 tot 20 personen geboren met AGS.
    Overerving
    Adrenogenitaal syndroom erft autosomaal recessief over (cfr. de animatie
    '
    overerving en dragerschap').
    Meer informatie
    -
    NVACP - Nederlandse Vereniging voor Addison & Cushing PatiŽnten
    -
    Vlaamse Vereniging van Cushing-Addison-AGS - PatiŽnteninformatie, lotgenotencontact
    -
    Meer informatie over genetisch onderzoek (of DNA-diagnostiek)
    -
    Adrenogenitaal Syndroom - Algemene informatie bestemd voor ouders van kinderen met AGS samengesteld door een ervaringsdeskundige
    -
    NADF: National Adrenal Diseases Foundation, USA Ė Informatie (engelstalig)
    -
    Hielprik.nl
    Cfr. :
    http://www.erfelijkheid.nl/zena/ags.php
    Cfr. ook :
    -
    http://www.ags.nl.nu/
    -
    http://www.nvacp.nl/page.php?main=2&sub=27&subsub=30

    2. - Anatomie en fysiologie van de mens Ė 15e druk
    L.L. Kirchmann - Reed business information, Studieboek, 2005 Ė ISBN : 9035224310
    Anatomie en fysiologie van de mens is al tientallen jaren een standaardleerboek voor verpleegkundigen en paramedici.
    Hele generaties studenten hebben de voorgaande veertien drukken van dit boek gebruikt bij het bestuderen van de anatomie en de fysiologie, oftewel de bouw en de werking van het menselijk lichaam.
    De duidelijke, bondige tekst en de grote hoeveelheid illustraties hebben dit boek een blijvende populariteit bezorgd.
    Deze herziene vijftiende druk verschilt qua inhoud aanzienlijk van zijn voorganger.
    De tekst is op veel plaatsen aangepast en verduidelijkt, en de indeling van een aantal hoofdstukken is overzichtelijker gemaakt.
    Veel illustraties zijn verbeterd en er is voor deze druk een groot aantal nieuwe illustraties, tabellen en schema's vervaardigd.
    De kleurenillustraties, die bij de voorgaande drukken nog in een los katern waren opgenomen, maken nu deel uit van het boek zelf.
    Ook de lay-out is veel overzichtelijker geworden, mede dankzij het gebruik van een ander lettertype. Korte margekopjes in blauw geven de kern van de tekst ernaast weer. Alle hoofdstukken eindigen met een handige checklist.
    Tekst en illustraties vormen ťťn geheel en hiermee is dit boek een ideaal hulpmiddel bij het bestuderen van de bouw en werking van het menselijk lichaam. Dit leerboek is met name bestemd voor verpleegkundigen (hbo, kwalificatieniveau 5) en paramedici in opleiding. Deze vijftiende druk van 'Kirchmann' zal ongetwijfeld voor vele studenten een zijn nut dubbel en dwars bewijzen.
    Evenals de drie voorafgaande drukken is ook deze druk verzorgd door G.G. Geskes, cardiothoracaal chirurg, en R.P. de Groot, hoofd van een keuringsinstelling. Beiden hebben een ruime ervaring als auteur en docent op het gebied van de gezondheidszorg.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIq2RX75RgClAnalBmf241329926&PrdId=1001004001669733 --&-- http://www.elseviergezondheidszorg.nl/boek/17_Anatomie_en_fysiologie_van_de_mens?from=search&type=rubriekid&q=10&pgr=0&pgp=0

    3. - Autoimmune disorders
    ©2001-2006 American Association for Clinical Chemistry - Reviewed on September 27, 2004
    What is the immune system?
    The immune system is the body's means of protection against germs and other "foreign" substances.
    The immune system is composed of two major parts.
    One component is the production of antibodies, proteins that attack "foreign" substances and cause them to be removed from the body; this is sometimes called the humoral immune system.
    The other component is composed of special blood cells, called T lymphocytes, that can attack "foreign" substances directly; this is sometimes called the cellular immune system.
    At birth, the only protection we have are antibodies that come to the baby from its mother before birth; antibodies and T lymphocytes become protective only after they are exposed to a "foreign" substance for the first time.
    This is the reason that we use vaccinations : to allow our immune system to recognize weakened or inactivated forms of bacteria and viruses that can cause disease, so that we will be protected if we actually come in contact with them.
    Normally, the immune system recognizes that the tissues in the body are not "foreign" and does not attack them.
    If a transplant is performed, however, the immune system usually recognizes that the organs that are transplanted are different and attacks them, a process called rejection.
    Drugs that reduce the activity of the immune system (immunosuppressants) are typically given to persons who have received transplants, unless the donor is an identical twin.
    Cancer cells are sometimes different enough from normal cells that the immune system attacks them, but the immune response alone is usually not enough to keep a cancer from spreading.
    What are autoimmune disorders ?
    Autoimmune disorders are diseases caused by the body producing an immune response against its own tissues.
    The cause of autoimmune diseases is unknown, but it appears that there is an inherited predisposition to develop autoimmune disease in many cases.
    In a few types of autoimmune disease (such as rheumatic fever), a bacteria or virus triggers an immune response and the antibodies or T-cells attack normal cells because they have some part of their structure that resembles a part of the structure of the infecting germ.
    Autoimmune disorders fall into two general types : those that damage many organs (systemic autoimmune diseases) and those where only a single organ or tissue is directly damaged by the autoimmune process (localized). The effect of localized autoimmune disorders, however, can be systemic as they frequently have an indirect effect other body organs and systems.
    For a more complete list of autoimmune conditions, visit the 'Patient Information Page' of the 'American Autoimmune Related Diseases Association, Inc.' - cfr. :
    http://www.aarda.org/patient_information.php -&- http://www.aarda.org/ -.
    In some cases, a person may have more than one autoimmune disease; for example, persons with Addison's disease Ė cfr. :
    http://www.labtestsonline.org/understanding/conditions/addisons_disease.html - often have type 1 diabetes, while persons with sclerosing cholangitis often have either ulcerative colitis or Crohn's disease.
    In some cases, the antibodies may not be directed at a specific tissue ororgan; for example, antiphospholipid antibodies Ė cfr. :
    http://www.labtestsonline.org/understanding/analytes/antiphospholipids/glance.html - can react with clotting proteins in the blood, leading to formation of blood clots within the blood vessels (thrombosis).
    Cfr. also :
    -
    Rheumatoid arthritis, lupus, hashimoto's thyroiditis, sjogren's syndrome, multiple sclerosis, graves' disease, guillain-barre, celiac disease - American Autoimmune Related Diseases Association, Inc. - Wegener's Granulomatosis Association - Guard Your Fingers and Toes The Threat of Raynaudís, The NIH Word on Health, April 2001 - Health Topics, National Institute of Arthritis and Musculoskeletal and Skin Diseases (NIAMS) -.
    Cfr. :
    http://www.labtestsonline.org/understanding/conditions/autoimmune.html --&-- http://www.merck.com/mmhe/sec16/ch186/ch186a.html?qt=Hormonal%20Disorders&alt=sh
    Cfr. ook (afbeeldingen) :
    http://www.nlm.nih.gov/medlineplus/ency/article/000816.htm

    4. - Carcinoid tumoren
    Bron : NKI/Avl :
    http://www.nki.nl/ - Augustus 2000
    CarcinoÔde tumoren behoren tot een aparte groep van zogenaamde neuro-endocriene tumoren.
    Deze produceren stoffen die allerlei klachten kunnen veroorzaken.
    Het betreft een zeldzame tumor.
    De oorzaak van het ontstaan is niet bekend.
    Erfelijkheid speelt geen belangrijke rol.
    Een carcinoid kan ontstaan op verschillende plaatsen in het lichaam.
    Een voorkeursplaats is de blinde darm (appendix).
    Op deze plaats wordt het carcinoid vaak bij toeval gevonden, bijvoorbeeld wanneer iemand vanwege een ontstoken blinde darm wordt geopereerd.
    Het gaat dan vaak om een kleine tumor, waarvoor geen aanvullende behandeling nodig is.
    Soms is het een iets grotere tumor en dan is een aanvullende operatie nodig, waarbij een extra deel van de darm rondom de oorspronkelijke tumor verwijderd wordt.
    Een carcinoid is een tumor, die op verschillende plaatsen in het lichaam kan voorkomen.
    Meestal wordt deze tumor in de blinde darm of dunne darm gevonden.
    De tumor produceert verschillende stoffen, waarvan de stof serotonine de belangrijkste is.
    Wanneer de ziekte verder is voortgeschreden kan er een karakteristiek klachtenpatroon ontstaan, dat het carcinoid syndroom genoemd wordt.
    De meest typische klachten zijn opvliegers en diarree.
    In dit stadium is er vaak al sprake van uitzaaiingen in de lever.
    Carcinoid is een zeldzaam en bijzonder tumortype met soms kenmerkende klachten van diarree en opvliegers, die in aanvallen of min of meer continu kunnen optreden.
    De klachten kunnen zeer ernstig zijn en invloed hebben op uw lichamelijke activiteiten.
    Soms treedt na verloop van tijd een lekkende hartklep op door beschadigende werking van stoffen (zoals serotonine) die geproduceerd worden door het carcinoid.
    Er zijn verschillende mogelijkheden om de klachten te bestrijden en de productie van de hormoonachtige eiwitten te laten afnemen.
    Omdat de tumor langzaam groeit, zijn de vooruitzichten in het algemeen gunstig; zelfs wanneer er uitgebreide leveruitzaaiingen aanwezig zijn.
    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/soorten/carcinoid.htm
    Cfr. ook 'Carcinoid tumors' :
    http://www.merck.com/mmhe/sec13/ch168/ch168a.html?qt=Hormonal%20Disorders&alt=sh

    5. - Chronische moeheid - Hoe word ik ME de baas ?
    Edith van Blijdesteijn - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1994 Ė ISBN : 9020205765
    Een vaak gehoorde klacht in deze tijd is moeheid.
    Een moeheid die niet overgaat door veel rusten of na een vakantie.
    Ze gaat vaak vergezeld van andere verschijnselen zoals spierzwakte, pijn in het bewegingsapparaat, slaapstoornissen, migraine en darmklachten.
    Er kunnen meerdere oorzaken zijn, bijvoorbeeld het niet volledig herstellen na een virusinfectie, een voedselallergie of voedselintolerantie, stress, een candida-infectie, parasieten in de darm of een salmonellavergiftiging.
    Deze hebben een negatieve invloed op het immuunsysteem en na verloop van tijd voelt men zich dan moe.
    Zonder behandeling kan dit leiden tot een algeheel malaisegevoel, zowel lichamelijk als geestelijk.
    In dit boekje wordt uitgelegd wat men er aan kan doen om zich weer een stuk prettiger te voelen.
    Voor de diagnostiek wordt gebruik gemaakt van toegepaste kinesiologie (touch for health) terwijl de behandeling onder meer bestaat uit reiniging van het lichaam en het toedienen van orthomoleculaire preparaten.
    Een aangepast dieet maakt deel uit van de therapie.
    Daarnaast wordt aandacht geschonken aan ademhaling, beweging, stress en ontspanning.
    Recensie (NBD|Biblion) : Steeds meer mensen, vooral vrouwen, hebben te kampen met een onverklaarbare chronische vermoeidheid die gepaard gaat met vele vage klachten.
    Dit beeld wordt ME genoemd. Oorzaak of gevolg van deze vermoeidheid kan zijn : een virusinfectie, voedselallergie of insufficientie, darmparasieten enz.
    In dit boekje wordt getracht de patient te verduidelijken hoe men achter de oorzaak kan komen van zijn kwaal en hoe men verbetering of verlichting kan bewerkstelligen zodat het totale immuunsysteem beter gaat functioneren.
    Dit boekje, eenvoudig en duidelijk geschreven, is bedoeld voor de ontwikkelde leek die met deze problemen te maken heeft.
    Er worden in dit boekje preparaten geadviseerd
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666753301&Section=BOOK

    Lees verder : Deel III

    17-12-2006 om 22:57 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (13)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fibromyalgie & hormonen... - Deel III
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Fibromyalgie & hormonen...

    Deel III



    6. - De zin van ziekzijn - Signalen en betekenis van ziekten
    Thorwald Dethlefsen & RŁdiger Dahlke - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1990 Ė ISBN : 9020249983
    'Dit is een ongemakkelijk boek, want het ontneemt de mens de mogelijkheid zijn ziekte te gebruiken als een alibi voor zijn onopgeloste problemen', zeggen de auteurs in hun voorwoord.
    Ze willen duidelijk maken dat ziekten verschijningsvormen zijn van ťťn grote ziekte, die onlosmakelijk verbonden is met het ongelukkig zijn van de mens.
    Symptomen zijn lichamelijke verschijnselen waarin, psychische conflicten tot uitdrukking komen.
    Hoofdpijn, infectie, stress, maagklachten en impotentie geven ons signalen door uit het rijk der psyche.
    Ziekte-uitingen zijn beelden die we moeten verklaren en waarvan we de betekenis onder ogen moeten zien.
    Dit boek bestaat uit twee delen.
    In het eerste gaan de schrijvers in op de achtergronden en filosofie van het ziek zijn en beter worden.
    In het tweede gedeelte beschrijven ze de meest voorkomende ziektesymptomen, de mogelijke oorzaken, met welke gevoelens en activiteiten ze corresponderen en wat we eraan kunnen doen.
    De samenhang van lichamelijke klachten en psychische problemen zal velen choqueren; toch zullen we de confrontatie moeten aangaan, willen we aan onze genezing kunnen werken.
    Ons wordt een nieuwe zienswijze geleerd, waarmee we zelf symptomen kunnen interpreteren en als zinvol aanvaarden: ons lot is een uitdaging, onze ziekte een weg om onszelf te vinden, en innerlijk te groeien.
    Recensie (NBD|Biblion) : Deze herdruk van dit boek bewijst zijn populariteit in alternatieve kringen.
    De vraag echter die opkomt na het lezen ervan, is : 'Heb je er praktisch ook wat aan ?Ē
    Men is geneigd te antwoorden: nee, uitgezonderd de elementen van hoop en troost die zeer vele mensen zeker zullen ontlenen aan de stelling dat waar ziekten vaak psychisch van oorsprong zijn er altijd een oplossing voor de kwalen moet bestaan.
    Los van het feit dat Dethlefsens uitgangspunt wetenschappelijk onverdedigbaar is, vanaf griep t/m prostaatkanker bijv., lijkt zijn uitgangspunt evenmin verdedigbaar omdat ook psychische conflicten, resp. stoornissen lang niet altijd voor oplossing in aanmerking komen.
    Toch is het evident dat een grote groep mensen baat heeft bij de idee dat ze zelf aan de genezing van hun ziekten kunnen werken- wat ook dikwijls zo is - en voor deze groep lijkt dit boek ideaal.
    Een sympathieke 'zoethouder' met - zeer belangrijk - een hoog troostgehalte.
    Overzichtelijk ingedeeld, goed leesbaar.
    Met trefwoordenlijst van lichaamsdelen en een alfabetisch register.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666764728&Section=BOOK

    7. - Diabetes Insipidus (DI)
    Drs. Suzanne van Esch, afd. medische psychologie VUMC en Prof. Dr. Martina Cornel, afd. klinische en antropologische genetica, sectie Community Genetics VUMC Ė Redactie : Petra Bloem, documentalist, Drs. Marloes van Engelen, medisch bioloog, Paula de Vree, medisch bioloog i.o. En Mies Wits-Douw, publieksvoorlichter Ė Update : April 2005
    Synoniem
    -
    DI
    - Water diabetes
    Sub-typen
    - Neurogene (centrale) Diabetes Insipidus
    - Nefrogene Diabetes Insipidus
    - Gestagene Diabetes Insipidus
    - Dipsogene Diabetes Insipidus
    Korte beschrijving
    Diabetes Insipidus (DI) is een vorm van diabetes die niets te maken heeft met diabetes mellitus (suikerziekte).
    Diabetes insipidus betekent letterlijk Ďsmakeloze doorstroomí.
    Dit doelt op de afwezigheid van suiker in de urine.
    Er zijn wel overeenkomsten met diabetes mellitus.
    DI is een aandoening die zowel aangeboren kan zijn, als ook verworven als gevolg van bijvoorbeeld een tumor.
    DI ontstaat wanneer de regulering van vochtopname door het lichaam en vochtuitscheiding verstoord is.
    Deze vochtbalans wordt gereguleerd door ADH (het anti-diuretisch hormoon of wel vasopressine) ADH gaat de productie van urine tegen.
    Dit hormoon wordt geproduceerd in de hypothalamus (een belangrijk centrum in de hersenen) en opgeslagen in de hypofyse (een klier die aan de hersenen hangt).
    De hypofyse scheidt ADH uit aan het bloed.
    Er is sprake van DI wanneer het ADH niet of onvoldoende wordt geproduceerd of als de nier niet reageert op het ADH (resistentie).
    Dit kan leiden tot vier verschillende vormen van diabetes insipidus :
    - Neurogene diabetes insipidus ontstaat door een hormonale verstoring in de hersenen, waardoor een tekort aan ADH optreedt.
    Oorzaken hiervoor kunnen onder andere zijn : een tumor, hersenoperatie, een hoofdtrauma of infecties.
    - Nefrogene diabetes insipidus wordt veroorzaakt door een verstoorde nierfunctie.
    Hierbij reageren de nieren niet op het ADH.
    Deze vorm is meestal erfelijk, maar kan ook verworven zijn als gevolg van het gebruik van medicijnen of door andere aandoeningen.
    - Gestagene diabetes insipidus komt alleen voor tijdens een zwangerschap en is ook het gevolg van een tekort aan ADH.
    Gestagene diabetes insipidus verdwijnt over het algemeen 4 tot 6 weken na de bevalling.
    - Dipsogene diabetes insipidus wordt veroorzaakt door een verstoring in het dorst-mechanisme.
    Het dorst-mechanisme wordt gestuurd vanuit de hypothalamus.
    Hierdoor neemt de dorst toe, en wordt er teveel vocht gedronken.
    Dit onderdrukt de uitscheiding van het ADH, waardoor de productie van urine toeneemt.
    Bij deze vier vormen zijn de kenmerken hetzelfde.
    De nier scheidt ongeremd water uit, waardoor men dus veel moet plassen.
    Hierdoor ontstaat er chronische dorst en kans op uitdroging, wat kan leiden tot een hoge hartslag, lage bloeddruk en constipatie.
    De urine heeft een bleke kleur, doordat de urine sterk verdund is.
    Het kan voorkomen dat men er ís nachts uit moet om te plassen.
    Diabetes insipidus kan op elke leeftijd ontstaan.
    Sommige erfelijke vormen van diabetes insipidus kunnen tijdens of na het eerste levensjaar optreden.
    Er valt goed te leven met diabetes insipidus, wanneer dit niet veroorzaakt wordt door andere aandoeningen, zoals bijvoorbeeld een tumor.
    Diagnose
    Op grond van bovengenoemde kenmerken wordt vaak gedacht aan diabetes mellitus.
    Urine onderzoek en de Ďdorstproefí worden gedaan om de diagnose diabetes insipidus vast te stellen.
    Genetisch onderzoek kan de diagnose bevestigen.
    Behandeling
    Elke vorm van diabetes insipidus kent zijn eigen behandeling en deze moet daarom vooraf vastgesteld worden.
    Neurogene en Gestagene diabetes insipidus kunnen worden behandeld met geneesmiddelen die lijken op het lichaamseigen ADH (vasopressine).
    Dit geldt niet voor Nefrogene en Dipsogene diabetes insipidus.
    De erfelijke vorm van Nefrogene diabetes insipidus kan niet worden genezen.
    Voor deze twee vormen bestaat een andere behandeling.
    Diabetes insipidus kan wanneer het niet wordt veroorzaakt door erfelijkheid, onder bepaalde omstandigheden genezen.
    Wanneer diabetes insipidus is ontstaan door andere aandoeningen of factoren kan de behandeling zich daarop richten.
    Bij uitdroging moet worden nagegaan waardoor deze wordt veroorzaakt.
    Dit is belangrijk om behandeling vast te stellen.
    Voorkomen
    Diabetes insipidus is zeldzaam.
    Over het algemeen wordt geschat dat er 3 op de 100.000 mensen met diabetes insipidus zijn.
    In Nederland zijn er ongeveer 40 families bekend met Nefrogene diabetes insipidus.
    Overerving
    Diabetes insipidus kent verschillende vormen van overerving :
    geslachtsgebonden of recessief / autosomaal dominant.
    Bij de erfelijke vorm van Nefrogene diabetes insipidus is 90% geslachtsgebonden, 10% autosomaal recessief en minder dan 1% autosomaal dominant.
    Meer informatie
    -
    Diabetes Insipidus - Nederlandstalige site van ervaringsdeskundige, lotgenotencontact.
    -
    Nederlandse Hypofyse Stichting - Geeft brochure 'Diabetes Insipidus' uit, te bestellen via bovengenoemde website
    -
    DNA-diagnostiek in Nederland - Voor erfelijke centrale Diabetes insipidus en Nefrogene Diabetes insipidus is DNA-diagnostiek mogelijk
    -
    Nephrogenic Diabetes Insipidus Foundation - Engelstalige, zeer uitgebreide informatie (met o.a. literatuurlijst en veelgestelde vragen-rubriek).
    Cfr. :
    http://www.erfelijkheid.nl/zena/diabe_insi.php
    Cfr. ook :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Diabetes_insipidus
    Diabetes insipidus (DI)
    Diabetes insipidus is een
    aandoening die gekenmerkt wordt door polyurie en polydipsie.
    De uitgescheiden urine is daarbij - in tegenstelling tot
    diabetes mellitus - niet zoet en sterk verdund.
    Diabetes insipidus wordt veroorzaakt door het ontbreken van
    antidiuretisch hormoon (ADH) of ongevoeligheid van de nieren voor dat hormoon (nefrogene diabetes insipidus).
    DI komt veel voor bij patiŽnten met
    histiocytose zelfs na jaren therapie.
    Bloedonderzoek zal afwijkende bloedspiegels van veel elektrolyten te zien geven.
    De
    dorstproef geeft snel uitsluitsel ten aanzien van de diagnose diabetes insipidus.
    Behandeling van diabetes insipidus is afhankelijk van de achterliggende oorzaak.
    Met gemodificeerde vormen van
    vasopressine kunnen de nieren aangespoord worden om meer water vast te houden, maar de kans bestaat dat er teveel vocht wordt vastgehouden.
    Soms kan de eigen productie van
    ADH worden gestimuleerd met carbamazepine of thiazide.
    Ernstige diabetes insipidus kan hiermee doorgaans niet volledig gecompenseerd worden.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Diabetes_insipidus

    8. - Diabetes mellitus
    Diabetes mellitus, ook vaak suikerziekte genoemd (een term die sommigen liever niet meer gebruiken omdat het verkeerde associaties zou oproepen, zoals dat het ontstaat door te veel suiker te eten of dat men geen suiker zou mogen eten als men het heeft), is het
    syndroom dat zich kenmerkt door herhaaldelijk verhoogde bloedglucosewaarden (hyperglykemie).
    Hoe hoog de waarden precies moeten zijn en onder welke omstandigheden die metingen moeten worden gedaan is internationaal vastgelegd in afspraken, die per land soms iets kunnen verschillen.
    De continue hyperglykemie veroorzaakt als hij hoog genoeg is
    glucosurie (suikerverlies via de urine) wat in ernstige gevallen een merkbare polyurie (veel urineren) zowel als polydipsie (veel drinken) ten gevolge heeft.
    Voorkomen in Nederland
    Van de 800.000 Nederlanders met diabetes, zijn er zo'n 250.000 die diabetes hebben zonder het te weten.
    Het
    Nederlandse ministerie van Volksgezondheid (VWS) heeft anno 2005 van diabetes een speerpunt gemaakt.
    Het doel is om de diabeteszorg in Nederland te verbeteren.
    De diabetesorganisaties in Nederland ťn het ministerie van VWS zijn van mening dat zeker tweederde van de mensen met diabetes onvoldoende goede diabeteszorg krijgt.
    Diagnose
    De conventie stelt dat de ideale bloedglucose-waarde (de 'bloedglucosespiegel') tussen de 4 en de 6 mmol/liter dient te liggen.
    Indien de 'nuchtere' waarden bij een onbehandeld persoon boven de 6.9 mmol/l en 'niet-nuchter' boven de 11.0 mmol/l liggen, spreekt men van diabetes.
    In het grijze gebied tussen deze grenswaarden spreken sommigen wel, anderen niet van diabetes.
    Landelijk en internationaal worden over deze waarden periodiek afspraken gemaakt of ze worden herzien door medici op grond van onderzoeksresultaten.
    Etymologie
    De naam diabetes mellitus (Grieks diabŤtŤs = sifon, van dia = door[heen], bainoo = gaan en Latijn mellitus = honingzoet), letterlijk "zoete doorstroom" of zoete
    urine, is ontstaan door de zoete smaak van de urine van deze patiŽnten.
    Vůůr de chemische analyse van urine mogelijk werd was een
    arts immers aangewezen op de eigen zintuigen en het proeven van de urine was een gangbare manier van onderzoeken.
    Oorzaak van de ziekte (Pathogenese)
    Diabetes is een ongeneeslijke
    stofwisselingsziekte waarbij het lichaam onvoldoende energie uit glucose (suikers) kan halen.
    Suikers kunnen in de meeste
    cellen (insuline dependente cellen) alleen opgenomen worden in aanwezigheid van voldoende insuline en mits er werkende insuline-receptoren op die cellen aanwezig zijn.
    Bij diabetes ligt het probleem in a) onvoldoende aanmaak van insuline of b) een probleem met betrekking tot de insuline-receptoren.
    Wanneer de glucose niet of onvoldoende in de cellen opgenomen kan worden, stijgen de bloedglucosewaarden; er treedt
    hyperglykemie op.
    Dit heeft gevolgen voor diverse organen :
    - In de
    nier zal de concentratie glucose in het bloed zo hoog zijn dat niet alle suikers gereabsorbeerd kunnen worden.
    Hierdoor gaat er suiker via de nier verloren in de
    urine.
    Dit gaat gepaard met extra waterverlies, waardoor er grote volumes urine worden geproduceerd : polyurie.
    Door het grote urine-verlies stijgt het dorstgevoel en zal de patiŽnt veel drinken :
    polydipsie.
    - In de grotere slagaders treedt een sterk versnelde
    atherosclerose op.
    Ook de kleinste slagadertjes gaan minder goed werken (micro-angiopathie) wat met name in het netvlies tot problemen met het zien kan leiden.
    - De gevoelszenuwen gaan minder goed werken, waardoor na jaren vaak ongevoeligheid optreedt in de voeten en de handen.
    De voeten en handen gaan prikkelen en tintelen en tezelfdertijd wordt de tastzin minder goed, waardoor fijn werk zoals b.v. het dichtmaken van knoopjes onmogelijk wordt of de patiŽnt niet meer voelt dat hij in een
    punaise heeft getrapt.
    Dergelijke wondjes gaan bovendien eerder ontsteken door het hogere suikergehalte en de genezing gaat slechter door de gestoorde bloedtoevoer.
    De patiŽnt merkt het pas laat omdat hij het niet voelt.
    Niet zelden gaan op deze manier op den duur tenen, voeten en onderbenen verloren omdat ze moeten worden geamputeerd.
    Symptomen
    - Veel mensen met lichte diabetes zijn geheel of nagenoeg symptoomloos.
    - Het al eerder genoemde veel plassen en veel drinken treedt op bij hoge tot zeer hoge bloedglucosewaarden.
    - PatiŽnten hebben bij slechte glucoseinstelling (te hoog) vaker dan gemiddeld last van
    blaasontsteking, witte vloed en/of steenpuisten.
    - Soms kan men
    aceton ruiken in de adem van patiŽnten met diabetes, nl. als glucose door het insulinetekort zo slecht kan worden verwerkt dat het lichaam overgeschakeld is op vetverbranding, waarbij ketonen als nevenproducten ontstaan, waarvan aceton er een is.
    De bloedglucosespiegel in het bloed is dan meestal veel te hoog.
    Bij hoge bloedsuikers en ernstige uitdroging kan een
    metabole acidose met een levensgevaarlijk coma optreden.
    Classificaties
    Juveniele versus ouderdomsdiabetes - Toen de
    pathogenese van diabetes nog onbekend was, klasseerde men de patiŽnten volgens de symptomen.
    De jeugdige (juveniele) vorm was een ernstige vorm die reeds in de kindertijd tot uiting kwam.
    De kinderen waren erg mager, hun spieren 'smolten' weg en stierven jong.
    De ouderdomsdiabetes trad pas op latere leeftijd op en was een mildere vorm.
    Oorzaak en behandeling waren onbekend.
    Insuline-afhankelijke versus insuline-onafhankelijke diabetes - Toen het onderliggende probleem eenmaal beter werd begrepen, deelde men de diabetes in op basis van de behandeling.
    Type-I of insuline-afhankelijke vorm was de ernstigste vorm, waaronder ook de voormalige juveniele diabetes viel, type-II was de insuline-onafhankelijke diabetes waaronder de meeste van de voormalige 'ouderdomsdiabetici' vielen.
    β-cel destructie versus intacte β-cellen - Anno 2004 wordt de pathogenese van diabetes nog wat beter begrepen en klasseert men de diabetes ook wel in een
    β-cel destructieve diabetes, type 1 (niet te verwarren met het oudere Type I) en β-cel intacte diabetes, type-2.
    Aangezien type 2 ten gevolge van westerse leefstijl (overgewicht, weinig lichaamsbeweging) steeds vaker bij mensen van onder de 50 optreedt, is de term ouderdomsdiabetes niet meer van toepassing.
    Bij type-1 diabetes maken de β-cellen de alvleesklier onvoldoende
    insuline aan ten gevolge van de uitgebreide vernietiging van deze β-cellen (Eilandjes van Langerhans).
    Oorzaken hiervan kunnen zijn :
    - auto-immuundestructie van de β-cellen
    - infectieuze destructie van de β-cellen
    - chemische destructie van de β-cellen
    - een algemeen
    alvleesklier-probleem
    - met onbekende oorzaak:
    idiopathische destructie van de β-cellen.
    Bij type-2 diabetes zijn de β-cellen in voldoende mate aanwezig, maar reageert het lichaam onvoldoende op de insuline.
    Er is dus een relatief tekort aan insuline.
    Oorzaken hiervan kunnen zijn :
    - te weinig receptoren op de cellen.
    - insulineresistentie, er is een defect in de insuline cascade.
    Hierdoor wordt er minder
    GLUT-4 getransloceerd naar de celmembraan.
    GLUT-4 zorgt voor de opname van glucose.
    Type 2 komt ook voor op alle leeftijden, maar met name bij ouderen en bij mensen met overgewicht.
    Zwangerschapsdiabetes -
    Zwangerschapsdiabetes is een bijzonder geval van diabetes waarbij de moederkoek van de foetus hormonen (oa HPL, cortisol) aanmaakt die de insuline van de moeder tegenwerken.
    De alvleesklier van de moeder moet 2 tot 3 maal meer insuline produceren om hetzelfde effect te behouden in de cellen.
    Indien de alvleesklier van de moeder hiertoe niet in staat is, ontstaat er zwangerschapsdiabetes.
    Deze vorm van diabetes verdwijnt meestal enkele dagen na de
    geboorte van het kind.
    Toch hebben dergelijke moeders later een duidelijk grotere kans op type 2 diabetes.
    Het komt in de zwangerschap ook wel voor dat de nier wat glucose doorlaat zonder dat de waarden die in het bloed gemeten worden verhoogd zijn : er bestaat dan alleen een verlaagde nierdrempel voor glucose.
    Behandeling
    Type 2 diabetes is te behandelen met een dieet en met een aantal orale geneesmiddelen (
    sulfonylureumderivaten zoals Amaryl(R) en Uni Diamicron (R), biguaniden zoals metformine en thiazolidinedionen zoals pioglitazone).
    Type 1 kan alleen worden behandeld met
    insuline.
    Insuline wordt ook gebruikt als type 2 diabetes niet afdoende reageert op behandeling met tabletten.
    De behandeling van diabetes bestaat niet alleen uit medicatie.
    Het gaat erom de bloedglucosespiegel zo stabiel mogelijk te houden door een combinatie van medicatie, dieet en bewegen.
    Dat is er ook de reden van dat mensen met diabetes gerust suiker mogen, in tegenstelling van wat vroeger gedacht werd.
    Het gaat om de totale koolhydraatinname.
    Mensen met diabetes dienen zich zowel te hoeden voor een
    hypoglykemie (te lage bloedglucosespiegel), hetgeen verholpen kan worden door koolhydraten te eten, als voor hyperglykemie (te hoge bloedglucosespiegel), in welk geval koolhydraten vermeden dienen te worden.
    De correcte balans vinden tussen deze uitersten, bijvoorbeeld bij zware inspanningen of sport, is soms moeilijk (leken denken soms dat de wel eens optredende hypoglykemie bij diabetes hoort; dat is echter niet juist; het is een bijwerking van de behandeling).
    Insuline bestaat in kort- en langwerkende vormen; alle moeten worden ingespoten onder de huid of door middel van een
    insulinepomp worden ingebracht.
    In 2006 komt er inhaleerbare insuline op de markt.
    Ook combinaties tussen orale medicatie en verschillende soorten insulines zijn mogelijk.
    Medicatie die de bloedglucose verlaagt is echter niet genoeg.
    Mensen met diabetes hebben ook een veel grotere gevoeligheid dan gezonde voor andere risicofactoren, met name roken, hoge bloeddruk en een te hoog
    cholesterol ook wel het metabool syndroom genoemd.
    Het is bij mensen met diabetes dus van nog meer belang dan bij andere groepen dat zij niet
    roken, een normaal gewicht handhaven, aan lichaamsbeweging doen en een eventuele hoge bloeddruk en hoog cholesterol laten behandelen.
    In Nederland wordt er naar gestreefd diabetes en alle bijkomende gevaren als een geheel te behandelen, waarbij patiŽnten een paar maal per jaar worden gezien.
    Hierbij wordt gekeken naar :
    - De bloedglucosewaarde, en de behandeling wordt geoptimaliseerd.
    Naast de concentratie van glucose zelf in het bloed, die van uur tot uur sterk kan wisselen, is er een stof die een weerspiegeling is van de gemiddelde glucoseconcentratie gedurende de afgelopen paar weken, namelijk het
    geglycosyleerde hemoglobine.
    Hieraan kan de gemiddelde instelling worden beoordeeld.
    - De voeten worden geÔnspecteerd (zo nodig wordt de pedicure ingeschakeld),
    - Het optreden van
    neuropathie wordt gesignaleerd,
    - Het rookgedrag wordt gemonitord en de patiŽnt wordt aangemoedigd te stoppen,
    - Hoge bloeddruk wordt actief opgespoord en behandeld,
    - Het cholesterolgehalte wordt gemeten en behandeld als daar aanleiding toe is,
    - De patiŽnt wordt aangemoedigd te bewegen en zijn lichaamsgewicht laag te houden en
    - De patiŽnt wordt geregeld door een oogarts nagekeken op
    diabetische retinopathie.
    Anno
    2004 wordt er onderzoek verricht naar de transplantatie van β-cellen in de alvleesklier ten einde bepaalde vormen van diabetes te kunnen genezen.
    Ook implanteerbare insulinepompjes worden al getest.
    Deze laatste zouden een nagenoeg ideale behandelingsmethode kunnen zijn, vooral als het mogelijk zou worden om het pompje zelf ook continu de bloedglucosespiegel te laten meten en de insulineafgifte daarop aan te passen.
    Dit zelf meten door een
    implanteerbaar apparaatje is echter (in 2004) nog niet goed mogelijk.
    Er bestaan wel
    glucosemeters waarmee de patiŽnt zelf met een nauwelijks voelbare vingerprik zijn eigen bloedglucosewaarde kan meten.
    Deze zogenaamde zelfcontrole is van groot belang voor een zo stabiel mogelijke bloedglucosewaarde en het daarmee zoveel mogelijk voorkomen van late complicaties.
    Gevolgen
    Diabetes is een aandoening die - zelfs als zij optimaal wordt behandeld - na verloop van tijd op vele plaatsen schade in het lichaam van de patiŽnt veroorzaakt, waardoor de levensverwachting en de levenskwaliteit duidelijk afnemen.
    De gevolgen zijn bij een goede behandeling wel duidelijk minder ernstig.
    De schade wordt vooral veroorzaakt door veranderingen aan de vaatwand van de bloedvaten, met name de grote en kleinere slagaders.
    Atherosclerose treedt bij mensen met diabetes sterk versneld op en geeft aanleiding tot een veel grotere kans op een hartinfarct, beroerte, nierfalen en amputatie van bijvoorbeeld een voet dan bij gezonde mensen.
    Ook het
    netvlies kan schade lijden waardoor op den duur blindheid kan ontstaan.
    Impotentie is eveneens een vaak voorkomend gevolg van diabetes.
    Mits met de nodige zelfdiscipline betreffende hun gezondheid, kunnen mensen met diabetes normaal functioneren in de maatschappij.
    De gevolgen van deze ingrijpende ziekte voor het dagelijks leven moeten echter niet onderschat worden : slechts weinigen kunnen de mate van discipline opbrengen die hun artsen graag zouden zien.
    Het gaat weliswaar om zeer ernstige gevolgen maar de tijdsduur waarover die optreden lijken voor de jonge mens met diabetes nog heel ver weg.
    Voor wie op zijn vijftigste blind met een geamputeerd onderbeen tweemaal per week moet dialyseren zijn de gevolgen echter zeer duidelijk en dagelijks concreet merkbaar.
    Andere vormen van polyurie
    Hoewel de term diabetes in de dagelijkse praktijk vooral wordt gebruikt voor diabetes mellitus, een frequent voorkomende aandoening, zijn er ook andere aandoeningen die gepaard gaan met deze "doorstroom" van urine, een daarvan is
    diabetes insipidus (= smakeloos), waarbij de hormonale regulatie van de terugresorptie van water in de nieren verstoord is.
    Een andere oorzaak van
    polyurie kan zijn primaire polydipsie waarbij veel urine geproduceerd wordt omdat er in eerste plaats veel gedronken wordt.
    Diabetesdag
    Op 14 november wordt er jaarlijks werelddiabetesdag gehouden, om extra aandacht te vragen voor diabetes.
    Cfr. ook :
    -
    Diabetes Fonds
    -
    Diabetesvereniging Nederland
    -
    Vlaamse Diabetesvereniging
    -
    Jongeren met diabetes
    -
    Kinderen met diabetes
    -
    Diabetes info
    -
    Diabetescentrum VU medisch centrum Amsterdam
    -
    forum, advies en informatie over diabetes en bewegen -.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Diabetes_mellitus --&-- http://www.merck.com/mmhe/sec13/ch165/ch165a.html?qt=Hormonal%20Disorders&alt=sh

    9. - Endocrien systeem
    Het endocrien systeem bestaat uit een aantal
    klieren die hormonen afscheiden in het lichaam.
    De uitsluitend endocriene klieren zijn :
    -
    bijschildklieren
    -
    bijnieren
    -
    epifyse
    -
    hypofyse
    -
    hypothalamus
    -
    schildklier
    -
    thymus
    De afscheidingsproducten van deze klieren worden opgenomen door het
    bloed of weefselvloeistof.
    Er zijn nog andere klieren die zowel intern als extern stoffen afscheiden.
    Het zijn dus zowel endocriene als
    exocriene klieren :
    -
    gonaden of geslachtsklieren; produceren naast geslachtshormonen ook geslachtscellen
    -
    pancreas of alvleesklier; produceert naast de hormonen insuline, glucagon, gastrine en somatostatine ook enzymen die helpen bij de spijsvertering.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Endocrien_systeem

    10. - Endocrine glands
    = endocriene klieren
    Cfr. :
    http://www.nlm.nih.gov/medlineplus/ency/article/002351.htm

    11. - Endocrine Systeem
    De processen die zich afspelen in het endocrine systeem
    Ilse, 22 juli 2001 - Laatst bijgewerkt op 10 mei 2003
    Het endocrine systeem is een complex geheel van chemische signalen en boodschappen dat contrŰle uitoefent op vele directe en levenslange lichaamsreacties en lichaamsfuncties.
    Groeien en volwassen worden, ontwikkelen van mannelijke en vrouwelijke eigenschappen en de reactie op angst worden alle in het bijzonder aangestuurd door endocrine hormonen.
    Alle dieren met een skelet - van vissen tot zoogdieren - hebben een endocrien systeem dat heel nauw samenwerkt met het zenuwstelsel om :
    - de interne toestand van het lichaam in stand te houden zoals : voeding, metabolisme, uitscheiding, water- en zoutbalans
    - reactie op stimuli van buiten het lichaam
    - reguleren van groei, ontwikkeling en voortplanting
    - produktie, gebruik en opslag van energie.
    De drie delen van het endocrine systeem - klieren, hormonen en doelcellen - transporteren informatie en instructies door het hele lichaam heen.
    Soms werkt het hele proces binnen tienden van seconden zoals bijvoorbeeld bij de reactie op angst.
    In andere gevallen werkt het veel langzamer waarbij het de lichaamsonderdelen vertelt wanneer en hoeveel ze moeten groeien en de eigenschappen moeten ontwikkelen die onderscheid maken in mannelijk en vrouwelijk.
    Het gaat ongeveer zo in zijn werk :
    - Klieren en zenuwcellen geven signalen aan de endocrine klieren omtrent temperatuurwisselingen, honger, angst, behoefte aan groei of andere stimulansen
    - In antwoord geven de endocrine klieren hormonen vrij die instructies bevatten voor specifieke cellen.
    Deze chemische boodschappers reizen het hele lichaam door of alleen maar naar die ene cel op zoek naar slotjes in bepaalde proteÔnen, bekend als receptoren, waaraan ze zich kunnen binden.
    Deze receptoren bevinden in en op de doelcellen.
    Het is te vergelijken met een sleuteltje dat op een slotje past.
    Alleen de ene sleutel past op het ene slotje.
    - Eenmaal gebonden leest de receptor (ontvanger) de boodschap van dat hormoon uit en begint zijn instructies uit te voeren door het starten van ťťn van twee wel bepaalde cellulaire processen.
    De receptor kan er zorg voor dragen dat genen nieuwe proteÔnen aanmaken welke resulteren in langetermijn effecten zoals : groei - groeihormonen controleren de beenderstructuur en lengte, sexuele- en geslachtsontwikkeling - sex stereoide hormonen (estrogenen, progestagenen, androgenen) ontwikkelen, reguleren en onderhouden mannelijke en vrouwelijke geslachtseigenschappen (borstgrootte, botdichtheid, spierontwikkeling, sperma-aanmaak), vrouwelijk cycli (baarmoeder- en eileidergroei, zwangerschap) en gedrag.
    De receptor kan er ook zorg voor dragen dat genen nieuwe proteÔnen aanmaken welke resulteren in kortetermijn effecten zoals :
    - Een snellere hartslag - het loslaten van adrenaline in antwoord op angst of nervositeit versnelt de hartslag aanmerkelijk.
    - verandering in bloedsuikerspiegel - het hormoon insuline reguleert het bloedsuiker door wijzigingen aan te brengen in de glucoseopname.
    Cfr. :
    http://home.hetnet.nl/~mikage/trans0157.htm
    Endocrine System
    Cfr. :
    http://www.nlm.nih.gov/medlineplus/endocrinesystem.html

    12. - Endocrinologie
    De endocrinologie is de wetenschap die zich bezighoudt met de afscheidingen van
    klieren in het lichaam.
    Hormonen bij de mens
    Een
    hormoon is een stof die door een klier aan het bloed wordt afgegeven en ergens in het lichaam de werking van een orgaan beÔnvloedt.
    De invloed kan stimulerend zijn of remmend.
    Een hormoonklier heeft geen afvoergang.
    Het hormoon komt terecht in talrijke haarvaten, die door de hormoonklieren lopen.
    Daarom spreekt men van een endocriene klier of klier met inwendige afscheiding.
    Het klierproduct komt terecht in het inwendig milieu, casu quo het bloed.
    Via de bloedvaten komt een hormoon in alle lichaamsdelen, maar alleen organen die gevoelig zijn voor het desbetreffende hormoon reageren er op.
    Voorbeelden van hormoonklieren zijn
    schildklier, hypofyse, bijnier.
    Klieren die wel een afvoergang hebben heten
    exocrien of klieren met uitwendige afscheiding.
    Hun klierproduct komt in het uitwendig milieu terecht.
    Voorbeelden van deze klieren zijn de speekselklieren (en overige spijsverteringsklieren), zweetklieren, talgklieren.
    De belangrijkste endocriene organen zijn
    -
    Epifyse (pijnappelklier)
    -
    Hypofyse
    -
    Schildklier
    -
    Thymus (zwezerik)
    -
    Bijnieren
    -
    Pancreas
    -
    Ovaria (eierstokken)
    -
    Testes (teelballen)
    De functie van hormonen
    Hormonen spelen een belangrijke rol bij het regelen van processen in het lichaam door organen ďaanĒ of ďuitĒ te zetten.
    De regeling van processen is onder andere noodzakelijk om de kwaliteit van het inwendig milieu constant te houden.
    Dat wil zeggen: te zorgen dat de schommelingen in het inwendig milieu niet te groot worden.
    Een treffend voorbeeld hiervan is de regeling van de warmteopname en de warmteafgifte van het lichaam, waardoor de lichaamstemperatuur tot op 0,1 įC constant kan worden gehouden.
    Hierbij werkt het hormoonstelsel overigens samen met het zenuwstelsel.
    Negatieve terugkoppeling
    De regeling van processen is ondenkbaar zonder het verschijnsel van negatieve terugkoppeling.
    Een proces leidt tot een (verandering van een) bepaalde toestand.
    De toestand werkt terug op het proces, zodanig dat veranderingen in de toestand worden tegengewerkt : de toestand wordt gehandhaafd.
    Een voorbeeld uit het dagelijks leven is de thermostaat.
    Het proces dat in dit voorbeeld wordt geregeld is de warmteopname door een vertrek (de warmteafgifte wordt in dit voorbeeld niet geregeld).
    De verbranding in een kachel zorgt voor de warmteopname.
    De kachel is de uitvoerder.
    De toestand die gehandhaafd moet worden is de temperatuur van de kamer.
    Deze wordt gemeten en vergeleken met de ingestelde temperatuur.
    Is de actuele temperatuur hoger dan de ingestelde, gaat de kachel uit.
    Is hij lager, dan gaat de kachel aan.
    Zodoende wordt de afwijking van de ingestelde waarde altijd tegengewerkt.
    Dit heet negatieve terugkoppeling (bij klimaatbeheersing wordt ook de koeling aan of uit gezet).
    Bij moderne installaties kan de kachel ook harder of zachter gezet worden.
    In schema : cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Endocrinologie -
    Nu de warmteopname en warmteafgifte bij de mens
    *- De hypothalamus - De
    hypothalamus is een onderdeel van het voorste gedeelte van de hersenstam; een deel ervan loopt door in de hypofyse.
    In de hypothalamus bevinden zich
    receptoren, die de temperatuur van het bloed meten.
    En er bevindt zich ook de compensator voor de warmteproductie, als mede de compensator voor de warmteafgifte (ceze blijft hier verder buiten beschouwing).
    De rol die het zenuwstelsel speelt, wordt hier alleen besproken voor zover het
    hormoonstelsel er bij betrokken is.
    Bij een lage temperatuur van het bloed geeft de hypothalamus het hormoon
    TRH af, het TSH vrijmakend hormoon.
    Dit komt via bloedvaatjes in de steel van de hypofyse bij de voorkwab terecht.
    Bepaalde cellen reageren daarop door het hormoon TSH af te geven, het schildklierstimulerend hormoon.
    *- De hypofyse - De
    hypofyse of 17-12-2006 om 13:25 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fibromyalgie & hormonen... - Deel IV
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

    Fibromyalgie & hormonen...

    Deel IV


    13. - Fibromyalgia - Towards an integration of somatic and psychological aspects (proefschrift)
    Mw. drs. A.C.E. de Blťcourt & Drs. A.A. Knipping, 1 november 1995
    Promotores : Prof.dr. M.H. van Rijswijk, Prof. W.H. Eisma, Prof. dr. E.C. Klip

    Samenvatting
    In dit proefschrift worden diverse aspecten van het fibromyalgie syndroom belicht.
    In hoofdstuk 1 wordt een algemene introductie gegeven van het fibromyalgie syndroom.
    In feite is het fibromyalgie syndroom een chronisch pijnsyndroom met enkele specifieke kenmerken.
    De pijnklachten zijn gelokaliseerd in het houdings- en bewegingsapparaat en de klachten kunnen doen denken aan een reumatische aandoening.
    Met name vrouwen presenteren zich met deze klachten in het medische circuit.
    Door de jaren heen zijn er verschillende criteria gepubliceerd aan de hand waarvan de diagnose fibromyalgie gesteld kon worden.
    In eerste instantie waren ook bijkomende klachten zoals moeheid onderdeel van deze criteria, maar ook de aanwezigheid van modulerende factoren, zoals de invloed van weersfactoren op de klachten.
    De criteria werden steeds bondiger en uiteindelijk zijn er nog slechts 2 criteria overgebleven : wijd verspreide pijn in het houdings- en bewegingsapparaat die langer dan 3 maanden aanwezig moet zijn, tezamen met positieve drukpunten in tenminste 11 van 18 onderzochte lokalisaties (1990 American College of Rheumatology Criteria).
    In hoofdstuk 1 wordt ook beschreven hoe er door de jaren heen over dit klachtenpatroon gedacht is, waarbij de oorzaak in eerste instantie gezocht werd direct in de spier.
    De gedachte was dat er een ontstekingsachtig substraat aanwezig zou zijn, maar geleidelijk aan veranderden de ideeŽn omtrent de pathogenese naar meer complexe mechanismen.
    Door de jaren heen zijn er dan ook vele namen aan dit syndroom gegeven, zoals fibrositis, myofibrositis, weke delen reuma en uiteindelijk fibromyalgie.
    Er zijn ook kritische kanttekeningen geplaatst bij het concept van fibromyalgie.
    In hoofdstuk 2 wordt de literatuur, die verschenen is over mogelijke somatische factoren bij het ontstaan van fibromyalgie, samengevat.
    In de loop der tijd is geleidelijk aan een verschuiving opgetreden van het zoeken naar een perifere oorzaak naar een meer centraal gelegen pathogenetisch mechanisme.
    In eerste instantie ging de aandacht uit naar mogelijke afwijkingen in spierbiopten, vervolgens werd ook de spierstofwisseling in de spieren onderzocht.
    Uit in vitro-studies kwamen aanwijzingen naar voren dat er sprake zou zijn van verlaagde concentraties van hoog-energetische fosfaten, maar in vivo studies konden dit bij herhaling niet bevestigen.
    In de spierbiopten werden geen specifieke, consistente afwijkingen gevonden.
    Er werd ook uitgebreid gezocht naar immunologische afwijkingen, maar een duidelijk afwijkend immunologisch patroon is niet gevonden.
    Dit maakt het ook onwaarschijnlijk dat fibromyalgie een voorbode is van een immunologische (auto-immuun) aandoening.
    Verder zijn er ook geen concrete aanwijzingen gevonden dat er sprake is van een verhoogde spierspanning in de pijnlijke spieren van de fibromyalgiepatiŽnt.
    Wel werd er in een bepaald percentage van de fibromyalgiepatiŽnten een abnormaal, door koude geÔnduceerd, vasospasme (vas' = een bloedvat - 'spasme' = 'kramp') gevonden.
    Een relatie met het syndroom van Raynaud blijft echter discutabel.
    Ziekte of fenomeen van Raynaud
    Als je in de winter of bij het manipuleren van diepvriesvoeding direct ijskoude vingers hebt die blauw of wit worden, dan kan het zijn dat je lijdt aan het fenomeen van Raynaud.
    Het verschijnsel begint meestal aan ťťn of enkele vingers (of tenen) en verspreidt zich dan symmetrisch naar andere.
    De wit of blauwverkleuring is scherp afgelijnd.
    In tweede instantie kunnen de vingers of tenen rood worden en opzwellen en tintelen.
    Soms kan een brandend gevoel ontstaan.
    Aan de basis ligt een plots verhevigd samentrekken van de bloedvaten.
    Cfr. :
    http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=1399
    Veel onderzoek is ook gedaan naar de relatie tussen bepaalde slaapstoornissen en fibromyalgie.
    Een alpha EEG slaap anomalie is door meerdere auteurs gevonden en beschreven in fibromyalgie, maar een causaal verband kon niet worden aangetoond.
    Verder zijn er geen aanwijzingen gevonden dat een infectieus agens een rol speelt bij het ontstaan van fibromyalgie.
    Zoals aangegeven is de zoektocht zich steeds meer gaan bezighouden met meer centrale mechanismen, die ook een rol kunnen spelen in de pijnmodulatie, zoals neuro-immunoendocrinologische factoren (hormonen).
    Er zijn aanwijzingen dat er stoornissen zijn in de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as, hoewel niet alle publikaties tot dezelfde conclusies komen.
    Een relatie tussen afwijkingen in serotonine metabolisme en depressie en pijn (en stress ?) is interessant en zou verder uitgewerkt moeten worden.
    Bij het testen van de aerobe capaciteit en verrichtingen van skeletspieren komen geen afwijkingen in basale fysiologische processen aan het licht.
    Wat wel opvalt is dat fibromyalgiepatiŽnten niet hun maximale kunnen laten zien in verschillende spiertesten.
    Waarschijnlijk weerhoudt de angst voor het ontstaan of verergeren van de pijn patiŽnten ervan om de maximale inzet te leveren.
    In het algemeen hebben fibromyalgiepatiŽnten wel een matige conditie (uithoudingsvermogen), maar dit is te verklaren door te weinig lichaamsbeweging.
    In hoofdstuk 3 wordt de relatie met bijkomende factoren, zoals irritable bowel syndroom en SjŲgren's syndroom, beschreven.
    Irritable Bowel Syndrome (IBS)
    Het Irritable Bowel Syndrome (IBS), ook wel gekend als Spastisch Colon en Prikkelbaar Darm Syndroom, is een functionele intestinale stoornis, gekenmerkt door telkens terugkerende buikpijn en ongemak, samen met veranderingen in de stoelgang, diarree, constipatie of een combinatie van de twee, typisch over maanden of jaren.
    Andere symptomen omvatten een opgezwollen gevoel in de buikstreek, de gewaarwording van overmatige gassen en een gevoel van incomplete evacuatie na de stoelgang.
    De buikpijn is meestal erg zeurend met af en toe een pijnlijke krampaanval en verbeterd door naar het toilet te gaan.
    IBS komt voornamelijk voor bij jonge stressgevoelige mensen.
    Het blijkt dat meer vrouwen dan mannen aan de stoornis lijden.
    In een praktijk van een gastro-enteroloog heeft meer dan 30% van de patiŽnten last van deze kwaal.
    Cfr. :
    http://www.consumed.nl/?rightUrl=L2RhdGFiYXNlL2luZGljYXRpZXMvaW5kaWNhdGllLnBocDM/aWQ9MTczMA==
    SjŲgren's syndroom
    Het syndroom van SjŲgren is een auto-immuunziekte die bij 0.5 tot 1 procent van de bevolking voorkomt.
    De aandoening wordt gekenmerkt door ontstekingen in de klieren, vooral de speeksel- en traanklieren.
    De meest kenmerkende symptomen zijn droge ogen en mond, vermoeidheid en gewrichts - , vaat- en nierontstekingen.
    Bovendien hebben patiŽnten een sterk verhoogde kans op het ontwikkelen van lymfeklierkanker.
    Om de ziekte aan te tonen wordt vaak een lipspeekselkliertje onderzocht (het lipbiopt) maar een biopt uit de oorspeekselklier (parotisbiopt) is even betrouwbaar.
    Het is belangrijk patiŽnten met het syndroom van SjŲgren vroeg te diagnosticeren.
    PatiŽnten met een nog redelijke restfunctie lijken baat te hebben bij interventie therapie.
    Na behandeling met medicijn rituximab lijkt er zelfs nieuw speekselklierweefsel aangemaakt te worden.
    Cfr. :
    http://www.nvsp.nl/nl/brochures.php
    Verder is gesuggereerd dat vrouwen die vroeger mishandeld zijn een grotere kans lopen fibromyalgie te ontwikkelen in hun latere leven.
    Dit is echter een bewering die nog wel verder getoetst dient te worden.
    In dit hoofdstuk wordt verder aandacht besteed aan de overeenkomsten tussen het fibromyalgiesyndroom, chronisch vermoeidheidssyndroom en het myofasciale pijnsyndroom.
    Dit zijn geen separate entiteiten : er is een duidelijke overlap tussen de verschillende syndromen.
    De klachten behoren alle tot hetzelfde spectrum, maar bij de ene patiŽnt staat de moeheid op de voorgrond en bij de ander de pijn (al dan niet gegeneraliseerd).
    In hoofdstuk 4 worden de resultaten van eigen onderzoek gepresenteerd.
    Er werd met behulp van 31P magnetische resonantie spectroscopie ter hoogte van de tender points in de trapezius musculatuur gekeken naar de spierstofwisseling.
    Dit werd zowel bij fibromyalgiepatiŽnten als gezonde proefpersonen gedaan.
    Uit de resultaten bleek dat er, vergeleken met de controlegroep, geen verlaagde waarden van de hoog-energetische fosfaten in de fibromyalgiegroep aanwezig waren.
    Deze bevindingen pleiten tegen de theorie dat hypoxie de oorzaak zou zijn voor de klachten bij fibromyalgie.
    In hoofdstuk 5 wordt eveneens verslag gedaan van eigen onderzoek.
    Getracht is te onderzoeken of er een relatie bestaat tussen de resultaten van 2 hormonale stress-testen (TRH/LHRH- en CRF/GRF-test) en scores van psychologische vragenlijsten (PBV en STAI).
    Het betrof hier slechts een pilot studie, zonder controle groep.
    De uitkomsten lieten een zeer gevarieerd beeld zien wat betreft de hormonale stress testen, met diverse afwijkende waarden.
    Een relatie met de vragenlijsten werd niet gevonden.
    Hoofdstuk 6 beschrijft de resultaten van eigen onderzoek naar de relatie tussen weersfactoren en klachten bij fibromyalgiepatiŽnten.
    Veel fibromyalgiepatiŽnten geven aan dat koud, nat weer hun klachten doet toenemen.
    In onze groep gaf ook 80% een positief antwoord op de vraag of er weersinvloeden op hun klachten aanwezig waren.
    De scores van wekelijks ingevulde dagboeken t.a.v. pijn, stijfheid, moeheid en stemming, werden vergeleken met diverse meteorologische variabelen verzameld door het KNMI (peilstation Eelde), zoals neerslag, temperatuur, windsnelheid, vochtigheid, luchtdruk etc.
    De patiŽnten waren niet op de hoogte van het feit dat deze vergelijking plaats zou vinden : de dagboekscores waren primair door ons verzameld om het verloop van de klachten tijdens een behandelperiode te inventariseren.
    Uit de analyse van de weersgegevens en de dagboekscores kwam naar voren dat er geen verband tussen beide aanwezig was oftewel de weersfactoren hadden geen invloed op de klachten.
    Wel was er een sterke onderlinge samenhang tussen de verschillende subjectieve klachten van de
    patiŽnten (pijn, stijfheid en moeheid).
    Een verklaring voor deze discrepantie tussen het geloof van de patiŽnten enerzijds dat er weersinvloeden op hun klachten zijn en de objectieve gegevens over deze relatie, zoals in ons onderzoek gevonden, anderzijds zou verklaard kunnen worden door de attributietheorie.
    Mensen met pijn voelen zich minder hulpeloos als ze de pijn aan een externe factor toe kunnen schrijven, in dit geval het weer.
    Attributietheorie
    Er bestaat een theorie over hoe mensen dingen verklaren.
    Deze theorie heet de 'attributietheorie' (als je de term 'attributie' ziet, moet je aan de term 'verklaring' denken als synoniem).
    De theorie werkt als volgt.
    Als we verklaren waarom dingen gebeuren, kunnen we twee soorten verklaringen geven : een externe attributie of een interne attributie.
    Een externe attributie kent oorzakelijkheid toe aan een dader of kracht van buiten, m.a.w. een externe attributie zegt dat iets van buiten de gebeurtenis heeft veroorzaakt.
    Een interne attributie daarentegen kent oorzakelijkheid toe aan factoren binnen een persoon.
    Een interne attributie zegt dat iemand rechtstreeks verantwoordelijk was voor de gebeurtenis.
    Cfr. :
    http://www.leren.nl/cursus/sociale-vaardigheden/overtuigen-beinvloeden/attributietheorie.html
    In hoofdstuk 7 wordt de betekenis en de rol van de tender points in fibromyalgie nader belicht.
    Het lijkt er op dat er bij fibromyalgie sprake is van een gegeneraliseerde verlaagde pijndrempel, dus niet allťťn ter plaatse van de tender points, maar wel vooral.
    Vrouwen hebben een lagere pijndrempel dan mannen.
    Het aantal positieve tender points is belangrijk in het classificeren van een patiŽnt met chronische (wijd verspreide) pijn, als een fibromyalgiepatiŽnt.
    De score van tender points wordt ook vaak gebruikt bij de evaluatie van bepaalde behandelingen.
    Het is echter zeer de vraag of dit een geschikte uitkomst-maat is.
    Een relatie tussen het aantal tender points en de mate van ernst van het syndroom is evenmin vastgesteld.
    In eigen onderzoek werd gekeken naar de consistentie van tender points in de tijd.
    In de loop van 18 maanden werd 3 maal een tender point-onderzoek uitgevoerd, waarbij de onderzoeker de score van het vorige onderzoek niet in kon zien.
    Wel wist de onderzoeker dat de betreffende patiŽnt fibromyalgie had.
    Uit de analyse bleek dat het gemiddelde aantal tender points per patiŽnt constant bleef en dat ook de lokalisaties van de tender points bij elke individuele patiŽnt grotendeels gelijk bleven.
    Tender points zijn dus een goed herkenbaar fenomeen in deze patiŽntengroep.
    In hoofdstuk 8 is getracht een overzicht te geven van epidemiologische onderzoeksbevindingen zoals die in de literatuur staan beschreven.
    Een vergelijking tussen de verschillende studies is erg moeilijk, aangezien de studie-opzet telkens anders was.
    De prevalentie in de bevolking, zoals weergegeven in deze studies, schommelt tussen de 0.66% en 11.2%.
    In klinische populaties hangt de prevalentie sterk af van verwijzingspatronen.
    In deze populaties worden prevalenties tussen 5% en 20% opgegeven.
    Interessant is de bevinding dat in de normale bevolking veel mensen aan de beide criteria van fibromyalgie voldoen, maar dat slechts een klein deel van deze groep zich daadwerkelijk als patiŽnt in het gezondheidscircuit meldt.
    Wat maakt de ťťn wel en de ander niet tot patiŽnt ?
    De gevolgen van het fibromyalgiesyndroom op het dagelijks leven zijn aanzienlijk.
    De financiŽle consequenties zijn eveneens niet onaanzienlijk, niet alleen voor de patiŽnt, maar ook voor de maatschappij (medische kosten, kosten van arbeidsongeschiktheid etc).
    Het is moeilijk de situaties in de verschillende landen te vergelijken : er zijn andere gezondheids- en sociaal/-economische voorzieningen.
    Ook de werkgelegenheid of beter gezegd de afwezigheid hiervan speelt een belangrijke rol.
    In hoofdstuk 9 worden een aantal klinische aspecten, medische consumptie en het beloop van de klachten beschreven van de totale populatie aan onderzochte fibromyalgie patiŽnten in dit proefschrift (n=144).
    Deze gegevens worden vervolgens vergeleken met die van andere onderzoekers.
    Het percentage vrouwen in de fibromyalgie populatie is hoog, een gegeven dat nog altijd niet een bevredigende verklaring heeft gekregen.
    Het percentage vrouwen in onze onderzoeksgroep bedraagt 90, wat vergelijkbaar is met bevindingen van andere onderzoekers.
    Fibromyalgie patiŽnten ervaren hun klachten als invaliderend en een duidelijke meerderheid van de patiŽnten (70%) geeft aan dat de klachten ook nog eens erger worden in de loop der tijd.
    De fibromyalgie klachten ontstaan doorgaans geleidelijk, zonder duidelijke oorzaak of aanleiding (bij 66% van de onderzochte patiŽnten).
    Hoofdstuk 10 geeft een overzicht van de literatuur over psychologische aspecten van fibromyalgie.
    In het bijzonder worden de relaties tussen fibromyalgie enerzijds en angst en depressiviteit anderzijds toegelicht.
    Er zijn geen duidelijke bewijzen voor psychopathologie als etiologische factor bij fibromyalgie.
    Depressieve en angst symptomen worden weliswaar vaak vermeld als onderzoeksresultaten, maar deze moeten waarschijnlijk worden opgevat als factoren die samenhangen met, danwel het gevolg zijn van een chronische (somatische) klachten.
    Ook wordt de relatie tussen pijn (een van de meest prominente kenmerken bij van fibromyalgie) en een aantal psychologische aspecten verder uitgediept aan de hand van de bestaande literatuur.
    "Aangeleerde hulpeloosheid" (learned helplessness), inadequaat (pijn)gedrag, reinforcement van pijngedrag, rolvoorbeelden (social modelling) en ook cognitieve aspecten zijn modulerende factoren in pijnbeleving en pijngedrag.
    Er is sprake van een wederzijdse beÔnvloeding van pijn enerzijds en deze psychologische factoren anderzijds.
    Of psychologische factoren een rol spelen bij de etiologie van fibromyalgie is niet duidelijk.
    In hoofdstuk 11 worden psychologische aspecten van fibromyalgie vergeleken met die van chronische en niet chronische pijn.
    Drie groepen, een groep patiŽnten met chronische pijn (n=99), een groep patiŽnten met niet chronische pijn (n=34) en een groep fibromyalgie patiŽnten (n=36) worden vergeleken met gebruikmaking van een standaard interview en psychologische vragenlijsten (SCL-90, IBQ en CIPI).
    Zowel de groep chronische pijnpatiŽnten als de groep fibromyalgie patiŽnten verschilt duidelijk van de groep niet chronische pijnpatiŽnten, op basis van de variabelen die zijn afgeleid van de criteria voor chronische pijn door de Nationale Gezondheidsraad.
    De fibromyalgie groep en de chronische pijn groep zitten qua scores op deze variabelen dichter bij elkaar.
    Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat een aantal psychologische aspecten bij fibromyalgie kunnen worden teruggevoerd op factoren die passen bij het hebben van chronische pijnklachten.
    Hoofdstuk 12 geeft de resultaten weer van een vergelijking tussen een groep fibromyalgie patiŽnten (n=100), een groep reumatoÔde artritis (RA) patiŽnten (n=25) en een groep patiŽnten met chronische lage rugklachten (n=22).
    Hierbij werd gebruik gemaakt van VAS-schalen voor de mate van pijn, kwaliteit van de slaap en een inschatting van de revalidatiearts en patiŽnt over diens algehele gezondheidstoestand.
    De groepen werden tevens met elkaar vergeleken op basis van de tenderpoint score en een aantal vragenlijsten : de SCL-90, de Amsterdamse Biografische Vragenlijst (ABV), de Maudsley Marital Questionnaire (MMQ), de Utrechtse Coping Lijst (UCL) en de Prestatie Motivatie Test (PMT).
    De resultaten maken duidelijk dat fibromyalgie patiŽnten hun klachten als ernstiger (grotere impact) ervaren dan beide andere groepen en dat psychische onlustgevoelens in de fibromyalgie groep groter zijn.
    Fibromyalgie patiŽnten scoren ook hoger op de N-schaal (neurotische labiliteit) van de ABV, wat mogelijke een aanwijzing is voor een predispositie op basis van een psychogene factor.
    Fibromyalgie patiŽnten verschillen ook van beide andere groepen in de manier waarop zij met klachten en problemen omgaan, blijkens de verschillen in de UCL-scores.
    Zij hebben hogere scores op de schalen Palliatieven, Vermijding en Depressief reactiepatroon, wat duidt op inadequate vormen van coping.
    In hoofdstuk 13 wordt een literatuur overzicht van diverse therapie-trials gegeven.
    Het blijkt heel moeilijk goede uitkomst variabelen te kiezen.
    Veel studies betreffen slechts een klein aantal patiŽnten en de follow-up was meestal erg kort.
    Een ander probleem is het grote placebo-effect dat in veel studies naar voren kwam.
    Een dubbel-blind onderzoek is moeilijk op te zetten.
    Uit de diverse studies komt naar voren dat NSAID's niet beter werken dan placebo's.
    Gecontroleerde onderzoeken naar het effect van paracetamol zijn niet verschenen, hoewel dit regelmatig voorgeschreven wordt.
    Van tricyclische antidepressiva, met name amitriptyline, wordt in een subgroep wel een positief resultaat beschreven, in die patiŽnten die een slaapstoornis hebben.
    Effect-studies naar fysiotherapeutische behandelingen zijn nauwelijks verschenen, hoewel dit ook zeer regelmatig wordt voorgeschreven.
    Fitness training werd onderzocht en hoewel de conditie van de patiŽnten wel vooruit ging was er toch geen duidelijke afname van de klachten.
    Cognitieve gedragstherapie lijkt op theoretische gronden een goede mogelijkheid te bieden, maar zal nog in goed opgezet onderzoek bewezen dienen te worden.
    Het fibromyalgie syndroom kan beschouwd worden als een chronisch pijnsyndroom, met gevolgen voor het sociaal-emotioneel functioneren van de betreffende patiŽnten.
    Deze factoren moeten ook in het behandelprogramma betrokken worden.
    Dit houdt in dat de behandeling in een multidisciplinair team dient plaats te vinden.
    Een actieve participatie van de patiŽnt bij zijn of haar behandeling is van wezenlijk belang.
    In hoofdstuk 14 worden de resultaten weergegeven van een therapie-trial op basis van een gecombineerde aanpak vanuit de psychomotorische therapie (gebaseerd op gedragstherapeutische principes) en echtpaargesprekken bij Medisch Maatschappelijk Werk.
    Vijftig fibromyalgie patiŽnten namen deel in de behandelingsgroep en vijftig fibromyalgie patiŽnten fungeerden als controle-groep.
    Behandelingsdoelstellingen waren : de patiŽnt leren omgaan met de beperkingen die voortvloeien uit het fibromyalgie-klachtenpatroon met behulp van gedragstherapeutische technieken, ontspanningsoefeningen, assertiviteitstraining en het leren onderscheiden van pijn van andere lichaamssensaties en emotionele belevingen.
    Voor- en nametingen en een follow up meting werd verricht bij beide groepen met gebruikmaking van : subjectieve klachten ervaring door patiŽnt (VAS-schalen), de SCL-90, de Utrechtse Coping Lijst (UCL) en de Maudsley Marital Questionnaire (MMQ).
    Het aantal uitvallers in de experimentele groep was groot (34%), wat mogelijk een gevolg was van de selectie-methode.
    Multivariate variantie analyses maakten duidelijk dat er veranderingen waren over de drie meetpunten voor beide groepen : een toename van de pijn, maar afname van psychische onlustgevoelens en een afname van inadequate vormen van coping.
    Een behandelingseffect kon niet worden aangetoond.
    In hoofdstuk 15 worden de resultaten beschreven van een onderzoek naar de effecten van een begeleiding van fibromyalgie patiŽnten op basis van een cognitief- gedragstherapeutische aanpak, waarbij de nadruk lag op psycho-educatie.
    Dertig, at random geselecteerde, fibromyalgie patiŽnten werden benaderd met de vraag of zij wilden deelnemen in het onderzoeks-programma.
    Dertig andere fibromyalgie patiŽnten, eveneens at random geselecteerd, maar gematcht op geslacht en leeftijd met de experimentele groep, fungeerden als controle groep.
    Behandelingsdoelen waren : 1) het aanleren van adequate coping vaardigheden, gebaseerd op realistische gedachten en doelen, 2) verschuiven van de 'locus of control' bij de patiŽnt van extern naar intern, 3) waardoor de negatieve emotionele aspecten en het gevoel van machteloosheid ten opzichte van de pijn en andere klachten zouden moeten afnemen.
    Voor en na behandeling, alsmede in een follow up, werden metingen verricht waarbij gebruik is gemaakt van : de SCL-90, de Pijn Cognitie Lijst (PCL), de PijnBeheersings Vragenlijst (PBV), VAS-schalen voor pijn, slaap en een algehele beoordeling door de patiŽnt van diens gezondheidstoestand, de tender point score en een ADL-lijst.
    Evenals bij het onderzoek dat in hoofdstuk 14 werd beschreven is hier het aantal uitvallers in de experimentele groep hoog (33%).
    Met behulp van multivariate variantie analyse kon geen behandelingseffect worden vastgesteld.
    Het grote aantal uitvallers heeft de power van de statistische toetsing verkleind, wat pleit voor een replicatie met een grotere groep en met een andere selectie-methode.
    In hoofdstuk 16 wordt een poging gedaan om eerdere bevindingen te integreren in een model waarmee het ontstaan en voortduren van fibromyalgie kan worden verklaard.
    Stress, pijn en vermoeidheid vormen de centrale aspecten van dit model.
    Deze aspecten worden weer beÔnvloed door verschillende psychologische en psychobiologische aspecten.
    Veel fibromyalgie patiŽnten lijken 'vast' te zitten in vicieuze cirkels van elkaar wederzijds beÔnvloedende factoren, zoals weergegeven in het model.
    Er is nog te weinig bekend over de periode waarin de fibromyalgie klachten ontstaan, kennis die alleen kan worden verkregen door prospectief, longitudinaal onderzoek.
    De behandeling van fibromyalgie zal met name gericht moeten zijn op 'care' aspecten, niet op 'cure'.
    Daarbij is het van groot belang dat fibromyalgie patiŽnten ervaren dat ze zelf controle kunnen krijgen over het klachtenpatroon.
    Behandeling dient daarom gericht te zijn op het doorbreken van de vicieuze cirkels waarin de patiŽnt zich bevindt, waardoor er ruimte ontstaat voor de patiŽnt om zich wederom zelf verantwoordelijk te voelen voor het lichamelijke en psychische welbevinden.
    Stellingen behorend bij het proefschrift
    Drs. A.A. Knipping
    -
    Het grootste gevaar bij fibromyalgie is dat het een "way of life" wordt voor de patiŽnt.
    - Fibromyalgie dient primair als een ernstig chronisch pijnsyndroom te worden opgevat.
    - Een monodisciplinaire behandeling van fibromyalgie is, gegeven de complexiteit van het syndroom, tot mislukken gedoemd.
    - Het ontkennen van fibromyalgie als syndroom door sommige medici kan vanuit de psychologische optiek als een vorm van afweer worden beschouwd.
    - Een psycholoog met inadequate coping-strategieŽn is niet per definitie een slechte hulpverlener, er zijn immers ook geen wegwijzer-borden die zelf naar Amsterdam gaan.
    - De constatering dat er psychologische factoren meespelen in het ontstaan of voortduren van een klacht wordt door veel patiŽnten als een beschuldiging ervaren.
    - De activiteiten van psychologen werkzaam in ziekenhuizen in het kader van patiŽntenzorg vallen eerder onder de somatische dan de geestelijke gezondheidszorg.
    - In correspondentie dient te term "er zijn geen objectiveerbare klachten" gelezen te worden als : "ik weet ook niet wat er aan de hand is".
    - Bij de behandeling van patiŽnten met chronische pijnklachten heeft een interdisciplinaire aanpak een meerwaarde boven de multidisciplinaire benadering.
    - Voor elk type patiŽnt dient het verhogen van de zelfredzaamheid een wezenlijk bestanddeel uit te maken van de behandelingsstrategie.
    - Bij patiŽnten met objectiveerbare somatische klachten blijven de psychologische aspecten vaak onderbelicht.
    - Het tempo waarin veroudering plaatsvindt van computers en software leidt tot neurotisch uitstelgedrag bij de aankoop ervan.
    - De recentelijke uitholling van het militaire apparaat wordt al eeuwen voorspeld door de term "leger".
    A.C.E. de Blťcourt
    - Fibromyalgie is geen ziekte, maar een syndroom.
    - In de pijnlijke spieren bij fibromyalgiepatiŽnten zijn geen evidente afwijkingen gevonden.
    - Er is geen direct verband tussen weersfactoren en fibromyalgieklachten.
    - Het effect van NSAID's in de behandeling van de symptomen van fibromyalgie lijkt te berusten op een placebo-effect.
    - Vrouwen zijn (druk)gevoeliger dan mannen.
    - Kinderen met chronische (benigne) pijnklachten in het houdings- en bewegingsapparaat kunnen succesvol binnen een (tijdelijke) klinische kinderrevalidatiesetting behandeld worden.
    - In de begeleiding en scholing van motorisch gehandicapte kinderen is de samenwerking tussen professionals binnen de kinderevalidatie en mytylschool essentieel.
    - Het vak revalidatie verandert van LIVRE-lee in RAP-tempo in een vak van registratie.
    - Herkenning en erkenning van fibromyalgie zonder dat een passend begeleidingstraject wordt aangeboden kan resulteren in reinforcement van pijngedrag.
    - De grens tussen normaal en abnormaal is een kwestie van smaak.
    - Een groot mens is hij, die zijn kinderhart nimmer verliest. (Meng-Tse).
    Cfr. :
    http://dissertations.ub.rug.nl/FILES/faculties/medicine/1995/a.c.e.de.blecourt/samenvat.pdf


    14. - Fibromyalgie Ė Omgaan met weke-delenreuma
    Huub Fest - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1998 Ė ISBN : 9020201018
    Enkele honderdduizenden Nederlanders hebben fibromyalgie (weke- delenreuma), een ziekte die zich met name uit in chronische spierpijn en vermoeidheid.
    Nog steeds is er veel onbegrip over deze ziekte.
    Dat komt onder andere doordat er nauwelijks informatie over bestaat.
    De meeste mensen weten niet wat een fibromyalgiepatiŽnt doormaakt of nog moet doormaken.
    Ook voor de patiŽnt is het vaak nog onduidelijk wat hij mankeert.
    De auteur gaat in op de vele aspecten van deze ziekte.
    Uitgelegd wordt hoe je de ziekte kunt herkennen en wat je eraan kunt doen.
    Verhelderend zijn de diverse verhalen van medepatiŽnten, die de auteur heeft opgetekend tijdens zijn revalidatieperiode.
    Verder geeft hij diverse tips en ontspanningsoefeningen, waarmee de klachten kunnen worden verlicht.
    Dit boekje is niet alleen bedoeld voor de fibromyalgiepatiŽnt zelf, maar ook voor specialisten, artsen, advocaten, rechters, verzekerings- en arbeidsdeskundigen, psychologen, partners, werkgevers, familie en verplegend personeel, kortom iedereen die in zijn of haar omgeving met de ziekte wordt geconfronteerd.
    Recencie (NBD-Biblion) : Het onderwerp van dit boekje is volgens sommigen (waaronder de arts Cees Renckens, de bekende voorzitter van de Vereniging tegen de Kwakzalverij) een modieuze pseudo-ziekte die alleen in het leven is geroepen door ontevreden en onbegrepen mensen die klachten hebben maar niet echt ziek zijn, volgens anderen 'wel degelijk een ziekte' die 'enkele honderdduizenden Nederlanders hebben' (de auteur van dit boek).
    De waarheid ligt vermoedelijk ergens in het midden : de aangegeven frequentie van voorkomen lijkt aan de hoge kant.
    Over de auteur vermeldt dit boekje hoegenaamd niets : de foto op de achterflap toont een man van middelbare leeftijd.
    Uit het boekje blijkt dat hij zelf lijder aan fibromyalgie is : op de laatste bladzijde in de rubriek 'Lotgenotencontact' nodigt hij lezers uit hun 'verhalen (te) schrijven' en aan hem te sturen.
    Het boekje zelf is een in een uitdrukkelijk populaire en gemeenzame 'jij-en-jou'-stijl geschreven tekst over een aantal, overwegend niet-medische aspecten van de (reŽle of vermeende) ziekte.
    Bevat enkele stukjes casuistiek en een uitgebreide verklarende woordenlijst.
    Een gedegener en bruikbaarder boek over dit onderwerp is A. van Galen's 'Geen dag zonder pijn' - cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666872074&Section=BOOK - .
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIp6RXoK@i-RAZcxPnSW26685758&PrdId=666770495

    15. - Fusie, niet alleen een fysisch, biologisch, maar ook sociaal-geneeskundig fenomeen
    De Orthomoleculaire Koerier Nr. 117 - Uitgeverij Orthos Media bv, Den Haag - Tel. : 070 35 49 958 Ė Fax : 070 35 87 504 - © 2006 Orthos Media bv
    Inleiding

    Op 9 februari jongstleden vond in De Doelen te Rotterdam het door de KNMG-afdeling van Rotterdam georganiseerde congres Fusion plaats .../...
    De ondertitel van het congres : 'Variatie in mensen , diversiteit in zorg' geeft ... aan wat het thema was van het congres namelijk kijken op welke wetenschappelijke gronden reguliere en complementaire geneeskunde kunnen samenwerken .../...
    In de begeleidende klapper werd met toenaam gesteld dat de mogelijkheden tot samenwerking van regulier en complementair in het belang van de patient verkend dienen te worden.
    Als thema hiertoe werd genetica en de daarmee samenhangende genomics, proteomics etc. Gekozen : een precies profiel van een mens doet begrijpen waarom bepaalde therapieen wel of juist niet werken of anders gezegd een individuele (en holistische) benadering dient zich aan.
    De samenstelling van de congrescommissie reflecteert het begrip Fusion : reguliere en complementaire artsen/wetenschappers bij elkaar waaronder twee hoogleraren te weten de meer reguliere breed georienteerde hoogleraar de Cock Buning van het Athena-instituut van de VU en de meer complementair georienteerde emeritus hoogleraar Farmacognosie Labadie van de RU Utrecht .../...
    De lezingen duurden tot het begin van de middag.
    Na de lunch kon deelgenomen worden aan 3 workshops, waarvoor men voor het congres had moeten inschrijven.
    Na de workshops vond ... de paneldiscussie plaats (met helemaal aan het eind een borrel) .../...
    Rheumatologie en gewrichtsklachten : fibromyalgie
    Drs Yolanda Schenk uit het Diaconessenhuis te Utrecht hield een bekend verhaal over de symptomatologie/diagnostiek van fibromyalgie.
    De diagnose wordt zoals bekend gebaseerd op de anamnese, gegeneraliseerde chronische pijn en op het drukpijnlijk zijn van zeker 11 van 18 tenderpoints.
    Vooral vrouwen krijgen fibromyalgie.
    1-5% van de bevolking heeft er last van en fibromyalgie-patienten vormen 30% van de nieuwe patienten van de rheumatroloog.
    De oorzaak van fibromyalgie is onbekend.
    De reguliere artsen gooien het op een combinatie van stress en hormonen.
    In de reguliere geneeskunde wordt fibromyalgie met pijnstillers, slaapverbeterende medicatie (ze noemde helaas melatonine niet) en met antidepressiva.
    Mevrouw Schenk tracht patienten en dat moet gezegd worden ook te helpen door ze door te verwijzen naar allerlei soorten complementaire artsen.
    Als vertegenwoordiger van de complementaire geneeskunde trad arts-acupuncturist HH Tan op.
    Ik ga daar niet al te diep op in.
    Ik volsta met te constateren dat hij met onderzoek kwam, dat erop wijst dat acupunctuur bij fibromyalgie zin heeft.
    De orthomoleculaire geneeskunde kwam hier niet aan bod.
    Ik zou voor informatie hierover willen verwijzen naar een drietal bijscholingen die ik samen met therapeut Jan Blauw voor de SOE heb gegeven.
    Ik deed dat aangaande arthrose en reumatoide arthritis en Jan Blauw deed dat aangaande fibromyalgie (van deze bijscholing bestaat een klapper)
    .../...
    Cfr. :
    http://www.orthos.nl/media/perio/DOK117/DOK117_fusie.htm

    16. - Geen dag zonder pijn - Leven met fibromyalgie
    A. van Galen - NIGZ Uitgeverij, 2000 Ė ISBN : 9069282240
    De ene dag door pijn tot bijna niets komen en de volgende dag bergen verzetten : zo grillig kan fibromyalgie zijn.
    Fibromyalgie is een chronisch pijnsyndroom, waarbij de pijn in spieren en bindweefsels soms sluimerend soms heftig kan zijn, maar altijd op de loer ligt.
    Voor de patiŽnt betekent dit dat hij daarmee tot op zekere hoogte rekening moet houden.
    Fibromyalgie stelt mensen voor de opgave een nieuwe balans in het leven te vinden en zich in veel opzichten aan te passen aan nieuwe grenzen.
    Dat is meestal niet gemakkelijk en maakt vaak nogal wat emoties los.
    De boodschap van dit boek is dat mensen met fibromyalgie zo veel mogelijk het heft in eigen hand moeten zien te houden waar het gaat om hun lijf en leven.
    Zij bepalen zoveel mogelijk zelf welke aanpassingen noodzakelijk zijn in practische zaken zoals werk, huishouding, school en vrijetijdsbesteding.
    Recencie (Dr. H.S. Verbrugh, Biblion) : Fibromyalgie is een slecht omschreven, met reuma samenhangend ziektebeeld (een vorm van reuma van de zogenoemde weke delen is de geijkte omschrijving), gepaard gaande met chronische ontsteking van bindweefsel en daaruit resulterende vergroeiingen en pijn, bewegingsproblemen en andere kwalen.
    Volgens schattingen komt de ziekte voor bij twee tot vijf procent van de mensen.
    Adequate behandelingsmogelijkheden zijn er niet.
    In het bijzonder daardoor zoeken patiŽnten uiteraard vaak hulp bij alternatieve artsen en therapeuten.
    De auteur van dit boek (1948) is psychologe, lijdt aan fibromyalgie, is journaliste, tekstschrijfster en eindredactrice van het blad van de patiŽntenvereniging.
    Alle voorwaarden zijn dus vervuld voor een goed en informatief boek, dat morele en psychologisch/psychotherapeutische steun geeft aan patiŽnten en hun omgeving.
    Dat is dit boek dan ook geworden.
    Diagnose en behandelingsmogelijkheden, leren leven met de ziekte en de betekenis van de ziekte voor de omgeving komen aan de orde; literatuur en nuttige adressen - alles wat een dergelijk boek moet hebben, staat er in.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666872074&Section=BOOK


    Lees verder : Deel V

    17-12-2006 om 13:23 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fibromyalgie & hormonen... - Deel V
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Fibromyalgie & hormonen...


    Deel V



    17. - Guaifenesin en SAM-e in de behandeling van fibromyalgie

    Kevin Wuyts - Bron : VLFP tijdschrift nr. 51 novenber 2002 - © 2006 Fibromyalgie Liga strijd spierziekte chronische pijn en reuma
    Fibromyalgie krijgt nog lang niet de erkenning die het toekomt.
    Het is een cyclische en progressieve ziekte die zich in een beginstadium slechts sporadisch manifesteert.
    Naargelang de ziekte zich verder ontwikkelt, wisselen goede en slechte dagen mekaar af tot men uiteindelijk van slecht naar erger gaat.
    Er zijn geen testen voorhanden die FM kunnen diagnosticeren.
    De meest aanvaarde indicatie is het zoeken van tender points op 18 vastgestelde plaatsen op het lichaam.
    De individuele pijnbeleving varieert echter van persoon tot persoon.
    CVS patiŽnten vertonen dezelfde symptomen als FM patiŽnten, maar bij CVS ligt de nadruk op vermoeidheid terwijl bij FM de pijn centraal staat.
    FM heeft weinig specifiek eigen symptomen.
    PatiŽęnten lopen van de ene dokter naar de andere in hun zoektocht naar antwoorden.
    Met een beetje geluk krijgen ze de diagnose CVS, candidiasis, myofaciale pijn of prikkelbare darm.
    Even vaak wordt hen verteld : "Het zit allemaal in je hoofd."
    Het geÔsoleerd behandelen van ťťn symptoom terwijl de andere worden verwaarloosd leidt tot niets.
    Guaifenesin
    Een trauma, infectie of stress kunnen de trigger tot FM zijn, maar zijn zelden de echte oorzaak.
    Specialisten, waaronder Dr. R. Paul St. Amand, geloven dat FM wordt veroorzaakt door een storing in de fosfaat huishouding, welke het gevolg zou kunnen zijn van een genetisch defect.
    De opstapeling ervan interfereert in de energieproductie in de cellen.
    Gezien calcium de belangrijkste buffer is voor fosfaat, betekent een teveel aan fosfaat ook een teveel aan calcium.
    De overcapaciteit aan fosfaat dringt uiteindelijk de cellen binnen in combinatie met calcium.
    Samen zorgen ze voor een metabolische malfunctie welke resulteert in de symptomen van FM.
    Fosfaat overschotten verstoren de energiehuishouding en ondanks het tekort aan energie zet de aanwezigheid van calcium de cellen aan om te blijven werken.
    Ter behandeling van deze malfunctie wordt guaifenesin voorgeschreven.
    Guaifenesin heeft een ontgiftende effect en wordt aan hoestsiropen toegevoegd om zijn slijmoplossende werking.
    De promotie van guaifenesin in de behandeling van FM schuilt volgens Dr. R. Paul St. Amand in het feit dat deze medicatie de schadelijke calciumfosfaat ophopingen uit spieren, hersenen en andere weefsels wegwerkt.
    Deze ophopingen werden verondersteld te zijn veroorzaakt door een defect in de werking van de nieren.
    Normaal zorgen deze er voor dat de fosfaatmoleculen worden uitgescheiden via de urine.
    In tegenstelling hiermee worden de afvalstoffen opgeslagen in de weefsels.
    Dit verklaart de verspreide pijn en disfunctie in het hele lichaam bij FM patiŽnten.
    Er wordt beweerd dat guaifenesin de nieren aanzet om de urinezuuruitscheiding te verhogen en mogelijk ook deze van fosfaat.
    De behandeling met guaifenesin wordt ook wel deze van de volhouders genoemd.
    In de loop van de behandeling, wanneer fosfaat wordt onttrokken aan de weefsels en in de bloedstroom terechtkomt, kunnen vroegere symptomen weer de kop opsteken en de bestaande kunnen verergeren.
    Hoofdpijn is een veelvoorkomend verschijnsel tijdens dit proces, evenals pukkels en sterk ruikende diep geel gekleurde urine.
    Deze symptomen zijn geen neveneffecten van guaifenesin.
    Ze zijn het gevolg van het vrijkomen van chemische toxines en afvalstoffen.
    Ze zijn het teken dat de therapie werkt.
    Geleidelijk aan zullen er meer betere momenten zijn.
    Later worden dat dagen en uiteindelijk weken.
    De spieren worden geleidelijk aan minder gevoelig en meer ontspannen.
    Theoretisch gezien zou je zolang je op een onderhoudsdosis blijft de rest van je leven pijnvrij moeten zijn.
    Bij de behandeling met guaifenesin moet men het gebruik van aspirine of andere preparaten met acetylsalicylzuur vermijden.
    Zij zullen de werking van gauifenesin ter hoogte van de nieren blokkeren.
    Sommigen beweren dat andere te vermijden producten zijn : ginseng, st. Janskruid, ginko biloba, blauwe en groene algen, echinacea en vitaminesupplementen met alfalfa.
    Ook menthol, munt evenals aloŽ vera moeten worden geweerd.
    Pijnmedicatie op basis van paracetamol en ibuprofen evenals andere ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID) hebben geen invloed op de goede werking van guaifenesin.
    FM patiŽnten met hypoglycemie dienen een aangepast dieet zonder suiker en met beperkte inname van koolhydraten te volgen om tot beterschap te komen.
    SAM-e
    Ook een supplement genaamd SAM-e kan een nieuwe uitdaging betekenen in de strijd tegen de pijn bij fibromyalgie en de depressie die vaak samengaat met chronische ziekten.
    SAM-e of S-Adenosyl-L-Methionine wordt in het lichaam van het aminozuur methionine en de stof ATP gemaakt.
    ATP is een bio-energetische stof die door de mitochondria ( energiecentrales) in de cellen wordt geproduceerd.
    SAM-e wordt overdag aangemaakt en is een belangrijke grondstof voor de nachtelijke productie van melatonine.
    Gezien bij FM patiŽnten de ATP spiegel in de cellen lager is dan bij gezonde personen, daalt ook de productie door ons lichaam van SAM-e.
    Studies tonen aan dat SAM-e helpt bij FM symptomen en er wordt beweerd dat het helpt bij migraine en hoofdpijn.
    Bovendien lijkt het geen ernstige bijwerkingen te hebben zoals bij gewone medicatie vaak het geval is waaronder NSAID's (niet-steroidale anti-inflam-matoire medicatie) en anti-depressiva.
    Het duurt een week voor de effecten van SAM-e merkbaar zijn.
    Het werkt dus trager dan de gewone pijnstillers, maar veel sneller dan de meeste anti-depressiva.
    SAM-e kwam, in tegenstelling tot vele voedingssupplementen, op de markt met een onderbouwde achtergrond van medische studies en jarenlang gebruik.
    Het is een stof die voorkomt in alle levende cellen.
    Bovendien is het nodig voor meer dan 100 complexe biochemische reacties in ons lichaam.
    SAM-e helpt ons lichaam om hormonen aan te maken, celmembranen alsook de neurotransmitters die onze gemoedstoestand bepalen.
    SAM-e is betrokken in de aanmaak van gluthamine, nodig voor het verwijderen van giftige stoffen door de lever.
    Normaal maakt ons lichaam alle SAM-e die we nodig hebben.
    Maar met het ouder worden daalt de SAM-e spiegel.
    Ook bij depressie en bij een tekort aan vitamines B of methionine is de spiegel te laag.
    Hoewel geleerden nog niet hebben achterhaald hoe de inname van SAM-e supplementen werkt, toont de wetenschap aan dat er een verbetering is bij FM en depressie.
    Hoewel, er zijn enkele negatieve argumenten voor de inname van SAM-e.
    SAM-e wordt al meer dan 20 jaar voorgeschreven en toch zijn er geen lange termijn studies betreffende de effecten van langdurig dagelijks gebruik.
    Weinig reumatologen kennen voldoende van SAM-e om advies te geven en de aangewezen dosis is niet bekend.
    Bovendien geeft SAM-e geen genezing.
    Je moet het blijven nemen om effect te hebben.
    Toch is de wetenschap het erover eens dat de inname op korte termijn geen bijwerkingen heeft.
    Mocht je overwegen SAM-e te gebruiken, neem dan volgende regels in acht : gebruik SAM-e enkel onder doktersbegeleiding, overweeg de gelijktijdige inname van vitamine B12 en foliumzuur gezien is aangetoond dat een tekort aan ťťn van beide de concentratie van SAM-e verlaagt, meldt alle bijwerkingen aan je arts, hoewel deze zeldzaam zijn kunnen huiduitslag en misselijkheid optreden.
    Cfr. :
    http://www.fibromyalgie.be/content/view/13/29/

    18. - Handgrepen voor voetreflexmassage - Een praktisch werkboek
    Henk Goossens - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1990 Ė ISBN : 9020252186
    Voetreflexmassage is een veilige en doeltreffende behandel- en geneeswijze.
    Ze bevordert op energetische wijze de doorstroming in ons lichaam en de uitscheiding van afvalstoffen, waardoor het natuurlijk evenwicht in de mens hersteld kan worden.
    Centraal in deze uitgave staan de verschillende grepen uit de voetreflexmassage.
    Toepassen van de grepen en aandacht voor de patiŽnt staan daarbij voorop.
    Dat vergt een heel patiŽntgerichte houding van de masseur.
    De liefde en aandacht waarmee hij werkt is van het grootste belang voor het verkrijgen van een goed resultaat.
    Invoelen en het achterwege laten van persoonlijke oordelen en verwachtingen zijn wezenlijke factoren.
    Ze helpen een harmoniserende energie te realiseren, waardoor de levensprocessen in balans gebracht worden.
    Recensie (NBD|Biblion) : De titel omschrijft goed de inhoud van het boek.
    Het zijn enkel handgrepen voor het masseren van de voet.
    Er wordt geen uitleg gegeven over de reflexpunten van de voet.
    De indeling van de hoofdstukken heeft betrekking op de aard en het doel van de handgrepen.
    Het is geillustreerd met veel zwart-wit foto's en de hoeveelheid tekst is gering, doch kort en bondig.
    De helft of meer van de tekstpagina's is blanco.
    Van alle handgrepen die worden beschreven is een bijbehorende zwart-wit foto afgedrukt.
    Helaas laat de duidelijkheid van de foto's hier en daar te wensen over.
    Soms is het moeilijk om vast te stellen wat er wordt bedoeld.
    Zoals de schrijver zelf aangeeft is het een praktisch werkboek voor studenten voetreflexmassage.
    Voor de 'echte' leken, kan het hier en daar ingewikkeld zijn.
    Doch wie nieuwsgierig en geinteresseerd is geworden in de voetreflexmassage, kan op zoek gaan naar verdere informatie.
    Literatuurlijst met twee titels.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666774447&Section=BOOK

    19. - Hongerklop
    Hongerklop is een term voor de gevolgen van een plotseling
    glycoceentekort.
    Men komt dan de man met de hamer tegen, men staat geparkeerd: men moet overschakelen op
    vet- en eiwitverbranding en kan daardoor niet meer maximaal presteren.
    Dit is iets wat bij
    topsporters opvalt, omdat dezen tijdens een langdurige prestatie op hoog niveau hun volledige glycoceenreserve aanspreken.
    Als deze reserve opraakt, wordt de geleverde prestatie zichtbaar minder.
    Sporters voorkomen een hongerklop door tijdens de prestatie
    koolhydraten aan te vullen met behulp van energiedranken of mueslirepen.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Hongerklop

    20. - Hormonal Disorders
    Cfr. :
    http://www.merck.com/mmhe/sec13.html?qt=Hormonal%20Disorders&alt=sh

    21. - Hormoon
    Hormonen zijn stoffen die door
    endocriene klieren via de bloedbaan aan doelcellen of -organen worden afgegeven.
    Dit in tegenstelling tot
    neurotransmitters waarvan het effect (meestal) optreedt op de plaats van afgifte (de synaps).
    Ook
    feromonen zijn chemische boodschappers, maar dan tussen verschillende individuen van dezelfde soort.
    Ook planten maken
    plantenhormonen aan.
    Het woord 'hormoon' komt van het Griekse 'hormao' dat 'in beweging zetten' betekent.
    Regulatiesysteem : Negatieve terugkoppeling
    Alle hormonen hebben een regelfunctie in het lichaam en maken deel uit van soms eenvoudige, soms complexe regelsystemen.
    Hoe 'weet' een klier of hij meer of juist minder hormoon moet afgeven ?
    Hiervoor maakt het lichaam meestal gebruik van negatieve terugkoppeling.
    Een belangrijk deel van de
    hersenen dat hierbij betrokken is, is de hypothalamus.
    Deze 'meet' de hoeveelheden van verschillende hormonen in de bloedbaan en reageert hierop door zelf (meestal hormonale) signaaltjes af te geven aan de endocriene klieren (vooral de
    hypofyse).
    Deze signaaltjes geven dan aan of de productie van het hormoon gestimuleerd of geremd moet worden.
    Een voorbeeld : Het hormoon T4 (
    thyroxine) wordt in de schildklier geproduceerd als reactie op het hormoon TSH (thyroÔd-stimulerend hormoon) dat door de hypofyse wordt afgegeven.
    Het hormoon TSH wordt op zijn beurt weer geproduceerd als reactie op
    TRH (TSH-releasing hormone) dat door de hypothalamus wordt afgescheiden.
    Deze meet tegelijk de concentratie T4 in het bloed.
    Gaat deze concentratie over een bepaalde (drempel)waarde heen, dan wordt de productie van TRH (en daarmee van TSH en T4) geremd.
    Een ander voorbeeld van negatieve terugkoppeling is te vinden bij
    testosteron.
    Hormonen als medicijnen
    Omdat hormonen
    lichaamseigen stoffen zijn die bij de werking van de meeste lichaamsfuncties een zeer belangrijke rol spelen, zijn ze een dankbaar object van studie voor de farmaceutische industrie, die de meeste hormonen in zuivere vorm heeft kunnen extraheren of synthetiseren, er (vaak nog sterker werkende) analogen van heeft gemaakt of geneesmiddelen die het effect van een hormoon juist blokkeren.
    Ook in de natuur zijn bij planten of dieren vaak stoffen te vinden die een sterk effect op de mens hebben omdat ze het effect van een hormoon nabootsen (agonisten) of blokkeren (antagonisten).
    Over hormonen is zeker nog niet alles bekend.
    Een gebied waarop tegenwoordig veel onderzoek wordt gedaan is de regulering van de
    eetlust en de hoeveelheid lichaamsvet, ook omdat er een enorme markt bestaat voor geneesmiddelen die hierop invloed uitoefenen.
    *- Voorbeelden van hormonen of hormoon-agonisten die als medicijn gebruikt worden -
    Morfine (lijkt op endorfine) - Anabole steroÔden - CorticosteroÔden - Insuline - Schildklierhormoon (T4 en T3) - Groeihormoon - Anti-conceptiepil (oestrogeen) - Morning-afterpil (levonorgestrel, lijkt op progesteron) - Aldosteron Ė Glucagon.
    *- Voorbeelden van hormoon-antagonisten die als medicijn gebruikt worden :
    α-blokkers - β-blokkers - Androcur (anti-testosteron) - antihistaminen - strumazol - ace-blokkers Ė H2-antagonisten.
    Veel mensen hebben bij het woord 'hormoon' een negatieve emotionele reactie, als iets kunstmatigs waarmee de natuurlijke werking van het lichaam wordt verstoord.
    Zoals uit het bovenstaande mag blijken is een dergelijke reactie niet rationeel omdat hormonen juist de meest natuurlijke manier zijn om processen in het lichaam te beÔnvloeden - zo doet het lichaam het immers zelf ook.
    Wel is het waar dat hormonen door hun vaak grote effectiviteit behoedzaam moeten worden gehanteerd, door mensen die op de hoogte zijn van de werkingen, de bijwerkingen en de regelkringen waarin door het middel wordt ingegrepen - met andere woorden, door
    artsen.
    Lijst van hormonen
    -
    ANF (atrial natriuretic factor)
    -
    ADH (antidiuretisch hormoon) oftewel vasopressine
    -
    adrenaline
    -
    aldosteron
    -
    angiotensine
    -
    calcitonine
    -
    cholecystokinine
    -
    corticotropine, voorheen ook ACTH (adrenocorticotroop hormoon) genoemd.
    -
    cortisol (hydrocortison)
    -
    endorfine
    -
    FSH (Follikelstimulerend hormoon)
    -
    glucagon
    -
    groeihormoon
    -
    histamine
    -
    insuline
    -
    IGF1 (insuline-like growth factor)
    -
    leptine
    -
    LH (LuteÔniserend hormoon)
    -
    melatonine
    -
    noradrenaline
    -
    oestrogeen
    -
    progesteron
    -
    renine
    -
    serotonine
    -
    somatostatine
    -
    testosteron
    -
    T3 (tri-joodthyronine)
    -
    T4 (thyroxine)
    -
    TSH
    -
    TRH
    Lijst van hormoonafscheidende klieren
    -
    alvleesklier
    -
    bijnier
    -
    bijschildklier
    -
    hypothalamus
    -
    hypofyse
    -
    nier
    -
    schildklier
    -
    gonaden
    -
    testis
    -
    ovarium
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Hormoon

    22. - Hutchinson-Gilford syndroom (Progeria)
    Het Hutchinson-Gilford syndroom, genoemd naar de dokters
    Hutchinson en Gilford die voor het eerst de ziekte beschreven aan het eind van de 19e eeuw is een endocriene ziekte.
    Deze ziekte wordt ook 'progeria' : uit het
    Grieks en betekent : "sneller oud worden".
    Bij de geboorte lijken progeriapatiŽnten niet af te wijken van andere
    baby's, dat wil dus zeggen dat ze rond de 3 kilogram wegen en 50 centimeter groot zijn.
    Na een half jaar begint de
    huid droog aan te voelen en ontstaan er blaasjes op de buik.
    Vanaf dan begint het mis te gaan.
    De progeriapatiŽnten verouderen zo'n 10 keer sneller dan gewone kinderen en krijgen dus ook snel ouderdomskwalen, die meestal enkel hoogbejaarden treffen, zoals
    artrose, stijve gewrichten e.d.
    ProgeriapatiŽnten blijven heel hun leven klein en fragiel.
    Ze wegen hoogstens 20 kilogram.
    Hierdoor zijn ze uiterst kwetsbaar.
    Ze hebben bijgevolg geen hoge levensverwachting.
    Vijftien jaar is de maximum leeftijd.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Progeria

    23. - HyperthyreoÔdie
    HyperthyreoÔdie is een
    ziekte ten gevolge van een te grote hoeveelheid schildklierhormoon.
    Dit kan optreden door het nemen van schildklierhormoontabletten, maar meestal is dit het gevolg van een te actieve
    schildklier.
    Dit kan ontstaan doordat de patiŽnt antistoffen tegen de eigen schildklier vormt die aangrijpen op de receptoren die de schildklier stimuleren tot een hogere hormoonproductie, waardoor een ontsteking ontstaat van de schildklier met een te hoge hormoonafscheiding.
    Van de
    ziekte van Basedow, ook wel de ziekte van Graves genaamd is sprake als er zwelling van de schildklier (struma) optreedt samen met uitpuilende ogen (exoftalmus) en een te snelle hartslag (tachycardie).
    Dit heet de
    Merseburger trias, (naar de woonplaats van von Basedow).
    Deze ziektebeelden vormen een grotendeels overlappend spectrum.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Hyperthyreo%C3%AFdie

    24. - Hypoglycemia
    Cfr. :
    http://www.merck.com/mmhe/sec13/ch166/ch166a.html?qt=Hormonal%20Disorders&alt=sh

    25. - Hypoglykaemie, Chronische darmklachten, Candidiasis, ME, Fibromyalgie - Eindscriptie voetreflexologie
    Els Kraak Vernie, 15 mei 2003
    .../... Altijd moe, buikpijn, eczeem...
    Zulke vage lichamelijke klachten komen steeds meer voor.
    Het kan gaan om zogenaamde sluimerziektes als hypoglykemie myalgische encepfalomyelitis,fibromyalgie en candida.
    De vermoeidheidsklachten ontstaan het meest bij vrouwen doordat ze aan zichzelf
    voorbijgaan.
    Veel van deze vrouwen hebben slecht voor zichzelf gezorgd, door een combinatievan onregelmatige, ongezonde voeding, weinig slaap en stress.
    Dat uit zich onder andere in darmproblemen, hoofdpijn, concentratiestoornissen, suikerallergieen ofandere overgevoeligheden.
    En boven aan de lijst : extreme vermoeidheid.
    Verkeerde voeding en overbelasting van je lijf tasten je immuunsysteem aan, waardoor je sneller ziek kunt worden. In principe is het je levenswijze die je ziek maakt.
    De kans is groot dat je dan een zogenoemde "sluimerziekte" krijgt, met vage klachten als gewrichtspijn, hoofdpijn, maag- en darmklachten.
    Serieuze symptomen dus, maar waar vaak moeilijk een etiketje met een ziekte op valt te plakken.
    De klachten zijn vaag, maar daardoor niet minder reeel,".
    Het gaat om ziektes die "sluimerende" klachten veroorzaken.
    Vaak genoemd worden : een opgeblazen gevoel, darmkrampen, pijn in gewrichten, pezen en spieren, een gevoel van "watten" in je hoofd.
    En vooral : extreme vermoeidheid.
    Er zijn verschillende ziektes die je sluimerziektes kunt noemen :
    - Hypoglykemie, een chronisch te lage bloedsuikerspiegel
    - Candida, een verstoring van de gisthuishouding in je darmen
    - Myalgische encephalomyelitis (ME) een vermoeidheidsziekte
    - Fybromyalgie ofwel weke-delenreuma, ook een vermoeidheidsziekte
    - Bekkenbodeminstabiliteit, na zwangerschap
    - Prikkelbaar-darmsydroom (PDS), een chronische darmstoornis
    - De ziekte van Crohn, een chronische ontsteking van de dikke en dunne darm.
    Hoewel het op het eerste gezicht totaal verschillende ziektes zijn, hebben de meeste ervan overeenkomstige symptomen.
    Bij hypoglykemie, candida en Crohn komt voedselovergevoeligheid voor.
    Gewrichtsklachten zijn symptomen van ME en fybromyalgie, maar ook van hypoglykemie en candida.
    En zowel fybromyalgie als bekkenbodeminstabiliteit hebben te maken met je "weke delen" (pezen en spieren).
    Bij PDS, Crohn en candida heb je last van je darmen.
    Het lijkt erop dat alle sluimerziektes verband met elkaar houden.
    Eťn ding hebben de ziektes in ieder geval gemeen : het "vaatdoek-gevoel".
    Vrouwen die sluimerend ziek zijn, voelen zich als een uitgeknepen vaatdoek : leeg, op, doodmoe. Toch gaan de meeste over het algemeen door met werken of studeren (hoewel vaak op een lager pitje), terwijl hun klachten doorsluimeren.
    Werk + huishouden + druk sociaal leven = stress
    "Supervrouw" heeft stress, slaapt te weinig en eet onregelmatig, soms ronduit ongezond.
    Met deze levensstijl maken jonge vrouwen zichzelf ziek
    Een baan, sociaal leven, misschien al een gezin.
    Maar we moeten in de gaten houden dat de draagkracht en de draaglast in verhouding zijn.
    De meeste vrouwen hebben zo'n druk leven, dat er maar weinig rust overblijft.
    Als je niet op tijd rust neemt, raak je geestelijk op.
    En als gevolg daarvan raak je ook lichamelijk aan het eind van je Latijn.
    Ook staatssecretaris Hans Hoogervorst van Sociale Zaken luidde de noodklok: jonge vrouwen branden af.
    De grootste risicogroep om arbeidsongeschikt te worden ?
    Mensen tussen de 25 en 35 jaar.
    Ruim 13% van de mensen in de WAO is jonger dan 35 jaar en tweederde daarvan is vrouw.
    Het is paradoxaal : je bent in de bloei van je leven, maar je voelt je verlept.
    Hoe komt het dat er zoveel jonge vrouwen kampen met een sluimerziekte ?
    Daarbij is vooral de arbeidsmarkt een ziekmakende factor : Nederland heeft de hoogste werkdruk van Europa.
    Als het misgaat, dwingt de huidige "doorgaan-cultuur" in onze maatschappij ons nog om door te hollen.
    Stoppen met doorgaan
    Als je een sluimerziekte hebt of wilt voorkomen, moet je stoppen met doorgaan.
    Zoek de balans tussen rust en activiteit.
    Het is heel logisch : als je het druk hebt, moet je ook de tijd nemen voor rust.
    Ga eens naar de sauna of ontspan met meditatie of yoga.
    Al neem je iedere dag maar vijf minuutjes de tijd om te ontspannen, dat scheelt al.
    Vage klachten moet je vooral niet negeren.
    De klachten zijn een teken van je lichaam dat er iets niet goed gaat.
    Je bent pas gezond als je bruist van de energie.
    Het is dus heel onverstandig om extreme vermoeidheid te accepteren als iets wat nou eenmaal hoort bij een druk leven.
    In plaats van je klachten negeren, moet je de doorgaan-cultuur van onze maatschappij negeren.
    De maatschappij verandert niet, die gaat wel door, dat wat veranderen moet is onze instelling daarop.
    De verhouding tussen vrouwen en mannen is ongeveer 3:1, maar waar dat aan ligt, is mij onduidelijk.
    Misschien stappen vrouwen eerder in de slachtofferrol ?
    Het man/vrouw-verschil is waarschijnlijk eerder te zoeken in hormonen.
    Vrouwen hebben in hun leven meer te maken met hormonale variaties dan mannen.
    En doordat ze onderhevig zijn aan de schommelingen van hun cyclus, zijn vrouwen wellicht wat gevoeliger.
    En wat minder stressbestendig.
    Fybromyalgie
    Altijd Moe, Altijd Pijn Fibromyalgie

    Fibromyalgie is een raadselachtige ziekte, die wordt gezien als een reumatische aandoening waarbij vooral je spieren, pezen en bindweefsel zijn betrokken, je "weke delen".
    Vandaar dat het ook wel 'weke-delenreuma' wordt genoemd.
    Letterlijk betekent fybromyalgie pijn in bindweefsel en spieren.
    Dit zijn onderdelen van ons bewegingsapparaat.
    Het bewegingsapparaat bestaat uit harde en beweegbare delen.
    De harde delen zijn de botten, deze zorgen voor de stevigheid.
    Spieren, pezen en gewrichten zorgen voor de beweeglijkheid
    Gewrichtsbanden en bindweefsel zorgen voor extra steun en stevigheid.
    Aandoeningen aan het bewegingsapparaat, welke niet door ongeval of blessures worden veroorzaakt, worden aangeduid met de verzamelnaam : reumatische aandoeningen.
    Fibromyalgie is een aandoening van de weke delen van het bewegingsapparaat, de spieren, de plaats waar de pezen aanhechten aan het gewricht, gewrichtsbanden en bindweefsel en wordt daarom een vorm van weke delen reuma genoemd.
    Het is geen levensbedreigende ziekte, maar het heeft wel veel invloed op je leven.
    De artsen weten er soms niet zo goed raad mee, omdat bij onderzoek van de spieren, pezen en gewrichtsbanden waar de pijn in zit, geen ziektekundige afwijkingen aangetoond kunnen worden zoals bij reumatoÔde artritis of artrose (gewrichtsslijtage).
    Ook worden er geen afwijkingen gevonden in het bloed of de urine en zijn de reumatesten niet afwijkend.
    Er is een verband tussen fibromyalgie en de vermoeidheidsziekte ME : ruim 30% van
    de ME-patienten heeft ook fibromyalgie.
    Beide ziektes zijn moeilijk aantoonbaar en moeilijk behandelbaar.
    In het verleden werden ME en fibromyalgie niet altijd voldoende serieus genomen.
    Wel zijn er sinds 1990 eenduidige diagnosecriteria voor fibromyalgie.
    Ten eerste heb je een chronische pijn over je hele lichaam.
    En ten tweede is er bij een zogenaamd drukpuntenonderzoek sprake van pijn op minimaal 11 van 18 nauw omschreven drukpunten op spieren en aanhechtingen.
    Het klimaat heeft geen invloed op het ontstaan van fybromyalgie, het komt zowel in warme als in koude landen voor.
    Het komt voor bij twee op de honderd volwassenen vooral bij vrouwen.
    De aandoening openbaart zich meestal tussen de 25 en 40 jaar.
    Wat zijn de symptomen ?
    Pijn is overheersend bij fibromyalgie, een chronische pijn, over je hele lichaam.
    En daarbij ben je altijd maar moe.
    Verder heb je allerlei vage klachten zoals krachtverlies en stijfheid van je spieren, maar ook een verminderde weerstand en slaapproblemen, of darmklachten en voedselovergevoeligheid.
    De klachten zijn wisselend en het is nauwelijks te voorspellen wie waar last van krijgt.
    De officiele lijst van de algemeen voorkomende klachten bij fibromyalgiepatienten :
    - chronische pijn in spieren en gewrichten over het hele lichaam
    - vermoeidheid
    - (ochtend)stijfheid
    - Pijnlijke drukpunten, de zogeheten tenderpoints.
    Chronisch wil zeggen : langer dan 3 maanden achtereenvolgend.
    Hoe ontstaat het ?
    Er is veel onderzoek verricht naar het ontstaan van fibromyalgie.
    Het vermoeden bestond dat de aandoening iets te maken zou kunnen hebben met de spanning in de spieren.
    Daarom heeft het onderzoek zich toegespitst op spierweefsel van mensen met fibromyalgie.
    Hierin zijn afwijkingen gevonden, maar dit zijn dezelfde afwijkingen die voorkomen bij een spier die om wat voor reden dan ook, een tijdlang aangespannen is geweest en daardoor de bloedvoorziening niet optimaal was.
    De aandoening valt dus niet te verklaren door afwijkingen in het spierweefsel.
    Omdat de spanning van de spieren niet in de spieren zelf maar in de hersenen geregeld wordt, wordt nu gedacht dat de oorzaak in deze richting gezocht moet worden.
    De hersenen regelen allerlei lichamelijke processen, sommige processen kunnen we sturen met onze wil, bijvoorbeeld een arm of een been bewegen.
    Processen die voor ons voortbestaan van levensbelang zijn, zoals de ademhaling, hartslag, de doorbloeding van onze huid en onze spierspanning, onttrekken zich aan onze wil.
    Niemand kan op commando blozen of pijn voelen.
    De hersenen regelen dit automatisch via het autonome (onwillekeurige, of vegetatieve) zenuwstelsel, in nauwe samenwerking met hormonale klieren en het afweersysteem.
    Als er iets mis gaat in de afstemming tussen de systemen kunnen er klachten ontstaan.
    Onderzoek heeft laten zien dat er bij mensen met fybromyalgie veranderingen zijn in de wisselwerking tussen de hersenen en de hormonale klieren.
    Waardoor deze veranderingen zijn ontstaan en hoe ze te beÔnvloeden zijn is nog niet bekend.
    Ook is niet bekend of ze een gevolg of een oorzaak zijn van een aandoening.
    Op dit moment is dus eigenlijk niet duidelijk welke betekenis er aan de onderzoekgegevens moet worden gehecht.
    Sommige onderzoekers zoeken de oorzaak in de richting van een verstoring van het mechanisme waarmee we alle prikkels van de buitenwereld die op ons afkomen, selecteren.
    Deze selectie vindt plaats omdat er ander meer informatie op ons af komt dan we kunnen verwerken.
    Bij mensen met fybromyalgie zou die selectie mogelijk minder plaats vinden.
    Harde onderzoekgegevens zijn echter nog niet bekend.
    Ook teveel koffie, thee, alcohol, lange autoritten, een te zacht bed en gebrek aan beweging, worden als oorzaak van de klachten gezien.
    Wat wel opvalt, is dat negen van de tien patienten vrouwen zijn.
    En dat veel mensen die de ziekte krijgen, vroeger een virusziekte hebben gehad, zoals de ziekte van Pfeiffer of toxoplasmose.
    Al met al is er weinig met zekerheid bekend over de oorzaak van fybromyalgie.
    Wel heeft onderzoek duidelijk gemaakt dat het geen ontstekingsziekte is en dat het tot voor zover nu bekend, niet erfelijk is.
    Mensen met fybromyalgie hebben vaak een hele zoektocht achter de rug, voordat ze met zekerheid kunnen zeggen dat hun klachten fybromyalgie genoemd kunnen worden.
    Diagnose
    De diagnosestelling van Fibromyalgie is er ťťn van uitsluiten van ander mogelijke aandoeningen.
    Er zijn momenteel nog steeds geen betrouwbare laboratoriumtests die Fybromyalgie kunnen aantonen.
    Er zijn wel diverse afwijkingen gevonden, maar dat zijn of onbetrouwbare onderzoeken (volgens de medische wereld) of de afwijkingen kunnen bij teveel oorzaken voorkomen.
    Over het algemeen dient de patient nu aan de volgende voorwaarden te voldoen :
    - chronische pijn en / of stijfheid op drie of meer plekken over het hele lichaam, zowel boven als onder de taille en zowel links als rechts in het lichaam
    - Het hebben van minimaal 11 van de 18 zogeheten tenderpoints.
    Deze tenderpoints dienen bij een druk van 4kg al pijnlijk te worden ervaren.
    Niet als hinderlijk of irritant maar echt pijnlijk.
    Een druk van 4 kg is voor de thuisonderzoeker te vergelijken met het volgende : je drukt met je duim op een punt, als de duim met de nagel wit kleurt (het bloed wordt er uitgeperst) dan is dat ongeveer 4 kg.
    Definitieve diagnosestelling kan in de praktijk het beste door een reumatoloog gesteld worden.
    De zogeheten 'tenderpoints'
    De punten zijn hier aan slechts 1 zijde van het lichaam aangegeven i.v.m. de duidelijkheid.
    Ze kunnen zich dus zowel rechts als links van het lichaam bevinden.
    Dit zijn criteria om eenduidigheid te krijgen over het stellen van de diagnose.
    Sinds deze criteria er zijn, is er minder onenigheid over het stellen van de diagnose, maar er blijft kritiek omdat de criteria op subjectieve wijze zijn vastgesteld.
    Om de diagnose te stellen zal de arts aan de hand van uitgebreide vragen de klachten in beeld brengen en ook lichamelijk onderzoek uitvoeren.
    Daarnaast zullen er een aantal onderzoeken plaats vinden om uit te sluiten dat de pijnklachten door een andere oorzaak of ziekte worden veroorzaakt.
    Consultatie van een reumatoloog dient aanbeveling om ander reumatische aandoeningen uit te sluiten.
    Fibromyalgie lijkt op M.E. maar geeft naast de vermoeidheidsverschijnselen altijd pijn !
    De diagnose Fibromyalgie mag alleen gesteld worden als er naast de reeds beschreven symptomen sprake is van pijn bij een druk van 4 kilogram per vierkante centimeter, uitgeoefend op aangewezen z.g. tenderpoints en waarbij op minstens 11 van de 18 tenderpoints ernstige pijn optreed.
    Er moet bij kinderen met ernstige groeipijnen al rekening gehouden worden met het mogelijk opbouwen van fibromyalgie.
    Er worden cursussen voor fysiotherapeuten.gegeven in speciale centra's Mevrouw Drs. C.P. Kesselaar is bewegingstherapeute en inspanningsfysioloog van het CIA.Dit instituut houdt zich bezig met Contra expertise en Inspanningsonderzoek naar Arbeidsbelastbaarheid.
    Het adres is : Kantershof 21 1104 GA te Amsterdam - Telefoon- en/of faxnummer 020-6996858.
    Zij deelde het volgende mee :
    Fysiek functionele arbeidsbelastbaarheid is te meten door :
    - Een hartfilmpje in rust en bij inspanning, waarbij kan worden waar genomen of een persoon wel de maximaal haalbare inspanning levert of simuleert.
    Een zogenaamde maximaal test :
    - Bloedonderzoek naar bepaalde stoffen zoals Carnitine (deze stof wordt gevormd in de lever). Wanneer deze stoffen blijven zweven in het bloed, komen zij niet in de spieren terecht (normaliter aanwezig in het dwarsgestreepte spierweefsel).
    - Bij fysieke belastbaarheid wordt gekeken naar : kracht, lenigheid, longcapaciteit. Dat wordt gedaan bij bijvoorbeeld traplopen, zitten, tillen, staan, reiken etc. etc. Tijdens de testen loopt altijd een hartslag frequentiemeter mee. Dus E.C.G., Bloedonderzoek, bloeddruk en hartslag frequentie maken allen deel uit van de testen.
    De test kan via hetzelfde instituut worden uitgebreid of gecompleteerd met onderzoek en expertise door aanvullende disciplines zoals onder andere neurologisch, neuropsycholgisch, arbeids- en organisatiepsychologisch en letselschadetechnisch.
    Bedoelde onderzoeken vinden veelal plaats op verzoek van een bedrijfsarts dan wel een verzekeringsarts.
    Ook drs. Kesselaar beweert dat fibromyalgie progressief is en er verergering aan het tekort aan energie optreedt wanneer men systematisch te veel doet.
    Whiplash of ander trauma, verwijdering van de baarmoeder e.d., kan fibromyalgie in gang zetten.
    Sommige revalidatieartsen spreken in een dergelijk geval dan ook van traumatische fibromyalgie.


    Lees verder : Deel VI

    17-12-2006 om 13:10 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (19 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fibromyalgie & hormonen... - Deel VI
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

    Fibromyalgie & hormonen...

    Deel VI



    (23) - HyperthyreoÔdie (vervolg)
    Verloop van de aandoening
    De aandoening verloopt bij iedereen weer anders.
    Soms kunnen de klachten na verloop van tijd verminderen, (wat ook nog wel eens voorkomt als iemand in een nieuwe situatie in zijn leven terechtkomt, bijvoorbeeld met werk, relatie, woonplaats e.d.), zodat ze nauwelijks invloed meer hebben op het dagelijkse leven.
    Meestal blijven de klachten ernstiger en blijven zij zich ook voordoen.
    Over het algemeen kan iemand met fybromyalgie de alledaagse handelingen, zoals persoonlijke verzorging, eten koken e.d. zelf blijven doen.
    De klachten zijn wel dusdanig, dat er in het dagelijkse leven rekening mee gehouden moet worden en de activiteiten er op afgestemd worden.
    De aandoening leidt niet tot beschadigingen aan spieren en gewrichten.
    De klachten kunnen sterk verschillen, omdat geen twee mensen met fybromyalgie hetzelfde zijn.
    Het beste is persoonlijke leefregels in te bouwen in het dagelijkse leven.
    Chronische vermoeidheid is een klacht die vrijwel bij iedereen met fybromyalgie voorkomt, net als stijfheid en pijn.
    Ook hebben veel mensen slaapproblemen en last van sombere gevoelens.
    Pijn, spierpijn, pijn in en rondom de gewrichten of waar de pezen aanhechten, zijn ook klachten, die vrijwel alle fybromyalgie patienten hebben.
    De pijn is zeurend en begint meestal in de rug, nek, of schouders.
    Geleidelijk kan de pijn zich uitbreiden naar andere delen van het lichaam.
    Er zijn ook echtere plekken waar de pijn zich vaker voordoet : de spierbundels van de nek, rug en schouderkappen, het borstbeen, de zijkant van de heupen, de binnenzijde van de knie (zie de reeds eerder genoemde tenderpoints).
    (Ochtend)stijfheid - De meeste mensen met fybromyalgie, hebben last van ochtendstijfheid in het gehele lichaam.
    De stijfheid doet zich ook voor als iemand lang in dezelfde houding heeft gezeten.
    Krachtverlies de kracht van de spieren kan achteruit gaan.
    Het kan daarom lastig zijn bepaalde handelingen uit te voeren.
    Soms wordt de controle over de gewrichten minder.
    Met name een langdurig en intensief gebruik van de spieren, kan maken dat de spieren het tijdelijk laten afweten door de hevige pijn.
    Slaapproblemen - Door de pijn worden de fybromyalgie patienten `s nachts wakker en slapen hierdoor minder.
    Ook heeft een aantal slaapproblemen omdat zij de knop niet kunnen omzetten en geestelijk niet of moeilijk tot rust kunnen komen.
    Ze liggen te piekeren of hebben onrustige dromen over dingen die hen bezig houden.
    Stemmingswisselingen - De meeste patienten zeggen dat hun stemmingen onder hun klachten leiden.
    Ze hebben weinig energie, hebben nergens zin in, en hebben een lage dunk van zich zelf.
    De continue pijn en vermoeidheid kunnen deze gevoelens nog versterken.
    Hierdoor kan er een vicieuze cirkel ontstaan.
    Door de pijn slaapt iemand slechter en staat al moe op.
    Daarmee kan iemand minder pijn verdragen en verloopt de dag moeizamer.
    Dit vergroot de kans weer dat iemand slechter slaapt.
    Overige klachten - Naast de pijn, vermoeidheid en stijfheid, waar vrijwel iedereen met fybromyalgie last van heeft, is er een aantal klachten die persoonlijk voorkomen.
    Lijst van (via e-mail gemelde) individueel voorkomende klachten bij fibromyalgiepatienten : krakende gewrichten - spanningshoofdpijn, migraine of een licht gevoel in het hoofd Ė darmproblemen - opgezette vingers Ė angstaanvallen - opgezette klieren, vooral in de keel en nek onder het oor (lymfeklieren) - premenstruele klachten - pijn in de kaak - geÔrriteerde blaas, niet goed kunnen uitplassen - koude handen en/of voeten; koud voelen tot op het bot Ė depressiviteit Ė concentratieproblemen - snel geÔrriteerde huid (bijvoorbeeld rode vlekken bij aanraking of kriebelen van de huid, roos enz...) - broze nagels - Restless Leg Syndroom (het gevoel je benen te moťten bewegen zonder enige aanleiding) - droge of juist veel te natte ogen op de meest vervelende momenten - stoornissen in het korte termijngeheugen (je loopt naar de keuken en vraagt je  meteen af wat je ook al weer wilde doen, waar heb ik mijn bril gelaten terwijl je hem op hebt) - pijnlijk borstbeen, de pijn is dusdanig dat het diep inademen veel pijn bezorgt - het Fenomeen van Reynaud : de uiteinden van vingertoppen en tenen worden wit en doof. Al het bloed trekt eruit en het is een vervelend gevoel. Dit gebeurd ook op de meest onverwachte momenten, maar het gebeurd het meest als de temperatuur weer zakt - problemen met scherp zien - opvliegers en zweetpartijen, vooral 's nachts.
    Carnitine en de vetstofwisseling
    Carnitine is een stof die het lichaam zelf kan maken, maar ook kan opnemen uit de voeding.
    Het is een aminozuur (bouwsteen van eiwit) dat bijna een eeuw geleden ontdekt is in vleesextract.
    Daaraan dankt het zijn naam ('carnis' = 'vlees').
    Het heeft een aantal functies en vervoert onder andere de vetten naar een plaats waar ze kunnen worden afgebroken.
    Daarmee beÔnvloeden ze indirect de energieproductie.
    Niet zo verwonderlijk dus dat onderzoekers op het idee kwamen dat carnitine een rol zou kunnen spelen bij FM en ME patienten.
    Vet een belangrijke energiebron, kan worden vrij gemaakt uit het voedsel en uit vetweefsel.
    In de lichaamscellen worden vetten opgesplitst in vetzuren die daarna volledig kunnen worden afgebroken in de mitochondrien (soort energiecentrale in de cel).
    De energie die vrij komt uit vetzuren wordt opgeslagen in een speciaal molecuul ATP, dat vervolgens de mitochondrien verlaat.
    Als de energie nodig is voor bepaalde doeleinden kan de ATP die leveren.
    Vooral spiercellen die veel arbeid verrichten en dus veel energie nodig hebben bevatten een groot aantal van die mitochondrien.
    Vetzuren kunnen alleen met behulp van carnitine in de mitochondrien komen.
    De snelheid waarmee vetzuren met behulp van carnitine de mitochondrien binnen komen, is mee bepalend voor de snelheid waarmee de cellen energie kunnen leveren.
    Een tekort aan carnitine zou daarom een verklaring kunnen zijn voor het energiegebrek.
    Op grond daarvan hebben verschillende onderzoeksgroepen de afgelopen tien jaar onderzoek gedaan naar carnitine gehalte bij ME en FM patienten.
    De resultaten daarvan lopen nogal uiteen.
    Toch sluiten de onderzoekers niet uit, dat het effect van bepaalde carnitine verbindingen bij ME en FM vooral berust op een sneller transport van acetaat naar de hersenen.
    Acetaat levert een bijdrage in het proces in de hersenen dat een belangrijke rol speelt bij de overdracht van informatie en daardoor tal van processen stimuleert.
    Dit sluit aan bij aanwijzingen uit ander onderzoeken dat het systeem in de hersenen dat allerlei lichaamsprocessen regelt bij ME en FM verstoord is.
    Samenvattingen van diverse artsen en natuurgenezers over Fibromyalgie
    Samenvatting van een lezing van Dr. Soerjanto over Fibromyalgie.
    Op maandag 3 april 2000, die bekend staat als de specialist op het gebied van Fibromyalgie (Dr. Soerjanto is inmiddels overleden).
    Hij heeft erg veel onderzoek gedaan, naar het ontstaan van deze ziekte en het draaglijker maken daarvan door middel van medicatie en therapieen.
    Genezing is vooralsnog uitgesloten.
    Samenvatting van de punten uit de lezing :
    - In Nederland zijn er minstens 400.000 fibromyalgiepatienten, waarvan 95% vrouw is !
    - Fibromyalgie is geen mode ziekte.
    - Fibromyalgie is geen vorm van reuma ! Het zit niet tussen de oren zoals sommige keuringsartsen willen beweren.
    - Fibromyalgie is een ongeneeslijke, erfelijke aandoening en is een progressieve ziekte.
    Het zit in de genen maar komt niet altijd tot uiting. Waarom het bij sommige wel tot uiting komt is nog niet geheel duidelijk.
    - Er zijn wel veel gevallen bekend waar een oorzaak gevonden is voor het tot uiting komen van de ziekte.
    - De ziekte is in veel aanwijsbare gevallen ontbrand door bijvoorbeeld een whiplash en bij de verwijdering van de baarmoeder.
    - Fibromyalgie geeft veel pijn en vermoeidheidsverschijnselen.
    - Het is een zogenaamde uitputtingsziekte, een Ergolitischeziekte.
    - De oorzaak ligt in de Energetica, de energiehuishouding in het lichaam.
    Het heeft te maken met een stofwisselingsstoornis, een chronisch gebrek aan zuurstof in de spieren en een stoornis in de hypofyse die door de ziekte veroorzaakt wordt en niet andersom.
    - Het gebrek aan energie is aan te tonen door middel van een speciale test, maar wordt voor het gemak tijdens een W.A.O.-keuring achterwege gelaten maar in plaats daarvan maar geschat !
    Tijdens een meting wordt het gebrek aan energie duidelijk en dit is niet te simuleren.
    - Er bestaat mogelijk, na bloedonderzoek vast te stellen, gebrek aan : į A.T.P. = adenosine trilosfaat. (zorgen voor de overdracht en het stapelen van de energie) - į Serotonine (adrenalineachtige stof, gevormd in de thrombocieten  mest cellen van de hersenen en het darmepitheel) - į Carnitine (gevormd in de lever, bevordert het transport van vetzuren naar het energiegedeelte van de cel kan helpen tegen de vermoeidheid) - į Er is een defect in de S.A. (sinu-atriaal = een knoop op de hartboezem).
    Hoewel veel artsen in Nederland fibromyalgie niet willen erkennen of kunnen herkennen, is het een door de Wereldgezondheidsraad erkende ziekte, die geclassificeerd is onder nummer M 79.0.
    - Bij fybromyalgie gaat het om een bepaald type mens die bekend staat als erg bedrijvig.
    Een wat negatievere benaming is: een overbelaster !
    Juist het instant houden van deze bedrijvigheid en het niet willen of kunnen toegeven aan de ziekte, veroorzaakt meer progressie, dus de ziekte wordt er juist heviger door.
    Het is dus zeer belangrijk naar de lichaamssignalen te luisteren en daar aan toe te geven.
    Dit betekent op tijd en regelmatig rust nemen, geen zware arbeid verrichten zoals bijvoorbeeld tillen, trekken, duwen etc., geen repeterende bewegingen maken zoals bij zagen, timmeren, ramenlappen etc. etc.
    Fibromyalgie/ME nr. 1 - Een artikel van Jan Kraak
    Je hoeft er niet mee te leren leven
    Bij Fibromyalgie en ME gaat het om een energetische kwestie.
    Je moet beiden dan ook energetisch oplossen..
    Dus niet met gymnastiek, medi-fitness, fysiotherapie,gewone massage en soortgelijke benaderingen.
    Het lichaam bestaat uit meer dan alleen maar spieren, longen en gewrichten.
    Je lost de oorzaak niet op als je je daarop blijft richten.
    Alles is namelijk energie.
    Bij Fibromyalgie en ME zijn de energieŽn verstoord,er lekt steeds energie weg, waardoor er een gebrek aan energie ontstaat.
    De energiereserve raakt op en wordt niet meer aangevuld.
    Dat heeft weer een storing in de bloed- en energiecirculatie tot gevolg en dus ook een gebrek aan een goede zuurstofverdeling.
    Alles heeft ook weer invloed op de hormonen en de organen.
    Het lichaam raakt in de war en er komen allerlei ongemakken bij.
    Tai Chi Tao is er op gericht de disbalans om te zetten in harmonie.
    Zonder inspanning wordt tevens nieuwe energie opgenomen.
    De stresshormonen worden gekalmeerd.
    Alle technieken worden aan de cursist aangepast.
    Er wordt op geen enkele wijze energie verspild.
    Daarom werkt deze methode zo goed en zijn velen beter geworden.
    Je hoeft er dus niet mee te leren leven.
    De tai chi tao-oefeningen zijn gemakkelijke energetische oefeningen, zacht en vriendelijk.
    De filosofie van Jan Kraak is 'wat je zacht en vriendelijk met je lichaam doet, komt als een zachte vriendelijke energie weer terug'.
    Het wordt ook zo in je centraal zenuwstelsel opgeslagen.
    Door de tai chi tao-oefeningen komt daardoor de ontspanning van binnenuit.
    Gespannen spieren worden niet van buitenuit bewerkt, door het werken met spieren en massage, maar door energie van binnenuit.
    Altijd actief geweest - Zowel mensen met ME als fibromyalgie geven allemaal dezelfde reacties : ďik ben altijd actief geweestĒ, ďvroeger kon ik alles aanĒ, ďvroeger heb ik het altijd druk gehadmaar ik had er geen last vanĒ...
    En toch is het lichaam ineens uitgeput.
    Ten onrechte wordt fibromyalgie wel eens weke delen reuma genoemd.
    Dat kan tot verkeerde conclusies leiden.
    Aan de hand van de vijf elementen energieleer kun je zowel bij ME als fibromyalgie het volgende analyseren :
    - stress;  aanmaak van teveel stresshormonen waardoor er geen rem is;
    - verzwakte nierenergie (houdt verband met stress);
    - door teveel stresshormonen verzwakt het bindweefsel (ook vermeld in het boek 'Radionica over resonantietherapie' - David V. Tansley/De Driehoek);
    - door drukte onregelmatig of te vlug eten; verstoring bioritme;
    - verminderde weerstand hierdoor;
    - verzwakte miltenergie waardoor onvoldoende afweercellen worden geproduceerd;
    - andere oorzaken die verband houden met de vijf elementen energieleer.
    Tai chi tao speelt hierop in.
    De aanpasbare energietechniekjes die geen inspanning vergen geven nieuwe energie, brengt op een kalme zachte aanpasbare manier het lichaam weer in beweging waardoor je mobieler wordt, herstellen de verstoorde energieen en vullen de opgeraakte energiereserve weer aan.
    Daarom hebben ook mensen met ME baat bij tai chi tao.
    Tevens verbetert je zelfbeeld en zelfvertrouwen. Voorts leer je de dingen te relativeren en anders aan te pakken, zodat wat je doet geen onnodige energie meer kost.
    Op zachte wijze worden blokkades weggenomen, nieuwe energie opgedaan en de uitgeputte energiereserve weer aangevuld.
    Tai chi tao is zacht en energievol.
    Tai chi tao is gemakkelijker,toegankelijker, aanpasbaarder, zachter en directer dan andere methoden.
    Tao betekent : 'de open aanpasbare weg'.
    Tai chi tao is een ongedwongen, rustige manier om nieuwe energie te krijgen, de harmonie in verstoorde energieen te herstellen, pijn te verlichten en weer beter te worden.
    Over dit artikel van Jan Kraak kan via e-mail :
    jankraak@castel.nl meer informatie opgevraagd worden.
    Behandeling
    Belangrijk is dat patiŽnten overbelasting moeten vermijden.
    De hoeveelheid energie die ze gebruiken moet iets lager zijn dan de hoeveelheid energie waar ze over beschikken.
    Anders gezegd ze moeten binnen hun energiegrenzen (envelop) blijven.
    Als ze dat volhouden neemt geleidelijk hun vermoeidheid af en hun energieniveau toe.
    Veel patiŽnten functioneren echter al in de buurt van hun energiegrens en gaan achteruit als ze die grens vaak overschrijden.
    Deze benadering is een onderdeel geworden van het revalidatie programma, waarin patiŽnten geleerd worden beter om te gaan met hun ME en FM.
    Er bestaat geen standaard behandelingsvorm tegen fybromyalgie en ME.Iedere behandeling is zeer persoonlijk gericht, wel is bekend dat stress de klachten verergeren..
    De therapieen die ingezet kunnen worden tegen de fibromyalgie en ME moeten dus een ontstressende werking hebben.
    Verder is het belangrijk de oorzaak van de energie tekort te behandelen.
    De oorzaak ligt in de Energetica, de energiehuishouding in het lichaam.
    Het heeft te maken met een stofwisselingsstoornis, een chronisch gebrek aan zuurstof in de spieren en een stoornis in de hypofyse die door de ziekte veroorzaakt wordt en niet andersom.
    De behandelingen neigen naar de alternatieve geneeskunde en zijn bijvoorbeeld de volgende.
    Medicatie - De behandelend arts kan medicijnen voorschrijven, maar dit neemt maar een kleine plaats in omdat er niet echt medicijnen zijn, die de klachten effectief kunnen behandelen worden.
    Carnitine (bevordert het transport van vetzuren naar het energiegedeelte van de cel) kan helpen tegen de vermoeidheid, mist de juiste, door bloedonderzoek vastgestelde dosis maar geeft geen echte oplossing.
    Eventueel pijnstillers of spierontspanners soms antidepressiva of slaapmiddelen, deze kunnen ook vanuit de homeopathie gezocht worden.
    Andere behandelingen :
    - Fysiotherapie-massage van de tenderpoints t.b.v. Ontspanning;
    - Oefentherapie Mensendiek- houdingstherapie;
    - Oefentherapie Cesar- houdingstherapie;
    - Shiatsu
    - Hydrotherapie- opwaartse druk v.h. water benutten waardoor minder belasting optreedt;
    - Haptotherapie- leer v.d. tastzin en het gevoel;
    - Taiji tao of Thai Chi- Chinese bewegingsleer, vloeiende bewegingen geeft kalmerende werking op de spieren;
    - Yoga- gericht op evenwicht tussen lichaam en geest;
    - Fitness- geen conditietraining, low-fitness dus niet bedoeld om kracht op te bouwen;
    - Cycloire vibratie therapie liggen op trillende bank voor betere doorbloeding;
    - Tens- electro nerves stimulation;
    - Podo-orthesiologie- verband stand van de voeten en het bewegingsapparaat;
    - Acupunctuur en Acupressuur, evenwicht tussen Yin en Yang;
    - Reflexzonetherapie- drukpunten in handen, voeten en oren;
    - Homeopathie- lichamelijke, geestelijke en sociale factoren;
    - Psychotherapie- bij angst, depressie;
    - Hypnotherapie- hypnose, schijnt goede resultaten te geven;
    - Ergotherapie, een ergotherapeut kan adviseren hoe allerlei dagelijkse verrichtingen kunnen worden aangepast. Soms zijn er hulpmiddelen nodig.
    - Psychische hulp. Als iemand altijd pijn heeft werkt dat door op hoe iemand in zijn vel zit en omgekeerd. Vaak voelen ze zich depressief en hebben een laag zelf beeld, of voelen ze zich schuldig tegen over hun partner of kinderen.
    - Kuren, doet langzaam zijn intrede in de behandeling bij reuma. Het kan een waardevolle aanvulling zijn op het behandelplan.
    Een kuur bestaat uit verschillende onderdelen : baden, oefeningen in het water in/of op het droge. Een kuur vindt plaats in een speciaal kuuroord zodat er ook letterlijk afstand van het gewone leven genomen kan worden en men ook geestelijk tot rust kan komen.
    - Cursussen, er zijn cursussen, soms bij de thuiszorg, waar men kan leren meer met chronische pijn om te gaan.
    - Ontgiften van het lichaam, hierdoor kan de energie weer beter doorstromen en verlopen de diverse lichaamsfuncties beter. Zoals het optimaliseren van het immuunsysteem.
    Belangrijk is dat de fybromyalgie- en ME patient die behandeling uit zoekt die voor hem of haar het beste past en resultaat geeft.
    Je moet zelf op zoek gaan naar manieren om met de klachten om te gaan, als dat lukt zullen zij zich minder machteloos voelen en daardoor beter met hun aandoening kunnen leven.
    Een van de belangrijkste dingen is zelfacceptatie.
    Je zelf en je lichaam, met de pijn en de moeheid die er onlosmakelijk mee verbonden zijn, accepteren.
    Zelfacceptatie is een belangrijke voorwaarde voor begrip en erkenning van mensen uit de naaste omgeving.
    Er is ook een fybromyalgie stichting de FES (Fybromyalgie patienten Eendrachtig Sterk) waar met lotgenoten gepraat kan worden en ervaringen uitgewisseld kunnen worden, dit kan ook via internet.
    Een van de belangrijkste leefregels voor een fybromyalgie-ME patient is de beschikbare energie verdelen.
    Dat betekent rust nemen voor je helemaal uitgeput bent, niet teveel activiteiten op 1 dag plannen en eigen tempo aanhouden.
    Verder is het belangrijk om in beweging te blijven voor het behoud van de conditie en spierkracht, ook al heb je pijn en ben je lusteloos.
    Lopen fietsen en zwemmen zijn erg gezond en ook gericht oefeningen doen, evenals Thai Chi, Yoga, stretching en meditatie.
    Bij het bewegen is het belangrijk een evenwicht te vinden tussen rust en inspanning, als door het bewegen de pijn erger wordt betekent dit een pas op de plaats het is een signaal van het lichaam en dit moet je niet negeren.
    Maar stoppen met bewegen is het slechtste wat je kan doen met fybromyalgie.
    Het is ook belangrijk activiteiten te blijven ondernemen, juist om op die manier de vicieuze cirkel, van pijn, moeheid en lusteloosheid te doorbreken.
    Om overbelasting van de spieren te voorkomen is het belangrijk om regelmatig van houding te veranderen.
    Wat betreft de slapeloosheid, is er ook veel zelf aan te doen, zoals een goed bed regelmaat geen inspannende activiteiten `s avonds laat zeer matig of beter nog geen koffie en alcohol.
    Luister naar rustige muziek en doe ontspannings oefeningen voor het slapen gaan.
    Persoonlijke conclusie - Er is heel veel materiaal voorhanden over deze aandoeningen zowel uit medisch wetenschappelijke richting als die vanuit de alternatieve geneeskunde.
    Ik heb hieruit een selectie moeten maken.
    Vanuit de reguliere geneeskunde worden echter nog lang niet altijd deze ziektebeelden erkent.
    Het is voor de patient ook erg belangrijk dat deze zich serieus genomen voelt met zijn klachten en dat deze niet in het vakje van tussen de oren geplaatst worden.
    Uit alle bovenstaande informatie over fybromyalgie en myalgische encefalomyelitis blijkt dat er op deze aandoening nog geen duidelijke oorzaak en oplossing te vinden is, maar dat er tal van aanwijzingen zijn dat er op het lichamelijke vlak in de energievoorziening iets mis is.
    Maar wat ook in bijna alle visies naar voren komt is dat het een combinatie is van een te hoge spierspanning, een post viraal syndroom, psychische spanningen zoals stress en een energiestoornis (veelal door lichamelijke oorzaken).
    En ten slotte een heel belangrijke factor het niet voldoende werken van het immuunsysteem, dat door de stressfactoren en mogelijk verkeerde voeding is aangetast.
    Ook hormonale factoren spelen een belangrijke rol.
    Juist deze combinatie maakt dat een behandeling met voetreflexologie zeer doeltreffend kan zijn.
    Dit sluit uiteraard een combinatie van andere therapieen zoals in bovenstaande verslag beschreven staan niet uit.
    Ik zal me toespitsen op de behandeling van voetreflexologie.
    Wat is voetreflexmassage
    Voetreflexmassage is een effectieve natuurgeneeskundige theorie.
    Het uitgangspunt is dat de gehele mens is terug te vinden op de voet.
    Alle organen zijn door energiestromen met bepaalde reflexgebieden in de voet verbonden.
    5000 jaar geleden was in India en China reeds een behandeling door drukpunten bekend.
    Sommige Indianen stammen maakten ook gebruik van drukpunten.
    De Amerikaanse dr. William Fitzgerald heeft de bestaande informatie, die er over voetreflex bestond bijeengebracht en tot 1 systeem gebracht.
    Het systeem dat hij ontwikkelde noemde hij 'zonetherapie'.
    De voet als spiegel van de gehele mens.
    Er zijn vorm-en structuurovereenkomsten, die tot in detail blijken te kloppen.
    De toestand van de voet (gespannen, verslapt, pijnlijk enz.) geeft aanwijzingen over de toestand van het lichaam op dat moment.
    In de voet zijn naast de lichamelijke ook de geestelijke en emotionele aspecten terug te vinden.
    Door de massage van de voet oefenen we een gunstige invloed uit op de gehele mens.
    Het blijft echter noodzakelijk naar de werkelijke oorzaak van de kwaal te zoeken.
    Belangrijk is ook te erkennen dat voetzonetherapie zijn grenzen kent en mag niet kritiekloos, overal, onbeperkt worden toegepast.
    Verder is het belangrijk niet op de stoel van de arts te gaan zitten en het stellen van een diagnose en verdere medische behandelingen niet in eigen hand te nemen.
    De meest ideale situatie is samen werken met een arts die de voetreflexzone kent.
    Het basisprincipe van reflexzone therapie is door op specifieke punten op de voeten en handen druk uit te oefenen, de therapeut de problemen in alle delen van het lichaam kan identificeren en behandelen.
    Elke exact bepaalde reflexzone is verbonden met een bepaald deel van het lichaam, via series verticale en horizontale zones.
    De verticale zones stellen 10 verticale gelijkmatige gerangschikte velden voor, die van het hoofd tot aan de handen en door de romp tot aan de voeten leiden.
    De drie horizontale zones, zijn aangevuld en het geraamte is daar ingevoegd.
    De eerste het gebied van de schoudergordel, hier bevinden zich de organen van hoofd en hals.
    De tweede het gebied tot de onderste rand van de ribben hier de organen van de borst-en bovenbuikorganen.
    Het derde het gebied van de bekkenbodem hier de overige buik-en bekkenorganen.
    Behandeling met voetreflex
    Fybromyalgie, myalgische encephalomyelitis en candidiasis

    De cliŽnt moet op zijn gemak gesteld worden en een uitleg krijgen over de behandeling en de mogelijke reactie daarop.
    De behandelkamer, moet goed geventileerd, warm, rustig en licht zijn, met voldoende ruimte voor cliŽnt en therapeut.
    De massagetafel, moet voldoende breed zijn met het hoofdeinde verhoogd, zodat er een goed oogcontact mogelijk is de cliŽnt, om de reacties op de behandeling te kunnen waarnemen.
    Er moeten voldoende handdoeken en eventueel een lichte deken aanwezig zijn om zowel de cliŽnt te kunnen toedekken en de voeten afzonderlijk in te kunnen pakken.
    Zorg voor een gemakkelijke stoel, en zit in een goede houding, met twee voeten op de grond en rechtop, met ontspannen schouders.
    Let op de ademhaling van jezelf en de cliŽnt, een rustige buikademhaling.
    Tijdens de behandeling worden alle reflexpunten op de voet bewerkt, waarbij begonnen wordt op de rechter voet.
    Extra tijd en aandacht wordt besteed aan die gebieden die verband houden met de specifieke symptomen van de client en die gebieden die een bepaalde reactie geven.
    De behandeling moet zich laat leiden door de reacties van de client.
    Belangrijk in de behandeling is weer een goed evenwicht te krijgen in alle lichaamsfuncties om het verzwakte immuunsysteem weer te versterken.
    Het lymfatische stelsel, dit speelt de sleutelrol in het afweersysteem van het lichaam.
    Het gehele spijsverteringsstelsel in verband met de optimale opname van alle belangrijke voedingsstoffen via de darmen in het bloed.
    Waarbij de dunne darm een belangrijke rol speelt bij de opname van voedingsstoffen, de dikke darm bij het uitscheiden van de afvalstoffen en de lever bij het ontgiftigen en de vorming van glutathion ťťn van de belangrijkste antioxidanten, die een belangrijke rol spelen in ons afweersysteem.
    Verder moet het lichaam goed gedraineerd worden, hierbij is het gehele uitscheidingsstelsel van belang zoals de nieren de longen en de dikke darm.
    Bij stressklachten en hoofdpijn klachten is het belangrijk dat de zenuwstresslijn nogmaals gemasseerd wordt het hoofd de nek en schoudergordel en de wervelkolom.
    Belangrijk is ook dat de diverse handelingen herhaald worden en aangepast worden in de persoonlijke situatie van de betreffende patiŽnt.
    Ook het endocrienestelsel speelt een belangrijke rol, met name de hypofyse en de bijnieren en de thymus omdat deze ook een rol speelt bij het immuunsysteem.
    Metafysische benadering
    Een sleutelrol bij fybromyalgie ME en candidiasis is het immuunsysteem en de levensenergie, (prana).
    Het lymfesysteem is een drainagenetwerk van de weefsels.
    Wat vrij komt bij de omzettingsprocessen in de stofwisseling, moet worden afgevoerd en opgeruimd.
    In het bloed en weefsels zijn hiertoe al verschillende soorten leukocyten werkzaam.
    Op dieper niveau vindt een zelfde verwerking plaats van de psychische verwerkingsprocessen.
    In de lymfe zijn het de lymfocyten die de taak van opruimen vervullen.
    Zij behoeden daarmee het leven van de cellen en tevens geeft deze opruiming nieuwe impulsen aan de cellen voor de nieuwe levensenergie.
    Daarnaast worden in het lymfoÔdeweefsels afweerstoffen geproduceerd, die het lichaam beschermen tegen de ziekteverwekkende kracht van schadelijke stoffen.
    Lymfweefsel vormt zo een belangrijk deel van het totale afweersysteem van het lichaam.
    Lymfe werkt ook mee aan het in stand houden van de vloeistof balans in het lichaam.
    Daar ligt dus de relatie met de balans in het emotionele leven.
    Bloed en lymfe zijn zeer nauw met elkaar verbonden, lymfe ontstaat uit datgene wat gevormd wordt uit het bloed en keert uiteindelijk in de bloedbaan terug.
    Het evenwicht en de harmonie, tussen het geestelijke en het materiele, wordt door ons opgaan in dit fysieke bestaan, verstoord.
    Geestkracht en liefde zijn zo nog onherkenbaar in de tegenstrijdigheden van denken en emoties.
    Zo ontstaat er een verstrengeling van emotionele en mentale patronen die de mens zeer kwetsbaar maken.
    Hierdoor ontstaat het idee dat jezelf geraakt wordt als er een patroon aangevallen wordt.
    Dit heeft zijn afspiegeling op de kwetsbaarheid van het lichaam.
    Bij afweren gaat het daarbij om dat gene wat binnen de eigenbeleving vrij komt en opgeruimd moet worden. en afweren betekent niet binnen laten, de tegenpool van de afweer is de liefde.
    In de liefde opent de mens zijn grenzen en laat hij iets binnen, wat tot dan toe buiten de grenzen was.
    Wij noemen die grens meestal ik (ego) en ervaren bijna alles wat buiten de eigen identificatie ligt, als jij (niet ik).
    Levenskracht, prana
    Prana is de levenskracht, die vooral via de milt binnenkomt en door het bloed naar alle lichaamscellen vervoerd wordt.
    In welke hoedanigheid het prana naar de diverse lichaamsdelen vervoerd wordt bepaald in de lever onder invloed van het onderbewustzijn.
    Prana laat zich in vele aspecten vertalen in de bloedsamenstelling : zuurstof, glucose, vitaminen en enzymen.
    Dit zijn voor het lichaam leven gevende elementen.
    Actieve karmische elementen die op een bepaald moment in het leven een rol spelen, bepalen de mate waarin deze stoffen fysiologisch goed of minder goed in het bloed worden pgenomen.
    Hier hangt de mate van vitaliteit van af, de pranische energie en dit heeft zijn uitwerking op het lichaam.
    Vermoeidheidsverschijnselen, functiestoornissen en verminderd weerstandsvermogen kunnen optreden bij een tekort aan pranische energie en dit kan resulteren in klachten en ziektebeelden.
    Bronvermelding
    - Anatomie en Fysiologie - Anatomie en fysiologie van de mens Ė 15e druk
    L.L. Kirchmann - Reed business information, Studieboek, 2005 Ė ISBN : 9035224310
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIq2RX75RgClAnalBmf241329926&PrdId=1001004001669733
    - Candidiasis Stichting Nederland :
    http://www.candidiasis-stichting.nl/
    Chronische moeheid - Hoe word ik ME de baas ?
    Edith van Blijdesteijn - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1994 Ė ISBN : 9020205765
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666753301&Section=BOOK
    - De zin van ziekzijn - Signalen en betekenis van ziekten
    Thorwald Dethlefsen & RŁdiger Dahlke - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1990 Ė ISBN : 9020249983
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666764728&Section=BOOK
    - Sluimerziektes - Waarom hebben wij ze wel en mannen bijna niet ?
    Viva med. Dossier (deel 2) - Viva , 17-04-00
    Cfr. :
    http://www.steungroep.nl/archief/populair/viva20000417.txt
    - Tai-chi-tao
    Jan Kraak
    Cfr. :
    http://www.jankraak-taichitao.nl/index.php
    - Winkler Prins Medische Encyclopedie (3e druk)
    Uitgeverij Het Spectrum Ė ISBN : 90-274-7609-8
    Cfr. :
    http://www.spectrum.nl/book/book.ngp?isbn=9027476098
    - MEdium tijdschrift van de Myalgische Encephalomyelitis Stichting
    Cfr. :
    http://home.tiscali.nl/~mesti/medium/
    - Reumapatientenbond
    Cfr. :
    http://www.reumabond.nl/
    - Van Geest tot Lichaam - Spirituele anatomie en fysiologie van het menselijk lichaam
    Paul Rijntjes & Magnolia Heijboer - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1989 Ė ISBN : 9020252100
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIqsRX8FoACtATIoV13620064343&PrdId=666810650
    - Voetzonemassage als therapie
    Hanne Marquardt - Synthese Uitgeverij b.v., 2001 Ė ISBN : 9060306287
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666884283&Section=BOOK
    Cfr. :
    http://www.cvsinfo.be/Documentatie/Acupressuur/Voetreflexologie%20hypoglykaemie-%20cvs%20-%20fybromyalgie.htm

    26. - HypothyreoÔdie
    HypothyreoÔdie is een tekort aan schildklierhormonen.
    Dit kan door drie dingen komen :
    - een aandoening waardoor de
    schildklier zelf niet genoeg schildklierhormonen (thyroxine en tri-joodthyronine) kan maken, primaire hypothyreoÔdie
    - een aandoening aan de
    hypofyse die de werking van de schildklier dus de aanmaak van schildklierhormoon reguleert, secundaire hypothyreoÔdie
    - een aandoening aan de
    hypothalamus die de werking van de hypofyse grotendeels reguleert, tertiaire hypothyreoÔdie.
    Secundaire en tertiaire hypothyreoÔdie zijn veel zeldzamer dan primaire hypothyreoÔdie.
    De belangrijkste oorzaak in Nederland is tegenwoordig een auto-immuunziekte van de schildklier,
    Dit is niet zeldzaam, enige promille van de bevolking.
    In het verleden was een veel voorkomende oorzaak (bv in Zwitserland, en in Nederland de streek rond
    Kampen) een jodiumtekort in de voeding.
    Jodium is essentieel bij de aanmaak van de schildklierhormonen.
    In sommige landen is dit nog steeds een belangrijke oorzaak (Pakistan).
    Bij gebruik van gejodeerd keukenzout (JoZo) voor het koken kan geen tekort ontstaan.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Hypothyreo%C3%AFdie

    27. - MEdium tijdschrift van de Myalgische Encephalomyelitis Stichting
    Cfr. :
    http://home.tiscali.nl/~mesti/medium/

    28. - Menselijke hersenen
    Cfr. : http://nl.wikipedia.org/wiki/Menselijke_hersenen 

    29. - Multiple Endocrine Neoplasia Syndromes
    Cfr. :
    http://www.merck.com/mmhe/sec13/ch167/ch167a.html?qt=Hormonal%20Disorders&alt=sh

    30. - Progeria (Hutchinson-Gilford syndroom)
    Progeria is een
    endocriene ziekte die ook bekend staat als het Hutchinson-Gilford syndroom, genoemd naar de dokters Hutchinson en Gilford die voor het eerst de ziekte beschreven aan het eind van de 19e eeuw.
    ProgeriapatiŽnten werden in en voor die tijd vaak als monsters gezien en werden met
    trollen vergeleken.
    De naam progeria komt uit het
    Grieks en betekent : "sneller oud worden".
    De ziekte treft ongeveer 1 kind op 100 miljoen en is dus zeer zeldzaam.
    Wereldwijd waren er in 2003 maar 40 progeriapatiŽnten bekend, waarvan er 15 in
    Europa, 4 (waarvan 2 broer en zus zijn) in BelgiŽ en 1 in Nederland wonen.
    De oorzaak van progeria is nog niet duidelijk, toch zoekt men het in de richting van een genetisch defect in het
    DNA.
    Een kleine afwijking aan een kopie van een bepaald
    gen zou al voldoende zijn de ziekte progeria te veroorzaken.
    Bij de geboorte lijken progeriapatiŽnten niet af te wijken van andere
    baby's, dat wil dus zeggen dat ze rond de 3 kilogram wegen en 50 centimeter groot zijn.
    Na een half jaar begint de
    huid droog aan te voelen en ontstaan er blaasjes op de buik.
    Vanaf dan begint het mis te gaan.
    De progeriapatiŽnten verouderen zo'n 10 keer sneller dan gewone kinderen en krijgen dus ook snel ouderdomskwalen, die meestal enkel hoogbejaarden treffen, zoals
    artrose, stijve gewrichten e.d.
    ProgeriapatiŽnten blijven heel hun leven klein en fragiel.
    Ze wegen hoogstens 20 kilogram.
    Hierdoor zijn ze uiterst kwetsbaar.
    Ze hebben bijgevolg geen hoge levensverwachting.
    Vijftien jaar is de maximum leeftijd.
    Ze sterven meestal aan een
    hartinfarct of een beroerte doordat hun bloedvaten zich niet ontwikkelen en dus nauw blijven.
    Hierdoor ontstaan er doorbloedingsstoornissen met alle gevolgen vandien.
    Op de Brunel Universiteit in Londen, is in 2004 een
    gemuteerd gen gevonden dat verantwoordelijk is voor progeria.
    Door onderzoek naar dit gen hoopt men niet alleen meer inzicht in deze ziekte te krijgen, maar ook in het proces van veroudering in het algemeen.
    Verdere research rond het progeria-gen toonde aan dat het gen niet erfelijk of overdraagbaar is.
    De vondst van dit LMNA of Lamine A gen betekent een enorme stap vooruit in het onderzoek naar progeria.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Progeria


    Lees verder : Deel VII

    17-12-2006 om 13:08 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (11 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fibromyalgie & hormonen... - Deel VII
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  

    Fibromyalgie & hormonen...


    Deel VII


    31. - Reumapatientenbond

    Cfr. :
    http://www.reumabond.nl/

    32. - Sluimerziektes - Waarom hebben wij ze wel en mannen bijna niet ?
    Viva med. Dossier (deel 2) - Viva , 17-04-00
    Cfr. :
    http://www.steungroep.nl/archief/populair/viva20000417.txt

    33. - Syndroom van Conn
    Bij het
    syndroom van Conn (ICD-10 E26.0) maken de bijnieren teveel van het hormoon aldosteron aan.
    Hierdoor wordt de bloeddruk verhoogd.
    Vaak gaat dit gepaard met een laag kaliumgehalte in spieren en bloed.
    Oorzaak - Meestal wordt de ziekte veroorzaakt door een goedaardig knobbeltje in ťťn of soms beide bijnieren.
    Soms echter zijn een of beide bijnieren vergroot.
    Klachten - De klachten van mensen met het
    syndroom van Conn zijn vaak heel algemeen van aard.
    Ze kunnen zijn :
    - algemene moeheid
    - spierklachten en -krampen (vooral spierzwakte)
    - vaak hoofdpijn
    - overmatige dorst (en) veel plassen (vooral 's nachts)
    - tinteling in bijvoorbeeld handen en voeten.
    Behandeling - Afhankelijk van de oorzaak vindt operatie dan wel behandeling met medicijnen plaats, veelal met goed resultaat.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Syndroom_van_Conn

    34. - Syndroom van Cushing
    Het
    syndroom van Cushing (ICD-10 E24) is een verzameling van klinische verschijnselen ten gevolge van een overmaat aan cortisolproductie (hypercortisolemie).
    Doordat cortisol continu hoog is zal er
    gluconeogenese plaatsvinden wat kan leiden tot hyperglycemie.
    De
    glycogeenopbouw in de lever kan leiden tot een vergrote lever.
    Hierdoor gaat de insulineproductie omhoog, waardoor vetopbouw plaats zal vinden (cortisol zorgt voor vetafbraak, waardoor je zeer plaatselijke vetophoping krijgt).
    Chronisch verhoogd insuline kan uiteindelijk leiden tot
    diabetes mellitus.
    Daarnaast leidt het tot de afbraak van eiwitten (spier, huid, haar).
    Cortisol heeft ook een remmend effect op ADH, wat zorgt voor
    polyurie.
    De eerste beschrijving van een syndroom van Cushing gebeurde door
    Harvey Cushing, die dacht te maken te hebben met ťťn specifieke ziekte die deze symptomen veroorzaakte.
    Nadien bleek het om een verzameling van afwijkingen te gaan met allen hetzelfde klinische beeld.
    De eerst beschreven oorzaak van dit syndroom is
    ziekte van Cushing genoemd.
    Oorzaken - De oorzaken kunnen hun oorprong hebben in : de
    hypofyse (overmatige afgifte van ACTH, dat de bijnieren stimuleert om cortisol te maken) - de bijnier.
    Andere oorzaken kunnen zijn : de hogere hersencentra : zware
    depressie - de hypothalamus (overmatige afgifte van het hormoon CHR; corticotropin-releasing hormone) - een tumor - behandeling met corticosteroiden.
    Symptomen - hypercortisolemie - typische vetverdeling: veel vetopstapeling ter hoogte van de buik, weinig ter hoogte van de armen en benen - moonface (letterlijk maanvormig gezicht, een rond opgeblazen gelaat) -
    bisonnek (een bochel hoog op de rug) - dunner wordende huid, waarbij snel bloeduitstortingen optreden - Striae op buik en billen - vermoeidheid - slappe spieren Ė (bij vrouwen) toename van haargroei op het gelaat, borsten, buik en ledematen; de menstruatie kan onregelmatig worden of zelfs helemaal uitblijven Ė (bij mannen) verminderde vruchtbaarheid of minder zin in seks en impotentie.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Syndroom_van_Cushing
    Cfr. ook Ziekte van Addison :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Ziekte_van_Addison

    35. - Syndroom van inadequate secretie van antidiuretisch hormoon (SIADH)
    Het Syndroom van inadequate secretie van antidiuretisch hormoon (SIADH) wordt veroorzaakt door een hyperfunctie van de
    hypofyse.
    Achtergrondinformatie - Het bloed bestaat grofweg ingedeeld uit water en opgeloste stoffen en cellen.
    De hoeveelheid opgeloste stoffen bepalen de
    osmolaliteit van het bloed.
    De belangrijkste osmotisch actieve stof in het bloed is keukenzout (
    NaCl).
    Om goed te kunnen functioneren moet het lichaam de osmolaliteit binnen nauwe grenzen houden.
    Indien de osmolaliteit teveel daalt ontstaat er te veel vocht in de weefsels (
    oedeem) indien de osmololaliteit teveel stijgt drogen de weefsels uit.
    Om de juiste osmolaliteit te handhaven maakt het lichaam gebruik van
    antidiuretisch hormoon (ADH).
    Dit hormoon kan de uitscheiding van water in de urine blokkeren.
    Indien er een op ADH gelijkend hormoon geproduceerd wordt of een teveel aan ADH geproduceerd wordt ontstaat SIADH.
    Indien er te weinig van dit hormoon geproduceerd wordt ontstaat
    diabetes insipidus.
    Symptomen - Mensen die een te lage osmolalteit van het bloed hebben raken versuft en kunnen uiteindelijk in een coma raken tengevolge van
    hersenoedeem.
    Ook kunnen zij insulten krijgen.
    Insulten - Een inslut is epileptische aanval (vallende ziekte (
    epilepsie), aanval of toeval (convulsie) : het verliezen van het bewustzijn, gepaard gaande met verkramping van het lichaam; wanneer veel hersencellen oncontroleerbaar door elektrische ontladingen worden geprikkeld, dan spreekt men van een toeval. De patiŽnt verliest het bewustzijn en er ontstaat een algehele verkramping van het lichaam.
    Oorzaken
    - ADH wordt door de
    hypothalamus gemaakt en door de achterkwab van de hypofyse afgescheiden.
    Een beschadiging van deze organen door een ongeluk, infectie of tumor kan het syndroom veroorzaken.
    Bij
    longkanker kan een ADH achtige stof worden uitgescheiden.
    Sommige medicamenten zoals cytotoxische drugs (chemokuren), carbamazepine (anti-epilepticum), chloorthiazide (plaspil) kunnen SIADH veroorzaken.
    Verder kan het syndroom optreden bij hartfalen.
    Diagnostiek - De osmolaliteit van het bloed is verlaagd.
    Ook de concentratie van
    Na+ in het bloed is lager dan normaal.
    De osmolaliteit van de urine is juist hoog, want het hormoon voorkomt dat er water uitgescheiden wordt in de nieren.
    Behandeling - Normaal gesproken krijgen mensen met een lage Na+ concentratie in het bloed een infuus toegediend met NaCl oplossing.
    Dit corrigeert dan geleidelijk de osmolaliteit van het bloed.
    Bij SIADH is dit de verkeerde behandeling.
    Aangezien de uitscheiding van water geblokkeerd is en de uitscheiding van NaCl niet, zal de hoeveelheid water in het lichaam alleen maar toenemen en de NaCl gewoon uitgescheiden worden, dit resulteert in een daling van de osmolaliteit.
    De behandeling bestaat uit allereerst zo mogelijk het wegnemen van de oorzaak, vervolgens wordt een vochtbeperking gegeven.
    Zodra er minder vocht wordt ingenomen dan nog wordt uitgescheiden corrigeert de osmolaliteit vanzelf.
    In ernstige situaties wordt een combinatie gegeven van een zeer sterke zoutoplossing met een
    diureticum.
    Dit leidt tot een snellere correctie van de osmolaliteit.
    Dit is een risicovolle behandeling aangezien een te snelle correctie van de osmolaliteit tot onherstelbare beschadiging van de hersenen kan leiden.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Syndroom_van_inadequate_secretie_van_antidiuretisch_hormoon

    36. - Tai-chi-tao
    Jan Kraak
    Cfr. :
    http://www.jankraak-taichitao.nl/index.php

    37. - Van Geest tot Lichaam - Spirituele anatomie en fysiologie van het menselijk lichaam
    Paul Rijntjes & Magnolia Heijboer - Uitgeverij Ankh-Hermes, 1989 Ė ISBN : 9020252100
    Ons lichaam is de verdichting van onze geest.
    Processen die zich in onze geest afspelen, hebben hun weerslag op ons lichaam.
    Dat draagt de wijsheid van het geestelijk weten in zich.
    Het is gekoppeld aan innerlijke psychische processen.
    De auteurs leggen het ragfijne samenspel bloot tussen geest en materie.
    Ze laten zien dat de kennis van het menselijk lichaam, de bouw en functie van de organen en de orgaan- en kliersystemen uitingen zijn van diepere niveaus van het menselijk bewustzijn.
    Zo wordt een verrassend licht geworpen op de wording en betekenis van de huid, hersenen, nieren, geslachtsorganen, lichaamsweefsels, het stervensproces enzovoort.
    Centraal in de medische beschouwing staat niet langer het menselijk lichaam maar de geest, die werkzaam is in de materie.
    Recensie (NBD|Biblion) : Dit boek begint met een uitgebreide inleiding en uitleg van de spirituele benadering van de mens.
    De mens wordt geplaatst in een kosmisch geheel.
    Daarna wordt per orgaan(systeem) ingegaan op de spirituele anatomie en -fysiologie.
    Een mens bezit vele organen die gezamenlijk functioneren.
    Het is een ingewikkeld en mooi samenspel.
    Er is echter meer : elk orgaan heeft een speciale betekenis en kan ons veel zeggen over het zielenleven van een bepaalde persoon.
    Vanuit deze optiek kan bestudering hiervan leiden tot meer inzicht en ook de mogelijkheid de mens te helpen een bepaalde levensfase op aarde beter te kunnen doorleven en er meer van te leren.
    Tot slot ruim honderd fragmenten uit gesprekken met Zohra Bertrand (een bekend spiritueel genezeres) en een verklarende woordenlijst.
    Het boek is duidelijk en systematisch van opzet en prettig leesbaar.
    Om de zienswijze uit het boek te begrijpen en te beleven moet men wel openstaan voor deze materie.
    Wie dat doet, zal er zeker veel uit kunnen leren.
    Hier en daar is ter verluchting en verduidelijking een tekening geplaatst.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIqsRX8FoACtATIoV13620064343&PrdId=666810650

    38. - Voetzonemassage als therapie
    Hanne Marquardt - Synthese Uitgeverij b.v., 2001 Ė ISBN : 9060306287
    Al onze organen, zenuwen en klieren staan in een energetische verbinding met specifieke gebieden op de voet.
    Van de behandeling van deze 'reflexzones' wordt inmiddels dankbaar gebruik gemaakt door therapeuten in zowel de reguliere als de alternatieve geneeskunde.
    Nog steeds staan de patienten echter versteld van de uitwerking die een voetreflex-behandeling kan hebben.
    Hanne Marquardt's Voetzonemassage als therapie is voor deze - inmiddels elfde druk - geheel herzien en verbeterd en bevat
    - een heldere uitleg van de voetreflexologie
    - duidelijke tekeningen van de plaatsen op de voet waar de reflexzones van organen, zenuwen en klieren zich bevinden
    - circa 40 praktijkgevallen
    - alfabetische lijst van indicatiegebieden en tenslotte
    - een handig register
    Voetzonemassage als therapie laat medici en paramedici maar ook de geinteresseerde leek duidelijk zien, hoe via de voet de meest uiteenlopende aandoeningen kunnen worden behandeld.
    Hanne Marquardt herontdekte, circa 50 jaar geleden, de voetreflexologie.
    Haar boek dat in 1974 voor het eerst verscheen, geldt al jaren als het standaardwerk voor de voetreflexzonetherapie.
    Het boek is nu bijgewerkt op basis van o.a. haar jarenlange praktijkervaring.
    Recensie (NBD|Biblion) : In vakterminologie wordt in dit boek beschreven hoe de verschillende organen en zenuwen hun reflexgebieden op de voet hebben.
    Via onze voet kan men bepaalde storingen/ziekten proberen op te heffen.
    Het boek is in dusdanige vorm opgezet en geschreven dat een zekere basiskennis vereist is om het te lezen.
    Het boek op zich is prima en geeft veel inzicht en kennis en is geschikt voor medici en paramedici die hun kennis willen verrijken c.q. ophalen.
    Kortom een wetenschappelijk getint boek, dat enig inzicht en basiskennis vereist en dat medische terminologie gebruikt, met prima tekeningen en overzichten.
    Bevat tevens een alfabetisch register.
    Herdruk van de volledig herziene uitgave.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666884283&Section=BOOK

    39. - Winkler Prins Medische Encyclopedie (3e druk)
    Uitgeverij Het Spectrum Ė ISBN : 90-274-7609-8
    Cfr. :
    http://www.spectrum.nl/book/book.ngp?isbn=9027476098

    40. - Ziekte van Addison
    De ziekte van Addison wordt veroorzaakt door slechte werking van de
    bijnieren.
    De bijnieren produceren normaal onder andere het stress-hormoon cortisol.
    Bij deze
    aandoening wordt hiervan te weinig aangemaakt.
    Dit resulteert in
    hypocorticisme, waarbij 'hypo' voor te weinig staat.
    Daardoor onstaat ook een tekort aan aldosteron,
    hypo-aldosteronisme.
    De aandoening is zeldzaam.
    De ziekte van Addison staat ook bekend als primaire bijnierschorsinsufficiŽntie, dat wil zeggen dat de ziekte niet het gevolg is van een andere ziekte.
    Deze aandoening werd vroeger meestal veroorzaakt door tuberculose (dan is het dus secundaire bijnierschorsinsufficiŽntie).
    Tegenwoordig is
    auto-immuniteit (in 70 - 90% van de gevallen) de belangrijkste oorzaak.
    Hoewel de eigen schadelijke afweerreactie de oorzaak is, wordt dit niet gezien als een aparte ziekte en spreekt men daarom van primaire bijnierschorsinsufficiŽntie.
    De voornaamste functies van de bijnier zijn het ondersteunen van het afweersysteem en het reguleren van de zout- en waterhuishouding.
    De bijnierschors heeft grote invloed op het functioneren van de patiŽnt bij lichamelijke en geestelijke belasting.
    Het tekort aan
    aldosteron leidt tot natriumverlies en kaliumretentie in de nier.
    Dit kan aanleiding geven tot uitdroging en te lage bloeddruk, uiteindelijk soms leidend tot
    hypovolemische shock.
    Soms kan er door het vasthouden van teveel kalium een compensatoire
    acidose ontstaan die gevaarlijk is zeer snel behandeld dient te worden.
    Het tekort aan cortisol kan een
    hypoglykemie bij vasten veroorzaken.
    Oorzaken -
    infecties (TBC, CMV) - auto-immuunziekten - metastasen - postpartum hemorragie (syndroom van Sheehan) (waardoor de hypofyse uitvalt) - trauma van de bijnieren - chirurgische verwijdering van beide bijnieren
    Symptomen en klinische tekenen - De meest voorkomende symptomen zijn : algehele moeheid en zwakte - bruine huidverkleuring - gewichtsverlies - zouthonger - lage bloeddruk - weinig eetlust, buikpijn, vermagering,
    apathie, mentale en fysische zwakte.
    Bij compensatoir stijgen van het
    adrenocorticotroop hormoon (ACTH) is er een melanine stimulerend hormoon-achtige activiteit die hyperpigmentatie veroorzaakt.
    Deze is in de handpalmen soms waarneembaar als een bruine tekening van de handlijnen.
    Behandeling - De ziekte van Addison is niet te genezen, maar behandeling is wel mogelijk.
    Het is dus een chronische ziekte.
    Behandeling van de ziekte van Addison gebeurt door middel van substitutietherapie met
    corticosteroÔden.
    Het is van groot belang dat de patiŽnt eventuele kenmerken van onder- of overdosering tijdig herkent.
    In veel gevallen zal de behandeling geschieden door een internist-endocrinoloog of kinderarts-endocrinoloog.
    Dit is een gespecialiseerd internist of kinderarts die zich bezighoudt met ziekten van de hormoonhuishouding.
    Ervaring heeft geleerd dat contact met medepatiŽnten vaak als zeer nuttig wordt ervaren !
    Naar schatting zijn er in Nederland tussen de 600 en 1000 patiŽnten met de ziekte van Addison en het is daarmee een zeldzame ziekte.
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Ziekte_van_Addison
    Cfr. ook Syndroom van Cushing :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Syndroom_van_Cushing

    41. - Ziekte van Von Recklinghausen of Neurofibromatose type I
    De ziekte van Von Recklinghausen of Neurofibromatose type I is een
    autosomaal dominante aandoening.
    Het
    gen dat deze aandoening veroorzaakt is gelegen op de lange arm van chromosoom 17.
    De symptomen zijn : - Cafť-au-lait-vlekken op de huid, sproeten in oksel en liesplooi, vlekjes in regenboogvlies van de ogen - Groot aantal gezwelletjes op de zenuwen, in of net onder de huid, ook vaak op gezichtszenuw - Eventueel mentale stoornis (door aantasting
    centrale zenuwstelsel).
    Het voorkomen van deze aandoening is 1/3000
    Cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Ziekte_van_Von_Recklinghausen
    Cfr. ook :
    http://www.medicinfo.nl/%7B84eaab85-cdc1-4674-aa2d-97a591055726%7D
    Verduidelijking -
    Neurofibromatose is een erfelijke aandoening.
    Hierbij ontwikkelen zich goedaardige gezwellen die groeien vanuit of op een zenuw.
    Er zijn twee typen neurofibromatose :
    - neurofibromatose type 1 (de ziekte van Von Recklinghausen) - Bij
    neurofibromatose type 1, (de ziekte van Von Recklinghausen) ontwikkelen zich vlezige gezwellen en lichtbruine verkleuringen op de huid.
    Na verloop van tijd komen er steeds meer van die gezwellen en vlekken bij.
    Dit is de meestvoorkomende vorm van neurofibromatose : bij meer dan tweederde van alle mensen met neurofibromatose gaat het om type 1.
    - neurofibromatose type 2 - Bij neurofibromatose type 2 ontstaan er met name langzaam groeiende goedaardige tumoren op de gehoorzenuw (ook wel achtste hersenzenuw genoemd).
    Deze zenuw geeft informatie van het oor naar de hersenen door en heeft ook een functie voor het evenwicht van het lichaam.
    De tumoren die bij neurofibromatose type 2 ontstaan, heten akoestische neuromen of brughoektumoren (genoemd naar de plaats in de schedel waar de tumoren liggen).
    Bij neurofibromatose type 2 is er bijna nooit sprake van gezwellen op de huid en lichtbruine huidverkleuringen.
    Wel kunnen ook gezwellen op andere zenuwen of in het ruggenmerg ontstaan .../...
    Cfr. :
    http://www.gezondiza.nl/%7Be3ad231b-902b-4689-b2f0-ddf531c48008%7D

    42. - Zwangerschap en fibromyalgie Ė Medisch gezien geen bezwaar
    Bron : FES - 'Zwangerschap, ouderschap en fibromyalgie'
    Reumatoloog mevrouw M. van Santen-Hoeufft over zwangerschap en fibromyalgie : ďIk weet er helemaal niets van, echt niets. Toen ik ging zoeken naar wetenschappelijke publicaties over dit onderwerp, bleek dat er in de afgelopen zes jaar in de hele wereld niets over is verschenen. Huisartsen, vroedvrouwen, gynaecologen, reumatologen, niemand heeft zwangerschap bij fibromyalgie patiŽnten gezien als een probleem. Daar kun je alleen maar uit concluderen dat het kennelijk geen probleem is en dat de kwaal vrouwen geen extra last bezorgt tijdens hun zwangerschap. Misschien voelen ze zich juist wel beter.Ē
    Uit verhalen uit de praktijk blijkt dat fibromyalgie en zwangerschap door sommige vrouwen wel degelijk als een probleem wordt ervaren.
    Tijdens mijn speurtocht door de niet wetenschappelijke literatuur over fibromyalgie kwam ik het onderwerp zwangerschap slechts een keer tegen, namelijk in een boek van Mark J. Pellegrino.
    Pellegrino is arts en fibromyalgie patiŽnt en behandelt veel mensen met fibromyalgie.
    In zijn boek 'The fibromyalgia survivor' - cfr. :
    http://www.amazon.com/Fibromyalgia-Survivor-Mark-J-Pellegrino/dp/096468912X - gaat hij in op een aantal onderwerpen rond zwangerschap.
    Medisch gezien geen bezwaar...
    De vraag of er vanuit medisch oogpunt bezwaren zijn tegen zwangerschap bij mensen met fibromyalgie, beantwoordt Pellegrino negatief.
    Vanuit medisch perspectief is er geen sprake van een contra-indicatie of een buitengewoon medisch risico wanneer het gaat om fibromyalgie en zwangerschap.
    Fibromyalgie veroorzaakt geen onvruchtbaarheid of een verhoogd risico op een miskraam.
    Wel lijkt fibromyalgie een erfelijke component te hebben en zou de aandoening van moeder op kind kunnen overgaan, maar dit wordt niet beschouwd als een gevaarlijk medisch risico of als een reden om zwangerschap te vermijden.
    Vrouwen die zwangerschap overwegen maken zich vooral zorgen over een mogelijke verslechtering van hun situatie tijdens en na de zwangerschap.
    In zijn praktijk maakt Pellegrino regelmatig mee dat vrouwen tijdens de zwangerschap en in de periode daarna meer klachten hebben.
    De vraag of zwangerschap daarom moet worden afgeraden, beantwoordt Pellegrino met : ďAbsoluut niet !Ē
    De vrouwen bij wie fibromyalgie tijdens de zwangerschap ontstond of verslechterde vertellen allemaal dat de beloning, een prachtige baby, de pijn en het lijden zeker waard was.
    Hun advies aan vrouwen die zwangerschap overwegen is : ďVooral doen, je zult er achteraf blij om zijn. Ik heb er geen spijt van en zou achteraf zeker dezelfde beslissing hebben genomenĒ.
    Pellegrino is van mening dat het vooral belangrijk is zoveel mogelijk kennis over zwangerschap te vergaren.
    Hoe meer iemand weet, des te beter kan zij eventuele extra pijn inschatten en verdragen tijdens de zwangerschap.
    Toch is de beslissing om zwanger te worden geen beslissing die naar zijn mening zomaar even genomen kan worden.
    De toekomstige moeder moet met verschillende dingen rekening houden bij de beslissing een kind te krijgen.
    Er kan al de nodige spanning in de relatie bestaan door fibromyalgie en die spanning kan oplopen wanneer er een kind komt.
    De aanstaande moeder moet weten welke hulp ze van haar partner en familieleden kan krijgen, zeker wanneer extra hulp nodig is vanwege fibromyalgie.
    Ook kunnen financiŽn een bron van zorg zijn.
    Zal de moeder in staat zijn te werken en voor de baby te zorgen ?
    Deze en andere onderwerpen verdienen aandacht bij de beslissing over zwangerschap.
    Zwangerschap en medicijnen, is de beslissing rond zwangerschap eenmaal genomen, dan is de volgende stap een kritische kijk naar medicijnen die worden gebruikt.
    Pellegrino adviseert een gesprek met de begeleidend arts om dit onderwerp te bespreken.
    Er zijn maar weinig medicijnen die helemaal veilig zijn tijdens de zwangerschap.
    Sommige medicijnen moeten worden stopgezet, sommige langzaam verminderd.
    In elk geval moeten de medicijnen volledig uit het lichaam zijn verdwenen voordat iemand probeert zwanger te worden.
    Ook het gebruik van vitamines of voedingssupplementen dient te worden besproken met de arts, Pellegrino.
    Helaas kan het stoppen van de medicatie lijden tot een toename van de pijn, vooral wanneer medicijnen een belangrijk onderdeel van de behandeling zijn.
    Maar in veel gevallen neemt de pijn na een aanvankelijke toename weer af.
    In deze periode kunnen andere manieren van pijnbestrijding worden toegepast, zoals een warm bad, ijspakkingen, kruiken of massage.
    De aanstaande moeder kan de volgende maatregelen nemen om te voorkomen dat de pijn erger wordt : bewegen - niet roken ook niet passief - voldoende rusten - tijd voor zich zelf nemen.
    Lichamelijke veranderingen
    In het begin van de zwangerschap vinden er sneller veranderingen plaats in het hormoonsysteem.
    Die veranderingen zijn nodig om de baby in een uitgebalanceerde omgeving te laten groeien en om de moeder voor te bereiden op de geboorte.
    Pellegrino meldt dat ongeveer de helft van de zwangere vrouwen gedurende de eerste drie maanden van de zwangerschap minder pijn ervaren.
    Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de verandering in hormonen leidt tot stemmingsverbetering en een verminderde gevoeligheid van de pijnreceptoren in de spieren.
    Tijdens het tweede trimester van de zwangerschap neemt de belasting van het lichaam geleidelijk toe.
    Naarmate de baby groeit, verschuift het zwaartepunt van het lichaam naar voren.
    De ruggengraat compenseert dit door een kromming.
    Daardoor moeten de rugspieren harder werken, hetgeen de kans op pijn verhoogt.
    De spieren raken sneller vermoeid.
    Onder invloed van hormonen wordt kraakbeen in de rug en in het bekken weker.
    Dat is noodzakelijk om het geboortekanaal geschikt te maken voor de bevalling.
    Dit weker worden van kraakbeen verandert echter de balans in de rug en leidt tot meer spanning in de rug.
    Pellegrino : ďDe meeste vrouwen met fibromyalgie melden tegen het einde van de zwangerschap toegenomen spierpijn, vooral onder in de rug. Het wordt steeds moeilijker een houding te vinden die niet pijnlijk isĒ.
    Tijdens en na de bevalling, voor vrouwen met fibromyalgie is een bevalling extra vermoeiend.
    Zij hebben meer tijd nodig om hiervan te herstellen.
    De geboorte van een kind veroorzaakt, zowel lichamelijk als emotioneel, spanning.
    Onder invloed van spanning kunnen de klachten toenemen.
    Daar komt nog bij dat in de periode na de geboorte de nachtrust van de moeder wordt gestoord door nachtelijke voedingen.
    Ook een gestoorde nachtrust is een bron van extra vermoeidheid en pijn.
    Hoe kan een jonge moeder het risico op meer pijn verminderen ?
    Pellegrino : ďIk adviseer de moeders om zo snel mogelijk na de geboorte weer te beginnen met oefeningen en lichaamsbeweging. Begin bijvoorbeeld met twee keer per dag vijf minuten oefeningen te doen. Doe dit in de tweede week twee keer tien minuten en ga daarna door met vijftien minuten per dagĒ.
    Maak bovendien vanaf de tweede week een paar keer per week een korte wandeling en hervat zo snel mogelijk andere bewegingsactiviteiten.
    Een baby vraagt veel tijd, aandacht en inspanning van de jonge moeder.
    Het grootste gevaar dat daarbij dreigt is dat er onvoldoende tijd is voor rust.
    Rust, die onontbeerlijk is voor iedere fibromyalgie patiŽnt.
    De jonge moeder moet ervoor zorgen dat zij voldoende rust krijgt, ook wanneer dat betekent dat anderen op bepaalde momenten de verzorging van de baby overnemen.
    Niet alleen rust is noodzakelijk, ook tijd voor jezelf blijft van groot belang.
    De stelregel daarbij is, ook voor jonge moeders, een uur per dag voor jezelf.
    Zeker in de eerste maanden na de bevalling kan zoín moment gevonden word en wanneer de baby slaapt.
    Cfr. :
    http://ftp.castel.nl/~voss01/zwangerschap/zwangerschap_en_fibromyalgie.htm 

    17-12-2006 om 13:03 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (11 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    16-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hypnotherapie
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Hypnotherapie


    Het komt steeds meer voor dat mensen besluiten professionele hulp in te schakelen bij het oplossen van problemen.

    Maar voor welke therapievorm kies je en voor welke therapeut ?
    Veel mensen hebben baat bij hypnotherapie.
    Hypnotherapie is in principe geschikt voor alle problemen, zowel fysiek als geestelijk.
    Ook puur fysieke problemen hebben namelijk een geestelijke achtergrond.
    Hypnotherapie is dan een aanvullende behandeling die vaak in samenwerking met een arts wordt toegepast.

    Meer bekende toepassingen van hypnotherapie zijn het oplossen van slaapproblemen, het afleren van verslavingsgedrag, lange termijnhulp na incest, het oplossen van problemen zoals nervositeit, angsten en fobieŽn, het omgaan met spanningen, het verwerken van traumaís en emotionele gebeurtenissen, rouwverwerking en het inzicht krijgen in de eigen persoonlijkheid en de eigen mogelijkheden.


    Stichting Natuurlijk Welzijn

    In de hypnotherapie, voortkomende uit de psychotherapie, wordt gebruik gemaakt van hypnotische trance, wat volgens de moderne medische wetenschap een bewustzijnstoestand is waarin sprake is van een toegenomen concentratie.
    Hypnotherapie kan goede diensten bewijzen bij psychosomatische klachten, pijnen, fobieŽn, stress enz. waarbij geen aanwijsbare lichamelijke oorzaak is zoals trauma's en vele andere klachten. 
    In veel gevallen maken hypno-therapeuten gebruik van hypnotische regressie, waarbij verdrongen, onverwerkte en vaak vergeten gebeurtenissen opnieuw in het geheugen worden teruggebracht en herbeleefd en vervolgens mentaal en emotioneel worden verwerkt zodanig dat ze niet meer als stoorzender werken in het onderbewustzijn.

    Cfr. : http://www.natuurlijk-welzijn.org/Therapie/THR(HY).html


    Inhoud :

    1. Hypnose

    2. Hypnose en Hypnotherapie (Jaak Remes)

    3. Hypnose en Hypnotherapie (Hypnose.nl)

    4. Hypnotherapie

    5. Van communicatie naar hypnose
      - Handboek voor therapeuten -

    6. Inlichtingen

    7. Cfr. ook...




    1. - Hypnose

    © 2006 vhyp


    1.1 - Wat is Hypnose ?

    Hypnose is een hulpmiddel in de medische wereld en in psychotherapie.
    Er gebeurt wereldwijd heel veel onderzoek om de effecten en de werking van de therapeutische hypnose te onderzoeken.
    In hypnose kunnen bepaalde lichamelijke en psychische processen beÔnvloed worden.
    Dit is geen show, geen theater, geen duistere magie of hocus-pocus ... hypnose.
    Alle hypnose is Ďzelfíhypnoseí; u heeft zelf invloed op wat er in hypnose gebeurt !
    Hypnose is geen toestand van slaap en ook geen bewusteloosheid.
    In hypnose is er een Ďveranderdí bewustzijn waarbij u de aandacht naar binnen richt op innerlijke processen, beelden en ervaringen.
    In hypnose zijn uw hersenen actief werkzaam.
    Uw creativiteit en uw probleemoplossend vermogen verhoogt.
    U bent meer vatbaar voor suggesties die u zichzelf geeft.
    U kan op een andere manier dan door Ďwilskrachtí uw doelen bereiken.
    Voor de meeste mensen is hypnose een aangename, ontspannende ervaring.


    1.2 - Hoe leert u Hypnose ?

    U leert dit best met een ervaren en deskundige arts psychotherapeut, die u als een Ďgidsí kan leiden in deze nieuwe ervaring.
    Een goede relatie van vertrouwen is belangrijk om in hypnose te kunnen en durven gaan.
    In de moderne of nieuwe hypnose gebeurt elke stap in overleg.
    U heeft als cliŽnt/patiŽnt kennis van wat er zal gebeuren.
    U krijgt inspraak in de keuze van verschillende therapiestappen en doelen.
    U leert ook hoe u zelf in hypnose kan gaan.
    Therapie onder hypnose is een leerproces en met hypnose kan u stap voor stap uw problemen aanpakken of naar uw doelen toe werken.
    Hypnose is geen instant wondermiddel.
    Met hypnose kunnen bepaalde therapieprocessen versneld worden.


    1.3 - Waarom werken met hypnose ?

    Hypnose is nuttig om allerlei symptomen te beÔnvloeden.
    Dit kan door suggesties die uw therapeut of die u zichzelf geeft.
    U kan ook verandering ervaren door bepaalde verhalen of metafore beelden die aangereikt worden door uw therapeut en waar u zichzelf in herkent.
    Indien het wenselijk is voor uw therapie kan in hypnose, naar de oorsprong van bepaalde conflicten of symptomen gezocht worden.
    Langs hypnose kan u meer harmonie vinden in uzelf en toegang krijgen tot allerlei innerlijke hulpbronnen die u heeft, om problemen te overwinnen.


    1.4 Ė Toepassingsdomein

    Hypnose is nuttig in de geneeskunde.
    Hypnose helpt bij de behandeling of beÔnvloeding van pijn.
    Zowel bij acute pijn als bij chronische pijn kan hypnose een nuttige hulp zijn.
    Hypnose is werkzaam bij de behandeling van psychosomatische ziekten, hoge bloeddruk, "irritable bowel syndrome".
    Hypnose is nuttig bij de invloed op stress en geeft bijkomende therapeutische mogelijkheden bij eetstoornissen en verslaving.
    Hypnose vergemakkelijkt chirurgische ingrepen, technische medische onderzoeken, tandheelkundige behandelingen.
    Hypnose is nuttig in psychotherapie. Hypnose wordt ingepast in behandeling van angst, eetstoornissen, verslaving, tekort aan zelfvertrouwen, faalangst, fobieŽn.
    Hypnose helpt bij prestatieverbetering, in sport en werksituaties.
    Systematisch werken met zelfhypnose verbetert het niveau van welzijn.


    1.5 - Alle hypnose is zelfhypnose

    U laat zich best begeleiden door een deskundige bij het leren werken met hypnose.
    Nadien kan u met zelfhypnose alle voordelen en resultaten zelf bereiken.
    Als u werkt met hypnose, zal hypnose voor u werken !

    Cfr. : http://www.vhyp.be/index.html 




    2. - Hypnose en hypnotherapie

    Jaak Remes
    Gestichtstraat 17, 9000 Gent
    Tel. : 09 329 09 77
    E-mail :
    jaak.remes@telenet.be & magda.lippens@telenet.be

    Niet alleen in de grapjes maar ook door bepaalde shows wordt het beeld van het oude hypnotisme nog altijd opgehangen.
    Ben jij bereid de zwakke wil van jouw eigen zielige persoontje voor even over te dragen op de krachtige suggesties van een charismatische leider die blaakt van zelfvertrouwen en die - beter dan jijzelf - gewoonweg wťťt wat leuk en goed is voor jou ?
    Dan ben je perfect in staat om binnen de kortste tellen het podium op te klauteren om tot groot vermaak van het publiek minutenlang te kakelen gelijk een kieken of om je (enigszins onttrokken aan het publiek) door een compleet vreemde te laten bepampelen.
    Maar voor mij hoeft dit niet.

    Sedert het ontstaan in de 18e eeuw heeft hypnose onafgebroken merkwaardige golfbewegingen gekend.
    Perioden van bloei en enthousiasme wisselden af met tijden van verval en afkeer.
    Op dit ogenblik is er ongelooflijk veel belangstelling voor.
    Hoewel nog steeds niemand een precieze en sluitende definitie van het verschijnsel kan geven, is het wetenschappelijk onderzoek al goed verfijnd.
    Men weet nu dat het meest werkbare bestanddeel niet de macht van de hypnotiseur is maar het vertrouwen en het ďrapportĒ dat twee of meer mensen ertoe brengt om op dit niveau met mekaar in contact en tot contract te komen.
    De (meestal lichtjes) gewijzigde bewustzijnstoestand die men in de moderne hypnose en hypnotherapie ďtranceĒ noemt heeft helemaal niets magisch en is integendeel een erg alledaags verschijnsel.
    Evenals onder meer het werken met dromen, visualiseren en mediteren, vergemakkelijkt deze trancetoestand op een even veilige manier de samenwerking tussen het bewuste denken (linker hersenhelft) en het onbewuste denken (rechter hersenhelft).
    In tegenstelling tot wat vroeger werd gedacht, is het onbewuste niet alleen een vergaarbak van verdrongen traumaís en verboden (seksuele en andere) driften maar eveneens een onuitputtelijk rijk instrument (archief, mediatheek, werkplaats) van eigen hulpbronnen dat men steeds ter beschikking heeft en dat het minstens even goed met ons meent als het bewuste denken.
    Het spreekt vanzelf, dat ik als begeleider en psychotherapeut de inzichten van de moderne hypnose en hypnotherapie uitsluitend gebruik voor helende en therapeutische doeleinden.
    Niet het ďleidenĒ staat hier centraal maar het ďvolgenĒ.
    Slechts in de mate dat het me lukt om het spoor van de cliŽnt te volgen, wordt het me toegestaan om hierbij ook af en toe te (bege)leiden.
    Hoe dat precies in zijn werk gaat, daar kunnen we het eens een namiddag of een avond op een ervaringsgerichte manier (met uw groep of vereniging) over hebben.
    Onderwerpen die daarbij aan bod kunnen komen zijn :

    • samenwerking tussen bewuste en onbewuste denken

    • verschillende graden en mogelijkheden van (niet) hypnotiseerbaarheid

    • inductiemethoden en trance-verdieping

    • wat kan er in een ďtranceĒ zoal gedaan worden als nuttig werk ?

    • behoud van controle en veiligheid - respect voor weerstand Ė zelfhypnose Ė groepshypnose Ė massahypnose.

    Vermits we ervan uitgaan dat elke hypnose altijd een vorm van zelfhypnose is, zal ik jou niet ďhypnotiserenĒ, laat staan je dan voor schut te zetten of ten tonele te voeren.
    Dat is trouwens bij wet verboden.
    Als je me vraagt wat ik dan wel met jou zal doen antwoord ik altijd heel eerlijk : niets !
    Dit is het meest fascinerende: ik doe niets en dat helpt.
    Wanneer ik met mijn eerlijke maar beperkte aandacht en met mijn stem bij jou ben, staat het je vrij nieuwsgierig te zijn naar wat er (niet) gebeurt en toe te laten wat er jou dient.

    Cfr. : http://www.hulporganisaties.be/Pages/Goto/?ID=3812&URL=http://users.telenet.be/jaak.remes




    3. - Hypnose en Hypnotherapie

    Hypnose.nl

    Met de term hypnose wordt een bewustzijnstoestand aangeduid waarbij de cliŽnt diep ontspannen is en volledig geconcentreerd.
    Hypnotherapie is het gebruik van deze trance door een hypnotherapeut om te komen tot verandering van gevoel/gedrag.
    Dagelijks komen we in een hypnotische(trance) toestand, wanneer we een boek lezen en we zijn zo geconcerteerd aan het lezen dan kunt u zeggen dat u in een hypnotische toestand bent, want u hoort bepaalde dingen die gebeuren niet.
    Een lift is ook een mooi voorbeeld, waar u zo geconcentreerd op de nummertjes van de verdieping aan het kijken bent dat u even mensen om u heen vergeet.

    Deze bewustzijnstoestand is niets nieuws, net als slaap, bewust zijn, bewusteloos en dromen bestaat de hypnotische toestand al zolang er mensen zijn.
    Bij hypnotherapie worden deze natuurlijke trance-ervaringen doelbewust gestimuleerd door gebruik te maken van de techniek hypnose.
    Iedereen kan leren door middel van hypnose in trance te gaan.
    Vervolgens leert u vertrouwd te raken met uw eigen concentratie mogelijkheden.
    U zult merken dat deze vorm van verhoogde concentratie en diepe ontspanning prettig is.
    Tegelijkertijd houdt u volledig controle over uw geest en lichaam.
    Door u sterk te concentreren op uw innerlijke wereld kunt u mogelijkheden in uzelf ontdekken waarvan u zich eerst niet bewust was.
    De therapeut ondersteunt u in uw proces.

    Hypnotherapie is het therapeutisch gebruik van hypnose om uw eigen interne hulpbronnen te mobiliseren om tot een mentale of fysieke genezing te komen.
    Sinds 1958 is hypnotherapie goedgekeurd door de American Medical Association (AMA) en wordt met veel succes toegepast door hypnotherapeuten.

    Hypnotherapie werkt doordat in de hypnotische trance de beperkende denkwereld waar we allemaal in leven wordt losgelaten.
    Gedurende de sessie kunnen verschillende beperkende denkkaders veranderen waardoor de wereld op een andere manier wordt ervaren.

    Even een voorbeeld : stel u bent bang voor muizen.
    Dit is een beperkend denkkader, omdat een muis niet gevaarlijk is.
    Nu als u gewoon ergens bent en u ziet een muis, dan ontstaat er angst.
    Deze angst komt door het denkkader van "muizen zijn eng" of "Ik ben bang voor muizen".
    Als deze denkkaders er niet meer zijn, is de angst ook weg.
    Het veranderen van deze denkkaders gaat het makkelijkste in een hypnotische trance omdat u dan volledig toegang hebt tot al uw hulpbronnen.

    De effectiviteit van hypnose is direct gerelateerd aan uw motivatie, wilt u niet in trance, dan lukt het ook niet.
    Immers, alle hypnose is zelf hypnose.
    Een hypnotherapeut kan alleen maar iemand helpen om in trance te gaan.


    3.1 - Hypnotherapie

    Sommige klachten zijn niet gemakkelijk te verhelpen, omdat de oorzaak vaak niet bekend is.
    Wellicht heeft u al van alles geprobeerd en vraagt u zich af : "Hoe kan ik erachter komen waar mijn probleem vandaan komt en wat kan ik eraan doen ? Hoe kan ik verder zonder dat deze klacht mijn leven zo beperkt ? Hoe kan ik bereiken wat ik wil ? Kom ik er ook vanaf zonder alles weer te moeten (her)beleven ?"
    Een antwoord hierop kunt u vinden via hypnotherapie.
    Verderop kunt u lezen wat dat is en bij welke kwalen hypnotherapie wordt toegepast.


    3.2 - Hoe werkt hypnotherapie ?

    Eerst geeft u de therapeut alle informatie over de klacht die voor de therapie belangrijk is.
    Deze informatie wordt strikt vertrouwelijk behandeld.
    Daarna komt u met de therapeut overeen wat de therapie zal inhouden en wat het te behalen doel is.
    In de volgende sessies leert u met behulp van uw eigen levenservaring uw problemen op te lossen.
    U werkt zelf aan uw eigen ontwikkeling.
    U leert grenzen te verleggen en optimaal gebruik te maken van uw persoonlijke kwaliteiten.
    De therapeut speelt hierbij een adviserende en begeleidende rol.


    3.3 - Praktische informatie

    Het gemiddeld aantal sessies ligt tussen de 5 en 15 en het tarief is gemiddeld tussen 70 en 110 euro per uur

    Omdat hypnotherapie een vorm is van kortdurende therapie met effectieve en blijvende resultaten, worden de kosten steeds vaker door zorgverzekeraars vergoed.

    Lichamelijke klachten worden behandeld nadat u uw huisarts heeft geconsulteerd en in overleg met uw huisarts.

    Hypnotherapie, effectief bij het :

    • leren omgaan met spanningen en stress;

    • verminderen of doen verdwijnen van angsten en fobieŽn, zoals faalangst, vliegangst, claustrofobie, hoogtevrees en angst voor de tandarts;

    • oplossen van onzekerheid, schuldgevoelens en minderwaardigheidgevoelens;

    • verwerken van trauma's en emotionele gebeurtenissen;

    • afleren van dwangmatige handelingen, zoals eetproblemen, roken en nagelbijten;

    • oplossen van slaapproblemen;

    • opheffen van psychosomatische klachten m.b.t. hyperventilatie, huidklachten en maag- en darmklachten;

    • opheffen of verzachten van lichamelijke klachten en pijn, zoals chronische pijn en hoofdpijn;

    • trainen van sociale vaardigheden en het verkrijgen van meer zelfvertrouwen;

    • inzicht krijgen in de eigen persoonlijkheid en verborgen talenten;

    • omgaan met zingevings- en bestaansklachten, zoals neerslachtigheid, "is dit alles wat er is", het verlies van plezier in het leven, midlifecrisis, overgang en burn-out.

    Wil je meer weten over hypnose ga dan naar : http://www.hypnose.nl/hypnose/netwerk2/client/contact.asp -.

    Cfr. : http://www.hypnose.nl/hypnose/cms/t_hypn0.asp?ArtID=26




    4. - Hypnotherapie

    Hypnotherapie is het inzetten van hypnose als middel tegen psychische en lichamelijke klachten, maar ook voor sportprestatieverbetering.
    De patiŽnt wordt door de hypnotherapeut door middel van voornamelijk verbale communicatie in een lichte trance gebracht maar behoudt de controle over zichzelf.

    De gedachte achter hypnotherapie is dat de patiŽnt onder hypnose gemakkelijker contact kan maken met het onderbewustzijn dan in het dagelijks leven mogelijk is omdat het rationele bewustzijn dat belemmert.
    Door contact met onbewuste gevoelens en ideeŽn krijgt de patiŽnt (meer) inzicht in de eigen behoeften en mogelijkheden.
    Met de verkregen informatie zou een proces van genezing in gang gezet kunnen worden.

    Volgens hypnotherapeuten zijn er geen speciale eigenschappen nodig om onder hypnose te kunnen raken en is deze behandelingmethode voor vrijwel iedereen geschikt, maar in het algemeen wordt hypnotherapie niet toegepast bij psychotische en ernstig depressieve patiŽnten.

    Wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit van hypnotherapie heeft geen eensluidende conclusies opgeleverd.

    Cfr. : http://nl.wikipedia.org/wiki/Hypnotherapie




    5. - Van communicatie naar hypnose
    - Handboek voor therapeuten -

    Theo Hoenderdos
    2e druk, mei 2006 Ė ISBN : 9789060205761

    Theo Hoenderdos heeft een jarenlange ervaring als hypnotherapeut en als docent communicatietechnieken en hypnotherapie.
    Veel boeken over communicatie in de hypnotherapie zijn geschreven voor ervaren therapeuten.
    Ze veronderstellen vaardigheden bekend waarover de therapeut in wording nog talloze vragen heeft.

    Dit werk Ė in tegenstelling tot een grote hoeveelheid oorspronkelijk Amerikaanse literatuur door een Nederlandse auteur op de Nederlandse situatie toegespitst Ė doet een boekje open over technieken die veelal alleen mondeling worden overgedragen.
    De schrijver gaat dieper in op een aantal verbale en non-verbale elementen in onze communicatie.
    Vanuit een beter begrip van onze bewuste en minder bewuste communicatiepatronen is het een logische stap over te gaan naar een systematische uiteenrafeling van de hypnotische situatie.
    Hierdoor wordt duidelijk dat de hypnotische situatie veel meer reŽle begrippen in zich bergt dan de oude magiŽrs ons wilden doen geloven.
    Door de didactische benadering van de gebieden Ďcommunicatieí en Ďhypnotherapieí is een degelijk studieboek ontstaan.
    Stap voor stap worden de kernpunten in de samenwerking tussen hypnotherapeut en cliŽnt belicht.
    Het boek gaat verder dan een algemeen beschrijvende houding ten opzichte van de hypnotherapie en geeft expliciet de te volgen strategie en de mogelijke alternatieven.
    Een efficiŽnt boek voor de beginnende therapeut die zich bovenal afvraagt:
    Hoe zal ik dit aanpakken ?
    Hoe help ik mijn cliŽnt in een goede hypnose en welke therapeutische interventies kies ik daarbij ?
    Een lezenswaardige steun in de rug voor iedereen die te maken heeft met communicatie en therapie.

    Cfr. : http://www.epo.be/distributie/boekinfo.php?isbn=9789060205761



    6. - Inlichtingen

    Inlichtingen kun je inwinnen bij de volgende verenigingen :

    • De Vlaamse Wetenschappelijke Hypnose Vereniging (VHYP)
      Ze werkt enkel met universitair gediplomeerde mensen en waakt over de kwaliteit van opleiding en instaat voor haar leden.
      Zij zullen je zeker een therapeut in je omgeving kunnen aanbevelen :
      VHYP wil universitair gediplomeerde artsen en zorgenverstrekkers, d.w.z. basisdiploma psycholoog (universitair niveau), psychiater (evtl. in opleiding), arts, tandarts, lic. menswetenschappen, de gelegenheid bieden een internationaal erkende hypnoseopleiding te volgen.
      Deze kennis en kunde moet hen in de mogelijkheid stellen hypnose te gebruiken in hun specifiek vakgebied.
      VHYP distantieert zich van lekenhypnose en showhypnose.
      Informatie :
      Secretariaat VHYP
      Dennenlaan 9, 2222 Heist-op-den-Berg
      Tel. & Fax : 015 24 51 83
      E-mail :
      vhyp@village.uunet.be
      Website :
      http://www.vhyp.be/


    • De Nederlandse Beroepvereniging van Hypnotherapeuten (NBVH)
      Naast een overzicht van alle aangesloten gediplomeerde
      hypnotherapeuten in Nederland geeft ze uitgebreide informatie over hypnotherapie in het algemeen en over de beroepsvereniging in het bijzonder.
      Informatie :
      Secretariaat NBVH
      Postbus 86, 4000 AB Tiel
      Tel. : 0344-655064
      E-mail :
      secretariaat@nbvh.nl
      Website :
      http://www.hypnotherapie.nl/


    • De Nederlandse Vereniging voor Hypnose (NVVh)
      Therapeutische toepassing en wetenschappelijk onderzoek
      Postadres : Postbus 96, 4000 AB  TIEL
      Bez
      oekadres : Nieuwe Tielseweg 117, 4001 JV  TIEL
      Tel. : 0344 - 61 14 26 Ė Fax : 0344 - 63 37 89
      E-mail :
      secretariaat@nvvh.com
      Website :
      www.nvvh.com





    7. - Cfr. ook...

    1. BOK Hypno Consult
      Praktijk voor Psycho en Hypnotherapie - Hypnotherapie : Effectief in therapie !
      http://pages.zdnet.com/hbmt/index.html

    2. Een therapeut zoeken
      http://www.therapeuten.be/therapeuten/zoeken#resultaten

    3. Handboek moderne hypnotherapie - Basistechnieken, methoden en toepassingen
      Barbelo C. Uijtenbogaardt Ė Servire, 2004 Ė ISBN : 9021599694
      In dit boek laat Barbelo Uijtenbogaardt zien dat hypnotherapie een vak is dat geleerd kan worden aan de hand van welomschreven methoden en technieken.
      Zij behandelt deze uitvoerig en bespreekt hoe ze kunnen worden toegepast op de problematiek van de cliŽnt.
      Deze beschrijvingen worden geÔllustreerd met verslagen van authentieke sessies.
      Cfr. :
      http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start;sid=VEsoNsl4S80oEovuT8UWASmgu_GOuGv--Sw=?BOL_OWNER_ID=1001004001189386&Section=BOOK&lgl=1&plid=&lgl_BOL_OWNER_ID=1

    4. Hemfar
      Praktijk voor psycho- en hypnotherapie, Leiden
      http://www.hemfar.nl/

    5. Hypno Psychotherapie & Creatieve Counseling Almere
      Ineke de Bruijn
      Cfr. :
      http://www.inekedebruijn.nl/index.htm

    6. Hypnocentrum
      Hypnocentrum is een collectief van hypnotherapeuten in de regio Utrecht
      http://www.hypnocentrum.nl/index_bestanden/page0002.htm

    7. Hypnose
      Hypnose (afkomstig van het Griekse 'hypnos' : 'slaap') is een kunstmatig gecreŽerde staat van bewustzijn waarin men ontspannen is en geconcentreerd op een bepaald onderwerp.
      Sommige mensen zijn van mening dat er slechts ťťn soort hypnose is : zelfhypnose.
      Zelfs onder begeleiding van een professionele hypnotherapeut of hypnotiseur (showhypnose) is het de client zelf die de trance ontwikkelt en laat bestaan.
      Andere stellen dat er twee soorten hypnose zijn :
      - zelfhypnose, waarbij men zichzelf in de hypnotische toestand brengt
      - hypnose waarbij een hypnotiseur de hypnotische toestand tot stand brengt.
      Er zijn verschillende stadia van hypnose, van licht zoals een lichte roes tot een zeer zware hypnotische toestand met een totaal verlies van (zelf)bewustzijn en waarbij zelfs een blokkade van zintuiglijke en pijnprikkels kan optreden (cfr.
      zombie) .../...
      Toepassingen en kanttekeningen
      - Een toepassing van hypnose is het niet ervaren of sterk verminderen van pijn.
      - Als therapeutisch middel (Hypnotherapie) (cfr. :
      Sigmund Freud)
      - Een omstreden, maar veel toegepaste en doeltreffende toepassing van hypnose is regressie, waarbij wordt teruggegaan naar het verleden om een gebeurtenis terug te halen in het bewustzijn.
      Dit wordt door sommigen aanbevolen als methode om bewijslast in de rechtszaal te verkrijgen.
      De uit hypnose verkregen informatie kan echter beÔnvloed worden door
      fantasie of vervorming van herinneringen.
      Andere factoren die meespelen zijn een groot vertrouwen in de hypnotherapeut (waardoor men gemakkelijker onthullingen doet) de behoefte om aan de verwachtingen van de hypnotherapeut te voldoen en (sterke) behoefte aan een verklaring voor onbegrepen klachten en problemen.
      Uit wetenschappelijke
      experimenten is dan ook geen eenduidig beeld gekomen over de betrouwbaarheid van hypnose.
      Dit kan verklaard worden uit het feit dat er zoveel verschillende factoren meespelen, zoals verwachtingen, oprechtheid, motieven, integriteit van zowel de hypnotiseur als de gehypnotiseerde en conflicterende ervaringen in het onderbewustzijn uit het verleden die voor iedereen verschillend zijn .../...
      Cfr. :
      http://nl.wikipedia.org/wiki/Hypnose

    8. Hypnose en hypnotherapie
      Marijke Versteegen
      Cfr. :
      http://www.innerned.org/hypno.html

    9. Hypnose en vzw Karma
      http://www.hypnose.be/

    10. Hypnotherapeuten.be
      http://hypnotherapeuten.be/

    11. Hypnotherapie
      .../...
      Hypnotherapie is een verbale therapie waarbij trance gericht benut wordt voor een groot aantal verschillende doeleinden.
      Onder deskundige begeleiding krijg je meer inzicht in en controle over onbewuste reacties.
      Daardoor kunnen vermogens als het stimuleren van genezende processen in het lichaam, het goed omgaan met emoties en het gebruik van lichamelijke en geestelijke capaciteiten beter worden aangesproken.
      Bij een goede motivatie en inzet worden vaak op korte termijn al positieve resultaten behaald.
      Het ťťn en ander is mede afhankelijk van hoe diep de klacht is geworteld.
      De werkzaamheid van andere vormen van therapie kan vaak worden versterkt wanneer zij worden gecombineerd met hypnotherapie .../...
      Cfr. :
      http://www.xs4all.nl/~vandiepe/Hypnotherapie/uitleg.htm
      Hypnotherapie
      Hans Hanselaar, praktijk voor : coaching, hypnotherapie, neurolinguÔstische therapie
      Hypnose is erop gericht dat u zowel geestelijk als lichamelijk volkomen ontspannen raakt. In die toestand kunt u gemakkelijker in contact komen met uw onbewuste. U en ik maken gebruik van de mogelijkheden die het onbewuste heeft. Het onbewuste bevat alles wat u in de loop van de jaren heeft geleerd, zowel dat wat uw mogelijkheden verruimt als dat wat u beperkt. Ondanks het feit dat u "last" heeft van die beperkende gedragingen en gedachten wordt het vaak als "onmogelijk" ervaren om anders met die beperkende gedragingen en gedachten om te gaan. Het veranderen van bepaalde gedragingen of gedachten kan onder hypnose veel gemakkelijker tot stand komen omdat het als het ware rechtstreeks in het onbewuste gebeurt.
      Ook kwaliteiten of eigenschappen waar u niet - meer - de beschikking over hebt kunnen op die manier weer onder uw controle komen.
      Belangrijk om te weten is nog dat het onbewuste ons altijd beschermt; onder hypnose kan u niets overkomen dat schadelijk voor u is.
      Cfr. :
      http://www.hanshanselaar.org/hypnotherapie.html
      Cfr. ook :
      -
      http://www.eudaimonia.nl/hypnotherapie.html
      - http://www.in.be/nl/redactie/altern-geneeswijzen/ag-hypnotherapie.html
      -
      http://www.psycholoogdirect.be/site.php/46/woordenlijst/Hypnotherapie.html

    12. Hypnotherapie in de dermatologie
      Ria Willemsen, dermatoloog
      http://www.vhyp.be/download/files/Hypnose-dermato.pdf

    13. Hypnotherapie-Breda
      http://www.hypnotherapie-breda.nl/index.php

    14. Hypnotherapie.Startpagina.be
      http://hypnotherapie.startpagina.be/

    15. Instituut Eszenz
      http://www.hypnotherapienederland.nl/content.htm

    16. Jef Paul Jacques Verheyen, Psycholoog
      http://members.chello.be/cr42988/psycho/hypnotherapie.htm

    17. Kort & goed - Hypnotherapie
      Barbelo C. Uijtenbogaardt Ė Servire, 2005 Ė ISBN : 9021543508
      Hypnotherapie is een therapeutische methode waarmee de cliŽnt in een trance wordt gebracht en tegelijk bewust en alert blijft.
      Onder begeleiding kunnen zo gevoelens loskomen die zinvolle genezing mogelijk maken.
      'Kort & goed - Hypnotherapie' beschrijft met boeiende praktijkvoorbeelden de beginselen van deze bijzondere therapievorm.
      Recensie (NBD|Biblion) : De schrijfster, van huis uit pedagoog, werkt als psychotherapeut en docent hypnotherapie en raja-yoga.
      Zij schreef eerder een 'Handboek moderne hypnotherapie' Ė cfr. :
      http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start;sid=VEsoNsl4S80oEovuT8UWASmgu_GOuGv--Sw=?BOL_OWNER_ID=1001004001189386&Section=BOOK&lgl=1&plid=&lgl_BOL_OWNER_ID=1 -.
      Onder hypnotherapie verstaat de auteur die vormen van psychotherapie waarbij gebruik gemaakt wordt van trance, d.i. de (met dromen vergelijkbare) toestand waarin de client met zijn zintuigen is gericht op de innerlijke werkelijkheid en zich door ontspanning openstelt voor impulsen (herinneringen, fantasieen, associaties) uit zijn onbewuste.
      Op deze wijze kan de therapeut de client a.h.w. terugbrengen naar zijn verleden ('regressie'), eventueel zelfs naar een vorig leven ('reincarnatietherapie', volgens de schrijfster ook werkzaam als men niet in reincarnatie gelooft) of verschillende delen van diens persoonlijkheid met elkaar laten communiceren.
      Ook (belevenissen in) dromen kunnen op deze manier worden onderzocht.
      Na een hoofdstuk over de geschiedenis van hypnotherapie en een over de theorie erover geeft de auteur een aantal voorbeelden uit de therapeutische praktijk.
      Geen illustraties.
      Wel een verklarende woordenlijst, literatuurlijst en adressen van instellingen op het gebied van psychotherapie.
      Op het kaft een kleurenfoto van een kettinghorloge dat heen en weer lijkt te slingeren.
      Cfr. :
      http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start;sid=uEgnAxBsyjInIlL_KcsZNPC7Ik9MOA9vo5Y=?BOL_OWNER_ID=1001004002401266&Section=BOOK&lgl=1&plid=&lgl_BOL_OWNER_ID=1

    18. Lightship - Adviesbureau Psychosociale Begeleiding Utrecht
      Hypnotherapie Reiki Coaching - Regressie- en ReÔncarnatietherapie
      Cfr. :
      http://www.lightship.nl/routebeschrijving.htm

    19. Lijst van therapeuten
      http://www.therapeuten.be/therapeuten/lijst

    20. Nederlandse Beroepvereniging van Hypnotherapeuten (NBVH)
      Gediplomeerde hypnotherapeuten
      http://www.hypnotherapie.nl/

    21. Nederlandse Vereniging voor Hypnose (NVVh)
      Therapeutische toepassing en wetenschappelijk onderzoek - Postadres : Postbus 96, 4000 AB  TIEL - Bezoekadres : Nieuwe Tielseweg 117, 4001 JV  TIEL - Tel. : 0344 - 61 14 26 Ė Fax : 0344 - 63 37 89 Ė E-mail :
      secretariaat@nvvh.com
      De Nederlandse vereniging voor hypnose (Nvvh) is een vereniging van medische specialisten, tandartsen, psychologen, psychotherapeuten, maatschappelijk werkers, sociaal psychiatrisch verpleegkundigen, fysiotherapeuten en mondhygiŽnisten die werken in gezondheidszorginstellingen en gebruik maken van hypnotische technieken binnen hun therapeutische professie.
      De Nvvh stelt nadrukkelijk dat : ďIf a person is not professionally qualified to treat something without hypnosis, then theyíre not qualified to treat something with hypnosis, eitherĒ (cfr. J Kihlstrom, 2004).
      De vereniging stelt zich ten doel training te bevorderen; zij verzorgt zelf een opleiding faciliteert onderzoek op het gebied van hypnose.
      De vereniging is opgericht in 1931 als een vereniging van medische specialisten, tandartsen, psychologen, psychotherapeuten, maatschappelijk werkers, sociaal psychiatrisch verpleegkundigen en mondhygiŽnisten die werken in gezondheidszorginstellingen en gebruik maken van hypnotische technieken binnen hun therapeutische professie.
      De vereniging stelt zich ten doel training te bevorderen en verzorgt opleiding en onderzoek op het gebied van hypnose; zij verenigt professionals in dit gebied met als doel de kwaliteit van psychologische en medische zorg en behandeling te verbeteren.
      De woorden van wijlen Prof dr Ernst Hilgard tijdens het Internationale Congres van Hypnose in 1988 in Den Haag staan nog steeds hoog in het vaandel van de vereniging : ďWe be careful in our claims, avoid the clashes of opinion among us that affect the public image and acceptance of hypnosis, do our best to maintain scientific standards in both laboratory and clinic, without dividing into cults and work together to continue to advance hypnosis both as to its place in science and as a benefit to suffering humanity".
      De vereniging verzorgt een grondige opleiding die een professional in staat stelt op een verantwoord wijze gebruik te maken van hypnotische technieken in zijn/haar professie.
      De vereniging is een constituent member van zowel de
      European Society of Hypnosis Ė cfr. :
      http://www.esh-hypnosis.org/ - als ook van de International Society of Hypnosis (ISH) - cfr. : http://ish.driebit.com/page.php -.
      De Nvvh geeft een elektronisch bulletin uit dat 4 maal per jaar verschijnt.
      Cfr.
      http://www.nvvh.com/

    22. O.C. Delfin
      Praktijk voor moderne hypnotherapie
      http://www.hypnotherapiedelfin.nl/set1.htm?introductie.htm~mainFrame

    23. Praktijk voor Hypnotherapie & Personal Coaching
      http://www.praktijkvoorhypnotherapie.nl/hypnotherapie/main.htm

    24. Praktijk Waterland
      Praktijk voor Eclectische Psychotherapie :
      http://www.praktijkwaterland.nl/hypnotherapie.html

    25. PsychoZorg Gouda
      Praktijk voor Polyenergetische Therapie bij psychische-, emotionele- & lichamelijke klachten & Om op zoek te gaan naar antwoorden op je levensvragen :
      http://www.watmaakikvanmijnleven.nl/index.htm

    26. Sattva
      Praktijk voor Psychodynamische en Energetische Therapie - Centrum voor Persoonlijke Groei en Bewustwording
      http://www.sattva.nl/index.htm

    27. Therapeuten
      http://www.therapeuten.be/

    28. Trance en hypnose
      Hypnotherapie praktijk Jan Kruunenberg Ė Amsterdam
      Een weg naar innerlijke harmonie.
      Trance kennen we allemaal uit ervaring.
      Je kunt bijvoorbeeld verdiept zijn in een boek waardoor je minder aandacht hebt voor je omgeving.
      Het verhaal speelt zich als het ware af in je innerlijke belevingswereld en jij bent er met je volle aandacht bij.
      Je aandacht is naar binnen gericht maar je bent je ook bewust van je omgeving.
      Je bemerkt het als iemand iets tegen je zegt of je aanraakt en je kunt er op reageren.
      In trance gebeurt alleen datgene waar jij achter staat.
      Als je in hypnotische trance bent lijkt het alsof je droomt terwijl je tegelijk alert en helder van geest bent.
      Hypnotherapie maakt gebruik van trance en hypnose en biedt daardoor bijzondere therapeutische mogelijkheden.
      Mensen denken en handelen vaak volgens vaste patronen waardoor het minder eenvoudig is om te veranderen.
      Je kunt het gevoel hebben dat je op eigen kracht niet verder komt.
      Hypnotherapie maakt het je mogelijk om een stap in de goede richting te zetten.
      Terwijl je in hypnotische trance bent help ik je om vaste patronen te doorbreken.
      Er ontstaat ruimte in je geest om oplossingen te bedenken en nieuwe wegen te bewandelen.
      Hypnotiseren betekent dat iemand je helpt om in trance oftewel hypnose te gaan.
      Je hebt misschien op de televisie wel eens een hypnotiseur aan het werk gezien.
      Deelnemers aan de show worden er toe aangezet om allerlei merkwaardige handelingen te verrichten.
      Hypnose als therapeutisch hulpmiddel is hiermee in geen enkel opzicht te vergelijken.
      Ik maak uitsluitend gebruik van hypnose om je inzicht te geven in je innerlijke belevingswereld en om positieve verandering te stimuleren.
      Hypnotherapie is in veel opzichten gelijk aan reguliere psychotherapie maar beschikt over extra therapeutische mogelijkheden door gebruik te maken van trance en hypnose.
      Als je een positief gevoel hebt over hypnotherapie kun je vrijwel zeker in hypnose gaan.
      Cfr. :
      http://www.hypnosis.nl/trance.html

    29. Verbeeldingskracht als heelmeester - Hoe verhalen kinderen genezen
      Anneke van der Meer - Synthese Uitgeverij B.V., 2002 - ISBN : 9062290809
      Sommige kinderen ontwikkelen -vaak zonder aanwijsbare oorzaak- een negatief beeld van zichzelf.
      Zij denken dat zij niet geliefd zijn, niet geaccepteerd worden in de klas of dat zij lelijk en dom zijn.
      Ze worden beheerst door faalangst.
      Er zijn ook dingen waar kinderen niet over willen praten omdat ze te pijnlijk zijn, zoals gepest worden op school.
      Ouders en leraren willen graag helpen, maar weten soms niet hoe deze kinderen te bereiken.
      Praten helpt niet of niet altijd omdat kinderen, zeker de jongere, niet in begrippen maar in beelden denken.
      Al deze gebeurtenissen worden wel bespreekbaar gemaakt in de beeldtaal van verhalen en sprookjes.
      Met de verhalen uit "Verbeeldingskracht als heelmeester" geeft de schrijfster de kinderen die zij in therapie heeft een ander, fantasievoller en hanteerbaarder beeld over hun functioneren in gezin en klas.
      Nieuwe mogelijkheden ontvouwen zich voor hen.
      Hoe verschillend ook, de verhalen zijn volgens een strikte methode opgezet.
      Zo laten zij zien hoe ouders, leraren en therapeuten hun eigen beeldend vermogen kunnen aanspreken om zelf aan de slag te gaan.
      Hoe deze verhalen kunnen werken, lijkt mysterieus.
      Benadrukt wordt echter dat kinderen de beslissende stem houden en zo zelf de auteur zijn van hun verhaal.
      En dat is een gezond therapeutisch principe.
      Omdat de behandelde problematiek in bijna ieder kinderleven voorkomt, kunnen deze verhalen behalve dat zij dienen ter inspiratie om ze zelf te maken, ook voorgelezen worden.
      De illustraties -voor het grootste deel van de hand van de schrijfster zelf- geven hierbij extra houvast.
      Cfr. :
      http://www.synthese.ws/index.php?p=boek&n=278

    30. Vlaamse Wetenschappelijke Hypnose Vereniging (VHYP)
      Cfr. :
      http://www.vhyp.be/

    16-12-2006 om 00:25 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (2)
    10-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.PatiŽnten beoordelen zorg - Deel I
    Klik op de afbeelding om de link te volgen








    PatiŽnten beoordelen zorg

    Deel I


    PatiŽnten gaan vanaf 2007 alle zorginstellingen in Nederland beoordelen met een cijfer.
    Iedereen kan dan op een speciale website zien hoe de zorg in bijvoorbeeld een ziekenhuis ervoor staat.
    Het beoordelingssysteem is een initiatief van patiŽntenorganisaties en verzekeraars.
    Door het nieuwe zorgstelsel hebben de patiŽnten meer keuzevrijheid.
    De nieuwe beoordeling kan daarbij helpen.
    Er is een cijfersysteem, maar dat is niet goed vergelijkbaar, zeggen de verzekeraars.
    PatiŽnten beoordelen de instellingen op bijvoorbeeld wachttijden en de manier waarop ze medisch zijn behandeld.


    Inhoud :

    1. De ontwikkeling van de CAHPSQ, de opvolger van de Thermometer(s) ?

    2. PatiŽnten gaan zorg beoordelen

    3. Ross stelt 'Taskforce Zorg voor Beter' aan

    4. Interview met Ferdinand Clevers over nieuwe aanpak klant-ervaringsonderzoek

    5. Nieuwe `Thermometers' voor cliŽntwaardering GGZ

    6. CliŽntwaardering in de GGZ - Handleiding bij de diverse Thermometers (versie 2005)





    1. - PatiŽnten gaan zorg beoordelen

    Margreet Vermeulen
    De Volkskrant, 08-12-06


    Amsterdam - Alle zorginstellingen krijgen in de nabije toekomst een rapportcijfer, gebaseerd op de ervaringen van patiŽnten.
    Dat hebben de zorgverzekeraars, patiŽnten- en consumentenorganisaties en zorgaanbieders deze week in principe besloten.
    De beoordelingen worden openbaargemaakt.
    Naar verwachting doet iedereen mee : ziekenhuizen, huisartsen, verpleeghuizen, instellingen voor gehandicapten en fysiotherapeuten.

    Drijvende kracht achter de rapportcijfers zijn patiŽntenorganisaties ťn zorgverzekeraars.
    De verzekeraars hebben niet genoeg houvast aan de prestatie-indicatoren van de Inspectie Volksgezondheid, omdat daarmee (nog) geen eerlijke vergelijking tussen ziekenhuizen mogelijk is.
    ďHet nieuwe systeem wordt geen vrijblijvend keurmerkjeĒ, benadrukt Mike Leers, bestuursvoorzitter van zorgverzekeraar CZ Ė cfr. :
    http://www.cz.nl/ - : ďZorginstellingen die het volgens patiŽnten langdurig niet goed doen, krijgen een probleem. Daar kopen wij niet meer in

    De Consumentenbond Ė cfr. : http://www.consumentenbond.nl/?ticket=nietlid - is enthousiast : ďDit is het eerste concrete handvat om de kwaliteit van de zorg te verhogenď, aldus woordvoerder Marcel van Beusekom.
    Alle partijen juichen toe dat er een eind komt aan de Ďoliebollenlijstjesí waarin ziekenhuizen op ondeugdelijke wijze met elkaar worden vergeleken.

    De Nederlandse PatiŽnten- en Consumenten Federatie, NPCF Ė cfr. : http://www.npcf.nl/?id=131 -, spreekt van een sprong voorwaarts : ďTot nu toe hebben ziekenhuizen elk hun eigen manier om de tevredenheid van patiŽnten te metenĒ, zegt adjunct-directeur Atie Schipaanboord : ďZoín tevredenheidstest zegt niets : er komt altijd een 7- of een 7+ uit. Dit meet concrete ervaringen van patiŽnten. Hoe lang was de wachttijd ? Waren er complicaties ? Kon mevrouw na de knieoperatie weer lopen en fietsen ? Harde feiten dus

    Verscheidene verzekeraars en zorgaanbieders experimenteren al met een Amerikaans meetsysteem, de Consumer Quality-index (CQ-index).
    Het is de bedoeling dat dit de standaardmeetmethode wordt : ďHet is een wetenschappelijk verantwoorde methodeď, aldus de NPCF.

    Het patiŽntenkeurmerk is een uitvloeisel van het nieuwe zorgstelsel.
    ďUitgangspunt is dat de patiŽnt meer keuzevrijheid moet krijgen. Om een goede keuze te maken, heeft de patiŽnt meer informatie nodig dan nu beschikbaar isď, aldus Mike Leers van CZ.

    De Consumentenbond verwacht dat de eerste rapportcijfers voor pakweg 30 verrichtingen in ziekenhuizen in 2007 op de site zullen staan.
    Voor de uitvoering is het Centrum Klantervaring Zorg in oprichting.

    Nieuw - Instituut voor klantervaringsonderzoek
    MedicijnBeleid, 07-11-06
    Ervaringen van patiŽnten zijn een belangrijk middel om de zorgverlening te verbeteren.
    Maar hoe meet je ervaringen volgens een vaste methode en betrouwbare manier ?
    Het Instituut voor Klantervaringsonderzoek in de Zorg (IKZ) gaat vanaf 2007 hiervoor zorgen.
    Veel zorginstellingen meten al op de een of andere manier de ervaring van hun patiŽnten.
    Een veel gebruikte vragenlijst is het Amerikaanse CAHPS ('Consumer Assessment of Healthcare Providers and Systems') Ė cfr. :
    https://www.cahps.ahrq.gov/default.asp -.
    Het Nederlandse Onderzoeksinstituut voor de Gezondheidszorg (NIVEL) heeft op basis hiervan zijn eigen QUOTE-vragenlijsten Ė cfr. :
    http://www.nivel.nl/quote/ - ontwikkeld.
    Het nieuwe instituut komt met een nieuwe methode : de Consumer Quality Index.
    Deze CQ-index is een combinatie van de CAPHS- en QUOTE vragenlijsten.
    De CQ-index moet de nieuwe standaard worden voor het meten van patiŽntenervaringen. Essentieel is dat aan patiŽnten niet alleen gevraagd wordt wat hun ervaringen zijn met de zorg, maar ook wat patiŽnten belangrijk vinden.
    Cfr. :
    http://www.meldpuntmedicijnen.nl/mm/mm/pages/frontnewspageread/gdjaedfcdib

    De zorginstellingen willen nog geen commentaar leveren zolang de zaak nog in de bestuurlijke pijplijn zit.


    Cfr. :
    http://www.volkskrant.nl/binnenland/article376996.ece/Patienten_gaan_zorg_beoordelen?source=rss




    2. - De ontwikkeling van de CAHPSQ.
    De opvolger van de Thermometer(s) ?

    GGZ-Kennisnet


    I
    ngegeven door de wijzigingen in het zorgstelsel en de gewenste versterkte positie van de cliŽnt verplaatst de aandacht van cliŽntwaardering zich naar cliŽntervaringen.
    Vanuit de VS is instrumentarium om de ervaringen van cliŽnten in beeld te brengen overgewaaid.
    CAHPS staat voor 'Consumer Assessment of Health Plan Survey'.
    In Nederland wordt deze methodiek gekoppeld aan de QUOTE systematiek ('QUality Of care Through the patiŽntís Eye') die het NIVEL (Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg) heeft ontwikkeld.
    De beide afkortingen zijn samengevoegd tot CAHPSQ.

    Deze CAHPS-systematiek is los van elkaar omarmd door zorgverzekeraars, de cliŽntenbeweging en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) (o.a. het Fonds voor PatiŽnten-, Gehandicaptenorganisaties en Ouderenbonden (Fonds PGO)).
    De zorgverzekeraars zijn het meest ver in de ontwikkeling Ė cfr. 'Prestatie-indicatoren vanuit het perspectief van de Zorgverzekeraar' :
    http://www.hansmakinstituut.nl/BGeerdes.pdf -.
    Vier verzekeraars (AGIS, Delta Loyd, VGZ en Menzis) hebben zich verenigd in de Stichting Miletus en hebben reeds CAHPSQ-vragenlijsten ontwikkeld voor een aantal ziektebeelden in de somatische zorg (diabetes, cataract, heup/knie).

    Toen bleek dat de plannen voor het ontwikkelen van de CAHPSQ- vragenlijsten van verschillende kanten kwamen, is het initiatief genomen tot de oprichting van een Landelijk Instituut voor Klantervaringsonderzoek in de Zorg.
    In dit instituut worden de reeds geÔnstitutionaliseerde vormen voor CAHPSQ ontwikkeling samengebracht.
    De doelstelling van het instituut is :

    • opstellen van keuze-ondersteunende informatie voor consumenten

    • ondersteunen van zorginkoop voor verzekeraars

    • inzetten van verbetertrajecten binnen instellingen / sectoren

    • leveren van beleidsinformatie aan cliŽntenorganisaties en overheid.

    Het werken met de CAHPSQ systematiek is geheel geprotocolleerd en de metingen kunnen alleen verricht worden door daartoe gecertificeerde onderzoeksinstituten.

    Het is de bedoeling dat er zowel landelijke metingen in opdracht van bv de overheid uitgevoerd worden, als (voldoende representatieve) metingen in opdracht van bv. aanbieders, verzekeraars of cliŽntenorganisaties.
    De resultaten van alle metingen moeten verplicht in een landelijke database worden opgenomen.
    Resultaten met een landelijke dekking zijn automatisch openbaar.
    Alle zorgsectoren worden in de toekomst verplicht om met de CAHPSQ systematiek te werken.


    CAHPSQ in de ggz

    Miletus heeft GGZ Nederland in het najaar van 2005 benaderd met het verzoek om mee te werken aan een CAHPSQ voor depressie.
    In overleg met hen is afgesproken dat er primair gewerkt wordt aan een algemene CAHPSQ vragenlijst voor de ggz en dat er daarna, indien relevant, diagnose- of zorgsoortspecifieke modules worden toegevoegd.
    Naast de reeds in de VS ontwikkelde CAHPS-vragenlijsten voor de ggz zal de Thermometer CliŽntwaardering van GGZ Nederland Ė cfr. :
    http://www.nieuwsbank.nl/inp/2003/04/10/R217.htm - de basis vormen van deze CAHPSQ-ggz.

    Door de politieke ontwikkelingen rondom het Landelijke Instituut is de opdrachtrol overgegaan van Miletus naar ZonMw.
    De door Miletus in gang gezette ontwikkeling gaat door.
    Het NIVEL stelt een concept CAHPSQ voor de ggz samen, in samenwerking met het Trimbos-instituut Ė cfr. :
    http://www.trimbos.nl/default2.html -, Kwadraat Ė cfr. : http://www.kwadraad.info/ - en het Landelijke Platform ggz. - cfr. : www.nphf.nl/documents/nationaalplatform.doc -.

    Dit concept zal worden voorgelegd aan de Vereniging Geestelijke Gezondheidszorg Nederland (GGZ Nederland) Ė cfr. : http://www.ggznederland.nl/ -, Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) Ė cfr. : http://www.igz.nl/ -, Zorgverzekeraars en beroepsverenigingen.
    Op deze wijze wordt maximale afstemming tussen de prestatie-indicatoren voor keuze- en verantwoordingsinformatie en de vragen in de CAHPSQ gerealiseerd.
    Antwoorden van de CAHPSQ kunnen in de toekomst dienen als vulling van enkele prestatie-indicatoren en bij de ontwikkeling van de CAHPSQ kan rekening gehouden worden met de noodzakelijk geachte prestatie-indicatoren.

    GGZ Nederland is tot nu toe kritisch geweest over de ontwikkeling van de CAHPSQ.
    Met de Thermometers cliŽntwaardering beschikt de ggz als enige sector in de gezondheidszorg over een valide standaardinstrument en er is niet direct behoefte om dit te wijzigen.
    De verschuiving van de focus van cliŽntwaardering naar cliŽntervaringen is echter niet te negeren en een landelijk basaal gelijk instrument dat vergelijkbare data oplevert al helemaal niet.

    Belangrijk punt van kritiek op de vragenlijsten is dat de CAHPSQ-lijsten die nu gebruikt worden erg veel vragen bevatten (Ī 80).
    We verwachten dat dit voor de ggz-cliŽnten vaak een probleem zal vormen.

    De nieuwe vragenlijsten bieden de kans om enkele nog niet in te vullen prestatie-indicatoren uit onze basisset te vullen.
    Het instrument wordt in de basisset bijvoorbeeld genoemd bij de indicator Ďkeuzevrijheidí.

    De strak geprotocolleerde werkwijze met de CAHPSQ vragenlijsten is methodologisch een kans, maar vormt mogelijk een bedreiging voor de ggz instellingen die intern een meetstructuur rondom de Thermometers hebben opgezet.

    Daarnaast hechten we er aan dat er een zo beperkt mogelijk aantal vragenlijsten voor de ggz ontwikkeld wordt.
    Gezien de co-morbiditeit waar veel cliŽnten mee te maken hebben achten we het niet wenselijk dat er zeer ziektebeeldspecifieke lijsten komen.
    De eerste stap om een algemene ggz lijst te ontwikkelen vinden we dan ook positief.

    Voordat we echter zullen stellen dat de nieuwe vragenlijst een goede opvolger van de huidige Thermometersystematiek is, zal moeten blijken dat de vragenlijsten ook voor aanbieders en hulpverleners zinvolle informatie genereert en dat de systematiek zoals deze nu voorgesteld wordt implementeerbaar is in de ggz.
    Naar verwachting gaat hier enige tijd (1 Ė 2 jaren) overheen.
    Tot dat gebleken is blijft de Thermometer het voorkeursinstrument voor het in kaart brengen van cliŽntwaardering.

    Ten aanzien van het op te richten Landelijk Instituut zijn er nog teveel zaken onduidelijk om een standpunt in te nemen.
    In de gesprekken die er tot nu toe over gevoerd zijn, zijn deze nog niet opgelost.
    Zo is het bijvoorbeeld nog onduidelijk welke positie de metingen zullen innemen met betrekking tot certificatie (cliŽntwaardering vanuit het cliŽntperspectief) en de kwaliteitswet (aanbieders verplicht om de waardering van haar cliŽnten te meten).

    Daarnaast achten wij het van groot belang dat u als zorgaanbieder na een meting kunt beschikken over ruwe data om deze in uw eigen managementinformatie te kunnen relateren aan uw overige resultaten.
    Vooralsnog wordt er met betrekking tot de CAHPSQ alleen nog gesproken over informatieproducten voor alle betrokken partijen.

    Ten derde is de financiŽle structuur van het instituut nog niet uitgekristalliseerd en is nog onduidelijk in welke mate de kosten ten laste worden gelegd van het budget voor de zorg en instellingen vervolgens zullen moeten betalen voor de specifieke activiteiten van het instituut.

    GGZ Nederland onderhoudt over de CAHPSQ ontwikkeling en met name over het landelijk instituut nauwe contacten met de overige brancheorganisaties.
    Als er meer bekend is zullen we zo nodig met een gezamenlijk standpunt komen.


    Cfr. :
    www.ggzkennisnet.nl/ggz/uploaddb/downl_object.asp?atoom=19698&VolgNr=26




    3. - Ross stelt Taskforce Zorg voor Beter aan

    Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), 25 oktober 2005


    Staatssecretaris Ross-Van Dorp van Volksgezondheid, Welzijn en Sport stelt vandaag de Taskforce Zorg voor Beter aan, waarin het ministerie van VWS, branche-, beroeps- en cliŽntenorganisaties vertegenwoordigd zijn.
    De werkgroep, die wordt aangesteld voor een periode van twee jaar, krijgt tot taak een verbeterslag in de langdurige zorg te bewerkstelligen.

    Ross wijst erop dat er al diverse activiteiten in gezamenlijkheid zijn opgestart, zoals de verbetertrajecten om decubitus en ondervoeding te voorkomen.
    Maar zij acht het van groot belang dat deze activiteiten voortvarend worden aangepakt.
    Daarbij moet ook de samenhang tussen de diverse activiteiten worden bewaakt en moet worden bereikt dat zoveel mogelijk aanbieders deelnemen aan de verbetertrajecten.

    De Taskforce krijgt dan ook de opdracht de samenhang van het beleid op hoofdlijnen te bewaken, verbanden te leggen tussen de activiteiten van de verschillende activiteiten van de stuurgroepen en het stimuleren van activiteiten die bijdragen aan verbetering van de kwaliteit van de langdurige zorg.
    Ook vraagt Ross hen nieuwe ontwikkelingen in de langdurige zorg te signaleren en de agenderen.

    De heer Werner, die namens de Stuurgroep Verbetertrajecten van ZonMw in de taskforce plaats neemt, acht het van groot belang dat er samenhang tussen de projecten bestaat en samen met het veld aan verbeteringen wordt gewerkt.
    "
    Het vertrouwen moet groeien dat het fijn is om samen aan kwaliteit in de zorg te werken, zodat het imago van de sector verbeterd. Dat is in ieders belang", aldus Werner.

    De Taskforce zal drie keer per jaar rapporteren en vůůr 1 september 2007 een eindrapportage afleveren.
    Zij wordt geleid door directeur-generaal M.P. van Gastel van het ministerie van VWS. Enkele andere leden zijn de heer F.J.M. Werner, namens de Stuurgroep Verbetertrajecten van ZonMw, mevrouw J.A.H. van Veen, namens de Inspectie voor de Gezondheidszorg en mevrouw I. van Bennekom namens de Nederlandse PatiŽnten Consumenten Federatie.


    Cfr. :
    http://www.minvws.nl/persberichten/zzoude_directies/dvvo/2005/ross-stelt-taskforce.asp




    4. - Interview met Ferdinand Clevers
    over nieuwe aanpak klant-ervaringsonderzoek

    ZorgVoorBeter


    Hoe is het meten van klantgerichtheid van de zorg op dit moment georganiseerd ?

    Zorgaanbieders en verzekeraars geven steeds meer openheid van zaken over hun prestaties, met name over hun klantgerichtheid.
    Iedereen in de zorg dient maatschappelijke verantwoording af te leggen over zijn prestaties.
    Maar zoals het op dit moment gaat heeft de consument daar nog weinig aan.
    Iedereen doet dit namelijk op zijn eigen manier - soms zelfs zonder enige vorm van openbaarmaking - en met uiteenlopende instrumenten.
    Daardoor zijn de resultaten niet vergelijkbaar en ontstaat vaak discussie over de juistheid van de meetresultaten.
    Veel van deze instrumenten meten bovendien tevredenheid terwijl het daar niet om gaat.
    Het gaat om concrete, meetbare ervaringen van zorggebruikers.
    Om de bestaande mancoís op te heffen is een wetenschappelijk geborgde en gestandaardiseerde wijze van meten nodig.
    Met voor elke te onderzoeken sector of aandoening een specifieke vragenlijst met bijbehorende protocollen over de toepassing van het instrument en de wijze van openbaarmaking van de resultaten.
    Die standaard is thans beschikbaar gekomen en behelst een deels uit Amerika afkomstige methode (CAHPS genaamd) die aan de Nederlandse situatie is aangepast met gebruikmaking van de door Nivel ontwikkelde QUOTE-methodiek.


    Er komt een nieuw instituut voor klantervaringsonderzoek. Wat is daarbij uw rol ?

    Ik ben ingeschakeld door het Fonds PGO om in samenwerking met VWS een instituut voor te bereiden, het 'Instituut voor Klant-ervaringsonderzoek in de Zorg' (IKZ).
    Die organisatie heeft tot taak om de nieuwe standaard algemeen ingang te doen vinden, verder te ontwikkelen en wetenschappelijk te borgen.
    Bij dat ontwikkelen behoort de totstandkoming van een hele familie vragenlijsten, elk toegespitst op een sector of de behandeling van een specifieke aandoening.
    Het streven is dat medio dit jaar het instituut zal worden opgestart.
    In het instituut zijn de drie belangrijkste veldpartijen vertegenwoordigd : de consumenten/patiŽnten, de zorgaanbieders en de zorgverzekeraars.


    Hoe gaat het nieuwe instituut te werk ?

    Het gaat erom, dat de kwaliteit van zorg vanuit de optiek van de klant periodiek volgens de nieuwe standaard wordt gemeten en openbaar gemaakt.
    Idem dito voor de ervaringen van klanten met de dienstverlening van hun zorgverzekeraar.
    De daarvoor te hanteren vragenlijsten omvatten al die aspecten van de zorg en dienstverlening die bij elkaar een goed beeld geven van de klantgerichtheid van de zorgaanbieder of de zorgverzekeraar.
    Het nieuwe instituut bouwt voort op een initiatief van vier zorgverzekeraars die de CAHPS-methodiek naar Nederland hebben gehaald en welk initiatief nu door het IKZ wordt overgenomen en verder uitgebouwd voor algemene toepassing binnen de zorg.
    CAHPS staat voor 'Consumer Assessment of Health Plan Survey'.

    Per branche en per aandoening wordt dus een aparte vragenlijst ontwikkeld.
    Verschillende CAHPSQ-lijsten zijn al gereed of in een (vergevorderd) stadium van ontwikkeling zoals bijvoorbeeld voor zorgverzekeraars, ziekenhuizen, de sector verpleging en verzorging incl. thuiszorg, de gehandicaptensector, plus aandoeningsgerichte lijsten voor bijvoorbeeld diabetes, maagmiddelen, staar-operaties, heup-knieoperaties etcetera.
    Met bepaalde lijsten zijn al metingen uitgevoerd.
    Metingen met nieuwe lijsten zijn in voorbereiding.
    Overigens is dit nog maar een begin van de ontwikkeling, want als je weet hoe een ziekenhuis in het algemeen presteert dan weet je natuurlijk nog niet hoe de verschillende afdelingen functioneren.
    Je krijgt dus gaandeweg behoefte om bij metingen ook die onderliggend informatie naar boven te krijgen.
    De nieuwe standaard voorziet daar ook in.
    De resultaten van metingen leveren niet alleen vergelijkende informatie op die verschillen tussen instellingen zichtbaar maakt.
    Ook in de tijd gezien, komt vergelijkende informatie beschikbaar.
    Immers, omdat de metingen periodiek plaats vinden, kan worden gezien of instellingen bepaalde tekortkomingen die uit een eerdere meting bleken, hebben weggewerkt.
    ZonMw (de Nederlandse Organisatie voor Gezondheidsonderzoek en Zorginnovatie - cfr. :
    http://www.zonmw.nl/nl/home.html -) heeft een meerjarig programma opgezet, om de opbouwfase van het nieuwe instituut te ondersteunen, onder meer door middel van de bekostiging van het ontwikkelen van nieuwe lijsten.

    Op 7 juni vindt onder auspiciŽn van VWS, het Fonds PGO en ZonMw een symposium plaats, waar uitgebreid zal worden stil gestaan bij de nieuwe systematiek.
    Dan zal ook de uitslag bekend worden gemaakt van de prijsvraag voor een definitieve naam van de standaard die nu CAHPSQ als voorlopige titel draagt.


    Wie gaat de cliententoetsing uitvoeren ?

    Het idee was aanvankelijk dat het nieuwe instituut zelf zorg zou dragen voor alle opdrachten om de metingen in de verschillende sectoren en voor de verschillende aandoeningen uit te voeren.
    Dat heet de 'centrale variant'.
    Na gesprekken met de brancheorganisaties is echter besloten om als regel te werken met de 'decentrale variant'.
    Daarbij geven de betrokken instellingen zelf opdracht aan - vooraf door het IKZ geaccrediteerde - meet-organisaties.
    Het IKZ ziet dan toe op een juiste toepassing van de standaard en er zijn vooraf afspraken gemaakt met de betrokken branche over tijdstip en wijze waarop de meetresultaten verwerkt tot consumenteninformatie openbaar worden gemaakt.

    Wat wordt vervolgens gedaan met de resultaten van de vragenlijsten?
    Elk jaar zal een jaardocument verschijnen van het IKZ waarin een analyse wordt gegeven van alle metingen. Hoe langer het instituut zal blijven bestaan hoe meer vergelijkingen er kunnen worden gemaakt. In een apart informatiestatuut wordt vastgelegd op welke wijze met welk doel gebruik wordt gemaakt van de meetresultaten, zodat alle partijen op voorhand daarover volstrekte duidelijkheid krijgen.

    Wat schieten we met deze nieuwe eenduidige cliŽntentoetsing op?
    Stel we weten dit allemaal, de zorgaanbieders en verzekeraars zijn met elkaar vergeleken. Dan kunnen mensen nagaan wat de goede en slechte kenmerken zijn van verschillende zorgaanbieders en verzekeraars en die kan men onderling vergelijken. Bij de aanschaf van een duur consumptiemiddel zoals een auto is het normaal, dat iemand eerst de in ruime mate beschikbare informatie raadpleegt over de goede en minder goede eigenschappen van het desbetreffende product. Vergelijkenderwijs komt de aspirant-koper aldus tot een weloverwogen keus. Het is vreemd, dat het aanbod op de zorgmarkt voor de klant grotendeels een black box is, temeer daar hier sprake is van Ďproductení waarvan de kwaliteit voor de klant van bijzonder grote betekenis is. Het nieuwe zorgstelsel veronderstelt, dat de consument/patiŽnt als aansturende marktpartij gaat optreden. Welnu, daarvoor is de beschikbaarheid van openbare, betrouwbare en vergelijkende informatie een randvoorwaarde.

    Het IKZ wil de stuwende kracht zijn om de beoogde transparantie van de zorgmarkt met betrekking tot de klantgerichtheid van de zorg zo snel mogelijk te realiseren.
    Daarbij is het wel van belang om op te merken, dat de mate van klantgerichtheid van een zorgaanbieder veel zegt over de kwaliteit van de zorg, maar niet alles.
    Twee andere aspecten zijn daarvoor ook van belang, te weten de veiligheid en de effectiviteit van de zorgverlening.
    Binnen verschillende branches worden initiatieven genomen om ook ten aanzien van die twee aspecten te komen tot meer transparantie.
    Het spreekt voor zich, dat het IKZ zijn activiteiten zo goed mogelijk op die laatste ontwikkelingen zal afstemmen.

    Overigens zijn de resultaten van CAHPSQ-metingen niet alleen bedoeld om de consument vergelijkende informatie te verschaffen.
    In feite hebben die resultaten vier verschillende functies, te weten :

    • Keuzeinformatie voor de consument
      De patiŽnt kan hierdoor zelf kiezen door welke zorgaanbieder hij geholpen wil worden nu hij de sterke en zwakke kanten van de verschillende aanbieders kent.

    • Handvatten voor verbetertrajecten
      De resultaten van CAHPSQ-metingen geven belangrijke aanwijzingen voor instellingen ten aanzien van welke aspecten de zorg- en dienstverlening verbetering behoeven.
      CliŽntenraden en patiŽntenorganisaties zullen ongetwijfeld een belangrijke stimulerende rol gaan spelen voor het metterdaad doorvoeren van verbetertrajecten, vooral in de sector van de langdurige zorg.

    • Beleidsinformatie voor de overheid en toezichthouders
      Overheid en toezichthouders kunnen hun taken beter vervullen wanneer zij beschikken over valide en vergelijkend informatie over de prestaties van zorgaanbieders en zorgverzekeraars.

    • Inkoopbeleid van zorgverzekeraars
      Zorgverzekeraars worden geacht namens hun verzekerden goede zorg in te kopen.
      Met een goede prijs/kwaliteitsverhouding.
      Als de zorgverzekeraars weten hoe de prestaties zijn van de verschillende zorgaanbieders, zullen zij dat meenemen in de contractonderhandelingen met zorgaanbieders en afspraken maken voor de verbetering van gebleken tekorten.

    Met de aanpak zoals door het IKZ beoogd, heeft Nederland een unieke voorziening in Europa.
    De 'Taskforce Zorg voor Beter' houdt zich bezig met de kwaliteit in de care-sector en is daarom buitengewoon geÔnteresseerd in de verdere gang van zaken.

    Taskforce Zorg voor Beter
    Staatssecretaris Ross-Van Dorp van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft de 'Taskforce Zorg voor Beter' aangesteld, waarin het ministerie van VWS, branche-, beroeps- en cliŽntenorganisaties vertegenwoordigd zijn.
    De werkgroep, die is aangesteld voor een periode van twee jaar, krijgt tot taak een verbeterslag in de langdurige zorg te bewerkstelligen.
    Cfr. :
    http://www.minvws.nl/persberichten/zzoude_directies/dvvo/2005/ross-stelt-taskforce.asp


    Cfr. :
    http://www.zorgvoorbeter.nl/interviews/interview-met-ferdinand-clevers-over-nieuwe-aanpak-klant-ervaringsonderzoek/




    5. - Nieuwe `Thermometers' voor cliŽntwaardering GGZ

    Ineke Kok ikok@trimbos.nl
    Bob van Wijngaarden :
    bwijngaarden@trimbos.nl
    Trimbos Instituut, 10-04-2003
    Bron : Razende Robot Reporter


    Op 21 maart presenteerde het Trimbos-instituut de nieuwe versie van de Thermometer CliŽntwaardering in de Volwassenenzorg (2003) Ė cfr. :
    http://www.nieuwsbank.nl/inp/2002/05/03/K134.htm - en de eerste versie van de GGZ Jeugdthermometer (versie 2003) Ė cfr. : http://www.nieuwsbank.nl/inp/2003/04/10/R218.htm -.
    Dat gebeurde op een door GGZ Nederland georganiseerde werkconferentie `CliŽntwaardering', voor een kleine honderd kwaliteitsfunctionarissen, beleids- en stafmedewerkers in de GGZ en verslavingszorg.
    De `GGZ Thermometer' is een beknopt instrument waarmee instellingen op gezette tijden kunnen onderzoeken hoe cliŽnten de geboden zorg waarderen.
    De eerste versie uit 2001 was alleen geschikt voor toepassing in de volwassenenzorg en kwam tot stand op basis van een pilotstudie in vijf GGZ-instellingen.
    Van dit onderzoek is eerder verslag gedaan in het rapport CliŽntwaardering in de GGZ (Verslag van een pilot - Trimbos-instituut, 2001).
    Op grond van de resultaten van deze studie besloot GGZ-Nederland de Thermometer voor de volwassenenzorg landelijk in te voeren.
    Bovendien werd het instrument geschikt verklaard voor landelijke toepassing in een experimenteel benchmark-traject, om de afzonderlijke resultaten van instellingen met elkaar te kunnen vergelijken.

    Om het gebruik en de geschiktheid van het instrument nader te toetsen, gaf GGZ Nederland het Trimbos-instituut eind 2001 de opdracht een evaluatie uit te voeren en daarnaast de opdracht om een vergelijkbaar instrument voor de jeugd GGZ te ontwikkelen.
    De evaluatie van de versie 2001 is uitgevoerd in tien instellingen in de GGZ en de verslavingszorg die het instrument in 2001 of 2002 gebruikten.
    De bevindingen uit deze evaluatie bevestigden de positieve resultaten uit het eerdere pilotonderzoek.
    Dat betekent dat de Thermometer, zoals die in 2001 in gebruik werd genomen, voldoet aan het doel waarvoor deze ontwikkeld is, namelijk het uniform en gestandaardiseerd meten van cliŽntwaardering.
    Een peiling in augustus 2002 gaf aan dat al vijftig instellingen het instrument gebruikten.
    De aanpassingen in de versie 2003 zijn beperkt in aard en omvang.
    De grootste verandering betreft een aanpassing in de antwoordcategorieŽn.
    In de nieuwe versie van de Thermometer kunnen cliŽnten alleen nog maar antwoorden met ja of nee.

    De GGZ Thermometer nader onderzocht.
    De evaluatie van een vragenlijst voor cliŽntwaardering in de volwassenenzorg (T.Kertzman, I. Kok, B. van Wijngaarden. Uitgave Trimbos-instituut, Utrecht 2003).
    Bestellen via
    bestel@trimbos.nl - of tel. : 030 297 11 80 (bestelnr. AU0231, prijs EUR 10,-).

    Het Trimbos-instituut
    Het Trimbos-instituut is een onafhankelijk landelijk kennisinstituut voor de GGZ en verslavingszorg met als doel de geestelijke gezondheid van mensen te bevorderen.
    Nieuwsflitsen voorziet mensen die betrokken zijn bij de GGZ en verslavingszorg kort en bondig van informatie over activiteiten, diensten, producten en resultaten van het Trimbos-instituut.
    Nieuwsflitsen mag vrijelijk worden gekopieerd en verspreid.
    Redactie :
    - Henk Maurits (030) 297 11 38 -
    hmaurits@trimbos.nl
    - Henk Verburg (030) 297 11 00 -
    hverburg@trimbos.nl
    Belangrijke telefoonnummers :
    - Bestellingen : 030 297 11 80 -
    bestel@trimbos.nl
    - Helpdesk Preventie (LSP/LOP) 030 297 11 51 -
    www.lsp-preventie.nl
    - Drugs Infolijn 0900-1995 -
    www.drugsinfo.nl
    Trimbos-instituut, Netherlands Institute of Mental Health and Addiction Da Costakade 45, Postbus 725 3500 AS Utrecht - Telefoon (030) 297 11 00 - Fax (030) 297 11 11


    Cfr. :
    http://www.nieuwsbank.nl/inp/2003/04/10/R217.htm



    6. - CliŽntwaardering in de GGZ - Handleiding bij de diverse Thermometers (versie 2005)

    Drs. Ineke Kok Drs. Eta Mulder


    Inhoud

    Vooraf

    Deel I. - Richtlijnen voor het gebruik van de Thermometers

    1.1 - Het gebruik van de Thermometers

    1.1.1 - Voorbereiding van het meten van cliŽntwaardering in de instelling
    1.1.2 - CliŽnten informeren
    1.1.3 - Hulpverleners informeren
    1.1.4 Ė Privacy

    1.2 - Richtlijnen voor afname

    1.2.1 - Direct bij afsluiting persoonlijk overhandigen
    1.2.2 - Digitale Thermometer
    1.2.3 - Direct na afsluiting vragenlijst toesturen
    1.2.4 - Afname bij langdurig zorgafhankelijken
    1.2.5 - Uitbesteden van het onderzoek versus zelf doen
    1.2.6 - Dataverwerking: aanleggen databestand

    1.3 - Resultaten: wat kun je ermee ?

    1.3.1 - Uitkomsten terugkoppelen
    1.3.2 - Nader onderzoek


    Deel II. - De instrumenten

    2.1 - De GGZ Thermometer cliŽntwaardering voor de volwassenenzorg (2003)

    2.1.1 - De evaluatie van de Thermometer versie 2001
    2.1.2 - Aangepaste scoringsmethode
    2.1.3 - Het Ďachterbladí
    2.1.4 - Consequenties van het gebruik van ja en nee
    2.1.5 - Voordelen van het gebruik van ja en nee

    2.2 - De aanpassing van de GGZ Jeugdthermometer versie 2003 tot de GGZ

    2.2.1 - Jeugdthermometer 2005
    2.2.2 - De versie voor jeugdigen van 12 jaar en ouder (versie 2003)
    2.2.3 - De versie voor ouders van jongeren onder de 12 jaar (versie 2003)

    2.3 - Vervolgonderzoek Jeugdthermometer

    Van versie 2003 tot versie 2005

    2.4 - CliŽntwaardering bij ouderen

    Gebruik Thermometer volwassenenzorg bij ouderen

    2.5 - De GGZ Thermometer waardering betrokkenen (versie 2005)

    2.5.1 - Resultaten pilotonderzoek
    2.5.2 - Gebruik van de GGZ Thermometer voor Waardering van Betrokkenen


    Vooraf

    Deze handleiding heeft betrekking op de volgende Thermometers :

    • De GGZ Thermometer voor de volwassenenzorg (versie 2003)

    • De GGZ Jeugdthermometer versie voor jongeren ouder dan 12 jaar (versie 2003)

    • De GGZ Jeugdthermometer voor ouders: behandeling kind (versie 2005)

    • De GGZ Jeugdthermometer voor ouders: ouderbegeleiding (versie 2005)

    • De GGZ Thermometer Waardering Betrokkenen (versie 2005)

    Deze handleiding vervangt de eerder geschreven handleiding uit 2003 die betrekking had op de Thermometer voor de volwassenenzorg (versie 2003) en op de GGZ Jeugdthermometer (versie 2003).

    Evenals in 2003 bestaat deze handleiding uit twee delen.

    In 'Deel I - Richtlijnen voor het gebruik van de Thermometers' worden aanbevelingen gedaan voor de wijze waarop instellingen de meting van cliŽntwaardering met de Thermometers kunnen opzetten en uitvoeren.
    De aanbevelingen zijn gebaseerd op de bevindingen en resultaten uit diverse pilot- en evaluatiestudies zoals die inmiddels verricht zijn sinds het verschijnen van de eerste versie van de Thermometer voor de volwassenenzorg in 2001.
    Een compleet overzicht van de beschikbare publicaties over de diverse Thermometers is te vinden op de website van GGZ-Kennisnet :
    www.ggzkennisnet.nl -.

    In 'Deel II - De instrumenten' wordt in de eerste plaats nogmaals stil gestaan bij de Volwassenen Thermometer (2003) en bij de GGZ Jeugdthermometer versie voor jongeren van 12 jaar en ouder (2003).

    Beide instrumenten hebben geen wijzigingen ondergaan sinds het verschijnen in 2003.
    Daarnaast wordt de ontwikkeling van de in 2005 beschikbaar gekomen instrumenten beschreven en verantwoord.
    Dit betreft de aanpassingen in de GGZ Jeugdthermometer en de ontwikkeling van de Thermometer waardering betrokkenen.

    Alle instrumenten zijn beschikbaar via www.ggzkennisnet.nl.
    In totaal zijn dat er nu vijf.

    De volwassenenlijst dekt alle zorgvormen in de ggz voor volwassenen en wordt door cliŽnten zelf ingevuld.
    Deze lijst is tevens geschikt voor ouderen die nog goed in staat zijn zelf een vragenlijst in te vullen.
    De GGZ Jeugdthermometer bestaat uit drie afzonderlijke lijsten.
    Twee daarvan worden door ouders (verzorgers) ingevuld en een door jongeren zelf als zij ouder dan 12 jaar zijn.

    De GGZ 'Thermometer Waardering Betrokkenen' is ťťn vragenlijst die uit twee delen (A en B) bestaat.
    Beide delen dienen door een betrokkene (partner/familielid) van een cliŽnt te worden ingevuld.
    Het gaat hierbij om cliŽnten die zelf niet (meer) in staat zijn een vragenlijst in te vullen.
    Het betreft hier vooral de populatie ouderen.

    In onderstaand schema staan de beschikbare vragenlijsten nogmaals samengevat - cfr. kader op : www.ggzkennisnet.nl/ggz/uploaddb/downl_object.asp?atoom=16920&VolgNr=5 -



    Deel I. - Richtlijnen voor het gebruik van de Thermometers

    1.1 - Het gebruik van de Thermometers
    Metingen met de Thermometers geeft instellingen inzicht in de waardering van haar cliŽnten op cruciale onderwerpen.
    De resultaten geven een globaal beeld, ze tonen waar knelpunten liggen.
    Om de precieze oorzaken van de knelpunten te achterhalen is soms vervolgonderzoek nodig.
    Met behulp van de resultaten van de Thermometers kan de instelling de kwaliteit van haar zorg verbeteren en verantwoording afleggen over dit resultaatgebied aan haar externe stakeholders.

    Belangrijk voordeel van een standaardinstrument zoals de Thermometer is dat deze gebruikt kan worden voor het vergelijken van resultaten.
    Dit kan zowel binnen een instelling tussen afdelingen of zorgsoorten als tussen instellingen.
    Hiervoor is het van belang dat zoveel mogelijk cliŽnten hun mening over de zorg kunnen geven.
    Er moet immers voldoende materiaal worden verzameld om de vergelijkingen te kunnen maken.
    Om dit te bereiken is het noodzakelijk dat het meten van cliŽntwaardering zoveel mogelijk een regulier onderdeel vormt van de werkprocessen in de organisatie.
    Het principe luidt eigenlijk : geen cliŽnt de deur uit zonder een oordeel gegeven te hebben over de zorg.

    Hoewel dit per instelling anders georganiseerd kan worden, moet benadrukt worden dat het de voorkeur verdient om de instrumenten op uniforme wijze af te nemen en te kiezen voor een standaard moment van afname, passend bij de beleidscyclus van de instelling of van afdelingen.
    Vooral in verband met landelijke vergelijkingen (benchmark) is het van belang dat de cliŽntwaardering in elke instelling op een uniforme wijze wordt vastgelegd.
    Een valide en betrouwbare vergelijking tussen instellingen is mogelijk als overal dezelfde data worden verzameld.

    Daarom werd in 2003 en ook nu weer benadrukt dat de Thermometers integraal moeten worden toegepast: in de inhoud en structuur mogen geen veranderingen worden aangebracht.
    Het is wel mogelijk dat instellingen zelf aanvullende vragen of vragenlijsten toevoegen.
    Deze mogen echter niet gerelateerd zijn aan de onderwerpen in de standaardvragenlijsten.

    1.1.1 - Voorbereiding van het meten van cliŽntwaardering in de instelling
    Onafhankelijk van de wijze waarop de meting wordt georganiseerd en van het precieze doel van de informatieverzameling (bijvoorbeeld instellingsbreed meten, een bepaalde periode meten in een bepaalde afdeling of circuit) is het voor het draagvlak en met het oog op een goede organisatie belangrijk alle relevante partijen te betrekken en vooraf te informeren.

    Een manier is het instellen van een werkgroep (bijvoorbeeld op instellingsniveau of op afdelings- of circuitniveau).
    Aan een dergelijke werkgroep kunnen deelnemen : stafmedewerkers, de kwaliteitsfunctionaris, afdelingshoofden of circuitmanagers, hulpverleners, cliŽntvertegenwoordigers en het hoofd van of een medewerker van de administratie.
    Het ligt voor de hand dat een ingestelde werkgroep een plan van aanpak opstelt en een implementatiestrategie.
    Een apart onderdeel van het plan van aanpak kan een informatieplan zijn.
    Daarnaast kan het zinvol zijn een eindverantwoordelijke aan te stellen die verantwoordelijk is voor de interne afstemming en de organisatie van de meting (bijvoorbeeld voor het beheer van ingevulde vragenlijsten).

    Het is van belang dat alle betrokkenen niet alleen tijdig maar ook bij herhaling geÔnformeerd worden over de gang van zaken en de start van de meting.

    1.1.2 - CliŽnten informeren
    CliŽnten informeren over de meting is in alle gevallen aan te bevelen.
    Indien het onderzoek bijvoorbeeld wordt uitgevoerd bij klinische populaties (als tussentijdse evaluatie) is het goed mogelijk cliŽnten vooraf te informeren.
    Dit kan in de vorm van een informatie- of introductiebrief waarin doel, gebruik, bescherming en privacy worden toegelicht.
    Dit kan zorgen voor een hogere respons.
    CliŽnten die een ambulante behandeling hebben afgesloten, kunnen een dergelijke informatiebrief tegelijkertijd met de vragenlijst ontvangen.
    Ook is het aan te raden dat vooraf (bijvoorbeeld in de informatiebrief) wordt aangegeven bij wie cliŽnten terechtkunnen in geval zij vragen hebben over de meting of vragen over het invullen van vragenlijsten.
    Vertegenwoordigers van cliŽntenraden kunnen hierbij een rol spelen.

    1.1.3 - Hulpverleners informeren
    Ook hulpverleners moeten vooraf geÔnformeerd worden.
    Dit kan bijvoorbeeld door er aandacht aan te besteden (mondelinge toelichting)in een regulier (team-) overleg.
    Hulpverleners kunnen vervolgens een rol spelen bij het informeren en motiveren van cliŽnten om de vragenlijst in te vullen en kunnen eventueel betrokken worden bij de uitgifte van lijsten.

    1.1.4 Ė Privacy
    Het spreekt voor zich dat de privacy van de cliŽnt altijd moet worden gegarandeerd.
    In de eerste plaats moet benadrukt worden dat deelname vrijwillig is. Aan de cliŽnt moet duidelijk worden gemaakt dat niet deelnemen geen gevolgen heeft voor behandeling noch bejegening.
    Gegarandeerd moet worden dat ingevulde vragenlijsten in een gesloten envelop aan eigen hulpverleners/begeleiders worden overhandigd.
    Directe begeleiders/hulpverleners mogen geen inzage hebben in ingevulde vragenlijsten en ook bij rapportages mag informatie niet herleidbaar zijn tot individuele cliŽnten.


    Lees verder : Deel II

    10-12-2006 om 00:42 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.PatiŽnten beoordelen zorg - Deel II
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  












    PatiŽnten beoordelen zorg

    Deel II


    1.2 - Richtlijnen voor afname

    De diverse Thermometers zijn bedoeld voor cliŽnten die een behandeling hebben afgesloten of voor cliŽnten waarbij sprake is van een belangrijke verandering van of overgang in de zorg -bijvoorbeeld na her-indicatie.
    De Thermometers zijn uitdrukkelijk niet bedoeld voor cliŽnten die alleen een intake, een 'crisiscontact' of enkele gesprekken hebben gehad.
    Uitgangspunt is dat zo veel mogelijk cliŽnten zo spoedig mogelijk na afsluiting of verandering van zorg een Thermometer invullen.
    Dit kan op verschillende manieren worden georganiseerd, waarbij de eerste twee hieronder genoemde opties -direct bij afsluiting persoonlijk overhandigen of zorgen voor een digitale afname de voorkeur verdienen.

    1.2.1 - Direct bij afsluiting persoonlijk overhandigen
    Inmiddels leert de ervaring dat het direct na afsluiting van de behandeling persoonlijk overhandigen/uitdelen van een Thermometer de beste garantie op een hoge respons biedt.
    Dit kan gebeuren door de hulpverlener of een medewerker van de administratie. Hulpverleners of administratieve medewerkers delen de Thermometer (met een antwoordenveloppe) uit na afloop van een exitgesprek of na een zorgplanbespreking.
    De cliŽnt wordt gevraagd direct de lijst in te vullen en wordt daartoe verwezen naar een locatie waar de lijst kan worden ingevuld en weer kan worden ingeleverd (b.v. in een speciale brievenbus).
    Indien direct invullen niet mogelijk is, krijgt de cliŽnt de mogelijkheid de lijst mee naar huis te nemen en terug te sturen in een portvrije enveloppe.
    Het voordeel van het direct invullen is dat er een hoge respons wordt gehaald, bovendien is het goedkoop (geen portokosten).
    Een nadeel kan zijn dat hulpverleners vergeten een vragenlijst te geven.
    Deze methode vereist vooraf een goede organisatie in de instelling.
    Immers vragenlijsten moeten gedistribueerd worden, zodat iedere hulpverlener of de verschillende administraties over vragenlijsten beschikken.

    1.2.2 - Digitale Thermometer
    Inmiddels heeft het Trimbos-instituut de mogelijkheid instellingen te ondersteunen bij het digitaal oftewel online afnemen en verwerken van gegevens van de Thermometer.
    Aan het digitaal verzamelen van data zitten voordelen.
    In de eerste plaats betreft dat logistieke voordelen voor de instellingen, in de tweede plaats gaat het om kwalitatieve voordelen.

    Logistieke voordelen
    Er hoeven geen papieren vragenlijsten meer gereproduceerd te worden, immers verspreiding en verzameling van lijsten is niet meer nodig.
    Het resultaat is dat er kosten bespaard worden.
    In de tweede plaats is er sprake van een hogere snelheid van de respons en zijn er minder stappen nodig voor de verwerking van de data.
    De cliŽnt krijgt namelijk een e-mail met een link naar de vragenlijst, vult deze in, verzendt de lijst en de data komen direct in de database terecht.
    CliŽnten zijn daardoor minder tijd kwijt en de toegang is laagdrempelig.

    Kwalitatieve voordelen
    Bij het online verzamelen van data is er bij invoer direct controle van die invoer mogelijk.
    Er kan automatisch afgesloten worden na een bepaalde datum of een aantal respondenten.
    Het invullen van de vragenlijst kan in principe door de cliŽnt in meerdere ďbezoekenĒ worden gedaan.
    Het kan anoniem en er kan bijvoorbeeld een panelbestand worden gemaakt waarvan de achtergrondvariabelen kunnen worden vastgesteld.
    Ten slotte kunnen er rapportages op maat gemaakt worden.

    Algemene voorwaarde is dat cliŽnten over een computer beschikken c.q. dat de instelling voor het invullen van de vragenlijst een computer beschikbaar stelt.
    In het laatste geval wordt de cliŽnt gevraagd direct de lijst in te vullen en wordt daartoe bijvoorbeeld verwezen naar een locatie waar de lijst digitaal kan worden ingevuld.
    Indien direct invullen niet mogelijk is, krijgt de cliŽnt de mogelijkheid om de vragenlijst thuis in te vullen.
    Het digitaal invullen van vragenlijsten is voor jongeren boven de 12 jaar waarschijnlijk aantrekkelijker dan het invullen van een papieren vragenlijst.

    1.2.3 - Direct na afsluiting vragenlijst toesturen
    Een laatste mogelijkheid is om alle cliŽnten die een behandeling hebben afgesloten te inventariseren en deze vervolgens een vragenlijst toe te sturen.
    Kiest men voor deze methode dan is het belangrijk ervoor te zorgen dat de tijd tussen afsluiting van de behandeling en het invullen van de vragenlijst niet te lang is.
    Hoe langer de tijd tussen 'afsluiten behandeling' en 'invullen vragenlijst' is, hoe lager de respons zal zijn.
    Bovendien kan de waardering van de zorg veranderen als er veel tijd tussen zit.
    Indien men gedurende een langere periode meet wordt aanbevolen iedere twee weken of hooguit eens per maand alle cliŽnten die een behandeling hebben beŽindigd een vragenlijst toe te sturen.
    Ook hier moet worden gezorgd voor een (portvrije) antwoordenveloppe.
    Het voordeel van deze methode is dat deze makkelijker te organiseren is, bijvoorbeeld door een administratieve medewerker.
    Het risico dat hulpverleners vergeten vragenlijsten te overhandigen is kleiner, maar de respons is, zo is inmiddels de ervaring, doorgaans lager dan bij eerste twee mogelijkheden.
    De dataverzameling is daarnaast duurder (portokosten).

    1.2.4 - Afname bij langdurig zorgafhankelijken
    In geval van langdurig zorgafhankelijke cliŽnten wordt geadviseerd hen tweejaarlijks een Thermometer te laten invullen.
    Dit kan op ťťn moment worden georganiseerd.
    Alle cliŽnten kunnen ter plekke een vragenlijst invullen en deze direct weer inleveren (in een antwoordenveloppe).
    Ook hier kan digitaal afnemen een optie zijn.
    Vooral langdurig zorgafhankelijke cliŽnten (maar ook ouderen) kunnen oeite hebben met het zelfstandig invullen van de Thermometer.
    Daarom moet er iemand beschikbaar zijn om vragen over de lijst te beantwoorden en behulpzaam te zijn bij het invullen.
    Deze persoon dient een neutrale positie te hebben -de cliŽnt moet zijn mening onbeinvloed kunnen geven- en goed geÔnstrueerd zijn.
    Te denken valt aan het inschakelen van cliŽntondersteuners of leden van de cliŽntenraad.

    1.2.5 - Uitbesteden van het onderzoek versus zelf doen
    Instellingen die beschikken over eigen onderzoekers i.c. een onderzoeksafdeling zijn, zo wijst de praktijk uit, prima in staat metingen cliŽntwaardering integraal zelf uit te voeren.
    Instellingen die hier niet over beschikken, kunnen het onderzoek in zijn geheel of gedeeltelijk - bijvoorbeeld voor het verwerken van de gegevens en de rapportageuitbesteden aan een onderzoeksinstelling, bijvoorbeeld het Trimbosinstituut, ISEO of een ander bureau.

    1.2.6 - Dataverwerking: aanleggen databestand
    Voor het aanleggen van een databestand is voor de Thermometer volwassenen 2003 en de Jeugdthermometer jongeren boven de 12 jaar op Kennisnet van GGZ Nederland al een codeboek en een SPSS-syntax beschikbaar.
    Daarin wordt aangegeven hoe de schaalwaarden kunnen worden berekend en hoe moet worden omgegaan met missende waarden.
    Omwille van de uniformiteit wordt het gebruikers met klem aangeraden alleen deze syntax te gebruiken.
    Medio 2005 zal er tevens een codeboek en een syntax beschikbaar komen voor de nieuwe instrumenten (versies 2005).


    1.3 Ė Resultaten : wat kun je ermee ?

    ďDe ThermometerĒ levert geen allesomvattende meting van waardering, maar is, zoals de naam aangeeft, een instrument dat een indicatie geeft of iets wel of niet goed is, zonder de precieze oorzaak of oplossing aan te geven.
    Het gaat om een globale indicatie over de waardering van cliŽnten betreffende :

    • de verstrekte informatie

    • de mogelijkheid tot inspraak

    • de hulpverlener (deskundigheid en bejegening)

    • het resultaat van zorg/behandeling.

    1.3.1 - Uitkomsten terugkoppelen
    Het is noodzakelijk de uitkomsten te bespreken met hulpverleners in team- of afdelingsverband en ook met cliŽnten, vooral om te achterhalen waarmee een eventuele lage waardering te maken heeft en op welke punten de zorg verbetering behoeft.
    Behulpzaam daarbij is om de focus niet op de gemiddelde rapportcijfers te richten, maar bijvoorbeeld op het percentage ontevreden cliŽnten of het percentage ďnee antwoordenĒ dat cliŽnten geven op afzonderlijke items.
    Bovendien is het aan te bevelen om standaard een analyse te maken van de antwoorden op de open vragen.
    De resultaten die met de Thermometer worden verkregen, lenen zich in combinatie met een dergelijke analyse uitstekend voor bijvoorbeeld (focus-) groepbijeenkomsten of voor zogeheten 'spiegelsessies' met cliŽnten.

    Spiegelsessies
    Men nodigt een groep (ex-)cliŽnten uit.
    Die worden tijdens een groepsinterview uitgebreid gevraagd om hun ervaringen en bevindingen met de zorg kenbaar te maken.
    Het team of de eenheid waar deze cliŽnten mee te maken hebben gehad is hierbij aanwezig, maar mag alleen luisteren en vragen stellen. Op deze wijze krijgt een team uitgebreid feedback over hun werk(wijze).

    Daarnaast is het aan te bevelen de resultaten ook met afdelings- of clustermanagers te bespreken en deze te vertalen in concrete besluiten voor verbetering.
    Als deze betrekking hebben op een cluster of afdeling kunnen ze bijvoorbeeld als actiepunten opgenomen worden in de werk- of jaarplannen van die clusters en afdelingen.
    Een optie is om actiepunten te koppelen aan een bepaald persoon die, ondersteund door bijvoorbeeld een werkgroep van een klein aantal medewerkers en cliŽnten, verantwoordelijk is voor de uitwerking en het realiseren van de verbetering.
    De desbetreffende persoon maakt een plan van aanpak dat als leidraad voor de uitvoering en de evaluatie wordt gebruikt.

    Als punten op instellingsniveau aangepakt moeten worden, kunnen ze door het management of Raad van Bestuur als actiepunten opgenomen worden in het werk- of kwaliteitsplan van de instelling.
    Informatie over het de metingen cliŽntwaardering, over de uitkomsten ervan en over wat ermee gedaan is, kan worden opgenomen in het kwaliteitsjaarverslag van de instelling en in andere relevante verslagen.
    Zo wordt zichtbaar hoe de instelling werkt aan verbetering van de cliŽntgerichtheid van de zorg.

    1.3.2 - Nader onderzoek
    Tot slot kunnen de resultaten aanleiding geven voor meer diepgaand onderzoek naar bepaalde onderdelen van het zorgproces.
    Uitgebreidere vormen van kwaliteitstoetsing worden dus niet overbodig, maar kunnen gerichter worden ingezet.
    In het geval van uiteenlopende waarderingen over soortgelijke afdelingen of soorten zorg, kunnen bijvoorbeeld visitaties plaatsvinden waarna verbeterprocessen gestart worden.



    Deel II. - De instrumenten

    2.1 - De GGZ Thermometer cliŽntwaardering voor de volwassenenzorg (2003)

    De eerste versie van de volwassenenthermometer werd, in opdracht van GGZ Nederland, ontwikkeld door het Trimbos-instituut en in 2001 landelijk ingevoerd.
    Deze versie werd ontwikkeld op basis van een pilotstudie in vijf GGZ-instellingen.

    CliŽntwaardering in de GGZ - Verslag van een pilot
    Wijngaarden Bv, Kok I, Kurt A, Hull H, Ooijen Mv - Trimbos-instituut, 2001 (Rapport, 32 pagina's) Ė Atikelnr. : AU0180
    Voor wie ?
    Beleidsmedewerkers kwaliteit van zorg bij GGZ-zorginstellingen, beleidsmedewerkers zorgvernieuwing of zorgontwikkeling bij koepelorganisaties in de sector zorg, wetenschappelijk onderzoekers.
    Dit pilotproject had tot doel een cliŽntwaarderingsinstrument voor de GGZ-volwassenenzorg te ontwikkelen, uit te testen en geschikt te maken voor landelijke toepassing.
    Het instrument diende kort en uniform te zijn en instellingen een geschikte basis te bieden om intern de kwaliteit van de zorg (verder) te verbeteren.
    Daarnaast moest het geschikt zijn om op landelijk niveau instellingen met elkaar te vergelijken (benchmarking), zodat er meer eenheid komt in inhoud en procedure van cliŽntwaarderingsonderzoek.
    In het rapport worden de ontwikkeling en testfase van de eerste versie van de ĎThermometerí beschreven.
    Allereerst bleek de Thermometer een voorlopig voldoende geschikt en betrouwbaar instrument om landelijk te gaan gebruiken.
    Daarnaast zijn de cliŽnten van de vijf instellingen die meededen aan de pilot redelijk tevreden over de geboden zorg.
    De vragenlijst is afgenomen op een grote steekproef, verspreid over verschillende instellingen en zorgsoorten.
    Daaruit bleek dat de lijst als meetinstrument voor cliŽntwaardering goed bruikbaar is.
    De meeste respondenten vonden het invullen van de vragenlijst niet moeilijk en hadden daarbij geen hulp nodig.
    De pilot heeft tot enkele aanpassingen in de Thermometer geleid.
    Het instrument biedt een goede indicatie van zwakke en sterke onderdelen van het zorgproces, zonder precieze oorzaken aan te geven.
    Uitkomsten moeten met hulpverleners en cliŽnten worden besproken, om te achterhalen waar lage waarderingen mee samenhangen en hoe de zorg kan worden verbeterd.
    Cfr. :
    http://www.trimbos.nl/default328.html?productId=56&back=326

    Uit deze studie kwamen vier subschalen naar voren met een voldoende tot goede interne consistentie :

    1. waardering van de informatie

    2. waardering van de inspraak

    3. waardering van de hulpverlener en

    4. waardering van het behandelresultaat.

    De subschaalscores correleerden significant met het algemene oordeel van de clienten over de door hen ontvangen zorg, het rapportcijfer.
    Om het gebruik en de geschiktheid van het instrument nader te toetsen, gaf GGZ Nederland het Trimbos-instituut eind 2001 de opdracht een evaluatie uit te voeren.
    Deze evaluatie werd uitgevoerd in tien instellingen in de GGZ, inclusief verslavingszorginstellingen.

    De GGZ Thermometer nader onderzocht - De evaluatie van een vragenlijst voor cliŽntwaardering in de volwassenenzorg
    Kertzman T, Kok I, Wijngaarden Bv - Trimbos-instituut, 2003 (Rapport) Ė Artikelnr. : AU0231
    Cfr. :
    http://www.trimbos.nl/Downloads/Producten/AU0231.pdf

    2.1.1 - De evaluatie van de Thermometer versie 2001
    De evaluatie bevestigde de resultaten uit het eerste pilotonderzoek in grote lijnen.
    De gevonden schaalstructuur bleek robuust te zijn en de interne consistenties van de subschalen vergelijkbaar met die uit de eerste pilot.
    Ook kon het algemene rapportcijfer opnieuw voor een belangrijk deel worden verklaard uit de item- en subschaalscores.
    Dat betekende dat de Thermometer, zoals die in 2001 in gebruik werd genomen, voldeed aan het doel waarvoor deze ontwikkeld werd, namelijk het uniform en gestandaardiseerd meten van cliŽntwaardering, evenals aan de eisen die aan een dergelijk meetinstrument moeten worden gesteld.
    De aanpassingen in de versie 2003 waren dan ook beperkt wat betreft aard en omvang.

    2.1.2 - Aangepaste scoringsmethode
    Besloten werd de voor de versie 2001 afgesproken scoringsmethode aan te passen.
    De antwoordcategorieŽn Ďweet nietí en Ďniet van toepassingí komen niet meer in de versie 2003 voor.
    Deze gaven geregeld aanleiding tot verwarring.
    Zo bleek de categorie 'weet nietí bijvoorbeeld niet ondubbelzinnig interpreteerbaar.
    De categorie 'weet niet' heeft per vraag een verschillende betekenis.
    Bijvoorbeeld bij de vraag : ďIs er een behandel- of begeleidingsplan gemaakt ?Ē zou het Ďik weet het nietí betekenen.
    Bij de vraag : ďBent u door de behandeling of begeleiding voldoende vooruit gegaan ?Ē zou deze categorie Ďik weet het nietí kunnen betekenen, maar ook Ďgedeeltelijk wel, gedeeltelijk nietí.
    In het eerste geval wordt dan gesproken van een missende waarde, in het tweede geval van een middenscore.
    Deze ambiguÔteit werd ook opgemerkt door de gebruikers.
    Gezien deze ervaringen en de wens het aantal bruikbare vragenlijsten te maximaliseren -waardoor de mening van een zo groot mogelijk deel van de populatie kan worden bepaald-, werd besloten de scoringsmethode te vereenvoudigen.
    In plaats van de vier antwoordcategorieŽn Ďjaí, Ďneeí, 'weet niet' en Ďniet van toepassingí zijn in de regel alleen de categorieŽn Ďjaí en Ďneeí overgebleven.
    Alleen bij vraag 5 : ďIs er een behandel- of begeleidingsplan ?Ē is als extra antwoordcategorie Ďweet

    nietí opgenomen

    2.1.3 - Het Ďachterbladí
    De laatste aanpassing betrof het Ďlosseí achterblad.
    In de versie 2001 moest die apart ingevuld en later aan de Thermometer worden gekoppeld via een uniek respondentnummer.
    In de praktijk bleek de kwaliteit en kwantiteit van deze gegevens sterk te wisselen tussen de instellingen.
    Dit leidde tot (zeer) onvolledige informatie over de achtergronden van de cliŽnt.
    Gemiddeld werd in tweederde van de gevallen geen antwoord op een vraag gegeven.
    Het achterblad maakt nu integraal onderdeel uit van de diverse Thermometers.
    Na het invullen van de Thermometer wordt naar een aantal achtergrondgegevens gevraagd, ingeleid door een instructie.
    CliŽnten vullen deze zelf in.
    De vragen betreffen leeftijd, geslacht, etnische achtergrond, start van de behandeling, fase van de behandeling op het moment van invullen van de Thermometer (tussentijdse evaluatie, verandering in behandeling, afsluiting behandeling), de datum van invullen en in geval van de Thermometer 'Waardering Betrokkenen' (2005) de relatie (echtgenoot/kind/ etc) van de invuller tot de cliŽnt.
    Voor een aantal gegevens over de instelling (de naam, het circuit, de afdeling en (globaal) de zorgsoort, is bij alle Thermometers plaats ingeruimd op het voorblad van de lijsten.
    Instellingen dienen deze gegevens vooraf aan het uitzetten van de vragenlijsten zelf in te vullen.

    2.1.4 - Consequenties van het gebruik van ja en nee
    Het gebruik van ja-nee antwoorden maakte het noodzakelijk de formulering van de items op punten aan te passen.
    De vragen waarin naar feiten wordt gevraagd, zoals ďHeeft u ingestemd met uw behandel- of

    begeleidingsplan ?Ē kunnen zonder meer met ja of nee worden beantwoord.
    Dit is anders bij vragen waarin het waardeoordeel van de cliŽnt een rol speelt.
    In 2003 zijn alle vragen - voor zover dat nog niet het geval was - op een uniforme wijze geformuleerd.
    Er wordt gevraagd of men vindt of iets Ďvoldoendeí of Ďgoedí is geweest, of iets Ďnaar wensí is uitgevoerd of dat men vindt dat men Ďbeter in staat is omÖí.
    Met deze wijze van formuleren wordt aan de cliŽnt zelf overgelaten wat men onder voldoende of goed of beter verstaat.
    De eigen maatstaf fungeert als ijkpunt voor een al dan niet positief oordeel.
    In de instructie wordt aangegeven dat men een vraag met Ďjaí beantwoordt als men vindt of iets voldoende of goed is geweest en dat men Ďneeí invult als men dat niet vindt of slechts ten dele.
    Dit principe geldt nu voor alle Thermometers.

    2.1.5 - Voordelen van het gebruik van ja en nee
    Deze uniformiteit in de vraagstelling en de keuze voor alleen ja of nee heeft een aantal voordelen.
    De antwoorden hebben op alle items een zelfde betekenis.
    Iets voldoet aan de eigen maatstaf of niet en men kan een simpele optelling maken van het aantal keren dat aan deze maatstaf wordt voldaan.
    Hierdoor zijn de scores op de Thermometer versie 2003 gemakkelijker te interpreteren dan die van de versie 2001.
    Men hoeft alleen nog maar naar het percentage Ďjaí-antwoorden te kijken.
    Ditzelfde geldt voor de vier subschaalscores.
    Per subschaal wordt simpelweg opgeteld hoeveel keer met Ďjaí is geantwoord (het weglaten van de categorie 'weet niet' heeft geen gevolgen voor de schaalstructuur; een factoranalyse op alleen de Ďjaí en Ďneeí vragen leverde geen afwijkende factoroplossing op).
    Het tweede voordeel is dat de gemiddelde subschaalscores op populatieniveau ook makkelijker te interpreteren zijn.
    In de versie 2001 liepen de gemiddelde schaalscores van 1 tot 3.
    Een score Ď2í gaf aan dat men gemiddeld ergens tussen ja en nee had geantwoord, maar niet of dat betekende dat iedereen 'weet niet' had gescoord of de ene helft Ďjaí en de andere helft Ďneeí.
    Met de dichotome scoring heeft men dit probleem niet.

    *Voorbeeld : de subschaal Waardering hulpverlener Thermometer volwassenenzorg
    Deze schaal bestaat uit vier items en elke respondent krijgt een schaalscore tussen Ď0í (geen enkele vraag is met 'ja' beantwoord) en Ď4í (alle vragen met ja beantwoord) en een gemiddelde schaalscore tussen Ď0í en Ď1í (het aantal Ďjaí-antwoorden gedeeld door het aantal items van de schaal).
    Ook het populatiegemiddelde krijgt een waarde tussen Ď0í en Ď1í, bijvoorbeeld 0,76.
    Dit getal kan worden gelezen als : ďGemiddeld 76% van de items in deze schaal wordt met Ďjaí beantwoordĒ.
    Het derde voordeel betreft de bruikbaarheid van de verzamelde data.
    Door het wegvallen van de categorie Ďniet van toepassingí wordt het aantal missende waarden (sterk) beperkt.
    Alleen als respondenten vragen overslaan, zal een missende waarde worden ingevuld.
    Het gemiddelde oordeel over de zorg wordt hierdoor berekend over een groep respondenten die meer representatief is voor de totale populatie dan dat het geval was bij de versie 2001.

    • Het toevoegen van rapportcijfers per subschaal
      Uit een inventarisatie van GGZ Nederland bleek dat instellingen (en afdelingen) geregeld aangaven behoefte te hebben om bij herhaalde metingen graag kleinere verschillen te kunnen vasttellen.
      Een mogelijke oplossing hiervoor is het toevoegen van een rapportcijfer per onderwerp (subschaal).
      Het toevoegen van rapportcijfers per onderwerp (informatie, inspraak, hulpverlener en resultaat) is op kleine schaal uitgeprobeerd in het pilotonderzoek naar de Thermometer waardering betrokkenen (zie de rapportage 'Een GGZ Thermometer voor betrokkenen' op :
      www.ggzkennisnet.nl Ė en verderop in deze handleiding).
      Zo werd na de afzonderlijke vragen na het blok informatie bijvoorbeeld gevraagd : ďWelk rapportcijfer zou u geven aan de verkregen informatie ?Ē
      De voorzichtige conclusie uit de pilot (waardering betrokkenen) was dat deze toevoeging voor intern gebruik zinvol kan zijn.
      Besloten is echter om deze optie niet standaard in de diverse Thermometers op te nemen.
      Iedere instelling kan een dergelijk rapportcijfer -zo men wilzelf toevoegen aan de onderwerpen van de Thermometer.
      Dit advies kan echter nog niet goed methodologisch onderbouwd worden.
      Een nevenvoordeel kan zijn dat de toevoeging van rapportcijfers per onderwerp tegemoet komt aan het feit dat cliŽnten (het gaat hier gemiddeld om een kleine 10%) aangeven dat zij de antwoorden 'ja' en nee beperkt vinden.
      Met het rapportcijfer kan de cliŽnt een eventuele voldoende of onvoldoende specificeren, respectievelijk met een 6 of 8 of een 2 of 5.


    2.2 - De aanpassing van de GGZ Jeugdthermometer versie 2003 tot de GGZ

    2.2.1 - Jeugdthermometer 2005
    In navolging van de Thermometer voor volwassenen werd in opdracht van GGZ Nederland in 2003 een eerste versie van een Thermometer ontwikkeld specifiek voor de Jeugd GGZ.
    Het uitgangspunt bij de ontwikkeling van de Jeugdthermometer was dat deze, in verband met de vergelijkbaarheid van gegevens, zo nauw mogelijk moest aansluiten bij de Thermometer voor volwassenen.
    Echter anders dan in de volwassenen GGZ waar de cliŽnt eenheid van onderzoek en analyse is, wordt in de Jeugd GGZ het kind per definitie bezien in de context van zijn Ďsysteemí, de configuratie van kind en ouders.
    Bij het meten van waardering zou het idealiter dan ook moeten gaan om waardering door Ďhet systeemí.
    De vraag is echter hoe dit te operationaliseren is.
    Immers in de Jeugd GGZ wordt zorg en begeleiding verleend aan verschillende cliŽnten :

    • jeugdigen

    • ouders

    • jeugdigen en ouders (systeembenadering)

    Bij het ontwerp van de GGZ Jeugdthermometer (versie 2003) werd, gegeven bovenstaande methodologische complexiteit gekozen voor twee instrumenten :

    • een versie voor jongeren vanaf 12 jaar, waarin zij kunnen scoren hoe zij de zorg waarderen

    • een versie voor ouders/verzorgers van kinderen onder de 12 jaar, waarin zij kunnen scoren hoe zij de zorg voor hun kind waarderen.

    Beide versies werden getest in een pilotonderzoek bij vijf instellingen : twee jeugdafdelingen van Riaggís en drie Kinder- en Jeugdpsychiatrische klinieken.

    Cfr. 'De GGZ Thermometer nader onderzocht - De evaluatie van een vragenlijst voor cliŽntwaardering in de volwassenenzorg'
    Kertzman T, Kok I, Wijngaarden Bv - Trimbos-instituut, 2003 (Rapport) Ė Artikelnr. : AU0231
    Cfr. :
    http://www.trimbos.nl/Downloads/Producten/AU0231.pdf

    De keuze voor deze twee instrumenten impliceerde een beperking ten opzichte van een als ideaal gekenschetste Thermometer voor het hele systeem.

    2.2.2 - De versie voor jeugdigen van 12 jaar en ouder (versie 2003)
    De ontwikkelde versie voor jeugdigen bleek zo goed als identiek aan de Thermometer voor de volwassenenzorg.
    Het betreft een korte zelf invullijst bestaande uit 16 items, aangevuld met de vraag om een rapportcijfer te geven.
    Aanpassingen werden alleen gedaan ten aanzien van het taalgebruik.
    De jeugdigen worden aangesproken met Ďjeí en Ďjouwí, waar volwassenen worden aangesproken met Ďuí en Ďuwí.
    Ook werden enkele vragen eenvoudiger geformuleerd.
    Bijvoorbeeld : ďLuisterde de hulpverlener voldoende naar jou ?Ē in plaats van ďWas de hulpverlener voldoende geÔnteresseerd in u en uw mening ?Ē.
    Ook werd een extra vraag opgenomen, namelijk : ďzou je een ander aanraden hulp te zoeken bij

    deze instelling ?Ē.
    Deze werd opgenomen als Ďcontrolevraagí op het rapportcijfer voor de behandeling of begeleiding als geheel.
    Degenen die op deze vraag Ďjaí antwoordden gaven inderdaad een hoger rapportcijfer dan diegenen die met ĎneeĎ antwoordden.
    Deze controlevraag is inmiddels aan alle Thermometers toegevoegd.
    Een factoranalyse op de verzamelde data leverde een vierfactor oplossing op met een verklaarde variantie van 71,2%.
    Deze factorstructuur is dezelfde als bij de Thermometer voor volwassenen.
    Ook de betrouwbaarheid van de vier subschalen was voldoende tot goed.
    Ten slotte bleek de Jeugdthermometer sensitief genoeg om verschillen tussen instellingen aan te tonen, ondanks de soms kleine steekproeven.
    De conclusie was dat de Jeugdthermometer (versie jongeren boven de 12 jaar) op dezelfde wijze waardering meet als de Thermometer voor volwassenen (waardering informatie, waardering inspraak, waardering hulpverlener en waardering resultaten).
    In 2003 werd deze versie beschikbaar gesteld aan het veld.

    2.2.3 - De versie voor ouders van jongeren onder de 12 jaar (versie 2003)
    Deze in 2003 ontwikkelde en geteste versie week op een aantal punten af van de versie voor jeugdigen.
    De versie werd ontwikkeld vanuit de veronderstelling dat kinderen onder de 12 (nog) niet in staat zijn zelf een vragenlijst in te vullen.
    De waardering van de zorg betreft hier derhalve een afgeleid oordeel via de ouders.
    De versie bevatte vragen over drie thema's :

    • de waardering van de zorg aan het kind volgens de ouders

    • de ervaringen van het kind volgens de ouders

    • de begeleiding van ouders zelf.

    Een factoranalyse op de verzamelde data leverde op het eerste thema een goed te interpreteren driefactor oplossing op met een verklaarde variantie van 70,0%.
    Hoewel de inhoud van deze factoren (waardering inspraak, waardering hulpverlener en waardering resultaat) ten dele overeenkwam met die van de oorspronkelijke Thermometer voor volwassenen, week de structuur af.
    Naast deze drie schalen bleken de extra vragen die in deze versie voor ouders waren opgenomen in te delen in twee afzonderlijke schalen, namelijk ervaringen van het kind en begeleiding van de ouder zelf.
    De onderlinge samenhang (interne consistentie) van deze beide schalen was hoog.
    De ouderversie bestond hierdoor uit vijf subschalen die goed te interpreteren waren en voldoende tot hoog betrouwbaar zijn.
    Ook de sensitiviteit van deze versie was goed: er werden verschillen tussen de instellingen gevonden.
    De conclusie in 2003 was dat deze versie vooralsnog bruikbaar was.
    Echter vooral het gegeven dat de versie voor ouders van kinderen jonger dan twaalf jaar niet vergelijkbaar was met de GGZ volwassenen Thermometer en niet vergelijkbaar met de versie voor jongeren zelf vormde een enigszins problematische uitkomst.
    Bovendien plaatste de toenmalige commissie Jeugd van GGZ Nederland, kanttekeningen bij de methodologische en pragmatische keuzen die waren gemaakt.
    Men gaf aan behoefte te hebben aan het meten van cliŽntwaardering bij het hele systeem.
    Zo wilde men in alle gevallen een onafhankelijk oordeel van ouders.

    De Wet op de Geneeskundige Behandel Overeenkomst
    De Wet op de Geneeskundige Behandel Overeenkomst (WGBO) is hierbij het uitgangspunt.
    Dit houdt in dat er drie leeftijdscategorieŽn moeten worden gehanteerd.
    Kinderen tot 12 jaar, kinderen van 12 tot en met 15 jaar en kinderen vanaf 16 jaar.
    Bij deze laatste groep kunnen ouders alleen een vragenlijst invullen over de zorg aan hun kind, als het kind (de jongere) het daarmee eens is.

    Ook de waardering door ouders van de door hen zelf ontvangen zorg werd naar de mening van de commissie onvoldoende recht gedaan met de ontwikkelde instrumenten.
    Dit alles vormde de aanleiding voor een vervolgonderzoek.


    2.3 - Vervolgonderzoek Jeugdthermometer

    In dit onderzoek stonden twee vragen centraal :

    • Is het mogelijk de eerste versie voor ouders (uit 2003) zo aan te passen dat deze vergelijkbaar is met de bestaande thermometers (volwassenen 2003 en jeugdthermometer versie jongeren 2003) en geschikt voor het meten van waardering door ouders van de door het kind (onder en boven de 12 jaar) ontvangen zorg ?

    • Is het mogelijk een met de bestaande thermometers vergelijkbaar instrument te ontwerpen voor het meten van waardering van de door ouders zelf ontvangen begeleiding in hun rol als opvoeder/ouder ?

    Als antwoord op deze twee vragen zijn twee nieuwe conceptvragenlijsten ontworpen :

    • een vragenlijst over de waardering van de zorg voor het kind, in te vullen door ouders (versie A)

    • een vragenlijst over de waardering van ouders voor begeleiding die zij zelf ontvingen, in te vullen door ouders (versie B).

    Versie A is primair gericht op hoe ouders of verzorgers de hulp die hun kind heeft gekregen waarderen.
    Dat betekent dat zij geen oordeel over een Ďeigení behandeling geven, maar een oordeel over de kwaliteit van de behandeling van hun kind, kortom : een afgeleid oordeel.

    Versie B is gericht op een oordeel van ouders/verzorgers zelf over de eigen begeleiding die zij krijgen (in relatie tot de problematiek) van hun kind.

    * Van versie 2003 tot versie 2005

    Beide lijsten (versie A en B) werden in 2004 uitgetest bij een tiental instellingen in de Jeugd GGZ.
    De resultaten van dit pilotonderzoek zijn uitgebreid beschreven in De aanpassing van de GGZ Jeugdthermometer versie 2003 tot de GGZ Jeugdthermometer versie 2005, te vinden op :
    http://www.ggzkennisnet.nl/ -

    De aanpassing van de GGZ jeugdhermometer versie 2003 tot de GGZ jeugdthermometer versie 2055
    Bransen, I. Kok & B. van Wijngaarden Ė Trimbos-instituut, Utrecht, mei 2005
    Cfr. :
    www.ggzkennisnet.nl/ggz/uploaddb/downl_object.asp?atoom=16922&VolgNr=5

    Het pilotonderzoek had vooral te kampen met een lage respons.
    Ondanks deze lage respons konden er enkele conclusies getrokken worden ten aanzien van de vragenlijsten.

    De versie voor ouders (A) over de waardering van de behandeling van hun kind blijft ten opzichte van de Thermometer volwassenenzorg en Jeugdthermometer 12 jaar en ouder een Ďapart gevalí.
    Opnieuw, evenals in 2003, blijkt er sprake van een drie-factor-structuur.
    Een factor bevat de items over informatie en inspraak, de tweede factor bevat de items over de hulpverlener en de derde factor bevat de items over behandelplan en resultaat.
    De vragenlijst voor ouders bestaat daarmee uit de volgende drie subschalen.

    Informatie/inspraak (5 items) :

    • voldoende informatie behandelingsmogelijkheden kind

    • voldoende informatie aanpak behandeling

    • voldoende informatie resultaat

    • meebeslissen behandeling kind

    • voldoende geÔnformeerd tijdens behandeling kind

    Hulpverlener (4 items) :

    • hulpverlener kind voldoende deskundig

    • voldoende te vertrouwen

    • voldoende respect voor u

    • voldoende geÔnteresseerd in u

    Behandeling (6 items) :

    • behandelplan gemaakt

    • ingestemd met behandelplan

    • behandelplan naar wens uitgevoerd

    • behandeling juiste aanpak

    • kind voldoende vooruit gegaan

    • kind beter omgaan met mensen en situaties

    Het gegeven dat er in dit geval sprake is van drie dimensies betekent dat deze vragenlijst op schaalniveau niet vergelijkbaar is met de andere twee.

    Ook de concept vragenlijst (versie B) voor het meten van de waardering van ouders voor de eigen begeleiding, kon door de lage respons niet maximaal getoetst worden.
    De bevindingen waren echter wel van dien aard dat mag worden aangenomen dat deze vragenlijst een met de overige Thermometers vergelijkbaar instrument is.
    Deze B-versie bestaat uit vier subschalen : informatie; inspraak; hulpverlener en resultaat, die overeenkomen met en vergelijkbaar zijn met de Thermo26 meter volwassenenzorg en de Thermometer voor jeugdigen boven de 12 jaar.
    Ook de interne consistentie was goed.
    Het resultaat is dat er voor het meten van cliŽntwaardering in de Jeugd GGZ nu drie lijsten beschikbaar zijn :

    • De GGZ Jeugdthermometer voor ouders : behandeling kind (versie 2005)

    • De GGZ Jeugdthermometer voor ouders : ouderbegeleiding (versie 2005)

    • De GGZ Thermometer voor jongeren boven de 12 jaar (versie 2003)


    2.4 - CliŽntwaardering bij ouderen

    In 2002 voerde het Trimbos-instituut bij twee GGZ instellingen een pilotonderzoek uit naar de waardering van de GGZ zorg voor ouderen.

    Hiervoor werd een concept Ouderenthermometer ontwikkeld, gebaseerd op de GGZ Thermometer volwassenen (versie 2001).
    Daarnaast werden twee versies gebruikt voor afname bij betrokkenen uit hun sociale netwerk.
    Dit omdat een groot deel van de oudere cliŽnten niet in staat is de Thermometer in te vullen, bijvoorbeeld wegens dementie.

    Haalbaarheid
    Uit de pilotstudies bleek dat de Ouderenthermometer voor de cliŽnten zelf slechts zeer beperkt bruikbaar was.
    Naast het gegeven dat dementerende cliŽnten niet konden worden bevraagd was er een nonrespons

    van 50%, en was er sprake van een aanzienlijk aantal onbruikbare vragenlijsten, omdat respondenten niet in staat waren de vragenlijst in te vullen.
    Zij vulden bijvoorbeeld overal niet van toepassing in, lieten veel vragen onbeantwoord of lieten de Thermometer door iemand anders invullen.
    Al met al bleek dat slechts van 10% tot 14% van de cliŽnten een oordeel was verkregen.
    Hoewel er geen nadere uitspraken konden worden gedaan over de representativiteit van deze cliŽnten, leek de generaliseerbaarheid van de onderzoeksresultaten ten gevolge van deze uitval (zeer) beperkt.

    * Gebruik Thermometer volwassenenzorg bij ouderen
    Slechts een kleine specifieke groep cliŽnten was in staat de lijst in te vullen.
    Omdat dit waarschijnlijk een groep betrof die ook in staat is de Ďgewoneí GGZ Thermometer voor volwassenen in te vullen, werd besloten de Thermometer voor volwassenen te gebruiken voor ouderen die zelf in staat zijn een vragenlijst in te vullen.
    Het voordeel hiervan is dat instellingen ťťn versie van de Thermometer kunnen blijven gebruiken.
    Als instellingen hiertoe besluiten wordt aanbevolen de lay-out aan te passen en te kiezen voor een groter lettertype.


    2.5 - De GGZ Thermometer waardering betrokkenen (versie 2005)

    Na de eerste conferentie CliŽntwaardering en naar aanleiding van de resultaten uit de ouderenpilot is een werkgroep in het leven geroepen om de mogelijkheden te exploreren een Thermometer voor betrokkenen van de cliŽnt te ontwikkelen.
    De mening van familieleden en betrokkenen kunnen goede aanknopingspunten bieden voor verbeteringen in de zorg.
    Door de werkgroep is een concept Thermometer voor betrokkenen ontwikkeld.
    Deze is eind 2004 en begin 2005 uitgetest in twee GGZ instellingen.
    In de rapportage : een GGZ thermometer voor waardering van betrokkenen.
    Rapportage resultaten pilot-onderzoek, is hiervan verslag gedaan (cfr. :
    http://www.ggzkennisnet.nl/ -).
    De pilotvragenlijst bestond uit twee delen : Deel A ging over de waardering van de zorg aan de cliŽnt en Deel B ging over de waardering van de manier waarop de betrokkene zelf begeleid werd.

    Deel A bestond uit 11 items met de antwoordmogelijkheden ĎJaí, ĎNeeí en ĎNiet te beoordelení en in totaal 5 rapportcijfers (cfr. ook eerder in deze handleiding onder toevoegen rapportcijfers per subschaal).
    Onderwerpen waren, zoals gebruikelijk, de waardering van informatie, inspraak, hulpverlener en resultaat van de behandeling of begeleiding.

    Deel B bestond uit 10 items met de antwoordmogelijkheden ĎJaí en ĎNeeí en 5 rapportcijfers.
    Ook hier de onderwerpen: waardering van informatie, betrokkenheid, hulpverlener en resultaat eigen begeleiding.
    Tevens werd, evenals in de andere Thermometers, in een open vraag geÔnformeerd wat de instelling moet veranderen om de beoordeling te verhogen en werd gevraagd of de respondent een ander zou aanraden hulp te zoeken bij deze instelling.
    Tot slot werden achtergrondgegevens verzameld over de invuller en de cliŽnt.

    2.5.1 - Resultaten pilotonderzoek
    De vragenlijst (deel A en B) kan worden ingezet als vervangend oordeel voor cliŽnten die zelf geen vragenlijst (meer) kunnen invullen en als aanvullend oordeel, naast het oordeel van de cliŽnt.
    Uit het pilot-onderzoek blijkt dat de interne structuur van de vragenlijst (deel A en B) goed is.
    De factorstructuur is inhoudelijk goed te interpreteren en komt overeen met de werkelijke structuur van de vragenlijst.
    Dit is een positieve indicatie voor de validiteit.
    Het gaat hier echter evenals bij de Jeugdthermometer voor ouders : behandeling kind ook om drie factoren.
    Deel A lijkt echter inhoudelijk gezien (nog) niet helemaal valide.
    In ieder geval bleek de relatie tussen de items en de rapportcijfers niet sterk genoeg.
    De resultaten van de regressieanalyse gaven voor Deel B daarentegen een positieve indicatie voor de interne validiteit.
    De betrouwbaarheid van de gevonden factoren in de lijsten is goed.(deel A en B).
    Het toevoegen van de antwoordmogelijkheid ĎNiet te beoordelení lijkt tot een zuiverder oordeel te leiden bij Deel A.
    Omdat het hier een vervangend oordeel betreft, is het zinvol deze antwoordmogelijkheid hier toe te voegen.
    Deze antwoordmogelijkheid bestaat niet in andere versies van de GGZ Thermometer, maar wordt voor deze versie (deel A ) behouden.
    De resultaten van deel B geven goed zicht op wat verbeterpunten zijn voor de begeleiding van betrokkenen.
    Zoals al eerder vermeld is besloten om het toevoegen van extra rapportcijfers niet standaard in dit instrument en ook niet in de overige Thermometers op te nemen (cfr. ook : ĎToevoegen rapportcijfers per subschaalí).
    Voor instellingen is het echter voorstelbaar dat de rapportcijfers duidelijker aangeven of de kwaliteit van zorg verbeterd is ten opzichte van een eerdere meting.
    In die zin zijn instellingen vrij om hiermee te experimenteren.
    Op basis van de pilotstudie is een vragenlijst waardering betrokkenen gemaakt, bestaande uit twee delen.
    Ook deze is (evenals de versie voor ouders : behandeling kind aangepast qua structuur naar drie

    themaís (factoren).
    Deze definitieve lijst is te vinden op :
    http://www.ggzkennisnet.nl/ -.

    2.5.2 - Gebruik van de 'GGZ Thermometer voor Waardering van Betrokkenen'
    In principe is deze vragenlijst breed inzetbaar.
    Van belang is echter dat men zich afvraagt wat het precieze doel van de afname is.
    Wat is bijvoorbeeld de meerwaarde van de mening van de betrokkene over de zorg aan de cliŽnt, wanneer ook het oordeel van de cliŽnt bekend is ?
    Dit kan wel een meerwaarde hebben, maar dat moet dan van te voren wel goed geformuleerd zijn.
    Daarnaast is er nog de situatie waarin de betrokkene zelf geheel geen contact heeft met de GGZ instelling.
    Ook hier is het de vraag wat de antwoorden van de betrokkene dan voor betekenis hebben.
    Als leidraad is daarom het volgende toepassingsschema opgesteld : cfr. de tabel op :
    www.ggzkennisnet.nl/ggz/uploaddb/downl_object.asp?atoom=16920&VolgNr=5 -.


    Voor vragen of opmerkingen over deze handleiding kunt u terecht bij :

    ikok@trimbos.nl Ė en/of : etamulder@ggznederland.nl -.


    Cfr. :
    www.ggzkennisnet.nl/ggz/uploaddb/downl_object.asp?atoom=16920&VolgNr=5



    Cfr. ook :

    1. Complexe patiŽnten Ė Alternatief voor gefragmenteerde geneeskunde
      Cfr. :
      http://www.umcg.nl/cms/store/pdf/ComplexePatienten.pdf

    2. CTG Beleidsregel - Externe kwaliteitstoetsing vanuit cliŽntenperspectief in de GGZ - Evaluatieonderzoek
      Cfr. :
      http://www.kwadraad.info/docs/eindrapport_evaluatieonderzoek.pdf

    3. De ene patiŽnt is de andere niet - Onderzoek onder patiŽnten kan de huisartsenzorg verbeteren
      Cfr. :
      www.tangram.nl/website/download.asp?type=appendix&id=217

    4. Hoe ervaren consumenten de gezondheidszorg ? - Stand van zaken - Algemene gebruikerservaringen
      Cfr. :
      http://www.rivm.nl/vtv/object_document/o5197n26737.html

    5. Kwaliteitsafspraken met zorgverzekeraars bij de zorginkoop - Gebruik van CAHPS (instrument voor onderzoek naar patiŽntervaringen) bij de inkoop van zorg
      Cfr. :
      http://www.kennisbeterdelen.nl/index.php?id=157

    6. NIVEL helpt mee patiŽntervaringen in kaart te brengen : CQ-index
      Cfr. :
      http://www.nivel.nl/oc2/page.asp?PageID=7091

    7. NIVEL onderzoeksprogramma - Vraaggestuurde zorg
      Cfr. :
      http://www.nivel.nl/OC2/page.asp?PageID=257

    8. Stand van de Gezondheidszorg 2006 Ė PatiŽnt en recht : de rechtspositie van de patiŽnt goed verzekerd ?
      Cfr. :
      http://www.igz.nl/15451/106463/SGZ_2006_Pati_nt_en_recht.pdf

    9. Start 'Gezondheidscentra bekeken'
      Cfr.
      : http://www.npcf.nl/?id=2100

    10. Verzakelijking in zorg is goed voor alle partijen
      Cfr. :
      http://www.transmuralezorg.nl/dht/dht-2005-4-02.pdf 

    10-12-2006 om 00:35 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    08-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Infraroodsauna's
    Klik op de afbeelding om de link te volgen
     
























    Heeft iemand ervaring met
     
    infraroodsauna's ?



    Laat me het weten : jules.de.cuyper@telenet.be

    Dank je !


    De straling en warmte van de infrarood sauna heeft een voordelige werking op de gezondheid.
    Ze verbeteren het afweersysteem, helpen bij spier en gewrichtsaandoeningen en verminderen klachten van huidaandoeningen zoals acne en psoriasis.

    Steeds meer mensen hebben last van spier en gewrichtsaandoeningen.
    Reuma is een verzamelnaam van meer dan 200 soorten gewrichtsziektes, waarvan artritis en artrose de twee meest voorkomende vormen zijn.
    Bij reumatoÔde artritis wordt de pijn veroorzaakt door ontstekingen aan de gewrichten, terwijl bij artrose slijtage van de gewrichten de oorzaak is.

    De warmte van de infrarood saunacabine versoepelt het spierweefsel en stimuleert de bloedsomloop.
    De spierspanning neemt af en de ledematen verstijven minder.
    De pijn van ontstoken gewrichten neemt daardoor af. 
    Het gebruik van een infrarood saunacabine heeft ook een positieve invloed bij gespannen spieren en schouders.
    Voor sporters die last hebben van blessures is het gebruik van een infraroodsauna ook aan te raden.
    Pijnlijke en geblesseerde spieren herstellen sneller.
    Door de verhoogde bloedcirculatie wordt er meer zuurstof toegevoegd aan de spieren.
    De verhoogde bloedcirculatie zorgt er ook voor dat afvalstoffen zoals melkzuur afgevoerd worden.

    In een traditionele sauna transpireer je water en natrium.
    In een infraroodstralingsauna is het mogelijk om zware metalen als lood en zink en andere afvalstoffen kwijt te raken.
    Door de warmte van deinfraroodsauna gaan de bloedvaten openstaan.
    De huid gaat transpireren en zo raak je afvalstoffen kwijt.
    De straling van de sauna met ir veroorzaakt een koortsreactie die virussen en bacteriŽn kan doden.
    Het aantal witte bloedcellen neemt op die manier toe en versterkt het afweersysteem.

    Cfr. : http://www.infrarood.net/infraroodcabine_medisch.htm

    Cfr. ook dit blog dd. 17-01-06 ' Zoekt u een oplossing voor uw chronische pijn ? '

    08-12-2006 om 22:48 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (14 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Quint Systeme
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Quint Systeme

    Holopathie
    Een nieuwe dimensie
    in de holistische geneeskunde
    Cfr. dit blog dd. 19-03-2006
    Ik krijg regelmatig de vraag waar men het 'Quint Systeme' kan kopen.
    Vraag het aan Dr. Jelle Straatsma : hij is de invoerder voor de Benelux en hij zal je zeker weten te vertellen waar je in je regio terecht kan :
     

    Quint Systeme

    Dr. Jelle Straatsma
     
     
    Quint Systeme
    • Hoofdzetel
            
          Quintsysteme fŁr holopathische Medizin GmbH
          
      Dr. Adolf Schšrf-StraŖe 5
          A-3107 St. PŲlten
          ÷sterreich
          Tel. : +43 (2742) 31 31 70 - 0
          Fax : +43 (2742) 31 31 70 - 19
          E-mail : 
      office@quint.cc 
          Website :
      http://www.holopathie.nl/pages/index2.php
       


    • Verdeler voor Benelux
         
          
      Dr. Jelle Straatsma
          
      Het Wansink 44
          Epse 7214 AH
          Tel. : 0575 / 49 23 74
          E-mail :
      info@holopathie.nl 
          Webstie :
      http://www.holopathie.nl 

    08-12-2006 om 00:53 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    02-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Repetitive strain injury (RSI)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  












    Repetitive strain injury (RSI)

    Linda Deijnckens
    Gezondheid.be - Art. 1315 Ė 02-12-06
    Bron : ergo comfort - cfr. :
    www.ergo-comfort.com


    De term '
    Repetitive Strain Injury' (RSI) betekent letterlijk 'lichamelijke aandoening door herhaalde overbelasting'.
    Het is een verzamelterm voor diverse pijnklachten in de nek, schouders, armen, polsen en handen (en uitzonderlijk van de benen) ten gevolge van een chronische overbelasting.
    Alleen pijn als gevolg van overbelasting door herhaalde bewegingen en/of door statische houdingen wordt RSI genoemd.
    Overbelasting veroorzaakt door een 'eenmalige' hoge belasting wordt niet onder de term RSI gevat.
    De pijn wordt alleen RSI genoemd als deze min of meer chronisch is.
    Dat wil zeggen dat de klachten gedurende langere tijd aanhouden (vaak wordt drie maanden als ondergrens aangehouden).
    Het is daarbij niet nodig dat de pijn continu aanwezig is.
    Pijn die optreedt na een aantal weken hard werken en weer weg gaat na enige dagen rust wordt aangeduid als '
    RSI-gerelateerde klachten'.
    Een andere term voor RSI is '
    Work related MusculoSkeletal Disorder' ('aandoeningen van spieren en skelet veroorzaakt door het werk').
    RSI is inderdaad meestal gekoppeld aan het werk, maar kan ook veroorzaakt worden door een regelmatig uitgeoefende hobby.


    Test jezelf : R S I


    Test voor het opsporen van
    de oorzaken van RSI
    bij beeldschermwerk


    Cfr. :
    http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=1368
        


    1. - Klachten

    RSI is een verzamelnaam voor spier-, zenuw- en peesaandoeningen van nek tot vingertoppen en ontstaan door het langdurig belasten van dezelfde spieren.
    Ook klachten als pijn, vermoeidheid en prikkelingen van de nek, schouder of arm vallen hieronder.

    Globaal kunnen er 3 fases worden onderscheiden in het ziektebeeld van RSI :

    • Fase 1 - Minder ernstig
      In deze fase is er sprake van pijn en vermoeidheid aan de vingers, handen, polsen, armen, schouders of nek tijdens het werk of na een lange periode van werken.
      De klachten zijn plaatselijk en kunnen gepaard gaan met kramp of een dof gevoel.
      Ze worden snel minder als u stopt met werken.
      In uw vrije tijd of s nachts heeft u er geen last van.
      Er is dus een duidelijke relatie tussen de werkzaamheden en de pijn, maar meestal kunt u uw taken normaal blijven uitoefenen.
      Bij onderkenning van de symptomen en op tijd ingrijpen kunnen de klachten verminderen of geheel verdwijnen.

    • Fase 2 - Ernstig
      In de tweede fase blijven de klachten ook na werktijd duren en kunnen zelfs de nachtrust verstoren.
      Er is geen duidelijke relatie te leggen met bepaalde werkzaamheden.
      De pijn treedt op bij allerlei taken.
      Ook normale taken kunnen niet altijd meer zonder pijn worden uitgevoerd.
      De klachten breiden zich verder uit tot tintelingen, irritaties en krachtverlies.
      De pijn straalt uit naar andere delen van het lichaam.

    • Fase 3 - Zeer ernstig
      In deze fase is de pijn altijd aanwezig, ook in rust als u niet werkt.
      Er ontstaan soms zwellingen in de armen of er treden veranderingen op in de huidskleur.
      Pijnlijke plekken kunnen koud aanvoelen.
      Er is sprake van een verlamd gevoel met duidelijke tintelingen.
      In deze fase kunt u zelfs geen licht werk meer verrichten.
      Ook het verrichten van gewone klusjes in huis is niet meer mogelijk.

    In ongeveer tien procent van de gevallen kan een arts een specifieke diagnose stellen, zoals carpaal tunnel syndroom - cfr. : http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=1672 -, een tenniselleboog of golfarm, een slijmbeursontsteking aan schouder of elleboog - cfr. : http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=100 ...
    Maar meestal kan geen specifiek letsel worden vastgesteld.


    2. - Hoe ontstaat RSI ?

    Veel mensen denken dat alleen beeldschermwerkers RSI kunnen krijgen.
    Men spreekt in dat verband ook wel van een '
    muisarm'.
    Maar ook in andere beroepen komt het voor.
    Bijvoorbeeld in de bouw, de textielsector, bij schoonmakers, kassapersoneel, musici, DJ's, schilders, lopende bandwerkers, slagers...
    Het gemeenschappelijke kenmerk van de risicogroepen is het regelmatig verrichten van werkzaamheden waarbij vaak dezelfde hand/arm beweging wordt gemaakt en waarbij vaak in dezelfde ongunstige houding wordt gewerkt :

    • Aandoeningen in met name het nek- en schouder- gebied die minder goed te lokaliseren zijn, worden voornamelijk veroorzaakt door langdurig statische werkhoudingen met weinig onderbreking (bijvoorbeeld langdurig werken aan een microscoop of langdurig beeldschermwerk).
      Het effect van een langdurige statische belasting van nek en schouders bestaat uit een direct effect door lokale overbelasting, maar ook kunnen kunnen klachten in arm en hand ontstaan doordat de doorbloeding van de arm vermindert.

    • Klachten die voornamelijk worden veroorzaakt door juist veelvuldig te bewegen, dynamische handelingen, zijn vaak beter lokaliseerbaar.
      Dit soort repeterende bewegingen resulteren in een hoge dynamische belasting van het lichaam.
      Door de telkens herhaalde beweging kan wrijving optreden tussen spieren, pezen en botten.
      Met name bij grotere krachtsinspanning, extreme posities van gewrichten en een hoge bewegingsfrequentie is de kans op klachten groter.
      RSI is het gevolg van het uit balans zijn van de belasting (bijvoorbeeld werk) en de belastbaarheid (de hoeveelheid die een persoon aankan).
      RSI ontstaat door een combinatie van factoren.

    • Bekende risicofactoren voor het ontstaan van RSI zijn :
      - werkorganisatie : grote werkdruk, weinig pauzes, overwerken, stress
      - werkplek : steeds dezelfde (foute) werkhouding, uitoefenen van teveel kracht
      - individueel : geen ontspannen werkwijze, bepaalde lichamelijk kenmerken zoals een slechte conditie
      Naast inrichting van de werkplek en een juist gebruik van deze werkplek, spelen dus ook factoren als aard van het werk, gedrag en mentale belasting (werkstress) een belangrijke rol bij het ontstaan van RSI. De kans op het ontstaan van RSI wordt daarom ook wel uitgedrukt aan de hand van het 5 x W-model, nl. '
      Werktaken, Werktijden, Werkdruk, Werkplek en Werkhouding' :  

      Werktaken
      Zorg voor een uitgebalanceerd takenpakket met voldoende spreiding over de dag en met voldoende individuele regelmogelijkheden.
      Werktijden
      Zorg voor regelmatige en natuurlijke pauzes en beperk het totaal aantal uren beeldschermwerk op een dag tot maximaal 6 uur.
      Natuurlijke pauzes ontstaan door een gevarieerde taak waarbij ook andere dan beeldschermtaken worden uitgevoerd.
      Werkdruk
      Vermijd pieken in de werkdruk door in te spelen op voorziene periodes van hoge werkdruk.
      Een hoge werkdruk kan het beste worden aangepakt door de medewerker voldoende regelmogelijkheden te geven.
      Werkplek
      Zorg voor een ergonomisch optimale werkplek, inclusief zaken als verlichting en binnenklimaat.
      Werkhouding of -wijze
      Zorg ervoor dat werkzaamheden op de minst belastende manier worden uitgevoerd.
      Geef om dit te bereiken, de medewerkers voldoende voorlichting over het optimale gebruik van de werkplek.

      De eerste 3 factoren kunnen daarbij worden samengebracht onder de term '
      werkorganisatie'.
      Belangrijk is, zoals reeds aangegeven, een integrale benadering, waarbij zoveel mogelijk een bronaanpak wordt gekozen.
      Het inzetten op slechts ťťn van de bepalende factoren, zoals bijvoorbeeld de inrichting van de werkplek of het nemen van voldoende pauzes, is onvoldoende effectief.
      Ook de activiteiten in de privť-sfeer en de eigen verantwoordelijkheid van de medewerker in deze, zijn in dit kader van belang.


    3. - Behandeling

    Er bestaat geen specifieke behandeling voor RSI.
    Wanneer u vermoedt dat uw pijnklachten wel eens RSI kunnen zijn, neemt u best zo snel mogelijk contact op met uw huisarts en/of bedrijfsarts.
    Hoe sneller de klachten worden aangepakt, hoe groter de kans dat ze uiteindelijk volledig zullen verdwijnen.
    Tenzij specifieke lichamelijke afwijkingen worden ontdekt (bv. carpale tunnelsyndroom) zal de behandeling de verschillende risicofactoren moeten aanpakken.

    Voor de patiŽnt zijn belangrijke aandachtspunten :

    - stress en te hoge werkdruk vermijden
    - gezond eten
    - regelmatig ontspanning nemen
    - een goede werkhouding is essentieel,
    - specifieke oefeningen al of niet onder begeleiding van therapeut
    - houdingstherapie
    - conditietraining
    - eventueel medicatie door de arts voorgeschreven

    Voor de verantwoordelijken zijn belangrijke aandachtspunten :

    - aanpassingen werkplek
    - aangepast meubilair
    - aanpassingen werkorganisatie

    Omdat altijd meerdere factoren meespelen, wordt volledige rust afgeraden.
    Wel moeten de pijnlijke spiergroepen tijdelijk gespaard worden.
    Over het nut van specifieke kinesitherapie-technieken (zoals Mensendieck- of Cesar-therapie, bindweefselmassage, haptotherapieÖ) en van alternatieve geneeswijzen zoals acupunctuur, ayurveda of Chinese geneeskunde bestaan onvoldoende wetenschappelijke gegevens.


    4. - Tips voor werken aan een beeldscherm

    • Kijkafstand en lettergrootte
      Plaats het beeldscherm op de aanbevolen kijkafstand.
      Afhankelijk van lettergrootte kunnen aanpassingen nodig zijn :

      Beeldschermformaat    Afstand beeldscherm
               14 inch                     55 Ė 75 cm
               17 inch                     60 Ė 85 cm
               19 inch                     70 Ė 95 cm
               21 inch                     75 Ė 105 cm

    • Plaatsing van het beeldscherm
      Plaats het beeldscherm recht voor u.
      Zo voorkomt u langdurig opzij kijken. 

    • Gebruik laptop/ notebook
      Maak niet langer dan twee uur per dag gebruik van een laptop/ notebook.
      Moet u toch regelmatig langer werken, sluit dan uw laptop aan op een docking-station of een los beeldscherm, muis en toetsenbord.

    • Instelling armsteunen
      Stel uw armsteunen zo in dat uw ellebogen goed worden ondersteund ga rechtop zitten en buig uw onderarmen in een hoek van negentig graden ten opzichte van de bovenarmen.
      Let erop dat u niet inzakt, of uw schouders door de armsteunen omhoog worden gedrukt.

    • Hoogte-instelling stoel
      Stel uw stoel zodanig in dat de bovenzijde van de armsteun gelijk staat met de bovenzijde van uw bureaublad.
      Het is goed om ter ontspanning van de spieren in de nek-schouderregio regelmatig uw armen te laten rusten op het bureau en/of de armsteunen.
      Houd uw handen tijdens het typen en muizen zodanig dat de as van de onderarm in de lengterichting doorloopt tot in de middelvinger.
      Steun tijdens het typen of muizen uw polsen nooit alleen of voornamelijk af op werkblad of polssteun want dan wordt het gewicht van de hele arm geconcentreerd op het kwetsbare polsgebied.

    • Dikte bureaublad
      De benen mogen bij juist ingestelde stoelhoogte niet klem zitten onder het werkblad.
      Een goed werkblad is niet dikker dan 5 cm.

    • Documenthouder
      Gebruik een documenthouder aan als u regelmatig documenten overtypt.
      Plaats de documenthouder tussen toetsenbord en beeldscherm als u niet blind typt.

    • Voetensteun
      Als uw voeten niet voldoende worden ondersteund, gebruik dan een voetensteun.
      De knieŽn moeten een hoek vormen van ong. 90į

    • Headset
      Gebruik een goede hoofdtelefoon met microfoon wanneer u tijdens het telefoneren beeldschermwerk moet verrichten.

    • Muis/ toetsenbord
      De ergonomische verantwoorde dikte van een toetsenbord of muis is maximaal 4 cm. Hoe dikker de muis, hoe meer de hand achterover buigt.

    • Kabels toesenbord/ muis
      De kabels van toetsenbord/ muis moeten een gemakkelijke plaatsing op het bureau toelaten.
      Voorkom dat u ver moet reiken naar toetsenbord of muis.
      Deze moeten zich direct onder handbereik bevinden als uw armen in een hoek van negentig graden op uw bureaublad rusten.
      Houd de muis in de hand in het verlengde van de onderarm, buig de pols niet achterover of naar links of rechts.
      Voor kleine muisbewegingen moet de onderarm worden ondersteund door het tafelblad of door een armsteun.
      Maak grotere beweging met de muis vanuit de elleboog en niet vanuit de pols.
      Laat de zijkant van de handpalm op de muismat rusten.
      Hierbij zorgt een ergonomische muis voor de meest natuurlijke stand van pols en hand.
      Leg de muis voor in de hand en laat de vingers ontspannen op de muisknoppen rusten.
      Ideaal is een draadloze muis die je met beide handen kan bedienen.

    • Haperende muis
      Maak het rollenmechanisme schoon wanneer de muis hapert.

    • Spiegelingen
      Gebruik zonwering wanneer u last heeft van spiegelingen door invallend licht van buiten.
      Kantel uw beeldscherm of verplaats het op uw bureau wanneer de spiegelingen door de verlichting worden veroorzaakt.

    • Variatie lichaamshouding
      Wanneer u de hele dag aan het bureau zit, is de variatie in lichaamshouding beperkt.
      Verander regelmatig van houding door bijv. staand te telefoneren of met een collega te overleggen.

    • Leesbril
      Het leesgedeelte van uw varifocusbril of een klein leesbrilletje is minder geschikt voor beeldschermwerk.
      Misschien heeft u een speciale (computer)bril nodig zodat u zonder uw hoofd achterover te buigen goed op het scherm kunt kijken.

    Cfr. ook :
    - '
    Beeldschermwerk en oogklachten' op : http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=2207 
    - '
    Test je beeldscher' op : http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=2263 


    5. - Oefeningen om RSI te voorkomen

    Uit onderzoek blijkt dat het belangrijk is om regelmatig korte pauzes te houden om zo RSI te voorkomen.
    Het is belangrijk om de overbelaste lichaamsdelen even te ontspannen door oefeningen te doen of door andere werkzaamheden uit te voeren.
    Dat blijkt meer op te leveren dan passief pauzeren.
    Meerdere korte pauzes zijn effectiever dan ťťn lange pauze.
    Een goede uitgangshouding voor deze oefeningen is de volgende :

    - Zit of sta met een rechte rug
    - Hou het hoofd recht, kruin wijst naar het plafond
    - De schouders zijn laag.
    Adem een paar keer diep in en uit en richt uw aandacht op het nek- en schoudergebied.
    Blijf tijdens de oefeningen goed doorademen.
    - Strek uw armen omhoog en maak uzelf zo lang mogelijk.
    - Schouders laag.
    Denk bij uw schoudergewricht aan een klok.
    Maak met beide schouders cirkels.
    Eerst 10 cirkels voorwaarts, daarna 10 cirkels achterwaarts.
    Doe het aandachtig en langzaam.
    - Armen hangen los langs de romp. 
    Bij het inademen heft u de rechter schouder op. 
    Terwijl u uitademt, gaat het rechter oor naar de rechter schouder.
    Inademen : hoofd weer rechtop. 
    Uitademen : rechter schouder weer omlaag.
    Herhaal deze oefening vervolgens 2x rechts, daarna 3x links.
    - Plaats uw handen om de nek/hals. 
    Maak kleine cirkels met het hoofd. 
    Laat de cirkels kleiner worden totdat uw hoofd in het midden staat. 
    Schud handen en armen los.
    - Breng de schouders naar de oren en laat bij het uitademen in ťťn keer los.
    - Plaats uw handen op de schouders. 
    De vingers drukken krachtig op de spieren. 
    Beweeg de ellebogen op en neer zodat de vingertoppen steeds van plaats veranderen. 
    Masseer op deze manier de spieren aan de bovenkant van de rug. 
    Handen wegnemen, armen in uitgangspositie uitschudden.
    - Draai uw handen rond vanuit de polsen (linksom en rechtsom).
    - Spreid en sluit de vingers een aantal keer.
    - Schud de armen los en laat de handen en vingers in de beweging meegaan.

    Cfr. : http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=1315 



    Workplace Health
    Repetitive Strain Injury Ė Prevention
    Video

    ©2006 Healthology, Inc.
    Webcast Transcript :

    • Announcer
      Repetitive strain injuries Ė caused by too many repetitions of a motion without enough breaks for the body to rest Ė can be devastating

    • Deborah Quilter
      Youíre using the same group of muscles in the same way over and over again hundreds.
      One of the most common questions I get over my website is "
      Dear Ms. Quilter, what job can I do now that I can't use my hands any more ?"

    • Announcer
      After recovering from her own injury, writer Deborah Quilter wrote two books on the subject.
      Now she teaches others how to change their work habits Ė and avoid repetitive strain injuries.
      She offers the following tips for computer users :

    • Deborah Quilter
      The keyboard needs to be low so that you can relax your shoulders and place the keyboard directly underneath your hands.
      If you have to lift your shoulders even a millimeter, it's going to strain your entire upper extremity.

    • Announcer
      A lower keyboard also helps users maintain proper hand position.

    • Deborah Quilter
      You want to use a neutral wrist.
      You can find the neutral wrist by letting your hand drop and just bringing it up.
      It's not this.
      It's not a limp wrist.
      It's not dorsiflexus, itís right in the middle.

    • Announcer
      Posture is also important.

    • Deborah Quilter
      You want to sit very tall, so that your ear, shoulder, and hip are over lined.
      Theyíre in a straight line.

    • Announcer
      Ms. Quilter also suggests using keystrokes instead of the mouse whenever possible.

    • Deborah Quilter
      The mouse is not shaped for the human hand.
      It puts you in two very bad positions at the same time.

    • Announcer
      But one of the most important things users can do is to take enough breaks to allow the muscles, tendons and nerves to rest.

    • Deborah Quilter
      You take breaks at least every twenty minutes, preferably standing.
      And you exercise to keep your body strong enough to maintain proper seated posture and also to strengthen the arm to hold the hand.
      Whether we realize it or not, we are all athletes at the computer, so we have to treat ourselves like athletes in training

    • Announcer
      These simple steps can help computer athletes avoid being side-lined by R.S.I. Thanks for joining us on todayís Once Daily.

    Cfr. : http://iwon.healthology.com/emb_player/embedad.aspx?content_id=3820&focus_handle=workplace-health&brand_name=iwon&sky=hty|newsletter|bodyaches-11-30-06|link1

    02-12-2006 om 22:42 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (8 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-11-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel I
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  














    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

    Deel I

    Doe de test
    en krik je motivatie omhoog !

    Gelukkig wil een meerderheid met roken stoppen.
    Velen proberen en merken aan den lijve dat het een proces is van vallen en opstaan.
    Wist je dat ex-rokers doorgaans 3 ŗ 5 pogingen ondernemen alvorens ze definitief lukken ?
    Dus je mag niet opgeven na ťťn of meerdere mislukkingen.
    Motivatie heb je nodig om deze hardnekkige gewoonte af te leren.
    Dat wil zeggen dat je er zelf van overtuigd bent dat je wil en kan stoppen.
    Hoe iemand tegen zijn verslaving aankijkt, verandert nogal eens.
    En ook iemands houding tegenover het stoppen wijzigt naargelang de omstandigheden.
    De motivatie is zelden een kwestie van alles of niks.

    Herken je dit ?
    'roken is mijn vrijheid' : de onbezorgde voorstander
    'ja ja, maar nu nog niet' : de twijfelaar
    'nog ťťn farde ....' : de voorbereider
    'oef, 't gaat ook zonder' : de stopper
    'roken stinkt' : de volhouder
    'eentje kan geen kwaad' : de hervaller.

    Elke poging is een leerproces
    Misschien verpletterde jij ook al meermaals vastberaden 'de laatste sigaret' onder je schoenzool.
    Eigenlijk is dat een goede zaak, want elke poging is een leerproces.
    Ervaren stoppers kennen als geen ander de valkuilen die eigen zijn aan de rookverslaving.
    Probeer het opnieuw.
    De feiten leren dat met elke poging jouw kansen op een definitief rookvrij leven vergroten.

    Motivatie
    Sta (nog) eens stil bij jouw motivatie om te stoppen met roken.

    Doe de test en krik je motivatie omhoog !

    Cfr. : http://www.logoleuven.be/documents/tabakspreventie/rookstop/test-je-motivatie.xml



    1. - Acupunctuur - Zwolle - Helder en bekwaam in acupunctuur
    Cfr. :
    http://www.acupunctuur-zwolle.nl/ 

    2. - Acupunctuur Ė Historie
    Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging
    China
    In China gaat de geschiedenis van de acupunctuur zo'n vijfduizend jaar terug.
    Uit inscripties in steen en andere bronnen blijkt, dat men toen al op de hoogte was van een relatie tussen de oppervlakte van het lichaam en de inwendige organen.
    Proefondervindelijk heeft men geconstateerd dat door het prikkelen, verwarmen of masseren van drukpijnlijke plaatsen op het lichaam het probleem opgelost werd.
    Het basisprincipe van de acupunctuur - Yin en Yang - werd reeds eeuwenlang bij talrijke volkeren toegepast.
    De "Gele Keizer" Huang Ti (2674-2575 v.Chr.) heeft veel bijgedragen tot het inventariseren en vastleggen van die kennis.
    Tijdens de Ching-dynastie (1644-1922) kwam er een kentering toen de westerse missionarissen de medische verworvenheden uit hun moederland importeerden.
    Pas in 1949 werd China zich opnieuw bewust van haar eeuwenoude rijke medische traditie.
    Het Westen
    In het westen was de acupunctuur niet geheel onbekend.
    In Nederland zijn De Bond (1657) en Ten Rhijne (1683) de oudst bekende auteurs over dit onderwerp.
    In Engeland, Duitsland, Oostenrijk en Frankrijk verschenen in het begin van de vorige eeuw publikaties.
    Pas na het bezoek van oud-president Nixon (van de Verenigde Staten) was er echter plotseling sprake van een wereldwijde belangstelling waarbij overigens nogal eenzijdig de rol van acupunctuur bij pijnbestrijding benadrukt werd.
    Nederland
    De acupunctuur heeft in Nederland sinds de zeventiger jaren een steeds vastere plaats ingenomen in de Nederlandse samenleving.
    Door het bieden van een andere benaderingswijze vervult acupunctuur zowel additieve als alternatieve functie ten aanzien van de reguliere geneeskunde.
    Hoewel deze geneesmethode een breed indicatie-veld heeft, zijn de meest bekende tot op heden de pijnbestrijding en het stoppen met roken.
    De effectiviteit van acupunctuur werd nogmaals bewezen door Dr. Hing Gwan Kho in zijn proefschrift 'Acupuncture in Anaesthesia and Surgery, Studies in China and the Netherlands' (1991, Katholieke Universiteit Nijmegen Ė cfr. :
    http://opc.ub.rug.nl/DB=1/SET=17299/TTL=1/SHW?FRST=1 -).
    Cfr. :
    http://www.acupunctuur.com/historie.html

    3. - Acupunctuur als meerwaarde bij Coaching
    Drs. Anna SchrŲder-Appelman - Scriptie in het kader van de acupunctuuropleiding van de NAAV - April 2004
    Inhoudsopgave 
    Inleiding - 1  Coaching - 1.1  Coaching, waarom, voor wie en waartoe - 1.2  Het Coachmodel - 2  Acupunctuur als instrument bij Coaching - 2.1  De invloed van de psyche op het lichaam - 2.2  De vijf elementen, de organen en hun psychische eigenschappen - 2.3  Overtuigingen en hun effect op de organen - 2.4  De onderlinge beÔnvloeding van de organen - 2.5  Symboliek van de klacht - 3  De diagnostiek - 3.1  Anamnese - 3.2  De Pijn - 3.3  Alarmpunten (Mo-punten) - 3.4  Het gezicht van de cliŽnt - 3.5  Het functioneren van de zintuigen - 3.6  De polsdiagnostiek - 4  Therapie - 4.1  Welke punten worden geprikt ? - 4.2  De aanpak in mijn eigen praktijk - 4.3  Stapsgewijze benadering - 4.4  De uitgebreidere acupunctuurbehandeling - 4.5  Het traject van coaching en acupunctuur - 4.6  Duur van een therapie sessie - 4.7  Huiswerk - 4.7.1  Oefeningen ter versterking van de energie in de organen - 4.7.2  EFT  Emotional Freedom Techniques - 4.7.3  EFT Oefeningen - 5  Conclusie - 6  Samenvatting (Nederlands)  Summary (Engels) - 7  Literatuur: bronvermelding - 8  Stellingen - Bijlage : Scorelijsten Ton van Gelder.
    Inleiding
    Tijdens de uitoefening van mijn beroep in de medische sector heb ik ondervonden dat de nadruk vooral ligt op het somatische aspect van ziekten.
    Ik ontdekte dat dit slechts ťťn aspect was in de benadering van de cliŽnt.
    Ik kwam tot inzicht dat het psychosociale aspect minstens even belangrijk is en vaak zelfs belangrijker.
    Om die reden  ben ik de vierjarige opleiding Integrale Toegepaste Psychologie gaan volgen bij het ITIP (Instituut voor Toegepaste Integrale Psychologie). Na deze opleiding ben ik actief mensen gaan begeleiden en coachen.
    Sinds 1995  ben ik actief als coach.
    Tijdens deze periode heb ik vele cliŽnten begeleid en ondersteund op het gebied van loopbaanbegeleiding, persoonlijk functioneren, preventieve burn-out, communicatie vraagstukken en het inzicht krijgen in levensvragen.
    Mijn cliŽntŤle bestaat uit een gevarieerd publiek, onder wie zelfstandige ondernemers, artsen, dierenartsen, tandartsen, leidinggevenden uit het bedrijfsleven en particulieren.
    De themaís en de problematiek die door hen worden ingebracht, zijn van verschillende aard zoals : verbeteren van het persoonlijk functioneren - loopbaanvraagstukken - burnout - stress - communicatie problemen - levens - en zingevingsvraagstukken - stoppen met roken, overgewicht.
    Ik ga uit van een holistisch mensbeeld: psyche en lichaam zijn interactief en beÔnvloeden elkaar wederzijds.
    Vanuit deze visie ben ik sinds mijn opleiding bij de NAAV (2002) gaan onderzoeken in welke mate acupunctuur een meerwaarde kan zijn in mijn coachpraktijk.
    Opzet scriptie
    In deze scriptie wordt als eerste gekeken naar coaching en het proces van coaching.
    Daarna wordt gekeken op welke manier acupunctuur hierbij ondersteunend zou kunnen zijn.
    Ik licht verder in het kort toe hoe ik het proces van coaching en acupunctuur toepas in mijn praktijk, te Utrecht.
    Ik gebruik bewust het woord cliŽnt in plaats van patiŽnt omdat mijn insteek het coachen is en de acupunctuur daarbij een ondersteunende rol heeft
    .../...
    Samenvatting
    Coaching is een effectieve methode om een persoon op positieve wijze te ondersteunen in zijn persoonlijk groeiproces en functioneren.
    Tijdens het coachproces wordt duidelijk wat de cliŽnt belemmert in zijn functioneren of hem ervan weerhoudt om zijn doel(en) te behalen.
    Vaak liggen deze belemmeringen op het psychische vlak, in de vorm van beperkende (negatieve) overtuigingen.
    Hoewel de cliŽnt tijdens coaching tot inzicht is gekomen in welke beperkende overtuigingen hij Ď
    gevangen zití, kan hij hier nog lange tijd in blijven hangen.
    Acupunctuur kan hierbij helpen.
    Net zoals de psyche het lichaam beÔnvloedt, zo kan het lichaam (ondersteund door acupunctuur) de psyche beÔnvloeden.
    Uitgaande van de basisprincipes van de acupunctuur wordt er gediagnosticeerd welk(e) orgaan/organen energetisch uit balans zijn.
    Afhankelijk van welke organen in deficiŽntie en in exces verkeren, worden de desbetreffende Toniserings-, Sederings- of Bronpunten en bijbehorende meridianen geprikt, zodat het systeem weer in balans is.
    Deze aanpak van coaching in combinatie met acupunctuur zorgt ervoor dat de cliŽnt tijdens het gehele proces goed in balans blijft, nieuwe inzichten sneller integreert, makkelijker praktische stappen neemt  en dat de resultaten duurzaam zijn .../...
    Cfr. : 
    http://www.acupunctuur.com/scripties-printversie/schroder.pdf

    4. - Acupunctuur bij verslavingen
    ORES Instituut voor Neuroacupunctuur te Soest - © ORES 2004
    We behandelen bij ORES enkele vormen van verslaving : eetverslaving, alcoholverslaving en nicotineverslaving.
    Er zijn diverse soorten verslavingen waar acupunctuur ingezet kan worden, om de patiŽnt te helpen bij het Ď
    afkickení.
    De meest voorkomende verslavingen zijn nicotine en alcohol.
    Er is bijvoorbeeld in een dierexperimenteel model aangetoond dat alcoholverslaving bij Ď
    verslaafdeí ratten goed therapeutisch werkt.
    Ook zijn er positieve effecten gevonden van het inzetten van acupunctuur bij de moeilijke cocaÔneverslaving.
    Behalve de klassieke Chinese algemene lichaamsacupunctuur wordt bij verslavingen ook succesvol ooracupunctuur ingezet.
    Wel moet rekening gehouden worden met het feit dat verslavingen ook grote psychische, emotionele en sociale componenten hebben.
    Goede begeleiding van patiŽnten met een verslaving is dan ook niet weg te denken naast een acupunctuurbehandeling.
    Bij ORES bespreken we uitvoerig met de patiŽnt de verwachtingen en de haalbaarheid van het '
    afkickprogramma' dat we samen opstellen.
    Verder onderzoeken we of het zinvol is meteen de verslaving te behandelen of dat het beter is eerst de algehele energetische status te verbeteren.
    Voor nicotine verslaving heeft ORES een speciale behandeling ontwikkeld die bestaat uit 3 behandelingen :
    - een eerste intake en een balancerende behandeling,
    - de belangrijke 2de behandeling met ooracupunctuur met verblijfsnaalden en
    - richtlijnen hoe om te gaan met de afkickverschijnselen en een afsluitende behandeling.
    De motivatie om te stoppen moet wel hoog zijn.
    Alleen proberen van de sigaret af te komen en dan van de acupunctuur verwachten dat het daarom zal gaan, werkt in het algemeen niet.
    Acupunctuur helpt alleen bij uiterst gemotiveerde mensen !
    Cfr. :
    http://www.ores.nl/

    5. - Acupunctuur in de gehandicaptenzorg - Uitdaging voor een lange adem
    Corine M.J.P. van der Beek, arts - Amsterdam, augustus 2002
    .../... naast ooracupunctuur voor pijn in zijn been, probeer ik hem een beetje te ondersteunen in zijn strijd tegen zijn rookobsessie : Shen Men, long, basischakra, frustratiepunt, agressiepunt.
    Bij de lichaamsacupunctuur behandel ik meteen Ma 36, Di 4 en Ni 3 .../...
    Anti-rookbehandeling
    Ook voor deze behandeling komt een cliŽnt van redelijk hoog niveau.
    Omdat hij van een medebewoner gehoord had over acupunctuur, had hij het plan opgevat om van het roken af te komen met behulp van acupunctuur.
    VIII. Man, 40 jaar, verstandelijke leeftijd 12 jaar.
    .../...
    Hoofdklacht : wil van het vieze roken af (komt uit eigen beweging)
    Huidige behandeling : lithium, slaapmedicatie, verder wekelijks ondersteunende gesprekken, tot nu toe geen anti-rookbehandeling gehad
    Behandeling : techniek : ooracupunctuur met naalden en zaadjes
    - ∑ anti-rook programma volgens Nogier in dominante oor
    - ∑ vervolgens Shen Men, basischakra, longpunt, agressie en frustratiepunt beiderzijds (zaadjes)
    Resultaat : nadat de angst was overwonnen vond hij het prikken met naalden erg meevallen.
    Zeer stoer gedrag en positieve pep-talk.
    Ook het aanbrengen van de zaadjes leverde het nodige commentaar op.
    Drie dagen later sprak ik hem : hij had de zaadjes uit zijn oren gehaald want hij had er last van.
    Hij voelde prikkelingen in zijn oor (agressiepunt) die heel naar waren.
    Toen hij een sigaret rookte kreeg hij een hele bittere smaak in zijn mond.
    Maar hij was heel positief.
    Ik had wekelijks met hem afgesproken om hem zoveel mogelijk te kunnen steunen, maar de eerstvolgende afspraak kwam hij niet opdagen.
    De depressieve gedachten, dat hij het roken toch niet zou kunnen laten, kregen de overhand.
    Onlangs heeft hij besloten dat hij blijft roken.
    Beperking : bij deze impulsieve cliŽnt was overleg met het team voorafgaande aan de behandeling misschien beter geweest.
    Zij zouden de behandeling zeker hebben afgeblazen.
    Niet omdat ze geen vertrouwen hebben in de behandeling, maar om deze cliŽnt voor nog meer teleurstellingen te behoeden.
    Pragmatisme : omdat ik meende deze cliŽnt enigszins te kunnen inschatten heb ik met hem en zijn begeleider een behandelplan doorgenomen alvorens de behandeling te starten.
    Ik heb hem nog een week bedenktijd gegeven.
    De eerste behandeling verliep heel positief en vlot.
    Zijn verwachtingen waren hooggespannen ook al had ik ze proberen te temperen.
    Hij zal niet gauw opnieuw komen voor acupunctuur : het verwachte wonder bleef uit .../...
    Cfr. :
    http://www.acupunctuur.com/scripties/vanderbeek.html

    6. - Acupunctuur, leer- en handboek van de praktische acupunctuur 
    Van der Molen C. - Lochem : Uitgeversmaatschappij De Tijdstroom, 1990;244-5.

    7. - Al te naÔeve geneeskunde ? - Materiaal voor de vorming van een oordeel over alternatieve geneeswijzen
    Hugo Stephan Verbrugh (1937-); Maud Kips (1955-) - Uitgeverij Kampen : Klement, 2004 Ė ISBN : 90-77070-36-2
    Cfr. : http://lbs4.ub.rug.nl/CHARSET=ISO-8859-1/DB=1/FKT=4/FRM=(%255C5004%2B44.98%2Bof%2B%255C8110%2B30a**)%2Ben%2Bmat%2Bb/IMPLAND=Y/LNG=NE/LRSET=1/SET=1/SID=594da54e-9/SRT=YOP/TTL=1/SHW?FRST=3

    8. - Bupropion hulpmiddel bij het stoppen met roken 
    Geneesmiddelenbulletin, nieuwe geneesmiddelen 2000;34:23-4 - Cfr. bv. : http://www.hulpgids.nl/medicijnen/medicijnsoorten/bupropion.htm 

    9. - BV's (Bekende Vlamingen) over stoppen met roken
    Cfr. :
    http://www.turnhout.be/pag_doc.asp?vid=3890 

    10. - Conceptrichtlijn Behandeling van tabaksverslavinghttp://www.cbo.nl -
    Cfr. :
    http://www.cbo.nl/product/richtlijnen/folder20021023121843/tabakv-rl-2004.pdf 

    11. - De eerste sigaret
    Klasse voor Leerkrachten 94, april 1999, p. 3
    U hebt de cijfers uit de statistieken niet nodig.
    U ziet het elke dag thuis, op school of op straat : volwassenen roken iets minder, maar de jongeren veel meer.
    Meisjes hebben hun zogeheten achterstand op de jongens in enkele jaren tijd ingehaald.
    Bij de 17-jarige jongens en meisjes rookt nu ťťn op drie.
    En ze beginnen er steeds vroeger aan.
    Reden genoeg om al van in de lagere school aan tabakspreventie te doen.
    Het gaat om mensenlevens.
    Vťťl mensenlevens.
    Daarom vroeg 'Klasse' aan de jongeren zelf om een campagne uit te werken.
    Daar zijn ze nu druk mee bezig.
    In de maand mei ziet u het resultaat o.a. in de drie uitgaven van 'Klasse' : voor leerkrachten, voor ouders en voor jongeren.
    Misschien kan u op school in mei ook een activiteit plannen om het roken te stoppen.
    Alle beetjes helpen, 'Klasse' ondersteunt uw actie.
    Daar hebben we een miljoen frank voor verzameld (cfr. ook p. 21).
    Schrijf ons wat u onderneemt (of al ondernomen hebt).
    Op maandag 31 mei hebt u bovendien de kans om in te pikken op de 'Werelddag Tegen Tabak'.
    De achterpagina van deze 'Klasse' hebben we alvast met veel sympathie ter beschikking gesteld van 'Kom op tegen Kanker'.
    In ons land sterven nu al elke dag meer dan twintig mannen aan de gevolgen van roken.
    De vrouwen en de jongeren zullen snel volgen.
    Tenzij we nu samen een dam opwerpen ?
    Cfr. :
    http://www.klasse.be/archieven/archieven.taf?actie=detail&nr=3441 

    12. - De effectiviteit van fysische therapie - Elektrotherapie, lasertherapie, ultrageluidbehandeling
    Den Haag : Gezondheidsraad, 1999 - Publicatie nr 1999/20
    Aanbiedingsbrief - Nr. 1999/20, Den Haag, 14-12-99 aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
    (Preferred citation : 'Effectiveness of physical therapy Ė Electrotherapy, lasertherapy, ultrasound therapy --- The Hague : Health Council of the Netherlands, 1999 - Publications no. 1999/20 Ė ISBN : 90-5549-287-6)

    Cfr. :
    http://www.gezondheidsraad.nl/pdf.php?ID=128&p=1

    13. - De effectiviteit van interferentie, ultrareiz en diadynamische stromen - Deel 1 : Werkingsmechanismen
    Heijden GJMG van der, Bouter LM, Knottnerus JA - Ned T Fysiother 1990; 100: 4-10
    Cfr. : http://www.healthcouncil.nl/pdf.php?ID=128&p=1 

    14. - De effectiviteit van stoppen met rokenmethoden die in Nederland beschikbaar zijn - Een systematische review op basis van Cochrane-gegevens 
    Willemsen MC, Wagena EJ, Van Schayck CP - Ned Tijdschr Geneeskd 2003;147 (19):922
    Cfr. : http://www.stivoro.nl/getbijlage.jsp?bijlage=AeVEnHA350M%3D 

    15. - De Opluchting Ė In ťťn dag van het roken af !
    Jan Geurtz Ė Flamingo, 10e druk, 2001 Ė ISBN : 9041405186
    Pedagoog Jan Geurtz was zelf vijfentwintig jaar lang verstokt roker en heeft inmiddels met het boek
    'De Opluchting' - http://www.opluchting.com/ - via gelijknamige (groeps)trainingen uitgebreid aangetoond een succesvolle methode te hebben ontwikkeld om te stoppen met roken.
    Bij de
    'opluchting-methode' Ė cfr. : http://www.opluchting.com/ - gaat het er niet alleen om te weten, maar ook om te voelen dat je het roken niet meer nodig hebt.
    De methode zorgt ervoor dat je in ťťn dag volledig bevrijd bent van het roken, zonder ontwenningsverschijnselen of noemenswaardige gewichtstoename.
    De opluchting, een unieke methode die je in ťťn dag van het roken afhelpt : - zonder ontwenningsellende - nauwelijks gewichtstoename - zonder enige vorm van dwang of zelfdiscipline - gaat veel verder dan alle bestaande methoden - succes reeds uitgebreid aangetoond - werkt niet alleen via 'weten' maar ook via 'voelen' - gebaseerd op liefde en zelfrespect - tijdens het stoppen mag je blijven roken ! - apart hoofdstuk over soft- en andere drugs - helder als een kookboek, spannend als een detective, aangrijpend als een roman.
    Ook voor ex-rokers die het roken nog steeds missen.
    Cfr. :
    -
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIa2RVuwm2PPAmVh@xtE40198651&PrdId=666877152
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden
    1/b - De opluchting Ė In een dag van het roken af ! - Herziene editie
    Jan Geurtz
    Recensie (NBD|Biblion) : Zowel de stoppen-met-roken methode van Allan Carr, als de 'Opluchtings-methode' van Jan Geurtz gaan ervan uit dat de puur lichamelijke verslaving bij roken weinig voorstelt, maar dat het voor 99,9 % een psychische verslaving is.
    Carr heeft dit voor het eerst op schrift gesteld.
    De methode van Jan Geurtz (orthopedagoog en onderwijskundige) laat zien hoe dat komt.
    Hij benadert het probleem niet alleen rationeel, maar ook via een zogenaamd rationeel-emotief deprogrammeermethode.
    De auteur ziet zijn methode als een vervolg op die van Carr.
    Hij organiseert cursussen van een dag, die mensen bevrijden uit hun verslaving.
    Deze nieuwe druk bevat een appendix (circa dertig pagina's) met antwoorden op veel gestelde vragen, wat te doen als het weer misgaat en hoe kan ik een ander helpen.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002602628&Section=BOOK&iref=precp

    16. - De pil tegen roken
    Fiore M - Elsevier 4-9-1999: 98-101.

    17. - De punten die door laserpunctuur tegen roken gebruikt worden
    Wat die punten betreft die behandeld worden met de softlaser heb ik in de scriptie van Sylvia Danhof
    'Een verkenning op het gebied van de anti-rookbehandeling
    onder '
    Stand van zaken in de eigen onderzochte populatie
    Cfr. :
    http://www.acupunctuur.com/scripties/danhof.html 
    gelezen dat het over de volgende punten gaat :
    -
    lichaamspunten beiderzijds : Di 4, Lo7, Kri 6, Ha 7, Le 3, Ma 36, Mi 6, Ni 3, Di 20.
    Dit zijn welbekende punten uit regelkringen, die zorgdragen voor verhoging van de psychische en lichamelijke weerstand en ontspanning.
    -
    oorpunten beiderzijds : Shen men, nulpunt, basischakra, allergiepunt, omega 1 en 2, epifyse, verslavingspunt, frustratiepunt, agressiepunt, longpunt.
    Deze punten vormen deels de verslavingsas en werken met name in op de psychische stress die nicotine onthouding met zich mee brengt.
    In
    'Acupunctuur in de gehandicaptenzorg - Uitdaging voor een lange adem' schrijft Dr. Corine M.J.P. van der Beek (Amsterdam, augustus 2002) : .../... naast ooracupunctuur voor pijn in zijn been, probeer ik hem een beetje te ondersteunen in zijn strijd tegen zijn rookobsessie : Shen Men, long, basischakra, frustratiepunt, agressiepunt.
    Bij de lichaamsacupunctuur behandel ik meteen Ma 36, Di 4 en Ni 3 .../...
    Cfr. :
    http://www.acupunctuur.com/scripties/vanderbeek.html
    Ver der las ik op de site van SmokeFree :
    Softlasertherapie is acupunctuur met laserlicht.
    Met de laser worden 55 punten op de meridianen behandeld.
    Dit zijn energiebanen die ervoor zorgen dat uw lichaam in balans en conditie blijft.
    Door de behandeling wordt het verlangen naar het roken geneutraliseerd/onderdrukt.
    De te behandelen punten zijn gelegen op de rug, hoofd, oren, handen en voeten.
    Cfr. :
    http://www.smokefree.nl/ 

    18. - De sport van het stoppen Ė De Moos-methode helpt je van het roken af
    J.M. Raadt Ė Artica, 2004 Ė ISBN : 9090179798
    Wil je stoppen met roken, maar lijkt het je lastig ?
    Was je gestopt, maar ben je weer begonnen ?
    Ben je nog niet gestopt omdat een leven zonder sigaret nog ondenkbaar is ?
    Volg dan de Moos-methode.
    Het is de eerste en enige methode waarbij je niet direct stopt met roken maar langzaam afbouwt volgens een persoonlijk schema.
    Volg je de Moos-methode dan heb je geen ontwenningsverschijnselen, geen gewichtstoename, geen gevecht tegen onbedwingbare rookneigingen, geen sikkeneurigheid.
    Alleen een gevoel van trots en triomf : `
    ik beheers de sigaret in plaats van de sigaret mij !'
    De Moos-methode gaat er van uit dat er verschillende sigaretten zijn, verschillende redenen waarom je rookt.
    En gedurende het afbouwen, ontdek je van elk type sigaret de beste manier om `m te elimineren.
    De rode draad is de ontdekking dat al die noodzakelijke sigaretten helemaal niet zo noodzakelijk zijn.
    En het ei van Columbus is dat je die ontdekking doet terwijl je nog rookt.
    Daarom gebeurt er iets heel bijzonders : je mag nog steeds roken, altijd, overal, wanneer je maar wilt, maar je hoeft gewoon niet meer.
    En dan heb je je wens, je doel bereikt.
    De Moos-methode is ontdekt en beproefd door journaliste Annemarie de Raadt en is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002381716&Section=BOOK

    19. - De Tabakswet
    Cfr. :
    -
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Tabakswet
    http://www.minvws.nl/dossiers/roken/hoofdpunten-in-de-gewijzigde-tabakswet/
    http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/sessioned/browsercheck/continuation=17674-002/session=394666776161281/action=javascript-result/javascript=yes

    20. - De verslaving voorbij / Midprice
    Jan Geurtz Ė Ambo, 2001 Ė ISBN : 9026317204
    In
    'De verslaving voorbij' komen alle eigentijdse vormen van verslaving of dwangmatigheid aan bod : - ē drugs- en medicijnverslavingen - ē alcohol- en rookverslaving - ē eet- en gokverslaving - ē seks- en relatieverslaving - ē diverse dwangmatigheden
    Jan Geurtz verklaart ze op een verrassende wijze en toont vervolgens een verbluffend simpele uitweg uit de gevangenis van verslaving en dwangmatigheid.
    Deze methode is in principe voor iedereen toepasbaar en helpt mensen daadwerkelijk een einde aan hun verslaving te maken !
    Familieleden van verslaafden kunnen door dit boek geÔnspireerd worden om op een andere manier met de verslaafde om te gaan, die minder belastend is voor henzelf en voor de verslaafde meer uitzicht biedt op verandering.
    Ook de verslavings-hulpverlener kan nieuwe inzichten opdoen die zijn behandeling succesvoller maken.
    Recensie (NBD|Biblion) : Het boek reikt een zelfhulpmethode aan : de bedoeling is om al lezende inzicht in de eigen verslaving te verkrijgen en door omkering van de levenshouding van negatief naar positief op relatief eenvoudige wijze de verslaving de baas te worden.
    Het eerste deel benadrukt de (h)erkenning van de verslaving en het ontstaan ervan uit negatieve ervaringen en identiteitsvorming.
    In deel twee worden de verschillende verslavingsvormen, onder andere roken, harddrugs en relatieverslaving, met hun eigen kenmerken beschreven.
    Het derde deel leert een manier om door middel van de ontwikkeling/versterking van het positieve zelfbeeld de verslaving de baas te worden c.q. niet meer nodig te hebben.
    Het boek is bedoeld voor de verslaafde zelf, maar kan voor de omgeving en hulpverleners eveneens een belangrijke betekenis hebben.
    De methode stoelt op de basisprincipes van de psychotherapie : resultaatmetingen zijn niet opgenomen zodat geen zekerheid verkregen kan worden over de methode.
    De auteur geeft met bijzonder veel succes ontwenningscursussen roken en geeft een cursus 'De verslaving voorbij'.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004001278096&Section=BOOK&iref=precp

    21. - Dodental ten gevolge van roken veel hoger dan verwacht
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) : SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : Zorgkrant 20-02-2006

    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2006/2-feb-nieuws/Dodentalgevolgerokenhogerverwacht.htm

    22. - Een Onverwachte Weg Naar Jezelf
    Jan Somers & Corinne Vermeij Ė Biolance - info@mezelfzijn.nl
    Hoe moeilijk is het niet om jezelf te blijven ?
    Het leven daagt je constant uit en zeker in relaties met anderen of dat nu op je werk, op school, bij de sportvereniging of binnen je familie is, is het vaak moeilijk om te doen wat jij graag wilt doen.
    Waardoor JIJ met een rotgevoel achter blijft.
    Hoe vaak dacht je niet dat je aan de verwachtingen van iedereen had voldaan, maar bleek achteraf dat het toch weer niet (goed) genoeg was... ?
    Hoeveel plannen en dromen heb je of heb je gehad die steeds opnieuw uitgesteld zijn of inmiddels helemaal onder de mat geschoven zijn ?
    Hoe vaak doe je niet iets wat je helemaal niet wilt doen, maar waarvan je denkt dat het nodig is om te bereiken wat je wťl wilt ?
    Hoeveel boeken heb je al gelezen, hoeveel cursussen en seminars heb je misschien zelfs al gevolgd op het gebied van persoonlijke ontwikkeling ?
    Hoe vaak heb je jezelf toch weer diezelfde valkuilen in zien stappen en pakte je weer een nieuw boek of schreef je in voor het volgende seminar ?
    Natuurlijk heeft dat allemaal zin gehad en bijgedragen aan jouw persoonlijke ontwikkeling !
    Maar wat nu als wij je garanderen dat het allemaal veel sneller ťn goedkoper kan ?
    Wat nu als wij je kunnen laten zien hoe jij 100% jezelf kunt zijn ?
    Hoe je van jouw leven ook echt JOUW leven kunt maken waarbij jouw creativiteit en talenten de hoofdrol spelen.
    Hoe je BLIJ kunt zijn met jezelf.
    En hoe iedereen in jouw omgeving daar beter van wordt.
    Cfr. :
    http://www.mezelfzijn.nl/

    23. - Een pil per dag tegen roken en overeten
    Juglen Ė Psycholoog,net, 16-06-06
    ANP - Een pil per dag en je bent van de trek in een sigaret of overmatig eten af.
    Dat zei de Canadese onderzoeker Despres dinsdag op het jaarlijkse congres van het American College of Cardiology in New Orleans.
    Hij presenteerde daar onderzoeken naar het middel rimonabant, dat voorkomt dat mensen toegeven aan hun hevige behoefte om te roken of te eten.
    Despres zei dat hij het middel, dat op zijn vroegst over twee jaar op de markt kan zijn, beschouwt als een levensreddend medicijn, omdat het de risicofactoren voor suikerziekte en hartziekten vermindert.
    Despres presenteerde twee studies.
    In een ervan verloor bijna driekwart van de 1.036 onderzochten uiteindelijk 5 procent van hun lichaamsgewicht.
    Bijna de helft verloor zelfs 10 procent.
    Onderzoek onder 787 rokers wees uit dat het middel niet onderdoet voor reeds bestaande middelen (nicotinevervangers) om mensen van het roken af te houden.
    Ongeveer ťťn op de drie deelnemers wist uiteindelijk van de sigaret af te blijven.
    Het stoppen met roken ging niet gepaard met een gewichtstoename.
    Bekend is dat rokers hebben een twee tot drie keer zo grote kans hebben om te sterven aan hart- en vaatziekten.
    Het aantal hartaandoeningen daalt echter met de helft bij personen die stoppen met roken.
    Cfr. :
    http://www.psycholoog.net/?p=492

    24. - Een pil tegen roken en zwaarlijvigheid
    Gezondheid,be, 14-04-04 - © 2000 Ė 2006 Gezondheid NV
    Het Franse bedrijf Sanofi-Synthelabo brengt waarschijnlijk over twee jaar een pil op de markt, rimonabant, die de hersencircuits blokkeert die aanzetten tot roken en overmatig eten.
    Het zijn dezelfde hersencircuits die door cannabisgebruik gestimuleerd worden.
    De eerste studies bij mensen werden begin maart 2004 op het jaarlijkse congres van het American College of Cardiology in New Orleans voorgesteld :
    - In een eerste studie kregen 1036 mensen met overgewicht een jaar lang dagelijks 20 mg rimonabant. Bijna driekwart verloor 5 procent van hun lichaamsgewicht, bijna de helft verloor zelfs 10 procent. Ook werd er een gunstig effect op het cholesterolgehalte vastgesteld.
    - Een tweede onderzoek onder 787 rokers wees uit dat het middel ongeveer dezelfde effecten heeft als de bestaande middelen zoals nicotinevervangers en Zybanģ om mensen van het roken af te houden. Ongeveer een op de drie deelnemers stopte met roken (gedurende minstens ťťn maand), zonder gewichtstoename. Bijna 70 procent van de proefpersonen in deze test had (zwaar) overgewicht.
    De mogelijke neurologische gevolgen van het middel dat de cannabisreceptoren in de hersenen blokkeert, moeten nog verder worden onderzocht.
    Cfr. :
    http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=2114

    25. - Een review rond stoppen met roken en jongeren
    © Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie vzw Ė VIG Ė 2005
    Deze review is een samenvatting tussen twee reviews rond stoppen met roken en jongeren.
    Waarom gaan jongeren roken en hoe hou je ze bij de sigaretten vandaan ?
    Deze review probeert een antwoord te bieden op deze vraag.
    Er is immers al behoorlijk wat onderzoek gedaan om antwoord te krijgen op die vragen.
    Roken begint meestal als experiment, maar mondt maar al te vaak uit in een gewoonte .../...
    Cfr. :
    http://www.vig.be/content/pdf/ME_paper_tabakstoprev.pdf


    Lees verder : Deel II

    30-11-2006 om 23:33 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel II
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  










     





    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

     
    Deel II

    26. - Een verkenning op het gebied van de anti-rookbehandeling - Scriptie in het kader van de N.A.A..V.-opleiding
    Sylvia Danhof, 05-05-2000 - Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging - © Acupunctuur.com
    Inhoud : Inleiding - Enkele aspecten van het (stoppen met) roken - Acupunctuur en stoppen met roken- Lasertherapie en stoppen met roken - Stand van zaken in de eigen onderzochte populatie - Discussie - Conclusie - Samenvatting - Literatuur - Stellingen.
    Inleiding
    Reeds lange tijd is het rokende deel der mensheid op zoek naar hŤt wondermiddel om probleemloos te kunnen stoppen met roken.
    Sinds eind jaren '90 lijkt daar een nieuwe "kanshebber" bij te zijn gekomen.
    In krantenartikelen en advertenties wordt met ongekend enthousiasme verhaald over de wonderen van de softlasertherapie als hulpmiddel bij het stoppen met roken.
    Diverse therapeuten claimen succespercentages van 90-98% !
    Aangezien dergelijke fenomenale successen in de acupunctuur-literatuur niet voorkomen en aangezien geen van de door mij benaderde lasertherapeuten bereid was om toe te lichten hoe men aan deze cijfers kwam, besloot ik zelf eens te onderzoeken wat de resultaten waren van een ťťnmalig uitgevoerde laserbehandeling bij mensen die wilden stoppen met roken.
    Het was niet moeilijk om gegadigden hiervoor te vinden, aangezien veel rokende patiŽnten al eens gevraagd hadden of de anti-rookbehandeling ook met de laser uitgevoerd kon worden in plaats van met "die enge naaldjes".
    In deze scriptie zal ik aandacht besteden aan de volgende zaken : mechanismen van de rookverslaving - resultaten van acupunctuur anti-rookbehandelingen, zoals vermeld in de literatuur - beknopte uitleg over laserfysica en de toepassing van de softlaser in de acupunctuur - het onderzoek in mijn eigen patiŽntenpopulatie : wat is het effect van een laserbehandeling sec en een laserbehandeling, gevolgd door verblijfsnaalden ? - hoe verhoudt het resultaat van de laser/acupunctuur anti-rookbehandeling zich tot andere hulpmiddelen bij het stoppen met roken ? .../...
    Cfr. :
    http://www.acupunctuur.com/scripties/danhof.html

    27. - Eenvoudig stoppen met roken - De lang gezochte oplossing voor wie alles al geprobeerd heeft
    W. Gysen, Sigma & De Ster, 2004 Ė ISBN : 9065562303
    Dit boek is de vrucht van tientallen jaren psychotherapeutische praktijkervaring.
    Ben je graag uitvoerig en deskundig geÔnformeerd ?
    Dan vind je vast en zeker van je gading in het eerste deel van dit boek.
    Het tweede deel is de handleiding bij deze doe-het-zelf-cursus.
    Stap voor stap leer je hoe eenvoudig het kan zijn om meesterschap over je geest en lichaam te verkrijgen.
    Recensie (NBD|Biblion) : Al jarenlang leidt de auteur een overwegend succesvolle cursus 'Stoppen met roken', waaraan onder andere door de BRT aandacht is besteed.
    Daarop is dit zelfhulpboek gebaseerd.
    In het eerste deel doet hij een beroep op het gezonde verstand van rokers door te schrijven over alles dat men (het liefst niet) had willen weten.
    Dit geeft soms meer info dan 'Stoppen met roken voor dummies' van David Brizer (2004 - cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002067836&Section=BOOK&iref=precp -).
    Het tweede deel is de eigenlijke cursus.
    Mogelijk succes is er alleen voor diegenen die ook echt willen stoppen met roken.
    Het richt zich ook op de cannabisgebruik(st)er, voor zover het gaat over de psychische afhankelijkheid.
    Immers, volgens deskundigen is lichamelijke verslaafdheid niet aan de orde, in tegenstelling tot de tabaksgebruikers.
    Jammer genoeg is er geen register en de inhoudsopgave geeft daarvoor niet voldoende houvast.
    Er is wel een goede bronvermelding.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002122075&Section=BOOK

    28. - Effectiviteit van ultrageluidbehandeling voor aandoeningen van het bewegingsapparaat - Een systematische review 
    van der Windt DAWM, van der Heijden GJMG, van den Berg SGM, e.a. - Ned Tijdschr Fysiother 1999; 109: 14-23
    Cfr. :
    https://dare.ubvu.vu.nl/handle/1871/7233 

    29. - En nu : afvallen !
    Allen Carr Ė Forum, 1997 Ė ISBN : 9022522830
    Afvallen zonder dieet, calorieŽn tellen of wilskracht
    Het is waar !
    Allen Carrs nieuwe eetmethode maakt dat u geniet van wat u eet, de smaken optimaal proeft ťn afvalt.
    U kunt : eten wat u het lekkerst vindt, uw natuurlijke instincten volgen zonder, schuldgevoel of spijt door het leven gaan, genieten van verse producten, afscheid nemen van problemen met de spijsvertering, uw smaak veranderen en verbeteren, de signalen van uw lichaam volgen.
    'Stoppen met roken Ė De Carr-methode' - cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666759262&Section=BOOK - heeft wereldwijd miljoenen geholpen definitief met roken te stoppen.
    Nu richt Allen Carr zijn logische en eenvoudige methode op eetgedrag.
    Er wordt u niets verboden. Carr biedt slechts enkele principes die leiden tot een gezonder eetpatroon, een gevoel van welbehagen en gewichtsverlies - voor altijd !
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIasRVu1s3LyAmVh@4EB40198651&PrdId=666759261

    30. - Europese politiek tegen het roken
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : Belgische Federatie tegen Kanker, 25.10.2004
    .../...
    Elk jaar sterven meer dan 650.000 Europeanen omdat zij roken, dat is ťťn op zeven van alle overlijdens in de EU. Ruim 13 miljoen lijden aan een ernstige, chronische ziekte als gevolg van het roken. Inmiddels werd ook onweerlegbaar vastgesteld dat tabaksrook een serieus milieuhygiŽnisch gezondheidsrisico vormt, dat enkele tienduizenden niet-rokende Europeanen het leven kost. Bij miljoenen anderen worden ziekten verergerd door het inademen van andermans rook. De EU draagt een aanzienlijke economische last door het toedoen van roken. Een voorzichtige schatting van deze kosten komt uit op Ä 98Ė130 miljard per jaar .../...
    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2004/oktober/Europesepolitiektegenroken.htm

    31. - Extramurale fysiotherapie (academisch proefschrift)
    Kerssens JJ, Curfs E - Chr. Universiteit van Utrecht. Utrecht: NIVEL, 1993 - cfr. bv. : http://www.kiwa.nl/index-CK.asp?id=1495 

    32. - Fysische therapie in engere zin Ė 1
    H.C.F. van Zutphen, H.W.R. van Sambeek, R.A.B. Oostendorp, P.P.Th.G. van Rens, A.T.M. Bernards (red.) - Elsevier, 5e druk, 2001 - ISBN 90 352 2438 8
    Dit eerste deel bevat een inleiding over fysiotherapeutische basisbegrippen en hoofdstukken over o.a. fysiologie en pathofysiologie van nocisensoriek, gelijkstroom- en hoogfrequentelektrotherapie.
    Cfr. :
    http://www.elseviergezondheidszorg.nl/boek/151_Fysische_therapie_in_engere_zin_1?from=search&type=rubriekid&q=19&pgr=12&pgp=0 -&- http://www.elseviergezondheidszorg.nl/boek/152_Fysische_therapie_in_engere_zin_2?from=search&type=rubriekid&q=19&pgr=13

    33. - Fysische therapie in engere zin - 2
    H.C.F. van Zutphen, H.W.R. van Sambeek, R.A.B. Oostendorp, P.P.Th.G. van Rens, A.T.M. Bernards (red.) - Elsevier, 4e druk, 2001 - ISBN 90 352 2439 6
    Dit tweede deel bevat hoofdstukken over o.a. lichttherapie, lasertherapie, lokale thermotherapie, saunatherapie, hydrotherapie, ultrageluidtherapie en ultrafonoforese-therapie en veiligheid.
    Cfr. :
    http://www.elseviergezondheidszorg.nl/boek/152_Fysische_therapie_in_engere_zin_2?from=search&type=rubriekid&q=19&pgr=13

    34. - Gelijkstroomtherapie en iontoforesetherapie
    MŁller-van den Berg CAM - In : Zutphen HCF van , Sambeek HWR van, Oostendorp RAB, e.a., red. Nederlands leerboek der fysische therapie in engere zin - Deel I. - Vierde, geheel herziene druk - Utrecht : Wetenschappelijke uitgeverij Bunge, 1991: 101-149 - cfr. bv. : http://www.adlib.hva.nl/scripties/fysio/geise.pdf 

    35. - Goed voornemen ? Stop nu met roken !
    Laserpraktijk Nederland
    Cfr. :
    http://www.laserpraktijknederland.nl/ 

    36. - Gouden raad
    Bewust roken
    - De meeste methodes en de meeste mensen menen dat stoppen met roken alleen bestaat uit het "overwinnen" van een lichamelijke verslaving.
    Ten onrechte.
    Als dit ťcht waar zou zijn, zou je al na drie dagen weinig zin in een sigaretje hebben.
    Na deze drie dagen is namelijk al de meeste nicotine uit je lichaam.
    En toch lijkt de behoefte aan een sigaret te bestaan.
    Wat is hier (dus) aan de hand ?
    Als je rookt ben je ook geestelijk verslaafd.
    En juist deze psychische afhankelijkheid, maakt het moeilijk om er van af te komen.
    Inzicht en bewustwording zijn middelen die ťcht helpen om voorgoed en gemakkelijk een punt te zetten achter het roken.
    De bewustwording is mede te verkrijgen door een tijd bewust te gaan roken.
    Bewust roken betekent ook niet je bewust schuldig voelen.
    Bewust roken is wťl een voorbereidend proces dat tot uiteindelijk als doel heeft te stoppen met roken.
    Bewust roken betekent ook een confrontatie durven aan te gaan met jezelf.
    Door inzicht en bewustwording van de geestelijke en verslavende werking van de sigaret, zul je op een gegeven moment vanzelf en zonder strijd willen en kunnen stoppen !
    Een paar tips :
    - Begin met u af te vragen waarom u eigenlijk rookt (imitatie, onder druk van uw omgeving, uit gewoonte, als steun in moeilijke momenten...)
    - Op stoppen met roken staat geen leeftijd : zelfs bij 60-plussers is het weldoende effect van stoppen met roken merkbaar, bv. op de ademhaling.
    - Stop pas met roken als u dat zelf ook echt wil : een beslissing die u door anderen wordt opgelegd, heeft weinig kans op slagen.
    - Kies een geschikt moment uit : bij voorkeur een rustige en ontspannen periode.
    - Zet voor uzelf de positieve effecten van stoppen op een rijtje : na 58 uur zonder tabak bereikt de concentratie aan zuurstof en koolstofdioxide in het bloed opnieuw normale waarden en na 24 uur is uw risico op een hartinfact al aanzienlijk gedaald.
    En bedenk ook eens wat een weldaad een rookvrije omgeving voor uw familie en vrienden is.
    En voor uw spaarpot !
    - Vermijd rokerige plaatsen en gooi alle rookaccessoires weg.
    - Doe meer aan lichaamsbeweging, kom veel buiten, gun uzelf een pleziertje.
    - Aarzel niet om hulp te vragen aan familie, vrienden, een diŽtiste, een sportleraar...
    - Laat u niet verleiden door mensen of methodes die beweren dat stoppen "vanzelf" gaat !
    - Verminderen zonder echt te stoppen is ook al zinvol
    - Schakel eventueel over op sigaar of pijp : het risico op longkanker, hartinfarct of chronische ademhalingsproblemen vermindert met 50% tegenover mensen die sigaretten blijven roken.
    Maar het risico op mond-keel-tong en kaakkanker zijn dan weer erg toegenomen bij sigaar-en pijprokers.
    "Light"-sigaretten daarentegen zijn absoluut niet zinvol: een echte roker zal toch de hoeveelheid nicotine willen inhaleren die hij gewend is (door mťťr te roken, dieper te inhaleren, de sigaret verder op te roken...).
    Cfr. :
    -
    http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=87
    http://www.innerned.org/stoprook.html 

    37. - Hart- en vaatklachten
    KennisRing - Laatst gewijzig : sept. 2003/jan. 2003 /nov. 2005
    Cfr. : http://www.kennisring.nl/smartsite.dws?id=32900 

    38. - Het Informatiepunt 'Roken en de wet'
    Het Informatiepunt
    'Roken en de wet' bestaat uit de website 'Rokenendewet.nl Ė cfr. : http://www.rokenendewet.nl/ - en een informatielijn (0900-9390).
    Hier vindt u informatie over de eisen die de wet stelt aan tabaksproducten, tabaksreclame en sponsoring.
    Ook verkoopbeperkingen, rookverboden en bestuurlijke boetes worden toegelicht.

    39. - Het Nationaal Programma Tabaksontmoediging
    Cfr. :
    http://www.minvws.nl/kamerstukken/vgp/2006/nationaal-programma-tabaksontmoediging-en-actieplan-2006.asp

    40. - Het rookverslavingsplan van Matera 
    Cfr. : http://www.matera.nl/ 

    41. - Hoogervorst wil roken duurder maken
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : ANP - Volkskrant 09-03-2006

    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2006/3-mrt-nieuws/Hoogervorstrokenduurdermaken.htm

    42. - Hoogfrequentelektrotherapie 
    Esch M van der, Hoogland R - In : Zutphen HCF van, Sambeek HWR van, Oostendorp RAB, e.a., red. Nederlands leerboek der fysische therapie in engere zin - Deel I. - Vierde, geheel herziene druk - Utrecht : Wetenschappelijke uitgeverij Bunge, 1991: 286-361 - cfr. bv. : http://www.elseviergezondheidszorg.nl/boek/151_Fysische_therapie_in_engere_zin_1?from=search&type=rubriekid&q=19&pgr=12&pgp=0 -.

    43. - Hulpmiddelen
    Voor we over hulpmiddelen spreken staan we even stil bij de meest eenvoudige manier om te stoppen met roken : gewoon stoppen.
    Men noemt dat de de
    'Old Turkey' - methode : gewoon doťn !
    Niks, geen hulpmiddellen of andere toeters en bellen : je wil stoppen dus je gaat ervoor.
    Dit is natuurlijk veruit de goedkoopste methode.
    Je lichaam zal acuut geen nicotine meer binnenkrijgen, hierdoor zal bij deze methode de afkickperiode kort maar hevig zijn.
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 
    1 - Hulpmiddelen die helpen
    Combinatiebehandeling
    Rokers die van bepaalde stopmethoden gebruikmaken verschillen onderling op factoren die met het stoppen met roken samenhangen, bv. mate van nicotineverslaving, motivatie om te stoppen, eigen verwachting t.a.v. de effectiviteit van de stoppoging, leeftijd, geslacht, inkomen.
    Wat voor de ene roker bruikbaar is en helpt kan dus voor de andere roker niet zinvol zijn. 
    Daardoor kunnen uitkomsten van stopmethoden onderling niet zonder meer vergeleken worden om de meest effectieve te bepalen.
    Dit kan alleen met gerandomiseerde onderzoeken.
    Die zijn niet voorhanden.
    Zeker t.a.v. farmacologische hulpmiddelen moet er rekening mee worden gehouden dat het resultaat vaak een gevolg is van combinatiebehandeling.
    Cfr. :
    http://www.diabeteseemland.nl/protocollen/NIVrichtlijn%20roken%202004.pdf 
    Hieronder staan in het kort de hulpmiddelen opgesomd.
    Let wel : het zijn hulpmiddelen, geen tovermiddelen.
    Je moet het nog steeds zelf allemaal doen.
    Een sterke motivatie om ťcht te stoppen met roken is het belangrijkste wapen in de strijd tegen de sigaret !
    1.1 - Zelfhulpgidsen - Zelfhulpgidsen mťt of zonder persoonlijke stopadvies.
    Cfr.
    http://www.innerned.org/zelfhulp.html 
    -
    http://www.innerned.org/zelfhulp2.html
    -
    http://www.innerned.org/bm-zelfhulpmogelijkheden.html 
    -
    http://www.innerned.org/succes5.html
    -
    http://www.innerned.org/pieker.html 
    1.2 - Advies op maat - Aan de hand van een vragenlijst over je rookgedrag en ideeŽn over het (stoppen met) roken, wordt een persoonlijk advies opgesteld. In dat advies staat hoe je het beste kunt stoppen.
    Het advies is gratis en vind je op
    'Stop effectief' : http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen.html -.
    Er bestaat inmiddels ook een advies op maat voor zwangere vrouwen.
    Als je daar gebruik van wilt maken klik :
    http://www.stivoro.nl/babyfit-adviesopmaat/ -.
    1.3 - Individuele counseling
    1.4 - Telefonische counseling 
    Een coach van de Stichting Volksgezondheid en Roken (STIVORO : hŤt expertisecentrum in Nederland over (hulpmethoden bij) stoppen met roken) kan je ondersteunen bij je stoppoging.
    Deze coach neemt contact met je op nadat je eerst het ĎAdvies op Maatformulierí hebt ingevuld.
    Aan de hand van jouw antwoorden krijg je ondersteuning om je stoppoging goed voor te bereiden.
    Je krijgt advies hoe je het beste kunt stoppen, er wordt besproken of je nog meer hulp nodig hebt en er wordt in overleg een stopdag vastgesteld.
    De coach belt je daarna nog enige keren om te bespreken hoe je stoppoging verloopt en kan nog een aantal handige tips geven over dingen waar je tegenaan loopt.
    Er zijn geen kosten aan deze coach verbonden.
    1.5 - Groepscursus - 'Pakje Kans' - Door heel Nederland, vaak bij een GGD of bij de thuiszorg, worden cursussen ĎPakje Kansí gegeven. 
    Het voordeel is dat je in een groep zit met mensen die hetzelfde doormaken. 
    Je hebt steun aan elkaar en kunt elkaar bellen tijdens moeilijke momenten. 
    Stoppen is ťťn, volhouden is twee.
    Als u denkt dat u zich niet altijd voldoende kunt motiveren is een groepstraining misschien iets voor u.
    Met stoppers onder elkaar vindt u de kracht om vol te houden en leert u effectief stoppen.
    Tijdens de training wordt u begeleid door een trainer waarbij u profiteert van de laatste wetenschappelijke inzichten en natuurlijk van de ervaring van anderen.
    *
    Wat houdt het in ?
    Pakje Kans is een training waarin mensen in groepsverband in 9 bijeenkomsten binnen 12 weken stoppen met roken.
    De groep bestaat gemiddeld uit 12 personen.
    Na een goede voorbereiding stopt u op de dag van bijeenkomst 3 met behulp van de trainer en Ďmedestoppersí.
    In de training wordt onder andere aandacht besteed aan het op peil houden van de motivatie en het aanleren van technieken om met moeilijke momenten om te gaan.
    De steun van collega-deelnemers is van groot belang bij Pakje Kans.
    Zowel het uitwisselen van ervaringen onder gelijkgestemden als het stimuleren van elkaar om niet voor verleidingen te bezwijken, is cruciaal.
    Daarnaast wordt de groep begeleid door een ervaren trainer en wordt er gewerkt met actueel trainingsmateriaal.
    In dit materiaal zijn de nieuwste wetenschappelijke inzichten met betrekking tot roken verwerkt.
    Deelnemers ontvangen een trainingsboek, een zakboekje met de belangrijkste tips rond stoppen en een CD met ontspanningsoefeningen.
    De kosten (inclusief het trainingsmateriaal) liggen gemiddeld rond de Ä 100, maar kunnen variŽren van Ä 35 tot Ä 195. 
    De Stichting Volksgezondheid en Roken (STIVORO) verzorgt de materialen voor de deelnemers, trainers, werving en organisatie en de opleiding van trainers. 
    *
    Waar ?
    Pakje Kans wordt door instellingen als de GGD, Thuiszorg en Instelling voor Verslavingszorg door heel Nederland gegeven - cfr. : http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/tabel.jsp#regionaal -&- http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/tabel.jsp#nationaal -.
    *
    Vergoedingen via zorgverzekeraars
    Via de zorgverzekeraar is het vaak mogelijk een deel van de trainingskosten vergoed te krijgen : 
    ga naar de pagina met het schema waarin u kunt vinden welke zorgverzekeraar wel en welke (nog) niet Pakje Kans vergoedt (u vindt er ook informatie over de situatie en vorm waarin de zorgverzekeraar de kosten vergoed)
    *
    Informatie / aanmelding
    Voor meer informatie en aanmelding voor de training kunt u contact opnemen met de samenwerkingspartners die Pakje Kans aanbieden : - voor de telefoonnummers - cfr. :
    http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/tabel.jsp#regionaal - Bel de Stivoro-informatielijn : 0900 Ė 9390 (Ä 0,10 p/min) - Bestel de flyer 'Pakje Kans via http://www.stivoro.nl/algemeen/support/bestellen/bst_st.html -.
    Cfr. :
    http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/training.html
    1.6 - Nicotinevervangende middelen - Bij de drogist of apotheek zijn nicotinepleisters (waarbij een al of niet intensieve begeleiding kan horen), nicotinekauwgom (mťt eventueel een al of niet intensieve begeleiding), nicotine-inhalers of zuigtabletten te verkrijgen die nicotine bevatten.
    Ze kunnen helpen de ontwenningsverschijnselen te verminderen.
    Daardoor krijg je minder zin in roken.
    Dit kan met name voor stevige rokers behulpzaam zijn. 
    Geleidelijk aan kun je dan het nicotinegebruik afbouwen.
    Gebruik van nicotinevervangende middelen kunnen, bij een juist gebruik, de kans op slagen verdubbelen. 
    Lees wel altijd eerst de bijsluiter.
    Neem bij twijfel contact op met je huisarts.
    Zwangere vrouwen die gebruik willen maken van nicotinevervangende middelen wordt aangeraden om voor gebruik altij de huisarts te consulteren.
    *
    Nicotinepleisters
    Met deze methode breng je een dosis nicotine in het bloed met behulp van pleisters op je lichaam.
    Langzaam zal de gebruiker van de pleister afgewend worden van de nicotine.
    In plaats van de nicotine die je lichaam normaal binnenkrijgt via de sigaret krijg je deze nu binnen via de pleister.
    Op deze manier zal de behoefte naar een sigaret minder zijn omdat de verslavende stof al aanwezig is in je lichaam via de pleister.
    Hierdoor zullen de afkickverschijnselen een stuk minder heftig worden dat dat deze zijn bij bijvoorbeeld de "
    Cold Turkey"-methode.
    Het nicotine gehalte wordt op deze manier niet in 1 keer tot nul omgezet, maar dit gaat met geleidelijke stapjes.
    Toch is de drang naar sigaretten nog steeds aanwezig, dit omdat de meeste rokers niet alleen nicotine verslaafd zijn maar ook aan psychische en sociale verslaving lijden.
    Deze verslaving zal men lange tijd moeten onderdrukken, omdat met lange tijd aan de
    pleisters vastzit.
    Een goed voorbeeld van de sociale verslaving is bijvoorbeeld dat men op vaste tijden en plekken gewend is een sigaret te roken. bijvoorbeeld na het eten of in de kroeg.
    Ook dan moet je sterk zijn en niet gelijk naar de sigaret grijpen.
    Bij het dragen van pleisters is het meestal zo (er zijn verschillende fabrikanten) dat men 1 pleister per dag draagt.
    Dit geeft je lichaam voor die dag net zo veel nicotine dan als je 1 pakje zou leegroken.
    Jij en je huisarts kunnen samen bepalen welke dosering voor jou het beste is, maar je kan dit natuurlijk ook zelf doen, want deze pleisters zijn zonder recept ook verkrijgbaar.
    In plaats van via de sigaret krijgt je lichaam nu de benodigde nicotine via de pleister.
    Deze geeft nicotine af. De hoogste afgifte wordt ongeveer bereikt na 3 uur.
    Na 6 uur wordt deze afgifte geleidelijk zwakker tot het dieptepunt na 24 uur bereikt is en de pleister moet worden vervangen.
    Bij het gebruik van pleisters moet men er wel goed rekening mee houden totaal van de sigaretten af te blijven.
    Bij blijvend gebruik van sigaretten en nicotine pleisters kan men een overdosis nicotine binnenkrijgen wat kan resulteren in verschillende ziekten.
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 
    *
    Nicotinekauwgom
    Nicotinekauwgom is er voor de moeilijke momenten : als u wilt roken.
    Parkeer de kauwgom tussen kiezen en wang en kauw af en toe om nicotine toegediend te krijgen.
    Zo krijgt u geen last van de lichte bijwerkingen als zere keel, misselijkheid of de hik.
    Nicotinekauwgom is er in verschillende smaken : citrus, classic, drop, fruit en mint.
    Ze zijn verkrijgbaar bij apotheek en drogist.
    Er zijn twee merken : 'Nicotinell' en 'Nicorette' en elke merk verkoopt ze in twee sterktes : 2 en 4 mg (voor de zwaardere rokers).
    Nicotinekauwgom is bedoeld voor rokers met nicotineafhankelijkheid.
    Het is eigenlijk niet geschikt voor personen die : - niet roken of slechts af en toe roken - jonger zijn dan 18 jaar -borstvoeding geven - recent een hartinfarct of beroerte hebben gehad - last hebben van angina pectoris (pijn op de borst, meestal bij inspanning, door zuurstoftekort van het hart) - last hebben van ernstige hartritmestoornissen - die last hebben van een ontsteking in de mond, keel of slokdarm - overgevoelig zijn voor nicotine of voor ťťn van de overige bestanddelen van de tablet.
    Nicotinekauwgom werkt als volgt : Bij het kauwen van de kauwgom komt de nicotine beetje bij beetje in de mond vrij.
    Het wordt via het mondslijmvlies opgenomen.
    Een klein deel komt bij het doorslikken in maag en darm terecht.
    Deze nicotine wordt snel afgebroken en heeft dan ook weinig effect.
    Als je het wil gebruiken dan neem je een stukje kauwgom in de mond en kauw langzaam ongeveer 15 keer.
    "Parkeer" het stukje kauwgom tussen wang en kiezen.
    De nicotine wordt dan via de binnenkant van de wang in het bloed opgenomen.
    Wacht een aantal minuten en kauw vervolgens weer 15 keer langzaam en parkeer vervolgens opnieuw.
    Ga zo ongeveer 30 minuten door per stukje kauwgom.
    Na drie maanden moet het aantal stukjes kauwgom per dag geleidelijk verminderd worden.
    Instructies hiervoor zijn te vinden in de bijsluiter.
    Mogelijke bijwerkingen : Hoofdpijn, maagdarmklachten, de hik, misselijkheid, duizeligheid, zere mond, keel-en kaakspierpijn.
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 
    1.7 - Medicijnen - In een aantal gevallen kan het zinvol zijn om te stoppen met behulp van medicijnen.
    Een dergelijke behandeling vermindert de ontwenningsverschijnselen en duurt zoín 9 weken.
    Deze methode is echter niet geschikt voor iedereen.
    De medicijnen moeten daarom door een arts worden voorgeschreven (voor meer informatie kun je terecht bij je huisarts).
    Let echter op
    De ervaring leert dat mensen doorgaans, vanwege een verlaagd nicotinegehalte, meer van die sigaretten nodig hebben om "aan hun trekken" te komen.
    En nog iets anders.
    Wie medicijnen gebruikt voor hart- en vaatziekten, moet zich realiseren dat door roken de werking van medicijnen kan afnemen.
    Van sommige medicijnen (zoals bŤta-blokkers) verdwijnt door roken het nuttig rendement voor het grootste deel.
    Cfr. :
    http://www.kwfkankerbestrijding.nl/content/pages/Stoppen_met_roken.html 
    *
    Zyban (de antirookpil)
    De huisarts kan u het medicijn 'Bupropion' adviseren, dat onder de naam 'Zyban' op de markt is gebracht.
    Het vermindert de ontwenningsverschijnselen en de behoefte om te roken.
    Gezien de mogelijke bijwerkingen is dit medicijn met name aan te raden voor rokers die meer dan 10 sigaretten per dag roken en al meerdere keren geprobeerd hebben te stoppen.
    Als de huisarts u na overleg Zyban heeft voorgeschreven, biedt de fabrikant u daarnaast een ondersteuningsmethode aan .../...
    Lees er alles over : Voor wie ? - Voor wie niet ? - Wie moeten extra opletten bij het gebruik van Zyban - Hoe werkt het ? - Hoe gebruiken ? - Mogelijke bijwerkingen - Hoe en waar ?
    Cfr. :
    https://secure.dokteronline.com/nl/index.php?pag_act=show_prod&prod_ID=13&t_ID=1 
    -
    http://www.hulpgids.nl/medicijnen/medicijnsoorten/bupropion.htm 
    http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/medicijnen.html
    *
    Nortryptiline
    Nortryptiline (ook een middel tegen depressie) kan een veiliger en goedkoper alternatief zijn voor bupropion, maar er zijn minder gegevens over bekend.
    In vergelijking met andere gezondheidszorgtherapieŽn zoals cholesterol- en bloeddrukverlaging zijn bovenstaande middelen een goedkope investering in gezondheid.
    *
    NiQuitin
    Met de nieuwe NiQuitin zuigtabletten heb je het stoppen met roken zelf in de hand.
    Je bepaalt zelf wanneer je een zuigtablet inneemt, dus heb je het elk moment zelf onder controle.
    In sterkten van 2 mg of 4 mg per tablet - De zuigtabletten zijn zeer makkelijk in gebruik.
    Ze lossen op in de mond in 20 tot 30 minuten.
    De zuigtabletten hebben een lichte muntsmaak en bevatten geen suiker.
    * Stap voor stap
    Stoppen met roken gebeurt door stap voor stap gedurende 12 weken het aantal zuigtabletten af te bouwen : - Stap 1- Gedurende 6 weken gebruikt u 1 zuigtablet elke 1 tot 2 uur - Stap 2 - De volgende 3 weken neemt u elke 2 tot 4 uur 1 zuigtablet - Stap 3 - In de laatste 3 weken neemt u 1 zuigtablet elke 4 tot 8 uur.
    Welke sterkte ? - Dit is afhankelijk hoe snel u s ochtends na het ontwaken een eerste sigaret opsteekt : - 4 mg als u binnen 30 minuten na het ontwaken u eerste sigaret opsteekt - 2 mg als u na 30 minuten na het ontwaken u eerste sigaret opsteekt.
    Cfr. :
    https://secure.dokteronline.com/nl/index.php?pag_act=show_prod&prod_ID=249&t_ID=1
    *
    Champix
    Champix is het nieuwe hulpmiddel dat niťt op nicotine is gebaseerd. Het werd ontwikkeld door farmareus Pfizer.
    De werkzame stof heet varenicline , en dat is een synthetische variant van de natuurlijke stof cystine .
    Deze stof wordt door de gouden regen aangemaakt om zich te beschermen tegen insecten.
    Nicotine doet hetzelfde voor de tabaksplant.
    Dat cystine kan worden gebruikt als nicotinevervanger is in het voormalige Oostblok al bekend sinds WOII.
    Pfizer ontwikkelde de synthetische variant, zodat de stof nu massaal en goedkoop kan worden aangemaakt zonder dat men gouden regen-plantages moet aan leggen.
    Hoe werkt het ?
    Champix werkt in op de dubbele verslaving aan nicotine : het prikkelt de hersenen tot aanmaken van onze natuurlijke genotsdrug dopamine en tezelfdertijd blokkeert het de nicotine-receptoren die voor de onprettige ontwenningsverschijnselen zorgen.
    De nevenwerkingen zijn beperkt - maar het middel wordt wel afgeraden voor bijvoorbeeld zwangere vrouwen.
    Champix is volgens onderzoeken anderhalve keer zo efficiŽnt als het anti-depressiemiddel * * Zyban
    Zyban is een ander hulpmiddel dat ook niet op nicotine is gebaseerd maar dat alleen de hunker onderdrukt en niet de ontwenningsverschijnselen.
    Na drie maanden Champix was 44 procent van de stoppers nog niet hervallen - tegenover 29,5 procent Zydan-gebruikers.
    Op langere termijn bleef Champix er met kop en schouders uitsteken.
    Zowat ťťn op de drie rokers kan stoppen met dit middel in combinatie met gedragstherapie.
    Die hoeft niet (betalend) professioneel te zijn - er bestaan ook zelfhulpgroepen van stoppers .../...
    Cfr. :
    http://www.nieuwsblad.be/Article/Detail.aspx?ArticleID=G7C130MH5 
    https://secure.dokteronline.com/nl/index.php?pag_act=show_prod&prod_ID=375&t_ID=1
    1.8 - Stoppen via de huisarts - Je huisarts is voor jou vaak een bekende.
    Het voordeel is dus dat je huisarts zijn advies op jouw situatie kan afstemmen.
    Voor huisartsen is er een begeleidingsmethode ontwikkeld (de zogeheten '
    Minimale Interventie Strategie' - cfr. : ''Stoppen met roken'- advisering in de artsenpraktijk - De vruchtbare ontwikkeling van de Minimale Interventie Strategie (MIS)' op : http://www.dokterbouma.nl/Praktijkondersteuning/MIS.htm http://www.dokterbouma.nl/Praktijkondersteuning/MIS.htm -) die huisartsen helpt om rokers te begeleiden bij een stoppoging. Daarnaast kan de huisarts bepalen of je in aanmerking komt voor medicatie. 
    2. - Nog niet bewezen hulpmiddelen
    Onderstaande hulpmiddelen zijn niet of in ieder geval niet voldoende wetenschappelijk bewezen. Sommige ex-rokers hebben echter aangegeven baat te hebben gehad bij deze ondersteuningsvormen :
    2.1 -
    Acupunctuur - Roken is een verslaving met twee gezichten.
    Ten eerste de lichamelijke verslaving aan nicotine en daarnaast de geestelijke afhankelijkheid.
    Met name de ontwenningsverschijnselen zijn berucht.
    Het doel van de acupunctuur is het aanpakken van deze ontwenningsverschijnselen.
    Die ontwenningsverschijnselen treden op als de nicotinebehoefte niet meer wordt aangevuld.
    Het is een onbehaaglijk gevoel dat steeds sterker lijkt te worden.
    Het kan leiden tot slapeloosheid, irritaties, gevoelens van onrust, eet- en snoepaanvallen et cetera.
    Uiteindelijk zal het lichaam aan de nieuwe situatie wennen, maar dat duurt een tijdje.
    Vooral de eerste drie weken zijn voor veel mensen erg moeilijk.
    Acupunctuur is bij uitstek geschikt is om die vervelende ontwenningsverschijnselen te verminderen, waardoor volhouden gemakkelijker wordt.
    Natuurlijk moet u het zelf doen.
    Een sterke motivatie om er definitief mee op te houden is dan ook belangrijk.
    De meest succesvolle methode om met roken te stoppen blijkt de methode te zijn die zowel de lichamelijke als de geestelijke afhankelijkheid doorbreekt.
    De acupuncturist zal dus aan beide aspecten aandacht besteden en u tips geven hoe u om kunt gaan met een leven zonder nicotine.
    Een behandeling met acupunctuur kan de longenergie en zelfs de wilskracht versterken.
    De vitaliteit keert meestal snel terug en u voelt zich energieker dan ooit.
    Zo wordt volhouden steeds gemakkelijker !
    Gemiddeld zijn drie behandelingen binnen een periode van vier weken afdoende om met roken te stoppen.
    Bij de behandeling plaatst de acupuncturist een of meerdere naaldjes op specifieke plaatsen in je huid (de zogeheten acupunctuurpunten), bijvoorbeeld in het oor.
    Acupunctuur op deze punten heeft naar verluidt op tabaksverslaafden een aantal effecten : de eigen wilskracht wordt sterker, ze gaan de tabakssmaak vies vinden en de ontwenningsverschijnselen worden minder.
    Vaak schrijft de acupuncturist ter ondersteuning nog een homeopathisch middel of een ander natuurlijk geneesmiddel voor.
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden
    2.2 -
    Aromatherapie - Reeds duizenden jaren voor Christus werd er al gebruik gemaakt van planten in ceremonieŽn en rituelen.
    In een fossiel uit een prehistorische nederzetting vonden ze stuifmeel van planten die een medicinale werking hebben.
    De oermens zal snel ontdekt hebben welke bladeren vruchten en wortels een heilzame werking hadden bij ziekte en op wonden.
    Hierbij hielden de oermensen ook nauwlettend de zieke dieren in de gaten: welke planten die aten en welke er gemeden werden.
    Bij opgravingen in een grotnederzetting in Irak werd het lichaam van een 60.000 jaar oude volwassen mannelijke Neanderthaler gevonden.
    Uit een analyse van de grond bleek het aanwezigheid van stuifmeel.
    Het lichaam lag op een bed van houtachtige paardenstaart en een bloemenkrans.
    Hiervoor werd duizendblad, kruiskruid, korenbloem, distel, druifhyacint en stokroos gebruikt.
    Deze planten bestaan heden ten dage nog steeds.
    Vroeger gebruikte men het roken van houtsoorten als medische handeling en in rituelen (men wilde de duivel uit het lichaam roken).
    Ook werden tijdens epidemieŽn vuren aangestoken omdat men dacht dat de rook een sterk ontsmettingsmiddel was en bescherming hiertegen bood.
    Cfr. :
    -
    http://www.innerned.org/aromageschiedenis.html
    -
    http://www.innerned.org/aromatherapie.html
    -
    http://www.innerned.org/aromaenbloesemtherapie.html 


    Lees verder : Deel III

    30-11-2006 om 23:29 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel III
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  















    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

     
    Deel III


    2.3 -
    Bloesemtherapie (Bachremedies)
    Dr. Bach (1886-1936)
    Bach Bloesem Remedies : Genezing van Lichaam en Geest
    Dr. Bach (1886-1936) was een regulier arts en homeopaat, die een succesvolle praktijk had in de beroemde Harleystreet.
    Hij geloofde toen al dat je denkwijze en levenshouding een belangrijke rol spelen bij het ontstaan en genezen van ziekten.
    Volgens hem was ziekte een gevolg van disharmonie tussen lichaam en geestelijke gesteldheid.
    De stelling van Edward Bach luidde dan ook : 'Behandel de mens in plaats van de ziekte oftewel behandel de gemoedstoestand van de mens in plaats van de ziekte'.
    Hij zocht in de natuur (o.a. in Wales) naar middelen voor zijn geneeswijze.
    Zijn geneeswijze bestond er in de gemoedstoestand van de mens om te zetten van een negatieve levensinstelling of houding naar een positieve instelling.
    Hij vond die in de vorm van bloesems van wilde planten, struiken, heesters en bomen.
    Hieruit ontwikkelde hij 37 remedies, de 38ste werd gemaakt van een bron.
    Bach stelde een lijst op met indicaties voor verschillende remedies.
    Inmiddels hebben natuurlijk al veel mensen verder onderzoek verricht.
    In wezen komen de onderzoekingen naar mijn idee op hetzelfde neer, maar sommige boeken werken de door Bach aangegeven aanwijzingen op een heel goede manier uit.
    Een van die boeken is 'Bach bloesemtherapie' van Mechthild Scheffer (verschenen bij De Driehoek - ISBN : 90-6030-480-2 Ė cfr. :
    http://www.synthese.ws/index.php?p=boek&n=563 -)
    Het is een boek dat ik je van harte kan aanbevelen.
    Hij ging er vanuit dat als een mens zich niet gelukkig voelt er na enige tijd een ziektebeeld kan ontstaan.
    Dit kan beginnen met aandoeningen zoals eczeem, hoofdpijn, maagpijn, ontstekingen en pijnen zonder duidelijke oorzaak.
    Later kunnen echte ziektes ontstaan.
    Door het genezen van de oorzaak, nl. het gebrek aan levensgeluk, treedt ook genezing van het lichaam op !
    De Bach remedies kunnen bijvoorbeeld zorgen, paniek, irritatie, verdriet en onzekerheid verhelpen.
    Ook vermoeidheid, pessimisme en ongeduld zijn zo werkelijk te genezen.
    De tincturen worden in de vorm van druppels ingenomen.
    Indien van toepassing worden ze ook verwerkt in zalf om probleemgebieden in en op het lichaam verrassend effectief te behandelen.
    Al op korte termijn gaat men zich prettiger voelen, en vooral meer zichzelf.
    Ook "aangeboren" negatieve karaktereigenschappen kunnen door de Bach remedies voorgoed verdwijnen, ze maken plaats voor een positief gevoel, meer kracht, vitaliteit en levensgeluk.
    Ziekte kan op deze manier voorkomen worden.
    Deze zeer eenvoudige toe te passen geneeswijze is aan te raden voor eenieder die zich geestelijk of emotioneel niet helemaal optimaal voelt.
    Bach remedies zijn bij iedere volwassene toe te passen, ook bij jengelende, drukke, jaloerse, angstige, onzekere of agressieve kinderen.
    Ook zijn vele angstige of agressieve honden al een prettig huisdier geworden met deze simpele behandeling.
    Bach remedies kunnen bij reguliere of homeopathische medicijnen ingenomen worden.
    Dr. Bach heeft bij deze geneeswijze voor ogen gehad, dat ze eenvoudig toe te passen moest zijn.
    Met de Bach remedies in huis is er voor veel situaties op simpele wijze heel wat narigheid te verzachten.
    Bij examenvrees, shock bij ongelukken, huilende baby's en kinderen met angst of heimwee is het een probaat middel.
    Ook verdriet en angst bij scheiding of overlijden, berusting en moedeloosheid bij werkeloosheid zijn te veranderen.
    Agressieve of ongenaakbare pubers, wrokkige of kritische (schoon) ouders, overspannen of uitgeputte gezinsleden : met de natuurlijke methode kan vrede en harmonie weerkeren.
    Het is haast wonderbaarlijk, want al verandert er ogenschijnlijk een situatie zelf niet, toch is aan al deze stemmingen iets te doen !
    Eenvoudigweg doordat de innerlijke houding met de helende bloesemkrachten verandert.
    Dr. Bach is met deze unieke, vernieuwende genezingsmethode zijn tijd absoluut vooruit geweest.
    Hij heeft de weg geopend naar een nieuwe manier van genezen, nl. genezing van Lichaam en Geest.
    Ook voor de Bach bloesemtherapie geldt : niet de ziekte, maar de zieke behandelen Ė cfr. :
    http://www.innerned.org/genees2.html -.
    Cfr. :
    -
    http://www.innerned.org/bachremedies.html
    -
    http://www.innerned.org/bachindi.html
    -
    http://www.innerned.org/aromaenbloesemtherapie.html
    2.4 - De Moos-methode
    *
    Het gemak van de Moos-methode
    : trek in een sigaret verdwijnt binnen acht minuten.
    Van deze prettige wetenschap wordt gebruikt gemaakt bij de Moos-methode.
    De Moos-methode heeft namelijk als uitgangspunt dat je als roker, vůůr je uiteindelijke stopmoment eerst een periode inlast om je nicotineverslaving af te bouwen en je rookpatronen te doorbreken.
    Niet alleen blijven hierdoor ontwenningsverschijnselen uit, maar ontdek je ook spelenderwijs dat een sigaret in feite niets voor je doet.
    Door telkens sigaretten over te slaan en te bemerken dat toch de behoefte verdwijnt, stel je proefondervindelijk vast dat alle positieve effecten, die je aan een sigaret toeschrijft, alle redenen die je hebt om te roken, eigenlijk niet bestaan.
    Zo kun je het roken Ė zonder gevoel van gemis Ė makkelijk laten voor wat het is.
    Daarnaast zal door het afbouwen de trek in een sigaret zich ook steeds minder vaak en minder heftig aandienen, waardoor je het roken als het ware gaat vergeten.
    Stoppen is dan een logisch gevolg.
    De Moos-methode wordt beschreven in
    'De Sport van het Stoppen'. Het boek is sinds het verschijnen zomer vorig jaar al aan haar 3 de druk toe - cfr. : http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002381716&Section=BOOK (cfr. 'VI. - Boeken').
    *
    Countdown - In januari van dit jaar is de eerste 'Moos-methode Countdown' georganiseerd : samen met honderden andere rokers en onder begeleiding via het internet afbouwen tot je klaar bent met roken.
    Vanwege het succes wordt de Countdown gecontinueerd en kun je elk moment instappen.
    Na inventarisatie van je rookpatronen, volg je een persoonlijk afbouwschema.
    Aan de hand van dit afbouwschema kies je een stopdatum, die als leidraad voor de begeleiding wordt gebruikt.
    Wekelijks ontvang je als deelnemer tips & aanwijzingen, ook op het gebied van voeding, beweging en ontspanning, om zonder stress en vooral zonder extra kilo's te stoppen.
    Bij inschrijving voor de Countdown ontvang je een persoonlijke code voor toegang tot het Members-only forum.
    Via dit interactieve forum kun je ervaringen uitwisselen met andere stoppers en elkaar ondersteunen.
    Succes - Halverwege het traject wordt bepaald aan de hand van een karaktertest wat de beste vervolg-stap is: afbouwen tot nul of toch in een keer stoppen, al dan niet ondersteund met hulpmiddelen.
    Ook hierin is de Countdown uniek:  door juist niet dogmatisch ťťn methode aan te hangen, maar de roker centraal te stellen, kan iedere individuele roker bepalen wat zijn persoonlijke manier is om het roken te staken.
    Bij de eerste
    'Moos-methode Countdown' - cfr. : http://www.moos-methode.nl/index2.html - zagen veel deelnemers hun drang om te roken vanzelf verdwijnen en stopten automatisch.
    Anderen wilden na een aantal weken afbouwen graag direct stoppen.
    Weer anderen gebruikten voor de zekerheid enige tijd hulpmiddelen als nicotine-pleisters of bezochten een acupuncturist.
    We zeggen dan ook niet voor niets : "
    van alle stoppen met roken methodes, kan er maar ťťn de beste zijn en dat is de methode die bij jou past."
    Deze totaal-aanpak van de Moos-methode Countdown is de sleutel tot succesvol (en pijnloos) stoppen.
    Het enige wat jij hoeft te doen is
    mee doen !
    Voor meer informatie en inschrijving cfr. : www.moos-methode.nl
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 
    2.5 -
    De methode Allen Carr en Jan Geurts - Er zijn verschillende boeken geschreven over stoppen met roken.
    Zo hebben zowel Allen Carr als Jan Geurts (
    'De Opluchting' zie verder) een boek geschreven over stoppen met roken.
    Het boek gaat ondermeer in op de vraag waarom iemand zo graag wil blijven roken.
    Ook wordt de (verslavende) rol van nicotine besproken.
    Het boek geeft je inzicht en herkenning, houdt ook een spigel voor en kan daardoor houvast bieden bij een stoppoging.
    Zowel Allen Carr als Jan Geurts bieden cursussen aan. 
    De Engelsman Allen Carr was 30 jaar lang een verwoed kettingroker.
    Ondanks talloze pogingen lukte het hem niet om blijvend te stoppen.
    Tot die ene, laatste keer dat het wel lukte en het hem, tot zijn grote verbazing, eigenlijk nauwelijks moeite kostte.
    De methode van Allen Carr zit even slim als eenvoudig in elkaar.
    In zijn methode wordt geen nadruk gelegd op alle bekende gezondheidsredenen en andere argumenten waarom iemand beter niet kan roken.
    Dat is per slot van rekening iets wat iedere roker zelf ook weet.
    Met de Carr-methode wordt een antwoord gegeven op een heel wezenlijke vraag, namelijk : waarom rookt iemand eigenlijk ?
    De methode bestaat uit een logisch opgebouwd verhaal, waarin de mechanismen die een roker doen roken helemaal worden ontrafeld.
    De Carr-methode laat nauwkeurig zien hoe het verslavingsmechanisme werkt.
    Op deze manier gaat een roker zijn rookgedrag begrijpen.
    De sigaret wordt ontdaan van zijn 'magische kracht'.
    Met dit inzicht wordt stoppen met roken niet een krachtmeting met jezelf, maar een vanzelfsprekendheid.
    Zodra je gestopt bent, voel je je opgelucht en bevrijd.
    Bij deze manier van stoppen spelen ontwenningsverschijnselen niet of nauwelijks een rol.
    Een ander voordeel is dat in de meeste gevallen geen sprake is van gewichtstoename.
    Allen schrijft op een bepaalde wijze over de verslaving van het roken door je inzicht te geven in je eigen rookgedrag.
    Waarom rook je eigenlijk ?
    Wanneer rook je ?
    Is het echt wel lekker ?
    Is het echt gezelliger met een peuk ?
    Cfr. ook :
    - de Allen Carr-training : 
    www.allencarr.nl 
    - het boek
    'En nu : afvallen !' : http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_Affiliate
    Map-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIasRVu1s3LyAmVh@4EB40198651&PrdId=666759261
     
    - het boek
    'Stoppen met roken' van Allen Carr : http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666759262&Section=BOOK
    Cfr. ook '
    De Opluchting-methode
    2.6 -
    De Opluchting-methode - 'De Opluchting'- http://www.opluchting.com/ - geeft al ruim zes jaar een training die ťťn dag duurt en die je volledig en definitief van het roken afhelpt.
    Tijdens die dag leer je hoe je de psychische en emotionele aspecten van het roken kunt loslaten.
    In feite leer je precies het omgekeerde te doen van wat je normaal doet als je stopt met roken : je stelt dan immers een rookverbod in en gaat vechten tegen de gedachte aan roken en tegen de aandrang.
    Deze reactie op het stoppen is een automatisme en een kenmerk van het verslaafd zijn.
    Door het verzet tegen de gedachte aan roken, door het verzet tegen de aandrang wordt deze steeds sterker en het duurt niet lang of je loopt tegen de muren op.
    Het frustrerende van dit gevecht is dat je weet dat het niet minder wordt als je langer vecht, maar juist erger.
    In de Opluchtingtraining Ė cfr. :
    http://www.opluchting.com/ - leer je deze automatische reactie los te laten.
    De techniek die daarvoor gebruikt wordt is een puur psychische en wordt "deprogrammeren" genoemd.
    Voor een deel werkt deze methode via het verstand: door precies te begrijpen wat een verslaving is en hoe het mogelijk is om er in ťťn dag van los te komen, wordt voorkomen dat de training iets geheimzinnigs of zweverigs krijgt, waarbij iemand anders jou zogenaamd bevrijdt van het roken.
    Stoppen met roken moet je natuurlijk gewoon zelf doen, alleen niet op die automatische manier die alleen maar ellende oplevert.
    Snappen hoe de methode werkt, is heel belangrijk maar het is natuurlijk niet genoeg.
    Verslaving zit verankerd in de emotionele laag van je psyche.
    Daarom gebruikt de Opluchtingtraining een scala aan deprogrammeertechnieken die het je mogelijk maken de hele verslaving los te laten.
    Deze technieken brengen je in aanraking met een diepere laag in jezelf, een laag waarop de verslaving geen invloed heeft.
    Van daaruit neem je een besluit, zet je de knop om of hoe je het ook wilt noemen.
    Vanaf dat moment ben je van het roken af : je hebt niet meer het gevoel dat je iets lekkers niet meer mag.
    Je hebt de ervaring dat iets beknellends van je af is gevallen en dat je het roken absoluut niet meer hoeft.
    Je mag dus best nog wel roken !
    Maar je hoeft het niet meer !
    Elke aandrang en aantrekkingskracht is er uit verdwenen.
    Dat gevoel van weer vrij te zijn, van het weer eens te zijn met jezelf, van onafhankelijkheid, dat is pas een opluchting.
    Dat je ook nog eens 15% meer lucht krijgt (binnen enkele weken !), meer energie, lekker ruikt, niet meer hoeft te tobben over je gezondheid in de toekomst en ook niet of nauwelijks zwaarder wordt, is mooi meegenomen.
    De Opluchtingtraining wordt om de paar weken gegeven in het Victoriahotel in Amsterdam.
    Dit hotel ligt recht tegenover het centraal station.
    Het maximale aantal deelnemers is ongeveer 30.
    De trainingsdag begint om 10.30 uur en duurt ongeveer tot 18.30u.
    De training kost Ä 200,00.
    Je betaalt bij aanmelding Euro 75,- voor de registratie, het resterende bedrag van Euro 125,- dient voor de training voldaan te zijn.
    Als je op het eind van de dag toch teleurgesteld zou zijn in deze methode, dan krijg je de Euro 125 teruggestort op je rekening.
    Stop je op het eind van de dag wel met roken (zoals ongeveer 99% van alle deelnemers) dan vervalt de geld-terug-garantie.
    In plaats daarvan kun je drie maanden lang een gratis vervolgsessie krijgen als je vindt dat je die nodig hebt.
    Deze vervolgsessie is niet een herhaling van hetzelfde, maar een vervolgstap voor hen die er in de training niet voldoende in geslaagd zijn de knop om te zetten.
    Uiteindelijk lukt het ongeveer 30% van de deelnemers het roken zonder problemen los te laten (gemeten na 1 jaar dat de deelnemers gestopt zijn).
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 
    Cfr. ook '
    De methode Allen Carr en Jan Geurts'
    2.7 -
    EMR behandeling - De EMR behandeling is vooral gericht op het ontstaan van ziekte verschijnselen op cellulair niveau
    Bij de EMR behandeling tegen roken worden de ontwenning verschijnselen dus op cellulair niveau aangepakt in hun oorspronkelijke ontstaan en niet alleen de symptomen.
    Hierdoor dan men overgewicht en andere bekende verschijnselen zeer goed tegen gaan en is hierdoor dus een zeer sterk middel om het stoppen met roken te doen slagen.
    De behandeling is gericht op het effect van het roken op onze cellen, door kennis van biochemie en geneeskunde is er nu een gerichte behandeling voor mensen die willen stoppen met roken.
    Het is geen behandeling die zal worden uitgevoerd met laser apparaten of accupunctuur. 
    Het is een nieuw medisch apparaat dat functioneert d.m.v. Ultra Violet Licht en afgestemde Frequentie Pulsen.
    De werking - Elk materiaal is gemaakt uit atomen of het nu een virus, een bacterie of een mens is.
    In theorie is een atoom opgebouwd uit diverse subatomic particles.
    Biochemici ontdekten dat subatomic particles  hetzelfde functioneren als energie en implementeren deze energie in hen omgeving in specifieke patronen, namelijk golven.
    Onderzoekers hebben deze specifieke golven, ook wel oscillatie genoemd, nauwkeurig geanalyseerd.
    Ze hebben onderzoek verricht op het normaal functioneren van diverse lichaams systemen en organen, tegenover diverse allergenen, virussen, bacteriŽn en toxines.
    Science Finciton ?
    Niet bepaald.
    U bent wellicht al bekend met het controleren van het hart, dit doormiddel van elektrocardiografie ( ECG ) en diverse hersens vibraties gemeten doormiddel van elektro-encefalografen ( EEG ).
    Sta er even bij stil dat studies ondersteund worden door MRI  gebaseerd op magnetisch resonantie patronen. 
    Als er sprake is van ondervoeding, stress, toxines, virussen, schimmels of bacteriŽn, is het gevolg dat uiteindelijk de oscillatie in onbalans raakt en verzwakt.
    Een lichaam dat moet functioneren op een verzwakte oscillatie is niet langer bestand tegen virussen, bacteriŽn  en toxines die normaal gesproken aanwezig zijn in ons lichaam, met hen eigen specifieke oscillatie. 
    Niet alleen zijn ze gevaarlijke subatomic particles in het lichaam, maar doordat ze zelf een geheel eigen oscillatie frequentie bezitten worden het zendmasten in het lichaam die onze normale frequentie patronen verstoren.
    Onze metabolische processen, hormoon productie, groei en degeneratie processen zijn gecontroleerd en gecoŲrdineerd doormiddel van specifieke frequentie/ oscillatie patronen.
    Als onze controle en coŲrdinatie processen worden verstoord door ongezonde frequenties, dan is biochemische en metabolische verstoring het gevolg dat resulteert in een disfunctioneren of ziekte, dan is biochemische en metabolische opgebouwd uit diverse subatomic particles.
    Biochemici ontdekten dat subatomic particles  hetzelfde functioneren als energie en implementeren deze energie in hen omgeving in specifieke patronen, namelijk golven.
    Onderzoekers hebben deze specifieke golven, ook wel oscillatie genoemd, nauwkeurig geanalyseerd. 
    De uitvinders - Lakhovsky en Tesla ontwierpen  als een van de eersten  een apparaat waarmee men in staat was frequenties te genereren en het tegenovergestelde frequentie patroon terug te zenden naar het lichaam : de 'Multi wave-oscillator' - cfr. : http://www.multiwaveoscillator.nl/nl/index.php -.
    Door het manipuleren van een specifiek frequentie patroon is het mogelijk om een subatomic particle te vernietigen of te versterken.
    Men herschrijft als het ware het electromagnetisch profiel van een subatomic particle.
    Om dit concept even te herzien, het is alom bekend dat het menselijk lichaam een electromagnetisch veld is, die zowel kan ontvangen als uitzenden van diverse oscillatie patronen, denk hier even weer aan onze EEG en ECG.
    Net als warmte, we kunnen het niet zien, maar daar in tegen kunnen we er niet omheen dat het er is.
    In onze huidige tijd is het vooral de engelse bioloog Dr. Rupert Sheldrake die met zijn theorie over de morfogenetishe resonantievelden de aandacht trekt.
    Morfogenese= letterlijk
    'het ontstaan (genesis) van vorm' (morfe).
    Sheldrake gaat ervan uit de morfogenetische resonantievelden, de moleculaire configuraties bepalen.
    Het was toen der tijd de wetenschapper Royal Rife die deze vorm van electro geneeskunde verder ontwikkelde, omstreeks 1920 had hij inmiddels een microscoop gebouwd die 60.000 keer kon vergroten.
    Hij was hiermee in staat levende virussen waar te nemen.
    Hij concentreerde zich op het verfijnen van een methode om kleine virussen te doden door middel van specifieke frequenties.
    Het koste hem vele jaren voordat hij de specifieke resonantie frequenties ontdekte waarmee hij virussen zoals herpes, polio, tetanus en volgens hem ook de bacteriŽn  en virussen verbonden met kankercelgroei kon vernietigen met een zogenaamde ď
    mortal oscillatory rateĒ.
    Hij bouwde daar speciale machines voor en had daarmee tussen 1934 en 1937 bewijsbare successen en genas honderden patiŽnten met zijn Rife Frequentie Instruments
    Hoe en waarom Rife in de vergetelheid is geraakt kunt u uitvoerig lezen op het internet.
    Vele sites geven hier uitgebreide informatie over : 
    www.rife.de -
    Momenteel staat de resonantie therapie wereldwijd weer in de belangstelling en met name in Amerika hebben in toenemende mate firmaís zich op de markt van Rife frequentie apparatuur geworpen.
    R.F.G. 2002 HD - Het apparaat waar Valeo Medica mee werkt is het R.F.G. 2002 HD.
    Deze apparaten zijn ontworpen  binnen een projectgroep van een stichting in Groningen onder leiding van een zeer deskundig medisch onderlegd elektronicus en o.a. in samenwerking met Valeo Medica.
    Na uitvoerige bestudering van de originele Rife apparatuur waarbij vooral werd gekeken naar elektronica van toen en nu.
    Bijvoorbeeld waarom was het Rife apparaat destijds zo effectief ?
    Is dit nagebouwd met de huidige moderne elektronica nog net zo effectief of zelfs effectiever of juist niet of ligt het succes van het originele Rife apparaat juist in de radio buizen en gas gevulde fanotron lampen.
    Ook de analyse van verschillende op de markt beschikbare en door de groep aangekochte meest uit de USA stammende apparaten heeft hierin een rol gespeeld.
    Na zeker drie jaar studie, heeft dit alles geresulteerd in een apparaat welke momenteel onder ingewijden in deze materie zowel in binnen en buitenland geldt als de Rolls Royce onder de resonantie apparatuur.
    Sinds 2 jaar staan deze apparaten in Nederland op drie locaties, waar ze met veel succes worden gebruikt.
    De drie praktijken wisselen onderling veel kennis en ervaring uit aan de projectgroep van de stichting.
    Op dit moment zijn deze apparaten nog niet op de markt verkrijgbaar.
    Cfr. :
    http://www.valeomedica.nl/html/emr.html
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 
    2.8 -
    Hypnose - Hypnose is een veranderde bewustzijnstoestand waardoor personen zich in een staat van diepe ontspanning en verhoogde ontvankelijkheid bevinden.
    Hypnotherapie is in principe geschikt voor alle problemen, zowel fysiek als geestelijk.
    Ook puur fysieke problemen hebben namelijk een geestelijke achtergrond.
    Hypnotherapie is dan een aanvullende behandeling die vaak in samenwerking met een arts wordt toegepast.
    Meer bekende toepassingen van hypnotherapie zijn het oplossen van slaapproblemen, het afleren van verslavingsgedrag, lange termijnhulp na incest, het oplossen van problemen zoals nervositeit, angsten en fobieŽn, het omgaan met spanningen, het verwerken van traumaís en emotionele gebeurtenissen, rouwverwerking en het inzicht krijgen in de eigen persoonlijkheid en de eigen mogelijkheden.
    Cfr. :
    -
    http://www.innerned.org/hypno4.html
    -
    http://www.innerned.org/hypno.html
    - '
    Hypnotherapie' : http://www.kennisring.nl/smartsite.dws?id=76245 
    2.9 -
    Ooracupunctuur - Ooracupunctuur kan worden ingezet voor pijnbestrijding, voor het genezen van kwalen, het ondersteunen van het afkicken van verslavingen als roken, drinken, eten en drugsgebruik en verscheidene psychische klachten.
    Doet het pijn ? - Veel mensen zijn bang dat ooracupunctuur pijn doet.
    De waarheid is, dat het veel minder pijnlijk is dan een gewone acupunctuurbehandeling.
    De naaldjes die worden gebruikt zijn ragdun.
    Je voelt even een klein prikje, maar dat is echt alles.
    Ooracupunctuur hoeft trouwens niet altijd met naaldjes te worden toegepast, ook laser, massage, kleine metalen bolletjes en elektrische stimulatie zijn mogelijk.
    Als een behandeling wat langer tijd vraagt kan ervoor gekozen worden om 'verblijfsnaaldjes' te plaatsen.
    Die blijven dan een tijdje zitten achter een kleine pleister en je kunt het betreffende punt zelf stimuleren door af en toe wat druk op het naaldje uit te oefenen.
    Bij kinderen of erg gevoelige mensen worden ook wel bolletjes of zaadjes toegepast; het werkt wat milder, maar daar staat tegenover dat je beter reageert als je minder angstig bent.
    Cfr. :
    -
    http://www.innerned.org/at4behand.html
    http://www.innerned.org/ooracupunctuur.html
    2.10 -
    Softlasertherapie - (Cfr. Smoke Free : http://www.smokefree.nl/ -)
    Softlasertherapie maakt gebruik van de kennis die beschreven wordt door de Traditionele Chinese Geneeswijzen.
    Softlasertherapie is acupunctuur met laserlicht.
    Niet alle softlasercentra werken hetzelfde.
    Bij
    'Smoke Free' worden 55 punten op de meridianen behandeld.
    Dit zijn energiebanen die ervoor zorgen dat uw lichaam in balans en conditie blijft.
    Door de behandeling wordt het verlangen naar het roken geneutraliseerd/onderdrukt.
    Daarnaast worden de zo gevreesde ontwenningsverschijnselen zoals prikkelbaarheid en overgewicht bestreden.
    De lichamelijke verslaving verdwijnt nagenoeg en dit geeft u de juiste ondergrond om uw geestelijke verslaving met uw eigen motivatie de baas te worden.
    De behandeling duurt ongeveer 50 tot 60 minuten en vindt plaats in een rustige omgeving en in een ongedwongen sfeer.
    Om u gericht te kunnen adviseren en motiveren vindt er tijdens de behandeling eerst een intake gesprek plaats, waarbij uw gezondheid en uw rookgedrag aan de orde komen.
    Ook is er tijd om u voor te lichten en voor te bereiden op een leven zonder sigaretten.
    De behandeling heeft een sterk ontspannend effect mede door de aandacht die aan u gegeven wordt.
    De
    'Smoke Free'-methode bestaat uit de volgende belangrijke onderdelen : ē een anti-rookprogramma, inclusief het intakegesprek en de aanwijzingen die men meekrijgt - ē een programma om de stofwisseling te stimuleren zodat het lichaam zichzelf gaat reinigen - ē een anti-stressprogramma waardoor een diepe ontspanning wordt verkregen.
    De te behandelen punten zijn gelegen op de rug, hoofd, oren, handen en voeten.
    'Smoke Free' adviseert om de avond voor de behandeling uw laatste sigaret te roken of tenminste 2 uren voor de behandeling.
    Van een behandeling met softlasertherapie via deze methode kunt u verwachten : ē door de behandeling wordt stoppen met roken meestal eenvoudiger - ē de lichamelijke behoefte aan nicotine en andere verslavende stoffen die in tabak zitten verdwijnt - ē ontwenningsverschijnselen worden bestreden - ē softlasertherapie is pijnloos en snel - ē de behandeling is volstrekt onschadelijk voor uw lichaam en er bestaat geen infectiegevaar - ē bij Smoke Free wordt u behandeld door een deskundige gediplomeerde therapeut - ē verslavingsarts/deskundige Cees Warmer begeleid de therapeuten - ē professionele nazorg, omdat u de therapeut persoonlijk kunt benaderen na een behandeling - ē op 12 lokatie's wordt volgens een vast protocol gewerkt (Smoke Free is bekend bij Stivoro) - ē groepsbehandelingen bij bedrijven met gezamenlijk motivatie gesprek
    Zijn er na het lezen van bovenstaande toch nog vragen, stel ze dan gerust.
    U kunt ze mailen naar :
    c.warmer@chello.nl -.
    Uw vragen worden dan beantwoord door de verslavingsdeskundige die verbonden is aan smokefree.
    Cfr. :
    -
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden
    -
    Valeo medica : Softlaser apparatuur, ook wel 'Low Level Laser Therapie' (LLT) of 'Cold Laser' genoemd : http://www.valeomedica.nl/html/laser.html 
    2.11 -
    Supplementen, homepathie, vitaminen... Detabaq - Hťt hulpmiddel bij het stoppen met roken.
    Detabaq is een geheel natuurlijk preparaat en bevat in tegenstelling tot medicijnen, nicotinepleisters en nicotinekauwgum geen schadelijke stoffen.
    Het bevat kruidenextracten en natuurlijke vitaminen, die nicotineresten in het lichaam verwijderen, de lichamelijke en geestelijke behoefte aan nicotine onderdrukken en onthoudingsverschijnselen tegengaan.
    Grotere kans op succes - Detabaq zorgt dat nicotineresten in het lichaam snel worden afgebroken.
    Het vermindert de behoefte aan nicotine en helpt tevens bij het onderdrukken van onthoudingsverschijnselen zoals nervositeit en hongergevoel.
    Door de rijke samenstelling van Detabaq voelt u zich fit en energiek en verdwijnt de behoefte om te roken.
    Detabaq geeft geen bijwerkingen.
    Uit gebruikersonderzoek blijkt dat de kans dat u succesvol stopt met Detabaq drie keer zo hoog is als zonder hulpmiddel (bron : Vitamust Gebruikersonderzoek, oktober 2004).
    Cfr. :
    http://www.vitamust.nl/detabaq.html 

    44. - Iedereen kan stoppen met roken, jij ook ! - de gemakkelijk stoppen methode (1e druk)
    Eraly & E. Eraly Ė Maklu, 2005 Ė ISBN : 9085750016
    Ik heb een manier ontwikkeld waarmee jij kan stoppen met roken zonder ook maar ergens last van te hebben, zonder ontwenningsverschijnselen, zonder gestresseerd te geraken en zonder te verdikken.
    Nu is het aan jou, om net zo als duizenden anderen, te ontdekken dat stoppen met roken het gemakkelijkste is dat je in je leven kan doen.
    Wil je eindelijk van het roken af ?
    Laat me je begeleiden naar je laatste sigaret en word een vrije, gelukkige niet-roker !
    Geert (Gent), 22-01-06 : ď
    Eindelijk een echt hulp boek. Ik heb reeds verschillende boeken en methodes geprobeerd om te stoppen met roken. Het boek van Eric Eraly is in eenvoudig en begrijpbare taal geschreven en het is een uitstekende begeleiding om op een makkelijke manier te stoppen met roken. Het geeft je praktische inzichten in je rookgedrag en je merkt goed dat de auteur zelf een verstokt roker was. Verder biedt het boek veel hulpmiddelen die het stoppen echt eenvoudig maken. De methode heet dan ook 'De Gemakkelijk Stoppen Methode'. Ik raad dit boek aan aan iedere roker die op een makkelijke manier wil stoppen met roken. Succes gegarandeerd !"
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_AffiliateMap-Start?LinkType=Product&Section=BOOK&referrer=bfaqIp6RW7gWyfbAmPVA4kN40097027&PrdId=1001004002610228  

    45. - Informatiepunt 'Roken en de wet' geopend
    Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport - Persbericht, 09-10-2002
    Vanaf 9 oktober 2002 is het informatiepunt 'Roken en de wet' Ė cfr. :
    http://www.rokenendewet.nl/ - geopend.
    Dit is ingesteld voor iedereen die meer wil weten over de gewijzigde Tabakswet die sinds 17 juli 2002 van kracht is.
    Het informatiepunt is een gezamenlijk initiatief van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en DEFACTO voor een rookvrije toekomst.
    Het informatiepunt bestaat uit de website :
    www.rokenendewet.nl -, een brochure en een gratis informatielijn (0800-0600).
    Deze middelen geven informatie over de eisen die aan tabaksproducten worden gesteld, tabaksreclame en -sponsoring, verkoopbeperkingen, rookverboden, bestuurlijke boetes en de data waarop verschillende maatregelen in werking treden.
    De gewijzigde Tabakswet en het informatiepunt leveren een belangrijke bijdrage aan de tabaksontmoediging in Nederland.
    Op dit moment rookt 30 procent van de volwassen bevolking.
    VWS streeft ernaar dit percentage terug te brengen tot 28 procent in 2004.
    Cfr. :
    http://www.minvws.nl/persberichten/zzoude_directies/pog/informatiepunt_roken_en_de_wet_geopend.asp

    46. - Inleiding tot het elektrisch prikkelen 
    van Sambeek HWR, van Zutphen HCF - In : Zutphen HCF van, Sambeek HWR van, Oostendorp RAB, e.a., red. Nederlands leerboek der fysische therapie in engere zin - Deel I. - Vierde, geheel herziene druk - Utrecht : Wetenschappelijke uitgeverij Bunge, 1991: 150-213.

    47. - Intervieuw met Allen Carr Ė De 10 meest gestelde vragen aan Allen Carr
    * Ik heb gehoord dat u weer rookt. Is dat zo ?

    Dat is onzin !
    Ik kan je met de hand op m'n hart verzekeren dat het niet waar is.
    Het is een roddel.
    * Ik wil wel stoppen maar ben zo bang dat ik niet gemotiveerd genoeg ben. Hoe weet je nu of je voldoende gemotiveerd bent ?
    In feite is iedere roker gemotiveerd om te stoppen.
    Alleen is er iets wat de motivatie van de roker in de weg zit.
    En dat is namelijk zijn angst.
    Iedere roker is bang dat als je gaat stoppen : - ē het leven toch wat minder compleet zal zijn - ē je bij sociale gelegenheden - cafť, feestjes, etentjes - toch iets zult missen - ē je ongemakkelijke, emotionele of stressvolle situaties minder goed zal kunnen hanteren - ē je je minder goed zal kunnen concentreren - ē het toch wel niet zal lukken - ē je eerst door een paar verschrikkelijke weken heen moet voordat het leven weer een beetje gewoon gaat worden - ē je altijd heel dik gaat worden.
    Met de Carr-methode wordt duidelijk dat het heel begrijpelijk is dat een roker met dat soort ideeŽn (of beter gezegd angsten) rondloopt; dat komt door de geraffineerde werking van de stof nicotine.
    Tegelijkertijd wordt met deze methode ook duidelijk dat al deze angsten op misverstand berusten.
    Op het moment dat je dat doorkrijgt voel je je angst verminderen en komt daar je eigen wens en motivatie om te stoppen voor in de plaats.
    * Ik ben wilskrachtig, heb doorzettingsvermogen. Maar als het om stoppen met roken gaat, lijken al die eigenschappen opeens verdwenen. Hoe komt dat ?
    Dat komt omdat roken geen gewoonte is, maar een drugverslaving.
    Veel rokers denken dat het roken voornamelijk gewoonte is.
    Een gewoonte verander je echter heel gemakkelijk, zeker als daar goede redenen voor zijn.
    Maar als je snapt hoe het verslavingsmechanisme werkt, ga je opeens doorzien hoe de nicotine je steeds op het verkeerde been heeft gezet.
    * Ik ben bang dat ik de gezelligheid zal missen.
    Rook in je longen zuigen en die vervolgens weer uitblazen heeft niets met gezelligheid te maken.
    Waar het op neerkomt is dat je, door je nicotineverslaving, niet optimaal kunt ontspannen zonder sigaret.
    Dus je bent gaan geloven dat de sigaret iets aan de gezelligheid toevoegt.
    Niet-rokers hoeven echter niet te roken om zich ontspannen te voelen in gezellige situaties.
    * Ik heb uw boek gelezen en ben moeiteloos gestopt. Toch ben ik op een gegeven moment weer gaan roken. Ik heb uw boek opnieuw gelezen, maar nu werkt het niet meer. Heeft een bijwonen van een training dan nog zin ?
    Ja, dat heeft wel degelijk zin en ik kan dat zelfs erg aanraden.
    In de trainingen zitten altijd ook mensen die gestopt zijn na het lezen van het boek, maar na verloop van tijd toch weer begonnen zijn met roken.
    Kennelijk is er dan iets dat niet helemaal duidelijk was geworden.
    In de trainingen worden bepaalde belangrijke mechanismen verder uitgewerkt, wat een beter houvast geeft, juist ook op langere termijn.


    Lees verder : Deel IV

    30-11-2006 om 23:24 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel IV
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  














    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

     
    Deel IV


    * Ik kan me niet voorstellen dat er geen wilskracht aan te pas komt.

    Als je bedoelt of het stoppen met roken helemaal vanzelf gaat en werkt als een soort wondermiddel, dan is het antwoord 'nee' : van een verslaving afkomen gaat nooit vanzelf.
    Toch zul je merken dat als je het boek zorgvuldig leest, of als je een training bijwoont, 'stoppen' iets heel vanzelfsprekends wordt.
    Hierdoor hoeft de roker geen gevecht met zichzelf te leveren.
    Het is juist dat gevecht dat altijd zo'n wilskracht kost.
    Met deze methode hoef je niet te vechten.
    * Ik kan heel makkelijk een hele dag (of een paar dagen, of een paar uur) niet roken. Dan ben ik dus toch niet zo heel erg verslaafd ? Waarom kan ik dan toch niet stoppen ?
    Er wordt altijd gedacht dat iemand die weinig rookt, of iemand die af en toe rookt, gemakkelijker zou kunnen stoppen dan iemand die veel rookt.
    Dat is een van de vele misverstanden die er rondom het roken bestaan.
    Het is zelfs zo dat het voor mensen die weinig roken, of voor 'gelegenheidsrokers' juist moeilijker kan zijn om te stoppen.
    In de training wordt ook 'gelegenheidsrokers' duidelijk waarom ze - onnodig - zoveel moeite hebben om definitief te stoppen. 
    * Ik heb bij een vorige stoppoging erge last gehad van ontwenningsverschijnselen. Daar ben ik nog steeds erg bang voor.
    Hoewel ik je niet ken, durf ik toch te zeggen dat de verwarring in je denken een veel grotere rol speelde bij het ervaren van de ontwenningsverschijnselen dan je je waarschijnlijk realiseerde.
    Ik ontvang heel veel brieven van mensen die met het boek gestopt zijn of met een training en bijna iedereen zegt spontaan dat de ontwenningsverschijnselen erg meevielen.
    * Ik ben bij vorige stoppogingen heel erg aangekomen. Hoe kan het dat dat na het bijwonen van de Carr-training niet gebeurt ?
    Als je met de verkeerde gedachtegang stopt, blijf je met het idee rondlopen dat je niet meer 'mag' roken, dat je jezelf iets hebt ontzegd en dat je iets vervangends nodig hebt.
    Dat is het kernprobleem.
    Dan ga je snoepen en tussen maaltijden door eten.
    Dan word je dikker en voel je je daar weer vervelend over.
    Mocht je toch wat aankomen door het weer normaal worden van de stofwisseling of omdat je tijdens de maaltijd meer eet omdat het eten je nu weer lekkerder smaakt, dan is dat geen reden tot grote zorg.
    De ervaring leert dat als je je vaste eetgewoonten aanhoudt, dat eventuele tijdelijk extra gewicht naar alle waarschijnlijkheid vanzelf weer verdwijnt.
    * Ik ben bang dat ik zo'n anti-roker word. Hoe kan ik dat voorkomen ?
    Het zal je opvallen dat mensen die met de Carr-methode gestopt zijn juist heel tolerant zijn ten opzichte van rokers.
    Het anti-roken gedrag zie je vaak bij mensen die met de wilskrachtmethode gestopt zijn.
    Ze roken dan wel niet meer, maar ze zijn eigenlijk jaloers op rokers omdat ze met het idee blijven rondlopen dat ze niet meer 'mogen' roken.
    Cfr. :
    http://www.allencarr.be/allencarr-interview.htm
    Cfr. ook :
    http://www.allencarr.nl/stoppen-met-roken/vragen.html 

    48. - Kan acupunctuur helpen bij overgewicht en bij stoppen met roken ?
    Dr. Harry E. Lieveld, praktiserend arts-acupuncturist
    Acupunctuur werkt op verschillende ďfrontenĒ.
    Allereerst kan dokter Lieveld met acupunctuur iemands lust tot roken, eten, drinken of drugsgebruik verminderen.
    Daarnaast kan hij met acupunctuur iemands wil om het doel te behalen, versterken.
    Door bepaalde acupunctuurpunten te stimuleren, kan dokter Lieveld verder een te trage spijsvertering effectiever laten werken.
    Daardoor gaat afvallen sneller en gemakkelijker.
    Als hij behandelt voor stoppen met roken, kan hij ook tegen de te verwachten verandering in de spijsvertering behandelen.
    Zo komt een stopper niet of nauwelijks aan.
    Voorts komen door acupunctuur ontwenningsverschijnselen bij stoppen met roken nauwelijks voor.
    En bij stoppen met drank of drugsgebruik heeft de patiŽnt door acupunctuur aanzienlijk minder last van de gevreesde ontwenningsverschijnselen.
    Dokter Lieveld vindt het begrijpelijk dat veel patiŽnten voor hun eerste behandeling wat gespannen of bang zijn.
    Echter de naaldjes zijn zo klein dat het inbrengen niet of nauwelijks pijn doet.
    De meeste patiŽnten ervaren de behandelingen juist als heel prettig omdat ze rust geven en ontspannend werken .../...
    Cfr. : Cfr. :
    http://www.acupunctuur-lieveld.nl/informatie/roken_acupunctuur.php

    49. - Kans borstkanker groter door roken voor zwangerschap - 20 Procent meer kans
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : Pharma, 05-12-05

    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2005/nieuws-december/Kansborstkankergroterrokenzwangerschap.htm

    50. - Klinische relevantie van studies naar het effect van ultrageluid
    Rouwmaat PHM, Koel G, Kortleve VF, e.a. - Ned Tijdschr Fysiother 1999; 109: 24-7.

    51. - Laser in de geneeskunde, principe, toepassing, gebruik 
    Sterrenburg P.G.J. - Weesp : uitgave via Carl Zeiss B.V., 1993;3-11.

    52. - Laserpunctuur tegen roken
    Rob Nanninga schrijft in zijn artikel 'Laserpunctuur tegen roken' (Skepter nr. 16(3), september 2003 Ė cfr. ook :
    http://www.skepsis.nl/ -) dat laserpunctuur tegen roken net zo goed of zo slecht werkt als een placebo : ''.../... De therapeut hoeft niet te weten op welke punten het laserlicht moet worden gericht, want dat maakt niks uit. Hij hoeft zelfs niet te beschikken over een goed softlaserapparaat, want een defect apparaat werkt net zo goed .../...Ē
    Cfr. :
    http://www.skepsis.nl/laserpunctuur.html

    53. - Lasertherapie
    Leids Universitair Medisch Centrum
    Het blijft commercie wat de klok slaat :
    www.antirook.nl ('Prostop Lasertherapie') - blijkt een site die lasertherapie tegen roken aanprijst.
    Lasertherapie tegen roken ?
    Pardon ?
    Ja, met een Ďsoftlaserí worden verschillende drukpunten op uw lichaam te gestimuleerd : ďAcupunctuurpunten op het gezicht worden belicht met een infraroodlaser die pulserend licht uitzendt. Deze punten staan door middel van meridianen in uw lichaam in verbinding met o.a. de aanmaakcentra van endorfinen. De lasertherapie reguleert het endorfinegehalte (brengt het evenwicht terug) en neemt daarmee de behoefte aan nicotine wegĒ.
    Klinkt heel wetenschappelijk en dat voor maar Ä 125,-.
    Meer stimulatie van meridianen vinden we bij de Nederlandse Vereniging voor Acupunctuur (
    www.acupunctuur.nl/roken.htm -) : ďEen behandeling met acupunctuur kan de longenergie en zelfs de wilskracht versterken. De vitaliteit keert meestal snel terug en u voelt zich energieker dan ooit. Zo wordt volhouden steeds gemakkelijker ! Gemiddeld zijn drie behandelingen binnen een periode van vier weken afdoende om met roken te stoppen.Ē En het mooiste is: veel verzekeraars vergoeden deze behandeling helemaal of voor een deel.
    In 'In de wolken', nr. 8 van 17-05-02 :
    http://www.lumc.nl/1080/archief/2002/20020517.html

    54. - Lasertherapie - Acupunctuur zonder naalden
    Mw. M. van Schagen
    Bron : Raalter Koerier, mei 2004

    Zijn cliŽnten raadplegen hem omdat ze kampen met chronische pijn, omdat ze hulp nodig hebben bij het stoppen met roken of moeite hebben met het beheersen van hun gewicht.
    Met behulp van acupunctuur, electro- en lasertherapie gaat Gerard Verswijver klachten te lijf.
    De meeste mensen die bij Verswijver aankloppen hebben huisarts en specialisten in het ziekenhuis al meermalen bezocht.
    Ze lopen rond met klachten als rsi, een whiplash of fibromyalgie of gewrichtspijnen.
    Klachten die niet eenvoudig te duiden zijn en die in de reguliere geneeskunde veelal leiden tot de uitspraak: u moet er mee leren leven.
    In zijn Matera Gezondheidscentrum heeft Verswijver zich toegelegd op het bestrijden van chronische pijn.
    Na een uitgebreid intakegesprek benut hij het oor van zijn cliŽnt voor de therapie.
    ,,Het oor is een anatomische kaart van het lichaamĒ, verklaart hij : ,,Als iemand bijvoorbeeld last heeft van zín elleboog, is het eenvoudig om in het oor de energielijnen naar de elleboog te stimuleren.Ē
    Voor zijn behandelingen gebruikt de therapeut naast acupunctuur en electrotherapie ook lasertherapie: een moderne toepassing van acupunctuur, met behulp van laserlicht.
    ,,Er zijn mensen die bang zijn voor naaldenĒ, aldus Verswijver. ,,Bovendien levert het prikken een, zeer geringe, kans op ontstekingen. Deze nadelen kent de lasertherapie niet.Ē
    Mensen die kampen met overgewicht kunnen ook bij Verswijver terecht.
    Voor deze cliŽnten stelt hij een gewichtsbeheersingsplan op van zes weken : drie weken afvallen en drie weken stabiliseren.
    Deze aanpak wordt ondersteund met naalden.
    Bij het verhelpen van een rookverslaving blijkt de lasermethode bijzonder effectief.
    Bij Matera krijgen Ďstoppersí in de eerste, tweede, vierde en zesde week een behandeling om hen door de psychisch zwaarste fasen heen te loodsen.
    In zijn praktijk werkt Verswijver zoveel mogelijk samen met huisartsen en specialisten uit de reguliere geneeskunde.
    ,,Met de informatie die zij aanreiken krijg ik een compleet beeld van de cliŽnt en de klacht. Bovendien kan het soms nodig zijn dat ik doorverwijs naar een regulier arts. Ik ben actief betrokken bij de opzet van een HBO-opleiding Analgesie (pijnbestrijding) in Deventer. Het is de eerste rijksopleiding in Nederland die een brug slaat tussen de reguliere en alternatieve geneeskunde. In Zweden behoort acupunctuur al sinds 1984 tot de reguliere geneeskunde. De kloof wordt steeds kleiner.Ē
    Cfr. :
    http://www.matera.nl/Paginas/links.htm

    55. - Lasertherapie en ooracupunctuur - Anit-rook behandeling en afslanken
    Carpe Diem Gezondheiscentrum
    Cfr. :
    http://www.centrumcarpediem.nl/ 

    56. - Lasertherapie in de medische praktijk 
    Van Breugel H.H.F.I. - Oisterwijk : Van den Boogaard Uitgevers, 1996;41-72.

    57. - Longkanker
    KennisRing - Laatst gewijzig : juni 2004
    Cfr. : 
    http://www.kennisring.nl/smartsite.dws?id=51727 

    58. - Meeroken kost duizenden levens
    Gezondheid Informatie Punt
    Meeroken is dodelijker dan in Nederland tot nu toe werd aangenomen.
    Zo hebben meerokers 20% meer kans op longkanker en 20 tot 30% meer kans op hart- en vaatziekten.
    Vertaald naar de Nederlandse situatie betekent dit dat jaarlijks duizenden meerokers sterven aan hart- en vaatziekten en enkele honderden aan longkanker.
    Dat blijkt uit een conceptadvies van de Gezondheidsraad aan minister Hoogervorst van Volksgezondheid.
    De 'Stichting Clean Air Now' Ė cfr. :
    http://www.nietrokers.nl/default.asp - is niet verbaasd over de conclusies uit het rapport, waar dagblad Trouw de hand op heeft weten te leggen.
    "Het bevestigt een Amerikaans onderzoek van de Wereldgezondheidsorganistie WHO uit begin jaren negentig. Maar het zegt wel voor het eerst iets over de Nederlanse situatie'', aldus CAN-voorzitter W. van den Oetelaar.
    Behalve long- en hart- en vaatziekten, veroorzaakt meeroken ook enkele wiegendoden per jaar.
    Verder krijgen naar schatting tienduizenden kinderen er luchtwegaandoeningen van, concludeert de Gezondheidsraad.
    De raad adviseert dan ook nader onderzoek naar de Nederlandse organisatie te doen.
    Op 18 november praatte de Tweede Kamer over het voorstel van de minister om de horeca en sportkantines tijdelijk uit te zonderen van het wettelijke recht op een rookvrije werkplek dat vanaf 1 januari 2004 van kracht is.
    Hoogervorst wil de werkgevers in deze sectoren zelf een plan laten maken om de rookvrije werkplek te garanderen.
    Cfr. :
    http://gip.overijsselsebibliotheken.nl/meeroken_kost_duizenden_levens.html

    59. - Methoden om te stoppen met roken
    Ikstop.nl
    Cfr. :
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=stopmethoden 

    60. - MINI Winkler Prins - Stoppen met roken
    Uitgeverij het Spectrum, 2005 Ė ISBN : 9027422036
    Waarom rook ik ?
    Wat is voor mij de beste methode om te stoppen ?
    Uitleg over allerlei technieken om te stoppen met roken - van acupunctuur tot gedragsverandering en Zyban.
    Tips om terugval te voorkomen en adviezen over wat u moet doen als het toch een keertje misgaat.
    Perfect voor iedereen die op 31 december weer eens besluit te stoppen met roken.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002600974&Section=BOOK&iref=precp

    61. - Motieven voor het werken rond roken op het werk Ė Gezondheidkosten van het roken
    Roken is ťťn van de meest vermijdbare oorzaken van ziekte, handicap en sterfte.
    Ook in BelgiŽ.
    Cfr. :
    http://www.vig.be/content/pdf/GW_rookbeleid_achtergrond.pdf

    62. - Nederlands leerboek der fysische therapie in engere zin - Deel I (5e druk)
    H.C.F. van Zutphen - Elsevier gezondheidszorg, augustus 2003 Ė ISBN : 9035224388
    Nederlands leerboek der fysische therapie in engere zin - Deel II (4e druk)
    H.C.F. van Zutphen - Elsevier gezondheidszorg, augustus 2003 Ė ISBN : 9035224396
    In deel twee van Fysische therapie in engere zin staan hoofdstukken over o.a. lichttherapie, lasertherapie, lokale thermotherapie, saunatherapie, hydrotherapie, ultrageluidtherapie en ultrafonoforese-therapie en veiligheid.
    Cfr. :
    -
    http://www.geneeskundeboek.nl/leesverder.pl?isbn=9035224388 
    http://www.geneeskundeboek.nl/leesverder.pl?isbn=9035224396

    63. - Neuroacupunctuur
    Neuroacupunctuur is een verzamelnaam voor enkele vormen van acupunctuur die specifiek ingezet worden bij de behandeling van neurologische ziekten en chronische pijnen.
    Ook kunnen onderdelen van de neuroacupunctuur ingezet worden bij psychiatrische stoornissen zoals depressies en angststoornissen.
    Eťn van de onderdelen van de neuroacupunctuur is de schedelacupunctuur, waarbij naalden in de schedelhuid ingebracht worden.
    De speciale Japanse schedelacupunctuur, ontwikkeld door Dr Yamamoto, wordt ook wel aangeduid met de term neuroacupunctuur, aangezien deze acupunctuurvorm vooral effectief is bij de behandeling van neurologische ziekten en pijn.
    '
    Neuroacupunctuur' als term wordt ook op een tweede wijze gebruikt, als een verzamelnaam voor de multidisciplinaire studie naar de werking van acupunctuur verklaard vanuit het zenuwstelsel.
    Het eerste tekstboek die deze invalshoek koos verscheen in 2001, onder de titel: ď
    Neuroacupuncture - Scientific Evidence of Acupuncture RevealedĒ (cfr. : http://www.qpuncture.com/shop/view_item.php?in_menu=B&in_sub=01&in_ino=00018 -).
    Het werkingsmechanismen van acupunctuur in het algemeen wordt steeds meer gezocht via de invloed van acupunctuurnaalden op met name het centrale zenuwstelsel, maar ook op de hormoonhuishouding en op het immuunsysteem.
    Dit boek is samengesteld door een team van specialisten onder leiding van een hoogleraar aan de Universiteit van CaliforniŽ.
    In dit belangwekkende werk wordt door wetenschappers uit de neuroradiologie, neuro-oftalmologie en neuroanatomie de modernste resultaten besproken van de research naar de effecten van acupunctuur op m.n. centraal zenuwstelselniveau.
    Uit recent onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat met moderne beeldvormende technieken, zoals PET-scanning na het prikken van acupunctuurpunten specifieke delen van de hersenen een versterkt metabolisme tonen.
    --- PET is de afkorting voor 'Positron Emission Tomography'.
    Deze techniek wordt vooral toegepast voor het opsporen van hersentumor, hersenverlamming, mentale afwijkingen en de 'mapping' van hersenzones.
    De techniek is gebaseerd op de positron-emisie of uitstraling van isotopen.
    De isotopen worden in het lichaam van de patiŽnt gebracht.
    De positronen botsen met electronen in het lichaamsweefsel en produceren fotonen.
    De fotonen worden opgespoord door een speciaal apparaat. Het is dus op basis van het verval van deze positronen of de opname van radio-isotopen in het lichaam, dat de machine een beeld vormt.
    Doordat deze isotopen niet statisch zijn kan deze vorm van tomografie informatie over het functioneren van het organisme geven.
    X-stralentomografie levert geen functionele informatie, maar louter structurele.
    ---
    En zelfs dat er bepaalde genen in de hersenen door acupunctuur in- en uitgeschakeld kunnen worden.
    Neuroacupunctuur is zo belangrijk geworden, dat aan de Nobel Universiteit in Los Angeles (USA) een speciale leerstoel is opgericht en een hoogleraar is benoemd die onderzoek begeleidt en onderwijs geeft m.b.t. de neuroacupunctuur.
    Cfr. :
    http://www.neuroacupunctuur.nl/ 

    64. - Nicotine Substitutie Therapie (NST)
    NST is ťťn van de mogelijke farmacologische benaderingen van stoppen met roken.
    De werking van deze producten is gebaseerd op het feit dat de toevoer van nicotine (die op zich nagenoeg onschadelijk is) de potentiŽle ontwenningsverschijnselen onderdrukt.
    Diverse middelen (kauwgom, pleister, inhaler, neusspray en sublinguale tabletten), zijn sinds verscheidene jaren beschikbaar.
    De toegenomen verscheidenheid zorgt ervoor dat ze kunnen aangepast worden aan de persoonlijke voorkeur van de patiŽnt.
    Daarenboven zijn ze vrij verkrijgbaar (jammer genoeg alleen nog maar in de apotheek), met als gevolg : een meer gespreid gebruik ervan en een groter aantal stoppers.
    Tenslotte kon wetenschappelijk onderzoek de veiligheid ervan aantonen, zowel bij langdurig gebruik, als bij patiŽnten met stabiel cardiaal lijden.
    Ook bij zwangerschap moet het gebruik ervan afgewogen worden t.a.v. de gevaren van verder roken.
    Daarenboven bevatten de NST-producten nagenoeg geen verslavingsgevaar en verdubbelen ze de kans op succesvolle rookstop.
    Recent onderzoek wijst op de kans op betere resultaten bij de combinatie van producten.
    Het advies inwinnen bij de behandelende geneesheer, in geval van cardiale ziekte, moet hierbij worden aangeraden .../...
    Cfr. :
    http://www.pharmassist.be/pages/rookstopmethodes.htm -&- http://www.lungcancergroup.be/pdffiles/nicotinesubstituties.pdf 

    65. - Nicotineverslaving
    Cascade International :
    info@cascadeverslavingszorg.com
    Ongeveer 35% van de Nederlandse bevolking is verslaafd aan sigaretten.
    Ondanks alle ontmoedigende en beperkende maatregelen die de overheid de afgelopen jaren heeft genomen, daalt dit percentage nauwelijks.
    Hoewel ruim 90% van de rokers ťťn of meerdere keren heeft geprobeerd om te stoppen, lukt dat nog geen 5% definitief.
    Stoppen brengt ontwenningsverschijnselen met zich mee, zoals : - rusteloosheid Ė gejaagdheid Ė irritatie Ė snoepzucht - een voortdurend verlangen naar een sigaret.
    Nicotinepleisters, acupunctuur of een laserbehandeling werken vaak maar even.
    Iedereen die rookt weet goed welke gezondheidsrisicoís er zijn.
    Net als elke andere verslaving negeren rokers de risicoís, evenals de signalen van het lichaam.
    In dat opzicht onderscheidt de rookverslaving zich niet van welke verslaving dan ook.
    Angst voor gewichtstoename is een van de belangrijkste redenen om door te gaan met roken.
    Maar diezelfde ijdelheid kan ook een motivatie zijn om te stoppen.
    De huid wordt grauw en veroudert snel, het haar wordt dof, de tanden verkleuren, de stem wordt zwaarder.
    Kortom, een zware roker is herkenbaar.
    Een van de partnerklinieken van Cascade International is gespecialiseerd in nicotineverslaving.
    Een opname duurt gemiddeld vier tot zes weken.
    Het werkt zeer goed om de eerste moeilijke periode uit de eigen omgeving te zijn.
    In de kliniek leert de cliŽnt onder intensieve begeleiding hoe het is om volledig vrij te zijn van stemmingsbeÔnvloedende middelen.
    Om te leren om te gaan met zowel positieve als negatieve emoties en spanningen zonder deze te onderdrukken.
    Ook bewustwording treedt op om geen vervanging in eten of snoepen te zoeken.
    Als dit patroon wordt voortgezet, blijkt de gewichtstoename minimaal te zijn.
    Direct uit de kliniek starten we het nazorgprogramma dat intensief begint en geleidelijk aan wordt afgebouwd.
    Het eerste jaar is deze begeleiding heel belangrijk.
    Ruim 95% van onze cliŽnten die langer dan ťťn jaar niet roken, zijn er definitief vanaf.
    Cfr. :
    http://www.cascadeverslavingszorg.com/

    66. - Niet iedereen is even enthousiast over laserpunctuur tegen roken
    Zo schrijft Rob Nanninga in zijn artikel 'Laserpunctuur tegen roken' (Skepter nr. 16(3), september 2003 Ė cfr. ook : http://www.skepsis.nl/ -) dan weer dat laserpunctuur tegen roken net zo goed of zo slecht werkt als een placebo : ''.../... De therapeut hoeft niet te weten op welke punten het laserlicht moet worden gericht, want dat maakt niks uit. Hij hoeft zelfs niet te beschikken over een goed softlaserapparaat, want een defect apparaat werkt net zo goed .../...Ē - Cfr. : http://www.skepsis.nl/laserpunctuur.html
    Elders las ik : ďAl met al is er nog steeds geen sluitend bewijs te vinden waarmee de werking van de anti-rookbehandeling verklaard kan worden.
    Meer overeenstemming bestaat er over het feit dat acupunctuur geen recidieven kan voorkomen.
    Daarnaast moet ook het psychologische effect natuurlijk niet onderschat worden.
    Ē.
    Zo heeft de behandeling met een laser heeft ook een technisch placebo-effect : hoe indrukwekkender het apparaat, des te groter het vertrouwen van de patiŽnt), maar wat dan nog, als het helpt helpt het !
    Maar het blijft een feit dat wilskracht het (enige ?) wapen tegen (rook)verslaving.

    67. - Nieuw onderzoek over de gevolgen van roken
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : Mednet, 02.12.2004

    We wisten al dat roken slecht is.
    Maar hoe slecht is het precies en wie zal vooral te maken krijgen met de gevolgen ?
    Uit onderzoek blijkt dat er in het jaar 2000 alleen al 5 miljoen mensen stierven door de gevolgen van het roken.
    De meeste van hen waren onder de zeventig en longkanker is slechts een van de gevolgen van het roken.
    Dat blijkt uit een onderzoek dat deze week in het tijdschrift Tobacco Control werd gepubliceerd (Tobacco Control 2004;13:388-395 Ė cfr. :
    http://www.bmj.com/cgi/collection/smoking?notjournal=bmj&page=22 -).
    Het onderzoek werd uitgevoerd door medewerkers van de Harvard School of Public Health in de Verenigde Staten (cfr. :
    http://www.hsph.harvard.edu/cancer/resources_materials/reports/HCCPreport_1smoking.htm -).
    Zij gingen in hun analyse verder dan uitsluitend de aantallen en vroegen zich ook af of er wereldwijd verschillen zijn.
    Zo kwamen ze tot de conclusie dat in rijke landen hartziekten en niet longkanker de belangrijkste oorzaak van sterfgevallen door het roken vormt (43%).
    Longkanker komt op de tweede plaats: 22% bij mannen en 19% bij vrouwen.
    Ook in arme landen vormen hartziekten de belangrijkste oorzaak voor sterfte door roken (28%), maar blijkt dat ook longziekten een belangrijke sterfteoorzaak die gebonden is aan het roken vormen (27%).
    Longkanker was in arme landen verantwoordelijk voor 14% van de sterfte door roken.
    De onderzoekers benadrukken dat roken ervoor zorgt dat al bestaande risicoís veel groter worden.
    In arme landen is er binnenshuis veel luchtvervuiling omdat men met brandhout of op houtskoolvuur kookt en daarmee ook het huis verwarmt.
    Dat is erg slecht voor de longen.
    Vandaar dat de nadruk op de longziekten zoals
    'Chronische Obstructieve Pulmonaire Ziekten' (COPD) Ė cfr. : http://www.uzleuven.be/uzroot/verpleegkunde/main.cfm?load=http%3A//www.uzleuven.be/verpleegkunde/content/specialisten/index.cfm%3F%26objectid%3D5140B68D-D77F-4F14-A8A336A9C03642A4 - komt te liggen.
    In rijke landen daarentegen draagt roken bij aan het vergroten van de risicoís die we lopen door een slecht dieet en te weinig beweging.
    Verwacht wordt dat de problemen in de komende jaren in arme landen groter zullen worden.
    Daar zullen vrouwen die tot nu toe niet in grote getale rookten daartoe overgaan.
    Bovendien zijn de overheden in arme landen niet in staat om regelgeving om het roken terug te dringen met kracht in te voeren.
    In rijke landen zal het beleid om het roken moeilijker te maken enig succes hebben.
    Onder mannen loopt het aantal rokenden al terug.
    Bij vrouwen neemt het echter nog steeds toe.
    Maar de gevolgen van het roken zullen we nog een tijd merken in een stijging van het aantal mensen dat sterft aan de gevolgen van het roken.
    Mensen leggen me wel eens het argument voor dat je toch ook gelukkig moet zijn en dat rokers die gelukkig zijn misschien die paar jaar extra in hun leven niet hoeven.
    Men doet het voor komen of het om een keuze gaat.
    Ze vinden ook dat drie jaar erbij als je tachtig bent niet zo interessant is.
    Als je ze er tussen je 20ste en 30ste erbij zou krijgen was het iets anders.
    Ten eerste is tegenwoordig een leeftijd onder de 70 te jong om te sterven.
    Daarnaast gaat het niet alleen om gewonnen jaren, maar vooral ook om gewonnen kwaliteit van bestaan.
    Iedereen die mensen met COPD kent weet hoe erg ze lijden.
    Iedereen die iemand met longkanker heeft meegemaakt weet hoe pijnlijk dat proces is.
    Wie met mensen die een infarct of een attaque gehad hebben te maken heeft weet dat er misschien sprake is van een eerder overlijden, maar bovendien van een aantal jaren van invaliderende ziekte.
    Het zijn allemaal argumenten die je mee moet nemen bij de keuze die je neemt.
    Stoppen met roken is een belangrijke investering in je eigen welzijn en bovendien in dat van de mensen in je omgeving.
    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2004/december-2004/Nieuwonderzoekgevolgenroken.htm

    68. - Nieuwe aanval op roken
    Frouke Tamsma - Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : 'BN de stem' Ė 10ó03-2006

    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2006/3-mrt-nieuws/Nieuweaanvalroken.htm

    69. - Nieuwe mogelijkheden om te stoppen met roken
    Broer J, Meyboom B, van der Molen T - Medisch Contact 1999;54:1159-62.

    70. - Nooit meer roken
    Avantgarde - © 2000 Judy Landman
    In deze tijd van gezond leven is roken zo langzamerhand "not done" aan het worden.
    Maar ja, het is zo lekker... of eigenlijk : het is zo moeilijk om te stoppen !
    Wil je er straks nog een beetje bijhoren, dan is nu de tijd rijp dat je voorgoed die peuk uitdrukt.
    Maak je keuze uit het menu der mogelijkheden.
    De hang naar een gezonde levensstijl, de plannen van minister Borst, het toenemende gevoel als roker tot de sociale outcast te behorenÖ er zijn volop tekenen aanwezig dat de maatschappelijke houding ten aanzien van roken aan het veranderen is.
    Dat roken slecht is weten we allemaal en voor alle zekerheid staat het ook nog eens geschreven op elk pakje rookwaar dat je koopt.
    Bijna de helft van het aantal sterfgevallen van mensen boven de 20 jaar is toe te schrijven aan roken.
    Maar ook de maatschappelijke tolerantie rondom roken neemt steeds verder af.
    De omgeving pikt het niet langer.
    Zeker nu de nadelige gevolgen van het meeroken zijn bewezen.
    Op het werk wordt roken steeds minder vaak getolereerd en "rook ook alstublieft niet waar de kleine bij is".
    Wie nu niet stopt staat straks buiten met zijn verslaving.
    Het percentage rokers is in Nederland al jaren stabiel.
    Toch hebben heel veel rokers ooit een poging tot stoppen ondernomen.
    Enige vorm van twijfel over het eigen rookgedrag is niet ongewoon.
    Maar stoppen is een heel ander verhaal.
    In de meeste gevallen gaven de ontwenningsverschijnselen en het gemis aan de gezelligheid de doorslag om er toch weer eentje op te steken.
    Dat veel rokers toch liever van hun verslaving af zouden willen, bewees de landelijke actie "
    Dat Kan Ik Ook" die de Stichting Volksgezondheid en Roken (Stivoro) met de Nederlandse Kankerbestrijding/KWF rond de afgelopen jaarwisseling organiseerde.
    Maar liefst 800.000 mannen en vrouwen deden aan de actie mee.
    Deelnemers kregen advies op maat en kunnen nog steeds rekenen op professionele ondersteuning.
    De actie ging vergezeld van een zesdelige cursus op RTL5.
    Na 3 maanden had 30% nog steeds niet gerookt, een absoluut record !
    Voor wie vandaag de dag wil stoppen met roken, zijn er vele middelen en methoden die kunnen helpen om de zoete verleiding van de terugval te weerstaan.
    Van Cold Turkey tot gedragstherapie of van gratis tot honderden guldens, het menu is uitgebreid en gevarieerd.
    De verslaving
    Roken werkt op twee manieren verslavend.
    * Lichamelijk - In de eerste plaats is je lichaam gewend (verslaafd) geraakt aan de nicotine die je met elke sigaret inhaleert.
    Hoewel nicotine een lichaamsvreemde stof is, heeft je lichaam zich er in de loop der jaren op aangepast.
    Zodra je stopt met roken daalt het nicotineniveau, waarop je lijf om aanvulling vraagt.
    Hoe lager het niveau, hoe heftiger het lichaam roept.
    Vanaf een bepaald niveau kunnen er ontwenningsverschijnselen optreden, zoals humeurigheid, kortademigheid, slapeloosheid of de behoefte aan snoepen en zuigen.
    Voor de ťťn zijn die heftiger dan voor de ander, maar ze duren bij iedereen slechts een paar dagen.
    Dan is het lichaam alweer aan de nieuwe situatie zonder nicotine gewend.
    * Psychisch - Veel hardnekkiger is de psychische verslaving.
    De mens is een gewoontedier.
    Ons hele dagelijks leven hangt van gewoonten aan elkaar.
    Ook roken is een gewoonte op basis van aangeleerd gedrag.
    Wanneer je die gewoonte plotseling doorbreekt krijg je het gevoel dat er iets mist.
    Zonder sigaret lijkt het natafelen minder gezellig en je voelt je ongemakkelijk als je staat te praten zonder sigaret in je handen.
    Dat brengt je uit balans.
    Je denkt op zoín moment dat de sigaret de ontbrekende factor is, terwijl je in feite de gewoonte mist.
    Stoppen met roken betekent: je gewoontepatroon veranderen.
    Maar dat is geen peuleschilletje !
    Je moet sterk in je schoenen staan en optimaal gemotiveerd zijn.
    Cold Turkey
    De meeste stoppogingen gebeuren 'Cold Turkey' : simpelweg stoppen door nooit meer een sigaret op te steken.
    Dat klinkt alleen eenvoudiger dan het is.
    De meeste van deze pogingen mislukken dan ook binnen enkele weken omdat er meestal toch ergens een achterdeurtje om te vluchten wordt opengelaten.
    Van de ene op de andere dag stoppen blijkt in de praktijk succesvoller dan langzaam minderen.
    Je hebt direct resultaat en het stoppen kost uiteindelijk minder moeite.
    Het helpt als je voor jezelf een vaste dag bepaalt waarop je wilt stoppen en vanaf die dag rigoureus de sigaretten uit je leven weert.
    Vanaf dat moment kun je maar het beste alles wat met roken te maken heeft uit je omgeving verwijderen.
    Asbakken, aanstekers, reservepakjes, rondslingerende vloeipapiertjes, alles kan de prullebak in.
    Wat in elk geval niet werkt, is overgaan op lichtere of op filtersigaretten.
    De gewoonte is er dan namelijk nog steeds.
    En omdat je als vanzelf sterker gaat inhaleren of per sigaret meer trekjes neemt, krijgt je nog steeds dezelfde hoeveelheid nicotine binnen.
    Daar zorgt je lichaam wel voor.
    Je houdt jezelf daarmee dus gewoon voor de gek.
    Martine (34) : "Ik rookte als een schoorsteen; al jaren. En zoals zovelen, ondernam ik vele malen pogingen om te stoppen. Maar steeds ging het weer mis. Tot ik zwanger werd. Toen dacht ik bij mezelf : ĎAls ik nu blijf roken ben ik wel zoín ongelofelijke trut !í Ik moest er niet aan denken dat ik mín kind zou opzadelen met astma of een andere aandoening als gevolg van mijn verslaving. Dat was de motivatie die ik nodig had. Ik ben zonder moeite van de ene op de andere dag Cold Turkey gestopt. Dat ik zwanger was maakte het wel gemakkelijker, want daardoor dronk ik ook minder. En als roker steek je per definitie een sigaret op bij een biertje of een wijntje. Die twee horen bij elkaar. Het is frappant dat je als roker denkt dat je het roken nodig hebt. Je denkt dat het lekker is en gezellig is en je koestert de verslaving. Nu ik ervan af ben is het beeld omgedraaid. Ik wil nooit meer verslaafd zijn !"
    Heleen (41) :  "Mijn vriend en ik wisselden elkaar af. Als ik rookte was hij gestopt en andersom. Soms hield ik het langer vol dan andere keren, maar ik had altijd achterdeurtjes. Tot ik me ging realiseren dat mijn lichaam kwetsbaarder is dan ik altijd dacht. Ineens was het genoeg geweest. Ik ben gestopt en het viel op dat ik voor het eerst niet meer bijhield hoelang ik al niet meer rookte. Dit keer was het ook anders omdat ik geen emotioneel afscheid nam, maar een commitment met mezelf aanging. Ik ben blij dat het dwangmatige er nu af is. Mijn smaak is beter en ik voel me prettiger omdat ik niet langer het gevoel heb dat ik stink."


    Lees verder : Deel V

    30-11-2006 om 23:17 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel V
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  















    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

     
    Deel V









    Pillen en pleisters
    Je lichaam is in de jaren gewend geraakt aan de aanwezigheid van nicotine.
    Als je stopt krijg je in de meeste gevallen last van ontwenningsverschijnselen.
    Hoewel je lichaam al vrij snel weer aan de nicotineloze situatie went, kan het wel zo prettig zijn om die onaangename ontwenningsverschijnselen in de eerste dagen te minimaliseren.
    Nicotinepleisters, -kauwgom en -zuigtabletten zorgen ervoor dat het nicotineniveau in je lijf geleidelijk wordt afgebouwd.
    Het duurt dan misschien iets langer voordat je lichaam helemaal nicotinevrij is, maar je bent af van je humeurigheid, onrust of snoepzin.
    De pleisters zijn in verschillende doseringen gemakkelijk verkrijgbaar bij de drogist.
    Zo kun je de eerste dosis afstemmen op het aantal sigaretten dat je gewend was te roken en vervolgens de dosering geleidelijk aan afbouwen.
    Martine : "Mijn eerste succesvolle stoppoging was met behulp van pleisters. Ik plakte zoín ding op mijn been en ineens was de prikkel om te willen roken verdwenen. Als ik een pakje sigaretten zag liggen kon ik er zonder problemen afblijven. Helaas duurde het succes niet zo lang. In een periode van stress op het werk was ik zo weer verkocht en in no time zat ik weer op mijn oude niveau."
    Kauwgom en zuigtabletten zijn er maar in ťťn dosering.
    Als je trek krijgt neem je in plaats van een sigaret zoín kauwgompje of zuigtablet.
    Het kauwen en zuigen moet alleen wel langzaam en beheerst gebeuren, anders krijgt je maag moeite met de afgegeven nicotine.
    Bewust kauwen dus; dat leidt meteen je aandacht van het roken af.
    Sinds kort zijn er ook pilletjes verkrijgbaar, onder de naam Zyban.
    Daarvoor moet je wel naar de huisarts voor een recept.
    Net als bij de pleisters zorgen zij ervoor dat je minder last hebt van de ontwenningsverschijnselen.
    Maar Zyban gaat verder.
    Bij de tabletten hoort een ondersteuningsprogramma, waarmee je gesterkt wordt in je motivatie.
    De pillen komen wel voor eigen rekening, want de verzekering betaalt niet mee.
    Acupunctuur
    De oude Chinese geneeskunst in de vorm van acupunctuur gaat uit van energiebanen in het lichaam.
    Daaruit valt af te lezen hoe de gesteldheid van de organen is.
    Een gezond mens is qua lichaam en geest in evenwicht.
    Jarenlang roken brengt het lichaam uit balans, waardoor de energiedoorstroming verstoord raakt.
    Door bepaalde punten in de energiebanen te prikkelen met behulp van minuscuul kleine naaldjes, wordt de balans weer hersteld.
    Het resultaat van zoín behandeling is dat zowel de ontwenningsverschijnselen als de behoefte aan roken verdwijnen.
    Je wilskracht wordt bovendien sterker en je voelt je energieker en vitaler.
    Daarmee wordt het steeds makkelijker om het niet-roken vol te houden.
    De arts of therapeut kan via bepaalde drukpunten in je pols controleren hoe de energiebalans ervoor staat en wat het effect is van de behandeling.
    Op basis daarvan bepaalt hij hoeveel behandelingen er nodig zijn.
    Een gemiddelde stoppen-met-roken-behandeling vraagt drie sessies in vier weken tijd.
    Maar voor sommigen is ťťn behandeling al voldoende.
    In tegenstelling tot de meeste andere middelen en methoden, wordt acupunctuur door veel verzekeraars geheel of gedeeltelijk vergoed.
    Bert (41) : "Ik ben helemaal niet zoín held met naalden, maar ik had van anderen gehoord dat acupunctuur goed scheen te helpen. Toen ook de huisarts er niet afwijzend tegenover stond dacht ik : ĎIk probeer hetí. Via hem kreeg ik het adres van een erkende therapeut in de buurt. De behandelingen zijn heerlijk ontspannend en de therapeut is tevens een soort coach. Omdat ik meer dan ťťn behandeling kreeg, had ik in het begin steeds het richtpunt van de volgende afspraak. Dat maakte vooral de eerste weken van stoppen veel makkelijker. Na een tijdje voel je vanzelf dat je klaar bent. Je hebt de behandeling niet meer nodig. Maar helemaal van het roken af kom je volgens mij nooit. Het wordt wel steeds makkelijker om weerstand te bieden, en het risico van terugval wordt steeds kleiner."
    Softlaser
    Deze therapie is ontwikkeld door een groep artsen in Canada en wordt sinds een paar jaar ook op kleine schaal in ons land toegepast door speciaal hiervoor opgeleide therapeuten.
    De uitgangspunten van deze methode lijken op die van de acupunctuur.
    De energiehuishouding is uit balans gebracht door het jarenlange roken.
    Door de energiebanen te prikkelen wordt herstel tot stand gebracht.
    "
    Bij een softlaserbehandeling worden de energiebanen door middel van een haarfijn laserbundeltje op verschillende plaatsen verwarmd", vertelt Ab Brummer, softlasertherapeut in Wijhe : "Die warmteprikkel lost de belemmering op, waardoor de energie weer vrij kan doorstromen. Tegelijkertijd worden de organen geprikkeld om een grote schoonmaak te houden. In totaal worden 34 punten aangestipt, waar je trouwens helemaal niets van voelt."
    Voorafgaand aan de behandeling gaat Brummer uitgebreid met je in gesprek.
    "
    Bijna iedereen kan behandeld worden, maar er zijn enkele uitzonderingen. Die hebben vooral te maken met medicijngebruik en ernstige gezondheidssituaties. Daar stel ik dus vragen over. Een ander, essentieel deel van het gesprek is bedoeld als extra ondersteuning voor je motivatie. In principe is ťťn behandeling van een uur voldoende om van je rookverslaving af te komen. Mocht je toch nog een terugval krijgen, dan is een nabehandeling mogelijk", aldus Brummer.
    Jacob (37) : "Vanwege hartklachten moest ik stoppen. Op zich een prima motivatie zou je denken, maar door spanningen ging ik toch steeds weer voor de bijl. Omdat ik goede verhalen had gehoord over softlaserbehandelingen heb ik dat maar eens geprobeerd. Behalve de laserbehandeling, wordt er een uur op je ingepraat. En dat helpt me nu enorm. Door de behandeling ben ik eindelijk in staat om weerstand te bieden als ik de behoefte voel om te roken. Ik weet dat ik nooit meer een sigaret moet aanraken, want weinig roken bestaat gewoon niet. Het is alles of niets. Omdat ik nu de kracht heb om nee te zeggen voel ik me eindelijk weer baas over eigen psyche en dat is een fantastisch gevoel."
    Allen Carr
    Dat roken slecht is voor je gezondheid hoef je geen enkele roker te vertellen.
    Toch is het maar voor heel weinig rokers een argument om definitief te stoppen.
    Net als veel andere argumenten die gebaseerd zijn op de lange-termijn-gevolgen van het roken.
    De Brit Allen Carr, zelf jarenlang kettingroker geweest, ontwikkelde een methode die uitgaat van de simpele maar wezenlijke vraag : '
    Waarom rookt iemand eigenlijk ?'
    Hij beschrijft de methode in zijn boek '
    Stoppen met roken' - cfr. : http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=666759262&Section=BOOK -&- http://www.gezondheid.be/INDEX.cfm?fuseaction=art&art_id=2029 -.
    Opvallend is, dat hij niet de gevolgen van het roken maar de aanleiding tot het gedrag benadrukt.
    Laagje voor laagje ontrafelt hij het verslavingsmechanisme, waardoor je als lezer je eigen rookgedrag gaat begrijpen.
    Je maatje door dik en dun wordt teruggebracht naar zijn werkelijke status van een brandend stokje.
    De magie wordt ontkracht, waarmee de strijd tegen het stoppen wordt weggenomen.
    Als onderdeel van het bewustwordingsproces moet je tijdens het lezen eerst gewoon doorgaan met roken.
    Gaande het boek wordt stoppen dan ineens een vanzelfsprekendheid.
    Een bewuste keuze die je zelf maakt.
    In plaats van het boek kun je ook een eendaagse training volgen.
    De therapeuten die deze training verzorgen zijn stuk voor stuk door Carr zelf opgeleid.
    Meer informatie over de Carr-methode vind je o.a. op :
    http://www.allencarr.nl/ -.
    Karina (32) : "Ik ben 12 kilo gelden gestopt met roken, met behulp van het boek van Allen Carr. Gewillig heb ik me laten hersenspoelen door zijn beweringen, met blijvend succes. Mijn laatste sigaret dateert alweer van 2Ĺ jaar geleden."
    Marcel (28) : "Ik las Carr vooral uit nieuwsgierigheid : hoe denkt hij in hemelsnaam via tekst invloed te kunnen hebben op het gedrag van mensen, laat staan verslaafden ? De vele hoofdletters en herhalingen stonden me wel tegen, maar ik heb er toch iets aan gehad. Het lukte me pas echt om te stoppen toen ik accepteerde dat ik nooit meer in mijn leven een sigaret zou aanraken. Niet voor de gezelligheid, niet even een trekje, niks. Dat was even moeilijk, maar daarna kon ik fluitend verder."
    Gedragstherapie
    Roken is een gewoonte.
    Het is aangeleerd gedrag.
    Wil je stoppen, dan moet je dus je gedrag aanpassen.
    Dat vraagt nogal wat zelfbeheersing, doorzettingsvermogen en innerlijke kracht.
    Eigenschappen waarin niet iedereen even goed is.
    Helemaal niet als je door het stoppen toch wat minder sterk in je schoenen staat dan anders.
    Wil je van je geestelijke rookverslaving af, dan is een gedragstherapeut een uitstekende hulpverlener.
    Psychotherapeut De Weijer uit Alkmaar verbaast zich erover dat er zo weinig mensen zijn die de hulp van de gedragstherapeut inroepen : "
    Men denkt vaak te makkelijk over stoppen met roken heb ik het idee. Terwijl het veranderen van gedrag ontzettend moeilijk is. Een therapeut kan je helpen je gedrag geleidelijk aan te veranderen, wat het volhouden veel makkelijker maakt. Een simpel voorbeeld : probeer maar eens een tijdje met je sigaret in je andere hand te roken. Dat valt niet mee en maakt het roken meteen een stuk minder leuk. Iets anders: waarom rook je in bepaalde situaties wel en in andere niet ? Rook je in gezelschap bijvoorbeeld voor de gezelligheid of verschuil je je onbewust uit onzekerheid achter een rookgordijn ? Als het de onzekerheid is en je stopt ineens met roken, is dat veel te confronterend. Dus hou je het niet vol. Via cognitieve gedragstherapie kan je dan leren hoe je ook zonder sigaret kunt omgaan met dergelijk situaties", aldus De Weijer.
    Voordat je naar een gedragstherapeut stapt kan je het beste eerst bij je huisarts langsgaan.
    In een enkel geval wordt de behandeling gedeeltelijk vergoed.
    Wat is het beste ?
    Moraal van het verhaal blijft toch de motivatie.
    Alleen als je het heel erg graag wilt, lukt het je ook om te stoppen.
    Welke methode je kiest om van je verslaving af te komen hangt helemaal af van je eigen voorkeur.
    De ťťn voelt zich nu eenmaal goed bij "zelf doen", de ander gelooft heilig in acupunctuur.
    Nicotinehoudende middelen zijn gemakkelijk te koop, terwijl je voor een therapeutische behandeling meer moeite moet doen.
    Volgens de deskundigen doet het er eigenlijk niet zoveel toe wat je kiest, als je er maar in gelooft.
    Wil je hulp bij het stoppen, dan kun je beter eerst naar je huisarts gaan.
    Die kan je indien nodig doorverwijzen en weet je vaak ook te vertellen welke therapeuten goed staan aangeschreven.
    Want Šls je dan eindelijk de stap zet en al die moeite neemt, zit je natuurlijk niet op een beun te wachten die snel rijk wil worden van jouw centen.
    De Stichting Volksgezondheid en Roken (Stivoro) zet zich al jaren in om het rookgedrag terug te dringen in het belang van de volksgezondheid.
    De stichting geeft diverse folders uit, zoals '
    Stoppen met roken - Waarom en hoe' - cfr. : http://www.rookwijzer.be/stoppenmetroken.pdf - die je aan argumenten helpt om te stoppen en de mogelijkheden op een rij zet.
    Je kunt 24 uur per dag bij Stivoro terecht voor vragen of advies via de telefoon (0900-9390) en de uitgebreide website (
    www.stivoro.nl -).
    Hulpjes bij het stoppen
    Veel stoppers hebben moeite om te gaan met de sabbel- of zuigbehoefte.
    Gevolg : overmatig veel eten of snoepen.
    Gemiddeld kom je 2 kilo aan als je stopt.
    Puur omdat je door invloed van nicotine gemiddeld 2 kilo te licht weegt.
    Maar elke kilo die je erbij snoept is zonde.
    Een ander veel gehoord probleem is het gevoel van ongemak als je ineens met niets in je handen staat.
    Simpele trucjes kunnen dan weleens helpen :
    - houd altijd iets kleins bij de hand om mee te spelen
    - drink veel water en eet veel fruit.
    - doe extra aan lichaamsbeweging.
    - kauw op iets : zoethout, kauwgom, het maakt niet uit. Als het maar zonder suiker is.
    - laatste redmiddel : op een speen zuigen.
    Cfr. :
    http://www.judylandman.nl/tekstarchief/nooit%20meer%20roken.htm

    71. - Ondersteuning bij het stoppen met roken - Een voorlichtingsfolder van de Stichting Volksgezondheid en Roken
    Uitgegeven in het kader van de actie ĎStoppen met roken 2000, Dat Kan Ik Ook !í
    Cfr. :
    http://www.de-kraanvogel.nl/roken.html 

    72. - Ontdekker verband tussen roken en longkanker overleden
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : Medinews.be 25/07/2005
    Cfr. : http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2005/nieuws-juli-2005/Ontdekkerverbandrokenlongkankeroverleden.htm

    73. - Ooracupunctuur (Auriculo) en Lasertechnieken
    In 'Ooracupunctuur (Auriculo) en Lasertechnieken' lees ik o.a. : '.../... Door middel van onderzoek met een taster, puntzoeker, electrohamer of met een zwart-wit hamer worden relevante punten opgezocht. Ook doen we dit door middel van het voelen aan de pols (VAS). Vrij snel worden pathologische punten gevonden en worden deze punten gestoken .../..."
    Cfr. :
    http://www.matera.nl/Paginas/Massage/Auriculo.htm
    Cfr. ook 'Het rookverslavingsplan van Matera' op :
    http://www.matera.nl/Paginas/Massage/Roken.htm

    74. - Pakje Kans - Samen stoppen met roken
    GGD Zuid-Holland Noord © 2004
    --- Waarvoor staat 'GGD' ? - Dat dit niet direct duidelijk is, heeft te maken met de verschillende betekenissen die aan de afkorting zijn gegeven. GGD staat voor : 'Gemeentelijke Gezondheidsdienst'. Soms staat de eerste G ook voor 'Gewestelijke' of 'Gemeenschappelijke'. Utrecht gebruikt de naam 'GG&GD : de derde 'G' verwijst naar 'Geneeskundige'. Er zijn ook GGDíen die nauw samenwerken met andere regionale instanties zoals de brandweer en politie. Zij presenteren zich dan gezamenlijk als Ďhulpverleningsdienstí
    ---
    Heeft u ook nog steeds de wens om definitief te stoppen met roken ?
    Meldt u dan aan voor een training ĎPakje Kans Ė Samen stoppen met rokení.
    Een overwinning bereik je niet alleen.
    Met de steun van een groep is stoppen met roken namelijk veel effectiever.
    De GGD Hollands Midden, regio Zuid-Holland Noord, organiseert regelmatig een stoppen met roken training.
    De 'Pakje Kans'-training is ťťn van de hoogst scorende ondersteuningsmethoden en maakt de kans op succes ruim driemaal groter dan stoppen met roken op eigen houtje.
    Met name de steun van de groep is volgens de deelnemers een belangrijke succesfactor.
    Zowel het uitwisselen van ervaringen als het stimuleren van elkaar om niet voor verleidingen te bezwijken, is onmisbaar als je wilt stoppen met roken .../...
    Cfr. :
    http://www.ggdzhn.nl/client/1/?websiteid=1&contentid=182&hoofdid=11

    75. - Partnership Stop met Roken
    In het íPartnership Stop met Rokení zijn diverse publieke en private partijen uit het gezondheidszorgveld verenigd.
    Met hun deelname leveren zij een bijdrage aan het verminderen van het percentage rokers en de daardoor veroorzaakte schade.
    Het Partnership is eind januari 2002 officieel van start gegaan.
    Inmiddels is het Partnership bezig in een tweede termijn, die tot eind 2006 loopt.
    Met behulp van diverse activiteiten draagt zij bij aan het beleid van het ministerie van VWS.
    Dit streeft onder andere naar het verlagen van het percentage rokers in 2007 tot 25%.
    Daarnaast wil het Partnership het volgende bereiken :
    - de erkenning van roken als verslavingsziekte;
    - een structurele inbedding van stop met roken begeleiding in de zorg;
    - de bewustwording bij rokers en niet-rokers van de verslavende werking van rookwaar en de aanwezigheid van effectieve stopondersteuning .../...
    Cfr. :
    http://www.partnershipstopmetroken.nl/

    76. - Passief roken
    Medinet sa/nv Ė 13-09-06 : E-mail : info@medinet.be  
    Bron : Belgische Federatie tegen Kanker

    Passief of onvrijwillig roken is de blootstelling van een niet-roker in een gesloten ruimte aan tabaksrook.
    Daarbij maakt men een onderscheid tussen primaire rook, uitgestoten waneer de roker uitademt en secundaire rook die direct vrijkomt bij de verbranding van de sigaret, de sigaar of de pijp tussen de trekken van de roker door.
    Het onderscheid tussen primaire en secundaire rook is belangrijk.
    De twee types van rook bevatten dezelfde bestanddelen, maar in verschillende proporties.
    Secundaire rook bevat bijvoorbeeld tweemaal zoveel nicotine als primaire rook.
    Daarnaast bevat secundaire rook ook driemaal zoveel benzopyreen, zes keer zoveel tolueen en vijftig keer zoveel dimethylnitrosamine.
    Passief roken vormt de voornaamste bron van kankerverwekkende stoffen binnen gebouwen.
    De wetenschappers kunnen de graad van besmetting van een plaats door tabaksrook bepalen door de concentratie aan nicotine in de omgevingslucht op te meten.
    Bij niet-rokers die staan blootgesteld aan tabakslucht in de omgeving kunnen ze ook een verhoging vaststellen van het gehalte aan koolmonoxide (CO) of nicotine in het bloed en van cotinine (afgeleide stof van nicotine) in de urine.
    Dat staat in direct verband met de blootstelling aan tabaksrook.
    A/ De bestanddelen van tabaksrook
    Tabaksrook bevat een gasfase en een deeltjesfase waarin we meer dan 4 000 verschillende bestanddelen kunnen onderscheiden.
    Daaronder bevinden zich giftige stoffen (stikstofoxide, koolmonoxide, ammoniak, nicotine enzovoort), remstoffen voor de trilhaartjesbeweging van de ademhalingscellen (formaldehyde, acroleÔne, aceton, methaanzuur enzovoort) en vooral meer dan 43 kankerverwekkende producten.
    De voornaamste giftige stoffen in tabaksrook :
    * De verbrandingsproducten
    De verbranding van tabak veroorzaakt de vorming van kankerverwekkende bestanddelen.
    Het grootste deel daarvan bestaat uit teer.
    Tabak bevat evenwel nog andere kankerverwekkende stoffen als nitrosamines.
    Deze zijn niet afhankelijk van de verbranding.
    * Nicotine
    Deze stof is verantwoordelijk voor de fysieke afhankelijkheid aan tabak.
    De stof oefent ook een nefaste invloed uit op het cardiovasculair systeem (verhoging van de bloeddruk, verhoogde hartslag, verhoging van de samentrekkingskracht van het hart enzovoort).
    * Koolmonoxide (CO)
    Dit zeer giftige gas zet zich vast op de hemoglobine en vermindert zo de capaciteit van het zuurstoftransport.
    De zuurstoftoevoer van weefsels en organen, zoals de spieren, het hart of de hersenen wordt daardoor beperkt.
    B/ De effecten van passief roken op de gezondheid
    Tabaksrook vormt een bron van hinder voor het merendeel van de niet-rokers.
    De effecten ervan zijn de volgende :
    - irritatie van de ogen (vooral onaangenaam voor de dragers van contactlenzen)
    - irritatie van neus en keel
    - hoofdpijn, duizeligheid en misselijkheid
    - vermoeidheid en concentratiestoornissen
    - aantasting van geur- en smaakvermogen
    - aanhoudende en doordringende geur in kleren, huistextiel en haren.
    Passief roken is niet alleen hinderlijk, het vormt ook een risico voor de gezondheid.
    * Passief roken en kanker
    De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) schat dat ongeveer 10% van de longkankers bij niet-rokers te wijten zouden zijn aan de blootstelling aan sigarettenrook in de omgeving.
    Dat risico ligt nog hoger als bij het roken thuis ook nog eens het roken op het werk komt.
    Het risico schommelt ook in functie van de duur van blootstelling (aantal uren per dag en aantal jaren blootstelling).
    De invloed van passief roken op andere kankers die aan roken te wijten zijn (blaaskanker, kanker van de urinewegen en de bovenste luchtwegen), is tot op heden nog niet bewezen.
    Twee onderzoeken hebben wel een verband gevonden, met een relatie dosis-effect, tussen passief roken en sinuskanker bij niet-rokers.
    * Passief roken en hart- en vaatziekten
    Experimentele en menselijke gegevens tonen aan dat passief roken een verhoogde kans op aderverstopping, een vermindering van de transportcapaciteit van zuurstof naar het bloed (omwille van de koolmonoxide), een vermindering van de capaciteit om inspanningen te verrichten (zelfs bij jonge mensen die ogenschijnlijk in goede gezondheid verkeren), een ongunstig effect op het vetprofiel met een verlaging van de "goede" cholesterol (HDL) en functionele en structurele aanpassingen aan de aderwanden veroorzaakt die kwalitatief gezien equivalent zijn aan wat actief roken veroorzaakt.
    Resultaat daarvan is een verhoging van 25 ŗ 30% van de kans op een infarct.
    * Passief roken en foetus
    Sinds 1957 weet men dat een moeder die rookt een invloed kan hebben op de ontwikkeling van de foetus en het geboortegewicht.
    Kinderen van vrouwen die roken wegen bij de geboorte gemiddeld 200 g minder dan andere pasgeborenen.
    Hoe meer de moeder rookt, hoe lager het gewicht zal zijn bij de geboorte en hoe trager de groei zal verlopen.
    Vaders die roken kunnen bovendien een belangrijke rol spelen bij de plotse dood van zuigelingen.
    Het blijft evenwel moeilijk om de rol van roken tijdens de zwangerschap te onderscheiden van de rook in de omgeving van het kind na de geboorte.
    Toch bestaat er een verband dosis-effect tussen het aantal sigaretten gerookt tijdens de zwangerschap en na de geboorte en de kans op plotse dood, net zoals een verhoging van de kans volgens dewelke enkel de vader rookt, enkel de moeder rookt of allebei de ouders roken.
    Moeders en ouders die roken hebben ook een invloed op de ontwikkeling van het ademhalingssysteem en zouden een rol kunnen spelen bij ademhalingsproblemen op volwassen leeftijd.
    Men kan zich ook vragen stellen over de risico's die de foetus loopt vermits kankerverwekkende stoffen in tabaksrook ook door de placenta heen kunnen.
    * Passief roken en kinderen
    De blootstelling aan tabaksrook hangt bij jonge kinderen samen met een verhoogde kans op infectie van de onderste (bronchitis, pneunomie) en bovenste luchtwegen en met een irritatie van de bovenste luchtwegen, met rinofaryngitis en oorontstekingen, waarbij elke aandoening ernstige gevolgen kan hebben.
    Deze aandoeningen vormen een belangrijke oorzaak voor het voorschrijven van antibiotica, voor hospitalisering van het kind en voor absenteÔsme van de ouders.
    Passief roken kan een rol spelen bij het ontstaan van astma en, bij astmatische kinderen, vergroot passief roken het aantal aanvallen en de ernst van de symptomen.
    Kinderen van ouders die roken hebben ook meer kans op allergieŽn dan kinderen van ouders die niet roken.
    De allergie is een aandoening die gedeeltelijk bepaald wordt door erfelijke factoren terwijl passief roken de ontwikkeling ervan bevordert.
    C/ Aanbevelingen
    Passief roken vormt een reŽel gevaar voor de volksgezondheid.
    Er bestaan inderdaad verbanden tussen passief roken en hart- en vaatziekten, verschillende vormen van kanker en talloze ademhalingsziekten.
    Als men de gevaren wil vermijden die tabaksrook veroorzaakt voor de gezondheid, moet er een gezamenlijke inspanning komen die deze hinder doet verdwijnen uit openbare gebouwen, werkplaatsen, woonplaatsen en alle andere afgesloten ruimtes waarin we leven.
    Als familieleden, collega's of vrienden roken, moeten ze beseffen dat ze de anderen hun rookverslaving niet kunnen opleggen.
    Er kan een ruimte voor hen worden voorzien of, nog beter om te vermijden dat ze hun omgeving "vervuilen", ze kunnen buiten gaan roken.
    Als er evenwel toch tabaksrook hangt in uw woonruimtes verlucht u best uitgebreid de kamers.
    Een goede ventilatie is belangrijk om een aangename en gezonde omgevingslucht te verkrijgen, door de concentratie aan giftige stoffen te beperken.
    Cfr. :
    http://www.medinet.be/shownews.asp?ID=1237 

    77. - Personeel in zorg mag niet meer roken
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : ANP/de Volkskrant, 23-12-04

    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2004/december-2004/Personeelzorgmagnietroken.htm

    78. - Richtlijn Roken en Cardiovasculair Risico http://www.diabeteseemland.nl/protocollen/NIVrichtlijn%20roken%202004.pdf 

    79. - Roken - De overheid wil het roken ontmoedigen - VWS ontwikkelt hiervoor het beleid en voert het mede uit
    Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport - Dossier, 18-10-2006
    Roken is nog steeds de belangrijkste vermijdbare doodsoorzaak in Nederland.
    Jaarlijks sterven er ruim 20.000 Nederlanders aan aandoeningen die aan roken zijn gerelateerd.
    Bovendien veroorzaakt roken hoge zorgkosten en aanzienlijke maatschappelijke kosten.
    Roken brengt niet alleen de gezondheid van de roker zelf schade toe, maar ook die van anderen in zijn omgeving.
    Met het niet-rokenbeleid wil VWS drie dingen bereiken :
    - Een lager percentage rokers in Nederland en ondersteuning bieden bij het stoppen met roken. De preventienota 'Kiezen voor gezond leven' (oktober 2006 Ė cfr. :
    http://www.minvws.nl/dossiers/preventie/regionale-bijeenkomsten/ -) noemt als doel : in 2010 zijn er nog 20 procent rokers (nu 28 procent).
    - Beschermen van niet-rokers tegen tabaksrook.
    - Voorkomen dat jongeren gaan roken.
    Door de 'Tabakswet' kan de overheid maatregelen nemen om het tabaksgebruik te beperken.
    De maatregelen uit de gewijzigde 'Tabakswet', die sinds 2002 van kracht is, zijn inmiddels ingevoerd Ė cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Tabakswet -&- http://www.minvws.nl/dossiers/roken/hoofdpunten-in-de-gewijzigde-tabakswet/ -&- http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/sessioned/browsercheck/continuation=17674-002/session=394666776161281/action=javascript-result/javascript=yes -.
    In maart 2006 stuurde minister Hoogervorst het 'Nationaal Programma Tabaksontmoediging' Ė cfr. :
    http://www.minvws.nl/kamerstukken/vgp/2006/nationaal-programma-tabaksontmoediging-en-actieplan-2006.asp - naar de Tweede Kamer.
    Hij deed dit ook namens KWF Kankerbestrijding, het Astma Fonds en de Nederlandse Hartstichting.
    In dit programma staan maatregelen waarmee het gebruik van tabak en de blootstelling aan tabaksrook verder teruggedrongen kunnen worden.
    VWS en STIVORO (voor een rookvrije toekomst) hebben het informatiepunt 'Roken en de wet' Ė cfr. :
    http://www.minvws.nl/persberichten/zzoude_directies/pog/informatiepunt_roken_en_de_wet_geopend.asp - opgezet.
    Dit bestaat uit de website 'Rokenendewet.nl' Ė cfr. :
    http://www.rokenendewet.nl/ - en een informatielijn (0900-9390).
    Hier vindt u informatie over de eisen die de wet stelt aan tabaksproducten, tabaksreclame en sponsoring.
    Ook verkoopbeperkingen, rookverboden en bestuurlijke boetes worden toegelicht.
    Via de zoekmachine van deze site Ė cfr. :
    http://www.minvws.nl/zoeken/default.asp?querytext=roken&samenvatting=on - zijn meer documenten (zoals kamerstukken en nieuwsberichten) over roken te vinden.
    Cfr. :
    http://www.minvws.nl/dossiers/roken/

    80. - Roken - Het is bijna nooit te laat om te stoppen
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Bron : Bijzijn 01-08-2006
    Helemaal schoon worden de longen van een roker nooit meer.
    Toch heeft stoppen wel zin.
    Dat vindt ook Allen Carr, de ex-kettingsroker die velen van de sigaret af hielp en die nu longkanker heeft.
    De 73-jarige, wereldvermaarde anti-rookgoeroe Allen Carr is 23 jaar geleden gestopt met roken.
    Toch heeft hij nu longkanker gekregen.
    Dat lijkt een wrede en onbegrijpelijke speling van het lot.
    Maar Nico van Zandwijk, longarts in het Amsterdamse Antoni van Leeuwenhoek-ziekenhuis, verbaast zich er niet over : ĄWie ooit heeft gerookt, houdt altijd een licht verhoogd risico. Ik kan me voorstellen dat veel mensen na zoín lange tijd denken : 'Nu zijn mijn longen vast helemaal schooní, maar dat is een illusie.Ē
    Kanker is een genetische ziekte die in stapjes ontstaat.
    De eerste sigaretten veroorzaken slechts een paar beschadigingen in het DNA van de longen.
    Het weefsel zal daardoor nog niet direct ontaarden.
    Maar naarmate iemand langer rookt, stapelen de genetische afwijkingen zich op.
    De kans dat een longcel gaat woekeren en zich gaat uitzaaien, neemt al met al steeds verder toe.
    Daarom geldt de vuistregel : hoe vroeger iemand met roken stopt, hoe beter het is.
    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2006/8%20augustus-nieuws/RokenHetbijnanooitlaattestoppen.htm
    Lees ook :
    -
    Hart- en vaatklachten : http://www.kennisring.nl/smartsite.dws?id=32900 
    -
    Longkanker : http://www.kennisring.nl/smartsite.dws?id=51727 
    -
    Nieuw onderzoek over de gevolgen van roken  : http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2004/december-2004/Nieuwonderzoekgevolgenroken.htm

    81. - Roken ? Niet waar de kleine bij is
    Stichting Volksgezondheid en Roken (STIVORO)
    Cfr. : http://www.stivoro.nl/dekleine.html 

    82. - Roken en de werkplek
    Stichting Volksgezondheid en Roken (STIVORO)
    Cfr. : http://www.stivoro.nl/werkplek.html?sitenaam=werkplek 

    83. - Roken en de wet
    Mnisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport & Stivoro
    Cfr. :
    http://www.rokenendewet.nl/
    Cfr. ook
    'Het Informatiepunt 'Roken en de wet' op http://www.minvws.nl/persberichten/zzoude_directies/pog/informatiepunt_roken_en_de_wet_geopend.asp

    84. - Roken in relatie met gezondheid
    CaraVisie - Nederlands Tijdschrift over Astma en COPD, juni 2001, 14e jaargang, nr. 3
    Cfr. : http://www.caravisie.nl/sites/171/imagebank/typearticleparam510562/CaraVisie_3_2001.pdf 

    85. - Roken tijdens zwangerschap beschadigt longen kinderen
    Stichting Diagnose Kanker (SDK) :
    SDK@diagnose-kanker.nl
    Nieuws van : UMC Utrecht, 18-10-04
    Bron :
    http://www.artsenapotheker.nl/i53567
    Cfr. :
    http://www.diagnose-kanker.nl/kanker-nieuws-2004/oktober/Rokentijdenszwangerschap.htm

    86. - RokenInfo
    Cfr. : http://www.stivoro.nl/rokeninfo/ 

    87. - Rokers sterven tien jaar eerder
    uQuit - © 2004 Ronen Azachi
    LONDEN (ANP) - Mensen die roken sterven gemiddeld tien jaar eerder dan mensen die niet roken.
    Dat blijkt uit een studie die zaterdag in het British Medical Journal verschijnt.
    Een aantal resultaten is alvast bekendgemaakt.
    Het onderzoek is opmerkelijk vanwege zijn lange duur.
    Professor Richard Doll Ė cfr. :
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Richard_Doll - begin in 1951 het onderzoek naar de gevolgen van roken.
    Hij stuurde vervolgens om de paar jaar vragenlijsten naar zijn proefpersonen, een groep van bijna 35.000 Britse doktoren.
    Het onderzoek leverde al snel resultaat op.
    Doll wist definitief een verband tussen roken en vroegtijdig overlijden vast te stellen.
    Voor deze ontdekking werd hij in de adelstand verheven.
    Nu de antwoorden op de laatste vragenlijst uit 2001 zijn binnengekomen en verwerkt, kan het team van Doll, zelf inmiddels 90 jaar, een aantal conclusies trekken.
    Rokers lopen een twee keer zo groot risico als niet-rokers om voor hun 70e te overlijden, aldus Doll.
    Bovendien lijken de vorderingen die op medisch gebied zijn gemaakt alleen te gelden voor niet-rokers.
    Hun levensverwachting is de laatste vijftig jaar gestegen, terwijl die van rokers ongeveer gelijk zijn gebleven.
    Mensen die al van jongs af aan roken en hun verslaving niet opgeven, lopen veel risico.
    De helft tot tweederde van hen sterft uiteindelijk aan de gevolgen van roken.
    Een kwart van deze standvastige rokers komt zelfs al tussen hun 35e en 69e te overlijden.
    Doll heeft ook nog goed nieuws : rokers die net zijn begonnen maar al snel weer stoppen, hebben niet zo veel te vrezen.
    Cfr. :
    http://www.uquit.nl/stoppen_met_roken/roken.htm#20_7

    88. - Rol van de arts in ontmoediging van roken 
    Zeeman G, Baan B - Hart Bulletin 1994;25:14 - Cfr. bv. :
    http://www.diabeteseemland.nl/protocollen/NIVrichtlijn%20roken%202004.pdf 

    89. - Rookstopbegeleiding in het ZOL - Aard en praktisch opzet
    Alleen praten over verslaving is tť abstract, immers, de afhankelijkheid speelt zich op een irrationeel niveau af.
    Een combinatie van cognitieve gedragstherapie en farmacologische therapie biedt hiervoor de oplossing.
    De rookstopbegeleiding omvat een multicomponentiŽle, intensieve gedragstherapeutische interventie met inbegrip van farmacotherapie.
    '
    Nicotine Substitutie Therapie' (NST - cfr. : http://www.lungcancergroup.be/pdffiles/nicotinesubstituties.pdf -) en bupropion kunnen de uitkomst verhogen, maar ook het ĎMotivationeel Interviewí - cfr. : http://portal.limburg.be/pls/portal30/docs/FOLDER/PLIM_CA_WELZIJN_MATERIALEN/PLIM_PFD_TABAK/PLIM_PFD_TABA
    KDOC/MOTIVIATIONEEL+INTERVIEW.PDF
      als strategie en het inwerken op de bereidheid tot verandering, zijn even noodzakelijk. 
    De begeleiding bestaat uit een medische en een psychologische intake, waarna er vijf sessies bij de psycholoog op het programma staan.
    De eerste drie gesprekken bij de psycholoog vinden wekelijks plaats, daarna met een tussenperiode van respectievelijk 2, 3 en 4 weken.
    Er kan tevens voedingsadvies ingewonnen worden .../...
    Cfr. :
    http://www.zol.be/Internet/zorgverleners/zorgverleners.asp?id=736 

    90. - Rookstopmethodes, anno 2002
    Cfr. :
    http://www.pharmassist.be/pages/rookstopmethodes.htm 

    91. - Rookvrije horeca
    Stichting Volksgezondheid en Roken (STIVORO)
    Cfr. :
    http://www.stivoro.nl/horeca.html 


    Lees verder : Deel VI

    30-11-2006 om 23:13 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel VII
    Klik op de afbeelding om de link te volgen










     


    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

     
    Deel VII

     

    3. - Een topprestatie
    Gestopt en dan ? Hoe gaat u om met de ontwenningsverschijnselen en hoe vergroot u het geloof in eigen kunnen ?
    Eenmaal gestopt met roken, is elk moeilijk moment dat u goed doorkomt een overwinning.
    De nicotine verdwijnt vrij snel uit uw lichaam en al na een week is die nicotine vrijwel helemaal verdwenen.
    Dit artikel is de derde aflevering uit een serie van zes.
    3.1 Ė
    Ontwenningsverschijnselen - Roken heeft lichamelijk en geestelijk nogal wat invloed.
    Het is begrijpelijk dat het stopzetten van deze invloed niet onopgemerkt voorbijgaat.
    De ontwenningsreacties zijn onaangenaam, maar verdwijnen.
    Iemand die gestopt is met het tot zich nemen van een giftig, schadelijk en verslavend product, kan uiteindelijk nooit slechter af zijn.
    De ontwenningsverschijnselen hebben voor een deel te maken met het ontbreken van de nicotine in uw lichaam.
    Voor een ander deel met het gemis van iets vertrouwds.
    3.2 -
    Hoe ga je om met ontwenningsverschijnselen ? - Zet voor uzelf de positieve dingen van het niet-roken op een rij.
    Hou vooral de redenen waarom u graag een niet-roker wilt worden in gedachten.
    Bedenk dat ontwenningsverschijnselen niet gevaarlijk zijn.
    Indien bepaalde verschijnselen u zorgen baren, ga er dan niet zonder meer vanuit dat ze te maken hebben met stoppen met roken.
    In dat geval is het verstandig om even uw huisarts te raadplegen.
    Wat kunt u zoal verwachten als u stopt met roken ?
    Wanneer u stopt, krijgt u meestal last van de behoefte om te roken, kan prikkelbaarheid optreden en kunnen zich concentratieproblemen voordoen.
    Rusteloosheid, een toegenomen eetlust, ongeduldigheid en hoofdpijn horen daar ook bij, net als koude rillingen, maag- en darmstoornissen en slaapstoornissen.
    Maar, u moet niet vergeten dat al deze verschijnselen vrij snel verdwijnen.
    Er zijn diverse manieren om de ontwenningsverschijnselen te lijf te gaan.
    Wanneer u prikkelbaar bent, zoek dan een manier om prikkelbaarheid af te reageren door te bewegen of te sporten.
    Belangrijk is dat u zichzelf toestaat een half uur per dag echt prikkelbaar en chagrijnig te zijn.
    Bent u gespannen of emotioneel dan kunt u dit verminderen door af en toe bewust even tijd voor uzelf te nemen.
    Hetzelfde geldt voor concentratieproblemen.
    Deze zijn lastig omdat ze tot gevolg hebben dat bepaalde werkzaamheden moeilijk worden.
    Eis niet te veel van uzelf.
    Ga bijvoorbeeld eerst werkzaamheden doen die minder concentratie vergen.
    Wanneer u last hebt van hoofdpijn, duizeligheid of een licht gevoel in het hoofd weet dan dat deze verschijnselen zich beperken tot de eerste twee weken.
    3.3 -
    De rookgewoonte - Door het vele herhalen is roken, in bepaalde situaties een gewoonte geworden.
    Doet zoín situatie zich voor, dan reageert de roker daarop met roken.
    Vaak zonder dat te beseffen.
    Op een bepaald moment merkt u dat u sigaretten zoekt, ze niet vindt en dan opeens beseft : ĎO ja, ik ben bezig te stoppen met roken.í
    Dit automatisme zal vooral de kop opsteken in situaties die u helemaal in beslag nemen.
    Bijvoorbeeld wanneer iets niet lukt, bij moeilijkheden op het werk, bij een feest, bij het oplossen van problemen of bij een ruzie.
    Van al deze situaties gaat het meeste gevaar uit van situaties die emoties oproepen.
    Positieve of negatieve emoties, dat maakt niet uit.
    Probeer daarom extra alert te zijn in situaties die hevige emoties bij u oproepen.
    3.4 -
    Rookpatroon doorbreken - Iedereen heeft een min of meer vast leefpatroon.
    Dingen vinden daarbij plaats in een zelfde volgorde.
    Bij een roker is aan dit leefpatroon een rookpatroon verbonden.
    Gooit u dat dagelijkse leefpatroon om, dan brengt u daarmee ook uw rookpatroon in de war.
    Het niet-roken zal dan gemakkelijker worden, doordat het Ďgewoonterokení u minder parten zal spelen.
    U kunt dit doen door op een ander tijdstip boodschappen te doen, een bespreking te voeren of de hond uit te laten.
    3.5 -
    Geloof in eigen kunnen - Mensen met zelfvertrouwen bereiken vaker hun doel dan mensen zonder.
    Wie zelfvertrouwen heeft, denkt positief over zijn eigen kunnen en geeft daardoor ook minder snel op.
    Zelfvertrouwen heeft te maken met wat u tťgen uzelf ůver uzelf zegt.
    Zegt u als Ďik kan toch niet stoppení, Ďik heb geen wilskrachtí, Ďik ben een slappelingí of Ďhet lukt mij toch nooití, dan geeft u zichzelf weinig vertrouwen.
    Zegt u daarentegen dingen als Ďik heb best wel vaker moeilijke dingen voor elkaar gekregení, Ďik doe mijn uiterste best en dan lukt het welí of Ďik wil en zal het voor elkaar krijgení, dan schetst u een veel positiever beeld.
    U probeert dan met veel meer vertrouwen dingen voor elkaar te krijgen.
    U vraagt zich nu misschien af hoe je zoiets met zekerheid kunt stellen.
    Er is een goede verklaring voor.
    Ieder mens heeft een oneindig aantal ervaringen en herinneringen.
    Mensen hebben echter een beperkt bewustzijn en kunnen dus niet alle ervaringen en herinneringen tegelijk in gedachten hebben.
    Wanneer hij over zichzelf nadenkt, kan hij dus maar enkele ervaringen en herinneringen in gedachten hebben.
    Hij neemt een steekproef uit het totaal van zijn ervaringen en herinneringen en vormt op grond hiervan een beeld over zichzelf.
    Vaak is deze steekproef niet representatief en is een bepaald soort ervaringen en herinneringen oververtegenwoordigd.
    Als deze steekproef voornamelijk negatieve ervaringen en herinneringen bevat, dan denkt iemand negatief over zichzelf en over zijn kunnen.
    Hij heeft de positieve ervaringen en herinneringen - die er altijd zijn - buiten beschouwing gelaten.
    Hierbij komt nog dat iemand met een negatief zelfbeeld minder doorzettingsvermogen toont en daardoor meer negatieve ervaringen heeft dan nodig is.
    Kijk dus vooral naar uw positieve ervaringen.
    Naar wat u wel voor elkaar heeft gekregen.
    3.6 -
    In conditie voor een topprestatie - Wie een topprestatie wil leveren - stoppen met roken is een topprestatie - moet lichamelijk en geestelijk fit zijn.
    Eťn van de voorwaarden hiervoor is zeer eenvoudig en effectief: voldoende slapen.
    Slaap doet uw vermoeidheid verdwijnen.
    Bovendien is slaap belangrijk voor uw hersenen en voor uw geestelijk welzijn : de volgende dag bent u weer optimistisch, energiek en zelfverzekerd.
    Ook zorgt een goede nachtrust ervoor dat u zich beter kunt concentreren.
    Slaaptekort leidt vaak tot minder zelfbeheersing.
    Hierdoor kunt u meer moeite krijgen om uw verlangen om te roken te beheersen.
    Slaap en rust dus voldoende, om de ontwenningsverschijnselen beter aan te kunnen.
    4. - Loskomen van de rookgedachte
    De betekenis van roken moet niet worden overdreven.
    Het zorgt niet voor gezelligheid en het biedt geen oplossing in situaties waar het allemaal wat moeilijker gaat.
    Maar doordat het er altijd was, is het daar wel mee verbonden geraakt.
    Logisch dat u op die momenten extra zin in roken heeft.
    Dat verdwijnt echter naarmate u langer niet rookt.
    In dit artikel de vraag hoe uw omgeving reageert.
    Ondersteunen ze u ?
    Verdragen ze uw stemmingen ?
    En, wat zijn de valkuilen waarvoor u moet oppassen.
    U kunt lezen hoe u deze valkuilen in riskante situaties kunt omzeilen.
    4.1 -
    Beloon uw stoppoging - Een gevoel van gemis kan tot gevolg hebben dat u nergens zin in heeft, niets leuk vindt en dat veel dingen hun aantrekkingskracht lijken te hebben verloren.
    Probeer daarom plezierige gevoelens en gedachten bij uzelf te bewerkstelligen : onderneem dingen die u leuk vindt.
    Plezierige activiteiten kunt u beschouwen als beloningen voor het niet-roken.
    Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat mensen die hun niet-roken belonen, meer succes hebben bij het stoppen met roken.
    Beloningen kunnen niet alleen bestaan uit tastbare dingen.
    Zij kunnen ook een minder tastbare vorm hebben.
    Zoals een compliment van iemand uit uw omgeving.
    4.2 Ė
    Omgeving - Wie stopt met roken, doet ook zijn omgeving een plezier.
    Zodra uw humeurigheid van de eerste ontwenningstijd is verdwenen, zullen veel mensen om u heen blij zijn dat u gestopt bent.
    Zij roken niet meer passief mee.
    Vooral kinderen vinden het plezierig niet meer in vaders of moeders rook te hoeven zitten.
    Bovendien zal uw voorbeeld een goede invloed op uw omgeving uitoefenen.
    Als u niet rookt, zullen ook uw kinderen minder gauw met roken beginnen.
    Een feit is dat de tolerantie ten opzichte van rokers in Nederland steeds meer afneemt.
    Deze dalende acceptatie is voor veel rokers een reden om te stoppen.
    We mogen verwachten dat de tolerantie nog verder zal afnemen.
    Want op nog veel plaatsen is sprake van rookoverlast en steeds minder niet-rokers accepteren die overlast.
    Bovendien wordt de groep rokers steeds kleiner.
    4.3 -
    Riskante situaties - Om niet in een van de valkuilen te stappen die zich voordoen tijdens het stoppen, is het belangrijk te weten wat die valkuilen voor u zijn.
    Wat zijn uw riskante situaties ?
    Het is belangrijk dat u beseft in welke gevallen het voor u moeilijk is om niet te roken.
    Onderzoek heeft uitgewezen dat er vier groepen situaties zijn die voor veel stoppers riskant zijn :
    - situaties met negatieve gevoelens zoals boosheid, teleurstelling en spanningen;
    - situaties met positieve gevoelens zoals gezelligheid, opluchting en een goede stemming;
    - situaties met anderen die sigaretten roken;
    - situaties met alcoholgebruik.
    Voor riskante rooksituaties kunt u maatregelen treffen.
    We onderscheiden vier groepen maatregelen : beseffen welke situatie riskant is; iets in de situatie veranderen; de situatie gedeeltelijk vermijden; de situatie geheel vermijden.
    Wanneer u bijvoorbeeld een telefoongesprek voert, kunt u een sticker op de telefoon of op de telefoonklapper plakken en in ieder geval geen rookwaar bij de hand te hebben.
    Hebt u een vergadering, zet dan fruit of water op tafel.
    Verander dus de situatie.
    U kunt bepaalde moeilijke situaties gedeeltelijk vermijden.
    Een voorbeeld is een verjaardagsfeestje waar veel wordt gerookt.
    Spreek van tevoren af dat u daar niet te lang zult blijven en ga weg wanneer u het te moeilijk krijgt.
    Ook kunt u bepaalde situaties tijdelijk geheel ontlopen, zoals koffiepauzes met rokende collegaís.
    4.4 -
    Positief denken - Als u stopt met roken, voelt u zich in de eerste weken niet de gelukkigste persoon op aarde.
    U valt dan ook gemakkelijk ten prooi aan negatieve gedachten, zoals: ik kan niet zonder roken of nu ik niet meer rook is het niet meer gezellig.
    En die gedachten zijn te begrijpen.
    U gaat het roken wat idealiseren.
    In uw rokersperiode heeft u zich een bepaalde houding ten opzichte van het roken aangeleerd.
    Deze houding bevat - naast negatieve gedachten - vooral positieve gedachten over het roken.
    Deze denkgewoonte over roken dringt zich vooral op bepaalde momenten op.
    Probeer zoveel mogelijk dit soort gedachten te vermijden.
    Ze horen nog bij uw verslaving.
    5. - Wennen aan niet meer roken
    Inmiddels hebt u gemerkt dat niet-roken makkelijker gaat.
    Ook de ontwenningsverschijnselen zijn nu minder sterk.
    De nicotine is uit uw lichaam, evenals de koolmonoxyde.
    Kortom, uw lichaam is bezig te herstellen van jarenlang roken.
    Om ervoor te zorgen dat u ook in de toekomst niet rookt, is aandacht voor riskante situaties erg belangrijk.
    In dit artikel gaan we in op de voordelen van niet roken, hebben we aandacht voor riskante situaties en hebben we het over lichaamsbeweging.
    Dit artikel is er een uit een serie van zes over stoppen met roken.
    5.1 -
    Niet-roken kost steeds minder moeite - Wellicht vraagt u zich soms af, hoe lang het nog duurt voordat alle ontwenningsverschijnselen zijn verdwenen.
    Het is moeilijk een duidelijk antwoord te geven op deze vraag.
    De duur van het ontwenningsproces verschilt namelijk per persoon.
    Wel staat vast dat u steeds minder moeite zult hebben met niet-roken.
    De een moet meer geduld en doorzettingsvermogen tonen dan de ander.
    Maar het wordt wel beloond.
    U komt van uw verslaving af.
    Hou vooral in gedachten dat het niet-roken u steeds gemakkelijker afgaat en dat uw levensplezier zal toenemen.
    Dat uw rookontwenning goed gaat, kunt u merken aan de momenten waarop u denkt : ďHť, ik heb even niet aan roken gedacht !Ē
    5.2 -
    Riskante situaties - Stel : u heeft net getennist en staat in het clubgebouw een biertje te drinken.
    U voelt dat het bier naar uw hoofd stijgt.
    Een ander clublid - iemand die u niet zo ligt - laat op onsympathieke wijze weten dat hij het over iets niet met u eens is.
    U bent kwaad en gekwetst, al laat u het niet merken.
    Doordat u niet direct een gevat antwoord weet te geven, ergert u zich aan uzelf.
    U vraagt zich af wat de andere mensen die erbij staan van u denken.
    Op de bar ligt een pakje sigaretten.
    Twee clubleden die bij u staan, roken.
    U bent net drie weken gestopt en voelt dat u nog steeds vlug geÔrriteerd bent.
    U denkt : ďMet een sigaret zou ik me minder rot voelen.ď
    U kunt zichzelf de vraag stellen wat het meeste bijdroeg aan het in verleiding komen.
    Wanneer u daar een helder beeld van heeft, kunt u gaan zoeken naar manieren om in deze situatie anders te reageren dan met roken.
    Zorg er in ieder geval voor dat u een oplossing kiest waar u met uw gevoel het meest achter staat.
    Het kan helpen om te bedenken dat er in feite twee mogelijkheden zijn om met riskante situaties om te gaan.
    Of u verandert iets in wat u doet of zegt.
    Of u verandert iets in wat u denkt of tegen uzelf zegt.
    5.3 -
    Wat te doen, wat te denken - We laten even rusten wat u had kunnen doen om deze vervelende situatie te voorkomen.
    We concentreren ons nu op wat u kunt doen om in die situatie te voorkomen dat u gaat roken.
    Wat doet u wanneer u zich zo voelt en een sigaret zo dichtbij is ?
    Wanneer u voelt dat u de situatie wilt ontlopen, neemt u dan als afleiding of als denkpauze een stukje kauwgom.
    Wanneer u eigenlijk weg wil, loopt naar het toilet of zegt u dat u gaat douchen.
    Ook kunt u een aanknopen met de dichtstbijzijnde niet-roker of u meldt de roker dat u met roken gestopt bent.
    Wat u op ieder moment kunt denken is : ďRoken helpt me niet verderď en ďNee, ik rook niet, want de ene sigaret leidt gemakkelijk tot de volgendeď.
    5.4 -
    Hoe voelt u zich ? - Een deel van de rokers die stoppen, merkt dat er iets gebeurt met hun stemming, met hun gevoelens.
    Sommigen hebben last van huil- of lachbuien.
    Anderen voelen zich nerveus, onverschillig, gespannen, agressief, lusteloos of depressief.
    *
    Is er een verband tussen stoppen met roken en het ontstaan van dit soort gevoelens ?
    Alle veranderingen in een mensenleven roepen gevoelens op.
    Dit gebeurt niet alleen bij negatieve gebeurtenissen, zoals ziekte, het overlijden van een dierbare, schulden en ontslag, maar ook bij positieve gebeurtenissen, zoals huwelijk, geboorte, promotie en verhuizing.
    Ook stoppen met roken is een ingrijpende verandering in je leven.
    Vergeet echter niet dat de meeste van deze gevoelsveranderingen verdwijnen als u langer gestopt bent.
    Besef dat in de ontwenningsperiode de neiging bestaat om alles, wat maar even afwijkt van de normale gang van zaken, toe te schrijven valt aan het stoppen met roken.
    Gevoelens veranderen bij iedereen - ook bij niet-rokers - en lang niet alle veranderingen van het gevoel zijn het gevolg van het stoppen met roken.
    *
    Is er verband tussen stemming en roken ?
    Heeft iemands stemming invloed op rookgedrag ?
    Veel rokers grijpen inderdaad naar een sigaret in emotionele en spannende situaties.
    Hier zijn diverse verklaringen voor geopperd.
    Als rokers gespannen zijn, wordt de nicotine sneller afgebroken en ontstaat er dus eerder behoefte aan nieuwe toevoer.
    Veel rokers geven te kennen dat ze zich door roken rustiger gaan voelen, terwijl wetenschappers hebben vastgesteld dat nicotine in het lichaam het tegengestelde van ontspanning veroorzaakt.
    Nicotine verhoogt de hartslag en bloeddruk.
    Deze vele momenten van (licht) verhoogde spanning kunnen ervoor zorgen dat een roker zich in het algemeen meer gespannen voelt dan een niet-roker.
    Door te stoppen met roken zal deze ex-roker Ďuiteindelijkí minder stress ervaren dan toen hij nog rookte.
    Let op het woord Ďuiteindelijkí: door de ontwenningsverschijnselen levert stoppen in eerste instantie juist spanning op.
    5.5 Ė
    Lichaamsbeweging - Lichaamsbeweging heeft veel voordelen.
    Het helpt om niet te zwaar te worden, het is gezond en helpt ziektes voorkomen.
    Het is een goede en eenvoudige manier om spanningen kwijt te raken.
    Mensen die regelmatig bewegen, voelen zich doorgaans gezonder en fitter.
    Lichaamsbeweging is ook een uitstekend hulpmiddel bij de rookontwenning.
    U reageert er spanningen mee af en het brengt u op andere gedachten.
    U denkt op die momenten niet meer aan roken.
    Om meer te bewegen hoeft u niet altijd aan sport te gaan doen.
    Ook met voldoende alledaagse lichaamsbeweging bereikt u al een groter uithoudingsvermogen en een betere gezondheid.
    Hiervoor hoeft u maar vijf keer per week een half uur aan matige lichaamsbeweging te doen.
    Denk hierbij aan fietsen naar uw werk of op de fiets boodschappen doen.
    Wanneer u intensiever aan uw uithoudingsvermogen wilt werken ga dan sporten.
    Het maakt niet uit wat het is, als het u maar aanspreekt en als u er maar plezier in heeft.
    6. - De eerste fase doorstaan
    Als het goed is, bent u bijna vier weken gestopt met roken.
    Dat klinkt nog maar kort, maar het is een heel belangrijke stap.
    Deze eerste periode is namelijk het zwaarst.
    Het is nu zaak het behaalde resultaat vast te houden en uit te bouwen naar de toekomst.
    Enkele valkuilen zullen we in dit laatste deel bespreken.
    Bovendien besteden we aandacht aan stoppen met roken en zwaarder worden.
    Wat ons betreft hebben we dan alle problemen en oplossingen rondom stoppen met roken doorgenomen en bent u op alles voorbereid.
    U kunt gaan genieten van een rookvrij leven.
    Dit laatste artikel is er een uit een serie van zes over stoppen met roken.
    6.1 -
    De ex-roker en de nooit-roker - Het ontwennen van het roken heeft zín tijd nodig.
    Maar Ďafgeleerdí wil niet zeggen dat het totaal uit uw geheugen verbannen is.
    U houdt nog wel een soort herinnering aan hoe het was om te roken.
    U moet beseffen dat u altijd ontvankelijker voor het roken zult blijven dan iemand die nooit heeft gerookt.
    Wie nooit heeft gerookt en een sigaret opsteekt, zal het vies vinden en wellicht geen tweede willen.
    Maar een ex-roker trekt zo de la met rookherinneringen open.
    Of een tweede sigaret wordt opgestoken hangt af van uw motivatie om niet te roken.
    6.2 Ė
    Rookgedachten - Wie stopt met roken, wordt heen en weer geslingerd tussen de wil om niet te roken en de behoefte tot roken.
    Beide tegengestelde krachten gaan gepaard met een bepaald soort gedachten.
    Het zijn eigenlijk twee elkaar tegensprekende stemmetjes.
    Bij de wil om niet te roken hoort een stemmetje dat motiveert om niet te roken.
    En bij de behoefte tot roken hoort een stemmetje dat argumenten geeft om wel te roken.
    Deze argumenten zijn vaak erg onlogisch.
    Zo krijgen ex-rokers een gevoel van heimwee en idealiseren zij hun rookperiode.
    Ook zijn er ex-rokers die proberen zichzelf uit te testen, om te tonen dat ze best een sigaret kunnen roken en daarna niet meer.
    Wat u ook verzint : het is altijd beter om na het stoppen met roken geen sigaret meer aan te raken.
    6.3 - Stoppen met roken en gewichtstoename - De meeste rokers worden iets zwaarder, wanneer ze stoppen met roken.
    Gemiddeld gaat het om ongeveer twee kilo.
    Waardoor komen rokers die stoppen eigenlijk aan ?
    De verklaring ligt zeer voor de hand.
    Zij gaan namelijk meer en calorierijker eten en drinken.
    Na het stoppen kunnen veel mensen beter ruiken en proeven.
    Alles smaakt ze lekkerder.
    Bovendien gaan stoppers in deze periode vaak meer eten om de leegte van de sigaret op te vullen.
    Vaak wordt gedacht dat veranderingen in de stofwisseling de belangrijkste oorzaak is.
    Deze verandering in de stofwisseling draagt maar weinig bij aan het zwaarder worden.
    Let dus op wat u eet.
    Stoppen met roken is voorlopig het hoofdprobleem.
    Besteed pas energie aan het niet verder toenemen in gewicht, als u Ďhet niet rokení voldoende onder de knie heeft.
    Houdt u pas in de laatste plaats bezig met afslanken.
    Niet eerder dan na drie maanden.
    6.4 -
    Uw gewicht in de hand houden - De calorieŽn die u met uw voeding binnenkrijgt, worden door uw lichaam omgezet in energie en gebruikt voor allerlei lichaamsprocessen en voor uw lichamelijke activiteit.
    Wanneer u meer calorieŽn binnen krijgt dan uw lichaam aan energie nodig heeft, dan worden deze omgezet in vet, dat opgeslagen wordt.
    Wanneer u uw gewicht in de hand wilt houden is het nodig dat u niet meer calorieŽn gebruikt dan uw lichaam nodig heeft.
    Dit kunt u op twee manieren doen, namelijk door minder te eten of door meer lichamelijke activiteit te ontplooien.
    Een combinatie van deze twee dingen is het best !
    6.5 - Adviezen voor een gezond gewicht - Wilt u maatregelen nemen om niet meer aan te komen of om af te vallen, bepaal dan kritisch wat u wel en wat u niet wilt blijven eten.
    Het is namelijk niet zo verstandig om gewoon maar de helft van uw dagelijkse voeding weg te laten.
    Sla bijvoorbeeld geen maaltijden over en zorg voor een goed ontbijt.
    Zorg er bovendien voor dat u alle belangrijke voedingsstoffen binnenkrijgt.
    Meest belangrijke is dat u moet letten op tussendoortjes.
    Deze bevatten vaak veel vet of suiker.
    6.6 - Toch gerookt - Het is niet altijd mogelijk de ontwenning vlekkeloos te laten verlopen.
    Soms ben je niet op alle valkuilen voorbereid of op een bepaald moment even niet alert genoeg.
    Stel : u staat met trillende benen naast uw auto waar iemand net een deuk in heeft gereden.
    Die persoon biedt u een sigaret aan; u pakt het aan en rookt de sigaret half op.
    Hoe reageert u dan ?
    Na zoín Ďslippertjeí hebben veel stoppers last van schuldgevoelens, negatieve gevoelens over zichzelf en het idee gefaald te hebben.
    Het feit dat u gerookt hebt na een periode van niet-roken betekent niet dat u gelijk weer even nicotineverslaafd bent als toen u nog rookte.
    U kunt gerust doorgaan met niet roken en nog eens duidelijk tegen uzelf zeggen dat u het roken niet nodig hebt.
    6.7 - Een nieuwe leefstijl ? - Eenmaal gestopt met roken heeft u gemerkt dat het niet bij deze ene verandering is gebleven.
    Wellicht bent u actiever geworden, doet u meer aan sport, verliest u uw geduld wat minder snel, voelt u zich een stuk beter.
    Als u stopt met roken, kunnen er veel dingen veranderen.
    Een veelvoorkomende verandering is het overhouden van tijd.
    Soms is deze extra tijd niet echt extra tijd, maar een pauze die u even nodig heeft om tot rust te komen.
    Toen u nog rookte, deed u dat met een sigaret.
    Na een karweitje, gesprek of vergadering : een pauze met een sigaret, even tijd voor uzelf.
    Ook nu u niet rookt, is het van belang tijd te nemen voor uzelf.
    Omdat dit soort pauzes vaak nuttig zijn.
    Maak een babbeltje, neem een kop koffie, maak een wandelingetje of lees de krant.
    Het kan allemaal ook zonder roken.
    Telefonische coach
    Een telefonische coach is iemand die u persoonlijk ondersteunt via de telefoon.
    De basis van 'Telefonische Coaching' is het 'Advies op Maat' - cfr. :
    http://aom.ams.nl.ddnh.net/ -.
    Nadat u de vragenlijst voor het persoonlijke stopadvies hebt ingevuld en per e-mail verzonden kunt u de coach inschakelen en volgt een kennismakingsgesprek.
    Hierin komen uw motivatie en eventuele moeilijke momenten aan de orde.
    Samen met uw coach bepaalt u of er meer ondersteuning nodig is.
    Dan maakt u een aantal afspraken voor de stopdag en de weken erna.
    Voor deze persoonlijke ondersteuning kunt u ook bellen naar : 0900-9390 Ė cfr. :
    http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/telefooncoach.html# -.
    Cfr. :
    http://www.stivoro.nl/hulpbijstoppen/week-art1.html

    122. - Stoppen met roken door ťťn laserbehandeling
    Happyland
    Cfr. :
    http://www.lasertherapy.be/htm_filez/ned/roken.htm 

    123. - Stoppen met roken EMR-behandeling
    Door middel van onze Ortho Moleculaire geneeskundige achtergrond, kunnen we hulp bieden bij het tegen gaan van de bekende lichamelijke ontwenningen.
    Wij kijken naar de cellulaire en biochemische reactie van het roken en de daaruit voort vloeiende ontwenningen.
    De EMR behandeling tegen roken is nieuw in Nederland en zit in een revolutionaire groei met zeer veel succes...
    Cfr. :
    http://www.stoppen.com/ 

    124. - Stoppen met roken nu
    Cfr. :
    http://www.stoppenmetroken.nl/ 

    125. - Stoppen met roken voor Dummies
    David Brizer - Pearson Education, 2004 - ISBN : 9043008818
    Klaar om rookvrij te zijn ?
    Deze vriendelijke, praktische gids loodst je stap voor stap door het hele proces van stoppen met roken heen - van het begrijpen van je verslaving en het verminderen van je wens om te roken tot het weerstaan van verleidingen en omgaan met terugvallen.
    Je leert de verschillende medische stophulpmiddelen en alternatieve behandelmethoden kennen en zult programma's vinden die je op lange termijn kunnen ondersteunen.
    Recensie (NBD|Biblion) : De auteur is onder andere een verslavingsdeskundige en hij heeft het onderwerp 'stoppen met roken' op een buitengewoon systematische wijze benaderd.
    Na een inleiding wordt eerst de balans opgemaakt voor je besluit te stoppen.
    Ermee ophouden is al weer een stap verder, maar stoppen en gestopt blijven is iets dat velen willen bereiken, maar als je niet echt gemotiveerd bent, slechts door weinigen is te verwezenlijken.
    Er is een speciaal hoofdstuk voor vrouwen en tieners.
    Je hoeft niet bij pagina 1 te beginnen : je kunt ook al bladerend je weg vinden door alle tips, ervaringsverhalen en waarschuwingen.
    Alle hulp en hulpmiddelen die je maar bedenken kunt, zijn hier op een rijtje gezet.
    Het boek bevat een uitgebreid register, maar ook de inhoudsopgave is een duidelijke wegwijzer.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002067836&Section=BOOK&iref=precp
    Cfr. ook 'Eenvoudig stoppen met roken- De lang gezochte oplossing voor wie alles al geprobeerd heeft' op : 
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002122075&Section=BOOK

    126. - Stoppen met roken voor vrouwen
    Allen Carr Ė Forum, 2003 - ISBN : 9022534286
    Speciaal voor vrouwen schreef Allen Carr dit boek over stoppen met roken.
    Zijn methode, die al miljoenen mensen over de hele wereld voorgoed van het roken heeft afgeholpen, is er op gericht de mechanismen die een roker doet roken te ontrafelen.
    Wie eenmaal begrijpt hoe dat mechanisme werkt, merkt zelf dat stoppen eigenlijk heel eenvoudig is.
    Voor vrouwen is stoppen met roken extra belangrijk, omdat zij immers met hun rookgedrag schadelijke stoffen op hun ongeboren kind kunnen overbrengen.
    In
    'Stoppen met roken voor vrouwen' vertelt Allen Carr : - * waarom juist vrouwen het vaak moeilijk vinden om te stoppen - * hoe de Carr-methode werkt - * hoe u zonder afschrikwekkende plaatjes en praatjes van het roken af kunt komen - * hoe u zonder gewichtstoename kunt stoppen - * hoe u zonder noemenswaardige onthoudingsverschijnselen voorgoed verlost kunt worden van deze verslaving.
    Recensie ( NBD|Biblion) : De methode van Allen Carr wordt alom als succesvol beschouwd.
    Toch heeft ook zijn methode geen score van 100%.
    Zeker 15% gaat weer opnieuw roken, waarbij opmerkelijk veel vrouwen.
    Althans volgens de officiele statistieken.
    In dit boek richt hij zich daarom ook op deze groep, door voorbeelden van vrouwelijke briefschrijvers te geven en af en toe zinnen gericht op vrouwen, plus een hoofdstuk over roken en zwangerschap en aanverwante onderwerpen.
    Niet angst moet een drijfveer zijn om op te houden, maar blijdschap over het feit dat je geen nicotine meer nodig hebt, en alle variaties daaromheen.
    Een soortgelijk boekje is 'Over vrouwen & roken & stoppen' van Marie-Anne Haeck (2000).
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004001834706&Section=BOOK&iref=precp

    127. - Succesvol stoppen met roken
    Eddy Put & C. Put - Standaard Uitgeverij, 2006 Ė ISBN : 9002214529
    Stoppen met roken heeft de meeste kans op slagen als zowel het lichamelijke als het psychologische aspect evenveel aandacht krijgen.
    En het is de auteur, gezondheidspsychologe en doctor in de medische wetenschappen wel toevertrouwd.
    Succesvol stoppen met roken is een effectieve en eenvoudige methode waarbij zowel de lichamelijke reacties (ontwenningverschijnselen), het gedrag (roken is een langdurige gewoonte, een ritueel) als de mentale aspecten (houding tegenover het roken) aan bod komen.
    De combinatie van deze drie elementen zorgt ervoor dat iedereen die dit boek leest definitief van de sigaret af raakt.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002858642&Section=BOOK&iref=precp

    128. - Technieken en methoden om met roken te stoppen
    Cfr. :
    http://www.logoleuven.be/documents/tabakspreventie/rookstop/rookstop-technieken-en-methoden.xml 

    129. - Toepassing van ultrageluidbehandeling door fysiotherapeuten in de eerste lijn - Is er sprake van gepast gebruik ? 
    Roebroeck ME, Dekker J, Oostendorp RAB - Ned Tijdschr Fysiother 1999; 109:2-8.

    130. - Ultrageluidbehandeling bij aandoeningen van het bewegingsapparaat - De mening over de effectiviteit en de toepassing in de eerste lijn 
    Berg SGM van den, Heijden GJMG van der, Windt DAWM van der, e.a. - Ned Tijdschr Fysiother 1999; 109: 9-13.
    Cfr. :
    -
    https://dare.ubvu.vu.nl/handle/1871/4896 
    https://dare.ubvu.vu.nl/handle/1871/4895

    131. - Ultrageluidstherapie en ultrafonoforesetherapie
    Koel G, Hoogland R - In : Nederlands leerboek der fysische therapie in engere zin - Deel II. - Zutphen HCF van, Sambeek HWR van, Oostendorp RAB, Rens PPThG van, Bernards ATM (red) - Derde, geheel herziene druk - Utrecht : Wetenschappelijke uitgeverij Bunge, 1994: 218-277

    132. - Veel Geluk - Doe wat je echt wilt
    K. Karsten, Carien Karsten & G. Smit - Uitgeverij Elmar, 2005 Ė ISBN : 9038916221
    Recensie (NBD|Biblion) : Een boek over geluk en wat je zou kunnen doen om gelukkig(er) te worden.
    Het boek is niet geschreven vanuit het idee : 'hoe word je gelukkig in tien stappen'; het is geschreven - zoals de auteurs het verwoorden - 'voor de ploeteraars onder ons'.
    Ze gaan uit van het idee dat geluk vooral te maken heeft met het ontdekken waar de energie zit in je leven en hoe je die kunt ontwikkelen en gebruiken.
    Hoofdstuk 1 gaat over wat onder geluk wordt verstaan volgens klassieke filosofen, boeddhisten en neurowetenschappers.
    Vervolgens geven de auteurs hun model van geluk en hoe je kunt streven naar geluk.
    Dan volgen er hoofdstukken over geluk in liefde en werk, een hoofdstuk waarin de relatie wordt aangegeven tussen geluk en ambitie en een hoofdstuk dat gaat over hoe slechte gewoontes geluk kunnen saboteren.
    Tenslotte beschrijven ze therapieen en kleine oefeningen die kunnen bijdragen aan het streven naar geluk.
    De auteurs zijn respectievelijk psychotherapeut en filosoof.
    Ze werken samen in het bureau
    'De Stroom' van waaruit ze onder meer gelukstrainingen geven.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start;sid=iMMbXEpt4jsbYg82OF8la6q67jJIVlVukx0=?BOL_OWNER_ID=1001004002505186&Section=BOOK&iref=precp


    Lees verder : Deel VIII

    30-11-2006 om 23:05 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel VIII
    Klik op de afbeelding om de link te volgen















    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen
     
    Deel VIII 




    133. - Verder blazen, verder, nog verder, kom op !

    Herre Stegenga - DeStentor, 16-11-06
    LELYSTAD - Joyce Boerdijk dwingt ze tot het uiterste.
    Moedigt de deelnemers aan de blaastest vurig aan : ďVerder, verder, blazen, blazen, harder blazen, nog harder, kom op !Ē.
    Het werkt, ze doen hun uiterste best.
    Tot ze rood aanlopen of zelfs beginnen te hoesten.
    Blijkbaar werkt de methode van Joyce, medewerkster van het Zuiderzeeziekenhuis.
    Uit alle hoeken van de provincie komen ze woensdag naar Lelystad.
    Er melden zich zelfs mensen uit de schil van Overijssel.
    Voorziet in een behoefte, deze gratis longfunctietest; een verwijsbriefje van de huisarts is vandaag niet nodig.
    De test is onderdeel van de 'Wereld COPD-dag' en wordt in Nederland op negentig plaatsen gehouden.
    COPD ('Chronic obstructive pulmonary disease' - cfr. :
    http://www.spirometrie.be/index.cfm?fuseaction=artperrub&c=4 -) is een ernstige longaandoening, in Nederland lijden er zoín 300.000 mensen aan.
    ďEn dan is er nog een grote verborgen groepĒ, zegt Esther Gies van het Zuiderzeeziekenhuis : ďMensen die COPD hebben zonder dat ze het weten.Ē
    Speciaal voor deze groep wordt de blaastest gehouden, zegt Gies : ďHet scheelt als je de aandoening op tijd ontdekt en behandelt. Daar valt belangrijke winst te boeken.Ē
    Je wilt geen COPD-patiŽnt worden, laat ze weten : ďJe bent ťcht invalide. Kunt weinig beginnen met zo weinig longinhoud. Zit bij wijze van spreken maar een beetje achter de geraniums.Ē
    Misschien komt het omdat het gratis is.
    Of vermoeden veel mensen dat ze Ďietsí aan de longen hebben.
    Maar er komen veel mensen op de test af.
    ďPakweg 250Ē, zegt longfunctielaborant Jim Dijkstra : ďBehoorlijk druk, het loopt de hele dag lekker door.Ē
    Opvallend : meer dan de helft van de deelnemers heeft te weinig longinhoud.
    ďDat is veel, jaĒ, zegt Dijkstra : ďMisschien hadden ze al een voorgevoel. Besloten ze daarom aan deze test mee te doen.Ē
    Het betekent niet automatisch dat ze COPD hebben.
    Dijkstra : ďZij worden aangeraden naar de huisarts te gaan.Ē
    En dan maar kijken wat er aan de hand is.
    En hopen op het beste.
    Overigens zijn er ook een longverpleegkundige en een diŽtiste van de IJsselmeerziekenhuizen aanwezig.
    Om een en ander te vertellen over aandoeningen aan de longen en hulp bij stoppen met roken.
    Volgend jaar is er weer een longfunctietest in Lelystad.
    ďWaarschijnlijk ook in EmmeloordĒ, aldus Dijkstra.
    Cfr. : 
    http://www.destentor.nl/flevoland/article835430.ece 
    Cfr. ook 'Onderzoek naar COPD krijgt veel navolging' op
    http://www.tctubantia.nl/regio/almelo/article782588.ece

    134. - Verslaving
    Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), 2003 - Laatst gewijzigd : 20-05-2005 - © 2006 NHG
    Wat is verslaving ?
    Bijna iedereen gebruikt wel eens middelen als alcohol, koffie of tabak omdat dat lekker is, prettig voelt of ontspanning geeft.
    Zolang dit gebruik matig is, is er weinig aan de hand.
    Als u bij herhaling meer gebruikt dan u zich voornam, als u voortdurend drang hebt om te gebruiken of als u gebruikt om problemen te verlichten, kan er sprake zijn van verslaving.
    U kunt verslaafd zijn aan middelen (alcohol, drugs, tabak) maar ook aan een handeling, bijvoorbeeld gokken, winkelen, tv-kijken of eten.
    Verslaving leidt tot geestelijke afhankelijkheid en vaak ook tot lichamelijke afhankelijkheid.
    Hierdoor ontstaan onthoudingsverschijnselen bij stoppen.
    Hoe kunt u verslaving herkennen ?
    U hebt een onweerstaanbare behoefte aan het middel of de handeling.
    U hebt steeds meer nodig om hetzelfde effect te bereiken.
    U functioneert op uw werk en in het sociale leven steeds minder goed.
    Wat kunt u zelf doen bij verslaving ?
    Het belangrijkste is dat u bereid bent te stoppen.
    Behandeling is soms moeilijk, maar wel mogelijk.
    Praat over uw verslaving met familie of vrienden of neem contact op met uw huisarts.
    Cfr. :
    http://nhg.artsennet.nl/content/resources//AMGATE_6059_104_TICH_R150549993230084//

    135. - Visies op financiering van ondersteuning bij stoppen met roken
    Cfr. :
    http://www.rand.org/pubs/monograph_reports/2004/RAND_mr1769.pdf

    136. - Volksgezondheidsschade door passief roken
    Gezondheidsraad (Health Council of the Netherlands) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport - 18-11-03 - Ref. : U 1670/EJS/mj/690-G
    Cfr. : 
    http://www.gr.nl/pdf.php?ID=847

    137. - Vragen en antwoorden over stoppen met roken ?
    De Stichting Volksgezondheid en Roken (STIVORO) is hŤt expertisecentrum in Nederland over (hulpmethoden bij) stoppen met roken.
    U kunt daarom met al uw vragen bij ons terecht.
    Op veelgestelde vragen zijn al antwoorden geformuleerd.
    De vragen zijn hieronder op onderwerp ingedeeld.
    Vindt u het antwoord op uw vraag niet, dan kunt u deze vraag aan ons stellen en ontvangt u zo snel mogelijk antwoord.
    Vragen en antwoorden over stoppen met roken :
    - voorbereiden :
    http://www.stivoro.nl/vragen.php?sitenaam=voorbereiding 
    - hulpmiddelen :
    http://www.stivoro.nl/vragen.php?sitenaam=hulpmiddelen 
    - stoppen :
    http://www.stivoro.nl/vragen.php?sitenaam=stopmoment 
    - volhouden :
    http://www.stivoro.nl/vragen.php?sitenaam=volhouden 
    - stel zťlf een vraag :
    http://www.stivoro.nl/vragen.php 

    138. - Wondermiddel tegen roken onder kerstboom
    Het Nieuwsblad, 11-10-06
    .../...
    Champix is het nieuwe hulpmiddel dat niťt op nicotine is gebaseerd .../...
    Cfr. :
    http://www.nieuwsblad.be/Article/Detail.aspx?ArticleID=G7C130MH5 

    139. - Yoga
    Cfr. :
    http://www.innerned.org/y-krip1.html 
    Lees meer in :
    -
    Een verkenning op het gebied van de anti-rookbehandeling : http://www.acupunctuur.com/scripties/danhof.html 
    Richtlijn Roken en Cardiovasculair Risico : http://www.diabeteseemland.nl/protocollen/NIVrichtlijn%20roken%202004.pdf 
    -
    Stoppen met roken :
        -
    http://www.kwfkankerbestrijding.nl/content/pages/Stoppen_met_roken.html 
        - 
    http://www.ikstop.nl/index.php?pagina=boeken#boek15
    -
    Stoppen met roken - Hulp helpt : http://www.logoleuven.be/documents/tabakspreventie/rookstop/hulp-helpt.xml 
    -
    Technieken en methoden om met roken te stoppen : http://www.logoleuven.be/documents/tabakspreventie/rookstop/rookstop-technieken-en-methoden.xml 

    140. - Zak tabak - Of het tragikomische verhaal van een verstokte roker
    C. Janssen - Uitgeverij Plataan, 2006 Ė ISBN : 9058073114
    'Jij moet nooit stoppen met roken. Dat is helemaal niet goed voor jou.
    '
    Tegen het dringende advies in van zijn omgeving probeert Caspar Janssen gedurende twee jaar hardnekkig het roken te laten.
    In die periode terroriseert hij zijn vriendin, loopt hij vast op zijn werk en voelt hij zich zelfs een verrader van zijn in de tussentijd geboren dochter.
    Hij raakt geobsedeerd door zijn eigen falen, een falen dat allang niet meer alleen het roken betreft, maar zijn hele voorbijglijdende leven.
    Daarbij ontwikkelt Janssen een even unieke, slopende als schizofrene methode om zichzelf en anderen voor de gek te houden.
    'Ik inhaleer de rook van mijn Gauloise-sigaret diep en voel me alsof ik al gestopt ben. Het is een heerlijk gevoel, ik geniet. Nog ťťn nacht roken en dan is het eindelijk afgelopen. Wat een opluchting, wat een feest ! Nog maar een biertje dan, nog maar een Gauloise. Het maakt nu allemaal niets meer uit. Ik ben gelukkig, ik rook niet meer.'
    Zak tabak is het tragikomische verslag van een langdurige strijd tegen de rookverslaving.
    Het rekent af met het vreugdeloze gelijk van de antirooklobby en het lijkt in de verste verte niet op het moralistische houthakkersproza van de Allen Carrs van deze wereld.
    Caspar Janssen plaatst er strijd, humor en onmacht tegenover.
    Het levert een even hilarisch als ontroerend boek op.
    Een boek voor rokers, niet-rokers en rokende niet-rokers.
    Eindelijk een leuk boek over stoppen met roken !
    Caspar Janssen is redacteur bij de Volkskrant.
    Recensie (NBD|Biblion) : Volkskrantjournalist Caspar Janssen (1962) viert zijn 25-jarig rookjubileum (plm. 200.000 sigaretten) met een boekje over het stoppen met roken.
    In korte dagboekachtige aantekeningen beschrijft hij zijn talloze pogigen om met het roken te stoppen.
    Het zijn vaak reacties van anderen die hem aan het twijfelen brengen.
    Ruikt zijn gesprekspartner dat hij rookt, zijn vriendin zegt dat je van roken een grauwe huid krijgt en veel snurkt en zo meer.
    Het vaderschap brengt Janssen ook aan het wankelen.
    Altijd had hij een hekel aan ouders die rokend achter de kinderwagen aan liepen, en nu doet hij het zelf.
    Stoppen met roken heeft ook zijn nadelen.
    Je krijgt er honger van, eet meer en dus krijg je een buikje.
    Mooi excuus om de zoveelste poging weer op te geven.
    Janssen heeft het allemaal vermakelijk opgeschreven, het boek eindigt in de onafwendbare conclusie : Caspar Janssen blijft roken.
    Gebonden uitgave op vrij klein formaat; ruime druk.
    Cfr. :
    http://www.nl.bol.com/is-bin/INTERSHOP.enfinity/eCS/Store/nl/-/EUR/BOL_DisplayProductInformation-Start?BOL_OWNER_ID=1001004002897442&Section=BOOK&iref=precp 



    Anderstalig

    1. - A clinical practice guideline for treating tobacco use and dependence - A US Public Health Service report 
    The Tobacco Use and Dependence Clinical Practice Guideline Panel, Staff and Consortium Representatives - JAMA. 2000 Jun 28;283(24):3244-54 - PMID: 10866874
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?itool=abstractplus&db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=abstractplus&list_uids=10866874

    2. - A preliminary investigation of rapid smoking as a lapse-responsive treatment for tobacco dependence
    Juliano LM, Houtsmuller EJ, Stitzer ML - Department of Psychology, American University, Washington, DC, US. juliano@american.edu - Exp Clin Psychopharmacol. 2006 Nov;14(4):429-38 - PMID: 17115870
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17115870&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    3. - A tailored smoking, alcohol and depression intervention for head and neck cancer patients
    Duffy SA, Ronis DL, Valenstein M, Lambert MT, Fowler KE, Gregory L, Bishop C, Myers LL, Blow FC, Terrell JE - Veterans Affairs Health Services Research and Development Service, Center for Practice Management and Outcomes Research, VA Ann Arbor Healthcare System (11H), P.O. Box 130170, Ann Arbor, MI 48113-0170. Sonia.Duffy@med.va.gov - Cancer Epidemiol Biomarkers Prev. 2006 Nov;15(11):2203-8 - PMID: 17119047
    Cfr. : http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17119047&query_hl=7&itool=pubmed_docsum

    4. - Acute Myocardial Infarction in Pregnancy - A United States Population-Based Study
    A. H. James, M. G. Jamison, M. S. Biswas, L. R. Brancazio, G. K. Swamy and E. R. Myers - Circulation, March 28, 2006; 113(12): 1564 - 1571
    Cfr. :
    http://circ.ahajournals.org/cgi/content/abstract/113/12/1564 

    5. - Adding MEMS feedback to behavioral smoking cessation therapy increases compliance with bupropion - A replication and extension study
    Mooney ME, Sayre SL, Hokanson PS, Stotts AL, Schmitz JM - Addict Behav. 2006 Jul 11; [Epub ahead of print] - PMID: 16839698
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=16839698&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    6. - Antidepressants for smoking cessation [Cochrane review]
    Hughes JR, Stead LF, Lancaster T. The Cochrane Library. Issue 1. Oxford : Update software 2003
    Cfr. :
    http://www.cochrane.org/reviews/en/ab000031.html 

    7. - Chronic inhalation of carbon monoxide - Effects on the respiratory and cardiovascular system at doses corresponding to tobacco smoking
    Sorhaug S, Steinshamn S, Nilsen OG, Waldum HL - Toxicology. 2006 Dec 7;228(2-3):280-90. Epub 2006 Sep 29 - PMID: 17056171
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17056171&query_hl=13&itool=pubmed_docsum

    8. - Cigarette smoking and progression of atherosclerosis
    Howard G, Wagenknecht LE, Burke GL et al. - The Atherosclerosis Risk in Communities (ARIC) Study. JAMA 1998;279:119
    Cfr. :
    http://cat.inist.fr/?aModele=afficheN&cpsidt=2156962 

    9. - Commentary - Tobacco-related diseases : a gender differential ?
    Eva Prescott - Institute of Preventive Medicine, Kommunehospitalet, DK 1399 Copenhagen, Denmark : eva.prescott@dadlnet.dk - International Journal of Epidemiology 2001;30:793-794 - © International Epidemiological Association 2001
    Cfr. :
    http://ije.oxfordjournals.org/cgi/content/full/30/4/793

    10. - Comparison of long-term outcome after acute myocardial infarction in patients never graduated from high school with that in more educated patients - Multicenter Investigation of the Limitation of Infarct Size (MILIS)
    Tofler GH, Muller JE, Stone PH et al. - Multicenter Investigation of the limitation of infarct size (MILIS). Am J Cardiol 1993;71:1031.
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?CMD=search&DB=pubmed 

    11. - Effect of smoking status on the long term outcome after successful percutaneous coronary revascularization
    Hasdai D, Garratt KN, Grill et al. - N Engl J Med 1997;336:755
    Cfr. :
    http://cat.inist.fr/?aModele=afficheN&cpsidt=2600970 

    12. - Effect of smoking, alcohol and depression on the quality of life of head and neck cancer patients
    Duffy SA, Terrell JE, Valenstein M, Ronis DL, Copeland LA, Connors M - Center for Practice Management and Outcomes Research, VA Ann Arbor Healthcare System, Ann Arbor, MI, USA. Sonia.Duffy@med.va.gov - Gen Hosp Psychiatry. 2002 May-Jun;24(3):140-7 - PMID: 12062138
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?itool=abstractplus&db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=abstractplus&list_uids=12062138

    13. - Environmental tobacco smoke and coronary heart disease in the American Cancer Society CPS II cohort
    Steenland K, Thun M, Lally C et al. . Circulation 1996;94:622
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?CMD=search&DB=pubmed 

    14. - Estimating the effect of smoking cessation on weight gain - An instrumental variable approach
    Eisenberg D, Quinn BC - Department of Health Management and Policy, School of Public Health, University of Michigan, Ann Arbor, MI 48109-2029, USA - Health Serv Res. 2006 Dec;41(6):2255-66 - PMID: 17116119
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17116119&query_hl=7&itool=pubmed_docsum

    15. - From partying to parenthood: young women's perceptions of cigarette smoking across life transitions
    L. J. McDermott, A. Dobson and N Owen - Health Educ. Res., July 1, 2006; 21(3): 428 - 439
    Cfr. :
    http://her.oxfordjournals.org/cgi/content/abstract/21/3/428 

    16. - Global strategy for the diagnosis, management and prevention of chronic obstructive pulmonary disease
    Global Initiative for Chronic Obstructive Lung Disease (GOLD)
    National Heart, Lung, and Blood Institute (U.S.) - Federal Government Agency [U.S.]
    World Health Organization - International Agency.  2001 (revised 2005).  115 pages.  NGC:004530
    Cfr. : http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=8128&nbr=004530&string=smoke

    17. - Group behaviour therapy programmes for smoking cessation [Cochrane review]
    Stead LF, Lancaster T.  The Cochrane Library. Issue 1. Oxford : Update software 2003
    Cfr. :
    http://www.update-software.com/Abstracts/ab001007.htm 

    18. - Guidelines for smoking cessation
    Cfr. :
    http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/Smoking_Cessation_full.pdf

    19. - Guidelines for smoking cessation - Revised 2002
    New Zealand Guidelines Group - Private Nonprofit Organization.  1999 Jul (revised 2002 May).  33 pages.  NGC:002533
    Cfr. :
    http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=3307&nbr=002533&string=smoke

    20. - Human serum paraoxonases (PON1) Q and R selectively decrease lipid peroxides in human coronary and carotid atherosclerotic lesions
    Aviram M, Hardak M, Vaya J et al. - PON 1 esterase and peroxidase-like activities. Circulation 2000;101:2510
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?CMD=search&DB=pubmed 

    21. - Impact of smoking on health-related quality of life after percutaneous coronary revascularization
    Taira DA, Seto TB, Ho KK et al. . Circulation 2000;102:1369
    Cfr. :
    http://cat.inist.fr/?aModele=afficheN&cpsidt=1492263 

    22. - Independent association of various smoking characteristics with markers of systemic inflammation in men - Results from a representative sample of the general population (MONICA Augsburg Survey 1994/95)
    M. Frohlich, M. Sund, H. Lowel, A. Imhof, A. Hoffmeister and W. Koenig - Eur. Heart J., July 2, 2003; 24(14): 1365 - 1372
    Cfr. : http://eurheartj.oxfordjournals.org/cgi/content/abstract/24/14/1365 

    23. - Individual behavioural counselling for smoking cessation - Review
    Lancaster T, Stead LF - Cochrane Database Syst Rev. 2005 Apr 18;(2):CD001292 - PMID: 15846616
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=15846616&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    24. - Information on the use of nicotine gum
    New Zealand Guidelines, 3 October 2003
    Cfr. : http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/Use_nicotine_gum.pdf?

    25. - Information on the use of nicotine inhaler
    New Zealand Guidelines, 3 October 2003
    Cfr. : http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/Use_nicotine_inhaler.pdf?

    26. - Information on the use of nicotine nasal spray
    New Zealand Guidelines, 3 October 2003
    Cfr. : http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/Use_nicotine_nasal_spray.pdf?

    27. - Information on the use of nicotine patches
    New Zealand Guidelines, 3 October 2003
    Cfr. :
    http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/Use_nicotine_patches.pdf?

    28. - Investigation of Hong Kong doctors' current knowledge, beliefs, attitudes, confidence and practices - Implications for the treatment of tobacco dependency
    Abdullah AS, Rahman AS, Suen CW, Wing LS, Ling LW, Mei LY, Tat LC, Tai MN, Wing TN, Yuen WT - Department of International Health, Boston University School of Public Health, Boston, USA, and Department of Community Medicine, University of Hong Kong, Hong Kong SAR, China - J Chin Med Assoc. 2006 Oct;69(10):461-71 - PMID: 17098670
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17098670&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    29. - Is some provider advice on smoking cessation better than no advice ? - An instrumental variable analysis of the 2001 national health interview survey
    Bao Y, Duan N, Fox SA - Center for Community Partnerships in Health Promotion, Division of General Internal Medicine and Health Services Research, David Geffen School of Medicine at UCLA, 1100 Glendon Ave, Ste 2010, Los Angeles, CA 90024-3524, USA - Health Serv Res. 2006 Dec;41(6):2114-35 - PMID: 17116112
    Cfr. : http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17116112&query_hl=7&itool=pubmed_docsum

    30. - Mortality from all causes and from coronary heart disease related to smoking and changes in smoking during 35-year follow-up of middle-aged Finnish men
    Qiao Q, Tervahauta M, Nissinen A, Tuomilehto J - Eur Heart J 2000;21:1621.
    Cfr. :
    http://cat.inist.fr/?aModele=afficheN&cpsidt=1501173 

    31. - Mortality from non-malignant diseases in a cohort of female pulp and paper workers in Norway
    H Langseth and K Kjaerheim - Occup. Environ. Med., November 1, 2006; 63(11): 741 - 745
    Cfr. : http://oem.bmj.com/cgi/content/abstract/63/11/741 

    32. - Mortality from tobacco in developed countries - Indirect estimation from vital statistics
    Peto R, Lopez AD, Boreham J et al. - Lancet 1992;339:1268 - Imperial Cancer Research Fund Cancer Studies Unit, University of Oxford, Radcliffe Infirmary, UK - PMID: 1349675
    Prolonged cigarette smoking causes even more deaths from other diseases than from lung cancer.
    In developed countries, the absolute age-sex-specific lung cancer rates can be used to indicate the approximate proportions due to tobacco of deaths not only from lung cancer itself but also, indirectly, from vascular disease and from various other categories of disease.
    Even in the absence of direct information on smoking histories, therefore, national mortality from tobacco can be estimated approximately just from the disease mortality statistics that are available from all major developed countries for about 1985 (and for 1975 and so, by extrapolation, for 1995).
    The relation between the absolute excess of lung cancer and the proportional excess of other diseases can only be approximate and so as not to overestimate the effects of tobacco it has been taken to be only half that suggested by a recent large prospective study of smoking and death among one million Americans.
    Application of such methods indicates that, in developed countries alone, annual deaths from smoking number about 0.9 million in 1965, 1.3 million in 1975, 1.7 million in 1985 and 2.1 million in 1995 (and hence about 21 million in the decade 1990-99: 5-6 million European Community, 5-6 million USA, 5 million former USSR, 3 million Eastern and other Europe and 2 million elsewhere, [ie, Australia, Canada, Japan and New Zealand]).
    More than half these deaths will be at 35-69 years of age : during the 1990s tobacco will in developed countries cause about 30% of all deaths at 35-69 (making it the largest single cause of premature death) plus about 14% of all at older ages.
    Those killed at older ages are on average already almost 80 years old, however and might have died soon anyway, but those killed by tobacco at 35-69 lose an average of about 23 years of life.
    At present just under 20% of all deaths in developed countries are attributed to tobacco, but this percentage is still rising, suggesting that on current smoking patterns just over 20% of those now living in developed countries will eventually be killed by tobacco (ie, about a quarter of a billion, out of a current total population of just under one and a quarter billion).
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?cmd=Retrieve&db=PubMed&list_uids=1349675&dopt=Abstract 

    33. - Nicotine replacement therapy for smoking cessation [Cochrane review]
    Silagy C, Mant D, Fowler G, Lancaster T. The Cochrane Library. Issue 1. Oxford : Update software 2003
    Cfr. :
    http://www.update-software.com/Abstracts/AB000146.htm 

    34. - NOS3 polymorphisms, cigarette smoking and cardiovascular disease risk - The Atherosclerosis Risk in Communities study
    Lee CR, North KE, Bray MS, Avery CL, Mosher MJ, Couper DJ, Coresh J, Folsom AR, Boerwinkle E, Heiss G, Zeldin DC - Pharmacogenet Genomics. 2006 Dec;16(12):891-899 - PMID: 17108813
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17108813&query_hl=13&itool=pubmed_docsum

    35. - Passive smoking as a cause of heart disease 
    Wells AJ. . J Am Coll Cardiol 1994;24:546
    The effects of passive smoking on ischemic heart disease are reviewed.
    Short-term exposures of 20 min to 8 h result in increased platelet sensitivity and decreased ability of the heart to receive and process oxygen.
    Longer term exposure results in plaque buildup and adverse effects on blood cholesterol.
    The available epidemiology is reviewed, and it is concluded that passive smoking increases the coronary death rate among U.S. never smokers by 20% to 70%.
    The newest Environmental Protection Agency procedures for estimating deaths from passive smoking, when applied to the epidemiologic results on heart disease and passive smoking, indicate that in 1985 an estimated 62,000 ischemic heart disease deaths in the United States were associated with exposure to environmental tobacco smoke.
    Clinicians are advised to counsel their patients to avoid tobacco smoke at home, at work and in transportation settings.
    Cfr. :
    http://cat.inist.fr/?aModele=afficheN&cpsidt=4173122 

    36. - Pharmacotherapy and smoking cessation at a tobacco dependence clinic
    Steinberg MB, Foulds J, Richardson DL, Burke MV, Shah P - Prev Med. 2006 Feb;42(2):114-9. Epub 2005 Dec 20 - PMID: 16375954
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=16375954&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    37. - Prevalence of patients continuing to smoke after vascular interventions
    Assadian A, Rotter R, Senekowitsch C, Assadian O, Hagmuller GW, Kunze M - Wien Klin Wochenschr. 2006 May;118(7-8):212-6 - PMID: 16794758
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=16794758&query_hl=10&itool=pubmed_docsum

    38. - Promoting Smoking Cessation - Te five 'A's : ask, assess, advise, assist, arrange
    Cfr. :
    http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/Five_As.pdf

    39. - Recommendations regarding interventions to reduce tobacco use and exposure to environmental tobacco smoke
    Task Force on Community Preventive Services - Independent Expert Panel.  2001.  6 pages.  NGC:001840
    Cfr. :
    http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=2614&nbr=001840&string=smoke

    40. - Self-help interventions for smoking cessation [Cochrane review]
    Lancaster T, Stead LF. The Cochrane Library. Issue 1. Oxford : Update software 2003
    Cfr. :
    http://www.update-software.com/Abstracts/AB001118.htm 

    41. - Smoking (NHF)
    National Heart Foundation (NHF), 4 July 2005
    Cfr. :
    http://www.nzgg.org.nz/download/files/NHF8587Smoking.pdf?

    42. - Smoking and the risk of myocardial infarction in women and men - Longitudinal population study
    Prescott E, Hippe M, Schnohr P et al. - BMJ 1998;316:1043
    Cfr. :
    http://www.bmj.com/cgi/content/full/316/7137/1043 

    43. - Smoking cessation
    University of Michigan Health System - Academic Institution.  1998 Sep (updated 2001 Feb).  9 pages.  [NGC Update Pending] NGC:002184
    http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=2958&nbr=002184&string=smoke

    44. - Smoking cessation - Part 1 - Pharmacological treatments
    Cofta-Woerpel L, Wright KL, Wetter DW - Department of Behavioral Health, University of Texas, M. D. Anderson Cancer Center in Houston, Texas 77230-1439, USA : lcwoerpel@mdanderson.org - Behav Med. 2006 Summer;32(2):47-56 - PMID: 16903614
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?itool=abstractplus&db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=abstractplus&list_uids=16903614

    45. - Smoking cessation - Part 2 - Behavioral treatments
    Vidrine JI, Cofta-Woerpel L, Daza P, Wright KL, Wetter DW - University of Texas, M. D. Anderson Cancer Center Houston, 77030-4009, USA : jirvinvidrine@mdanderson.org - Behav Med. 2006 Fall;32(3):99-109 - PMID: 17120385
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17120385&query_hl=7&itool=pubmed_docsum

    46. - Smoking cessation reduces mortality after coronary bypass surgery - A 20 year follow-up study
    Van Domburg RT, Meeter K, van Berkel DF et al.  J Am Coll Cardiol 2000;36(3):878
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?CMD=search&DB=pubmed 

    47. - Smoking is associated with reduced serum paraoxonase activity and concentration in patients with coronary artery disease
    James RW, Leview I, Righetti A - Circulation 2000;101:2252
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?CMD=search&DB=pubmed 

    48. - Smoking or its cessation does not alter the susceptibility to in vitro LDL oxidation
    F. W. P. J. van den Berkmortel, P. N. M. Demacker, H. Wollersheim, T. Thien & A. F. H. Stalenhoef - European Journal of Clinical Investigation - Volume 30 Issue 11 Page 972  - November 2000
    Cfr. : http://www.blackwell-synergy.com/doi/abs/10.1046/j.1365-2362.2000.00739.x

    49. - Smoking Reduction, Smoking Cessation and Mortality - A 16-year Follow-up of 19,732 Men and Women from the Copenhagen Centre for Prospective Population Studies
    N. S. Godtfredsen, C. Holst, E. Prescott, J. Vestbo and M. Osler - Am. J. Epidemiol., December 1, 2002; 156(11): 994 - 1001
    Cfr. :
    http://aje.oxfordjournals.org/cgi/content/abstract/156/11/994 

    50. - Smoking status and common carotid artery intima-medial thickness among middle-aged men and women based on ultrasound measurement - A cohort study
    Fan AZ, Paul-Labrador M, Merz CN, Iribarren C, Dwyer JH - BMC Cardiovasc Disord. 2006 Oct 26;6:42 - PMID: 17067397
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17067397&query_hl=10&itool=pubmed_docsum

    Lees verder : Deel IX

    30-11-2006 om 23:02 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stoppen met roken - Kwestie van willen en kunnen - Deel IX
    Klik op de afbeelding om de link te volgen  











    Stoppen met roken
    Kwestie van willen en kunnen

    Deel IX



    51. - Smoking, serum lipids, blood pressure and sex differences in myocardial infarction - A 12-year follow-up of the Finnmark Study
    Njolstad I, Arnesen E, Lund-Larsen PG - Circulation 1996;93:450
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?CMD=search&DB=pubmed 

    52. - Sources of smoking cessation resources and programme information
    New Zealand Guidelines, 4 February 2004
    Cfr. : http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0025/sources_resources.pdf?

    53. - State Medicaid coverage for tobacco-dependence treatments - United States, 2005
    Centers for Disease Control and Prevention (CDC) - MMWR Morb Mortal Wkly Rep. 2006 Nov 10;55(44):1194-7 - PMID: 17093384
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17093384&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    54. - Survey on the Usefulness of the National Health Committee 2002 Smoking Cessation Guidelines
    Cfr. : http://www.nzgg.org.nz/guidelines/0107/050809_Smoking_Cessation_Final_(3).pdf

    55. - Tobacco use prevention and cessation for adults and mature adolescents
    Institute for Clinical Systems Improvement - Private Nonprofit Organization.  1994 May (revised 2004 Jun).  42 pages.  NGC:003731
    Cfr. : http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=5454&nbr=003731&string=smoke

    56. - Tobacco use prevention and cessation for infants, children and adolescents
    Institute for Clinical Systems Improvement - Private Nonprofit Organization.  1994 May (revised 2004 Jun).  28 pages.  NGC:003732
    Cfr. :
    http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=5455&nbr=003732&string=smoke

    57. - Treatment for cigarette smoking among depressed mental health outpatients - A randomized clinical trial
    Hall SM, Tsoh JY, Prochaska JJ, Eisendrath S, Rossi JS, Redding CA, Rosen AB, Meisner M, Humfleet GL, Gorecki JA - Am J Public Health. 2006 Oct;96(10):1808-14 - PMID: 17008577
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17008577&query_hl=25&itool=pubmed_docsum

    58. - Under-use of smoking-cessation treatments - Results from the National Health Interview Survey, 2000
    Cokkinides VE, Ward E, Jemal A, Thun MJ - Epidemiology and Surveillance Research, American Cancer Society, Atlanta, Georgia, USA. vcokkini@cancer.org - Am J Prev Med. 2005 Jan;28(1):119-22 - PMID: 15626567
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?itool=abstractplus&db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=abstractplus&list_uids=15626567

    59. - Use of nicotine replacement therapy in socioeconomically deprived young smokers Ė A community-based pilot randomised controlled trial
    Roddy E, Romilly N, Challenger A, Lewis S, Britton J - Tob Control. 2006 Oct;15(5):373-6 - PMID: 16998171
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=16998171&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    60. - Using motivational interviewing with smokers - Do therapist behaviors relate to engagement and therapeutic alliance ?
    Boardman T, Catley D, Grobe JE, Little TD, Ahluwalia JS - Department of Psychology, University of Kansas, Lawrence, KS, USA; Department of Preventive Medicine and Public Health, University of Kansas Medical Center, Kansas City, KS, USA - J Subst Abuse Treat. 2006 Dec;31(4):329-39. Epub 2006 Aug 1 - PMID: 17084786
    Cfr. :
    http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?db=pubmed&cmd=Retrieve&dopt=AbstractPlus&list_uids=17084786&query_hl=16&itool=pubmed_docsum

    61. - VA/DoD clinical practice guideline for the management of tobacco use
    Department of Defense - Federal Government Agency [U.S.]
    Department of Veterans Affairs - Federal Government Agency [U.S.]
    Veterans Health Administration - Federal Government Agency [U.S.].  1999 May (revised 2004 Jun).  Various pagings.  NGC:003962
    Cfr. : http://www.guidelines.gov/summary/summary.aspx?doc_id=6107&nbr=003962&string=smoke

    30-11-2006 om 22:50 geschreven door Jules

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Blog als favoriet !

    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Foto

    Raadpleeg steeds je arts !
    Inhoud blog
  • Tijd om afscheid te nemen...
  • Fibromyalgie in het kort
  • Leden ME/CVS Vereniging unaniem tegen CBO-voorstel
  • Blood donation, XMRV & chronic fatigue syndrome
  • Illness duration and coping style in chronic fatigue syndrome
  • Review confirms PTSD in Gulf vets - Panel finds many reports of multisymptom illnesses
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel I
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel II
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel III
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel IV
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel V
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel VI
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel VII
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel VIII
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel IX
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel X
  • M.E. (cvs) - Richtlijnen voor psychiaters - Deel XI
  • When do symptoms become a disease ?
  • Burnout
  • Gepest ? - Zet de juiste stappen
  • Voldoet jouw werkplek aan de ARBO-normen ?
  • Chiropractie - Vrijspraak voor Simon Singh in smaadzaak
  • ME/CVS ? - Werk mee aan onderzoek naar tegemoetkoming chronisch zieken !
  • Magical Medicine - How to make a disease disappear
  • A new hypothesis of chronic fatigue syndrome - Co-conditioning theory
  • A light in the darkness - Good news ahead for XMRV ?
  • Zomertijd - Help je biologische klok
  • Beter van de bedrijfsarts
  • De invloed van economisering op het werk van artsen
  • Chronisch Vermoeidheidssyndroom (IOCOB)
  • Gezond brein, gezonde darmen
  • A retrospective review of the sleep characteristics in patients with chronic fatigue syndrome and fibromyalgia
  • Opdracht voor het volgende kabinet : afschaffing van het UWV
  • Test maakt validering pijn bij ME/CVS patienten mogelijk
  • Surprise discovery that HIV retrovirus hides in bone marrow offers new hope for eradication
  • A doctor's roadmap for dealing with the problems of ME/CFS
  • De Terug Plezant Club
  • Het retrovirus XMRV - Waar of niet waar ?
  • Being homebound with chronic fatigue syndrome - A multidimensional comparison with outpatients
  • Oplaaiende symptomen ME patient verraden ontstekingsreactie
  • UWV : 'ME/CVS is ziekte in zin van arbeidsongeschiktheid'
  • Een succesverhaal met Vistide in de strijd tegen ME/CVS - Een verhaal over herstel
  • Depressie
  • Hoe stressvol is je leven ?
  • Making the diagnosis of CFS/ME in primary care - A qualitative study
  • A new system of evaluating fibromyalgia and chronic fatigue
  • Nijmeegs onderzoek haalt CVS-doorbraak onderuit
  • Psychotherapie bij depressie overschat
  • Secrets of novel retrovirus unfolding
  • XMRV : 'missing link' bij ME/CVS ?
  • Reeves, hoofd van CDC CVS onderzoeksprogramma, gaat weg
  • Constant agony of an ME sufferer
  • Canon van de geneeskunde in Nederland
  • Dr. Frank dieet
  • Defeatism is undermining evidence that chronic fatigue syndrome can be treated
  • Cellular and molecular mechanisms of interaction between the neuroendocrine and immune systems under chronic fatigue syndrome in experiment
  • Zo zorg je voor weerstand - Houd je lichaam in optimale conditie
  • Fibromyalgie Vlaanderen Nederland - Dr. Bauer
  • Bussemaker komt terug op erkenning CVS
  • Postexertional malaise in women with chronic fatigue syndrome - Laboratioriumonderzoek bevestigt inspanningsintolerantie bij ME/CVS
  • Ze vertelden stervende dochter dat ze een leugenaar was - Interview met ME moeder Criona Wilson
  • Bijwerkingen antidepressiva erger dan gedacht
  • Bereken je BMI
  • Host range and cellular tropism of the human exogenous gammaretrovirus XMRV
  • The Brain Boosting B-12 - Hydroxocobalamin
  • Vertaling Canadese criteria ME/CVS
  • Slapeloosheid & osteopathie
  • Het Advies- en meldpunt ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid
  • Association between serum ferritin [stored iron] level and fibromyalgia syndrome
  • Dr. Mikovits XMRV Seminar (videos)
  • Zorgen voor een ander (2010) - Antwoorden op veelgestelde vragen
  • Herwin je veerkracht - Omgaan met chronische vermoeidheid en pijn
  • Je eten bepaalt je slaap
  • Dierenleed
  • ME/CVS erkend als chronische ziekte
  • Understanding fibromyalgia pain
  • Hyperalgesia in chronic fatigue syndrome
  • Wegwijzer psychische problemen
  • Positieve psychologie
  • Fietsen in de sneeuw...
  • Tips tegen de koude
  • Failure to detect the novel retrovirus XMRV in chronic fatigue syndrome
  • Nieuwe behandeling VermoeidheidCentrum zeer effectief
  • Een Zalig Kerstfeest en een gezond en voorspoedig 2010 !
  • Taming stressful thoughts
  • Burn-out - Werken tot je erbij neervalt - Deel I
  • Burn-out - Werken tot je erbij neervalt - Deel II
  • Canadese kriteria voor kinderen ook geschikt om onderscheid te maken tussen "milde" en "ernstige" gevallen
  • Stop met piekeren
  • Gedumpt, wat nu ? - Deel I
  • Gedumpt, wat nu ? - Deel II
  • Making a Difference in ME/CFS (Chronic Fatigue Syndrome) and FM
  • Psychotherapie - Van theorie tot praktijk
  • Fibromyalgie, waardevolle dagbesteding en werk - Deel I
  • Fibromyalgie, waardevolle dagbesteding en werk - Deel II
  • Fibromyalgie
  • Europees instrument spoort fibromyalgie op
  • Gezinsgeluk heeft positieve invloed op werk
  • Cognitieve gedragstherapie bij depressie
  • Nooit meer hetzelfde...
  • Rugklachten en RSI beroepsziekten nummer 1
  • SOS ! Hulp voor ouders
  • Dr. Nancy Klimas opens new Chronic Fatigue Center
  • The dramatic story of microbiologist Elaine DeFreitas' discovery
  • Fibromyalgie - Genezing is mogelijk - Gratis boek !
  • Verdedig je tegen wintervirussen
  • 7 geheimen die vrouwen verzwijgen
  • Eťn op de twee Belgen krijgt ooit last van reuma
  • Wie langdurig ziek wordt heeft nood aan informatie
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel I
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel II
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel III
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel IV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel V
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel VI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel VII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel VIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel IX
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel X
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XIV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XVI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XVII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XVIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XIX
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XX
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXIV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXV
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXVI
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXVII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXVIII
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXIX
  • Doe een wens... - Make a wish...
  • 7 geheimen die mannen verzwijgen
  • Snel weer aan het werk - Bedrijfsartsen op bres voor arbeidsongeschikten - Deel XXX
  • Fibromyalgie - Genezing is mogelijk - GRATIS !
  • Af en toe een geheim is juist gezond
  • FM/CVS en verzekeringen - Info voor thesis
  • Mogelijke doorbraak MS-behandeling
  • Wees een winterdepressie voor
  • Vitamine B12-tekort - Een mogelijke oorzaak van Chronische vermoeidheid ? - Deel I
  • Vitamine B12-tekort - Een mogelijke oorzaak van Chronische vermoeidheid ? - Deel II
  • The Guaifenesin Story
  • A virus linked to chronic fatigue syndrome - Dr. Nancy Klimas interviews
  • Don't wait for a cure to appear
  • Gezonde chocoladeletters van Sinterklaas
  • Oorzaken van puisten
  • Sporten beter dan pauzeren bij RSI
  • Alles voor het goeie doel !!
  • Gewoon gelukkig zijn...
  • Chronic Fatigue Syndrome - La b√™te noire of the Belgian Health Care System
  • Persoonlijkheidstests
  • Vaccinatie risicogroepen H1N1
  • Geopereerd Prof. Johann Bauer - Een update (Greta)
  • Weersfactoren oorzaak van hoofdpijn
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part I
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part II
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part III
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part IV
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part V
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part VI
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part VII
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part VIII
  • Infection as one possible cause of fibromyalgia - Part IX
  • Challenges to conventional thinking about mind and body
  • What is CFS and what is ME ?
  • CVS-Referentiecentra - Opheffing en sluiting
  • Heb ik voldoende ontspanning ?
  • 7 tips tegen een overactieve blaas
  • Wallen en kringen onder de ogen
  • Recovered CFS/ME Patient Goes to Washington, D.C.
  • Chronische vermoeidheid zit niet tussen de oren
  • Dr. Bauer heeft mijn leven gered
  • Has your marriage been damaged by fibromyalgia or chronic fatigue syndrome ?
  • Vijf grootste bedreigingen gezondheid
  • Onbegrepen lage rugpijn beter te behandelen
  • Je beste antistresstip
  • Sufferers of chronic fatigue see life as a balancing act
  • Te hard gewerkt...
  • Prof. Dr. Johann Brauer op mijn blog
  • Geopereerd Prof. Johann Bauer
  • Is de griepprik gevaarlijk ?
  • Griep en verkoudheid - Deel I
  • Griep en verkoudheid - Deel II
  • Support the 500 Professionals of the IACFS/ME
  • Slanker met je hartritme
  • Enzym veroorzaakt gevolgen slaaptekort
  • Now we can get down to business
  • XMRV and chronic fatigue syndrome
  • Verslaving is een behandelbare hersenziekte
  • Kopstukken filosofie - Oktober 2009
  • Gek op je werk
  • Fikse schadevergoeding om antidepressivum
  • ME/CFS patients have retrovirus (XMRV) on YouTube

    Foto

    Archief per week
  • 12/04-18/04 2010
  • 05/04-11/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 01/03-07/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 28/12-03/01 2010
  • 21/12-27/12 2009